Aan het bestuur der V. G. S. D. t a. v. Ronald Bos, abactis Delft, 2 mei 2000



Dovnload 9.2 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte9.2 Kb.
Aan het bestuur der V.G.S.D.

t.a.v. Ronald Bos, abactis


Delft, 2 mei 2000

Waarde abactis, amice Bos,


Gij ontzettende ontzettende, u meent ons wel met een zéér ranzig A4-tje te kunnen afschepen! Houd mij ten goede, maar het constitutiebericht dat u ons onlangs deed toekomen bezit in mijn ogen de allure van een TU-tempometer, het soort kladjes waarmee voornoemde wetenschappelijke instelling u tweemaal per jaar op de hoogte pleegt te stellen van uw studievoortgang. Wij krijgen wel vaker post van de TU, en het is slechts aan een zéér wonderlijke speling der natuur te danken dat uw epistel uiteindelijk nog is beland op de plaats waar het behoort: in de abactiale postmap. U mag van geluk spreken dat u van mij überhaupt een antwoord krijgt. Kort en goed: “U boft!”.

Ik vermoed dat ergens in de marge van een naburig buitenaards zonnestelsel een elektron overschakelde naar een hoger energieniveau, en begon aan een buitenbocht-inhaalmanoeuvre op de linkerbaan rond het atoom waartoe hij zich in alle nederigheid placht te rekenen. Van pure schrik scheidde het elektron een foton af, dat terstond dacht: “Komt, laat ik eens uit de band springen”. De energieband, wel te verstaan.



Enfin, de rest van het verhaal raadt u al. Na enige tijd heen-en-weer geketst te zijn in het postvakje van een niet meer zo kersvers bestuurslid in het pand Oude Delft 251, ketste ons fotonneke geheel nietsvermoedend af tegen een singulier punt in de fakkel in de linkerbovenhoek van uw wisselbericht, waarna hij zonder verder nadenken verdween in het filosofische oog van de abactis der Civitas Studiosorum Reformatorum. Deze dacht terstond: “Ach verrek, dat is het TU-logo helemaal niet.” En zie, zo bleef uw epistel gespaard voor de meedogenloze papierversnipperaar, doch zal het tot aan de voleinding der wereld in de herinnering voortleven als “Poststuk IN-8811”. Waar een elektron al niet goed voor is.
Nu, deze elektromagnetische beschouwing klinkt verder wel leuk en aardig, maar laat ik er verder niet omheen draaien: dit noem ik géén constitutiebericht. Broeders, wij zijn teleurgesteld in u. Dat u uw VGSX-kameraden in den lande [X = {L,R,T,U,G,A,Ei,W,N}] afscheept met een anoniem A4-tje met vier namen erop, kan ik billijken. U kent elkaar toch wel. U hebt allemaal bij elkaar op school en jeugdvereniging gezeten, kent elkaar uit de kerk of van een of andere landelijke GPV-jamboree. C.S.R. echter verwacht van u toch minstens een kleurrijk knutselwerkje, hetwelk is opgeleukt met een foto, fresco of aquarel bevattende de beeltenissen van u en uw kersverse bestuurscollega’s in een hetzij frivole, hetzij filosofische pose. U mag van uw evangelische broeders niet verlangen dat zij aan uw namen genoeg hebben. Dat is te reformatorisch, te platonisch gedacht. Wij zíen ook graag wat, en wel het liefst met eigen ogen. Ik hoor u al zeggen: “Zalig die niet zien en toch geloven”. Flauwekul, amice Bos. Het kan toch niet zo zijn dat u volgend jaar februari oog in oog staat met het volgende bestuur der Civitas, en dat onze opvolgers zich dan verbijsterd moeten afvragen: “Amice Pedel, wie zijn dit in ‘s hemelsnaam?!” Een dergelijk pijnlijk voorval zult u toch zeker willen voorkomen! Echter, op deze manier krijgt u zulks niet voor elkaar.
Goed, bij gebrek aan visueel materiaal om gepast op te reageren, wil ik dan maar iets kwijt over de door u bijgeleverde tekst. Allereerst wijs ik u erop dat mijn bestuurscollega géén blauwe ogen heeft. Verder ontgaat de significantie van uw lichtstraalverhaal mij volledig. Ongetwijfeld hebben in het verleden reeds ontelbare fotonen via een VGSD-bestuurslint de ogen van een aanwezige mooie vrouw bereikt. Het is mij dan ook niet geheel duidelijk wat u met dit verhaal precies wilt illustreren:

Ik ben bijzonder benieuwd hieromtrent uit uw mond of pen het nodige uitsluitsel te ontvangen…

Gaat het nog een beetje, amice Bos? Stel u gerust, we hebben echt genoten van uw Diesfeest (in weerwil van het schandalige feit dat uw commissie ons Diesthema van vorig jaar heeft gejat). Gelijk ik u op de avond zelf al mededeelde was ik zeer gesticht door de Gregoriaanse escapades van uw vereniging, verrukkelijk. Ik zie Virgiel reeds aan uw voeten liggen. Dat ik u middels deze brief een beetje in de zeik zet, moet u dan maar opvatten als “Nunc est urinatio Senatorum”. We bedoelen het goed, dat beseft u ook wel. En als u nou een beetje meer uw best doet en C.S.R. spoedig een fatsoenlijk wisselkaartje stuurt, dan kunt u voor ons helemaal niet meer stuk. Ik smart met wachten!


Namens alle leden der Civitas Studiosorum Reformatorum feliciteer ik u van ganser harte met uw aantreden als nieuw bestuur der VGSD. Ik wens u voor het komende jaar de allesbepalende zegen en hulp van onze Hemelse Vader toe en spreek tegelijkertijd de hoop uit, dat onze samenwerking plezierig en vruchtbaar mag zijn.

Ik heb met heel veel belangstelling de slotrede van uw voorganger, Am. Wouter van der Zee, aangehoord. De visie die hij verwoordde voor de VGSD, geldt eigenlijk voor C.S.R. in dezelfde mate. Ik hoop van harte dat zijn toekomstdromen bewaarheid mogen worden. Laten we als christelijke verenigingen in Delft vooral gezamenlijk voor Gods Koninkrijk gaan!

Wij hopen u de komende tijd vele malen in blakende gezondheid te ontmoeten!

Namens het voltallige bestuur Jochemsen teken ik met Amicale groet,


Harmen Talstra

h.t. abactis der C.S.R.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina