Basic Life support



Dovnload 178.53 Kb.
Datum26.07.2016
Grootte178.53 Kb.
Basic Life support

VRAAG 1
U wandelt in een shopping-center en plots ziet u even verder een man strompelen en ineenzakken. Hij ligt roerloos op de grond. Wat is de meest aangewezen eerste handeling?




Controleer de carotispols

Onjuist. Wordt niet meer gedaan.

Controleer de ademhaling

Onjuist.

Roep hulp

Onjuist.

De sequentie is: eerst de eigen veiligheid nakijken, dan het bewustzijn testen, en pas naderhand roepen om hulp uit de omgeving.



Controleer het bewustzijn

Juist.

De sequentie is eigenlijk eerst de eigen veiligheid nakijken (ook in de wachtzaal). Dan is de eerst aangewezen handeling het bewustzijn testen, en pas naderhand roepen om hulp uit de omgeving. De carotispols wordt niet meer in de eerste sequenties opgenomen.



VRAAG 2
U gaat op bezoek bij vrienden die in een appartementgebouw wonen. In de gang vindt U een man op de grond. U stelt vast dat hij bewusteloos is. Wat is de meest aangewezen eerstvolgende handeling?




Controleer de carotispols

Onjuist.

Controleer de ademhaling

Onjuist.

Roep hulp

Juist. Roep eerst om hulp uit de omgeving.

Leg de patiënt op de rechter zijde.

Onjuist.

VRAAG 3
Indien het slachtoffer niet bij bewustzijn is, moet u nagaan of hij/zij ademt. De beste manier om de ademhalingsbewegingen na te gaan, is de patiënt op de rug leggen, zijn/haar hoofd in hyperextensie brengen door één hand in de nek te plaatsen en met de andere hand druk uit te oefenen op het voorhoofd.




Juist

Neen. Het juist manoeuvre is het “head-tilt-chin-lift manoeuvre waarbij de ene hand op het voorhoofd ligt om het hoofd te kantelen en de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin wordt aangebracht om deze ook te heffen.

Onjuist

Akkoord. Het juist manoeuvre is het “head-tilt-chin-lift manoeuvre waarbij de ene hand op het voorhoofd ligt om het hoofd te kantelen en de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin wordt aangebracht om deze ook te heffen.

VRAAG 4
U komt toe in het gebouw waar U les gaat volgen en u bent veel te vroeg. Niemand te zien. U gaat het leslokaal binnen en vindt daar een dame op de grond. U nadert voorzichtig, eigen veiligheid in acht nemend, en controleert het bewustzijn. Vermits er niemand is gaat U onmiddellijk over naar de controle van de ademhaling.




Juist

Uw antwoord is niet correct. In de richtlijnen staat dat U steeds om hulp roept, zelfs als u denkt dat er niemand is. Het kan zijn dat er even na u toch iemand is binnengekomen.

Onjuist

Dit is het correcte antwoord. In de richtlijnen staat dat U steeds om hulp roept, zelfs als u denkt dat er niemand is. Het kan zijn dat er even na u toch iemand is binnengekomen.

VRAAG 5
U gaat op bezoek bij vrienden die in een appartementgebouw wonen. In de gang vindt U een man op de grond aan de voet van een trap. U stelt vast dat hij bewusteloos is, maar nog ademt. Wat is de meest aangewezen eerstvolgende handeling?

U wordt bij een patiënt geroepen die van de trap gevallen is. U stelt vast dat hij bewusteloos is maar nog ademt. De carotispols hebt u toch nagekeken en deze is voelbaar. U laat de patiënt best liggen zoals u hem/haar gevonden heeft, u roept de hulpdiensten (112) en wacht af tot hij/zij weer bewust wordt.


U controleert eerst de carotispols

Onjuist. Men laat de patiënt liggen zoals men hem gevonden heeft (dus geen stabiele zijligging), daar er een reële kans bestaat op wervelfracturen. Daar hij nog ademt moet er geen CPR worden toegepast maar is het belangrijk, na het oproepen van de hulpdiensten, de ademhaling en het bewustzijn regelmatig te controleren tot de hulpdiensten ter plaatse zijn.

U laat deze persoon liggen zoals U hem gevonden hebt en U roept onmiddellijk de hulpdiensten door het nummer 112 te draaien.

Juist. Men laat de patiënt liggen zoals men hem gevonden heeft (dus geen stabiele zijligging), daar er een reële kans bestaat op wervelfracturen. Daar hij nog ademt moet er geen CPR worden toegepast maar is het belangrijk, na het oproepen van de hulpdiensten, de ademhaling en het bewustzijn regelmatig te controleren tot de hulpdiensten ter plaatse zijn.

U legt eerst de patiënt in stabiele zijligging.

Onjuist. Men laat de patiënt liggen zoals men hem gevonden heeft (dus geen stabiele zijligging), daar er een reële kans bestaat op wervelfracturen. Daar hij nog ademt moet er geen CPR worden toegepast maar is het belangrijk, na het oproepen van de hulpdiensten, de ademhaling en het bewustzijn regelmatig te controleren tot de hulpdiensten ter plaatse zijn.

U kijkt eerst na of er geen vreemde voorwerpen in de mond zitten voor U het slachtoffer verlaat.

Dit antwoord is niet correct, hoewel daar discussie zou over kunnen bestaan. Als het slachtoffer normaal ademt is het teken dat de ademhalingswegen vrij zijn. Er kan bv een prothese gebroken zijn, maar dat kan eventueel nagekeken worden nadat u de hulpdiensten hebt geroepen. Men laat de patiënt liggen zoals men hem gevonden heeft (dus geen stabiele zijligging), daar er een reële kans bestaat op wervelfracturen. Daar hij nog ademt moet er geen CPR worden toegepast maar is het belangrijk, na het oproepen van de hulpdiensten, de ademhaling en het bewustzijn regelmatig te controleren tot de hulpdiensten ter plaatse zijn.

VRAAG 6
Op een trouwfeest van een van Uw familieleden, wordt U geroepen bij een 55-jarige oom die reeds 5 minuten tevoren op de grond is neergevallen. Hij wou naar het WC gaan omwille van pijn op de borst en is daar ineengezakt. Zijn vrouw weet dat u opleiding heeft gevolgd voor reanimatie en heeft er U laten bij roepen. Welke is, na het controleren van de veiligheid, het controleren van het bewustzijn en het vragen dat de omstaanders bij U zouden blijven, de meest aangewezen volgorde van handelingen?




  • een vrije doorgang van de luchtwegen waarborgen (vrije doorgang bestaat)

  • de ademhaling controleren (afwezig)

  • hulpdiensten opbellen

  • twee effectieve beademingen geven.

Niet helemaal juist. Probeert u het nog eens.

  • de pols controleren (afwezig)

  • een vrije doorgang van de luchtwegen waarborgen (vrije doorgang bestaat)

  • de ademhaling controleren (afwezig)

  • hulpdiensten opbellen

Niet helemaal juist. Probeert u het nog eens.

  • hulpdiensten opbellen

  • een vrije doorgang van de luchtwegen waarborgen (vrije doorgang bestaat)

  • de ademhaling controleren (afwezig)

  • de pols controleren (afwezig)

Niet helemaal juist. Probeert u het nog eens.

  • een vrije doorgang van de luchtwegen waarborgen (vrije doorgang bestaat)

  • de ademhaling controleren (afwezig)

  • hulpdiensten opbellen

  • onmiddellijk starten met 30 extra-corporele compressies (hartmassage)

Correct. In de actuele richtlijnen voor BLS van de European Resuscitation Council wordt gesteld dat men start met het controleren van de ademhaling (Ademhaling vrijmaken en dan Kijken, Luisteren en Voelen). Indien deze afwezig is, roept men eerst de hulpdiensten en start men daarna onmiddellijk met 30 hartmassages. Voor de professionele hulpverleners zou men hier wel een polscontrole kunnen tussenvoegen, maar deze mag zeker de 10 seconden niet overschrijden. Wie (nog) geen professioneel is in de medische hulpverzorging wordt aangeraden geen polscontrole te verrichten.

VRAAG 7
Wanneer U bij een bewusteloze patiënt vaststelt dat hij niet meer ademt, maar dat de carotispols toch voelbaar is, moet U hem 10 maal beademen, dan de hulpdiensten bellen, en wanneer dit gedaan is, moet U verder gaan met de beademing.




Juist

Neen… Volgens de ERC richtlijnen moeten de hulpdiensten opgeroepen worden van zodra vastgesteld wordt dat er geen ademhaling meer is. Er wordt daarna onmiddellijk gestart met hartmassage (30 x) nog voor er enige beademing wordt gegeven. Het controleren van de pols is in een situatie waar er geen ademhaling maar wel pols is – wat uiterst zeldzaam is – zowel voor leken als voor niet geoefende professionele hulpverleners niet aangewezen. Polscontrole wordt daarom nooit verricht.

Onjuist

Akkoord. Volgens de ERC richtlijnen moeten de hulpdiensten opgeroepen worden van zodra vastgesteld wordt dat er geen ademhaling meer is. Er wordt daarna onmiddellijk gestart met hartmassage (30 x) nog voor er enige beademing wordt gegeven. Het controleren van de pols is in een situatie waar er geen ademhaling maar wel pols is – wat uiterst zeldzaam is – zowel voor leken als voor niet geoefende professionele hulpverleners niet aangewezen. Polscontrole wordt daarom nooit verricht.

VRAAG 8
Bij een bewusteloze patiënt stelt u vast dat hij niet meer ademt. Welk is de meest aangewezen manier van handelen?




  1. Bel de hulpdiensten (112)

  2. Hartmassage 30 maal.

  3. Beadem 2 x

  4. Opnieuw 30 hartmassages gevolgd door 2 beademingen

  5. Zo verder tot de hulpdiensten aangekomen zijn of tot de patiënt ademt.

Juist. We verwijzen U naar de ERC richtlijnen.

  1. Bel de hulpdiensten (112)

  2. Voer een polscontrole uit

  3. Beadem 2 maal

  4. Voer 30 compressies uit

  5. Herhaal punt 3 en 4 drie maal (dus 4 maal in totaal)

  6. Controleer ademhaling en pols en ga zo verder met punten 3, 4, 5 en 6

Fout.

  1. Leg patiënt op harde ondergrond

  2. Bel de hulpdiensten

  3. Beadem twee maal

  4. Voer 15 compressies uit

  5. Herhaal punt 3 en 4 drie maal (dus 4 maal in totaal)

  6. Controleer ademhaling en pols opnieuw

Fout.

VRAAG 9
Wanneer u hebt vastgesteld dat iemand bewusteloos is en niet meer ademt, zal U




Het nummer 100 draaien om zo snel mogelijk de hulpdiensten bij het slachtoffer te hebben.

Mmm… Niet helemaal correct. U belt volgens de richtlijnen steeds naar “112”. U zal dan aan de telefoon vertellen wat er gaande is, welke de toestand van het slachtoffer is, namelijk dat hij/zij niet meer bewust is en niet meer ademt, en ook waar U zich bevindt.

De hulpdiensten oproepen en zo snel mogelijk naar het slachtoffer terugkeren om de ademhaling te controleren.

Mmm… Niet helemaal correct. U zal eerst aan de telefoon vertellen wat er gaande is, welke de toestand van het slachtoffer is, namelijk dat hij/zij niet meer bewust is en niet meer ademt, en ook waar U zich bevindt. Pas nadien gaat U naar het slachtoffer terug.

De hulpdiensten opbellen en hen vertellen wat er gaande is, hoe het slachtoffer is, waar U bent en dat U een defibrillator nodig hebt of, in geval er een naast de telefoon ophangt, hen zeggen dat u de defibrillator meeneemt.

Correct. Vergeet niet, U belt steeds naar 112.

De hulpdiensten opbellen om een MUG (Mobiele UrgentieGroep) en een defibrillator te vragen.

Mmm… Niet helemaal correct. U zal eerst aan de telefoon vertellen wat er gaande is, welke de toestand van het slachtoffer is, namelijk dat hij/zij niet meer bewust is en niet meer ademt, en ook waar U zich bevindt. De hulpdiensten zullen dan weten dat ze de MUG (Mobiele UrgentieGroep) moeten uitzenden.

VRAAG 10
Wanneer u voor een bewusteloos slachtoffer dat niet meer ademt een oproep richt naar de hulpdienst 112 zal U volgende elementen moeten vertellen (duid aan of de uitspraak juist of onjuist is)


1/ U vraagt of U wel op de goede dienst belt voor hulp aan een bewusteloos en niet ademend slachtoffer.


Juist

Natuurlijk niet. U belt naar 112 en dus bent U op het goede adres.

Onjuist

Correct antwoord. U belt naar 112 en dus bent U op het goede adres.

2/ U geeft Uw naam op en eventuele functie.




Juist

Dat is correct, zeker in geval U arts bent of U opleiding hebt gevolgd voor BLS-AED. Dan weten de hulpdiensten dat ze U niet moeten verder uitvragen.

Onjuist



3/ U vermeldt dat U bij een slachtoffer bent dat niet bewust is en niet meer ademt.




Juist

Juist. Dat is een zeer belangrijke boodschap omdat dit onmiddellijk de verdere hulpverleningsketen in gang zet.

Onjuist

Neen, het is uiterst belangrijk aan de hulpdiensten te vermelden dat U bij een slachtoffer bent dat niet meer bewust is en niet meer ademt. Dat zet onmiddellijk de verdere hulpverleningsketen in gang.

4/ U zegt hoeveel slachtoffers er zijn.




Juist

Correct. De hulpdiensten moeten weten hoeveel ziekenwagens ze eventueel moeten voorzien.

Onjuist

Toch wel. De hulpdiensten moeten weten hoeveel ziekenwagens ze eventueel moeten voorzien.

5/ U geeft het adres op.




Juist

Natuurlijk! Zonder adres kunnen ze U niet komen helpen. Indien U het adres niet kent, kunt U dit aan de telefoon vermelden. Aan de hand van oproepdetectie in de hulpdiensten verschijnt het adres op hun scherm. Als U met een GSM belt, laat U deze openstaan zodat u via geolocalisatie kunt worden opgespoord.

Onjuist

Dit is een verkeerd antwoord. Zonder adres kunnen ze U niet komen helpen. Indien U het adres niet kent, kunt U dit aan de telefoon vermelden. Aan de hand van oproepdetectie in de hulpdiensten verschijnt het adres op hun scherm. Als U met een GSM belt, laat U deze openstaan zodat u via geolocalisatie kunt worden opgespoord.

6/ U vraagt eventueel ook of zij U kunnen zeggen waar er een defibrillator hangt in de buurt van waar U bent.




Juist

Niet helemaal correct. Deze informatie is niet voorhanden op 112. Dit antwoord is geldig voor het huidige tijdstip want het kan zijn deze informatie binnen enkele jaren wel gekend zou zijn.

Onjuist

Inderdaad. Deze informatie is niet voorhanden op 112. Dit antwoord is geldig voor het huidige tijdstip want het kan zijn dat deze informatie binnen enkele jaren wel gekend zou zijn.

7/ U haakt in va zodra U al deze gegevens hebt verteld.




Juist

Niet correct. U moet even wachten tot de hulpdiensten U hebben verteld dat ze alle nodige informatie hebben verstaan en genoteerd.

Onjuist

Correct. U moet even wachten tot de hulpdiensten U hebben verteld dat ze alle nodige informatie hebben verstaan en genoteerd.

VRAAG 11
U hebt vastgesteld dat U met een bewusteloos en niet ademend slachtoffer te maken hebt. Omstaanders staan naar U te kijken. Wat doet U?




U vraagt aan een omstaander naar 112 te bellen en hen te zeggen dat er een bewusteloos slachtoffer is dat niet meer ademt.

Niet helemaal correct. De boodschap is goed maar er zou best ook gevraagd worden naar een defibrillator.

U belt zelf naar 112 en vraagt aan een omstaander te zoeken naar een defibrillator.

Niet helemaal correct. Als een omstaander kan bellen dan kan er sneller met de 30:2 sequentie begonnen worden in afwachting dat er een defibrillator toekomt.

U vraagt aan een omstaander naar 112 te bellen en hen te zeggen dat er een bewusteloos slachtoffer is dat niet meer ademt. Naderhand moet hij terugkomen en de defbrillator meebrengen als er een is.

Dit is het correcte antwoord.

U vraagt niets. U belt zelf en gaat de defibrillator zoeken.

Dit is niet correct. U laat het slachtoffer niet alleen met een reeks omstaanders er rond. U vraagt steeds hulp uit de omgeving. Eventueel kan U wel zelf bellen. Laat de defibrillator door iemand anders zoeken.

VRAAG 12
Wanneer U de hulpdiensten hebt opgeroepen en er geen defibrillator aanwezig is zal U




Onmiddellijk overgaan tot 5 beademingen gevolgd door cycli van 30:2 reanimatie.

Onjuist. U gaat onmiddellijk over naar 30 hartcompressies.

Onmiddellijk overgaan naar hartmassage met een verhouding van 30 compressies tegen 1 beademing.

Onjuist. De verhouding is 30:2.

Onmiddellijk de ademwegen nakijken op vreemde voorwerpen, dan 2 beademingen toepassen gevolgd door 30 compressies

Onjuist. Men zal eerst hartmassage toepassen vooraleer men beademt.

Onmiddellijk overgaan naar hartmassage à rato van 30 compressie gevolgd door 2 beademingen.

Dit is het correcte antwoord.

VRAAG 13
Een onderdeel van de hartmassage wordt als volgt toegepast




Men zet de handhiel van de ene hand midden op de lijn tussen de tepels en plaats de andere handhiel op de onderste hand.

Onjuist. Men zet de handhiel van de ene hand in het midden van de borstkas van het slachtoffer en niet op de tepellijn. Dan plaatst men de andere handhiel op de eerste hand en strengelt men de vingers ineen om de vingers van de onderste hand omhoog te trekken.

Men zet de handhiel van de ene hand in het midden van de borstkast en plaatst de andere hand op de onderste. Ineenstrengelen van de vingers is niet nodig, wel de sterkte van de druk.

Onjuist. Men zet de handhiel van de ene hand in het midden van de borstkas van het slachtoffer. Dan plaatst men de andere handhiel op de eerste hand en - dit is belangrijk – men strengelt de vingers ineen om de vingers van de onderste hand omhoog te trekken.

Men zet de handhiel van de ene hand in het midden van de borstkast en plaatst de andere hand op de onderste terwijl men de vingers ineenstrengelt om de vingers van de onderste hand omhoog te trekken.

Dit is het correcte antwoord.

Men zet de handhiel van de ene hand op 2 vingerbreedten boven het onderste uiteinde van het borstbeen en plaatst de andere handhiel op de onderste hand terwijl men de vingers ineenstrengelt en de vingers van de onderste hand omhoogtrekt.

Onjuist. Men zet de handhiel van de ene hand in het midden van de borstkas van het slachtoffer. Dan plaatst men de andere handhiel op de eerste hand en strengelt men de vingers ineen om de vingers van de onderste hand omhoog te trekken.

VRAAG 14
Een onderdeel van de hartmassage wordt als volgt toegepast




De diepte van de compressies is 3 cm

Fout. Het is 4-5 cm.

De diepte van de compressies is 4-5 cm

Juist

De diepte van de compressies is 1/3 van

de diepte van de thorax



Fout. Het is 4-5 cm. Uw antwoord geldt voor kinderen.

De diepte van de compressies is tussen 2 en 5 cm.

Fout. Het si 4-5 cm.

VRAAG 15
Een onderdeel van de hartmassage wordt als volgt toegepast




De frequentie is 125/minuut.

Niet correct. Het is 100/minuut.

De frequentie is 100/minuut

Juist.

De frequentie is 80/minuut

Niet correct. Het is 100/minuut.

De frequentie is tussen 80 en 120 per minuut.

Niet correct. Het is 100/minuut.

VRAAG 16
Na een reeks van 30 hartmassages zal men overgaan tot de beademing. Daarvoor zal men




Een hoofdkanteling uitvoeren door met de bovenste hand op het voorhoofd deze achteruit te kantelen terwijl men met de andere hand de hals strekt.

Fout. Men is vergeten de neus toe te knijpen en men zet gen hand onder de hals. De juiste uitvoering is: met de ene hand op het voorhoofd, het hoofd achteruit kantelen, de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin plaatsen en deze omhoogduwen en daarna met duim en wijsvinger van de bovenste hand de neus toeknijpen.

Met de wijs- en middenvinger van de ene hand de kin omhoogduwen en met de andere hand de neus toeknijpen.

Niet correct. De bovenste hand moet het hoofd kantelen. De juiste uitvoering is: met de ene hand op het voorhoofd, het hoofd achteruit kantelen, de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin plaatsen en deze omhoogduwen en daarna met duim en wijsvinger van de bovenste hand de neus toeknijpen.

Met de ene hand op het voorhoofd, het hoofd achteruit kantelen, de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin plaatsen en deze omhoogduwen en daarna met duim en wijsvinger van de bovenste hand de neus toeknijpen.

Dit is uiteraard correct.

Eerst de mond controleren op vreemde voorwerpen, dan de neus toeknijpen tussen duim en wijsvinger en met de andere hand de kin opheffen.

Niet correct. Men zal geen controle uitvoeren van de mond voor men een eerste beademing heeft gegeven. Dit gebeurt slechts als er geen lucht naar binnen gaat. De verder procedure is ook niet correct. De juiste uitvoering is: met de ene hand op het voorhoofd, het hoofd achteruit kantelen, de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin plaatsen en deze omhoogduwen en daarna met duim en wijsvinger van de bovenste hand de neus toeknijpen.

VRAAG 17
Om een comateuze patiënt optimaal te beademen zal men met de ene hand op het voorhoofd, het hoofd achteruit kantelen, de wijs- en middenvinger van de andere hand onder de kin plaatsen en deze omhoogduwen en daarna met duim en wijsvinger van de bovenste hand de neus toeknijpen.




Daarna zal men diep inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en stevig inblazen zodat we de thorax zien omhoog gaan.

Niet correct. Als u diep inademt hebt U te veel luchtvolume zodat u bij hard blazen veel lucht in de maag zal blazen waardoor u een reflux van maaginhoud krijgt. Daarom zal men een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en normaal inblazen over 1 seconde om de thorax omhoog te zien gaan.

Daarna zal men een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en stevig inblazen om de thorax omhoog te zien gaan.

Niet correct. Als u hard lucht inblaast zal er te veel lucht in de maag komen en krijgt U een reflux van maaginhoud. Daarom zal men een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en normaal inblazen over 1 seconde om de thorax omhoog te zien gaan.

Daarna zal men een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en normaal inblazen over 2 seconden om de thorax omhoog te zien gaan.

Niet helemaal correct. De inblaastijd is slechts 1 seconde. DUS: men zal een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en normaal inblazen over 1 seconde om de thorax omhoog te zien gaan.

Daarna zal men een normaal ademvolume inademen, de mond op de mond van het slachtoffer plaatsen en normaal inblazen over 1 seconde om de thorax omhoog te zien gaan.

Dit is het juiste antwoord.

VRAAG 18
Voor de beademing gelden nog een paar regels. Welke is/zijn de correcte?




U beademt het slachtoffer 2 maal ongeacht of de eerste of de tweede beademing gelukt is. Is de eerste mislukt dan kunt u eventueel eerst de mond openen en kijken of er geen vreemd voorwerp aanwezig is die de luchtstroom kan bemoeilijken of tegenhouden.

Juist.

U beademt het slachtoffer 2 maal ongeacht of de eerste of de tweede beademing gelukt is. Het controleren van de mondinhoud is niet aangewezen om geen tijd te verliezen.

Fout. U geeft inderdaad maar 2 beademingen maar is de eerste mislukt dan kunt u eventueel eerst de mond openen en kijken of er geen vreemd voorwerp aanwezig is die de luchtstroom kan bemoeilijken of tegenhouden.

U beademt het slachtoffer maximaal 5 maal, zodat er minstens 2 beademingen als efficiënt kunnen beschouwd worden. Bij elke mislukte poging zal men proberen de reden ervan te vinden, door bijvoorbeeld in de mond na te kijken of er geen vreemd voorwerp een belemmering vormt voor de luchtstroom.

Fout. U geeft maximaal 2 beademingen ongeacht of de eerste of de tweede beademing gelukt is. Is de eerste mislukt dan kunt u eventueel eerst de mond openen en kijken of er geen vreemd voorwerp aanwezig is die de luchtstroom kan bemoeilijken of tegenhouden.

U beademt het slachtoffer minimum 2 en maximaal 5 maal om er voor te zorgen dat er minstens 2 beademingen geslaagd zijn. Evenmin als leken de pols nakijken, zal op dit moment de mond worden nagekeken.

Fout. U geeft maximaal 2 beademingen ongeacht of de eerste of de tweede beademing gelukt is. Is de eerste mislukt dan kunt u eventueel eerst de mond openen en kijken of er geen vreemd voorwerp aanwezig is die de luchtstroom kan bemoeilijken of tegenhouden.

VRAAG 19
Bij de beademing zal u 2 maal lucht inblazen op 1 seconde tijd, ongeacht of de eerste of de tweede beademing gelukt is. U zal dan




Nakijken of de patiënt terug uitademt door uw mond te verwijderen van de mond van het slachtoffer en te kijken naar de borstkas en tegelijk te voelen met de wang of er luchtstroom uit de mond van het slachtoffer komt. Dit doet U gedurende maximaal 1 seconde.

Niet helemaal correct. Het uitademen mag tot maximaal 2 seconden in beslag nemen.

Nakijken of de patiënt terug uitademt terwijl uw mond in contact blijft met de mond van het slachtoffer. Dit doet U gedurende maximaal 1 seconde.

Niet correct. U verwijdert Uw mond om te kunnen inademen en niet de lucht van de patiënt in te ademen terwijl u voelt of er luchtstroom is en u kijkt of de borstkas naar beneden gaat. De tijdspanne hiervoor is maximaal 2 seconden.

Nakijken of de patiënt terug uitademt door uw mond te verwijderen van de mond van het slachtoffer en te kijken naar de borstkas en tegelijk te voelen met de wang of er luchtstroom uit de mond van het slachtoffer komt. Dit doet U gedurende 1, maximaal 2 seconden.

Correct.

Nakijken of de patiënt terug uitademt terwijl uw mond in contact blijft met de mond van het slachtoffer. Dit doet U gedurende 1, maximaal 2 seconden.

Niet correct. U verwijdert Uw mond om te kunnen inademen en niet de lucht van de patiënt in te ademen terwijl u voelt of er luchtstroom is en u kijkt of de borstkas naar beneden gaat. De tijd is wel correct.

VRAAG 20
De enige manier om te weten of U een patiënt juist beademt, is het evalueren van de perifere cyanose, dit is nakijken of de blauwverkleuring van lippen en nagels vermindert.




Juist

Neen. De effectiviteit van de beademing wordt gecontroleerd door na te gaan of de borstkas uitzet bij inblazen, en of de borstkas daarna weer inzakt. Zoals beschreven in de richtlijn is het kijken naar de bewegingen van de borstkas, het luisteren naar ademhalingsgeruis en het voelen van enige luchtverplaatsing de enige handeling die men moet doen bij een acute ademhalings- en/of hartstilstand.

Onjuist

Inderdaad. De effectiviteit van de beademing wordt gecontroleerd door na te gaan of de borstkas uitzet bij inblazen, en of de borstkas daarna weer inzakt. Zoals beschreven in de richtlijn is het kijken naar de bewegingen van de borstkas, het luisteren naar ademhalingsgeruis en het voelen van enige luchtverplaatsing de enige handeling die men moet doen bij een acute ademhalings- en/of hartstilstand.

VRAAG 21
Na de beademing zal de hulpverlener




Weer 15 hartmassages verrichten

Niet correct. De cycli zijn 30:2

Weer 30 hartmassages verrichten

Juist antwoord.

Eerst de ademhaling nakijken om te zien of patiënt niet terug ademt.

Fout. De hulpverlener moet onmiddellijk 30 keer thoraxcompressies verrichten.

Eerst de pols nakijken en dan overgaan naar thoraxcompressies

Fout. Er wordt geen pols nagekeken.

VRAAG 22
Men zal verder gaan met 30:2 reanimatie




Gedurende 2 minuten en dan even onderbreken voor controle van pols en ademhaling

Fout. Men doet geen enkele controle tenzij men merkt dat er tekens van leven zijn, zoals een spontane ademhaling, of een beweging.

Tot de hulpdiensten zijn aangekomen of men uitgeput is.

Dit is correct.

Tot er geen beademing meer mogelijk is.

Niet helemaal correct. Als er geen beademing meer mogelijk is, zal men verder gaan met hartmassage zonder beademing.

Tot er pupildilatatie optreedt omdat dit een teken is van overlijden.

Niet correct. Pupildilatatie kan ook het gevolg zijn van medicatie, bijvoobeeld oogdruppels. Het is geen absoluut teken van overlijden dus.

VRAAG 23
Van zodra er een defibrillator aanwezig is, zal de hulpverlener




Onmiddellijk de defibrillator openen en de elektroden kleven.

Niet helemaal correct. Men zal na het openen, eerst de “aan”-knop aanzetten en naar de gesproken uitleg luisteren.

Eerst de pols controleren om na te gaan of het aanleggen van het toestel nuttig is.

Niet correct. Men zal geen polscontrole uitvoeren.

Eerst de cyclus van 30 hartmassages en 2 beademingen afwerken, voor de hulpverlener de defibillator opent.

Niet correct. Men stopt onmiddellijk wat men bezig is.

Onmiddellijk de defibrillator openen en het toestel aanzetten door op de “aan”-knop te drukken.

Inderdaad. Darna luistert men naar de gesproken informatie en voert men deze uit.

VRAAG 24
De elektroden van de defibrillator worden aangebracht op 2 specifieke plaatsen, namelijk,




Rechts onder het sleutelbeen, naast het borstbeen en links een handbreedte onder de oksel in de oksellijn.

Correct.

Links onder het sleutelbeen, naast het borstbeen en rechts een handbreedte onder de oksel in de oksellijn.

Dit is niet het correcte antwoord.

Rechts onder het sleutelbeen, naast het borstbeen en links op de onderste ribben op de tepellijn.

Dit is niet het correcte antwoord.

Rechts op de onderste ribben op de tepellijn en links onder het sleutelbeen, naast het borstbeen.

Dit is niet het correcte antwoord.

VRAAG 25
Als de elektroden van de semi-automatische defibrillator zijn aangelegd, wordt de stekker in het stopcontact van de defibrillator gestoken. Het toestel zal dan een analyse maken van het hartritme van het slachtoffer. Op dat ogenblik zorgt de hulpverlener voor eigen veiligheid en voor de veiligheid van de omstaanders door hen aan te manen op afstand te gaan staan. Ook collega”s hulpverleners dienen afstand te nemen.


Deze bewering is


Juist

Inderdaad.

Onjuist

Toch niet. De procedure is correct geformuleerd.

VRAAG 26
Eens het toestel een analyse heeft gemaakt van het hartritme van het slachtoffer zal het toestel:




Aangeven dat er een schok moet worden afgeleverd en zal het toestel deze schok onmiddellijk toedienen als het om een asystolie gaat.

Niet correct. Het toestel zal na opladen een typisch geluid uitzenden waarmee het aangeeft dat het klaar is om een schok toe te dienen als de hulpverlener op de schoknop drukt.

Bij de aanwezigheid van een ventrikelfibrillatie of een ventrikeltachycardie geen schok afleveren.

Niet correct. De te schokken ritmen zijn wel de VF (ventrikelfibrillatie) en VT (ventrikeltachycardie). Er wordt geen schok toegediend bij asystolie.

Aangeven dat er een schok moet worden afgeleverd en zal het toestel zich opladen om zich klaar te maken om een schok te kunnen afleveren.

Dit is het correcte antwoord. Het toestel zal zich dus opladen en maakt ook een typisch geluid als het opladen is gelukt.

Aangeven dat er een schok moet worden afgeleverd en zal het toestel zich pas opladen als de hulpverlener op de schok-knop van het toestel heeft gedrukt.

Niet correct. Het toestel laadt zich eerst op en geeft dan door een typisch geluid weer dat het klaar is om te schokken. De hulpverlener dient dan zelf een schok toe.

VRAAG 27
Men zal op de volgende manier verder gaan met een van de volgende defibrillatiecycli:




Afleveren van 1 schok gevolgd door 1 minuut reanimatie 30:2.

Niet juist. Afleveren van 1 schok gevolgd door 2 (twee) minuten reanimatie 30:2.

Afleveren van 1 schok gevolgd door 2 minuten reanimatie 30:2.

Juist.

Afleveren van 3 schokken gevolgd door 1 minuut reanimatie 30:2.

Niet juist. Afleveren van 1 (één) schok gevolgd door 2 minuten reanimatie 30:2.

Afleveren van 3 schokken gevolgd door 2 minuten reanimatie 30:2.

Niet juist. Afleveren van 1 (één) schok gevolgd door 2 minuten reanimatie 30:2.

VRAAG 28
Na het afleveren van een schok zal de hulpverlener:




Starten met controle van de ademhaling.

Niet juist. Men start onmiddellijk met hartmassage.

Eerst de pols controleren voor er hartmassage wordt toegediend.

Niet juist. Men start onmiddellijk met hartmassage.

Onmiddellijk starten met 2 beademingen.

Niet juist. Men start onmiddellijk met hartmassage.

Onmiddellijk starten met hartmassage.

Juist.

VRAAG 29
A/ Als de defibrillator vaststelt dat er geen schok moet worden afgeleverd, betekent dit dat het slachtoffer een normaal hartritme heeft.




Juist

Inderdaad

Onjuist

Niet juist. Het is inderdaad een van de mogelijkheden.

B/ Als de defibrillator vaststelt dat er geen schok moet worden afgeleverd, betekent dit dat er een VF (ventrikelfibrillatie) werd ontdekt.




Juist

Neen. Dit is en schokbaar ritme.

Onjuist

Juist, want VF is een schikbaar ritme.

C/ Als de defibrillator vaststelt dat er geen schok moet worden afgeleverd, betekent dit dat er een asystolie werd ontdekt.




Juist

Inderdaad.

Onjuist

Niet juist. Het is inderdaad een van de mogelijkheden.

D/ Als de defibrillator vaststelt dat er geen schok moet worden afgeleverd, betekent dit dat de elektroden niet goed zijn vastgekleefd of dat er geen goed contact bestaat met de huid.




Juist

Neen, eigenlijk niet omdat de defibrillator dan eerder zal vermelden dat er een probleem bestaat en zal aanraden de elektroden en de stekker te controleren.

Onjuist

Inderdaad. De defibrillator zal eerder vermelden dat er een probleem bestaat en zal aanraden de elektroden en de stekker te controleren.

VRAAG 30
De polariteit van de elektroden is bij de plaatsing ervan op de borstkas een belangrijk gegeven voor het juist uitvoeren van de defibrillatieschokkken.




Juist

Fout. Het polariteit heeft geen enkel belang bij AED’s gezien het gebruik van wisselstroom. De plaatsing van de elektroden gebeurt wel volgens de aanduidingen van de fabrikant. Het wordt ook zo aangeleerd (zie ERC-richtlijnen).

Onjuist

Deze stelling is inderdaad niet correct.. Het polariteit heeft geen enkel belang bij AED’s gezien het gebruik van wisselstroom. De plaatsing van de elektroden gebeurt wel volgens de aanduidingen van de fabrikant. Het wordt ook zo aangeleerd (zie ERC-richtlijnen).

VRAAG 31
U wordt geroepen bij een 6-maand oude zuigeling. Zijn mama is erg ongerust want hij lijkt niet te wekken. U stelt vast dat de baby inderdaad bewusteloos is en dat er geen ademhaling of pols aanwezig zijn. U handelt nu als volgt:




  • Eerst 5 beademingen

  • Dan tekens van circulatie nagaan (o.a. polscontrole)

  • Dan 15 thoraxcompressies: 1/3 thoraxdiepte, 100/minuut

  • Dan 2 beademingen  zo verder met cyclus 15:2

Niet helemaal correct. Dit schema is enkel juist als het om een professionele hulpverlener gaat. Er wordt echter aangeraden dat artsen die niet frequent geconfronteerd worden met deze problematiek de andere sequentie zouden volgen zoals die voor de volwassenen is voorzien, namelijk de 30:2 sequentie.

  • Eerst 2 beademingen

  • Dan tekens van circulatie nagaan (o.a. polscontrole)

  • Dan 15 thoraxcompressies: 1/3 thoraxdiepte, 100/minuut

  • Dan 2 beademingen  zo verder met cyclus 15:2

Fout. Je begint met 5 beademingen.


  • Eerst 5 beademingen

  • Dan tekens van circulatie nagaan (o.a. polscontrole)

  • Dan 30 thoraxcompressies: 1/3 thoraxdiepte, 100/minuut

  • Dan 2 beademingen  zo verder met cyclus 30:2

Akkoord! Dit is de goede sequentie voor leken en hulpverleners die niet al te frequent met deze situatie (hart- en/of ademhalingsstilstand bij kinderen) in contact komen. De redenen worden uiteengezet in de ERC-richtlijn.

  • Eerst 2 beademingen

  • Dan tekens van circulatie nagaan (o.a. polscontrole)

  • Dan 5 thoraxcompressies: 1/3 thoraxdiepte, 100/minuut

  • Dan 1 beademing  zo verder met cyclus 5:1

Fout.

  • Eerst 5 beademingen

  • Dan tekens van circulatie nagaan (o.a. polscontrole)

  • Dan 30 hartmassages: 1/3 thoraxdiepte, 100/minuut

  • Dan 5 beademingen  zo verder met cyclus 30:5

Fout

VRAAG 32
Je bent leider in een groep scouts en een jongen van 8 jaar stort plots ineen. Dank zij je opleiding in BLS-AED technieken weet je wat te doen.




Je benadert de jongen zoals bij volwassenen: veiligheid, controle van bewustzijn, hulp roepen uit de omgeving, openen van de ademhalingswegen, controle van de ademhaling, oproepen van 112 en starten van reanimatie met hartmassage met 1 hand.

Fout. Men dient eerst 5 beademingen te geven voor men met hartmassage start vermits de oorzaak van hartstilstand bij kinderen meestal een ademhalingsprobleem is.

Je benadert de jongen zoals bij volwassenen: veiligheid, controle van bewustzijn, hulp roepen uit de omgeving, openen van de ademhalingswegen, controle van de ademhaling, oproepen van 112 en starten van reanimatie met 5 beademingen.

Dit is de correcte sequentie.

Je benadert de jongen zoals bij babies: veiligheid, controle van bewustzijn, hulp roepen uit de omgeving, openen van de ademhalingswegen, controle van de ademhaling, oproepen van 112 en starten van reanimatie met hartmassage met 2 vingers.

Fout. Men dient eerst 5 beademingen te geven voor men met hartmassage start vermits de oorzaak van hartstilstand bij kinderen meestal een ademhalingsprobleem is.

Je benadert de jongen zoals bij babies: veiligheid, controle van bewustzijn, hulp roepen uit de omgeving, openen van de ademhalingswegen, controle van de ademhaling, oproepen van 112 en starten van reanimatie met hartmassage met 1 hand..

Fout. Men dient eerst 5 beademingen te geven voor men met hartmassage start vermits de oorzaak van hartstilstand bij kinderen meestal een ademhalingsprobleem is.

VRAAG 33
Bij kinderen mag men ook een automatische externe defibrillator gebruiken. ER zijn wel een paar voorwaarden aan verbonden. Welke zijn de correcte voorwaarden?




Men zal bij voorkeur bij kinderen tussen 1 en 8 jaar kinderelektroden of een kinderinstelling gebruiken.

Juist.

Men mag de AED voor volwassenen gebruiken zoals hij is bij kinderen.

Onjuist. Voor kinderen beneden de 1 jaar is het gebruik van een AED slechts toegestaan als de fabrikant dit duidelijk op het toestel vermeldt. Bij kinderen tussen 1 en 8 jaar gebruikt men het toestel van volwassenen met als voorwaarde dat er of kleinere elektroden of een kinderinstelling kan worden gebruikt.

Men mag bij kinderen jonger dan 1 jaar de AED enkel gebruiken als de elektroden klein genoeg zijn.

Onjuist. Voor kinderen beneden de 1 jaar is het gebruik van een AED slechts toegestaan als de fabrikant dit duidelijk op het toestel vermeldt. Bij deze kinderen zullen altijd én de elektroden klein genoeg moeten zijn én een kinderinstelling worden gebruikt.

Men mag bij kinderen va 1 tot 8 jaar de AED slechts gebruiken als de fabrikant het toestaat.

Niet helemaal correct. Bij kinderen tussen 1 en 8 jaar gebruikt men het toestel van volwassenen met als voorwaarde dat er of kleinere elektroden of een kinderinstelling kan worden gebruikt.

VRAAG 34
U werd dringend geroepen bij een patiënt bij wie U vaststelt dat hij bewusteloos is en niet meer ademt. U hebt de hulpdiensten gewaarschuwd en U bent aan de reanimatie begonnen. Eindelijk komen de hulpverleners toe om U te helpen. U vraagt één van hen om:




Naast U plaats te nemen en kunstmatige beademing toe te passen à rato van 30:2

Fout. Niet naast maar rechtover u.

Rechtover U plaats te nemen en kunstmatige beademing toe te passen à rato van 30:2

Juist.

Naast U plaats te nemen en kunstmatige beademing toe te passen à rato van 15:2

Fout. Niet naast maar rechtover u. Het ritme is 30:2 en niet 15:2.

Rechtover U plaats te nemen en kunstmatige beademing toe te passen à rato van 30:1

Fout. De plaats is correct maar het ritme moet 30:2 zijn.

Rechtover U plaats te nemen zodat de ene hartmassage en de andere beademing kan toepassen à rato van 30:2

Fout. De plaats is correct, maar het afwisselen gebeurt na 2 minuten waarbij de ene hulpverlener zowel hartmassage als beademing toepast terwijl de andere gedurende die 2 minuten uitrust.

VRAAG 35
Duid de meest aangewezen werkwijze aan wanneer er twee hulpverleners aanwezig zijn voor de cardio-pulmonaire reanimatie




Hulpverlener 1: beademt 2 maal

Hulpverlener 2: voert 30 thoraxcompressies uit.



Fout: zie ERC guidelines

Hulpverlener 1: beademt en verricht de hartmassage

Hulpverlener 2: neemt na 2 minuten over en geeft na 2 minuten weer door aan hulpverlener 1.



Juist! Zie ERC guidelines

Hulpverlener 1: beademt 2 maal

Hulpverlener 2: voert 15 thoraxcompressies uit.



Fout: zie ERC guidelines

Hulpverlener 1: beademt en doet hartmassage

Hulpverlener 2: wacht tot hulpverlener 2 vraagt om over te nemen.



Fout: zie ERC guidelines

VRAAG 36
Het risico op besmetting met het HIV-virus na contact t.g.v. mond-op-mond-beademing is even groot dan na en naaldprik.




Juist

Neen. Deze stelling klopt niet. Zie ERC-richtlijnen voor BLS pag S12.

Onjuist

Inderdaad. Deze stelling is niet correct. Zie ERC-richtlijnen voor BLS pag S12.

VRAAG 37
Het gebruik van een zakdoek bij een mond-op-mond-beademing biedt een goede bescherming tegen allerhande virusinfecties.




Juist

Neen. Deze stelling klopt niet. Zie ERC-richtlijnen voor BLS op pag S12

Onjuist

Correct antwoord: deze stelling klopt niet. Informatie vindt u terug in de ERC-richtlijnen voor BLS op pag S12.

VRAAG 38
In de speeltuin ziet u een 2-jarig kind rustig spelen, wanneer het plots ademhalingsmoeilijkheden kreeg. U stelt een inspiratoire stridor vast, het meisje hoest wat en is in paniek. Duid de meest waarschijnlijke diagnose aan.




Epiglottitis

Fout. Het kind ziet er absoluut niet ernstig ziek uit en zit niet met een “tripod-sign”.

Valse kroep / laryngitis stridulosa

Fout. Geen infectieuze tekens.

Hysterie

Fout. Deze diagnose zou kunnen maar op die leeftijd zonder wenen of abnormaal reageren is deze diagnose onwaarschijnlijk.

Obstructie door vreemd voorwerp

Juist.

VRAAG 39
Op een trouwfeest zit schuin over U een man die plots begint te hoesten, en al heel snel tekens van zwakte en uitputting begint te vertonen. Hij lijkt te stoppen met ademen en hoest ook niet meer. Hij vertoont neiging tot bewustzijnsverlies en schuift van zijn stoel. Duid de meest aangewezen handeling aan.




Leg de patiënt op de grond en begin de reanimatieprocedure.

Juist. Deze manoeuvre is correct omdat de patiënt bewusteloos is én (beginnende) tekens van ademhalingsstilstand vertoont. Zoals aangegeven op pagina S17 van de recente richtlijnen van de E.R.C. zal men daarna onmiddellijk de hulpdiensten (112) verwittigen en daaropvolgend steeds de reanimatieprocedure starten zonder de pols te controleren (dit geldt ook voor professionelen) (tekst vanaf punt 5 B op pag S10 van de ERC-richtlijnen).

Leg de patiënt op de grond en geef hem 5 korte, hevige slagen tussen zijn schouderbladen.

Onjuist. Van zodra de patiënt tekens van bewustzijnsverlies vertoont (waardoor relaxatie van de larynxspieren ontstaat) brengt men de patiënt op de grond en waarschuwt men onmiddellijk de hulpdiensten (112) waarna CPR gestart wordt (vanaf punt 5 B op pag S10 van de ERC-richtlijnen).

Leg de patiënt op de grond en voer het Heimlichmanoeuvre uit (handen over elkaar tussen processus xyphoideus en navel, plotse beweging naar boven en binnen).

Onjuist. Van zodra de patiënt tekens van bewustzijnsverlies vertoont (waardoor relaxatie van de larynxspieren ontstaat) brengt men de patiënt op de grond en waarschuwt men onmiddellijk de hulpdiensten (112) waarna CPR gestart wordt (vanaf punt 5 B op pag S10 van de ERC-richtlijnen).

Laat de patiënt op zijn stoel zitten, buig zijn romp lichtjes naar voor en voer het Heimlichmanoeuvre uit.

Onjuist. Van zodra de patiënt tekens van bewustzijnsverlies vertoont (waardoor relaxatie van de larynxspieren ontstaat) brengt men de patiënt op de grond en waarschuwt men onmiddellijk de hulpdiensten (112) waarna CPR gestart wordt (vanaf punt 5 B op pag S10 van de ERC-richtlijnen).

GECOMBINEERDE VRAAG “MATCHING”

VRAAG 40 - A


Een 50-jarige man wordt tijdens een zakendiner plots onwel. Hij hoest, zweet en vertoont een inspiratoire stridor.

Welke aanpak past bij deze klinische situatie.




Rugligging: head tilt – chin lift

Onjuist. Zoek nogmaals.

Heimlich manoeuvre

Onjuist. Zoek nogmaals.

Leg in veiligheidshouding

Onjuist. Zoek nogmaals.

Geef 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen

Dit is inderdaad het correcte antwoord.

Back blows / rugslagen

Onjuist. Zoek nogmaals.

VRAAG 40 - B


Een 60-jarige man werd plots onwel en glijdt op de grond met zijn aangezicht naar de vloer. U stelt vast dat hij bewusteloos is. U wil zijn ademhaling nagaan.

Welke aanpak past bij deze klinische situatie.




Rugligging: head tilt – chin lift

Dit is inderdaad het correcte antwoord.

Heimlich manoeuvre

Onjuist. Zoek nogmaals.

Leg in veiligheidshouding

Onjuist. Zoek nogmaals.

Geef 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen

Onjuist. Zoek nogmaals.

Back blows / rugslagen

Onjuist. Zoek nogmaals.

VRAAG 40- C


Een 8 maand oude baby verslikt zich tijdens het eten. Hij begint te hoesten, wordt blauw en is in distress.

Welke aanpak past bij deze klinische situatie.




Rugligging: head tilt – chin lift

Onjuist. Zoek nogmaals.

Heimlich manoeuvre

Onjuist. Zoek nogmaals.

Leg in veiligheidshouding

Onjuist. Zoek nogmaals.

Geef 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen

Onjuist. Zoek nogmaals.

Back blows / rugslagen

Dit is inderdaad het correcte antwoord.

VRAAG 40 - D


Een 18-jarige jongen die lijdt aan het Syndroom van Down, verslikt zich tijdens het eten. U geeft hem 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen, maar dit lijkt de dyspnee niet te verbeteren.

Welke aanpak past bij deze klinische situatie.




Rugligging: head tilt – chin lift

Onjuist. Zoek nogmaals.

Heimlich manoeuvre

Dit is inderdaad het correcte antwoord.

Leg in veiligheidshouding

Onjuist. Zoek nogmaals.

Geef 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen

Onjuist. Zoek nogmaals.

Back blows / rugslagen

Onjuist. Zoek nogmaals.

VRAAG 40- E


U wordt geroepen bij en 45-jarige dame. Zij is aan alcohol verslaafd en haar kinderen hebben haar 10 minuten geleden op de grond gevonden. Ze is bewusteloos maar ademt rustig.

Welke aanpak past bij deze klinische situatie.




Rugligging: head tilt – chin lift

Onjuist. Zoek nogmaals.

Heimlich manoeuvre

Onjuist. Zoek nogmaals.

Leg in veiligheidshouding

Dit is inderdaad het correcte antwoord.

Geef 5 korte en hevige slagen tussen de schouderbladen

Onjuist. Zoek nogmaals.

Back blows / rugslagen

Onjuist. Zoek nogmaals.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina