Aandoening van de gluteus medius



Dovnload 30.15 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte30.15 Kb.
INFORMATIE

Aandoening van de gluteus medius:

In biomechanische termen, kan de gluteus medius worden gezien als een deel van de abductoren, of de 'rotator cuff van de heup', net zoals de rotator cuff van de schouder. Functionele evaluatie van de heup abductoren met gebruik van MRI of EMG laat zien dat de gluteus medius, samen met de gluteus minimus, een belangrijke rol speelt in heup abductie, het gaan, en stabilisatie van het bekken tijdens het gaan en staan.1 De abductoren groep zorgt met name voor het lopen, wat resulteert in inclinatie van het bekken op het been waar gewicht op wordt genomen. Dit component van heup biomechanica vormt de basis van de trendelenburg's sign.2 Als er een gluteus medius/minimus dysfunctie is, staat het bekken omhoog bij het been waar gewicht op wordt genomen en naar beneden bij de zijde waar geen gewicht op wordt genomen, een positieve trendelenburg's sign is dan aanwezig.3

 

Bij het diagnosticeren van een scheur in de gluteus medius is het belangrijk om osteoarthritis van de heup uit te sluiten.



 

 

1. Kumagai M, Shiba N, Nishimara H, Inoue A. Functional evaluation of hip abductor muscles with use of magnetic resonance imaging. J Orthop Res 1997; 15: 888–93.



2. Hardcastle P, Nade S. The significance of the Trendelenburg test. J Bone Joint Surg Br 1985; 67: 741–6.

3. Trendelenburg F. Trendelenburg's test: 1895. Clin Orthop 1998; 355: 3–7.


ONDERZOEK
Tabel. Zenuwen plexus sacralis

Zenuw

Segment

Geinnerveerde spier

Huidtakken

n.gluteus superior

L4-S1

m. gluteus medius

m. gluteus minimus

m. tensor fascia latae





n.gluteus inferior L5-S2

L5-S2

m. gluteus maximus




n.cutaneus femoris posterior

S1-3




n. cutaneus femoris posterior

- nn. clunium inferiores

- rr. perineales (voor het sensibele-innervatie-gebied)


Directe takken uit de plexus










n.musculi piriformis

S1-2

m. piriformis




n.musculi obturatorii interni

L5-S2

m. obturatorii internus

mm. gernelli






n.musculi quadrati femoris

L4-S1

m. quadratus femoris





Motorische-innervatie gebied van de n. gluteus superior

Samen met de gelijknamige vaten verlaat de n.gluteus superior het kleine bekken door het foramen suprapiriforme. De zenuw loopt door het spatium intergluteale en innerveert de kleine gluteusspieren (m. gluteus medius en m. gluteus minimus) en de m. tensor fascia latae.


Aanwijzingen voor zwakte van de kleine gluteusspieren: teken van Trendelenburg en Duchenne-gang

1. Bij de gezonde mens kan het bekken bij staan op één been met behulp van de kleine gluteusspieren van de standbeenzijde in het frontale vlak worden gestabiliseerd.

2. Verlamming of zwakte van de kleine gluteusspieren, bijv. ten gevolge van een beschadiging van de n. gluteus superior door een niet correct toegediende injectie, uit zich in een duidelijke abductiezwakte van het betreffende heupgewricht; bovendien kan het bekken in frontale in het frontale vlak niet meer gestabiliseerd worden: bij het staan op één been zakt het bekken aan de gezonde zijde (zwaaibeenzijde) omlaag (positief teken van Trendelenburg)

3. Door overhelling van het bovenlichaam naar de aangedane zijde en daarmee verplaatsing van het zwaartepunt naar de standbeenzijde kan het bekken op de zwaaibeenzijde worden opgetrokken (Duchenne-gang). Uitval van de kleine gluteusspieren aan beide zijden leidt tot de typische waggelgang.


1. Anatomische atlas, prometheus. Algemene anatomie en bewegingsapparaaat. Michael Schunke, Erik schulte, Udo Schumacher, Markus Voll, Karl Wesker. p: 476 (copyright, mag niet gebruiken voor deductor…)

De uitvoering en wetenschappelijke evidentie van de twee belangrijkste testen worden beschreven in het kopje EBP die hieronder te vinden is.

Om inzage te geven in de testen is visueel beeldmateriaal verzameld.



Trendelenburg sign + gait/ambulation/het gaan (filmpje)

http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=Gnmrluh9-3Q

EBP
Quadas: Quality Assesment of Diagnostic Accuracy Studies

De Quadas helpt de lezer om duidelijkheid te krijgen over wat de BIAS in een studie voor invloed heeft gehad. Wanneer de Quadas score laag is, moet er kritisch gekeken worden naar de waarde van de studie. De Quadas bestaat uit een scoringssysteem van 14 punten die worden getoetst.

 

Utility scores:



1.     Evidence strongly supports the use of this test.

2.     Evidence moderately supports the use of this test

3.     Evidence minimally supports or does not support the use of this test

4.     ? The Test has not been researched sufficiently so we are unsure of its value

-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Trendelenburg’s Sign                                                                                       Utility 2



Study

Sensitiviteit (aantonen)

Specificiteit (uitsluiten)

QUADAS Score 0-14

Bird et al.4

73

77

11

Commentaar: De test wordt uitgevoerd tijdens het staan en bevestigd tijdens de ganganalyse.

 

1. De patiënt staat met de rug naar de therapeut.



2. De therapeut geeft instructies aan de patiënt om op 1 been te staan.

3. De therapeut observeert de hoeveelheid graden dat het been zakt bij de contralaterale pelvis tijdens het staan op een been

4. Confirmatie van een abnormale pelvic drop is nodig tijdens ganganalyse

5. De test is positief bevonden bij een asymmetische verlaging van de ene heup ten opzichte van de andere tijdens het staan op een been.

------------------------

 

Resisted Hip Abduction                                                                                               Utility 3



Study

Sensitiviteit (aantonen)

Specificiteit (uitsluiten)

QUADAS Score 0-14

Bird et al.4

73

46

11

Commentaar: Zwakte is geen positieve bevinding in deze test. De lage specificiteit heeft te maken met het testen van meerdere aandoeningen door deze test zoals bursitis en abductor tendinitis.

 

1. De patiënt ligt op zijn of haar zij.



2. De therapeut instrueert de patiënt om 45 graden abductie te maken van het been.

3. De therapeut geeft weerstand tegen de geabduceerde heup.

4. een positieve test is een reprodructie van de symptomen tijdens de test.

 

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------



Physical examination results. The sensitivity and specificity of the clinical signs in predicting a gluteus medius tear (partial or complete) were assessed using MRI as the surrogate gold standard. A positive Trendelenburg's sign provided the highest sensitivity and specificity overall. The results were as follows: Trendelenburg's sign sensitivity 72.7%, specificity 76.9%; pain on resisted hip abduction sensitivity 72.7%, specificity 46.2%; pain on resisted hip internal rotation sensitivity 54.5%, specificity 69.2%.

The intraobserver reliability (kappa score) for each of the 3 physical signs was calculated. Trendelenburg's sign demonstrated the highest intraobserver reliability. Kappa scores were as follows: Trendelenburg's sign 0.676 (95% confidence interval [95% CI] 0.270, 1.08), resisted hip abduction 0.625 (95% CI 0.155, 1.09), and resisted hip internal rotation 0.027 (95% CI −0.016, 1.10).

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

4. Bird PA, Oakley SP, Shnier R, Kirham BW. Prospective evaluation of magnetic resonance imaging and physical examination findings in patients with greater trochanteric pain syndrome. Arthritis Rheumatism. 2001;44:2138


BEHANDELING



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina