Baaierd wanboel, wanorde baai in Afrika



Dovnload 1.52 Mb.
Pagina15/24
Datum22.07.2016
Grootte1.52 Mb.
1   ...   11   12   13   14   15   16   17   18   ...   24

beweging in 1930/1940 - nazisme

beweging in de rondte   rotatie

beweging van - kinetisch

beweging in de richting van zeker voorwerp - heen, naar

beweging om een as   rotatie, toer, wenteling

beweging van een vloeistof   vloeiing, stroming

beweging van water   deining, stroming, stroom

bewegingen maken   gebaren

bewegingloos   dood, immobiel, lam, roerloos, star, stil, stijf, vast

bewegingsgedrag - motoriek

bewegingskunst - euritmie

bewegingsleer – kinetica, kinetiek

bewegingsleer der elektrische stromen - elektrodynamica

bewegingsleer der gassen - aërodynamica

bewegingsleer der vloeistoffen - hydrodynamica

bewegingsorgaan van een vis   vin

bewegingsstoring - ballisme

bewegingsvrijheid   armslag

beweid grasland - etland

bewenen - betreuren

beweren – aannemen, aanvoeren, betogen, pretenderen, stellen, sustineren, volhouden, verdedigen, voorgeven, vorderen, zeggen

bewerend - assertoir

bewering - asser(ta)tie, gezag, mening, positum, stelling, teweegbrenging, theorie, these, uitdrukking, uitspraak, verklaring, verzekering, voorwendsel

bewerkelijk – arbeidsintensief, ingewikkeld, laborieus, tijdrovend,

bewerken - bearbeiden, behandelen, beïnvloeden, eggen, fijnmaken, gladmaken, herzien, manipuleren, negotiëren, ompraten, opereren, overhalen, ploegen, snijden, teweegbrengen, veroorzaken, versieren,

bewerken van een muziekstuk - arrangeren

bewerken van land – bemesten, bouwen, eggen, kultiveren, ploegen, schoffelen, spitten, zaaien

bewerken van melk - karnen

bewerken van vlas – hekelen, repelenroten,

bewerken van voedsel   bakken, braden, inmaken, koken, stoven, stomen, roken, wekken

bewerker - meester

bewerker van dierehuiden - looier

bewerker van kostbare metalen - edelsmid

bewerker van kwaad – aanstichter, dader

bewerker van metaal - smid

bewerking   adaptatie, bearbeiding, behandeling, lezing, manipulatie, operatie, parafrase, uitwerking, versie

bewerking   (muz.) arrangement, zetting

bewerking in de rekenkunde - aftrekken, delen, kwadrateren,

optellen, vermenigvuldigen, worteltrekken

bewerking van dierenhuid – looien

bewerking van land – bemesten, bouw, eggen, kultuur, ploegen, spitten

bewerking van melk   karnen

bewerking van muziek voor een orkest   arrangement, instrumentatie, orkestratie, zetting

bewerking van vlas - reten, roten

bewerking van voedsel - inmaken

bewerking (muz.) – arrangement, zetting

bewerkstelligen   effectueren, maken, realiseren, uitvoeren, verwezenlijken, volbrengen, wrochten

bewerkt   besneden, geciseleerd, gevormd,

bewerkt achterstuk van een altaar   retabel

bewerkt een schoenmaker - le(d)er

bewerkt stuk hout   lat, plank

bewerkte huid   leder, leer, perkament, zeem,

bewerkte huid met haar – bont

bewerkte klei los steken - opsteken

bewerkte pantoffel van gekleurd leer - mocassin (Indianen)

bewerkte vuursteen – silex

bewerkte vuursteen uit voorhistor. tijd - artefact

bewerktuigd - organisch

bewerktuiging - machinalisering , mechanisatie, organisatie, techniek

bewezen – liquide,



bewieroken   prijzen

bewieroking – incensatie

bewilligen – concederen, inwilligen, toestaan, toestemmen, vergunnen

bewilliging - accordatie, lint, toestemming, versiersel

bewimpelen - bemantelen, palliëren, verbloemen, verhelen

bewimpeling - bemanteling, geheimhouding, palliatie, verbloeming

bewind - aanvoering, beheer, beleid, bestel, bestier, bestuur, controle, directie, directoraat, gemeentebestuur, gezag, gouvernement, junta, leiding, macht, moderamen, opperbewind, patronaat, regering, regiem, regine, regiment, ressort, roer, terreur, terrorisme, toezicht, vroedschap

bewind over anderen - gezag

bewind van anderen   gezag,

bewind van drie mannen   directoire, triumviraat

bewind van tien mannen   decemviraat

bewindhebber   bestuurder, gezagsdrager, regent

bewindsel - omslag

bewindsman   beheerder, magistraat, minister, president, regeerder, regent, staatsman

bewindvoerder - beheerder, bestuurder, bevelvoerder, curator, gemachtigde, leider, plaatsvervanger

bewindvoering – administratie, beheer, bestuur

bewogen   aandoening, aangedaan, geëmotioneerd geroerd, getroffen, ontroerd

bewogen   (muz.) agitato

bewogenheid - emotie, ontroering

bewogenheid missende - levenloos

bewolkt – bedekt, betrokken, grijs, mistig, nebuleus, nevelachtig, somber

bewolkt worden - betrekken

bewonderaar – aanbidder, admirateur, fan, minnaar, supporter, vereerder, vrijer

bewonderen – aanbidden, aanschouwen, aanstaren, admireren bekijken, bezien

bewondering   admiratie, applaus, eerbied, goedkeuring, respect

bewonderingswaardig – admirabel, mooi, schitterend, voortreffelijk

bewonen - habiteren, inhabiteren

bewoner   inboorling, ingezetene, burger, inwoner

bewoner van Afrika   Bantoe, Berber, Boer, Bosjesman, Hamiet, Hottentot, Kaffer, Moor, Neger, Niloot, Pygmee, Zoeloe

bewoner van Amerika - Amerikaan, Apache, Indiaan

bewoner van Baltische republiek  Est, Let, Litauer,

Litouwer


bewoner van Beieren - Beier

bewoner van België   Waal, Vlaming

bewoner van Borneo   Daja, Dajakker

bewoner van Celebes   Barreïr, Boeginees, Boniër, Makassaar,

Menadonees, Toradja



bewoner van Centraal Afrika   neger

bewoner van Ceylon – Ceylonnees, Dravida, Singalees, Tamil,

Vaddah, Weddah



bewoner van Duitsland   Beier, Germaan, Hes, Pruis, Saks(er)

bewoner van Eire   Ier

bewoner van Frankrijk   Breton, Fransman, Gascogner, Parisien, Provençaal

bewoner van Groenland   Eskimo

bewoner van grote plaats – stedeling

bewoner van Hellas - Griek, Helleen

bewoner van India – Dravida,

bewoner van Indonesië - Ambonees, Atjeher, Balinees, Dajakker, Javaan, Papoea, Soendanees, Sumatraan,

bewoner van Irak - Irakees

bewoner van Japan - Aino, Ainu, Japanner

bewoner van Klein Azië   Anosdies, Armeniër, Osmaan, Ottomaan, Turk

bewoner van Kreta   Kretenzer

bewoner van Kreta - Kretenzer

bewoner van Kroatië - Kroaat

bewoner van Lapland - Laplander

bewoner van Libanon - Libanees

bewoner van Lombok   Sasak

bewoner van Madoera – Madoerees

bewoner van Madrid - Madrileen

bewoner van Majorca – Majorcaan

bewoner van Makassar - Makassaar

bewoner van Malta   Maltezer

bewoner van Marseille - Marseillaan

bewoner van Mauritaniė – moor

bewoner van Melanesië – Melanesiër

bewoner van Midden Borneo - Dajak, Dajakker

bewoner van Milaan - Milanees

bewoner van Monaco   Monegask

bewoner van Montenegro – Montenegrijn

bewoner van Napels - Napolitaan

bewoner van Nederland   zie bij streek in....

bewoner van Nederlands eiland   Marker, Terschellinger, Vlielander

bewoner van Nepal - Nepalees

bewoner van Nieuw Guinea - Papoea

bewoner van Nieuw Zeeland   Maori

bewoner van Noord Europa   Est, Fin, Lap, Let, Litouwer, Noor, Zweed

bewoner van Noordpoolgebied – Eskimo

bewoner van Ociana - Maori

bewoner van ons werelddeel – Europeaan

bewoner van Oost Europa   Bulgaar, Hongaar, Joegoslaaf, Kozak, Pool, Roemeen, Rus, Slaviër,Tsjech

bewoner van Oost Pakistan - Bengalees

bewoner van oud Nederland   Bataaf, Germaan, Kaninefaat, Saks

bewoner van Pakistan - Pakistani

bewoner van Peru   Inka, Peruviaan

bewoner van Perzië   Pers

bewoner van Roemenië - Roemeen

bewoner van Schotland - Schot

bewoner van Slowakije – Slowaak

bewoner van Sofia - Sofioot

bewoner van Sovjet Unie   Armeen, Georgiër, Ingerier, Kabardijn, Kareliër, Kirgies, Kozak, Maimuk, Moldavië, Tataar

bewoner van Spanje - Andalusiër, Bask, Castillaan, Spanjaard

bewoner van Sumatra   Batak, Batakker, Sumatraan

bewoner van Tibet - Tibetaan

bewoner van Transvaal - Transvaler

bewoner van Turkije   Turk, Osmaan, Armeniër, Ottomaan

bewoner van Twente - Tukker

bewoner van Venezuela – Venezolaan

bewoner van Voor Indië - Bombayer. Brahmaan, Ceylonnees, Hindoestaner, Pakistaner

bewoner van West-Nederland - Hollander

bewoner van Ijsland - IJslander

bewoner van Zd.Afrika – bosjesman, damra, herero, kavango, kooko, mulat, ovambo, tswana

bewoner van Zuid Europa   Albanees, Griek, Italiaan, Portugees, Spanjaard

bewoner van Z. W. Celebes – Makassaar

bewoner van Zwitserland – Helvetiër, Zwitser

bewoner van Z.W. Celebes - Boeginees

bewoner van de Baltische republiek - Est, Let, Litauwer, Litouwer

bewoner van de Levant - Levantijn

bewoner van de Noordpool - Eskimo

bewoner van de Pyreneeën   Bask

bewoner van de Sandwicheilanden - Kanaka

bewoner van de U.S.S.R.   Armeen, Armeniër, Est, Georgiër,

Kalmuk, Kareliër, Kirgies, Kozak, Let, Litauer, Litouwer,

Moldaviër, Oekraïner, Rus, Samojeed, Siberiër, Tartaar

bewoners van de wereld – bevolking

bewoner van een mark - markgenoot

bewoner van een onzer provincies   Drent, Fries, Zeeuw, Stichtenaar

bewoner van een plaats met tegengestelde breedtegraad - antipode

bewoner van een stad   stedeling, poorter

bewoner van een werelddeel   Afrikaan, Amerikaan, Australiër, Aziaat Europeaan

bewoner van een deel van Oost-Europa - Kozak

bewoner van het land van de sprookjes van 1001 nacht – bewoner van het Midden Oosten - Arabier

bewoner van het oude Griekenland - Spartaan

bewoners – volk

bewoners van Argos - Argiven, Danaïden

bewoners van Hellas - Hellenen

bewoners van de hel – duivelen

bewoners van Medië - Meden

bewoners van de Philippijnen   Australië, Melanesië, Negrito, Polinesië

bewoners van de zee – vissen

bewoners van het sprookjesbos - alferman, dwerg, elf, fee, heks,

kabouter, reus, tovenaar, trol

bewoning - inhabitatie

bewoonbaar   habitabel, herbergzaam, logeabel

bewoonster van een zelfde land - landgenote



bewoording   term, terminologie, uitdrukking

bewust   bekend, beseffend, besproken, doordrongen, expres, moedwillig, opzettelijk, weloverwogen, wetend

bewust onderscheidingsvermogen   kennis

bewust waarnemen – appercipiëren

bewuste ervaring - beleving

bewuste tegenwerking - sabotage

bewuste waarneming - apperceptie

bewusteloos - bezwijmd, lens, onmachtig

bewusteloosheid   coma, flauwte, onmacht, syncope

bewustheid - benul, besef, notie

bewust streven - wil

bewustwording – inzicht, precarist, rijping

bewustzijn   besef, bezinning, gevoel, consciëntie, kennis, verstand, weten, wetenschap

bewustzijn van goed en kwaad - geweten

bewustzijn veranderende middelen   amfioen, ether, hasjiesj, heroïne, L.S.D, marihuana, mescaline, morfine, opium

bewustzijnsverlaging – amentie

bewustzijnsverruimende middelen - heroïne,L.S.D., mescaline



bewijs   aanwijzing, akte, alibi, argument, attest(atie), betoog, betoon, biljet, blijk, bon, bul, cedel, ceel, certificaat, diploma, document, ereblijk, getuigenis, keur, kwitantie, legitimatie, merk, navicert, oorkonde, paspoort, plaatskaart, probatie, proef, proeve, recu, reisbiljet, teken, toets, uitwijzing, verklaring,

bewijs aan toonder in pakhuizen - cedel, ceel



bewijsgrond   argument

bewijsje - snu(i)fje

bewijsstuk   akte, attest, bon, bul, cedel, ceel, diploma, document, geschrift, polis, reçu

bewijs van achting - buiging, eerbied, eer, 5egard, groet, hulde,

knieval, neiging, nik, reverentie



bewijsstuk van benoeming – aanstellingsakte, geloofsbrief

bewijsstuk van opslag - ce(d)el

bewijs uit het ongerijmde   apagogie

bewijs van achting   eer, egards

bewijs van afwezigheid - alibi

bewijs van bekwaamheid   brevet, diploma, licentie, proef

bewijs van beleefdheid   groet

bewijs van betaling   bon, kwitantie, nota, reçu

bewijs van bevoegdheid - brevet, diploma, getuigschrift

bewijs van deelgenootschap   aandeel

bewijs van eer   eerbetoon

bewijs van eerbetoon   aubade, hulde, knieval, krans, lint, saluut, serenade

bewijs van eerbied   buiging, eerbetoon, knieval

bewijs van eigendom - acte, akte, koopakte

bewijs van elders zijn   alibi

bewijs van gedeeltelijke storting op een aandeel - scrip

bewijs van herkomst - geboorteuittreksel

bewijs van identificatie – legitimatie

bewijs van iemands aanspraken - legitimatie

bewijs van kooprecht – bon, overeenkomst

bewijs van lidmaatschap   abonnementskaart, attestatie, diploma, inschrijvingskaart, oorkonde

bewijs van liefde - kus, serenade, zoen,

bewijs van nationaliteit   paspoort

bewijs van niet aanwezigheid   alibi

bewijs van nog niet uitbetaalde rente - scrip

bewijs van onderpand   hypotheekakte, lommerdbriefje

bewijs van onschuld - alibi

bewijs van ontvangst - betalingsbewijs, bon, kwitantie, kwijtbrief, ontvangstbewijs, recepis, reci(e)f, recief,

bewijs van onschuld - alibi

bewijs van ontvangst – bon, recu,

bewijs van onvermogen tot betaling - faillietverklaring

bewijs van onwaarheid - logenstraffing

bewijs van opdrachtgeving - volmacht

bewijs van opslag   ceel, cedel

bewijsalibi van slagen voor een examen  diploma

bewijs van smaak – proeve

bewijs van staatsburgerschap - paspoort

bewijs van te mogen passeren   pas, paspoort, visum

bewijs van toegang – kaartje, ticket

bewijs van verdienste – ereketen

bewijs van verdriet   snik, traan, zucht

bewijs van verering   eerbetoon

bewijs van voorkeursrecht   claim

bewijsgrond - argument

bewijsgronden doen zien - aantonen

bewijsgronden aanvoeren – argumenteren, staven

bewijskrachtig maken - bezegelen

bewijsmiddel - aanwijzing, argumentatie, bewijsrede, bewijsschrift, certificaat, getuigenis, oorkonde

bewijsstuk - aandeel, akte, attest(atie), bewijsschrift, bon, cedel, ceel, certificaat, corpus delicti, geloofsbrief, getuigenis, getuigschrift, obligatie, ooggetuigeverslag, pand, promesse, rapport, referentie, repu, schuldbekentenis, schuldbrief, talon, verklaring, vingerafdruk

bewijsstuk van benoeming – geloofsbrief

bewijsstuk van bevoegdheid - geloofsbrief

bewijsvoering – argumentatie, argumentering, betoog, demonstratie, ratiocinatie, redenatie, redenering, trant, vertoog

bewijzen   aandoen, aantonen, betogen, betonen, betuigen, evenceren, liquideren, prouveren, staven, streven, tonen, waarmaken

bewijzen aanvoeren - adstrueren, staven

beijveren (zich) - streven

bezaagde balk - badding

bezaaid met – bedekt

bezaantje - breedlip, strombus

bezadigd - bedaard, correct, gelaten, gematigd, gemoedelijk, geposeerd, gezapig, goedig, ingetogen, kalm, nuchter, rustig, rijp, wijs

bezadigdheid – bedaardheid, gezapigheid, kalmte, moderatie, rust

bezakken - inklinken

bezaksel – bezinksel

bezat - bezopen

bezeerd - geblesseerd

bezegelen – bekrachtigen, bevestigen

bezegelend woord   amen, eed, gelofte

bezegeling - bekrachtiging, bevestiging, verzegeling,

bezelaar - bessestruik

bezem - veger

bezemen   boenen, kuisen , reinigen, schoonmaken, schrobben, vegen

bezemkruid   brem

bezempje – akkerdistel, akkervederdistel

bezemstruik - brem



bezemvlas - studentenkruid, zomercypres

bezending - gezantschap

bezeren   kneuzen, kwetsen

bezering - kwetsuur, verwonding

bezet   arbeidend, bevrucht, bezig, druk, gebonden, geoccupeerd, gevuld, ingenomen, occupé, onledig, propvol, verhinderd, vol,

bezet - hypotheek, legaat

bezeten – betikkeld, (dol)driftig, duivels, dwaas, gek, geschift, idioot, krankzinnig, kwaad, verkikkerd, vernikkeld

bezetene - energumeen, gek, idioot, krankzinnige, maniak, verslaafde, waanzinnige, woesteling

bezetenheid – demonie, demotie, dolheid, frenesie, koorts, krankzinnigheid, manie, obsessie, rage, razernij

bezetsel - belegsel, bepleistering, limbus

bezetten - afzetten, bekleden, bemachtigen, innemen, occuperen, veroveren, vervullen

bezetten van huizen – kraken

bezetter – onderdrukker, overheerser

bezetting – belegering, benauwdheld, garnizoen, overheersing

bezichtigen - beschouwen, bezien

bezetting (Sp.) - presidio

bezichtiging   adspectie, inspectie, rondleiding, schouw

bezichtiging met Z-stralen - radioscopie

bezichtigingsreis - perambulatie

bezie   bes

bezield – begeesterd, begeestigd, bezeten, geanimeerd, geïnspireerd, levend(ig), treffend, vurig

bezield (muz.) - animoso

bezieldheid – aandrift, animo, elan, geestdrift, opwelling, vuur,

bezielen – aanblazen, animeren, inspireren, stimuleren

bezielend – gloed, levenwekkend, seminaal

bezielende kracht - adem, animo, gloed, verve



bezieler - animator

bezieling   animo, begeestering, elan, geestdrift, gloed, impuls, inspiratie, lust, neiging, verrukking, vuur

bezien – aanschouwen, aanzien, bekijken, beoordelen, bewonderen, bezichtigen, overwegen, proberen, schouwen

bezienswaard – spectabel

bezienswaardigheid - attractie, attraktie, curiositeit

bezienswaardigheid in Den Haag   Gevangenpoort, Madurodam, Vredespaleis

bezig   actief, arbeidend, bedrijvig, bezet, diligent, doende, druk, geoccupeerd, noest, nijver, onledig, vlijtig, werkende, werkzaam

bezigen – gebruiken, hanteren, uitoefenen, vervolgen

bezigheden - allotria

beziging - gebruik

bezigheid   affaire, arbeid, beslommering, besogne, doening, emplooi, gedoe, hobby, liefhebberij, occupatie, spel, verrichten, verrichting, werk

bezigheid in vrije tijd – hobby

bezighouden – absorberen, afleiden

beziging - gebruik

bezig met arbeid - werkende

bezig zijnde - bezet

bezijden   langs, naast, nevens, opzij

bezijden de waarheid   onwaar, onjuist, gelogen

bezinken – precipiteren

bezinking - sedimentair

bezinksel – aanzetsel, afzetting, daal, dik, drab(be), drasland, droes(em), gest, groef, grom(gew), grondsop, hef(fe), moer, moes, pinksel, precipitaat, prut, residu, run, schuim, sediment, slib, sop, uitvaagsel, veengrond, veenslik, zetsel

bezinksel in een aftreksel   dik, koffiedik

bezinnen – beraden, mediteren, nadenken, overdenken, overwegen

bezinning – bekering, beraad, berouw, besef, bewustzijn, bezonnenheid, contemplatie, ernst, inkeer, kalmte, meditatie, moratorium, overleg, overweging, possessie, reflectie, rust, spijt

bezinning op het ethische – ethiek

bezit – activa, bezitting, eigendom, fortuin, geld, genot, goed, goederen, have, kraak, leen, possessie, propriëteit, vermogen, vreugde, wellust

bezit betreffende - possessief

bezit dat iemand door erfenis verwerft - erfdeel

bezit dat men niet in eigendom heeft – leen

bezit van aardse goederen   rijkdom

bezit van een boer   akker, grond, land, vee, wel, wei(de)

bezit van het rijk – kroondomein, rijkseigendom

bezit verwerven - geluk, vermogen, voorspoed

bezitloos – arm, haveloos

bezitloos arbeider – proletariër


1   ...   11   12   13   14   15   16   17   18   ...   24


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina