Algemeen examenreglement Versie goedgekeurd door de Academische raad d d. 15. 05. 2006 en zoals aangepast op 12. 06. 2006, op 11. 09. 2006 en op 10. 2006



Dovnload 104.67 Kb.
Pagina1/4
Datum28.08.2016
Grootte104.67 Kb.
  1   2   3   4
Algemeen examenreglement

Versie goedgekeurd door de Academische raad d.d. 15.05.2006 en zoals aangepast op 12.06.2006, op 11.09.2006 en op 9.10.2006

(afgehaald van: http://www.kuleuven.be/onderwijs/ aanbod2006/info/algemeen/n/060403.htm op 11.10.2006)

aangevuld met facultaire bepalingen (incl. wijzigingen facultair examenreglement zoals goedgekeurd door de faculteitsraad op 19.05.2006) op 11.10.2006. [Facultaire aanvullingen en afwijkingen op het examenreglement zijn in dit document tussen [] geplaatst en in vet aangeduid.]

Examenreglement van de K.U.Leuven 2006-2007


  • Onderafdeling 1 - Algemene bepalingen

  • Onderafdeling 2 - Organisatie van de examens

  • Onderafdeling 3 - Deelname aan de examens

  • Onderafdeling 4 - De examencommissies

  • Onderafdeling 5 - Verloop van de examens

  • Onderafdeling 6 - Beraadslaging

  • Onderafdeling 7 - Onregelmatigheden

  • Onderafdeling 8 - Mededeling en bespreking van de examenresultaten

  • Onderafdeling 9 - Herkansingen en geldigheid van creditbewijzen

  • Onderafdeling 10 - Examenregelingen voor bijzondere groepen

  • Onderafdeling 11 - Voorafnemen van opleidingsonderdelen uit volgende programmajaren

  • Onderafdeling 12 - Examens afgelegd in een andere instelling

  • Onderafdeling 13 - Examenombudspersoon

  • Onderafdeling 14 - Geschillenregeling

Vooraf

Dit reglement is ondergeschikt aan de decretale bepalingen in verband met het hoger onderwijs en hun uitvoeringsbepalingen. Deze teksten kunnen teruggevonden worden op www.kuleuven.be/admin/reglementen.htm.

Alle verwijzingen in deze regeling en dit reglement naar personen en functies slaan zowel op vrouwelijke als op mannelijke personen.

Waar in deze regeling en dit reglement sprake is van "de faculteit", betekent dit voor de Campus Kortrijk dat de subfaculteit daar de betrokken beslissing kan nemen.

Voor de begripsbepalingen wordt verwezen naar Titel I van het onderwijsreglement.

Artikel 1 (doelstellingen)

Dit reglement legt de regels vast die een vlot en correct verloop van de examens aan de K.U.Leuven moeten waarborgen. De taak van de examinator bestaat erin om na te gaan of een student over de competenties beschikt die vereist worden ten aanzien van een bepaald opleidingsonderdeel. De examencommissie heeft tot taak na te gaan of een student ten aanzien van de volledige opleiding of een deel ervan over de competenties beschikt die noodzakelijk worden geacht om daarvoor te slagen.

Elk examen dient zo te worden georganiseerd dat de student ten volle de kans krijgt de voor het opleidingsonderdeel vereiste bekwaamheid te bewijzen. Dit vraagt van de examinator, en van alle ter zake bevoegde organen, een constante zorg om een voor elk opleidingsonderdeel optimaal georganiseerde evaluatie te garanderen.

Artikel 2 (begripsbepaling evaluatie en examen)

Naargelang van de context wordt in dit reglement onder "examen" begrepen zowel het "examen" als de "evaluatie" zoals bedoeld in Titel I, 19° en 22° van het onderwijsreglement.


Onderafdeling 1 - Algemene bepalingen


Artikel 3 (toepassingsgebied)

Het algemene examenreglement is van toepassing op alle examens aan de K.U.Leuven waarvoor in het bijzonder examenreglement geen specifieke bepalingen zijn opgenomen of waarvoor geen afwijkende bepalingen zijn vastgelegd overeenkomstig de procedure beschreven in artikel 4.



Artikel 4 (aanvullingen en afwijkingen)

Elk faculteitsbestuur kan dit algemene examenreglement aanvullen met bijzondere bepalingen en criteria, voor zover ze niet in strijd zijn met de algemene. De aanvullingen worden ter kennisneming aan de coördinator Studentenbeleid bezorgd.

Afwijkingen van dit algemene examenreglement kunnen alleen worden toegestaan door de Academische raad - op gemotiveerd verzoek van een faculteitsbestuur of van de Interfacultaire raad Campus Kortrijk. De Academische raad bepaalt de geldigheidsduur van de toegestane afwijkingen.

Facultaire aanvullingen en afwijkingen worden zorgvuldig aan de studenten van de betrokken faculteit bekendgemaakt. [Facultaire aanvullingen en afwijkingen op het examenreglement zijn in dit document tussen [] geplaatst en in vet aangeduid.]


Onderafdeling 2 - Organisatie van de examens


Artikel 5 (examenperiodes)

Per academiejaar worden drie examenperiodes georganiseerd:


- de eerste examenperiode aan het einde van het eerste semester in de weken 17, 18 en 19 van het academiejaar;
- de tweede aan het einde van het tweede semester in de weken 38 tot en met 41; voor opleidingen (of delen ervan) die buiten het semesterexamensysteem blijven in de weken 38 tot en met 42;
- de derde na de zomervakantie in de weken 48 tot en met 51, tenzij de decaan beslist de examenperiode te openen bij het begin van week 47.

In uitzonderlijke individuele gevallen kan de examencommissie een examenperiode openhouden, maar voor de laatste examenperiode niet later dan 30 september. Voor studenten in uitwisselingsprogramma's van wie de resultaten voor het afgelopen academiejaar nog niet bekend zijn, kan uitzonderlijk nog na 30 september een beslissing genomen worden.



[De examens voor taalvakken en de verdediging van de verhandeling worden buiten de gewone examenperiode georganiseerd. Voor studenten die het laatste jaar van een tweede cyclus overdoen, wordt aan het einde van de eerste examenperiode een beraadslaging voorzien.]

Examenresultaten behaald in de eerste examenperiode worden vastgesteld door de beperkte examencommissie.

De examencommissies beraadslagen aan het einde van de tweede en eventueel derde examenperiode en voor de in het hiernavolgende lid bedoelde studenten op het einde van de eerste examenperiode. Zij vergaderen ook telkens wanneer dit nodig blijkt om zich over een onregelmatigheid uit te spreken.

Over studenten van het laatste jaar van de tweede cyclus van een uitdovende opleiding of het eindjaar van een voortgezette academische opleiding die voldoen aan de decretale minimumstudieduur evenals over de studenten uit een opleiding die voor alle opleidingsonderdelen ervan een resultaat hebben behaald in de eerste examenperiode, wordt beraadslaagd in die examenperiode.



Artikel 6 (deelexamens)

De door de faculteit aangewezen instantie [POC] kan beslissen dat over opleidingsonderdelen die over twee semesters worden georganiseerd, aan het einde van elk semester een deelexamen wordt afgenomen. Het relatieve aandeel van elk deelexamen wordt vastgelegd overeenkomstig de procedure van artikel 8, eerste lid.



Artikel 7 (bijzondere examineertijdstippen voor volledige opleidingsonderdelen)

De door de faculteit aangewezen instantie [faculteitsbestuur] kan beslissen dat de studenten buiten de gewone examenperiodes geëxamineerd worden:


1° over andere onderwijsleeractiviteiten dan hoorcolleges;
2° over opleidingsonderdelen die gedoceerd worden door gasthoogleraren of door professoren die gedurende een examenperiode reglementair afwezig zijn;
3° indien zij deelnemen aan uitwisselingsprogramma's met andere universiteiten of hogescholen.

De door de faculteit aangewezen instantie [faculteitsbestuur] waakt over een evenwichtige spreiding van de beoordelingsmomenten bedoeld in de artikelen 7 en 8.



Artikel 8 (partiële en permanente evaluatie)

De door de faculteit aangewezen instantie [POC] kan toestaan dat voor opleidingsonderdelen die uit verscheidene onderwijsleeractiviteiten bestaan, deze activiteiten afzonderlijk geëvalueerd worden. De titularis richt daartoe een voorstel aan de door de faculteit aangewezen instantie [POC] De vastlegging en eventuele aanpassing van de examenvormen verloopt overeenkomstig artikel 27, 1ste lid van dit examenreglement.

De door de faculteit aangewezen instantie [POC] houdt bij haar beslissing ten minste rekening met deze elementen:
- de omschrijving van de onderwijsleeractiviteiten;
- het relatieve aandeel van de verscheidene onderwijsleeractiviteiten in het definitieve examencijfer
- de wijze van evalueren en de tijdstippen van de evaluatie;
- de mededeling door de titularis van de resultaten van de afzonderlijke evaluaties aan de studenten;
- eventueel de mogelijkheid om, voor zover het een onderwijsleeractiviteit anders dan een hoorcollege betreft, het resultaat van de deelbeoordeling ook in het examencijfer van de tweede en desgevallend de derde examenperiode op te nemen.

De door de faculteit aangewezen instantie [POC] kan ook voor een volledig opleidingsonderdeel een vorm van permanente evaluatie goedkeuren. Zij legt de voorwaarden ervan vast, voor zover mogelijk rekening houdend met de elementen vermeld in het tweede lid van dit artikel.



Artikel 9 (tussentijdse toetsen)

De resultaten van tussentijdse toetsen georganiseerd ter oriëntering van de eerstejaarsstudenten van een bacheloropleiding, worden niet verrekend in de eindresultaten.



Artikel 10 (tijd en plaats)

Buiten de periodes of tijdstippen vermeld in artikelen 5 tot 8 kan behoudens toepassing van artikel 49 of een erkende overmachtssituatie, vastgesteld door de coördinator Studentenbeleid, geen examen op geldige wijze worden georganiseerd.

Alle examens worden, behalve bij overmacht vast te stellen door de voorzitter van de examencommissie, afgenomen in een lokaal van de universitaire campus.

Artikel 11 (openbaarheid)

De student die dit wenst kan een waarnemer het mondelinge examen laten bijwonen. De waarnemer kan geen student van hetzelfde programmajaar zijn of een student die in datzelfde academiejaar door de betrokken examinator moet worden ondervraagd, evenmin als een bloed- of aanverwant tot in de vierde graad. De student verwittigt ten minste zeven dagen voor een examen de voorzitter van de examencommissie zoals bepaald in artikel 12, 2de lid van dit examenreglement en de examenombudspersoon, die de betrokken examinator tijdig op de hoogte brengt. De waarnemer kan enkel schriftelijke notities nemen.

De examinator kan in overleg met de door de faculteit aangewezen instantie [voorzitter van de examencommissie] een lid van het academisch personeel vragen een examen bij te wonen.

Artikel 12 (examenregeling)

De volledige en gedetailleerde examenregeling wordt op een door elke faculteit te bepalen wijze [via de valven en via de website van de faculteit] publiek bekendgemaakt ten minste vijf weken voor het begin van de eerste, respectievelijk de tweede examenperiode en twee weken voor het begin van de derde examenperiode.

De examenregeling vermeldt voor elke examenperiode ook de naam van de voorzitter en de secretaris van de overeenkomstig artikel 19 van dit reglement bevoegde beperkte examencommissie en van de examencommissie, de naam van de examenombudspersoon en ook, indien van toepassing de datum van beraadslaging.

De bevoegde administratieve dienst stelt de examenregeling op. Alle examinatoren delen binnen de vastgestelde termijn mee op welke halve dagen zij voor het examineren niet beschikbaar zijn, er rekening mee houdend dat het aantal halve dagen waarop zij wel beschikbaar zijn de minimaal vereiste examentijd ruim moet overtreffen.

De studentenvertegenwoordigers kunnen voorstellen met betrekking tot de opstelling van de examenregeling indienen tot de door de faculteit bepaalde datum. De examenombudspersoon en in de mate van het mogelijke ook de studentenvertegenwoordigers worden betrokken bij de definitieve opstelling van de examenregeling.

Examinatoren en studenten houden zich strikt aan de vastgelegde examenregeling. Examens kunnen enkel om een zwaarwichtige reden verplaatst worden. De examenombudspersoon oordeelt daarover soeverein en treft in dat geval een nieuwe regeling.




  1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina