Avebe en het glb avebe group



Dovnload 7.61 Kb.
Datum21.08.2016
Grootte7.61 Kb.
AVEBE en het GLB

AVEBE GROUP

AVEBE produceert met 1400 medewerkers zetmeel en daarvan afgeleide producten in Noord-Nederland en Noord-Duitsland uit circa 3 miljoen ton zetmeelaardappelen van ruim 5000 akkerbouwers.


Health Check’

De ‘Health Check’ van het GLB zal consequenties hebben voor onze industrie. Ontkoppeling van de nu nog gekoppelde steun aan onze telers voor de levering van zetmeelaardappelen zal AVEBE moeten compenseren door de prijs van die aardappelen navenant te verhogen. Wij bereiden ons hierop voor door enerzijds continu te werken aan het bereiken van kostprijsleiderschap in onze industrie en anderzijds nieuwe inkomstenbronnen te ontsluiten via innovatie. Sinds 2006 maken wij op beide punten goede vorderingen. De afgelopen twee jaar hebben we een aantal innovatieve, nieuwe productlijnen gelanceerd. Het opbouwen van nieuwe markten en de investering in productiecapaciteit kost echter veel tijd.

Essentieel voor de continuïteit van onze industrie en van de zetmeelaardappelteelt is dat de afbouw van de gekoppelde steun niet te snel gebeurt en gefaseerd in de tijd; d.w.z. in behapbare stappen.
AVEBE kan zich in grote lijnen vinden in de ‘Health Check’-voorstellen van de Europese Commissie. Het tempo waarin verder wordt ontkoppeld – te weten ongewijzigd beleid tot 2011, 50% ontkoppeling in 2011 en volledige ontkoppeling in 2013 – stelt AVEBE in staat de in 2006 in gang gezette strategie van kostprijsverlaging en innovatie verder gestalte te geven. Het onderdeel van de voorstellen waarbij AVEBE vraagtekens plaatst, is de ontkoppeling van de fabriekspremie (of evenwichtspremie), die ook in 2011 is voorzien.

Om de ontkoppelingsstappen behapbaar te houden, zien wij de ontkoppeling van de fabriekspremie graag verschoven naar 2013.


Houtskoolschets

Voor de levensvatbaarheid van de akkerbouwbedrijven in het zetmeelaardappeltelend gebied is het van groot belang dat de Nederlandse overheid niet ondoordacht, maar verstandig omgaat met de hervorming van de historische toeslagrechten. Het vigerende GLB streeft naar inkomensondersteuning in de vorm van een ‘flat rate’ per regio, waarbij de regio’s niet te klein mogen zijn. Nederland zou – net als Nedersaksen of Denemarken – eigenlijk één regio behoren te worden.


De houtskoolschets van minister Verburg beoogt een rigoureuze breuk met dit beleid. Het is dan ook zeer de vraag of een nieuw GLB hiervoor wel de ruimte zal scheppen.

Behalve bij de haalbaarheid van de gepresenteerde ideeën van het SER-viergroepenmodel zetten wij ook grote vraagtekens bij de uitvoerbaarheid. In de praktijk is er in onze ogen geen invulling denkbaar die recht doet aan de doelstelling van ‘precies genoeg betalen voor maatschappelijke prestaties’. Behalve als we een extreme versnippering in talloze piepkleine regio’s accepteren.

Als er echter lichtvaardig wordt omgegaan met het ‘precies genoeg betalen voor maatschappelijke prestaties’ door robuuste regio’s te creëren, ontstaat direct concurrentievervalsing en onrechtvaardigheid tussen bedrijven net binnen en net buiten een regiogrens.

Ook bestrijden wij dat er in Nederland een categorie bedrijven bestaat die produceren in gebieden zonder beperkingen. Elk gebied in Nederland kent zijn eigen beperkingen. De weging van alle verschillende beperkingen wordt een hachelijke zaak. Zelfs al zou men er in slagen dat goed te doen voor dit moment, dan is na 5 tot 10 jaar de situatie weer zodanig veranderd qua technologie en maatschappelijke inzichten, dat alles moet worden gereviseerd.

Kortom, AVEBE vindt de ideeën van de houtskoolschets theoretisch interessant, maar practisch onuitvoerbaar.

Foxhol, 29 september 2008










De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina