BestuurWijzer 1 april 2011, Nummer 20



Dovnload 176.62 Kb.
Pagina1/2
Datum22.07.2016
Grootte176.62 Kb.
  1   2

BestuurWijzer
1 april 2011, Nummer 20

Gratis periodiek voor (toekomstige) bestuursleden

Verschijnt 3-maandelijks
Redactie

Rob Stravers


Voor alles wat een bestuurstaak kan vergemakkelijken, dus ook het omgaan met jezelf...

Voor advies bij: fusie, geschillen, beleid, samenwerkingsvormen, inspraakvormen, vergadertechnieken, voorbereiding en opbouw van lastige gesprekken, notulering, vergaderagenda en toespraken. rob.stravers@wxs.nl




Alle uitgekomen nummers staan op: www.bridgevraagbaak.nl, onder BridgeService




Inhoud
1 Reacties op het vorige nummer

3 Omgaan met nét begonnen bridgers

5 Startersbridge

6 Gepeild: het voeren van een lastig gesprek

13 Kun je als bestuur een besluit van de ALV negeren?

14 Etiquette Hoe schoon zijn wij aan de bridgetafel?


19 Vraag & Antwoord

19 Mogen derden bezwaar aantekenen?

19 Liever een verplicht bod in de 4e hand dan een rondpas?

20 Ervaring Bridgemate II gevraagd



21 Correct alerteren moeten we weer leren…

22 Partnerwisseling in de Interne Competitie

23 Correcties achteraf

24 Duidelijke regels voor de degradatiepoule

25 De valkuil van gezelligheid

27 Hoe ga ik als voorzitter om met een (dreigende) rel?

29 Nieuwe bezems…

30 Stoppen van intimiderend gedrag

30 Flexibel omgaan met bestuurfuncties

Reacties op het vorige nummer




Voor de bijdrage van Roelof Santing mijnerzijds niets dan lof. Zijn betoog is me uit het hart gegrepen.

Het is inderdaad een hardnekkig misverstand dat van alles door de NBB is geregeld en vastgelegd. Kennelijk weet men niet dat de verenigingen zelf een grote mate van vrijheid hebben om regels vast te stellen. Clubs die lid zijn van de NBB zijn gebonden aan de spelregels en aan het wedstrijdreglement van de NBB. Echter, dat wedstrijdreglement geeft de clubs, in dat reglement aangeduid met RB, de vrijheid om op vrijwel alle punten andere regels te hanteren. Een voorbeeld: alerteren wordt inderdaad verplicht gesteld, maar dat betekent niet dat de alerteerregeling onverkort moet worden overgenomen. Als men het alerteren van Stayman en Jacoby onzin vindt, kan je dat dus zonder meer schrappen. Wie een opkomstplicht wil en automatische degradatie bij één keer afwezigheid, ongeacht de oorzaak, kan dat zo vaststellen. Maar evenzogoed kan een club een systeem van volledige vrijheid, blijheid invoeren. Een standaardsysteem voor één of alle lijnen? Ga gerust uw gang. Geen verbod op bruine stickerconventies en hoogst ongebruikelijke methodes? Ook dat is een vrije keuze voor een club.

Je loopt pas tegen de grenzen aan als je een andere scoremethode wilt hanteren, bijvoorbeeld omdat je vindt dat 3H-1 beter hoort te worden beloond dan 2H-1, want je hebt toch een slag meer gemaakt. Dan ga je de grens over, maar zelfs dan denk ik niet dat je onmiddellijk uit de bond wordt gezet. En, zoals Roelof schreef, je kan als club kiezen of je lid wordt van de NBB of niet.

Joost Boswijk




Reactie van Roelof


Beste Joost,

 

Hartelijk dank voor deze reactie. Doet me goed te ontdekken dat ik blijkbaar - in de ogen van minstens één persoon - geen volslagen onzin heb uitgekraamd.



 

Toch een kanttekening. Ik ben persoonlijk niet zo'n voorstander van een clubinterpretatie van de alertregels. Immers, als de clubleden "elders" spelen, zijn ze weer gehouden aan het NBB-alerteerreglement, en dan zijn ze het niet gewend. Daarom blijf ik af van de spelregels (inb alerteerregels), al is het maar ter bescherming van de leden.

 

En voor alle duidelijkheid: zodra één van de drie clubs,  waar ik lid van ben, zou besluiten "uit de NBB" te stappen, stap ik per direct op bij die club. We hebben de overkoepelende Bond hard nodig (wil natuurlijk niet zeggen dat ik het met alles altijd eens ben, en alles voor zoete koek slik). Maar grosso modo doen ze het echt niet zo slecht (vind ik )



Roelof Santing


Adviesraad van de NBB zonder vertegenwoordiging van de jeugd?

Ik mis in de Adviesraad de jeugd dan wel het jeugdbridge. Ik denk een absolute must.

Bridgen heeft toch een toekomst mag je aannemen.

Hans Salemink


Deze begrijpelijke zorg legde ik voor aan de voorzitter van de Adviesraad, Frank Verhagen.


De Adviesraad wordt geacht gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen binnen de kaders van het huidige beleidsplan 2009 – 2012 “Kansen verzilveren”. Op bladzijde 27 is de huidige situatie als volgt beschreven.

“Bridge is moeilijk te leren en heeft een saai en grijs imago; de introductie van bridge is moeilijk door tijdsdruk bij jeugd, scholen en gezinnen en poker zuigt de interesse bij de jeugd voor bridge weg. Al jarenlang voert de NBB een actief beleid om jeugdleden binnen te halen. Ondanks de vele goede inspanningen neemt het aantal jeugdleden voortdurend af. De duizenden basisscholieren die elk jaar minibridge leren haken na de cursus massaal af. Het project Studentenbridge is weinig succesvol. Het lijkt dan ook weinig zinvol om het huidige jeugdbeleid te intensiveren.”

Dat is de reden dat wij besloten hebben om het imago van bridge als een van de eerste onderwerpen aan te pakken. In de hoop dat in de  toekomst het imago van bridge beter zal aansluiten bij de verwachtingen van de jeugd.

Frank Verhagen





Omgaan met nét begonnen bridgers
Rob Stravers

Landelijk worden veel bridgecursussen georganiseerd voor beginners. Helaas neemt een flink deel van de afzwaaiende cursisten niet de beoogde vervolgstap naar de bridgeclub.


De NBB vroeg mij een boekje te schrijven dat de drempel naar de bridgeclub opblaast. Dat pakte ik als volgt aan. Ik nodigde net begonnen bridgers uit deel uit te maken van een speciaal Lezerspanel. En de informatie die daaruit komt is werkelijk goud waard. Ik nodigde hen uit aan te geven wat ze de zwakke en sterke punten vonden van hun bridgedocent en van hun eerste club. Ik heb al die reacties gegoten in adviezen. In het laatste nummer van Gedoseerd Doceren nam ik de tien adviezen op voor bridgedocenten. De clubbestuurders kan ik nóg blijer maken, want voor hen heb ik liefst dertien adviezen!
Adviezen voor Clubbesturen

  1. Reageer enthousiast als beginnende bridgers vragen om te mogen meekijken. Zelfs als je op dat moment geen nieuwe leden kunt aannemen. Te vaak voelen enthousiaste beginners zich afgescheept.




  1. Stem vóóraf de komst van beginners af met de clubleden. Leg de noodzaak uit van hun komst en lidmaatschap. Vertel ook duidelijk welke houding naar de beginners gewenst is en welke zeer ongewenst. In ieder geval niet ongevraagd les geven. En zeker niet opjagen. Herinner de ervaren bridgers aan hun eigen eerste schreden op de bridgevloer.




  1. Zorg voor soepel omgaan met tijdsdruk, zoals zonder probleem een spel minder spelen. Niet jachten in de hoop op een extra top!




  1. Voorkom ingewikkelde/storende conventies in de laagste lijn; in ieder geval tegen beginners.




  1. Wees als bestuur zichtbaar voor de beginners, zorg voor begeleiding en vraag regelmatig naar de voortgang.




  1. Laat de arbiters kennismaken met de beginners en uitleggen hoe met onregelmatigheden wordt omgegaan.



  1. Maak, en geef, een schriftelijke handleiding waarin de belangrijkste aandachtpunten staan zoals:

  • Hoeveel minuten heb je per spel en per ronde; en hoe wordt omgegaan met (dreigende) tijdsoverschrijding?

  • Als er niet geopend kan worden, moet of mag er dan opnieuw worden geschud?

  • Wie is de arbiter?

  • Hoe is de tafelschikking? Waar staan welke tafels?

  • Is alerteren en het overleggen van een systeemkaart verplicht. Hoe wordt omgegaan met spelers die zich daar niet aan houden?




  1. De nieuwe leden uitnodigen om een uur voor aanvang van hun allereerste zitting te komen. Een bestuurslid stelt hen dan op de hoogte van alle praktische weetjes.




  1. Toestaan dat beginners aan tafel het lijstje (met biedingen en antwoorden) raadplegen.




  1. Na enkele zittingen alle nieuwelingen uitnodigen voor een evaluatie van de kennismaking en eerste zittingen. Bijvoorbeeld een halfuur voor aanvang van de zitting.




  1. Begeleiders ‘aanwijzen’ voor het beantwoorden van alle mogelijke vragen over de club en het spel.



  1. Voor het laten deelnemen aan een Viertallenwedstrijd duidelijk uitleggen dat deze wedstrijdvorm veel confronterender is dan Paren; voorkom dat beginners kansloos worden weggespeeld door ze een volle zitting tegen veel sterkere tegenstanders te laten spelen.

  2. Als een beginner een partner zoekt, niet de automatisch koppelen aan een lastig lid dat chronisch zonder partner zit.

Over de inhoud van deze aandachtspunten is geen discussie mogelijk. Alle onderwerpen zijn namelijk gespuid door de beginnende bridgers zelf. En met alle respect: hoe meer ervaring je hebt als docent, clubbestuurder of clubbridger, des te moeilijker je je kunt verplaatsen in wat beginnende bridgers denken en voelen.


We zullen deze adviezen dan ook uitermate serieus moeten nemen…


Startersbridge
Roelof Santing

In het decembernummer van “Gedoseerd Doceren” hield Nancy de Boer een pleidooi voor Startersbridge.


Ik benadruk dat Startersbridge echt werkt !
Als voorbeeld hoe dat wellicht kan worden aangepakt, beschrijf ik het proces bij de Lunterse Bridgeclub. In januari 2010 werd bij deze club het project Startersbridge gestart. Binnen enkele maanden heeft dat geresulteerd in een extra lijn met 36 nieuwe leden.
Ben je geïnteresseerd in het HOE en WAT? Vraag dan bij Rob (rob.stravers@wxs.nl) nummer 3 aan van Gedoseerd Doceren!
Zakt het ledental van je club terug, dan kun je niet om Startersbridge heen!


Gepeild: het voeren van een lastig gesprek



Bestuurswerk doen we op basis van vrijwilligheid. Alhoewel een groot deel van de clubbestuurders zich toch ook wel verplicht voelde zich kandidaat te stellen, omdat niemand anders die functie wilde.


En gelukkig is het grootste deel van het bestuurswerk ronduit leuk. Maar… af en toe kan er toch ook wel een redelijk lastige klus op onze rails liggen. Hoe gaan we daarmee om? Ik heb een redelijk lastige hobbel voorgelegd aan de lezers van BestuurWijzer. Ik geef het vraagstuk, de ontvangen aanpakken daarop, en ik sluit af met mijn advies.


Vraagstuk

Je bent bestuurslid van een club. Een van de arbiters, Klaas, staat al jarenlang bekend als een uitermate aimabel mens. De meest gevoelige arbitragezaken lost hij op uiterst beminnelijke wijze op.

 

Maar… de afgelopen maand krijgt het bestuur steeds vaker klachten over de wijze waarop Klaas met de leden omgaat. Recent dreigden zelfs twee leden de club te verlaten als het bestuur hier niet snel iets aan doet.



 

Jij als voorzitter hebt Klaas uitgenodigd voor een gesprek. Jullie hebben elkaar in een aparte ruimte begroet, en zijn gaan zitten. KLaas kijkt jou dan vol verwachting aan.



 

De ontvangen reacties:


Ik zou beginnen met iets als: ‘Hoe is het met je familie?’
Om het iets ontspannen te maken.
Hij zou wel weten waar het om ging.
En daarna de kwestie op tafel leggen.




Natuurlijk vraag ik of Klaas koffie wil. en dan vraag ik hoe het met hem gaat. en of hij het naar zijn zin heeft. en zo kabbelen we voort. want klaas heeft natuurlijk ergens een probleem. ik hoop dat hij erover wil praten. en dat ik hem kan helpen.




In onze situatie, 105 leden waarvan 13 met een arbitersdiploma en 7 aktief als arbiter, zou ik starten met het geven van een korte beschrijving van de ontvangen klachten en Klaas willen vragen of hij zich herkent in deze klachten en zo ja wat gezien zijn enorme staat van dienst de beste remedie zou kunnen zijn. Vervolgens zou ik nog even willen memoreren dat wij als club standaard al onze leden een gratis arbitersopleiding aanbieden en hem willen complimenteren met het feit dat hij jaren geleden al deze uitdaging is aangegaan. Wij staan nu voor een nieuwe uitdaging "Hoe lossen we nu de ontvangen klachten samen op". Aan Klaas nu het woord.




Ik zou beginnen met Klaas op zijn gemak te stellen en vragen hoe het met hem gaat. Hoe het thuis gaat en of hij het nog naar de zin heeft op de club.

Heel vaak krijg je meteen spontaan een uitbarsting van wat er de laatste tijd allemaal over hem heen is gekomen. En dat verklaart dan natuurlijk het gedrag en dan kan je naar een (tijdelijke) oplossing zoeken.

Als Klaas meldt dat alles gewoon zijn gangetje gaat, vraag je verder over de lastige en eenvoudige arbitrages. Hoe hij dat ervaart. Soms zijn een aantal mensen echte "zeikerds" en als die voor de zoveelste keer proberen hun score te verbeteren over de rug van de arbiter, kan ik me voorstellen dat je wat kregelig gaat reageren. ook hier geef je hem ruimschoots de gelegenheid om hulp of begrip te vragen voor zijn omstandigheden en kan je hem helpen een oplossing te vinden.

 

Als Klaas vindt dat er helemaal geen vuiltje aan de lucht is, geef ik hem mee, dat er mensen zijn die klachten hebben over zijn manier van doen. Ik begrijp dat de arbitrage inhoudelijk niet ter discussie staat, maar wel hoe de boodschap verpakt is. Ik zou beginnen met te melden, dat er in al die jaren alleen maar lovende kritieken zijn geweest, maar de laatste weken gaat het niet lekker.



 

Als Klaas er niet meteen mee stopt (dat zou ik persoonlijk als verlies ervaren) kan je voorstellen, dat we het arbiterscorps gaat uitbreiden met een paar juist afgestudeerde CLA's of CLB's. De nieuwe arbiters gaat de arbitrages in eerste instantie doen en Klaas fungeert als wedstrijdleider: hij stuurt de arbiters aan en in geval van twijfel neemt hij de beslissing. Los je ook meteen het probleem op wat ontstaat als Klaas vandaag of morgen niet (meer) beschikbaar is. Als coach voor de nieuwe arbiters moet zijn ego toch geen al te grote deuk oplopen, lijkt me. Je haalt hem wel meteen uit de eerste lijn en dus krijgen we weer rust in de tent.

 

Je moet het enerzijds tactvol brengen, maar als het erop aan komt, moet je wel iemand de waarheid kunnen zeggen. Zo balanceren kunnen slechts weinigen en ik ben bang dat ik daar niet toe behoor.



 

Ik zou vragen hoe het met Jan gaat........

 


Door Klaas apart te nemen is al een zekere situatie gecreëerd. Ik zou daarom niet teveel tijd besteden aan inleidende woorden en meteen met de deur in huis vallen. In de geest van “Klaas, ik weet niet of jij er zelf al wat van gemerkt hebt, maar ik krijg al enige tijd signalen dat je bij je arbitrale bezigheden wat bitserig overkomt. Ben jij je daarvan bewust?“ En dan maar kijken hoe het gesprek verder loopt.

Ik kan mij overigens niet voorstellen dat ik er al niet eens terzijde met hem over gepraat zou hebben. Dan zou het gesprek in het verlengde daarvan zijn gearrangeerd en weet Klaas waar het over gaat.

Klaas kan zelf weet hebben van zijn veranderde gedrag. Het kan iets in de persoonlijke sfeer zijn, waar hij niet over wil praten. Het kan ook zijn dat hij er geen lol meer in heeft. Hoe dan ook, mijn insteek zou zijn dat de clubsfeer er niet onder mag leiden. En ik weet zeker dat we tot een voor ons beiden aanvaardbare oplossing zouden komen.





Beginnen met de vraag of hij enig idee heeft waarom we dit gesprek hebben. Zo niet dan direct ingaan op de klachten die mij ter ore zijn gekomen en dat ik daar een open gesprek over wil.




Ik zou beginnen om hem welkom te heten en daarna vragen hoe het met hem gaat.
Indien zo te horen alles goed gaat, vraag ik hem of hij enig idee heeft waarom wij hier met elkaar zitten,
Misschien heeft hij een vermoeden en ik geef hem zo de ruimte om zijn eigen verhaal te doen.
Mocht hij er geen idee van hebben, dan zal ik zelf uit de hoek komen met een voorbeeld van een recente "aanvaring" tussen Klaas (hij dud) een een lid of leden.




Mijn eerste vraag aan Klaas zou zijn: Klaas, hoe gaat het met je?

Aangezien de vraag was: Hoe begin je dit gesprek? wil ik het hier voorlopig bij laten.






Ik zou beginnen in de trant van:

Fijn dat je bent gekomen Klaas.

Je zult je wel afvragen waarom ik je hebt uitgenodigd.

Je bent een trouw lid van onze vereniging en ook altijd een plezierige vent geweest.

Helaas is het zo dat we nu als bestuur enkele klachten van leden hebben ontvangen over de wijze waarop je tegenwoordig sommige leden tegemoet treedt. Dat zijn we helemaal niet van je gewend. Het doel van dit gesprek is om helderheid te krijgen over de reden van je veranderde opstelling.

Heb je er zelf erg in dat wijze van benadering is veranderd?

 

Dan zal er wel een antwoord komen….



Probeer afhankelijk van de reactie van Klaas er achter te komen wat de oorzaak is van de gedragsverandering en Klaas.

 

Je hebt gevraagd hoe de start zou zijn; ik laat het daar dan ook bij.



Door direct te vermelden dat Klaas altijd een fijne vent was neemt dat wellicht wat agressie weg van Klaas.

Toch moet direct duidelijk zijn wat de reden van het gesprek is, waarna getracht kan worden tot een oplossing te komen.






Niet duidelijk is waarom men het met Klaas gehad heeft:
Zijn zijn beslissingen dubieus of is her de manier waarop hij ze neemt (niet meer beminnelijk).
Zelf heb ik verder weinig moeite met het gesprek:
- na verteld te hebben hoe tevreden iedereen altijd geweest is
- leg ik hem voor dat er nu "problemen" zijn en
- zal ik hem vragen of hij hier zelf bewust  van is
- en vervolgens vragen of hij ergens problemen mee heeft
- waar het bestuur hem mee zou kunnen helpen.

 


Hallo Klaas, hoe is het met je, mooi, fijn dat het goed is. Wij als bestuur zijn content dat iemand het arbitrale werk doet. Wij als bestuur hopen op begrip van jou kant en ga ervan uit dat wij een prettig gesprek zullen hebben. Vele jaren heb je problemen(tjes) op bridgegebied met verve en elan opgelost, echter, de laatste tijd is er wat gemor onder de leden die niet zo gelukkig zijn met je huidige aanpak.

Graag wil het bestuur van jou weten wat hier eventueel aan dengrondslag ligt.

Als er problemen zijn willen we die graag weten en proberen op te lossen, als het in de privé sfeer ligt ben je uiteraard vrij hier wat over te zeggen. Misschien zijn er andere zwaarwegende redenen die je arbitrale werk hinderen, dan verzoeken wij je dat kenbaar te maken. Wachten op antwoord van Klaas.
Mocht het antwoord van Klaas dermate negatief zijn dat het duidelijk is dat hij problemen heeft, (club of privé) dan zie onder.
Als er problemen zijn op clubniveau, dienen die door het bestuur aangepakt te worden. Heel goed mogelijk dat er een hetze is tegen Klaas, toevallig onwelvallige oplossingen tegen die leden, kortom, ook Klaas is maar een mens. Mocht dat zo zijn, dan vragen wij als bestuur met klem om even afstand te nemen van je arbitrale werkzaamheden en te wachten totdat de lucht weer is opgeklaard. 


 

Indien Klaas een partner heeft( die niet op de club speelt), het gesprek openen met te informeren naar de partner( gezondheidstoestand e.d ) of familieleden(ouders evt kinderen) komt daar niets naar boven  dan zijn werksituatie en/of eigen gezondheid situatie.

haast zeker zullen de problemen hier een oorzaak vinden en als we de oorzaak weten kunnen we naar een oplossing zoeken.






Klaas,

Ik heb het idee dat er iets mis is. Ik heb het idee dat jij de laatste tijd met minder plezier arbitreert; klopt dat?






Allereerst wordt deze man natuurlijk geprezen voor zijn bijzondere en fijne inzet!

Daarna zal hem gevraagd worden of het werk hem niet te zwaar is/dan wel wordt, het is natuurlijk zwaar om zowel te spelen als te arbitreren.

Er is in dit gesprek een 2-delige hoofdzaak.

Ten eerste moeten de leden weer met plezier terugkijken op zijn arbitrages

Ten Tweede mag deze man,die altijd zo goed gearbitreerd heeft,niet verloren gaan als arbiter,geen club heeft teveel arbiters!

Kousenvoetjes aandoen dus






Ik zou als inleiding precies hetzelfde verhaal houden als jij nu als vraag hebt voorgelegd.

Vervolgens zou ik Klaas duidelijk maken dat hij nergens van wordt beschuldigd (dreiging wegnemen) maar dat ik graag samen met hem erachter wil komen wat er aan de hand is (opening creëren). Ik ga er vooralsnog van uit dat er iets persoonlijks is. Dit kan binnen de club zijn maar er ook buiten.






Als Klaas niet meteen zijn probleem op tafel legt dan ga ik vissen: heeft hij het gevoel dat hij niet gewaardeerd wordt, of heeft hij het idee dat de leden niets leren van zijn arbitrage en dezelfde fouten blijven maken, of baalt hij ervan dat hij steeds uit zijn eigen spel wordt gehaald? Of (gebeurt bij ons) klaagt zijn partner dat hij steeds van tafel wordt geroepen waardoor hij een verkeerd druk voelt?

Of ligt het probleem niet binnen de club maar in de privésfeer?

In ieder geval wil ik geen druk leggen en geen sancties. Als Klaas altijd beminnelijk is geweest en daar opeens mee is gestopt dan is er iets aan de hand.





Allereerst praat ik even hoe het met zijn gezin en met hem  gaat. Daarna stap ik over op de bridgeclub en ga langzaam naar de kern van mijn gesprek.  Het begin zal dan zijn of er nog problemen met het arbitreren zijn geweest de afgelopen periode.




Met het probleem te benoemen en Klaas uit te nodigen zijn hart te luchten. Evident zit er iets niet goed en er moet altijd ruimte zijn voor leden, zeker voor gewaardeerde leden die zich inspannen voor de club, om hun visie op gebeurtenissen te geven. Ik denk als volgt te starten:

Klaas, ik merk dat de laatste tijd je arbitrages niet meer zo soepel verlopen als ik van jou gewend ben. Ik krijg klachten over je werkwijze. Graag wil ik van je horen of je dit herkent. Ik waardeer je zeer en wil je graag als arbiter behouden, maar conflicten over je arbitrages verpesten de sfeer en het spelplezier voor iedereen op de club. Kun jij aangeven wat volgens jou de oorzaak is en hoe we hier iets aan kunnen doen?     






Uit de beschrijving van de casus leid ik af dat het bestuur het blijkbaar met de klagende leden eens is, en het dus eigenlijk een uiting van algemene onvrede is.

Want, als het een paar dwarsliggers betreft, moet je uitkijken, dat Klaas niet "over de rooie" gaat, op basis van tendentieuze aantijgingen.

 

Ik ga er dus gemakshalve maar van uit dat er een (ruime) kern van waarheid zit in de klachten.



 

Helaas  moet je daarmee iets als bestuurslid.

 

Het zal allemaal dan wel erg gevoelig liggen, dus mijn volgende veronderstelling is dat de rest van het bestuur het er mee eens is dat er een gesprek met Klaas komt.



Kijk uit dat Klaas (na het gesprek) geen verhaal gaat halen bij een ander bestuurslid, die vervolgens in woord en/of gebaar aangeeft dat het eigenlijk wel mee valt, en dat het absoluut niet zijn idee was om hierover met Klaas te praten. Want in dat geval is het niet de club, die een probleem heeft (en jij bent de woordvoerder van de club), maar ben jij het zelf geweest.

 

Als aan al deze randvoorwaarden is voldaan, zou ik er trouwens voor kiezen met twee bestuursleden het gesprek in te gaan, liefst als tweede iemand die op goede voet staat met Klaas.



 

En dan het gesprek zelf.

Het lijkt mij dat je duidelijk moet zijn richting Klaas, prijs zijn inzet voor de club, maar geef ook aan dat de tijden (en spelregels) veranderd zijn, en dat er uit de club bedenkingen worden geuit over zijn optreden. Vraag aan Klaas of hij dat zelf ook zo ervaart. Zo ja, dan maakt dit het een stuk genmakkelijker, want dan zit Klaas er zelf waarschijnlijk ook mee. Zoek dan samen naar een oplossing, waarbij je hem flink in zijn waarde laat. Geef aan dat je graag wilt dat hij het blijft doen, maar probeer elementen te vinden waarop hij zich kan verbeteren.

 

Een andere zaak is het wanneer Klaas zich er absoluut niet in herkent. Dan zul je je toch harder moeten opstellen. Je moet hem dan duidelijk maken dat zijn huidige insteek een gevaar voor de levensvatbaarheid van de club is, leden dreigen weg  te lopen, dat zal een neerwaartse spiraal tot gevolg hebben.



Waak er vooral voor dat je toegeeft als Klaas gaat dreigen met "ik stop onmiddellijk". Laat je niet in de luren leggen door chanteurs. Wat Klaas ook doet, er zullen vast wel clubleden zijn die het kunnen overnemen (anders had je sowieso een probleem als Klaas er een keer niet is).

 

Bij gebrek aan kennis van een actuele situatie kan ik er weinig aan toevoegen.



Mocht het enigszins mogelijk zijn , dan zou ik er ook nog voor pleiten dat hij een paar andere clubleden wegwijs maakt in zijn werkzaamheden. Ook Klaas zal het eeuwige leven niet hebben, maar de club moet wel verder.



Hoe begin je zo’n gesprek, in ieder geval maak je duidelijk dat er iets ernstigst te bespreken valt, en ‘to the point’, dus zo iets als:

 

Beste Klaas, ik wil een ernstige kwestie met je bespreken. Je omgang met de leden is de laatste tijd veranderd. Herken je dat?

 

Dat geeft onze Klaas de gelegenheid aan te geven of hij het wel of niet herkend. Waarschijnlijk wel en zal hij ook wel uitleggen hoe het komt.



Als hij het niet herkend kun je hem de gemelde voorvallen in herinnering brengen, zonder daarbij in een verwijtende toon te vervallen.

 

Voorbereiden (als het ware voor de spiegel oefenen) van zo’n gesprek is van essentieel belang.






Ik ga ervan uit dat het bestuur op de hoogte is van de aard van de klachten. 

Ik zou de arbiter direct confronteren met de klachten en in ieder geval niet beginnen met gedraai en met het verhaal dat hij altijd zo'n positieve indruk heeft gemaakt bij het bestuur.




Tot zover de binnengekomen reacties.
Mijn visie

Wat mij opvalt is dat het grootste deel van de schrijvers vrij open het gesprek ingaan. Door de zichtbare verandering van Klaas’ houding is de kans groot dat Klaas een probleem heeft. Want we kennen alleen maar een heel andere, zeer aimabele, Klaas.


Deze zeer waarschijnlijk correcte aanname helpt de meeste bestuurders naar de afgrond. Dat is het geval als ze in het gesprek het probleem van Klaas centraal stellen. Zo zal Klaas dat in ieder geval voelen.
Als Klaas inderdaad een probleem heeft, weten we dat hij dat nog niet aan onze neus heeft willen hangen. Het risico dat hij ook nu daar liever niet over praat, is daardoor zeker niet denkbeeldig. En het zijn vooral de

beslist sympathiek bedoelde openingszinnen die dan rampzalig kunnen uitpakken.


Laten we even een paar passages eruit pikken en zien hoe gemakkelijk Klaas zijn straat schoon kan houden als hij er niet over wil praten.


Riskant:

Risico:

Natuurlijk vraag ik of klaas koffie wil. En dan vraag ik hoe het met hem gaat en of hij het naar zijn zin heeft.

Het gaat heel goed met mij; fijn dat je belangstelling hebt en even tijd neemt voor een aangenaam gesprek.

Daarna zal hem gevraagd worden of het werk hem niet te zwaar is/dan wel wordt, het is natuurlijk zwaar om zowel te spelen als te arbitreren.

Te zwaar? Beslist niet! Ik vind het juist leuk die afwisseling. Maar ik dank je wel heel hartelijk voor je bezorgdheid. Hoe bevalt jou je bestuurstaak trouwens?

Beginnen met de vraag of hij enig idee heeft waarom we dit gesprek hebben.

Een idee waarom we dit gesprek voeren? Nee. Maar ik vind het wel een goed idee om zo af en toe wat belangstelling te tonen voor elkaar. Wat mij betreft gaan we dit 2-maandelijks doen.

Helaas is het zo dat we nu als bestuur enkele klachten van leden hebben ontvangen over de wijze waarop je tegenwoordig sommige leden tegemoet treedt. Dat zijn we helemaal niet van je gewend. Het doel van dit gesprek is om helderheid te krijgen over de reden van je veranderde opstelling.


Klachten? Over mij? Waarom komen ze niet naar mij? Waarom stuur je de klagers niet naar mij door? Geef mij even de namen van de klagers, dan neem ik wel even contact met ze op. Ongelooflijk zeg, wat achterbaks. En dat nemen jullie nog serieus ook! Doen we niet meer aan hoor en wederhoor?

De voorzichtigheid is goed te begrijpen. Het gaat immers niet om een betaald personeelslid, maar om een - tot een maand geleden – zéér gewaardeerde, onbetaalde vrijwilliger. Daar staat tegenover dat het belang van de club op de tocht staat. Moet je dat toelaten omdat al het werk nu eenmaal door vrijwilligers wordt uitgevoerd? Het antwoord op deze vraag hoef ik niet te geven.


Het gevaar van deze open ‘positieve’ opstelling is duidelijk. Je probleem is nu zelfs vele malen groter dan vóór aanvang van dit gesprek.
Feitelijk stel je je niet eerlijk op naar Klaas. Je doet alsof je dit gesprek voert uit bezorgdheid voor Klaas. Maar daar is helemaal geen sprake van! De manier waarop Klaas de laatste maand opereert is een ernstig probleem voor de club. Zo ernstig dat een paar leden zelfs dreigen op te stappen.
Zelfs als Klaas zich open opstelt, en zijn probleem vertelt, is jouw probleem, het probleem dus van de club, nog onbesproken. Dat betekent dat het gesprek voor Klaas kan gaan voelen als een negatieve duikvlucht. Van warme belangstelling voor hem, naar de koude eis dat hij zijn houding moet veranderen.
Gevaar van deze start kan zijn dat Klaas zich lam schrikt als je later, zonder enige bijbedoeling, nog een keer aan hem vraagt hoe het met hem gaat…
Hoe kun je dan beter wél beginnen?
De tóón van het gesprek

Bekende en belangrijke regel is dat de toon de muziek maakt. Zorg voor vriendelijke muziek. Een verwijtende of kritische toon voegt niets toe. Realiseer je dat je níét de persoon Klaas bespreekt maar mét Klaas wilt kijken en spreken over diens houding!


Leg in maximaal twee zinnen jouw probleem op tafel.

Klaas, misschien schrik je wel even van wat ik nu ga zeggen. De reden van ons gesprek is dat wij als bestuur de afgelopen maanden hebben vastgesteld dat je houding naar de leden af en toe geïrriteerd overkomt.



We hebben geen idee waardoor dat komt, want we kennen je al jaren als een zeer aimabel mens, maar vast staat dat je met deze houding niet kunt arbitreren.
Hiermee ligt precies op tafel waar het voor jou om gaat.
Merk op dat je niet spreekt over klachten van anderen. Ook al zijn die er wel, die leiden voor Klaas alleen maar tot een sterk gevoel van gezichtsverlies. Het bestuur gaat - voor Klaas - uit van eigen waarneming.
Na deze twee zinnen zwijg je.

Daarmee geef je Klaas alle ruimte om jouw mededeling te verwerken. Als Klaas daarbij heel emotioneel wordt, kun je begrip daarvoor tonen, zonder de inhoud van je bericht af te zwakken. Dus geen opmerkingen als: ‘Ik zei dat misschien een beetje te streng’, of: ‘Natuurlijk kun je dit werk wel blijven doen.


Wel kun je zeggen: ‘Ik kan mij voorstellen dat je je onaangenaam verrast voelt.’ En: Vooral als je zelf vindt dat je nooit geïrriteerd reageert, moeten mijn woorden een harde klap voor je zijn.’
Voorbeelden, juiste timing

Pas als er geen sprake is van emoties, kun je - desgewenst - voorbeelden noemen. Maar door je duidelijke start is de kans groot dat Klaas daar niet eens behoefte aan heeft. Ook kun je met Klaas zoeken naar oplossingen, waarbij het aan Klaas is om zijn eventuele (privé) probleem op tafel te leggen.


Samenvattend

  • Leg meteen jouw probleem op tafel, als eigen waarneming van het bestuur. Met de noodzakelijke aanpassing als Klaas zich niet aan wilt/kan passen.

  • Geef Klaas de tijd om die klap te verwerken.

  • Help Klaas vervolgens voor zover dat in jouw vermogen ligt met het zoeken naar oplossingen van zijn probleem.



Kun je als bestuur een besluit van de ALV negeren?



Recent legde ik de volgende DebatArena-stelling voor aan de (ruim 1500) ontvangers van de Bridge Training.




Gegeven

Op de Algemene Leden Vergadering is afgesproken dat de eindstand van de vorige clubcompetitie richtsnoer is voor de start van de nieuwe parencompetitie.


Een week voor aanvang van de 1e ronde, komt het clubbestuur echter met de volgende mededeling:
Vanwege een plotseling groot aantal nieuwe leden, van verschillende sterkte, vervalt de indeling volgens de oude stand. De eerste ronde van vijf zittingen zal nu als selectieronde gelden. Alle paren spelen dan in één groep (Ladder); de eindstand bepaalt de indeling van de 2e ronde.’
Stelling

Het clubbestuur moet in het belang van de nieuwe leden een dergelijke gemaakte afspraak kunnen aanpassen.




Ik geef eerst de ontvangen reacties. De meningen blijken redelijk verdeeld. Ik ken mijn plaats; mijn visie staat aan het eind van de rij .
Een clubbestuur moet kunnen improviseren bij plotselinge belangrijke veranderingen, zoals een onverwachte aanwas van nieuwe leden. Iets om in deze tijd zuinig mee om te gaan. En de eindstand van de vorige competitie wordt slechts een 'richtsnoer' genoemd, dus het is blijkbaar geen keiharde afspraak. Geef daarom het bestuur de vrijheid om een weloverwogen besluit te nemen in deze kwestie.
Deze aanpassing lijkt uitsluitend in het belang van nieuwe leden; deze aanpassing is echter ook in het belang van de bestaande leden. A spelers in de laagste lijn laten beginnen, waarbij ze iedereen van tafel spelen is voor niemand leuk.
Het is maar de vraag of de aanpassing zoals nu is beschreven wel het gewenste effect zal hebben, ik vrees van niet.
Een soort voorselectie onder de nieuwe leden (eventueel aantoonbare speelsterkte)  waarna inpassing in de bestaande niveaus plaatsvindt lijkt eerlijker voor alle partijen.

Natuurlijk mag en zelfs moet het bestuur de afspraak kunnen aanpassen.

Dat is niet alleen in het belang van de nieuwe leden, maar ook voor de oude leden.

Immers als er in de laagste lijn(en) te sterke spelers komen neemt dat het speelplezier voor iedereen weg.

Dus eerst ladderen, dan komt er een juiste indeling waarmee een echte competitie mogelijk wordt.
Mee eens

Alleen zou ik zeggen:alle nieuwe leden onderaan , en laat hen zichzelf maar bewijzen


Oneens.

De ALV is het hoogste orgaan van de vereniging.

Eerder gemaakte besluiten en afspraken kunnen derhalve alleen op een (eventueel ingelaste) ALV herzien worden.

(overigens ook al verstandig om geharrewar of nog erger, tweespalt tussen de leden, te voorkomen.


Het bestuur speelt in op de sterk veranderde omstandigheden.

Ik zou ze een biertje aan bieden


Het is een uitstekend idee van dit bestuur. Wat extra toelichting zal voor diverse leden wel nodig zijn.

Aan de hand van behaalde meesterpunten van de laatste 2 jaar vind ik geen goed idee. Hier spelen te veel factoren mee.
Ik denk inderdaad dat dit moet kunnen! Nieuwe leden in een club moeten het liefst ook direct op hun niveau kunnen spelen. Mijns inziens geeft bridge het meeste plezier als je het op je eigen niveau speelt. In club A is dit misschien de A-lijn, maar in club B de C-lijn. Je ontneemt goede nieuwe leden vaak ook meteen  de kans om mee te strijden voor het clubkampioenschap bv.

Als er iets is waarmee je op een club problemen kan krijgen is het om bij spelers aan hun rechten te komen. Maar ook nieuwe paren te laag indelen is geen optie.

Met het NBB rekenprogramma is het heel eenvoudig op te lossen. Paren kan je toevoegen aan de diverse lijnen. Zelfs oneven lijnen zijn geen probleem omdat dit met een combitafel eenvoudig opgelost kan worden. Met een versterkte promotie/degradatie in de 1e parencompetitie kan je de indeling snel weer terug krijgen naar de gewenste situatie. Ook een lijn erbij is op deze manier te creëren.
In het belang van de club, de nieuwe en huidige leden, moet je als bestuur doen waarvoor je neergezet bent BESTUREN.

Van belang in mijn opinie is het feit dat er geen lopende competitie wordt beïnvloed. Dat geeft het bestuur wat meer ruimte.

Het belang van de club in casu ledengroei en verbetering van het spelniveau weegt in dezen veel zwaarder dan het individuele belang van de eventueel benadeelde huidige leden.
Dat lijkt mij een heel goed plan van het bestuur; Daar is immers een dagelijks bestuur plus eventueel de Technische Commissie voor.  Zowel voor de oude als voor de nieuwe leden. Voor nieuwe leden die A-spelers zijn en die normaal in de C-lijn zouden moeten beginnen  is dat fijner; maar ook voor de C-spelers die toch niet tegen A-spelers willen spelen!

Alle leden zouden trouwens blij moeten zijn met een grote toename van nieuwe spelers!


Eens, 100%.

Dat is nu precies de taak van het Bestuur. Daarvoor geven de leden hun mandaat aan een aantal uitverkoren clubleden om naar eigen goeddunken bij eventualiteiten.


Ik ben een voorstander van de stelling dat de eindstand van het verstreken seizoen (incl. promotie en degradatie) de beginstand is voor het nieuwe seizoen. Ladderen is leuk voor speciale drives zoals Kerst of Pasen waarin geen competitie aan de orde is.

Ik heb je al eens gemaild over het feit dat in mijn vereniging het nieuwe seizoen begon met ladderen gedurende vijf zittingen. De samenstelling per groep was de eindstand van het verstreken seizoen. Er werd zgn. geladderd maar er was geen sprake van een topintegraal.

Toen ik dat (als herhaling) aan de orde stelde op een ledenvergadering werd ik door het bestuur met oneigenlijke argumenten in het ongelijk gesteld, onder groot gejuich van de leden.

Topintegraal, vooruit als daarvoor een reden of aanleiding is maar ALLEEN als topintegraal, dus allen dezelfde spellen.
Als in het competitiereglement of het huishoudelijk reglement van de vereniging geregeld is dat het bestuur een dergelijk besluit kan nemen, alsmede tot op welk moment dat kan gebeuren, is er niets aan de hand. De leden hebben dan kennis kunnen nemen van de reglementen. Als het niet in de reglementen is vastgelegd is het een andere zaak. Hoewel ik de overwegingen van het bestuur begrijp, vind ik ze niet correct gezien de afspraken die in de ALV zijn gemaakt. De ALV is in principe het hoogste “bestuursorgaan” van de vereniging. Het bestuur kan hier niet “doorheen walsen” met een dergelijke beslissing.

Het is wel zaak dat het bestuur voor de eerstvolgende ALV met een voorstel komt om het reglement aan te passen.

Hierbij kan de regeling zoals nu plotseling wordt aangekondigd in het voorstel worden opgenomen.

Het is dan aan de ALV om dit voorstel al dan niet goed te keuren.


Ik ben het eens met de stelling.
Het is heel belangrijk dat nieuwe leden goed worden opgevangen en het gevoel krijgen dat ze op de juiste waarde worden geschat.

Mijn visie

Inderdaad is de Algemene Leden Vergadering (ALV) het hoogste orgaan van elke zichzelf respecterende (bridge)club. Wat de ALV heeft besloten kan alleen de ALV terugdraaien. Met deze waarheid moet je als bestuur toch wel redelijk sterk in je vel zitten om zonder nadere afstemming voor een heel andere uitvoering te kiezen.


Als een bestuur ervan overtuigd is dat - door een plotselinge onvoorziene verandering - de uitwerking van een gemaakte afspraak negatief zal uitpakken, is het in het belang van de club als het bestuur de bakens onmiddellijk kan verzetten.
Het spreekt vanzelf dat het bestuur zich op de eerstvolgende ALV zal moeten verantwoorden. Daar moet het bestuur echter niet op wachten. Meteen nadat het bestuur besluit de door de ALV goedgekeurde regeling te veranderen, zal het bestuur mét het melden van dat besluit een duidelijke uitleg moeten geven. Minstens zo belangrijk als een heldere toelichting is het benadrukken dat het eenzijdig veranderen van een ALV-besluit een bijzonder zware stap is! Alsjeblieft niet iets ‘verzachtends’ als: ‘Gelukkig gaat het slechts om een detail.’ Elke vorm van afzwakking zal juist naar degenen die niet blij zijn met de inhoudelijke verandering, averechts werken. Ook is het van belang dat het bestuur zich bereid verklaart graag verantwoording af te leggen op de ALV.
Een heel ander verhaal is, of het verstandig is een Speelplan te laten goedkeuren door de ALV… Ik vind van niet! Mijn voorkeur gaat uit naar de volgende ontwerpprocedure van het Speelplan.
De Technische Commissie (TC) maakt het definitieve speelplan en publiceert dat. Vóór die compositie kunnen de clubleden op de ALV hun wensen kenbaar maken. De TC neemt die dan mee. Als de TC zelf geen reden zien om het oude Speelplan aan te passen, kunnen de leden dat zien als het voorstel voor het nieuwe Speelplan. Heeft de TC zelf al verbeterwensen, dan is het goed om die al aan de ALV mee te delen als voorstel voor het nieuwe speelseizoen.
Ik kan mij voorstellen dat mijn voorkeur doet denken aan de actuele strijd tussen Cruijff en het bestuur van Ajax…
Is de strijd ‘Ajax versus Cruijff’ vergelijkbaar met ‘Bridgeclubbestuur versus TC’?

Ik denk dat niet. Op voorwaarde dat de verantwoordelijkheden voor iedereen duidelijk zijn.



De TC van een bridgeclub is een verzameling van deskundigen. Die weet het beste wat wel en niet mogelijk is. Daar moet het clubbestuur zich niet mee willen bemoeien.

Het bestuur van een bridgeclub heeft de technische gang van zaken gedelegeerd aan de TC. Zet het bestuur zichzelf daarmee buitenspel? Wel ten aanzien van de technische invulling. Maar niet ten aanzien van de verantwoordelijkheid naar de clubleden!
Wanneer de TC met een Speelplan komt waar de leden niet blij mee zijn, zal het bestuur moeten ingrijpen. Het bestuur heeft de technische gang van zaken immers juist gedelegeerd aan deskundigen om de clubleden gelukkig te maken.

Daarom zal het bestuur ruimte en voorwaarden moeten scheppen om de aversie onder de clubleden op te heffen. Dat kan door een overleg te organiseren tussen een deel van de leden en de TC. Of door de punten van kritiek te inventariseren met de vraag aan de TC om die op te heffen. Soms is het geven van een duidelijke uitleg al voldoende.


In deze overlegfase zal het bestuur vooral de vinger aan de pols houden. Het belangrijkst voor het voortbestaan van de club is voldoende leden. Liever een minder mooi speelplan met clubleden, dan een technisch hoogstandje met leegloop!
Wat is dan het verschil tussen een bridgeclub en Ajax?

Het bestuur van een bridgeclub is ervoor verantwoordelijk dat de clubleden op verantwoorde en aantrekkelijke wijze bridge kunnen spelen. Zodra de kwaliteit van het aangeboden pakket aan competitie en bijbehorende service te wensen overlaat, waardoor het ledental daalt, zal het bestuur moeten ingrijpen.
Bij een voetbalclub als Ajax gaat het in de eerste plaats om presteren. Ook dan is het bestuur verantwoordelijk voor de algehele gang van zaken. Daarbij is het noodzakelijk dat bestuurders zich niet inhoudelijk gaan bemoeien met voetbaltechnische vraagstukken. Wel zullen ze de financiële en sociale grenzen moeten aangeven waarbinnen de ‘TC’ van de voetbalclub kan opereren. Dat is geen gemakkelijke; niet zelden zal een flinke investering in een topspeler noodzakelijk zijn om tot betere resultaten te komen. En als die betere resultaten dan inderdáád volgen, zal dat tot meer inkomsten leiden. En wie kan nu het beste inschatten welke investering (lees: spelers) de kansen op een beter resultaat zullen vergroten?...

Etiquette Hoe schoon zijn wij aan de bridgetafel?


Ik geef het toe, een dreigend klinkende titel. Toch zwak ik die niet af. Sterker, ik voeg er een waarschuwing aan toe: lees deze tekst beslist niet vóór het eten. Ik begin met een samenvatting van meldingen die ik in de eerste twee maanden van 2011 ontving. Zet je schrap…


Op onze club zit een man die vreselijk rochelend hoest. Wat ik vooral zo erg vind is dat ik dan onbewust nog zit mee te slikken ook!
Regelmatig bemerk ik dat  er nog vrij veel mannen zijn die na de WC hun handen niet wassen, over vrouwen weet ik uiteraard niets .
Wij hebben een hele lieve vrouw op de club. Eén groot nadeel, ze heeft doorlopend een transpiratielucht om zich heen.
Het valt mij op dat sommige mensen hoesten met hun hand voor de mond, en dan eventuele slijmresten afvegen aan hun zakdoek.
Bij de golf is er een ‘Etiquette reglement’, zou dit bij Bridge ook niet kunnen?

 

Antwoord

Laat ik beginnen met te zeggen dat dit soort hygiënische regels noodzakelijker zijn voor bridgers dan voor golfers. Want golfers spelen buiten en wisselen hun sticks niet uit. Alleen de handdruk bij het begroeten kan ‘even vervelend’ zijn.


Bij bridge is het hebben van vieze handen veel ernstiger. We spelen immers allemaal met dezelfde kaarten en biddingboxen waardoor alles wat we op de speelkaarten achterlaten onder alle leden wordt verspreid.
Uit zeer betrouwbare bron weet ik inmiddels dat ook niet alle dames hun handen wassen na gebruik van het toilet. Maar ik heb de indruk dat het percentage mannen dat met ongewassen handen terugkeert toch wel wat hoger ligt.
Als op jouw club een of meer clubleden in deze categorie vallen, wat kun je dan doen om deze onhygiënische gewoonten te stoppen?
Zeker, je kunt iemand erop aanspreken als die overlast veroorzaakt door onhygiënisch gedrag. Maar zo’n stap zetten vinden we toch wel heel moeilijk. Vooral omdat we vaak verwachten dat de ander zich daardoor zeer gekwetst door zal voelen.
Om die reden adviseer ik een verhaal te publiceren in het cluborgaan, of voor te dragen voor aanvang van een bridgezitting. En dan een algemeen verhaal waarmee je niemand persoonlijk aanspreekt. Dat doe je door niet één probleemsoort te noemen, maar meteen de vier meest voorkomende. Het liefst met een vleugje humor, omdat daarmee een al te confronterend gevoel wordt voorkomen.
Niet té leuk, want dan zou de echte doelgroep kunnen gaan denken dat dit voor de grap wordt voorgedragen. Degenen van wie het gedrag moet veranderen, moeten de verbeterpunten wel aanvoelen!
Ik besluit dit onderwerp met een voorzet.
Beste clubleden,
Uit onderzoek is gebleken dat de hygiëne van de gemiddelde mens voor verbetering vatbaar is. Ik noem de belangrijkste onderwerpen.

Acht procent van de mannen én vrouwen wast na gebruik van het toilet de handen niet. Bridgers zijn ook mensen… Vooral omdat we allemaal met dezelfde kaarten spelen, zijn schone handen absoluut noodzakelijk.


Om dezelfde reden is het niet voldoende om met de hand voor de mond te hoesten. Alles wat wordt uitgehoest zal dan naar de speelkaarten worden getransporteerd en in ieder geval een groot deel van de clubleden bereiken binnen jouw lijn. Houd in ieder geval een zakdoek voor de mond en was direct je handen als de hoest niet al te droog was…
Transpireer je snel/veel, controleer dan af en toe of je deodorant je niet in de steek heeft gelaten. En spuit bij twijfel bij.
Tot slot citeer ik Amy Groskamp-ten Have, uit haar vooroorlogse boek.
Op: hikken, hoesten, rochelen, neus ophalen, spuwen, krabben, schurken, nagelpeuteren, neuspulken, boeren en dergelijke zal de beschaafde mensch die de vormen in acht neemt niemand anders tracteeren, ook niet de eigen huisgenooten. Zijn een dezer verrichtingen onvermijdelijk, dan verwijdere men zich een oogenblik.’
Uit de door mij ontvangen meldingen blijkt dat Amy’s advies nog steeds op zeer hoge prijs wordt gesteld, vooral op bridgeclubs.


Vraag & Antwoord
Rob Stravers


Mogen derden bezwaar aantekenen?

Mag paar C bezwaar maken tegen de uitslag van een protest dat speelde tussen de paren A en B?

Paar C is gedegradeerd en op de volgende clubavond (geen competitieronde) verneemt paar C de uitspraak van dit protest. Paar C is het niet eens met deze uitspraak en volgens hun zienswijze zijn ze dan niet gedegradeerd, maar een ander paar.

Hoe nu verder?



Antwoord

Voor mij gaat het bij een protest maar om één punt: een zo sterk mogelijke uitspraak. Om die reden doe ik niet aan wel of niet ontvankelijk van een protest. Als iemand protest aantekent tegen een genomen besluit, hoor ik graag een onderbouwing van dat protest. En als die onderbouwing mij aanspreekt, maakt het mij niet uit of dat protest van een betrokken partij komt of van de glazenwasser die toevallig tijdens de behandeling de ramen staat te lappen.


Als ik naar de betreffende kwestie kijk, lijkt ook een van de betrokken partijen zijn twijfels te hebben. En zich alleen bij de uitspraak neerlegde omdat een herziening van het oordeel geen invloed had op hun positie voor de volgende ronde.

Als geen van de partijen protest aantekent, ligt het voor de hand dat degenen die het oordeel uitspraken, niet op eigen initiatief opnieuw kritisch hun eigen oordeel gaan beschouwen.

Maar… als vervolgens blijkt dat het besluit gevolgen heeft voor een derde partij, en die partij met argumenten komt die gegrond lijken voor een herziening, wat is dan het nadeel als de commissie louter op grond van die argumenten, het besluit nog even tegen het licht houdt?
Liever een verplicht bod in de 4e hand dan een rondpas?

Op onze club hebben we een vreemde constructie. Omdat de meeste mensen met 11-13 pt openen staat het bestuur toe, dat in de eerste ronde opnieuw mag worden gegeven als rondgepast wordt. Wat tegen de regels is.

Tegelijkertijd zijn er in de club een paar mensen die zwakke 2 en multi-colour en op 4-nivo openen met zeer weinig punten.

( Dit is echter slechts bij weinigen bekend ).

De spelers die in de tweede ronde die kaarten krijgen en rondpassen mopperen dan en zeggen: ‘Waarom hebben ze niet opnieuw gedeeld?’

We gaan dat nu ook veranderen en opnieuw delen verbieden.

Nu heb ik een praktische vraag, omdat spelers niet graag een rondpas meemaken.

Moet de laatste man dan maar, om het bieden gaande te houden, een soort conventioneel bod doen, bijvoorbeeld: 1♣?

Weet jij of daar gangbare biedingen voor zijn?




Antwoord

Allereerst feliciteer ik jouw club met het besluit om opnieuw delen te verbieden.

Dan jouw voorstel om de laatste man te verplichten de bieding te openen als zijn drie voorgangers passen… Laten we er voor het gemak van uitgaan dat die regel is aangenomen. Na drie passers moet de vierde man openen.
Er is twee keer gepast; de derde speler, ik toevallig, heb een geweldige hand: 23 punten. Alleen de tegenpartij is kwetsbaar… Ik wéét dat als ik als derde speler pas, de vierde man moet openen om spelbederf te voorkomen… Dus… pas ik, om gedoubleerd tegen te kunnen spelen! 
Toevoeging Siger Seinen:

Mijn advies is om het bieden geheel vrij te laten en bij het communiceren van deze spelregel uit te leggen waarom deze regel bestaat. Bij overdelen benadeel je degenen die een zwakke twee opening gebruiken.

Wat ook wil helpen is om de kaarten beter te schudden. Minimaal 5 keer "ritsen", de kaarten heel goed door elkaar husselen of 7 keer schudden. Dan krijg je minder vaak een rondpas.

Sommige clubs gebruiken ook computergeschudde spellen, waar hoogstens 1 spel op een avond een rondpas is.


Ervaring Bridgemate II gevraagd

Vanavond hoorde ik op mijn club dat er clubs zijn die overgaan op Bridgemate II, de tweede generatie Bridgemate.

Heb jij daar al ervaringen mee?




Antwoord

Vorig jaar beleefde ik mijn primeur in Utrecht met die dingen. En eind december voor de tweede keer in een individuele wedstrijd in Amsterdam, met de makers van ArbitreerWijzer.
De BM II heeft een groter scherm, dus overzichtelijker. Ook kan BM II de namen geven van je tegenstanders.
Nadeel is dat de extra mogelijkheden van de BM II nog niet worden ondersteund door het NBB-Rekenprogramma. Zoals het opslaan van de speler die leider is en de uitkomstkaart. In individuele wedstrijden slaat de naamvermelding van de spelers duidelijk op hol. Die spoort niet met het ingevoerde schema.
Zolang het Rekenprogramma die extra functies niet ondersteunt, en/of een bridgeclub geen spelverdelingen op de site plaatst, en de oude BM-kastjes nog goed werken, adviseer ik te wachten met het overstappen van BM I naar BM II.
Correct alerteren moeten we weer leren…

Ik zou het zeer waarderen wanneer je eens aandacht zou besteden aan de Alerteerregeling!

Wat schrijft Onze Bond voor in de Alerteerregeling i.c. m.b.t. Stayman en Jacoby?


Het merendeel van bridgend Nederland vindt het allemaal wel best en houdt zich daar niet aan.

Ziet het nut daarvan niet in. Men onderkent de problemen niet, met name daar waar het gaat om bij tussenbiedingen. Blijft Jacoby al dan niet gelden?


En ik vind het onze taak als docent om onze cursisten niet alleen bridgen te leren, maar om ze ook op te voeden in de spelregels.

Dus… Stayman, Jacoby introduceren als alerteerplichtig.


Ik hoef je waarschijnlijk niet te vertellen hoe de “gevestigde orde” daarop reageert……….

We ondervinden daar dus een probleem.




Antwoord

Aanvankelijk was Jacoby alerteerplichtig. Omdat het grootste deel van de bridgers Stayman en Jacoby spelen, werd de alerteerplicht afgeschaft in de biedseries waarin de tegenstanders alleen pasten. De alerteerplicht bleef in stand als de tegenstanders iets anders doen dan passen. Dat onderscheid werd vrijwel niet gemaakt; ongeacht wat de tegenstanders deden, Stayman en Jacoby werden niet gealerteerd. Daardoor ontstond altijd onduidelijkheid als de tegenstanders meeboden. De oorzaak van die onduidelijkheid is, dat de meeste spelers het bedoelde onderscheid niet kunnen toepassen.


In de huidige Alerteerregeling is dat onderscheid opgeheven: Stayman en Jacoby moeten altijd worden gealerteerd. Als we die regel zonder uitzondering toepassen, is daarmee elke onduidelijkheid van tafel. Daar betalen we een ‘prijs’ voor: we moeten nu ook alerteren als de tegenstanders passen. Dat lijkt overbodig, en dat is het feitelijk ook. Maar… het grote voordeel is dat daarmee de onduidelijkheid wegvalt als de tegenstanders wél iets anders doen dan passen!
Daarom kan het alleen maar positief uitwerken als het clubbestuur zich sterk maakt voor een volledige uitvoering van het Alerteerreglement. Daarbij is een duidelijke uitleg onontbeerlijk.


  1   2


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina