12e Zondag door het jaar, 18 juni 2016 Galaten 3: 26-29Lucas 9: 18-24



Dovnload 13.13 Kb.
Datum14.08.2016
Grootte13.13 Kb.
12e Zondag door het jaar, 18 juni 2016

Galaten 3:26-29Lucas 9:18-24


Uit het evangelie van vandaag springen twee dingen naar voren:

1 De vraag: wie zegt Gij dat ik ben?

2 het gezegde: wie zijn leven wil redden, zal het verliezen.

Wie het verlies om Mijnentwil, zal het redden


En dan is er de eerste vraag: ‘ wie zegt gij dat ik ben’ ?

Over deze vraag wie Jezus is, is eeuwenlang nagedacht.

Die vraag was er kennelijk al, vanaf het allereerste begin.

Wie is die Jezus? Wie zeggen de mensen dat ik ben?

En wat zeggen jullie?
Blijkbaar stelde Jezus de vraag aan de leerlingen, ook zelf wist hij wel, dat hij anders optrad dan de rabbi’s, farizeeërs en schriftgeleerden in die tijd. Bewust levend opkomend voor onrecht en uitsluiting. Vragen stellend. Onrecht benoemend. Genezend optredend, waar hij ieder verwonderd achterliet.

Een goede vraag om dan eens te horen hoe men eigenlijk over hem dacht.

Maar de vraag is of je op die manier een antwoord vindt.

Als we aan elkaar zouden vragen: ‘wie is Jezus?’ zouden we waarschijnlijk allemaal verschillende antwoorden geven en krijgen.

Ieder ziet een ander door een andere bril. Heeft een ander beeld van iemand

Als ik iemand beschrijf, is dat altijd hoe ik iemand zie.

Wat iemand betekent in mijn leven. Je kunt nooit iemand ‘los’ vanuit een buitenkant beschrijven. Wij zijn mensen die leven in relatie, we leven en bestaan met elkaar. Daardoor en daarin zijn we met elkaar verbonden.

Af en toe zou je dan willen horen ‘wat beteken ik voor je’

En de vraag van Jezus: wie zeggen jullie dat ik ben, gaat over die verbondenheid. Over betrokkenheid.

Het is de vraag ‘wat beteken ik in jouw leven?

Wie ben ik voor jou? Wat breng ik in jou teweeg?

Bij die vraag: wie zegt gij dat ik ben, komen wij ook zelf ter sprake.

Welk antwoord geeft u, geven wij?
Petrus antwoord: De gezalfde van God

Jezus antwoordt: Zeg dat aub niet aan de anderen

Jezus wil de titel ‘gezalfde’ dat Messias of Christus aanduidt, liever niet gebruiken. Zijn voorkeur gaat uit naar de naam ‘mensenzoon’.

Hij komt niet als triomfantelijke messias, maar als een lijdende Mensenzoon.

Als u en ik, als mens, als ons gelijkend

Neemt zijn kruis op en kiest duidelijk zijn weg om te dienen dan om gediend te worden. Het ene, om te dienen, is de weg gaan met de ander.

Betrokken zijn op elkaar en een leven samen ervaren.

Dat is een actieve rol die wat van je vraagt.

Gediend worden lijkt me zeer passief en minder in een wederkerigheid van een leven samen delen. Lijkt me niet aantrekkelijk.

Als je Jezus volgt, krijg je te horen:

‘Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door elke dag zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden zal het verliezen.’.

Het beeld wat ik hierbij kreeg, is als je een hand vol met zand dichtknijpt rolt het zand weg.

Maar leg je je hand open, dan draag je het zand en behoud je het.

‘wie het leven verliest om Mijnentwil, zal het redden’. Niet echt een aangename boodschap.

Wat bedoeld Hij? Hoe moeten wij leven? Hoe leef je om Mijnentwil?
Vorig jaar werd ik gevraagd om te assisteren in het Hospice, een bijna thuis huis waar mensen kunnen sterven met zorg van familie en vrijwilligers en verpleegkundigen. Er kwam een familie binnen die de verzorgers kwamen bedanken. Ze waren ontroerd door de wijze waarop deze zorg verleend was aan hun overleden zus/schoonzus.

‘ Ik zou het niet kunnen hoor’ zei één van de bezoekers

Regelmatig heb ik dat gehoord tijdens mijn werkjaren in de terminale thuiszorg en ook nu klonk het vol bewondering over deze inzet.

Waarom kies je niet voor vrolijker werk. Ga uit en maak plezier…hoor je als vrijwilliger in deze sector van intensieve zorg.

Maar wat kan ik het gezegde onderstrepen; ’wie het leven verliest om Mijnentwil’..Wie nabij kan en wil zijn, dienende, bij de zorg en de verhalen rondom lijden, verdriet en angst, door zichzelf te verliezen, krijgt het leven dubbel en dwars terug. Krijgt intens leven terug.

De inzet van deze nabije zorg is een zorg van liefde voor leven, voor intens leven, hoe en wat het ook is.

Een leven in relatie met de ander hoe hij of zij er ook voor staat.

Waarbij je niet bezig bent alleen vanuit eigen belang, winst en berekenend


Je leven verliezen.

‘ Wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het redden’ zegt Jezus

Bij Paulus horen we: wij zijn allen kinderen van God. Wij zijn in Gods hand. We leven niet ten dode toe, we leven niet doelloos zonder zin. We worden gedragen in zijn liefde,een liefde waarin wij allen gelijk zijn,

een liefde die alle tegenstellingen opheft.

Wat Jezus heeft laten zien is dat God met mensen wil zijn, met hen wil optrekken. We zingen straks: Kom en volg mij op de weg, op mijn weg.

Om dat koninkrijk Gods op aarde te verwezenlijken met elkaar.

Wij leven in en uit zijn hand, in zijn geborgenheid.

Dan mag je vertrouwen dat je het kunt.

Door zekerheden -Los te laten om er te kunnen zijn.

Je leven verliezen betekent dan, dat we alle eigen-machtigheid afleggen.

Geen eigen koninkrijk willen bouwen en los raken van de ander.

Je leven verliezen is onmachtig kunnen zijn en zien wat er in die leegte zich aandient. Dan wordt zichtbaar de liefdevolle aandacht van de ander.

Als een goddelijk teken, soms zo onverwacht, in een onmachtig leven.

Zoals de bezoekster die vanuit haar onmacht zei ’ik zou dit niet kunnen’,



zag, met ontroering, die bijzondere zorg aan stervenden door anderen.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina