Beheer- en ontwikkelplan Nationaal Park Zuid-Kennemerland 2014-2024 Agendapunt 3 Overlegorgaan 14 mrt 2014



Dovnload 258.68 Kb.
Pagina3/8
Datum20.08.2016
Grootte258.68 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8

1.4 Leeswijzer


Na dit inleidende hoofdstuk volgt een beschrijving van de huidige stand van zaken van NPZK (hoofdstuk 2) en van een overzicht van ontwikkelingen en wensen waarmee rekening gehouden moet worden bij het bepalen van het toekomstig beleid voor het Park (hoofdstuk 3). Vervolgens komt het hart van het rapport (hoofdstuk 4 tot en met 6); de visie en de uitwerking daarvan in beleidskeuzes, doelen en concrete projecten en maatregelen. De opbouw hiervan is als volgt:

Hoofddoelstellingen

Nationale Parken


Streefbeelden

en rand-voorwaardenNPZK

Beleidskeuzes

Projecten en maatregelen

Uitwerking beleidskeuzes in concrete en toetsbare doelen
pijl-rechts 12 pijl-rechts 14


pijl-rechts 104pijl-rechts 13

Kaarten zijn achter in dit rapport opgenomen (PM).



2 NP Zuid-Kennemerland: de stand van zaken

2.1 NP Zuid-Kennemerland en zijn omgeving


Nationaal Park Zuid-Kennemerland ligt aan de rand van de Metropool Regio Amsterdam; een van de sterkste economische regio’s van Europa. Het is een regio met een hoge ruimtelijke druk. In deze stedelijke context heeft het Nationaal Park een belangrijke functie, zowel voor de natuur als voor de recreanten. Direct tegen het Park ligt een band van dorpen en steden. Voor de bewoners van deze plaatsen heeft het NPZK een grote waarde. Zij maken intensief gebruik van het Park.
NPZK is niet het enige groengebied in de regio. Er zijn er meer, elk met een eigen karakteristiek. Aansluitend op het Nationaal Park, aan de zuidzijde, liggen de Amsterdamse Waterleidingduinen. Een gebied dat natuurlijk en landschappelijk veel lijkt op de duinen die binnen het Park liggen. Voor recreanten zijn er enkele belangrijke verschillen; in de Waterleidingduinen mogen wandelaars op veel plekken van de paden af (struinen), maar kunnen recreanten niet fietsen. Voor fietsers zijn er juist veel mogelijkheden binnen het Park. Landschappelijk is een belangrijk verschil dat er in de Waterleidingduinen veel watergangen liggen. Aan de noordwestzijde van het Park ligt het Kennemerstrand. Deze duinvallei is deels in beheer bij Natuurmonumenten, deels bij Stichting Duinbehoud en deels bij de Werkgroep Vrienden van het Kennemerstrand.1 Voor recreanten zijn de parken in de verschillende woonkernen van groot belang. Vooral voor het dagelijkse ommetje en de rondjes met de hond, voorzien deze in een grote behoefte. Ook dichtbij NPZK ligt Spaarnwoude. Dit recreatiegebied is, evenals NPZK, van belang voor wandelen en fietsen maar hier kan men ook terecht voor allerlei intensievere vormen van recreatie, zoals ATB-en, dagkamperen en het bezoeken van landelijk bekende festivals en evenementen als Dance Valley en Dutch Valley.

2.2 Een karakterisering van NP Zuid-Kennemerland


Jonge, kalkrijke duinen met bijbehorende bloemrijke duingraslanden met veel zeldzame en voor een dergelijk biotoop karakteristieke flora en fauna. Maar ook duinen met gevarieerde bossen. Dat zijn belangrijke kenmerken van Nationaal Park Zuid-Kennemerland. Dit natuurlijke landschap vormt een boeiend contrast met landgoederen en andere cultuurhistorische elementen zoals bunkers en het zeedorpenlandschap die ook in het Nationaal Park te vinden zijn.
Het strand en de zeereep vormen een voor flora en fauna ruig gebied. Door de vaak krachtige wind en het zeewater dat het kalkrijke zand met grote regelmaat overspoelt zijn hier alleen pioniersplanten als biestarwegras en zeeraket te vinden. Op de eerste duinenrij groei helm, de binnenzijde van deze eerste duinenrij kent een milder klimaat. Daar is de begroeiing afwisselender, met onder andere duindoorn en vlier. In het gebied iets meer landinwaarts, dat in lage delen vaak nat is, kunnen bijzondere planten groeien zoals parnassia en orchideeën. En dieren als de rugstreeppad voelen zich hier ook prima thuis. De soortenrijkdom in deze valleien is sterk toegenomen sinds de waterwinning is gestopt (2003). Ook beheermaatregelen, zoals het verwijderen van de rijke bovengrond, maaien en het inzetten van grote grazers, hebben er toe bijgedragen dat diverse bijzondere planten en dieren weer terug zijn gekomen. Het duinreliëf en het stuivend zand maken dat het gebied ook aardkundig van groot belang is.
De laatste decennia zijn de droge duinen dichtgegroeid met grassen en struiken onder invloed van stikstofrijke neerslag en afwezigheid van konijnen door ziekten. Omdat dichtbegroeide, stilstaande duinen verzuren en verouderen zal specifieke duinflora- en fauna verloren gaan. Daarom is de laatste jaren veel gedaan om meer verstuiving te krijgen. Zo hebben beheerders hiervoor op diverse plaatsen de begroeiing en de voedselrijke bovenlaag van de grond verwijderd. Hele duinen, zoals het grote duin 'de Bruid van Haarlem' en de buitenduinen in de Noordwest Natuurkern tussen IJmuiden en Bloemendaal aan Zee, komen zo weer in beweging. De beheerders houden het stuiven van de duinen nauwlettend in de gaten.
In de middenduinen domineren struwelen van duindoorn, meidoorn en kardinaalsmuts en aan de oostzijde van het Park zijn grote delen bosrijk van karakter. In het verleden zijn hier veel dennen aangeplant, maar ook eiken en andere boomsoorten. Het bos is erg gevarieerd. In de struweel- en boszone is de Amerikaanse vogelkers te vinden. Deze soort wordt overigens als ongewenste, sterk invasieve soort beschouwd en daarom bestreden. In grote delen van het Park is de Amerikaanse vogelkers daardoor nagenoeg verdwenen maar plaatselijk komt deze nog wel veelvuldig voor.
Omdat het Park dichtgroeit met grassen en struiken wordt nagenoeg het hele Park begraasd. Met Schotse hooglanders, koniks, shetlandpony’s en schapen proberen de beheerders de begroeiing weer open en gevarieerd te krijgen.
In het Park komen vele diersoorten voor. Voor de meeste diersoorten vindt geen speciaal beheer plaats. Voor padden zijn wel speciale voorzieningen aangelegden die worden onderhouden. Reeën zijn in het verleden beheerd door afschot, maar dat is bij de huidige stand niet meer nodig. Damherten werden tot 2010 bejaagd aan de randen van het Park, dit met ontheffing van de provincie, om de populatie beperkt te houden en verkeersonveilige situaties te voorkomen. De laatste jaren mocht er niet gejaagd worden, in de toekomst zal dit mogelijk wel weer gebeuren. Een nieuwe ontheffing hiervoor is aangevraagd. Uitgangspunt van NPZK ten aanzien van faunabeheer is, overeenkomstig de wetgeving: ‘geen jacht, tenzij...’ .
De soortenrijkdom is groot in het Park. Er zijn meer dan 660 plantensoorten geteld, waarvan er 27 bijna nergens anders voorkomen; er komen uitzonderlijk veel verschillende paddenstoelensoorten voor; er broeden wel 100 vogelsoorten en ook is er een bont insectenleven. Vanwege de belangrijke natuurwaarden die binnen NPZK aanwezig zijn, maakt het gebied in zijn geheel deel uit van het Natura 2000-gebied Kennemerland-Zuid. Daarnaast zijn de duinen van NPZK in 2006 benoemd tot Aardkundig Monument. Op Europese schaal bezien, zijn duinen zoals in NPZK namelijk heel bijzonder. Dit vooral vanwege de complete reeks duinen, liefst vijf verschillende rijen, van embryonaal op het strand tot de hoge binnenduinrand. Ook heel bijzonder is dat de duinen, met name aan de strandzijde, kunnen ‘lopen’ en dat actieve duinvorming plaatsvindt op het strand bij IJmuiden. Zand wordt hier door de wind meegenomen en vormt hoopjes zand, bijvoorbeeld achter een bosje helm of een stuk drijfhout. Dit groeit vervolgens uit tot een duinenrij. Doordat deze jonge duintjes niet helemaal aansluiten op de oude vastgelegde zeereep ontstaat hiertussen plaatselijk een brakke kwelzone waar bijzondere planten en dieren leven. Zo’n situatie is tegenwoordig heel zeldzaam.
Landschappelijk bijzonder waardevol zijn de diverse landgoederen en buitenplaatsen die in de binnenduinrand te vinden zijn, zoals Caprera, Elswout, Koningshof, Schapenduinen en Duin & Kruidberg. Landgoederen met stuk voor stuk een eigen geschiedenis.
Vanuit cultuurhistorisch oogpunt is NPZK ook een interessant en waardevol gebied. Want al eeuwenlang leven er mensen in het duin en maken mensen op een of andere manier gebruik van de natuur. Tijdens archeologische opgravingen zijn waardevolle vondsten van boerderijplattegronden uit de vijfde eeuw na Christus gedaan. Ook de Tweede Wereldoorlog heeft haar sporen achtergelaten in het Nationaal Park. Onder andere de vele bunkers die in groepen dicht langs de kust als onderdeel van de Atlantikwal nog in het gebied te vinden zijn en de Eerebegraafplaats zijn prominente voorbeelden hiervan.
Het Park biedt volop mogelijkheden aan recreanten die op een rustige manier van de natuur, het landschap of de cultuurhistorie willen genieten. Zij komen ook in groten getale. NPZK trok in 2008 zo’n 1,8 miljoen bezoeken per jaar. Circa 80% van de bezoekers komt uit de regio en het grootste deel daarvan (60% van het totaal aantal bezoekers) komt zelfs uit de directe omgeving. Vijftig-plussers vormen de grootste bezoekersgroep. Wandelen is veruit de populairste activiteit (76%). Uit recreatieonderzoek blijkt dat recreanten NPZK ook hoog waarderen; ze geven het Park een 8,2. Het herhalingsbezoek is hoog (ruim 90%). Van de natuur, het landschap en de cultuurhistorie genieten kan op veel manieren binnen NPZK, zolang het gaat om rustigere vormen van recreatie. Men kan er recreatief wandelen en fietsen, meer sportief trimmen en paardrijden, op één plek verblijven om te picknicken, spelen of zwemmen, de natuur bestuderen, iets leren of zelf iets bijdragen als vrijwilliger. Mensen kunnen er zelf op uit trekken maar er worden ook veel activiteiten georganiseerd voor particulieren, groepen, scholen en bedrijven. In en om het Park is een flink aantal recreatie- en horecaondernemers gevestigd. Van hen zijn er 19 die zich officieel 'Gastheer van het Nationaal Park Zuid-Kennemerland' mogen noemen.
Er zijn 22 entrees waar recreanten het gebied in kunnen. Er zijn 8 hoofdtoegangen en hier is de terreininrichting afgestemd op grotere aantallen bezoekers. Hier zijn voorzieningen zoals een natuurspeelterrein, een klimduin, een zwemplas en de startpunten van de gemarkeerde routes. Andere terreindelen zijn slechts na een flinke tocht per fiets of te voet te bereiken. Hier komen vooral natuurgenieters en rustzoekers aan hun trekken. Natuur staat hier voorop. Het Kraansvlak is alleen buiten het broedseizoen toegankelijk voor recreanten. Hier loopt een kudde wisenten. De toegangen liggen op logische plekken ten opzichte van belangrijke aanvoerroutes en aangrenzende woonwijken en hangen samen met de zonering die vanuit natuur- en recreatie optiek gewenst is. Uit onderzoek blijkt dat de zonering voor recreatie goed functioneert.
Door het Park lopen verbindingswegen en –paden richting de stranden van Zandvoort, Bloemendaal en Velsen. Er komen daardoor ook flink wat mensen door het gebied heen die uitsluitend het strand als doel hebben.
Educatie is een van de hoofdtaken van Nationale Parken. IVN heeft hierin een belangrijke rol, waarbij goed wordt samengewerkt met de beheerders. Bij educatie gaat het om kennisoverdracht in brede zin; voor een ieder die geïnteresseerd is in de vele aspecten die in NPZK te vinden zijn. Een belangrijke doelgroep hierbij zijn de scholen, met name in het basisonderwijs. Bezoekers kunnen voor kennis over het gebied terecht in het geheel nieuwe bezoekerscentrum en het informatiepunt op Elswout en tijdens de vele activiteiten en evenementen. Ook communicatie is een belangrijke taak van het Park. NPZK onderhoudt veel contacten met bezoekers, omwonenden en anderszins geïnteresseerden in en rond het Park.
In het Nationaal Park vindt veel onderzoek plaats: naar flora, fauna, cultuurhistorie en recreatie. Dit onderzoek gebeurt zowel door professionals van de diverse terreinbeherende organisaties, door onderzoekers en studenten van universiteiten, hogescholen en kennisinstellingen als door vrijwilligers.
Vrijwilligers hebben niet alleen een rol in onderzoek. Zo zijn er ook veel vrijwilligers actief betrokken bij het onderhoud van het gebied en bij het leiden van schoolexcursies. Er zijn vrijwilligers die door het bezoekerscentrum of een van de beheerders worden aangestuurd en er zijn vrijwilligers van zelfstandige clubs buiten het NPZK (bijvoorbeeld KNNV, Vogelwerkgroep).

Het Nationaal Park Zuid-Kennemerland wordt bestuurd door een Overlegorgaan met daarin een groot aantal organisaties. De samenwerking tussen al deze organisaties is goed. De terreinbeheerders beheren het gebied als waren zij één beheerder. Zij hebben veel contact met elkaar en dit verloopt doorgaans constructief.





1   2   3   4   5   6   7   8


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina