Archief stichting 100 jaar heidebloempje essen



Dovnload 0.76 Mb.
Pagina11/12
Datum22.07.2016
Grootte0.76 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12

Naar aanleiding van dit schrijven hebben wij de vraag gesteld: Werd op die eerste vergadering de studentenbond werkelijk gesticht? Zo ja, dan werden "De Polderzonen" geboren in een welgekende herberg van de Antwerpse Polder, gelegen in het centraal gedeelte van Stabroek-Oorderen-LiIlo-Berendrecht. Een herberg of drankhuis lijkt ons niet slecht geschikt voor dergelijke aangelegenheid: er is daar meteen voldoende water en ander vocht ter beschikking voor de doopplechtigheid. Toch weten wij, door eigen beleving, dat later slechts werd vergaderd in parochiale lokalen, hoofdzakelijk in een giIdehuis, of zoals een verslag in 1939 zegt "in 't muffe zaaltje van 't patronaat te Ekeren" of ook soms "in 't kajotsterszaaltje" en "in 't bibliotheekhokje" (1936). E.H. Lod. BriI heeft nadien ons nog geschreven: "Ik peins, dat ge de stichting met zekerheid moogt plaatsen als geschied in de "Blauwhoef". Alleszins is de studentenbond "De Polderzonen" in het leven gekomen in het jaar1904 op 4 januari d.i. twee dagen voor het Feest van de H.H. Driekoningen of het "Feest der Wijzen".



2. De leden
Volgens het reglement van 9 apriI 1912 kon Iid zijn van "De Polderzonen": elke katholieke student van het kanton Ekeren "en omstreken". In de bond waren toen studenten van Stabroek, Berendrecht, Zandvliet, Ekeren, Oorderen, WiImarsdonk, Brasschaat, Kapellen en Kapellen-Putte. Daar Merksem geen eigen studentenbond had, waren er ook Merksemnaren, zoals E.H. Constant Roosens en M. Meyer, aangesloten bij "De Polderzonen".

Volgens een later reglement van 11 augustus 1921 werden nog enkel katholieke studenten van het kanton Ekeren als Iid aanvaard en niet meer die van "de omstreken". Om Iid te kunnen worden moest men studeren:



  1. in het middelbaar onderwijs, oude of nieuwe humaniora vanaf de vierde;

  2. in het normaalonderwijs vanaf het 2de jaar;

  3. in het hoger onderwijs.

Verdere voorwaarden tot het lidmaatschap waren: overtuigde Vlaamsgezindheid en goed gedrag. Benevens de gewone leden telde de bond ook ereleden. Afgestudeerde studenten waren steeds welkom; zij hadden echter slechts een raadgevende stem. Leerlingen van lagere klassen werden niet uit de vergaderingen geweerd; zij hadden evenwel geen beraadslagende stem.

Na 1930 bestond de bond nagenoeg uitsluitend uit studenten van de gemeente Ekeren. Het reglement van 23 juli 1938 bepaalde dan ook, dat voortaan alleen studenten van Ekeren waren toegelaten tot het lidmaatschap. Dit laatste reglement werd trouwens ondertekend door een bestuur, dat was samengesteld uit Ekerenaars:

Voorzitter: Jan WiIdiers;

ondervoorzitter: Maurits Lenaerts;

schrijver: Ward De Ridder;

schatbewaarder: Lode Huybrechts;

vaandrig: André Ceulemans (volgens het reglement werd de vaandrig gekozen door het bestuur, maar hij was geen lid van het bestuur).

Het is ons onmogelijk al de voorzitters en de bestuursleden hier te vermelden wegens het te grote aantal. Het aantal bestuursleden is zo groot, omdat zij slechts mochten blijven regeren tijdens hun studentenjaren. Het bestuur moest daarom ieder jaar gekozen of herkozen worden.

Een ledenaantal vinden we in de verslagen niet aangegeven voor het jaar 1932. In 1936 bestond de bond uit 47 leden. Het hoogste aantal leden, dat de bond ooit telde, althans volgens de verslagen, bedroeg: 70.
Tijdens de periode 1932-1945 waren gemiddeld een dertigtal studenten aanwezig op de vergaderingen en de andere aktiviteiten van de bond. Op heden, achtentwintig jaar na de ontbinding van het studentengild, zijn er nog meer dan honderd oud-leden in leven. Moest men thans nog een optocht kunnen houden van al degenen, die ooit lid zijn geweest van "De Polderzonen" sedert de stichting van de studentenbond in 1904, dan zou men in het défilé bemerken: monseigneurs; kanunniken; pastoors; dekens; "petits-vicaires"; scheutisten en andere missiona-

Rissen; jezuïten, dominikanen, norbertijnen, franciskanen, redemptoristen en andere paters; leden van het Ruusbroecgenootschap; schepenen; gemeentesekretarissen; gemeenteontvangers; advokaten; ingenieurs; notarissen; huis-, tand- en veeartsen; apothekers; letterkundigen; toondichters; schoolinspekteurs; school-

Direkteurs; professoren; leraars; onderwijzers...
Hierna volgt een lijst met namen van leden sedert de stichting van de bond tot zijn ontbinding in 1945. Wij hebben lang geaarzeld of wij een ledenlijst zouden geven: elke I ijst zal immers onvolledig blijven. Wegens veelvuldig aandringen van oud-leden publiceren wij.deze lijst. Wij vermelden alleen de leden van wie wij de naam gevonden hebben in één van de verslagboeken. Het spreekt vanzelf, dat er benevens de hierna vermelde leden nog anderen lid kunnen geweest zijn. Van sommige leden hebben wij tussen haakjes aangegeven het jaartal en de gemeente of de woonplaats in hun studentenjaren.
3. Het bondsleven
Het doel, dat "De Polderzonen" beoogden, wordt in artikel één van het reglement aangegeven als volgt: "Verbroedering bewerken tussen de "katholieke studenten van de streek (in 1930 wordt dit: van de gemeente) om de betrachting van hoger Vlaming en hoger katholiek zijn degelijk te bewerkstelligen".
Het reglement vermeldt de volgende middelen, waarmede de studenten dit doel willen bereiken:

- eigen boekerij of bibliotheek;

- vergaderingen waarop lezingen, voordrachten en boekbesprekingen worden gehouden;

- eigen toneelopvoeringen;

- bijwonen van gewest- en gouwdagen;

- eigen bondslied enz.


De éénenveertig jaren bondsleven van "De Polderzonen" kunnen we nagenoeg indelen in drie perioden:

de eerste periode loopt van de stichting tot 1922;

de tweede periode van 1923 tot 1931;

de derde periode van 1932 tot de ontbinding van de bond in 1945.


Tijdens de eerste periode lag de werking van de bond verspreid over heel de Antwerpse Polder en de randgemeenten. Die werking was zeer intens, zeker tot 1911. Van de jaren vlak v66r en tijdens de eerste wereldoorlog staat geen enkel verslag in het verslagboek. Toch lag de werking niet stil, want we weten

o.m. dat in 1915 een lange spreekbeurt werd gehouden te Stabroek over O'Connell, de Ierse bevrijdingsheld, door L. Moereels, de huidige pater-jezuïet van het Ruusbroecgenootschap. Na de eerste wereldoorlog wordt tijdens de jaren 1919-1922 een drukke bedrijvigheid vastgesteld bij "De Polderzonen".


Over de periode van 1923 tot 1931 vindt men in het verslagboek enkel een korte samenvatting. Na een buitengewoon gelukte gouwdag te Wuustwezel in 1923 lijkt het of "De Polderzonen" een tijdje op hun lauweren zijn gaan rusten. Er volgen minder drukke jaren, tijdens dewelke vooral E.H. Pieter Aertssens en Pieter Kerstens de studentenaktie In leven trachtten te houden. Het werkgebied van de studentenbond begon zich toen te beperken, eerst tot Ekeren met Kapellen en Putte en later tot Ekeren alleen.

Na 1931 volgen voor "De Polderzonen" nog tweemaal zeven vette jaren, met leiders van formaat en met een grote studentenaktiviteit. Tijdens deze periode heeft vooral E.H. Jos Aertssens een zeer voorname rol gespeeld: hij was de bezieler van de bond zeker tot omstreeks 1940.


We gaan nu de verschillende aktiviteiten van de studentenbond elk afzonderlijk even nader omschrijven.
A. DE BOEKERIJ.
In het begin noemde men de boekerij ook wel "de boekenkast". Aan "de boekenkast" werd groot belang gehecht vooral tijdens de eerste levensjaren van het gild. Dit moet ons niet verwonderen, want bij de aanvang van de 20ste eeuw waren de openbare bibliotheken nog weinig in aantal. Tot voor 1907 bestonden in heel ons poldergewest slechts twee openbare bibliotheken, namelijk te Oorderen en te Berendrecht, en dan waren het nog maar omgevormde schoolbibliotheken, verbonden aan de avondkursus voor volwassenen. In 1907 kwam er een eerste openbare bibliotheek in de gemeente Ekeren op het gehucht Sint-Mariaburg, in 1909 te Stabroek, in 1910 te Ekeren-Centrum en in 1913 te Ekeren-Donk.
Door het bestuur van de studentenbond werden aan de leden vooral boeken aanbevolen in de lijn van het bondsstreven, dat zij bondig formuleerden in het

A

VVK "Alles voor Vlaanderen en Vlaanderen voor Kristus".



V
Dit motief schreven de studenten boven hun werken, ook in de school.
Voor het bedrag van het lidmaatschap (in het begin 50 centimes per jaar) kregen de leden boeken in bruikleen van de bondsbibliotheek.
B. DE VERGADERINGEN.
Er werd vergaderd tijdens de kerst-, paas- en zomervakantie. Voor de wereldoorlog van 1914-1918 deden meerdere studenten van de polder- en randgemeenten hun middelbare studies in internaten, vooral in het Klein Seminarie te Hoogstraten en te Mechelen.
Op de vergaderingen hielden de studenten spreekbeurten over allerlei onderwerpen: wetenschappelijke, godsdienstige en literaire. Na de vergadering bleven de aanwezige leden altijd nog een tijd onder mekaar in gezellig gepraat en gekout, afgewisseld door liederen. Een verslag in 1941 luidt als volgt: "De kachel was uitgebrand en de vergadering ook, maar ons ideaal bleef in ons branden als één liefdegevoel voor God en Vlaanderland!"
De geschiedenis van onze studentenbond zou te beknopt kunnen genoemd worden, wanneer hierin geen enkel woord moest voorkomen over de houding van de hoge geestelijkheid tegen het streven van de Vlaamse studentenbeweging. In het eerste verslagboek van "De Polderzonen" kan men dan ook lezen in 1907 over het ongenoegen bij de studenten, toen de geestelijke overheid de volledige vervlaamsing van het

middelbaar en het universitair onderwijs weigerde. En na de eerste wereldoorlog kwam de strijd van de hoge geestelijkheid tegen het A.KV.S. (Algemeen Katholiek Vlaams Studentenverbond).


C. DE GEWEST - EN GOUWDAGEN.
Voor dergelijke aangelegenheden ontvingen de leden een geldelijke tegemoetkoming. Op een gewestdag te Brasschaat in 1934 waren studentenbonden aanwezig van Deurne, Merksem, Kalmthout, Essen, Schoten, Wijnegem, Ekeren en Brasschaat.
De gewest- en gouwdagen waren voor de studenten gelegenheden om met kracht uiting te geven aan hun vlaamsgezindheid. Heel veel zou er kunnen aangehaald worden i.v.m. de regelmatig weerkerende gewest- en gouwdagen. De beperkte plaatsruimte laat het hier niet toe. Toch willen we speciaal vermelden de for-

midabele gouwdag te Wuustwezel op donderdag 23 april 1923, tijdens de paasvakantie. "De Polderzonen" keerden van deze gouwdag weer met hun bondsvlag zonder stok. het verslagboek meldt, dat de vlaggestok ginder was verloren geraakt. Doordat de Vlaamse Meisjesbond van Wuustwezel meewerkte aan de gouwdag, was niet enkel de vlaggestok verloren geraakt, maar had de schrijver van deze kroniek als

Polderzonen er ook zijn hart verloren. De vlaggestok moet wel meer kwijt gespeeld zijn, want in 1936 meldt de verslaggever Jos Andriessen in een postscriptum: "Als bewijs van erkentelijkheid voor de opbrengst van de Driekoningenstoet schonk de Missienaaikring van Ekeren een nieuwe vlaggestok, waarnaar we al

lang hadden uitgekeken".


D. EIGEN TONEELOPVOERINGEN.
Wie ooit de gesch1edenis wil schrijven van het toneelleven in de Polder of in de gemeente Ekeren, zal van "De Polderzonen" volstrekt de verslagboeken en de losse archiefstukken moeten raadplegen. In de verslagboeken staan" toneelavonden door de studenten aangegeven vanaf het jaar 1906. Voor de repetities en de opvoe-

ringen in andere gemeenten moesten de studenten zich verplaatsen per fiets of met een stoomtrammeke. De opvoeringen stonden op een hoog peil. Dit bewijzen de uitslagen, die "De Polderzonen" behaalden bij hun deelneming aan het gemeentelijk toneeltornooi te Ekeren. In het archief van de studentenbond vonden we

programma’s van de hierna volgende toneelopvoeringen door het "Kath. VI. Studentengild Ekeren" in de Sint-Lambertuszaal te Ekeren:

1933 - 3 sept. - De Klucht van Meester Patelin (C. Lindemans)

- De Simpele (J. Boon C.SS.R.)

Ten voordele van de missie van Mgr. Matthijsen, apostolisch prefekt in Kongo.

1934 - 9 sept. - De verschijning van den IJzeren Man

- Zware Hostiën (J. Boon C.SS.R.)

Voor de missie van E.P. Lauwers, redemptorist.

1935 - 8 sept. - De Duivelschuur (C. Lindemans)

- De Moord in de Kolmessergasse (A. Bergen)

Voor de missie van E.P. Roosenboom.

1936 - 6 sept. - Marten De Haas (C. Lindemans)

- Het valse etiket (G. Nielen)

Voor de missie van E.P.J. Scheyvaerts.

1937 - 12 sept. - Ferdinand Verbiest (Cyriel Verschaeve)

Voor de Ekerse missionarissen

Deelname aan het gemeentelijk toneeltornooi Ekeren.

1938 - 11 sept. - Radeske (Anton Van de Velde)

Voor de Ekerse missionarissen

Deelname aan het gemeentelijk toneeltornooi Ekeren.

1941 - 14 sept. - Zuur en Zoet (J. Grosfeld en G. Nielen)

- De afgedankte sopraan.

1942 - 13 sept. - De kleine wever Johannes (Y. Wagemans)

- Hans Worst (Anton Van de Velde).
E. DE DRIEKONINGENSTOETEN.
In de periode voor en tijdens de tweede wereldoorlog werden door de studentenbond naast de oude aktiviteiten ook nieuwe ingevoerd, zoals de jaarlijkse Driekoningenstoet en de voetbalmatchen. Tijdens de Driekoningenstoet onder het nieuwjaarsverlof bedelden de verklede studenten voor de missies en voor de Eker-

se missienaaikring. Daar onder de tweede wereldoorlog het kontakt met de missionarissen in de vreemde landen verbroken was, schonken de studenten de opbrengst van hun bedeltocht aan Winterhulp voor de noodlijdenden van de gemeente.


VOETBAL was voor de Ekerse studenten een geliefkoosde sporttak geworden. Het moet gezegd: in de verslagboeken zijn de verslagen over de voetbalmatchen lang niet de kortste noch de minst gedetailleerde. Er werd gevoetbald tegen de kollega's-studenten van Stabroek, Brasschaat, Kalmthout, St.-Antonius-Brecht. Te

Ekeren voetbalden de studenten op "De Vink" en "op 't stadion van 't Venneke". Natuurlijk speelden "De Polderzonen" in zwart-gele kleuren.


F. UITSTAPPEN EN TREKTOCHTEN.
Tijdens de vakantiedagen hielden de studenten erg veel van uitstappen of van wandel-, fiets- en trektochten in groepsverband. Meer dan eens werd te voet of met de fiets een tocht ondernomen naar de abdij van de Trappisten te Westmalle. De meest geliefde tochten waren die naar de vijver van "Jan Kloon" tussen Scho-

ten en Sint-Job-in-'t-Goor. De verslagen van de tochten naar die zwemgelegenheid zijn machtig.


G. IJZERBEDEVAARTEN.
Een verslag dd. 22 oogst 1937 begint aldus: "Voor de eerste maal sinds hun bestaan richtten "DE POLDERZONEN" een tocht in naar de IJzerbedevaart te Diksmuide". Zoals we verder zullen vermelden, was een groep van vier Polderzonen reeds aanwezig op de allereerste Ijzerbedevaart in 1920.
Het is ons onmogelijk een volledige opsomming te geven van alles wat de studentenbond heeft gepresteerd tijdens zijn bestaan. Toch willen we nog even vermelden dat "De Polderzonen" in 1912 het eeuwfeest hebben gevierd van de geboorte van Hendrik Conscience. In 1909 hadden zij Rodehbach herdacht: bij de onthul-

ling van Rodenbachs standbeeld te Roeselare waren enkele Polderzonen aanwezig.

Speciaal dient ook vermeld de deelname van "De Polderzonen" aan de welgelukte tentoonstelling in de grote Sint-Lambertuszaal op 3 oktober 1937 ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van Davidsfonds-Ekeren. De grote bedrijvigheid door het ijverige bestuur en de leden van de studentenbond toen aan de dag gelegd,

heeft ons werk zeer vergemakkelijkt bij het opsporen van de namen der oud-leden. "De Polderzonen" behaalden in deze tentoonstelling de tweede prijs in de algemene rangschikking, na de toneelkring "Kunst na Arbeid".


Van de twee lijvige verslagboeken behandelt het tweede boek uitsluitend de zeer aktieve periode van 1938 tot de ontbinding van de bond in 1945. Het verslag van het nieuwjaarsfeest op 7 januari 1942 vermeldt o.m.: "Werk, oorlog, koude en rantsoenering kunnen "De Polderzonen" niet beletten hun oude traditie voort te

zetten, eerst in ‘t vroede en dan in 't sotte". En werkelijk, zowel tijdens de duur van de mobilisatie in 1938-1940 als tijdens de periode van de tweede wereldoorlog hebben "De Polderzonen" krachtdadig en ononderbroken hun werking voortgezet. Gedurende de oorlog heeft de studentenbond zich bovendien op een

biezondere wijze ten dienste gesteld om bij de bevolking de nood te helpen lenigen. De studentenleuze luidde alsdan: "Tot alle hulpvaardigheid bereid!"
De laatste vergadering van de studentenbond werd gehouden op 6 april 1945 tijdens de paasvakantie. Heel wat studenten verbleven toen nog in West-Vlaanderen, waarheen zij met hun kollege of school gevlucht waren om hun studies ginder voort te zetten, daar de streek rond Antwerpen onvei lig was geworden wegens de

15 V-bommen. Nadien werd het studentengild "Vl. Kath. Polderzonen" ontbonden, nadat elders op vele plaatsen de studentenbonden reeds hadden opgehouden te bestaan, doordat aldaar andere organisaties zoals K.S.A. waren gekomen. Het laatste ingeschreven verslag is dit van de vergadering op 6 april 1945. Op deze vergadering werd nog een spreekbeurt gehouden door Herman Lenaerts over de toekomst van het studentengild. Welke toekomst door de spreker voorspeld werd, staat niet aangegeven. Maar in de verslagboeken vernemen we niets meer over een verdere werking:, het was het einde van de 'studentenbond "De Polderzonen".


4. Het bondslied
In het verslag van een vergadering gehouden te Stabroek op 4 april 1907 lezen: we: "Zo lang reeds droomden wij van een bondslied, dat wij zouden kunnen laten galmen op vergadering en feest, en dat ons van verre zou doen kennen. Eindelijk, de woorden zijn er en de muziek zal er komen!"
Die muziek kwam er inderdaad, want de vergadering van 16 september 1909 werd volgens het verslag "geopend met het teken des + en met het zingen van het bondslied".
In het archief bewaren wij van het bondslied een gedrukt eksemplaar met tekst en muziek, uitgegeven door de Muziekdrukkerij Jan Bouchery, Hopland 22, Antwerpen. Het bondslied, getiteld "Strijdlied der Vlaamsche Katholieke.Polderzonen", werd getoonzet door Firmin Swinnen op tekst van Cornelis De Schutter. Wij laten hier

enkele biografische gegevens volgen over de tekst- en over de toondichter.


DE TEKSTDICHTER, Corneel De Schutter, missionaris van Scheut, werd geboren te Kapellen op 3 maart 1887. Hij staat vermeld als lid van "De Polderzonen" in het eerste ingeschreven verslag van 6 september 1906. Wij vermoeden, dat hij een mede-stichtend lid van de studentenbond is geweest. Zeker was hij één van de

allereerste leden.

Corneel De Schutter had schrijvers- en dichterstalent. De tekst van het bondslied is in verre na niet het enige gedicht, dat uit zijn pen is gevloeid.
Op 11 oogst 1910 tijdens een vergadering te Stabroek sprak Corneel De Schutter zijn afscheidswoord tot zijn medeleden van de studentenbond. Kort nadien zou hij als missionaris vertrekken naar China. "Allen", zo meldt het verslag, "horen nog de zindering van zijn stem, en de aandoening die doorklonk in zijn woord, toen hij zijn afscheid sprak".
Pater Corneel De Schutter vertrok uit onze gewesten in 1910, en in de lange periode tot aan zijn dood in 1971 is hij niet éénmaal teruggekeerd in het vaderland. Hij was missionaris in China van 1910 tot 1953. Toen hij China gedwongen moest verlaten, werd hij missionaris in de Fi lippijnen. Hij overleed op 84-jarige ouderdom te Taytay (Manilla) op 6 augustus 1971, na 61 jaar ononderbroken dienstbaarheid in ‘t missiegebied.
Een plechtige zieledienst te zijner nagedachtenis werd opgedragen te Kapellen op 21 augustus 1971. Tijdens het uitvaartmaal werd door de letterkundige Emiel Van Hemeldonck, oud-lid van de studentenbond, een "In Memoriam" uitgesproken over de tekstdichter van het bondslied der Polderzonen. Dit "In Memoriam" ver-

scheen in "Komaan", het driemaandelijks tijdschrift uitgegeven door het Klein-Seminarie te Hoogstraten voor leerlingen en oud-leerlingen, jg. 1971, nr. 4.


DE TOONDICHTER, Firmin Swinnen, werd geboren te Scherpenheuvel in 1885. Hij studeerde aan het Kon. VI. Konservatorium te Antwerpen en volgde er de lessen van orgel bij Jos Callaerts en van kontrapunt bij Jan Blockx. Gedurende een viertal jaren was hij organist in de kerk te Herselt en nadien, van 1911 tot

1914, in Sint-Walburgis te Antwerpen. In 1914 week hij uit naar Engeland. Daar gaf hij koncerten ten bate van de Vlaamse vluchtelingen tijdens de eerste wereldoorlog. Via Nederland ging hij in 1916 naar Amerika in

Philadelphia. Hij werd er orgelist in bioskopen (het was toen nog de periode van de stomme film). Later werd hij organist bij de heer Du Pont, een fabrikant in nylonkousen. Hier beschikte hij over een orgel met 270 registers. In 1964 kwam hij voor het laatst nog over naar België met zijn vrouw, die in 1969 overleed. Tijdens zijn

laatste levensjaren verbleef Firmin Swinnen in het gesticht "Your Home Trustees" te Wilmington in de stad Delaware, U.S.A. Hier overleed hij kinderloos op 18 april 1972.


Benevens meerdere orgelkomposities en een Spaanse dans publiceerde hij drie liederbundels. Zijn liederen zijn dichterlijk lief in populaire trant.
De biografische gegevens over de toondichter Firmin Swinnen werden ons meegedeeld deels door zijn neef, E. Pater Swinnen o.praem., leraar aan het St.-Michielskollege te Brasschaat-Vriesdonk, en deels via de heer Edw. Kerstens door E. Pater Timmerman, norbertijn van de abdij van Tongerlo.
Wij hebben niet kunnen achterhalen hoe het gekomen is, dat "De Polderzonen" de Kempense toondichter Firmin Swinnen hebben gekozen voor het komponeren van hun bondslied. Sommigen menen, dat hij ook voor andere verenigingen had gekomponeerd en zo naam had gemaakt.
5. De bondsvlag
De vlag dateert van 1910: het jaartal staat aangegeven op de vlag,. die ontworpen werd door Joe English. Naar men ons heeft meegedeeld, zouden ook de vlaggen van de volgende .studentenbonden ontworpen geweest zijn door Joe English:

- Verbondsvlag Leuven 1908;

- Studentenbond van Berlaar: de vlag werd gedeponeerd in het IJzermuseum te Diksmuide;

- "Vlaamsch en Volks", studentenbond van Mol: de vlag werd gedeponeerd in de Witherenabdij van Postel; ons meegedeeld door E.H. Aug. Derdin, pastoor van St.-Lambertusparochie Ekeren en oud-lid van "Vlaamsch en Volks";

- "Dietsche Diest", studentenbond van Diest;

- Studentenbond van Avelgem;

- Studentenbond van Roeselare: de vlag wordt bewaard in het Klein Seminarie te Roeselare.

- Gouwvlag Oost-Vlaanderen (1913): in bewaring bij R. De Cauwer, Klein Seminarie Sint-Niklaas;

- "Vlaamsch en Vrij", studentenbond van Beveren (1912): vlag bij R. De Cauwer, Sint-Niklaas..

- "Het Heidebloempje", studentenbond van Essen-Kalmthout (1911): de vlag wordt bewaard in het heemkundig museum "Gerard Meeusen", gemeentehuis Essen.


De mooie foto van onze vlag hebben we bekomen door toedoen van E.H.K. Jacobs, aalmoezenier van het Godshuis te Ekeren en oud-lid van de studentenbond "Sterk door Werk" van Grimbergen. Vol enthousiasme voor de tekening van Joe English liet hij de vlag fotograferen door A. Condes, fotograaf, Steenstraat 72, Ekeren.
Joe English werd geboren te Brugge op 5 augustus 1882. Zijn vader, een geboren Ier, had zich te Brugge gevestigd als kunstborduurder. Zijn moeder, Maria Dinneweth, stamde uit een oude Brugse familie. Er heerste een kunstminnende atmosfeer in de huiskring. Joe volgde de lessen aan de Akademie te Antwerpen bij

Juliaan De Vriendt. In 1910 huwde hij met Elisa Goedemé, een muzikale vrouw. Uit hun huwelijk sproten twee kinderen.


In 1914 moest Joe English dienst nemen in het leger. Als soldaat tekende hij aan het IJzerfront taferelen uit de eerste wereldoorlog. Welbekend zijn van hem de sluitzegels van het S.K.V.H. (Sekretariaat van Kath. VI. Hoogstudenten), alsook zijn tekeningen in het "Gebedenboek van den Vlaamschen IJzersoldaat", zijn

vele karikaturen en zijn schilderij "Onze-Lieve-Vrouwke van den Ijzer". Hij maakte het ontwerp van de heldenhuldezerkjes.


Joe English overleed kortstondig aan een blindedarmontsteking op 31 augustus 1918. Hij werd op 3 september 1918 te Steenkerke begraven. In 1931 heeft men zijn stoffelijk overschot overgebracht naar de krypte van de IJzertoren.
Kort na de eerste wereldoorlog, op 4 en 5 september 1920, had een Joe English-hulde ptaats te Veurne en te Steenkerke. Deze plechtigheid werd de eerste Ijzerbedevaart. Op deze eerste Ijzerbedevaart, die in het teken stond van een hulde aan Joe English, waren vier leden van de studentenbond "Vl. Kath. Polder-

zonen" aanwezig: de letterkundige Emiel Van Hemeldonck, de muziekleraar Edw. Kerstens, zijn broer Frans z.g., en de schrijver van deze historiek.


E.H. Aloïs De Schutter, erepastoor-deken van Lier en oud-lid van "De Polderzonen", vertelde ons, dat Joe English meer dan eens in Ekeren is geweest:mogelijk stond zulks in verband met de te ontwerpen vlag van de studentenbond.
In de verslagboeken wordt niets vermeld over de wijze waarop de vlag er gekomen is, wel over "het vlaggefeest" d.i. de feestelijke dag waarop de vlag "gewijd en ingehuldigd" werd. Dit "vlaggefeest" had plaats op 7 april 1910, samen met een gouwdag te Ekeren en met een Hullebroeckavond. Het "vlaggefeest" was degelijk voorbereid, want "alle Polderzonen wilden dat het schoon zou zijn en ten volle moest lukken".
Na de ontbinding van het studentengild werd de vlag in bewaring gegeven in de dekenij te Ekeren. E.H. Em. Van Aelst, pastoor-deken te Ekeren, was een oud-lid van "De Polderzonen", en - het moet gezegd worden! - hij is steeds zeer bezorgd geweest en gebleven voor de bondsvlag. Af en toe werd de kleurrijke vlag

gevraagd voor tentoonstellingen. Alleen mits degelijke waarborgen werd zij dan in bruikleen gegeven. Op verzoek van dhr. Jozef Van Overstraeten, voorzitter van V.T.B. prijkte de vlag in het bondsgebouw van V.T.B. te Antwerpen op de Joe English-tentoonstelling in mei 1967.


Wij hebben nergens kunnen lezen hoeveel de vlag gekost heeft. Wel menen wij te weten, dat zij betaald is met het geld dat door de studenten werd opgehaald bij de bevolking, en met de opbrengst van hun toneelfeesten.
Toen E.H. Deken Van Aelst Ekeren verliet in 1968, gaf hij formeel opdracht de

vlag van zijn studentenbond immer in ere te houden.


Op 4 augustus 1971 verscheen in de krant "De Standaard" onder de rubriek "Beknopt Verslag" het volgende bericht: "Voor een licentiaatsverhandeling koos Paul De Baere, St.-Jorisstraat 4 te Brugge, als onderwerp het leven en het werk van Joe English. Wie schilderijen of grafiek van Joe English kent, kan kontakt opnemen met Paul De Baere". Nog diezelfde dag lieten wij naar Brugge weten, dat de studentenbond "De Polderzonen" een bondsvlag bezat, die getekend werd door Joe English en dat deze vlag nog steeds bewaard bleef.
Vijf dagen later meldde ons Rik De Ghein, algemeen sekretaris van de IJzerbedevaart: "We zijn zeer sterk geïnteresseerd om de vlag van "De Polderzonen" in het IJzermuseum over te brengen. We hebben reeds de studentenvlag van Berlaar, die eveneens ontworpen werd door Joe English; zij is in het museum tentoonge-

steld".
Met toelating van E.H.E. Van der Auwera, pastoor-deken te Ekeren, deden we kort nadien opsporingen naar de bondsvlag in het gebouw van de dekenij, dat lange tijd onbewoond was gebleven. We vonden echter de vlag niet. Er restte ons nog een kleine hoop; één kamer was op slot en niet toegankelijk. Twee dagen later bracht Juffr. Maria Wiercx van het Parochiaal Sekretariaat triomfantelijk de vlag bij ons thuis: een werkleider van de gemeente had de vlag gevonden; veilig lag zij achter slot op de niet toegankelijke kamer in de dekenij. Maar jammer: de vlaggestok en de mooie speer op de top ontbraken. Met speciale opdracht van burgemeester Frans Palinckx deed de werkleider van de gemeente opsporingen in de dekenij naar de vlaggestok en de speer. Helaas 'vruchteloos!


Op 22 augustus 1971 richtten wij een schrijven aan 22 oud-leden van de studentenbond: wij vroegen hun zich akkoord te willen verklaren om de bondsvlag af te staan aan het museum van het I Jzermonument. Na de ontbinding van de studentenbond was er ooit spraak geweest tussen enkele oud-leden, dat de vlag misschien

best en meest veilig zou gedeponeerd worden in het museum van het IJzermonument.


Bij deze oud-leden was o.a. E.H. Jos Adriessen s.j. van het Ruusbroecgenootschap. Er werd echter nooit verder over beraadslaagd noch een definitieve beslissing genomen, en zo was de vlag steeds gebleven waar zij veilig was: in de dekenij te Ekeren.
Op 24 november 1971, drie maanden na de verzending van ons rondschrijven aan de 22 oud-leden, was de akkoordverklaring bij ons nog altijd niet weergekeerd: blijkbaar werd er terdege gewikt en gewogen en bleek de vlag een stuk van hun hart.
Om te weten waar de brief bleef hangen, informeerden we bij het oudlid Jan Wi1diers, tandarts te Antwerpen. Zijn antwoord: "Gaarne akkoord met het voorstel de vlag over te maken aan het IJzermuseum, mits de overhandiging zal geschieden op een waardige en passende wijze, bijvoorbeeld op het "Hof De Bist" als Kultu-

reel Centrum van Ekeren". Hij zou zulks onmiddellijk telefonisch voorstellen aan de schepen Frans Tiest te Ekeren, eveneens oud-lid van "De Polderzonen". Nog geen uur nadien ontvingen we in onze woning de eerste schepen van Ekeren. Hij kwam ons het grote plan Tiest-Wildiers uiteenzetten voor het overmaken van

de bondsvlag. Begrijpelijk moest er eerst nog over gesproken worden met de heer Burgemeester en de kollega's in het schepenkollege. "Maar", zo verzekerde hij, "indien het plan Tiest-Wildiers wordt uitgevoerd, moet gij de geschiedenis van de studentenbond schrijven". Wij gingen met dit voorstel akkoord.
Met het oog op .de geplande plechtigheid van de vlagoverhandiging werd een beperkte vergadering gehouden op het gemeentehuis te Ekeren op 12 januari 1972. Hier waren aanwezig: de heren Fr. Tiest en Bruno Peeters,. schepenen van Ekeren, alsook Jan Wildiers, tandarts, en de schrijver van deze historiek. De overmaking van de vlag leek een passende gelegenheid voor een Ekerse Kultuurdag, waaraan al de kultuur- en jeugdverenigingen van Ekeren zouden meewerken. Het bleek echter, dat de meningen om de vlag over te maken aan het museum van het IJzermonument gewijzigd waren en dat drie van de vier aanwezigen de vlag als eigen kultuurbezit in Ekeren wensten te bewaren: volgens hen was een zeer geschikte plaats hiervoor de gemeentelijke bibliotheek, waar reeds tal van waardevolle stukken en dokumenten berusten in de afdeling "Dokumentatie Antwerpse Noorderpolders". Hiertegen werd door Fr. Bresseleers opgeworpen, dat zulks niet strookte met de uitspraak van de 22 geraadpleegde oud-.leden van de studentenbond, die allen op één na hadden geopteerd voor het museum te Diksmuide. Mogelijk hadden meerderen van hen niet voor Diksmuide maar voor Ekeren geopteerd, indien

zij de verzekering hadden gekregen, dat voor de vlag een veilige bewaarplaats te Ekeren voorhanden was.


Kort nadien werd op een vergadering van de beheerraad van de Gemeentelijke Kulturele Raad door de heer schepen Bruno Peeters de hem gestelde vraag betreffende de vlag ter bespreking voorgelegd aan de leden. De beheerraad bleek unaniem akkoord om te trachten de vlag als plaatselijk kultuurbezit in eigen midden te

houden.
Door de heren F. Thys en P. Philips, respektievelijk voorzitter en sekretaris van de Gemeentelijke Kulturele Raad, werd op ons beroep gedaan om te bemiddelen bij de betrokken personen, opdat de vlag in de gemeente Ekeren zou kunnen blijven. Na onderhandeling kwam men overeen een nieuw schrijven te richten aan de

22 geraadpleegde oud-leden van de studentenbond. Er zou gevraagd worden zich wel of niet akkoord te verklaren om de bondsvlag over te maken aan de gemeentelijke openbare bibliotheek te Ekeren, waar zij opgenomen zou worden in de afdeling "Dokumentatie Antwerpse Noorderpolders". Van de 22 geraadpleegde oud-leden gaven achttien een positief antwoord om Ekeren als bewaarplaats van de vlag aan te duiden. Daarmede stond ten slotte het sein op groen voor het bewaren van de bondsvlag der Polderzonen in de gemeente Ekeren. De omstandigheden, die hiertoe geleid hebben, gelden als een getuigenis, dat de oud-leden nog steeds zin hebben voor het behoud van "Eigen Schoon" in eigen midden.
De dag van de overhandiging van de vlag aan het Gemeentebestuur van Ekeren werd bepaald op 7 oktober 1973. De organisatie van de feestelijkheden werd toevertrouwd aan de Gemeentelijke Kulturele Raad, onder het voorzitterschap van de Heer R. Rombaut.
En evenals wij onze geschiedenis van de "Vlaamsche Katholieke Polderzonen" begonnen zijn met een verwijzing naar A. Rodenbach, zo past dan ook als slot van deze geschiedenis de variante op een ander vers van de bezieler der vroegere studentenbeweging:

Sa, Polderzonen, 't hoofd omhoog!

DE OUDE VANE OMHOOG!

De herten hoog:

'T VERLEDEN LEEFT NOG STEEDS IN ONS!

Fr. Bresseleers

Ekeren, 1973.

LIJST VAN DE LEDEN VANAF DE STICHTING TOT DE ONTBINDING VAN DE BOND IN 1945


Wij hebben lang geaarzeld of wij een ledenlijst zouden geven., omdat elke lijst onvolledig zal zijn. Slechts na herhaald aandringen hebben wij ons laten overhalen om toch de lijst te publiceren. Hierna volgen de leden van wie de naam gevonden hebben in één van de verslagboeken. Het spreekt vanzelf, dat er benevens de door ons vermelde personen nog anderen lid kunnen geweest zijn.
De gemeente en het jaartal tussen haakjes is de woonplaats en het jaar van het lid in zijn studententijd.
AERTSSENS Alfons tandarts Borgerhout

AERTSSENS Jozef E.H. (Ekeren) pastoor-deken Antwerpen

AERTSSENS Jozef E.H. (Ekeren) onderpastoor Wilrijk

AERTSSENS Pieter E.H. (Ekeren) pastoor Grasheide Putte

AERTSSENS, E.H. pastoor Deurne

ANDRIESSEN Jos E.P. (Ekeren) Ruusbroecgenootschap Antwerpen

ANTHEUNISSENS Paul Ekeren

ANTHEUN ISSENS Robert (Ekeren)

AVERMATE Willy (Ekeren)

BELLENS Ferdinand E.P. (Ekeren) Antwerpen

BELLENS Jan E.P. (Ekeren) missionaris Zaïre

BELLENS Viktor (Ekeren) kondukteur St.-Katelijne-Waver

BERVOETS (1908)

BLOKMANS René

BRAEM

BRAEM E.H. (Korbeek-Lo) rustend priester



BRESSELEERS Frans heemkundige Ekeren

BRESSELEERS Jozef E.P. pastoor Kolmont-Overrepen

BRIL Ernest (Stabroek)

BRIL Frans E.H. (Stabroek) missionaris, China scheutist Middelkerke

BRIL Frans (Stabroek) E.P. redemptorist

BRIL Jaak, rijksveearts Kontich

BRIL Lodewijk E.H. (Stabroek) inspekteur secr. Kath. Scholen Antw. Stabroek

BRIL Lod. archivaris Brussel

BROOS

BRUSSELAERS Alois Antwerpen-Luchtbal



BRUSSELAERS Jan journalist Ekeren

CEULEMANS Andr. E.H. (Ekeren) pastoor Antwerpen

CEULEMANS Paul E.P. (Ekeren) missionaris Zaïre

CLEMENT Leo, Ekeren

CRAEYBECKX Herman (Ekeren)

CUYPERS Aug. E.P. (Stabroek) missionaris-scheutist Zaïre

CUYPERS Constant E.P. (Stabroek) missionaris-scheutist

DANIS Petrus E.H. (Oorderen) diocesaan best. christ. arbeiderzorg. provo Antwerpen

DE BIE Alex (Ekeren)

DE BIE Constant E.H. (Ekeren) pastoor Borgerhout

DE BIE Herman

DE BIE Jos

DE BIE Maurits (Ekeren) Antwerpen

DE BIEVRE Alois (Brasschaat) ingenieur

DE BIEVRE Cyriel (Brasschaat)

DE BORGER Jos (Ekeren) Schoten

DE BORGER Staf, Ekeren

DE COCK Cesar (Ekeren) Brasschaat

DE HERDT Gustaaf onderwijzer Ekeren

DE KEYSER Felix (Ekeren) geneesheer Burcht

DE KEYSER Jan (Ekeren) advokaat Schoten

DE KEYSER Willem, Ekeren

DELANNOY C. en J. (1906)

DE METSENAERE A. (Ekeren)

DE MEYER Herman (Ekeren)

DE POORTER Marcel onderwijzer Ekeren

DE RIDDER Ward (Ekeren)

DE SCHEPPER Arthuur (Ekeren)

DE SCHUTTER Alfons E.H. (Wilmarsdonk) pastoor Leefdaal

DE SCHUTTER Alfons E.H. Kontich

DE SCHUTTER Alois E.H. (Ekeren) erepastoor-deken Lier Boechout

DE SCHUTTER Constant E.H. (Wilmarsdonk) pastoor Mortsel

DE SCHUTTER Corneel E.P. (Kapellen) missionaris China

DE SCHUTTER J. E.H. (Wilmarsdonk) pastoor Hoboken

DE SCHUTTER Jos, Kapellen

DE SCHUTTER Juul (Ekeren) Brasschaat

DE SCHUTTER Leo E.H. (Ekeren) pastoor Hoevenen

DE SCHUTTER Lod. E.H. (Wilmarsdonk) Begijnhof Antwerpen

DE SCHUTTER Lod. Geneesheer Zandvliet

DE SCHUTTER Lod. E.H. (Kapellen)

DE SCHUTTER Marcel Brasschaat

DIERCKX Leo Ekeren

GABRIELS Jozef E.H.

GABRIELS Constant geneesheer Kapellen (Heide)

GEERTS Constant E.H. (Ekeren-Mariaburg) onderpastoor Boechout

GOETSTOUWERS Ferd. E.P. (Ekeren) dominikaan

GOVAERTS Jos (Kapellen) Dr. in de Rechten Kapellen

HARREWIJN Hubert ingenieur Ekeren

HENDRICKX Jaak (1919)

HENNEN Robert (Ekeren)

HEYBEECK Lode (Ekeren)

HEYMAN Alo;s (Ekeren)

HUYBRECHTS Frans (Ekeren) Berchem

HUYBRECHTS Jan (Ekeren) dagblad-direkteur Antwerpen

HUYBRECHTS Jan E.H. (Kapellen-Putte) onderpastoor Oorderen

HUYBRECHTS Lode (Ekeren) Antwerpen

HUYBRECHTS Tom (Ekeren) Wilrijk

JANSEN Roger (Ekeren)

JANSSENS Edw. E.H. (1906) (Stabroek), seminarist Groot-Seminarie

JANSSENS Gaspar. E.H. (1919)

JANSSENS Jos (1906)

JEURISSEN Paul koloniaal Ekeren

JOHNSON Arnold (Ekeren) Lommel

JOHNSON Guido E.H. (Ekeren) pastoor-deken Willebroek

JOHNSON Hippoliet Ekeren

JOHNSON Juul E.H. (Ekeren) leraar Elsene-Brussel

JOHNSON Rik Ekeren

JOHNSON Tom (Ekeren)

JOOS Alexander onderwijzer Ekeren

JOOS Frans

JOOSEN Constant E.P. (Ekeren) missionaris

JOOSSEN Edmond ere-schooldirekteur Ekeren

KANORA Karel, Ekeren

KERSTENS Edward ere-leraar Ekeren

KERSTENS Frans onderwijzer Kapellen-Putte

KERSTENS Herman E.P. (Ekeren) godsdienstleraar Tongerlo

KERSTENS Piet (Kapellen-Putte) leraar Brasschaat

KNAPEN Frans Ekeren

KUYLEN Rik (Ekeren) sociale werker Mortsel

LAMBRECHTS Jozef Ekeren

LAUWERS Alfons E.P. (Ekeren) missionaris redemptorist Belg. Kongo

LAUWERS Leo (Ekeren)

LECLEIR Henri (Ekeren) Brussel

LECLEIR Jozef, Ekeren

LEEMANS Alfons (Berendrecht) notaris

LENAERTS Herman (Ekeren) adv. gen. hof van kassatie Hove

LENAERTS Maurits E.H. (Ekeren) pastoor-deken Antwerpen

LUCAS L. (1906), (Kapellen)

MAES Marcel gemeentebediende Ekeren

MATHYSSEN Alfons Mgr. (Ekeren-Hoogboom) missionaris Belg. Kongo

MELIS Reimond (Ekeren) Edegem

MERTENS Frans (Kapellen-Putte) leraar Brasschaat

MERTENS Robert (Ekeren)

METSU Juul (Ekeren) Edegem

MEYER Jan (1906) Merksem

MEYER Renaat apoteker Merksem

MICHIELSEN August ingenieur Ekeren

MOEREELS Lod. E.P. (Stabroek) Ruusbroecgenootschap Antwerpen

MOEREELS Leo geneesheer Stabroek

MOUWEN August E.H. (Ekeren) pastoor Itegem

MOUWEN Lodewijk E.H. erepastoor Lisp. Wommelgem

ORBAN Maurits senator-advokaat St.-Niklaas

PEETERS Jozef schoolhoofd Kapellen-Putte

PELCKMANS René (Ekeren) Stabroek

PELEMANS

PUISSANT Piet (Ekeren) Antwerpen

RAEYMAEKERS Jos onderwijzer Ekeren-Mariaburg

ROOSENBOOM Juul E.P. (Ekeren) missionaris Zaïre

ROOSENS Constant E.H. (Merksem) pastoor ’s-Gravenwezel

ROUFFARD Etienne Kapellen

SCHEYVAERTS Juul E.P. (Ekeren) missionaris China-Filippijnen

SCHOBIJN Andr. (Ekeren) St.-Niklaas

SCHRAM Georges (1910), (Kapellen)

SCHRAUWEN Hip. Ekeren

SCHUERWEGS Jozef (Kapellen-Putte) onderwijzer Ekeren

SIMONS Gustaaf E.H. (Ekeren) pastoor, Antwerpen St.-Willibrordus

SMET Maurits (Ekeren)

STOCKMANS J. E.H. (Kapellen-Putte) pastoor Kalmthoutse-Hoek

STORMS Alfons E.H. (Ekeren) onderpastoor Merksem

TEYSEN Renaat (1907) (Ned. Putte)

TEYSEN Theofiel E.H. (1906) (Ned. Putte) pastoor Deurne

TEYSEN Arthuur E.P. (Ned. Putte) missionaris-scheutist

TIEST Frans schepen Ekeren

TRUYENS Eugeen E.H. (1906) (Berendrecht, godsdienstleraar atheneum)

VALCKENBORGH Marcel gemeenteontvanger Ekeren

VAN AELST Emiel E.H. (Brasschaat) erepastoor-deken Ekeren Borsbeek

VAN BORM Robert (Ekeren)

VAN BOUWEL Albert Mortsel

VAN BOUWEL Frans (Kapellen-Putte) ere-schooldirekteur Ekeren-Mariaburg

VAN DEN BOSCH Alex (1911)

VAN DEN BROECK Guido (Ekeren) direkteur Philips-fabr. Ronse

VAN DEN BROECK Hugo E.H. (Ekeren) missionaris Zaïre

VAN DEN BROECK Jozef (Ekeren) Brasschaat

VAN DEN EECKHOUT Ant. (Ekeren) Geel

VAN DE PERRE (Kapellen-Putte) onderwijzer

VAN DE PERRE Oscar (Ekeren)

VAN DE PERRE Maurits (Ekeren)

VAN DE POEL M. Ekeren

VAN DE POEL Oscar Ekeren

VAN DER STEEN Jos onderwi,jzer Ekeren

VAN DER STRATEN Louis advokaat Antwerpen

VAN DE VELDE Pol (Ekeren)

VAN DE WALLE

VAN DE WEYNGAERT Willy

VAN DE WIEL Frans inspecteur Registratie Borgerhout

VAN DIJCK Flor onderwijzer Kapellen-Putte

VANDIJCK Joris E.P. (Ekeren) Vaalbeek

VAN HEMELDONCK Emiel (Ekeren) letterkundige Vosselaar

VAN HOOF Jozef (Ekeren)

VANHOOREBEKE Eugeen E.H. (Ekeren) Luchtbal

VAN HUMBEECK L. geneesheer Ekeren

VAN KOLEN René

VAN LOOK Constant kandidaat-notaris Ekeren

VAN LOOVEREN Paul (1907) heelkundige Antwerpen

VAN OEKEL Hendrik (1906) (Kapellen) advokaat

VAN OEKEL Jaak (Kapellen) notaris Antwerpen

VAN TICHELEN Theodoor E.H. (Stabroek) hoofdopziener M.O. Brussel

VAN TICHELEN Jozef E.H. St.-Gillis-Brussel

VERBERCK Jozef E.H. (Ekeren) St.-Augustinus-Ziekenhuis, Wilrijk

VERHAEGEN G.

VERHAERT Constant (1907) geneesheer O.-L.-V.-Waver

VOLANT Eugène Ekeren

WATTELE J. Ekeren

WENS Alfons ere-gemeentesekretaris Ekeren

WENS Constant (Ekeren)

WENS Rik (Ekeren)

WILDIERS Jan (Ekeren) tandarts Antwerpen

WOUTERS Alfons E.H. (1910) (Kapellen-Putte) Sociale werken

WOUTERS Renaat, (Ekeren) onderwi,jzer Merksem

WIJ DANKEN:

- FOTOGRAVURE DE SCHUTTER, Antwerpen, voor gratis clichéwerk

- DRUKKERIJ H. TAVERNIERS, Ekeren, voor gratis kleurenafdruk

Uitgegeven door het GEMEENTEBESTUUR van EKEREN

D/1973/1991/1

5. BELANGRIJKE PERSONEN STUDENTENBOND.
1. THEODOOR VAN TICHELEN.

De herlevende studentenbeweging in het aartsbisdom bleek ook uit de verjonging van de redactie van De Student in 1901. De oudere redacteurs Laporta, Frans Drijvers en Jakob Muyldermans werden bijgesprongen door jongeren: de Leuvense student Frans Van Cauwelaert en de Mechelse seminarist Theodoor Van Tiche­len, twee boezemvrienden die in 1899 hun studies aan het Klein Seminarie van Hoogstraten hadden beëindigd en verder nog ...

Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging p.1666
Er kwam kritiek van ouderen, zoals de priester Frans Drij­vers, oud-redacteur van De Student, op de overdreven eerbied voor het gezag door de in 1901 aangetreden jongere redactie­ploeg, bestaande uit Van Cauwelaert, Emiel Vliebergh, Theodoor Van Tichelen, Jan Bernaerts, Jozef Muls, Floris Prims en Herman de Beucker.

Vos I p.44


Na zijn overlijden (stichter en beheerder A. Laporta) werd de redactie overgenomen door een vriendengroepje van vier pries­ters uit het aartsbisdom onder leiding van Jan Bernaerts, die met A. de Boeck en Th. Van Tichelen voor de oorlog een kransje had gevormd in Brussel, waarbij zich toen ook L. Dosfel had aangesloten.

Vos I p.94


Ook De Student voelde aan dat een volledig afwijzen van het zelfbestuurconcept moeilijk haalbaar was en gooide het daarom over een pragmatische boeg. In het hoofdartikel van het nummer dat kort na de Mechelse landdag vrescheen, betoogde Th. Van Tichelen dat er geen verschil in principe bestond tussen voor- en tegenstanders van zelfbestuur, maar enkel een ver­schil in temperament en efficiëntie - 'de zelfbestuursmannen mikken op de haas die buiten schot loopt, de anderen op wild binnen schot' - en dat de studentenbeweging niets zou bereiken 'met het programma alleen van zelfbestuur, zonder het hoofdge­wicht te leggen op de onmiddellijke praktische uitwerking'. Daarom besloot hij met de stelling dat er geen enkel bezwaar bestond om voorstander te zijn van zelfbestuur zolang dat een vrije kwestie bleef en geen aanleiding gaf tot aansluiting bij het niet katholieke Vlaamse Front. (1920)

Vos I p.226-227


Portret van E.H. Dr. Van Tichelen

foto en uitgebreide tekst

Ons Volk Ontwaakt 02/12/1923 9e jaargang nr.48 p.593-594
Tichelen, Theodoor van

(Stabroek 2 september 1877 -- Sint-Gillis 4 december 1945).

Was de zoon van een dorpssmid en volgde de humaniora aan het Klein Seminarie van Hoogstraten, waar hij klasgenoot van Frans van Cauwelaert was; beiden waren propagandisten voor De Student.

Vanaf de zomer van 1901 maakten zij deel uit van de redactieraad. Van Tichelen schreef onder meer in het kerstnummer van 1902 het artikel "Katholiek en flamingant" onder de schuilnaam Livinus. Hij doctoreerde in 1902 in de Thomistische wijsbegeerte en ging daarna naar het Mechelse Grootseminarie. In 1905 werd hij tot priester gewijd en in september dat jaar keerde hij terug naar Leuven om klassieke filologie te volgen. Hij zou zich nog mengen in de discussie rond het wetsvoorstel-Edward Coremans inzake de vernederlandsing van het vrij middelbaar onderwijs. Van 1906 tot 1908 studeerde hij aan de Bijbelschool in Jeruzalem.

Bij Van Tichelens terugkeer in 1908 was zijn Vlaamsgezindheid een hinderpaal voor zijn benoeming tot professor in de bijbelexegese aan het Grootseminarie te Mechelen; hij werd benoemd tot kapelaan te Brussel. Niettemin doceerde hij een tijdlang bijbelwetenschap in het Scholasticaat der Missiën van Scheut en aan de Katholieke Vlaamse Hogeschool voor Vrouwen te Antwerpen, maar verder kwam zijn wetenschappelijk werk (een groot aantal boeken over exegese) uitsluitend ten goede aan de Vlaamse cultuur. Zijn wekelijkse artikelen in De Boer en zijn bijdragen in Ons Geloof, dat hij sedert 1912 leidde, waren een steun voor zowel de man uit het volk als voor de elite.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werkte hij mee aan het anti-Duitse clandestiene blad De Vlaamsche Leeuw,

maar na de oorlog nam hij het op voor zijn activistische vrienden (activisme).

Werken:


Z. Peeters (pseudoniem), 'Coremans wetsvoorstel opnieuw onderzocht', in Dietsche Warande en Belfort, jg. 6, nr. 5 (1905), p. 407-432.

Literatuur:

D. de Pauw, 'In memoriam', in Boekengids (1946), p. 73-74;

L. Bril, 'Bij het graf van Th. van Tichelen', in Komaan (1947), p. 42-44;

P.J.A. Nuyens, 'Van Tichelen, Theodoor', in NBW, VI, 1974;

C. Wille, Theodoor Van Tichelen 1877-1945: vulgarisator van de bijbelwetenschap in Vlaanderen,

KUL, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1983.

Auteur(s): Jozef Lauwerys;Luc Vandeweyer

NEVB p.3066-3067

2. E.H. CONSTANT ROOSENS.



1. Personalia.

- Constant Roosens

geboren te Merksem, 18/09/1883

priester gewijd, 18/09/1908

pastoor te 's Gravenwezel van 30/04/1937 tot 08/12/1950

gestorven te Merksem, 19/12/1964

(info kopie doodsprentje)

- info '100 jaar parochiekerk, 150 klooster' door H. Breu­gelmans en zuster Berchmans (1978)

Eerst kennen we nog: E.H. CONSTANT ROOSENS. Hij is geboren te Merksem op 18 september 1883. Na zijn priesterwijding werd hij geschiedenisleraar aan het Sint-Jan Berchmanscollege van Antwerpen. Toen hij op 30 april als pastoor werd aangesteld, kon hij zijn geschiedenisleraarsbloed niet verloochenen. Hij heeft alles bijgehouden en in fardes bewaard. Die verzameling van mededelingen en omzendbrieven kunnen een idee geven van die tijd. En 't was geen goeie tijd. Nog dagelijks woden we op een of andere manier herinnerd aan de tweede wereldoorlog.

Zoals zovele intellectuelen werd pastoor Roosens nadien ano­niem beschuldigd van duitsgezindheid. Er werden zelfs op een nacht hakenkruisen op de poortpilaren van de pastorij geschil­derd.

Misschien heeft die beschuldiging er mee toe bijgedragen dat E.H. Roosens op 8 december 1950 ontslag nam als pastoor. Hij heeft dan nog vele jaren van zijn pensioen kunnen genieten tot aan zijn overlijden op 19 december 1964 te Merksem." (p.26)
- info 'Alhier tot 'Sgravenwezele' door Jan Van den Bergh

* bijlage 5: pastoors van 's-Gravenwezel:Constant Roosens 1937-1950 p.456


2. Betrokkenheid Roosens bij aansluiting + wedstrijd studen­tenbonden AKVT.

- (info uit nrs. archief Heidebloempje; dus nog aanvullen: zeker bekijken 2e jaargang)

- vraag aansluiting Polderzonen

(verslagboek I Polderzonen)



1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina