1. Inleiding 3 Wat is tijd? 4 2 Wat is onthaasting? 4



Dovnload 62.06 Kb.
Datum16.08.2016
Grootte62.06 Kb.






1. Inleiding 3

Wat is tijd? 4

1.2 Wat is onthaasting? 4

2. Tijd 5

2.1 Dagklokschema 5

2.2 Agendatijd 7

2.3 Veel soorten tijd 10

3. Onthaasting 12

3.1 Akkoord of niet akkoord? 12

3.2 Haast versus onthaasting 13

4. De bijbel en tijd 16

1.Inleiding


Wat stel je vast?

Klopt dat een beetje met de werkelijkheid?

    • Wat is tijd?


Het woord ‘tijd’ gaat terug op een zeer oud Indo-Europees woord. Het werd ongeveer 6000 jaar geleden gebruikt: ‘dai’. Dit woord werd door de Germanen gebruikt in twee betekenissen: ‘tidiz’ (= een ‘opdeling van de tijd’) en ‘timon’ (= de tijd om iets te doen). Ongeveer 1000 jaar geleden gebruikte men het in onze streken in de betekenis van ‘timon’; getîde. Omwille van die tijdsruimte, die zee van tijd, heeft de mens het bestaan ingedeeld in eeuwen, jaren, weken, dagen. Eeuwenlang hebben mensen dagen als kleinste tijdseenheid gebruikt. Dit bleek echter niet voldoende. Hoe meer de mens ging letten op de tijd, hoe meer tijdsaanduidingen hij nodig had. Na de uren en de minuten kwamen al vlug de seconden.

Wat is tijd voor jou?



    1. Wat is onthaasting?



Juliet B. Schor, hield in 1992 in het ophefmakende boek The Overworked American een pleidooi voor wat zij zelf downshifting noemde, letterlijk vertaald 'een versnelling lager schakelen'. Haar pleidooi leidde tot de goedkeuring van de Family Leave Act in 1993: een wet die het familiaal verlof in de VS invoerde. De downshifting was geboren. Downshifting stond voor minder consumeren, minder tijd op kantoor en meer thuis.

Bij ons ontstond de term 'onthaasting'. De term 'onthaasting' dook in ons taalgebied voor het eerst op in 1994 in het tijdschrift Streven in een artikel van Raf Janssen. De fransen spreken van 'déstressement'.

Wat is onthaasten voor jou?



2.Tijd

    1. Dagklokschema


Vul het onderstaand dagklokschema in voor jezelf.

Welke activiteiten zijn rustgevend? Duid die in het groen aan.

Welke activiteiten zijn opjagend? Duid die in het rood aan.



Doe nu hetzelfde maar vul het dagklokschema van een monnik of kloosterzuster in.

Welke activiteiten zijn rustgevend? Duid die in het groen aan.

Welke activiteiten zijn opjagend? Duid die in het rood aan.

Vergelijk de twee schema’s.

Wat stel je vast?


    1. Agendatijd


Op de volgende bladzijden vind je een week schema. Vul dat zo nauwkeurig mogelijk in.

Duid alles wat werken is in het rood aan.

Duid alles wat je graag doet in het geel aan.

Je hebt nu alle gegevens genoteerd. Nu kan je:



  • je tijdgebruik verantwoorden voor jezelf en voor anderen: je ontdenkt waar jouw tijd aan ‘opgaat’.

  • je eigen leefpatroon leren kennen: de manier waarop je zaken organiseert.

Wat zijn jouw vijf voornaamste tijdrovers?












Wat is nu jouw besluit? Ben je tevreden met jouw tijdsbesteding? Wat zou er nog kunnen veranderen?







maandag

dinsdag

woensdag

School- en arbeidstijd (S)

- school


- andere

- heen/terug

- …











Totaal S:










Privétijd (P)

- huishouden

- gezin/familie

- vrienden

- slapen

- eten/conditie

- socio-cultur.

- ...












Totaal P:










Vrije tijd (V)

- ...


- ...

- ...












Totaal V:










Totaal S+P+V

24u

24u

24u







donderdag

vrijdag

zaterdag

School- en arbeidstijd (S)

- school


- andere

- heen/terug

- …











Totaal S:










Privétijd (P)

- huishouden

- gezin/familie

- vrienden

- slapen

- eten/conditie

- socio-cultur.

- ...












Totaal P:










Vrije tijd (V)

- ...


- ...

- ...












Totaal V:










Totaal S+P+V

24u

24u

24u
    1. Veel soorten tijd


Er is de tijd van het horloge: die is zakelijk en koud, egaal en emotieloos. Klokken tikken door en wijzers schrijven verder. 'Tempus fugit - de tijd vliegt' stond er op kerktorenuurwerken, op klokken en op statige pendules in de salons van de stille patriciërshuizen. Ook op het zakhorloge van mijn grootvader. Analoge wijzerplaten getuigen van een zekere barmhartigheid. De wijzer draait rond en suggereert dat het spoedig nog eens morgen, middag en avond wordt. Maar digitale horloges met hun verspringende cijfers, zeggen het veel duidelijker: dit moment komt nooit meer terug. De tijd vliegt.

Er is ook de tijd van de sterren. Vanouds hebben de mensen in de sterren gezocht naar wegen om de tijd te begrijpen en te beheersen. De stenen van Stonehenge in Engeland en de piramiden van Egypte zijn gericht op de sterren. Tempels en kathedralen zijn georiënteerd, rekening houdend met de opkomende zon. Elk dorpskerkje kijkt inderdaad naar het oosten. En de horoscopen pogen nog steeds het lot in de sterren te lezen.

Er is de tijd van de natuur. Ook die tijd is objectief: de natuur groeit, bloeit en vergaat zonder met mij rekening te houden. Ze heeft haar seizoenen, haar opgang en neergang en die vallen niet samen met mijn subjectieve gesteltenis. Toch heeft de tijd van de natuur ook veel bindingen met mij: ze vertolkt mijn levensgevoel. "'t Is triestig als het regent in de herfst", zegt de dichter. De hele romantiek leeft van dat tijdsgevoel.

De tijd van het leven, mijn levensdraad is objectief en subjectief tegelijk: een tijd die ik moet ondergaan, maar die ik ook actief kan beïnvloeden. De objectieve levenstijd is gebonden aan de evolutie van mijn lichaam en zijn cellen. Het is het domein van de biologie en de geneeskunde. Die tijd houdt geen rekening met mijn inleving, mijn plannen of mijn emoties. Een kanker, bijvoorbeeld, is ongekend aan het werk in mijn lichaam en gaat zijn eigen gang. Hij kankert gewoon verder. Maar er is ook een subjectieve levenstijd: die is gebonden aan de wisseling van de levensseizoenen en hun belevenissen. Het is de tijd van de peuter en van de oude mens en van alles wat daartussen ligt.

Er is de tijd van de geschiedenis. Het is een typisch menselijke beleving van de tijd. We kunnen erin rondreizen naar believen: achterwaarts en voorwaarts, in herinnering en hoop. Zo komen we los uit de koude tijd van de kalender. Die loopt immers door zonder aandacht voor wat er was en voor wat er komen zal. De tijd van de geschiedenis rijgt alles aan mekaar en alles is er verwant met alles. De kalendertijd verdeelt en scheidt, die van de geschiedenis bindt.

Er is nog de sociale tijd. Die is niet overal dezelfde; in de rurale samenleving is het de tijd van de natuur. Vroeger mat de boer de tijd af aan de seizoenen; zijn jaar begon in oktober, dan werd er immers gezaaid. De stadstijd is heel anders; die volgt het horloge en zijn uren: werktijd - schafttijd - rusttijd: weekdag - zondag: door het jaar en tijdens de vakantie. De stadstijd is gehakt, de tijd op de buiten is gebonden.

Er is ook nog Gods tijd en de liturgische tijd.


Kardinaal Danneels

Op de zesde dag schiep God de mens.


En de mens begon haastig te leven
want hij dacht:
Ik heb hooguit honderd jaar de tijd
om te vinden en te zien.
En hij keek wel uit voor een ander,
want hij vreesde:
die ligt me in de kortste keren voor.
E
Als de ander... (auteur onbekend)

als de ander zijn werk niet maakt, is hij lui


als ik het niet doe, heb ik geen tijd gehad

als de ander niet opschiet, is hij een trage,


als het om mezelf gaat, wil ik mijn werk heel precies doen

als de ander op zijn stuk blijft staan, is hij koppig


als ik het zelf doe, is het omdat ik overtuigd ben van de waarheid

als de ander over zichzelf praat, is hij te vol van zichzelf,


als ik over mezelf praat, wil ik 'anderen' laten profiteren van mijn ervaring.

als de ander vriendelijk is, heeft hij bijbedoelingen


als ik hetzelfde doe, dan heb ik goede voornemens gemaakt

als een ander aarzelt geld uit te geven, dan is hij gierig


als ik aarzel, ben ik spaarzaam

als de ander met een nieuw idee komt, doet hij eindelijk ook eens iets


als ik er zelf mee aankom, ben ik vindingrijk

als de ander mislukt, kan hij nooit iets


als ik misluk, heb ik toevallig pech
als de ander mij omverloopt, kijkt hij niet uit zijn ogen
als ik iemand omver loop, was ik wat haastig
als de ander vaak hetzelfde zegt, zanikt hij
als ik hetzelfde doe is het omdat ik het erg belangrijk vind ...
n hij dacht maar weinig na, de mens,
want hij meende:
ik moet vooruit, de breedte af, de hoogte in.
Uit andermans dood bakte hij brood
om tijd te winnen en zijn devies werd:
komen, zien en heersen.
En de mens draaide zich een rad voor de ogen.
Dat schoof hij onder de tijd
en noemde het 'vooruitgang'.
Toen legde hij zich vleugels aan, de mens.
Hij raasde door de lucht en noemde het:
'welvaart', 'verheffing van de mens'.
Tenslotte zag hij geen kans meer
om nog tijd te winnen
en uitgehold en moegevlogen
ging hij zitten
en noodgedwongen dacht hij na.
Toen keerde hij terug naar de plaats
waar hij gemaakt was, de aarde
en hij huilde om eeuwen voorbij
en kinderen verloren.
Daarna stond hij op, de mens,
en ging naar een andere mens, naar velen,
en zei: zullen we toch maar samen?
We leven maar kort
maar we hebben een zee van tijd!

3.Onthaasting

    1. Akkoord of niet akkoord?


  • Een rustpauze in een beroepsloopbaan is geen overbodige luxe.

  • Minder werk is meer geluk.

  • Van werken ga je niet dood.

  • Onthaasten kan zonder werkvermindering.

  • Bedrijven zijn een oorzaak van stress en jachtigheid.

  • Werken voor geld of werken voor punten komt op hetzelfde neer.

  • Wie wil onthaasten moet loonverlies erbij nemen.

  • De overheid moet cumul onmogelijk maken.

  • Werktijdverkorting heeft te maken met het recht op ontplooiing als mens.

  • Flexibiliteit komt de werkgever ten goede. De werknemer is de dupe.

  • De 'nine-to-five-routine' voor het gros der Vlamingen betekent dat 'onthaasting' voor hen geen probleem is.

  • De schoolbrosser is een jonge onthaaster.

  • Spijbelen is een kwestie van onthaasting.

  • Studentenarbeid is het begin van een haastige levensstijl.

  • Het belangrijkste middel ter ondersteuning van een onthaastingsbeleid is het tijdskrediet (loopbaanonderbreking, educatief verlof, e.a.).

  • Een mens heeft het recht op zondag werk te weigeren.

  • Werkende ouders 'dumpen' hun kinderen zonder dat ze het zelf beseffen.

Kies uit bovenstaande stellingen één stelling waarmee je akkoord gaat en één stelling waarmee je niet akkoord gaat.

Motiveer je antwoord.










    1. Haast versus onthaasting




Opzij, opzij, opzij
maak plaats,
maak plaats,
maak plaats
wij hebben
ongelofelijke haast
opzij, opzij, opzij
want wij
zijn haast te laat
wij hebben
maar een paar minuten tijd
we moeten rennen,
springen,
vliegen,
duiken,
vallen
en weer opstaan
we kunnen nu
niet blijven
we kunnen nu
niet langer blijven staan
een andere keer misschien
dan blijven we wel slapen
en kunnen dan misschien
als het echt moet
wat over koetjes,
voetbal
en
de lotto praten
nou dag
tot ziens
adieu
het ga je goed

we moeten rennen,


springen,
vliegen,
duiken,
vallen,
opstaan
en weer doorgaan
we kunnen nu
niet blijven
we kunnen nu
niet langer
blijven staan
een andere keer
misschien?
Herman Van Veen

Orden onderstaande woorden bij haast of onthaasting.

Voeg zelf woorden toe

Probeer daarna haast en onthaasting te omschrijven.

opvoeding autoped 24-uurseconomie


media kunst


stress vrije tijd geld alcohol
samenleving video vakantie
jeugdbeweging seksualiteit winkelen
school reis sportclub zelfmoord
computer vakantiejob studentenarbeid conservatorium
museum tijdsdruk


HAAST

ONTHAASTING






Haast:

Onthaast:




Geluksgedichtje

Om te weten hoe lang een jaar duurt,


Vraag het aan de student die niet slaagde voor zijn examen.

Om te weten hoe lang een maand duurt,


Vraag het aan de moeder die een maand te vroeg haar kind kreeg.

Om te weten hoe lang een week duurt,


Vraag het aan de uitgever van een weekblad.

Om te weten hoe lang een uur duurt,


Vraag het aan de geliefden die wachten om elkaar terug te zien.

Om te weten hoe lang 1 minuut duurt,


Vraag het aan degene die zijn trein bus of vliegtuig heeft gemist.

Om te weten hoe lang een seconde duurt,


Vraag het aan degene die iemand is verloren bij een ongeval.

Om te weten hoe lang een honderdste seconde duurt,


Vraag het aan degene die een zilveren medaille won op de Olympische spelen.

De tijd wacht op niemand. Geniet van de momenten die je hebt en ze zullen


van grote waarde zijn.

Deel ze met degene die je liefhebt en ze zullen nog waardevoller zijn.

(onbekend)

4.De bijbel en tijd


Lees onderstaand verhaal.


  • Naar wie van de drie figuren gaat je sympathie en beschrijf waarom




  • Omschrijf de levenshouding en levensbeschouwing van deze drie mensen














  • Geef een passende titel voor dit verhaal



  • Plaats volgende woorden bij één van de drie figuren en verklaar waarom: leren, onrust, zorg, vrijheid, druk, tijd, kiezen, niet kiezen, luisteren, inkeer, inzet, dienen, God, echt dienen, aandacht, nabijheid, delen, delen van geloof, tegenwoordigheid, essentie.














Onthaasting







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina