Behoeften zaken waar mensen naar verlangen Behoeften zijn oneindig groot



Dovnload 336.49 Kb.
Pagina3/6
Datum22.07.2016
Grootte336.49 Kb.
1   2   3   4   5   6

De meting van het nationaal inkomen

Het nationaal inkomen kan op drie manieren gemeten worden:

- De objectieve methode Nationaal produkt (W)

- De subjectieve methode Nationaal inkomen (Y)

- De bestedingsmethode
1. De objectieve methode
In deze methode gaat men ervan uit dat de waarde van het natio­nale produkt gelijk is aan de optelsom van de bruto toegevoegde waarden in de bedrijven en bij de overheid
Bedrijven:

Bruto toege- Het verschil tussen de waarde van de omzet

voegde waarde van dat bedrijf en de van andere bedrijven

gekochte kapitaalgoederen (- grondstoffen

- halffabrikaten

- hulpstoffen)


landbouw -- verkoop --- fabriek --- verkoop --- BrTW

graan fl 100,- meel fl 210,- fl 110,-


Natuurlijk kan je ook eerst alle omzetten bij elkaar optellen en dan alle investeringen eraf trekken (f 210 - f 100 = f 110).
Bij het hanteren van deze methode wordt niet de gehele omzet meegerekend maar alleen de BTW, dit voorkomt dubbeltellingen
Overheid:

Het bepalen van de bruto toegevoegde waarde is moeilijk uit te drukken omdat er voor veel overheidsdiensten geen verkoopprij­zen en dus geen omzetten bestaan


De schatting wordt gebaseerd op de produktiekosten van de over­heidsdiensten, bijvoorbeeld - salarissen ambtenaren

- afschrijvingen

- onderlinge leveranties
Bij de bepaling van het nationale produkt maakt men onderscheid tussen: - bruto en netto nationaal produkt

- nationaal produkt tegen factorkosten en marktprijzen

- nationaal produkt en binnenlands produkt
1.1 Bruto en netto nationaal produkt
Bij de berekening van het bruto nationaal produkt worden alle geproduceerde goederen meegerekend, zowel consumptie als inves­teringsgoederen. De investeringen zijn bruto investeringen.
Het Bruto Nationaal product wordt bepaald door:

- De totale omzet van de bedrijven op te tellen

- de totale kosten van de ingekochte kapitaalgoederen daarvan

af te trekken


Bruto investeringen bestaan voor een deel uit vervangingsinves­teringen. Wanneer men deze vervangingsinvesteringen niet meere­kent worden de netto investeringen berekend
Bij de berekening van het netto nationaal produkt telt men de vervangingsinveste­ringen niet mee.
Netto nationaal produkt = Bruto n.p. - vervangingsinvesteringen

1.2 Nationaal produkt tegen factorkosten en marktprijzen


Factorkosten:

Wanneer de nationaal geproduceerde hoeveelheid goederen wordt gewaardeerd tegen factorkosten, beschouwt men de totale waarde van de produktie als de optelsom van de vergoedingen die zijn betaald voor de ingezette produktiefactoren arbeid, natuur en kapitaal (alle betalingen voor arbeid, kapitaal en natuur).


Marktprijzen:

Wanneer de geproduceerde goederen en diensten gewaardeerd wor­den tegen marktprijzen, telt men bij de factorkosten de kost­prijsverhogende belastingen op (BTW), van dit bedrag worden de kostprijsverlagende subsidies afgetrokken (factorkosten + BTW

- kostprijsverlagende subsidies).
1.3 Nationaal produkt en binnenlands produkt
Binnenlands produkt tegen factorkosten:

Bij de berekening van het binnenlands produkt tegen factorkos­ten worden alleen de kosten van de binnenlandse produktiefacto­ren meegeteld


Netto nationaal produkt tegen factorkosten:

Het Netto nationaal produkt tegen factorkosten is gelijk aan de optelsom van het binnenlands produkt tegen factorkosten plus de per saldo uit het buitenland ontvangen vergoedingen voor het inzetten van binnenlandse produktiefactoren in het buitenland.


2. De subjectieve methode
D.m.v. de subjectieve methode bepaalt men de totale waarde van de inkomens. Alle primaire inkomens worden opgeteld. De over­drachtsinkomens worden niet meegeteld (bijv. AOW wordt al be­taald met bruto lonen van arbeiders).
primaire inkomens Bruto beloningen voor produktievediensten,

voor de produktiefactoren (ook wel oor-

spronkelijke inkomens genoemd)
Overdrachtsinkomens Inkomens die uit de oorspronkelijke inko-

mens aan andere personen worden overgedra-

gen, met name via het stelsel van sociale

zekerheid (bijv AOW, WW, ZW etc.)


3. De bestedingsmethode
Bij de berekening aan de hand van de bestedingsmethode worden de bestedingen van consumenten, particuliere investeerders, de overheid en het buitenland bijelkaar opgeteld.
De bestedingsbedragen worden berekend door de hoeveelheid nati­onaal produkt te vermenigvuldigen met de op de markt geldende prijzen. Hierbij gaat het dus altijd om factorkosten.
Officiële en officieuze economie
Officiële statistieken gevormd door het CBS 'vormen' officiële economie. De officiële economie bevat dus alle handelingen die officieel worden geregistreerd.

Alle economische handelingen die niet officieel worden geregis­treerd worden tot de officieuze economie gerekend.


officieuze economie bevat de z.g.n. verborgen inkomens:

- inkomen uit smokkel, diefstal, drugshandel en andere illegale

activiteiten

- zwart werk: inkomen is legaal verkregen maar wordt niet bij

de belastingdienst opgegeven

- legaal inkomen waarbij het niet verplicht is het op te geven

aan de belastingdienst: bijv. koerswinst / onroerend goed

- vrijwilligerswerk, doe-het-zelf-werkzaamheden


De omvang van het zwartegeldcircuit varieert van zo'n 10-40% van het nationaal inkomen
Economische groei en milieu
Economische groei in ruime zin - toename van de welvaart
Nominaal nationaal inkomen - Totaal inkomen dat in een land

in ontvangst wordt genomen


indexcijfer - verhoudingsgetal dat de waarde van een

grootheid uitdrukt als een percentage van

de waarde van de zelfde grootheid in een

basisperiode

(ink. in) periode t

index (n.n.i.) = ------------------- x 100

(ink. in) basisjaar
Reëel nationaal inkomen - Koopkracht van het Nationaal in-

komen
Het indexcijfer voor het Reële Nationale inkomen wordt alsvolgt berekend:


indexcijfer nominaal nationaal inkomen

-------------------------------------- x 100

prijsindexcijfer
ind. reëel nat. ink.

ind. reëel ink. p/h = -------------------- x 100

bevolk. ind.
Groei van reëel inkomen per hoofd hoeft niet te leiden tot welvaart:

- milieuvervuiling door verhoogde productie (negatieve

externe factor)

- oneerlijke inkomensverdeling

- levensduur goederen neemt af (door hogere produktie)
Toename van de welvaart hoeft niet altijd tot uitdrukking te komen in het groeicijfer van het reële inkomen per hoofd:

- ongeregistreerde welvaartstoename (doe-het-zelf-werk)

- toename scholingsgraad (positieve externe factor)

- vermindering behoeften (schaarste neemt af)


Voordelen economische groei:

- verbetering materiële levensstandaard

- minder werkeloosheid

- terugdringen financieringstekort van de overheid


Nadelen economische groei:

- milieuvervuiling

- overmatige consumptie

- groei gaat ten koste van andere menselijke waarden


Voorwaarden voor economische groei:

- productiecapaciteit in een land moet groter worden

- hierop moet een groei van de EV volgen

- deze twee moeten op elkaar afgestemd zijn om gelijke tred te

houden
Conjuctuurcyclus - golfbeweging van de EV
In grafiek moet aangegeven kunnen worden (blz 121):

- laagconjuctuur / hoogconjuctuur (onder- / overbesteding)

- depressie / economisch herstel
Harrod-Domarmodel:

- Wmax volledig benut

- kapitaalschaarste (W is dus afhankelijk van hoeveelheid K)
Conclusies

- Groeimodellen kunnen dienen als basis voor voorspellingen

- g(y) = k . s
Club van Rome:

Deed een onderzoek naar de invloed van langdurige economische welvaart op de natuurlijke hulpbronnen en omgeving.

conclusie: voedselproductie per hoofd zal afnemen --> grote armoede
Berekeningen idex:

inkomen in periode t

Nominaal nationaal inkomen = ---------------------------------

inkomen in het basisjaar


indexcijfer nominaal Nat. Inkomen

Reëel nationaal inkomen = ---------------------------------

prijsindexcijfer

index reëel Nationaal inkomen

Reëel inkomen per hoofd = ---------------------------------

bevolkingsindex




1   2   3   4   5   6


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina