7. 0 sr1 Release-notes Adlib Information Systems



Dovnload 61.4 Kb.
Datum07.10.2016
Grootte61.4 Kb.


7.0 SR1 Release-notes





Adlib Information Systems


Copyright © 2013 Adlib Information Systems B.V.® Alle rechten voorbehouden. Adlib® is een product van Adlib Information Systems B.V.®

De informatie in dit document kan zonder enige voorafgaande waarschuwing worden gewijzigd en houdt geen verplichting in voor Adlib Information Systems. Adlib aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de volstrekte juistheid en volledigheid van de hierin opgenomen teksten. De software, zoals deze in dit document staat beschreven, wordt geleverd onder de voorwaarden van een gebruiksrechtovereenkomst. De bedoelde software mag uitsluitend volgens de voorwaarden van deze overeenkomst worden gebruikt of gekopieerd.

Daar onze producten voortdurend verbeterd worden, kunnen latere versies verschillen met de producten die hierin beschreven staan. Dit document houdt geen enkele contractuele verplichting in om software te leveren, en mag niet als definitieve productbeschrijving worden beschouwd.

Inhoud


Inleiding 1

1 Nieuwe functionaliteit 3

1.1 Procedure Standplaats wijzigen vereenvoudigd 3

2 Verbeteringen 11

2.1 Weergave 11

2.2 Zoeken 11

2.3 Bewerken 12

2.4 Ontlenen 14

2.5 Pointerfiles 14

2.6 SDI 14

2.7 Adlib sluiten 15

2.8 Printing 15

2.9 Exporteren 15



Inleiding


Deze release-notes beschrijven een aantal verbeteringen in de Adlib-executables, die zijn geïmplementeerd in Adlib 7.0.0 SR1. Deze release is vanaf eind december 2012 beschikbaar voor alle klanten met een onderhoudscontract, en is te downloaden vanaf de Adlib website.
U kunt deze software over uw bestaande Adlib-systeem heen installeren (vanaf versie 4.4). U hoeft dus niets te deïnstalleren, maar maak vooraf wel een backup van uw databases en applicaties.

Vanaf Adlib 5.0 wordt een nieuw licentiebestand gebruikt: Adlib.lic. Als u 5.0 of hoger al gebruikt, dan kunt u deze upgrade direct na installatie gebruiken; uw licentiebestand is dan al vernieuwd, staat op de juiste plek en wordt niet overschreven door de upgrade. Alleen als u deze upgrade installeert over een Adlib-versie ouder dan 5.0, dan geldt voor u het volgende: als u deze release op cd ontvangt dan vindt u daarop al het juiste licentiebestand; als u deze release hebt gedownload, e-mail dan onze helpdesk (helpdesk@nl.adlibsoft.com) voor het benodigde wachtwoord en uw licentiebestand. Plaats dit bestand (u kunt er kopieën van maken) na installatie van de upgrade in uw Adlib \bin en \tools of \executables mappen (indien aanwezig). Het gaat erom dat het licentie­bestand in dezelfde mappen staat als waarin uw Adlib .exe-bestanden staan. Hoe die mappen heten maakt niets uit.

De release-notes van vorige grote releases en service-releases zijn te vinden op de Adlib website.

          1. Waarschuwing voor achterwaartse compatibiliteit

Nieuwe functionaliteit in Adlib 6.6 voor SQL Server en Oracle-databases maakt dat u records die u met deze versie wijzigt niet meer kunt openen met oudere versies van Adlib (zowel adlwin.exe als wwwopac.exe). Houd hier alstublieft rekening mee als u Adlib 7.0 eerst wilt uitproberen voordat u definitief overstapt. Voor CBF-databases geldt deze beperking niet.

Dit betekent dat u wwwopac.exe ook naar 7.0 moet opwaarderen. Dat kan echter gevolgen hebben voor uw webapplicatie, vanwege enkele veranderingen in het structured XML-formaat: voorheen verschenen lege velden uit veldgroepen niet in de record-XML, terwijl dat vanaf 6.6 wel het geval is.


Eveneens geldt dat u de nieuwste versie van Adlib Designer nodig hebt om functionaliteit te implementeren die in deze release-notes wordt beschreven. Maar wanneer u uw applicatie in de nieuwe versie van Designer hebt aangepast, kunt u die applicatie, of delen daarvan, niet meer bewerken in een oudere versie van Adlib Designer.

1 Nieuwe functionaliteit

1.1Procedure Standplaats wijzigen vereenvoudigd


Op het tabblad Standplaats | Toekomstige verplaatsingen in de objectcatalogi van 4.2 modelapplicaties en hoger kunt u de vaste standplaats, de huidige standplaats en eventueel geplande toekomstige verplaatsingen registreren.



Afbeelding 1.1: Een schermafbeelding uit een 4.2-applicatie; andere applicatieversies kunnen andere schermen en velden tonen.

Via de procedure Standplaats wijzigen kunt u van een of meer gemarkeerde records in het lijstscherm tegelijk de huidige standplaats veranderen wanneer u de objecten daadwerkelijk verplaatst. U start de functie vanuit het menu Wijzigen; kies de optie Wijzig standplaats.



Het venster Standplaats van objecten wijzigen opent.


          1. Het venster Standplaats van objecten wijzigen

In dit venster kunt u in de eerste sectie de nieuwe huidige standplaats invullen (voor alle gemarkeerde objecten), de verplaatsingdatum en –tijd (hoeft niet per se vandaag te zijn), een opmerking over de geschiktheid van de nieuwe standplaats, de naam van de autorisator voor de nieuwe standplaats en eventuele bijzonderheden van de nieuwe standplaats.
In de tweede sectie registreert u eventueel details over de verplaatsing, zoals de methode van verplaatsing, een referentienummer daarvoor, een contactpersoon en mogelijke bijzonderheden.
Alleen het veld Standplaats is voor deze procedure verplicht, de rest is optioneel.
In het vak Voortgang wordt tijdens de procedure een samenvatting van de voortgang getoond. Eventuele fouten vindt u hier ook terug.



Afbeelding 1.2: Het venster Standplaats van objecten wijzigen zoals dat er in 4.2 modelapplicaties en hoger uitziet.

Via de Lijst-knoppen achter de velden Standplaats, Autorisator, Methode en Contactpersoon, kunt u een bestaande term of naam uitzoeken. Sterker nog: dit zijn gevalideerde velden en u mag hier alleen een bestaande term of naam invullen, met of zonder hulp van de Lijst-functie.







Afbeelding 1.3: Het venster Standplaats van objecten wijzigen zoals dat er in 3.4 modelapplicaties en ouder uitziet: hierin kunt u onder andere geen verplaatsinggegevens opgeven.

Zodra u een term of naam in zo’n veld typt en het veld verlaat, wordt de waarde gevalideerd. Als de waarde niet bestaat, krijgt u daar een melding van en moet u alsnog een al bestaande term of naam kiezen. U kunt de melding ook voor zijn en vóór, tijdens of na het invoeren van een waarde al op de Lijst-knop achter het veld klikken om het venster Vind data voor het veld… te openen, waarin u de waarde kunt valideren.


In het eerste invoervak onder Zoek kiest u dan een veld uit het gekoppelde record waarin u een waarde wilt opzoeken (één of meerdere velden zijn beschikbaar*); als er maar één veld beschikbaar is, dan is dat standaard al geselecteerd. In het invoervak daaronder vult u vervolgens een gedeeltelijke of gehele waarde in om op te zoeken (u kunt het vak niet leeg laten). Druk dan op Enter of klik op de knop Zoek om uit de relevante index alle waarden op te halen die met de zoeksleutel beginnen. Selecteer vervolgens een van de gevonden sleutels en klik op Selecteer om de waarde over te nemen.

* Welke velden beschikbaar zijn in de keuzelijst onder Zoek wordt bepaald door de koppelingsdefinitie van het huidige gekoppelde veld. Alleen het gekoppelde veld zelf en eventueel daarbij opgehaalde velden die in de gekoppelde database geïndexeerd zijn, komen in het lijstje te staan. Bovendien ziet u hier de veldnamen zoals die in de gekoppelde database gedefinieerd zijn en die kunnen enigszins anders zijn dan de labels die u in de gebruikersinterface ziet.


In velden die in de gekoppelde database door een keuzelijstje worden gerepresenteerd, kunt u alleen op de interface­taalneu­trale waarden van het lijstje zoeken: in verpakking_standplaats bijvoorbeeld (het in aangepaste applicaties mogelijk opgehaalde veld bij het gekoppelde veld standplaats, waarin u hebt geregistreerd of het record een standplaats of verpakking betreft) kunt u kiezen uit precies twee waarden om op te zoeken: package en location.
          1. Wat de procedure doet

Zodra u op Toepassen klikt, verwerkt de procedure een voor een alle gemarkeerde records en doet vanaf Adlib 7.0 dan het volgende:

  1. Als er in het verwerkte record momenteel een huidige standplaats geregistreerd staat, dan worden alle gegevens daarvan overgeheveld naar de standplaatsgeschiedenis, waarbij de in de procedure opgegeven datum de Einddatum wordt van de nu gecreëerde vorige standplaats. In 4.2-applicaties en hoger staat de geschiedenis op het aparte tabblad Standplaatshistorie, terwijl die in oudere applicaties onder de huidige standplaats wordt opgesomd. Daarnaast worden eventuele gegevens over de Verplaatsing, zoals ingevuld in het 4.2-venster Standplaats van objecten wijzigen, aan de gegevens van de nu gecreëerde vorige standplaats toegevoegd.

  2. De in het venster Standplaats van objecten wijzigen ingevulde gegevens van de nieuwe standplaats worden in het record ingevuld in de velden voor de Huidige standplaats.

Merk op dat de in een record eventueel geplande Toekomstige verplaatsingen in deze procedure voortaan geheel buiten beschouwing blijven en genegeerd worden. De gegevens van een of meer toekomstige verplaatsingen worden dus niet gebruikt of gecontroleerd of verwijderd. Dit gedrag is nu in lijn met dat van de Adlib Verhuismodule, die toekomstige verplaatsingen ook negeert. Mogelijk zal er in een volgende versie van Adlib wel een afzonderlijke methode komen om al geregistreerde toekomstige verplaatsingen te verwerken of op te schonen.
De Vaste standplaats blijft uiteraard ook ongemoeid.

De procedure kunt u tijdens de voortgang eventueel afbreken via de knop Annuleren. De procedure maakt het momenteel bewerkte record nog af en stopt dan. De bewerking van reeds aangepaste records wordt met Annuleren dus niet ongedaan gemaakt: de procedure wordt slechts afgebroken en in het voortgangsrapport ziet u welke records tot dan zijn bewerkt.


Merk verder op dat de procedure de gemarkeerde records verwerkt op recordnummervolgorde en dat is niet per se de volgorde waarin de gemarkeerde records in de lijstweergave worden getoond.

Records die niet konden worden aangepast door de procedure, bijvoorbeeld omdat die records juist door collega’s werden bewerkt, kunt u na afloop van de procedure in een pointerfile opslaan zodat u kunt controleren wat er aan de hand is en/of de procedure later nogmaals op die records kunt proberen uit te voeren.



Technische details

De procedure Wijzig standplaats maakt gebruik van hardgecodeerde tags. Voor het aanpassen van een applicatie kan het handig zijn een overzicht te hebben van de betreffende tags.

Om te beginnen maakt Adlib onderscheid tussen 4.2 modelapplicaties en oudere modelapplicaties. Dit onderscheid wordt gemaakt op basis van de tag 2A (current_location) in de database collect. Als de tag voorkomt, wordt aangenomen dat het om versie 4.2 of hoger gaat. Die tag in die database mag dus geen ander doel hebben, in welke applicatie dan ook, als u van de hier beschreven procedure gebruik wilt maken.

Voor applicatieversie 4.2 en hoger geldt:

Veld in venster Standplaats van objecten wijzigen

Tags in database collect die worden gevuld

Standplaats

2A (Huidige standplaats)

Datum/Tijd

2C/2G, de begindatum en tijd van de nieuwe huidige standplaats (en SE/Sh, de einddatum en tijd van de nu vorige standplaats, indien aanwezig)

Geschiktheid

2E

Autorisator

2F

Bijzonderheden

2D

Methode

mT (Verplaatsingsmethode)

Referentienr.

mR

Contactpersoon

mC

Bijzonderheden

mN




2R (huidige uitvoerder)

Bij het automatisch overhevelen van de gegevens van de huidige standplaats naar een nieuwe eerste veldgroepoccurrence van de standplaatsgeschiedenis (wat natuurlijk gebeurt voordat de procedure een nieuwe huidige standplaats invult), wordt in 4.2 de volgende tagmapping gebruikt.



Huidige-standplaatsvelden

Standplaatshistorievelden

2A (Huidige standplaats)

ST

2C/2G (Datum/Tijd)

SS/SH

2E (Geschiktheid)

S3

2F (Autorisator)

SP

2D (Bijzonderheden)

LM

2R (huidige uitvoerder)

2V (uitvoerderhistorie)

In de 4.2 modelapplicatie zijn 2R en 2V standaard niet gedefinieerd in de databasestructuur en niet zichtbaar in het scherm (in een toekomstige modelapplicatie wel), maar ze worden toch in het record opgeslagen. Dat is in principe geen probleem. Als u dat wilt, kunt u 2R en 2V als tekstvelden met een lengte van hooguit 100 tekens in de database collect definiëren (2R niet herhaalbaar, 2V wel) en ze elk op hun toepasselijke standplaatsscherm plaatsen, bijvoorbeeld boven het veld Autorisator, om de data zichtbaar te maken.

Voor applicatieversie 3.4 en ouder geldt:

Veld in venster Standplaats van objecten wijzigen

Tags in database collect die worden gevuld

Standplaats

ST

Soort standplaats

LT

Datum

SS, de begindatum van de nieuwe huidige standplaats (en SE(2), de einddatum van de nu vorige standplaats indien aanwezig)

Bijzonderheden

LM

Voordat de procedure een nieuwe huidige standplaats invult, wordt een nieuwe, lege eerste occurrence van de veldgroep voor de standplaatsgegevens aangemaakt. Daarbij schuiven de gegevens uit de oude eerste occurrence dus gewoon op naar de tweede occurrence en wordt de oude huidige standplaats de nieuwe vorige standplaats. De betrokken tags in 3.4 zijn de volgende:



Huidige-standplaatsvelden

Standplaatshistorievelden

ST(1) (Standplaats)

ST(2)

LT(1) (Soort standplaats)

LT(2)

SS(1) (Begindatum)

SS(2)

LM(1) (Bijzonderheden)

LM(2)

S3(1) (Geschiktheid)

S3(2)




2 Verbeteringen


In 7.0 SR1 is de volgende functionaliteit verbeterd:

2.1Weergave


  1. Klikken op een in het scherm getoonde linkreferentiewaarde opende het zoomscherm niet. Wanneer u een scherm hebt waarop de linkreferentie van gekoppeld veld wordt weergegeven (het recordnummer van het gekoppelde record dus), dan kon u door op die onderstreepte koppeling te klikken het zoomscherm naar het gekoppelde record niet openen (terwijl dat wel kon wanneer u op de waarde in het gekoppelde veld zelf klikte). (Ref.nr.: 5534)

  2. Na wijzigen van data-taal in de Selectietaal werd die wijziging niet weerspiegeld in de statusbalk. Nadat u de data-taal had gewijzigd terwijl het venster Seletietaal zichtbaar was, bleek de in de statusbalk vermelde data-taal niet gewijzigd. U kon dan niet meer weten wat de huidige data-taal werkelijk was. (Ref.nr.: 5503)

2.2Zoeken


  1. Veldnamen met een koppelteken erin werden door de selectietaal soms niet correct afgehandeld. Sinds koppeltekens (waar dan ook) in een zoek­taalopdracht nu geïnterpreteerd worden als “AND NOT”, moet u getypte veldnamen met een koppelteken (een minteken) door dubbele aanhalingstekens omsluiten. Maar wanneer u zo’n veldnaam uit de lijst in het venster Selectietaal kopieerde, dan plaatste Adlib er niet automatisch dubbele aanhalingstekens omheen, terwijl dat wel nodig was om een foutieve syntaxis te voorkomen. Met deze fix plaats Adlib voortaan wel automatisch dubbele aanhalingstekens rond een veldnaam met een koppelteken wanneer u die veldnaam uit de selectietaalveldenlijst kopieert naar de zoekzin. (Ref.nr.: 5510)

  2. Zoeken met de operator WHEN of WHEN NOT gaf niet de juiste resultaten. Wanneer u zocht op =* gecombineerd met WHEN of WHEN NOT, dan kon het resultaat records bevatten waarin het relevante veld leeg was. Het was ook mogelijk dat records die wel aan de zoekvoorwaarden voldeden in het zoekresultaat ontbraken. (Ref.nr.: 4345, 5610)

  3. Een zoekformulier dat de tag TO bevatte, genereerde een syntaxisfout. Wanneer u de tag TO aan een zoekformulier had toegevoegd, dan produceerde dat zoekformulier een foutmelding wanneer u het in Adlib opende. (Ref.nr.: 5661)

2.3Bewerken


  1. .5 werd niet meer herkend als decimale waarde. Wanneer u .5 (zonder nul ervoor) in een numeriek veld typte, dan werd het niet herkend en de punt werd verwijderd zodat alleen 5 overbleef. (Ref.nr.: 5512)

  2. Een gebruiker met schrijf-toegangsrechten kon een record niet bewerken dat was geopend door de lijstweergave over te slaan. Wanneer u een rol was toegewezen die schrijfrechten op de huidige database had, en u bij zoeken in Adlib in de laatste stap van de Zoekassistent een enkele sleutel koos om direct een record in detailweergave te openen (en daarbij dus het lijstscherm over te slaan) dan kon u het record niet bewerken. U kon het record alleen bewerken als u het had geopened vanaf het lijstscherm. (Ref.nr.: 5518)

  3. De Records met trefwoord-functie werkte niet correct in SQL. Wanneer u de functie Records met trefwoord (in het venster Vind data voor het veld) gebruikte voor een naam die twee keer in de gekoppelde database voorkwam, dan werden records gevonden met willekeurig welke van beide identieke namen in plaats van alleen records die koppelen naar het geselecteerde naamrecord. (Ref.nr.: 5668)

  4. Voorkeursnaamvervanging werkte niet als een niet-voorkeursnaam was ingevoerd terwijl zijn voorkeursnaam niet in het domein voor dat veld voorkwam. Wanneer u een bestaande, niet-voorkeursauteurnaam (al geassocieerd met het auteurdomein) in het veld Auteur in een record invoerde terwijl de voorkeursnaam ervoor geassocieerd was met een ander domein, en u verplaatste de cursor naar een ander veld, dan verscheen ten eerste de onterechte melding “Wilt u aan het domein auteur toevoegen?”, en ten tweede, wanneer u op Ja klikte, werd het record opgeslagen maar had er geen voorkeursnaamvervanging plaatsgevonden en de niet-voorkeursnaam bleek in het record te zijn opgeslagen. (Ref.nr.: 5685)

  5. Wanneer u occurrences omhoog verplaatste met Ctrl+, dan was die verplaatsing soms slechts gedeeltelijk. Wanneer u een veldgroepoccurrence two regels omhoog verplaatste met Ctrl+, dan werden niet altijd alle occurrences verplaatst: het laatste veld in een rij kon in de vorige occurrence achterblijven, vooral als dat veld lange tekst bevatte. (Ref.nr.: 5656)

  6. In Personen en instellingen en de Thesaurus werden gebruikt-voor namen en termen soms onomkeerbaar omgezet naar kleine letters. Wanneer u een record in Personen en instellingen of the Thesaurus bewerkte dat een al geregistreerde gebruikt-voor naam of term bevatte waarin hoofdletters voorkwamen, en u plaatste de cursor in dat veld and daarna in een ander veld, dan werden alle hoofdletters direct in kleine letters veranderd. Zodra u het record zo opsloeg, kon dat niet meer ongedaan worden gemaakt, terwijl het gekoppelde record wel nog de juiste hoofdletters en kleine letters had. Dit probleem deed zich voor in oudere applicaties waarin de interne koppelingen op waarde waren gelegd in plaats van op linkreferentie. (Ref.nr.: 5543)

  7. Ongewenste termvervanging bij het toevoegen van een bovenliggende naam (Taxonomie) in een zoomscherm. Wanneer u in een zoomscherm voor een nieuwe term een bovenliggende naam toevoegde, dan werd de nieuwe term vervangen door de bovenliggende naam van de bovenliggende naam die u invoerde. (Bug.nr.: 5496)

  8. Een geforceerde term werd niet aan een nieuwe occurrence van een herhaald gekoppeld veld toegevoegd als occurrence-sortering aan stond. Wanneer u een occurrence aan een herhaalbaar gekoppeld veld toevoegde waarvoor occurrence-sortering ingeschakeld stond, een nieuwe term invoerde en die forceerde in de gekoppelde database, dan was de occurrence met de zojuist geforceerde term na het opslaan niet meer in het record aanwezig. De term bleek ook niet geforceerd te zijn in de gekoppelde database. (Ref.nr.: 5592)

  9. Bij het openen van een zoomscherm naar de Thesaurus vanuit een People zoomscherm, opende dat zoomscherm in de People-database in plaats van de Thesaurus. Wanneer u een objectrecord in bewerkingsmodus opende, een nieuwe vervaardigernaam invoerde en in het venster Vind data voor het veld voor de optie Creëer ‘people’-record koos, dan opende er correct een zoomscherm om meer details voor de nieuwe vervaardiger op te kunnen geven. Als u dan een nieuwe plaats in dat zoomscherm opgaf en op Tab drukte om de invoer te valideren, dan was in het venster Vind data voor het veld nog steeds de People-database geselecteerd in plaats van de Thesaurus (waarin plaatsnamen worden opgeslagen). Dit kon erin resulteren dat de plaats werd opgeslagen in het verkeerde domein terwijl de vervaardiger niet werd opgeslagen. De software kon ook crashen. (Ref.nr.: 5648)

  10. De cursor verdween na het selecteren van een favoriet uit het contextmenu van een veld, wanneer u dat opende met de menutoets aanwezig op sommige toetsenborden. Wanneer de cursor in een veld in bewerkingsmodus stond en u drukte op de menutoets links van de rechter Ctrl-toets op sommige toetsenborden om het snelmenu voor het betreffende veld te openen, en u selecteerde een term uit het favorietenlijstje (weer door het toetsenbord te gebruiken), dan werd de favoriete term toegevoegd aan het veld maar de cursor was verdwenen. Dit betekende dat u eerst met de muis in een veld moest klikken om de cursor terug te krijgen voordat u met het toetsenbord verder kon werken. (Ref.nr.: 5689)

  11. Records in een SQL-database konden niet worden gelocked wanneer de gebruikersnaam een apostrof bevatte. Wanneer u in Adlib (SQL) inlogde met een gebruikersnaam die een apostrof bevatte, dan kon u records wel vinden maar niet bewerken. De apostrof in naam maakte het Adlib onmogelijk om het record te locken: er werd een syntaxisfout gegenereerd. (Ref.nr.: 5132)

2.4Ontlenen


  1. Het was niet mogelijk om een record te knippen als u geen verwijderrechten op het bronrecord had. Wanneer u een record ontleent van één dataset naar een andere in dezelfde database terwijl het bronrecord automatisch moet worden verwijderd wanneer u het ontleende record opslaat, dan had u volledige toegangsrechten nodig voor de brondataset. Als u slechts schrijfrechten of minder had, dan kon Adlib een foutmelding genereren wanneer u probeerde het ontleende record op te slaan, over een dubbel objectnummer (of andere uniek veld), omdat het bronrecord niet verwijderd kon worden. Deze fix zorgt ervoor dat het bronrecord wel automatisch wordt verwijderd na het opslaan van het ontleende record. (Ref.nr.: 5599)

2.5Pointerfiles


  1. Na aanpassen van SDI-profieleigenschappen werd de pointerfile bijgewerkt. Wanneer u de eigenschappen van een SDI-pointerfile aanpaste, zoals bij het toevoegen van een e-mailadres, en u sloeg de wijzigingen op, dan werd de pointerfile automatisch bijgewerkt. Dit kon betekenen dat e-mails werden verstuurd alsof een geplande SDI-zoekactie was uitgevoerd. (Ref.nr.: 5694)

2.6SDI


  1. SDI crashte met een C++ exception error 357. Ofschoon de meeste van meerdere geplande SDI profielen uitgevoerd werden, kon SDI op een gegeven moment crashen met een C++ exception error 357, een geheugengebruikprobleem. (Ref.nr.: 5663)

  2. Het SDI onderwerp kon niet met diakritische tekens omgaan. Wanneer u diakritische tekens had gebruikt in de tekst in het veld Onderwerp van de eigenschappen van een SDI-profiel, dan werden die tekens onjuist getoond in verstuurde e-mails. (Ref.nr.: 5509)

2.7Adlib sluiten


  1. Als het gebruikers niet was toegestaan om Adlib te sluiten, dan konden zij wel de Zoekassistent sluiten. Wanneer in Designer de optie Allow the user to shut Adlib uitgeschakeld was, dan kon u nog steeds de Zoekassistent sluiten door middel van het kruisje in de rechter bovenhoek van het Zoekassistent-venster. Dit liet dan een leeg Adlib hoofdvenster achter waarin niet kon worden verder gewerkt. (Ref.nr.: 5098)

  2. Soms kon een Adlib-applicatie niet worden gesloten omdat de bevestigingsmelding achter de Zoekassistent verborgen was. Als u een Adlib-applicatie opende en die meteen weer sloot door op het wit-rode kruisje rechts bovenin te klikken, voordat de Zoekassistent werd getoond, dan werd de melding waarin u wordt gevraagd het sluiten van de applicatie te bevestigen achter de Zoekassistent verborgen, waardoor het schijnbaar onmogelijk werd om de applicatie daadwerkelijk te sluiten. (Ref.nr.: 5386)

2.8Printing


  1. Naar Word afdrukken sloot soms onverwacht, zonder een Word-document te creëren. Wanneer u naar een Word-sjabloon als een voorgedefinieerd uitvoerformaat afdrukte, dan opende het Word-venster en begon de Adlib Word-interface voortgangsbalk te lopen, maar kon dan plots stoppen waarna de Word-vensters onmiddellijk werden gesloten. (Ref.nr.: 5691)

  2. De Afdrukassistent genereerde een fout na voltooiing wanneer er een aanhalingsteken in de koptekst stond. Wanneer u interactief een rapport samenstelde met de Afdrukassistent en in de koptekst een aanhalingsteken invoerde gevolgd door ten minste één ander teken, dan werd bij het voltooien van de Afdrukassistent (wanneer op de achtergrond een afdrukadapl wordt gegenereerd) een melding gegeven over een fout in regel 117/118 tijdens compilatie. (Ref.nr.: 5193)

  3. Adlib reageerde niet meer wanneer bij het als bestand opslaan van een afdruk de toekenning van de bestandsnaam werd geannuleerd. Wanneer u een record afdrukte met behulp van een voorgedefinieerd uitvoerformaat en in het venster Afdrukken het aankruisvakje Afdrukken naar bestand markeerde en op OK klikte, dan reageerde Adlib niet meer wanneer u in het venster Selecteer een uitvoerbestand op Annuleren klikte. (Ref.nr.: 5513)

2.9Exporteren


  1. Afgeschermde velden konden wel worden geëxporteerd. De inhoud van een veld waartoe een gebruiker Geen (None) toegangsrechten had, kon wel worden geëxporteerd. Dit was een probleem wanneer zulke toegangsrechten ingesteld waren om een veld en zijn inhoud volledig te verbergen voor bepaalde gebruikers (vanwege vertrouwelijk informatie bijvoorbeeld). Door het veld of het gehele record te exporteren, konden die gebruikers de betreffende gegevens toch inzien via het resulterende uitwisselbestand. (Ref.nr.: 5325)





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina