Archief stichting 100 jaar heidebloempje essen



Dovnload 0.76 Mb.
Pagina10/12
Datum22.07.2016
Grootte0.76 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12

INDIEN ZINVOL, VERWERKT IN CHRONOLOGISCH OVERZICHT BOND

BIJLAGE I.



Handgeschreven uittreksels uit het eerste verslagboek Polderzonen (1906-1907-1909-1910) door schrijver Frans Bril. (zie bijlage III, 2e deel)

Uit het Eerste Verslagboek van 'De Vlaamsche Katholieke Polderzonen

Studentengilde, gesticht op 4 Januari 1904.
Eerste ingeschreven Verslag: Vergadering van 6 september 1906 te Stabroek. Waren afwezig: o.m. Lod. De Schutter, Corn. De Schutter.

---


Vergadering van 4 april 1907 te Stabroek:

'Zoolang reeds droomden wij van een bondslied dat wij zouden kunnen laten schallen op vergadering en feest en ons van verre zou doen kennen. Eindelijk, de woorden zijn er. Het muziek zal volgen. De dichter Corn. De Schutter las ons daarenboven nog een stel andere gedichten voor.'

---

Zitting van 16 september 1909:



Voor de eerste maal luidt het verslag aldus:

'De vergadering wred geopend met het teeken des + en 't zingen van 't bondslied'.

---

Vergadering van 31 maart 1910 te Stabroek:



'Talrijk opgekomen waren onze vrienden. Heel veel en heel goed werk werd er afgedaan. In één woord het was een best gelukte vergadering...

Nu kwam ons missionaris C. De Schutter aan het woord. Allen horen wij nog de zindering van zijn stem, de aandoening die doorklonk in zijn woord als hij zijn afscheid sprak, en hoe hij ons roerde door het uitzeggen van zijn heerlijk priesterzendelings-ideaal. Daarna sprak hij ons over de verstandelijke Liefde. Een prachtige voordracht. Spijtig dat ik zijn woord niet kan laten herleven. De gedachten alleen kan ik koud weergeven. Zoo: Wij moeten dan kennen het verleden: Vlaanderen, zijn geschiedenis, zijn kunstroem. Ons eigen maken de echte Vlaamsche deugden. Trouw aan taal en land en kunstliefde. We moeten ook Vlaanderen kennen in het heden: zijn welstand en zijn nood, zijn deugden en zijn gebreken. Daardoor zullen wij dan worden sociale werkers op elk gebied. Zoo gereed tot den strijd mogen wij blij de toekomst inzien.

Juichend handgeklap begroette die schoone voordracht. Wij danken er onze vriend voor die gaat vertrekken naar de verre landen. Wij zullen steeds aan hem denken als een trouwe vriend en echt Vlaamsch strijder. Ook onze hulp is altijd voor hem. Na nog wat over en weer geklap over ons vlaggefeest werd er besloten één of twee tooneelavonden in te richten onder 't groot verlof ten voordeele van C. De Schutter.'

De Schrijver Bril Frans

---

Verslag van de vergadering van 11 Oogst 1910



...

Onze vriend, de Eerwaarde Pater De Schutter, nam daarna het woord; zijn eerste was in verband met 't voorgaande: Wat de Duitschers en Engelschen niet hebben, dat hebben wij: een Ideaal! Strijdlust! Nog zegde hij: Zijt mannen van de daad, durf jongens die eigen werk door eigen daad afdoet. Dan sprak hij ons zijn laatste afscheid toe, vroeg hulp voor zijn werk ginder in 't verre land, en dankte voor alles wat wij reeds gedaan hebben en nog zouden doen.

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage I

(zat tussen blz. 29 en 30)


BIJLAGE III, deel 1.

Strijdlied der Vlaamsche Katholieke Polderzonen.

STRIJDLIED der Vlaamsche Katholieke Polderzonen

Opgedragen uit vriendschap aan de Vlaamsche broeders 'De Polderzonen'

Woorden van C. De Schutter

Muziek van F. Swinnen
1

Ziet de treurende akkers lijnen

Rijp voor stille en vroege dood;

Looden rust drukt op de pleinen

Looden rust drukt op de pleinen.

Schreeuwt het uit in schelle seinen:

Taal en godsdienst zijn in nood.
Refrein:

De Polderzonen vuist omzwaard

Zijn immer 't schoone Vlaandren waard.

Vooruit! Het kleppe storm en brand,

En wij herscheppen 't oude land!
2

Schelde, met uw vruchtbaar vloeien,

Breng gij aan onz' blonde gouw

Kracht om heerlijk op te bloeien,

Kracht om heerlijk op te bloeien.

Zo moet 't groote Vlaandren groeien

Uit ons liefde en houwe trouw.
3

Hier klonk eens de taal der helden

Als 'n siddering van metsel,

Die de luide zege relde,

Die de luide zege relde.

Hoort weer trillen onze velden

Van ons eigen Vlaamsche taal.
4

Zangen komen aangevaren

Hoort! en laat ons schallend lied

Zege-joelend ermee paren,

Zege-joelend ermee paren:

Uit de kleine knapenscharen

Groeit het groote mannendiet!
Muziekdrukkerij Jan Bouchery, Hopland 22 Antwerpen

Van de gedrukte muziekpartituur zijn nog twee eksemplaren bij:

Fr. Bresseleers

De Beukelaerlaan 13

EKEREN

(wellicht met andere info door Bresseleers opgestuurd aan Em.Van Hemeldonck)



verslagboek I Polderzonen, losse bijlage III, 1e deel

BIJLAGE III, deel 2.



Getypte versie uittreksels uit eerste verslagboek 'Polderzonen' (1906-1907-1909-1910); zie bijlage I (zo goed als identiek?)

UITTREKSELS uit: Eerste Verslagboek van

'De Vlaamsche Katholieke Polderzonen'

Studentengilde

Gesticht op 4 januari 1904
Eerste ingeschreven Verslag: Vergadering van 6 september 1906 te Stabroek. Waren afwezig: o.m. Lod. De Schutter, Corn. De Schutter.

---


Vergadering van 4 april 1907 te Stabroek:

'Zoolang reeds droomden wij van een bondslied dat wij zouden kunnen laten schallen op vergadering en feest en ons van verre zou doen kennen. Eindelijk, de woorden zijn er. Het muziek zal volgen. De dichter Corn. De Schutter las ons daarenboven nog een stel andere gedichten voor.'

---

Zitting van 16 september 1909:



Voor de eerste maal luidt het verslag aldus:

'De vergadering wred geopend met het teeken des + en 't zingen van 't bondslied'.

---

Vergadering van 31 maart 1910 te Stabroek:



'Talrijk opgekomen waren onze vrienden. Heel veel en heel goed werk werd er afgedaan. In één woord het was een best gelukte vergadering...

Nu kwam ons missionaris C. De Schutter aan het woord. Allen horen wij nog de zindering van zijn stem, de aandoening die doorklonk in zijn woord als hij zijn afscheid sprak, en hoe hij ons roerde door het uitzeggen van zijn heerlijk priesterzendelings-ideaal. Daarna sprak hij ons over de verstandelijke Liefde. Een prachtige voordracht. Spijtig dat ik zijn woord niet kan laten herleven. De gedachten alleen kan ik koud weergeven. Zoo: Wij moeten dan kennen het verleden: Vlaanderen, zijn geschiedenis, zijn kunstroem. Ons eigen maken de echte Vlaamsche deugden. Trouw aan taal en land en kunstliefde. We moeten ook Vlaanderen kennen in het heden: zijn welstand en zijn nood, zijn deugden en zijn gebreken. Daardoor zullen wij dan worden sociale werkers op elk gebied. Zoo gereed tot den strijd mogen wij blij de toekomst inzien.

Juichend handgeklap begroette die schoone voordracht. Wij danken er onze vriend voor die gaat vertrekken naar de verre landen. Wij zullen steeds aan hem denken als een trouwe vriend en echt Vlaamsch strijder. Ook onze hulp is altijd voor hem. Na nog wat over en weer geklap over ons vlaggefeest werd er besloten één of twee tooneelavonden in te richten onder 't groot verlof ten voordeele van C. De Schutter.'

De Schrijver Bril Frans

---

Verslag van de vergadering van 11 Oogst 1910



...

Onze vriend, de Eerwaarde Pater De Schutter, nam daarna het woord; zijn eerste was in verband met 't voorgaande: Wat de Duitschers en Engelschen niet hebben, dat hebben wij: een Ideaal! Strijdlust! Nog zegde hij: Zijt mannen van de daad, durf jongens die eigen werk door eigen daad afdoet. Dan sprak hij ons zijn laatste afscheid toe, vroeg hulp voor zijn werk ginder in 't verre land, en dankte voor alles wat wij reeds gedaan hebben en nog zouden doen.'

De Schrijver Bril Frans

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage III, 2e deel

BIJLAGE IV, deel 1.

Antwoord van Emiel Van Hemeldonck aan Frans Bressleers augustus 1971.

E. VAN HEMELDONCK Vosselaar

22 augustus 1971
De Heer Frans BRESSELEERS

De Beukelaerlaan 13

2070 EKEREN
Waarde Vriend!
Van harte dank om Uw vriendelijk schrijven en de meegaande documentatie. Deze laatste heeft mij uitstekend gediend bij het uitspreken van een In Memoriam op het uitvaartmaal.
Ik zend U een doodsprentje voor Uw verzameling. Vroeg of laat hoop ik eens de gelegenheid te hebben van de muziekpartituur van het studentenlied een fotocopie te laten maken.
Met hartelijke groeten

Uw

handtekening



Em. van Hemeldonck

In handschrift: Uw brief deed mij echt veel genoegen. Het is altijd aangenaam gelijkvoelende mensen te ontmoeten. Hartelijke groeten aan uw echtgenote, een kennis van de tijd van de vlaamse meisjes.

E. Van Hemeldonck

P.S. Bij de begrafenis van Lutens was ik even in gesprek met Van Overstraeten (V.T.B.), zocht dan naar U en moest tot mijn ontgoocheling vaststellen dat U spoorloos verdwenen was...

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage IV, 1e deel

BIJLAGE V.



Schrijven van L. Dries aan Frans Bresseleers maart 1968.

L. Dries


Zwaluwenlei 22

Edegem


Edegem, 3 maart 1968.
Waarde Heer,
Met dank las ik Uw kaartje van 1 l.l. Het betreft inderdaad mijn oom, die de schrijver was van de Polderzonen, in die periode. Ik ben blij te weten dat het 'archief' bij U berust. Misschien dat ik later dat eens mag komen raadplegen...? Het feit echter dat mij op dit ogenblik bezig houdt, is het weten 'waarom hij in 1914' de Leuvense universiteit moest verlaten'. Daar de jaren 11-19 ontbreken, zal er wel niets te vinden zijn over dat feit. Doch leven er te Ekeren nog leden uit die tijd, die er misschien iets zouden over kunnen voortvertellen?

Met oprechtedank voor Uw antwoord en de meeste hoogachting.

L. Dries

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage V

BIJLAGE VI.

Nota in verslagboek I tussen blz.78-79.

Studentengilde 'De Vl. Kat. Polderzonen'

Vergadering van 17-8-1920

Verslaggever: Studentenlid E. Van Aelst

later Pastoor-Deken te Ekeren

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage VI




BIJLAGE VII.

Nota in verslagboek I tussen blz.80-81.

Samenstelling nieuw bestuur 1931

Jos is hier schrijver

verslagboek I Polderzonen, losse bijlage VII


NIET GEDATEERD.



Handgeschreven mededeling omtrent de herinrichting.

Geen datum, nog nagaan: schrijver De Keyser, voorzitter Pater Kerstens

Studentenbond Polder (Eekeren)

Herinrichting

Voordracht door den Voorzitter Pater Kerstens om onze jongens aan te moedigen om onzen heringerichtte Bond welhaast te doen bloeien.

Bestuursverkiezing (voorloopig)

Schrijver

De Keyser

AMVS

3. BONDSOVERZICHT PROEFSCHRIFT LOUIS VOS.



Gemeente : Ekeren-Kapellen

Naam of leuze : De Vlaamsche katholieke polderzonen

Werking :

- activiteit : 1918-19, 1920-21, 1921-22, 1922-23, 1923-24, 1924-25, 1928-29, 1932-33

- De Blauwvoet : 1920-21, 1922-23, 1923-24

- De Student : 1920-21, 1921-22, 1928-29



Bijzonderheden :

- dubbelbond waarin Ekeren de hoofdtoon voerde

- vergaderingen : één tot twee in kerst- en paasvakantie, een drietal in de grote vakantie

- bondslied geschreven door Korneel de Schutter, op muziek gezet door Firmin Swinnen

- bondsvlag, ontworpen door Joe English

- bond had een kerels- en knapenafdeling

- toneel

Bestuur :

- 1920-21 : afgevaardigde : W. Schramm

- 1924-25 : voorzitter : Piet Kerstens

schrijver : De Keyser

- 1932-33 : voorzitter : E.H. Jos Aertsens

ondervoorzitter : Tom Huybrechts

schrijver : J. van Dyck

schatbewaarder : J. van der Steen

vaandrig : Ach. Kuylen

Bronnen : A.A.S., Aa1, Ab3 Ab4, Ab6; De Student, De Blauwvoet, Encyclopedie van de Vlaamse beweging

4. BROCHURE FRANS BRESSELEERS.


- in zijn geheel behouden

- wel stukken proberen in te voegen in I. chronologisch bondsoverzicht


BROCHURE GESCHIEDENIS VAN DE STUDENTENBOND

“VLAAMSCHE KATHOLIEKE POLDERZONEN”

(1904 – 1945)
door FRANS BRESSELEERS

En hier staan we, ‘t hoofd omhoge,

vlamme in ‘t herte, vlamme in d'oge,

en ons naam ons trillen doet:

VLAAMSCHE KATHOLIEKE POLDERZONEN!
We beginnen deze geschiedenis met een variante op het bekende vers van Roden-bach, de bezieler destijds van de Vlaamse studentenbeweging: met dergelijke strijdkreet worden we dadelijk teruggebracht in de romantische sfeer van de vroegere studentenbonden, ook van onze studentenbond, die men kortweg noemde: "De Polderzonen".
Wij hebben deze geschiedenis geschreven in 1973, naar aanleiding van de geplande plechtigheid waarop de bondsvlag in bewaring zou worden gegeven aan de Centrale van de gemeentelijke openbare bibliotheken te Ekeren voor opname aldaar in de afdeling "Dokumentatie Antwerpse Noorderpolders".

Er kon geen spraak zijn de meer dan veertig jaren bondsleven van "De Polderzonen" tot in de kleinste details te behandelen. Wij moesten ons beperken tot het hoofdzakelijke. Dit wensen we duidelijk vooraf te zeggen aan degenen, die ons nadien zouden meedelen: "Er was ook nog dit" of "Wij weten ook nog het volgende", iets wat wij wellicht ook weten, maar wat wij wegens de beperkte plaatsruimte moesten achterwege laten.

Om in de tijdgeest van onze studentenjaren te blijven, hebben we, naar de voorschriften van de toenmalige "Kleine Mechelsche Catechismus", de geloofswaarheden van deze historiek gesteund op de Schriftuur én op de Apostolieke Overleveringen. De Schriftuur in dit geval zijn de twee dikke verslagboeken, die wij na de likwidatie van "De Polderzonen" mochten overerven voor ons persoonlijk archief. De Apostolieke Overleveringen omvatten de mondeling overgeleverde waarheden door de nog in leven zijnde oud-leden of getuigen van de studentenbond in kwestie.

In onze geschiedenis van "De Polderzonen" zullen we achtereenvolgens behandelen:

1. de stichting en de stichters

2. De leden

3. Het bondsleven

4. Het bondslied

5. De bondsvlag.

1. De stichting en de stichters

De studentenbond "Vlaamsche Katholieke Polderzonen" werd gesticht op 4 januari 1904, tijdens de kerst- en nieuwjaarsvakantie van studenten en seminaristen. De datum van de stichting staat duidelijk aangegeven op de titelbladzijde van het eerste verslagboek. Over de stichters en de plaats waar de bond tot stand kwam, wordt niets vermeld. Volgens sommige oud-leden gebeurde de stichting in "De Blauwhoef" te Stabroek.

Na de titelbladzijde van het eerste verslagboek zijn vier pagina's blanco gebleven, wellicht met de bedoeling hierop later één en ander te schrijven over de stichting en de stichters. Dit is echter - spijtig genoeg - nooit gebeurd.

Het eerste ingeschreven verslag is dit van een vergadering te Stabroek op 4 september 1906, hetzij ruim twee jaar na de stichting van de bond. In dit verslag staan de namen van de aanwezigen niet aangegeven,

maar wel die van de afwezigen, wat voor ons van belang is: we leren immers daarmee enkelen van de allereerste leden kennen. We vermelden hier de afwezigen met of zonder voornaam, zoals we die aantekenden uit het verslag: Lod. De Schutter, Corn. De Schutter, Ed. Janssens, J. Huybrechts, Wouters, Ferd. Bril, Jos Janssens, Jacobs, Van Loock, Jan Meyer, Delannoy, De Bièvre. Het is niet onmogelijk, dat er onder deze afwezige leden mede-stichters van de studentenbond geweest zijn.

Het eerste punt van de dagorde was de herkiezing van het bestuur.

Werden gekozen: Voorzitter: H. Van Oeckel;

ondervoorzitter: P. Danis;

schatbewaarder: Eug. Truyens;

schrijver: Lod. Bril.

Voor meer inlichtingen hebben we ons gewend tot de oudste nog inleven zijnde oud-leden van het studentengilde. De eerste, die we konden raadplegen, was E.H. Lodewijk De Schutter, geboren te Wilmarsdonk in 1883. Van hem,werd in 1919 nagenoeg met zekerheid gezegd, dat hij maximum nog veertien dagen in leven kon blijven wegens longziekte. Hij is echter nadien nog "pastoor" geweest in het Begijnhof te Antwerpen van 1924 tot 1972. Hij overleed aldaar op 13 september 1972. Toen wij hem in 1971 interviewden en hem spraken over "De Polderzonen", veerde hij op, en "'t hoofd omhoge, vlamme in 't herte, vlamme in d'oge" getuigde hij: "De tijd van de studentenbond was ne schone tijd, niewaar! Maar over de stichting en de stichters van onze bond herinner ik me niks meer, neen gare niks meer. Vraag dit eens aan Mr. Bril van Stabroek".

De naam Bril komt meermaals voor in de verslagen v66r en na de eerste wereldoorlog. De verslagboeken vermelden verschillende "Bril-len", evenals verschillende "De Schutter-s", "Huybrechts-en" en "Johnson-s". Er was een Frans Bril uit Stabroek, die als schrijver van de studentenbond heel wat verslagen heeft neergepend en die in de studentenbeweging van ons poldergewest zeer aktief moet geweest zijn. Een tijdlang studeerde Frans Bril aan de universiteit te Leuven. Tijdens de eerste wereldoorlog nam hij als vrijwilliger dienst in het leger en sneuvelde in 1916. ln de krypte van de IJzertoren staat tussen de geredde heldenhuldezerkjes ook de zerk van Frans Bril met het onderschrift: "Studentenleider".

De raadsman, ons aangeduid door de pastoor van het Antwerpse Begijnhof, was echter niet Frans Bril, maar E.H. Lodewijk Bril, geboren te Stabroek in 1888, later inspekteur op het sekretariaat van de Katholieke Scholen te Antwerpen, thans rustend-priester in het Aalmoezenier-Cuypersgesticht te Stabroek. Deze schreef ons het volgende: "Mijn overtuiging is, dat de eerste vergadering werd gehouden in de zaal bij de herberg "Blauwhoef". Daar waren studenten uit het middelbaar en het hoger onderwijs aanwezig. Als voornaamste promotors dienen vermeld: L. De Schutter, student in de geneeskunde te Berendrecht; Jaak Bril, die later voor veearts studeerde, en Rik Van Oeckel uit Kapellen”.



1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina