Anw in het nieuws



Dovnload 141.95 Kb.
Pagina3/3
Datum25.08.2016
Grootte141.95 Kb.
1   2   3

Inenting miljoenen jongeren


UN, 12 januari 2002
Alle 3,5 miljoen jongeren tot 18 jaar moeten worden ingeënt tegen de meningokokken bacterie type C. Dit stelt de Gezondheidsraad in een advies aan minister Borst van Volksgezondheid.

Het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieuhygiëne in Bilthoven (Rivet) is reeds begonnen met de voorbereidingen van het gigantische vaccinatieprogramma, dat 113 miljoen euro zou kosten. Het instituut is verantwoordelijk voor de inkoop en de verdeling van de vaccins. Het RIVM kan onmogelijk zelf zo'n grote hoeveelheid vaccins aanmaken. De koop wordt aanbesteed bij drie Europese producenten. De hele logistieke operatie zal, vanaf het fiat van de minister, een jaar in beslag nemen.

GGD Nederland verwacht dat de minister op korte termijn akkoord zal gaan met het opnemen van de pneumokokken­C in het vaccinatieprogramma voor baby's. Jaarlijks worden 300.000 kinderen geboren. Gisteren overleed in Amersfoort een 2 jarige jongen na een meningokokken besmetting.

Afgelopen zomer werden alle 4500 kinderen in de Brabantse plaatsen Zevenbergen en Klundert ingeënt tegen meningokokken C, nadat twee kinderen waren overleden. Minister Borst vond een landelijke inentingscampagne toen overbodig, omdat de C variant maar zo weinig voorkwam. De meeste doden vallen door meningokokken B.

Het aantal besmettingen met meningokokken C is de laatste jaren echter sterk gestegen. Volgens een woordvoerder van de bewindsvrouw is de kans groot dat ze het advies van de Gezondheidsraad overneemt. Meningokokken C kunnen hersenvliesontsteking of bloedvergiftiging veroorzaken. In 1999 werden 80 gevallen met de meningokokkenziekte geregistreerd, in 2000 waren dat er 105. In de eerste tien maanden van 2001 was dit aantal opgelopen tot 222. Tot die tijd was de meningokokken C tamelijk onbelangrijk.

Behalve tegen meningokokken C wil de Gezondheidsraad dat kinderen ook tegen pneumokokken worden beschermd. Tegen pneumokokken is inenting als zuigeling nodig. Dit vaccin, dat sinds kort verbeterd is, moet een combinatie gaan vormen met de DKTP  en Hib vaccins in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP).


ANW-vraag: Een ingrijpende operatie: miljoenen jongeren moeten ingeënt worden. Is het risico op besmetting echt zo groot?




Gekloond varken stoot niet af

Volkskrant, 5 januari 2002

Twee onderzoeksgroepen, een Amerikaanse en een Schotse, hebben gelijktijdig bekendgemaakt varkens te hebben gekloond met een genetische aanpassing, waardoor varkensorganen in theorie zonder afstoting naar mensen kunnen worden getransplanteerd.
De Amerikanen rapporteren in Science (3 januari) vier biggetjes, de Schotten (van het bedrijf dat eerder het schaap Dolly produceerde) vijf: Noel, Angel, Star, Joy en Mary kwamen overigens in een Amerikaans lab ter wereld. Allemaal missen ze het 1,3 alfa galactosyl gen dat een bepaald suiker op varkenscelwanden maakt, waarop het afweersysteem van de mens heftig reageert.

De productie van deze zogeheten knock out varkens komt nog geen twee jaar na de eerste gekloonde varkens. De gebruikte gen techniek werd eerder al met succes toegepast in muizen.

Afweerreacties zijn de belangrijkste belemmeringen voor xenotransplantatie, waakbij dierorganen worden overgezet in mensen. Tot nog toe kan dat alleen als de afweer van een patiënt wordt onderdrukt, wat tot complicaties kan leiden. Afgezien van ethische aspecten is overigens ook discussie over het gevaar van besmettingen met diervirussen bij xenotransplantatie.

Volgens beide onderzoeksgroepen zijn de gekloonde biggetjes, het restant van een veel groter aantal probeersels, tot nog toe gezond gebleken, op één Amerikaanse na. Die heeft een oogafwijking en abnormaal kleine oren.



ANW-vraag: Xenotransplantatie is weer een stapje dichterbij gekomen. Zou je zelf met een varkensnier willen leven als er geen alternatief was? Mogen we speciaal daarvoor genetisch gemanipuleerde varkens fokken?



Met klonen is nog heel wat mis


Volkskrant, 12 jauari 2002
Gewrichtsaandoeningen, gespleten gehemelte en nog engere ziektes vertonen veel dieren die door klonen ter wereld zijn gekomen. Een bewijs dat deze techniek niet deugt, zeggen sommigen. Toch maar doorgaan met de ontwikkeling ervan, stellen anderen.

s'Werelds beroemdste schaap Dolly heeft artritis. Bij het eerste gekloonde zoogdier ter wereld is deze gewrichtsaandoening geconstateerd aan de heup en knie van de linkerachterpoot. De ouderdomskwaal is tamelijk zeldzaam bij schapen van 5 jaar en treedt volgens deskundigen bovendien zelden op aan de achterpoten. De aandoening geeft daarom opnieuw voer aan de theorie dat Dolly eigenlijk `een oud dier in een jong lichaam' is. Het schaap werd immers gekloond uit een uiercel van een 6 jaar oude ooi. Dolly zou dus eigenlijk 11 zijn.

De wetenschappelijke vader van Dolly, de Britse onderzoeker dr. Ian Wilmut, dacht de kloon door een soort hongerkuur verjongd te hebben en daarmee de interne DNA klok te hebben teruggezet. Wilmut is verbonden aan het Roslin Institute in Schotland, dat Dolly in 1997 in opdracht van het biotechbedrijf PPL op de wereld zette.

Deze week bekende Wilmut, die zelf de publiciteit heeft gezocht over Dolly's artritis, echter dat er meer onderzoek moet worden verricht naar de langetermijneffecten van klonen. Daarbij krijgen ook andere ouderdomsziekten en kanker aandacht. Dolly wordt overigens tegen haar kwaal behandeld.

Dolly's sores overschaduwde een nieuw wapenfeit in de jonge geschiedenis van het klonen: de geboorte van vijf varkentjes op eerste kerstdag op de Amerikaanse vestiging van PPL. De vijf biggetjes zijn gekloond met een genetische aanpassing. Ze missen een gen dat een suiker maakt op varkenscelwanden, waarop het afweersysteem van de mens heftig reageert. Deze zogeheten knock out varkens zouden daarom een stap voorwaarts betekenen in de xenotransplantatie. Naast andere risico's staat afstoting het inbrengen van organen van varkens bij de mens in de weg.

Van de Schots Amerikaanse biggen wordt gemeld dat ze in gezonde toestand verkeren. Dat kan niet worden gezegd van hun soortgenoten die gelijktijdig in de VS ter wereld kwamen. Van de zeven biggetjes vertoonde er eentje een gespleten gehemelte en het dier stikte kort na geboorte. Een tweede big stikte eveneens en vertoonde gewrichtsafwijkingen aan de poten. Ook de derde had daarmee te kampen. Dat dier stierf zeventien dagen na de geboorte. Het bleek een verdikte hartwand te hebben.

Van de vier nog levende biggen is er slechts één helemaal normaal. Twee vertonen aandoeningen aan de pootgewrichten en ééntje heeft kleinere oorflappen, geen adequate gehoorgangen en een oogafwijking bovendien. Ook andere onderzoeken naar gekloonde dieren leiden tot waslijsten van catastrofale orgaangebreken – met name aan hart, longen en nieren. Ook een gemankeerd immuunsysteem wordt vaak gerapporteerd, vooral een tekort aan witte bloedcellen. Soms doen zich bizarre ziekten voor die nog nooit bij de onderhavige diersoort zijn voorgekomen.

En dat is nog slechts het leed van klonen nadat de dieren ter wereld zijn gekomen. Om één geslaagde kloon te fabriceren zijn honderden eicellen nodig en tientallen draagmoeders. Velen daarvan kampen met spontane abortussen en andere implantatiestoornissen. Degenen die dit slagveld overleven, komen dikwijls met fors overgewicht ter wereld.

Een kloon maken is zogezegd een schot in het duister, honderd keer mis en één keer raak. De conceptie van Dolly vergde 276 eicellen. Dit misklonen als gevolg van de inefficiënte kloontechniek en vooral de talrijke lichamelijke afwijkingen aan zogenaamd geslaagde klonen, hebben Britse dierenbeschermingsorganisaties ertoe gebracht onverwijld stopzetting van het klonen te eisen.

ANW-vraag: Heeft klonen nog wel een toekomst als je alle nadelen leest?





Onderzoek naar genetisch veranderde gewassen verdwijnt uit Nederland

Advanta stopt met gentech


Trouw, 12 januari 2002

Van onze redactie economie



BILLAND   Advanta Zaden, een van de grote zaadveredelaars in Nederland, stopt met pentech­nologie. Daarmee verdwijnt een flink deel van het onder­zoek naar genetisch verander­de landbouwgewassen uit Ne­derland. Advanta ziet geen commerciële mogelijkheden meer voor deze techniek.
Volgens Kees Noome, coördinator biotechnologie van Advanta, is de terughoudendheid bij de Neder­landse en Europese consument over het gebruik van gentechno­logie in voedingsmiddelen de re­den voor het besluit. „De grond­houding van de consument is in principe niet negatief, maar hij heeft toch het gevoel dat hij le­vensmiddelen die genetisch zijn veranderd niet zal kopen." Het rapport van de commissie Ter­louw over eten en genen heeft niets aan dat besluit bijgedragen. „Ons besluit is van de zomer al genomen, maar er is geen rucht­baarheid aan gegeven. Het rap­port van Terlouw bevestigt wel het beeld dat wij hadden van de argwaan bij de consument. Ik zie dat de komende jaren ook niet veranderen."

Advanta heeft in de afgelopen jaren nog geen genetisch veran­derde zaadkorrel verkocht. „Het ligt nog allemaal op de plank. Er is gewoon geen markt voor in Eu­ropa. Dan is het commercieel niet realistisch meer om ermee door te gaan. We sluiten ons laborato­rium en proberen die zaden nog te verkopen in de VS. Daar is de houding over gentech wel posi­tief', aldus Noome.


Advanta heeft in de afgelopen jaren enkele miljoenen gestopt in de ontwikkeling van pengewas­sen. „Op het hoogtepunt van die onderzoeken, zo'n vijf jaar gele­den, maakte het tien procent van het totale onderzoeksbudget uit. In Nederland was dat vijf miljoen gulden", zegt de Advanta zegs­man. Het concern is enkele jaren geleden al begonnen met het af­bouwen van de veldproeven met genetisch veranderde gewassen, omdat minister Pronk (milieu) drie jaar geleden besloot daarvoor geen nieuwe vergunningen meer af te geven. Noome betreurt het dat Advanta na vijftien jaar re­search ook het laboratoriumwerk moet stoppen. Volgens directeur Rob Jansen van de koepel van bio­technologische bedrijven in Ne­derland (NIABA) is het besluit van Advanta ook te wijten aan ondui­delijk overheidsbeleid. „De ene minister stimuleert en de andere houdt de boot af. Het wordt tijd dat de overheid eenduidig kiest voor stimulering van biotechno­logie. Doen ze dat niet dan heeft dat zowel voor de economie als voor de wetenschap in Nederland gevolgen."

ANW-vraag: Is dit het einde van genetisch veranderd voedsel? Of missen we de boot, en zijn we over enkele jaren volledig afhankelijk van de VS?




ANW in het NIEUWS, nummer 5 St. Bonifatius College, Utrecht




1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina