Betreft: nvon-commentaar op c- en d-examen biologie 1998-I



Dovnload 52.45 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte52.45 Kb.
VBO/MAVO C/D mei 1998 Jan Theo Boer cdexamen.wpd
BETREFT: NVON-commentaar op C- en D-examen biologie 1998-I

Algemeen:


Een aardig examen en een goed niveau.

Niet discriminerend. Hardwerkende leerlingen komen niet aan hun trekken.

Geen goede verdeling: o.a. weinig of geen spijsvertering, transport, uitscheiding, erfelijkheid, cellen.

Slap examen.

- Positief. Goed qua tijd. Correctie viel tegen. Het wordt meer tekst verklaren. Weinig erfelijkheid en hormonen.

- Behoefte aan meer duidelijkheid betreffende correctievoorschrift. Duidelijk aangeven wat beslist fout is en wat eventueel ook kan.


! Graag kijken naar de manier van corrigeren: wel op examenpapier (met potlood) punten noteren. Dit is duidelijker. Beïnvloeden 2de corrector is onderwaardering van de tweede corrector.
! Het discriminerend vermogen van zo’n examen is niet voldoende. Er wordt weinig echt laag of echt hoog gescoord.
C-niveau

Algemeen:




  • Goed examen

- kwalitatief beter dan vorig jaar. Minder tekst - positief.

* Goed examen.

Algemeen D:





  • hoog leesgehalte, voornamelijk wat wordt er eigenlijk bedoeld?




  • inhoudelijk vrij pittig.




  • trornmelholte en hepatitis, weliswaar begrippen die gevraagd mogen worden, maar niet echt op verdacht, even schrikken.




  • leerlingen zeer verdeeld, van aardig tot zeer moeilijk.




  • De eerste leerlingen waren binnen het uur klaar, dit zou weer duiden op minder leeswerk.







  • Een goede verdeling open vragen / gesloten vragen.




  • Veel moeilijker dan C

  • Sommige thema’s nogal ver gezocht




  • Weinig concrete kennisvragen

  • Met inzicht vragen kun je allerlei kanten op. Dubbele interpretatie uitsluiten.




  • niveau was goed, examenopgaven waren volgens aanwezigen goed te maken

- Minder genetica: goed.

- Minder rekenen: goed.

- Redelijk examen.

* Teveel stappenvragen.

- Wordt als moeilijk ervaren. Zeker op scholen met veel allochtone leerlingen.

* Pittig
Dan de C-vragen:


1 Voor C een te ingewikkelde tekening.

* Een mooie vraag om mee te beginnen.

* Tekening flauw en misleidend.

3 Idem als 1

* De theorie is vrij lastig, we vinden het niet zo handig om die aan het begin van het examen te plaatsen, het is voor leerlingen fijn als de eerste vragen makkelijker zijn zodat zij met een goed gevoel beginnen.

4 Tekst te lang. Brood met beleg is ook een voedingsmiddel.

6 Witte broodjes met kaas wordt genoemd. Het brood is belegd, waardoor de verwarring ontstaat.

10 * Groot schrift (aangepast voor slechtzienden) had een andere vraag dan normaal schrift. Protest.

* Hoort diep niet bij inademen en ver bij uitademen?

* Het verschil tussen tekening 1 en 3 is niet zo duidelijk, vooraanzichten zijn dat wel.

* Het ruimteverschil tussen de borstkassen was niet groot.

* Er zijn duidelijker tekeningen voor.

* zeer onduidelijke tekening, zeker tekening 4. Het middenrif lijkt hoger getekend.

11 Het verstopte deel had met een pijltje moeten worden aangegeven.

12 i.v.m. de opmerkingen bij vr. 24 en 43 d-niveau, is deze vraag meer in het algemeen gesteld en juister.

* gemist: ruiken, verwarmen.

Het verstopte deel had met een pijltje moeten worden aangegeven. Zie D11.

13 Leuke vraag

14/15 nrs 5 en 6 verwarrend

* tekening zeer verwarrend, misleidend. Zie D13

16 Groepjes cellen is fout. Klompje cellen was juist geweest.

17 een echt c-niveauvraag

18 Voor allochtonen zeer moeilijk.

19 Foutje in antwoordmodel: te weinig rode bloedcellen!?

Llen antwoorden: witte bloedcellen zijn onvolgroeid. Volgens correctiemodel onjuist. Vage vraag.

24 Ook goed rekenen: Geen licht opvangen

Ze nemen teveel water

Ze krijgen geen vocht

Ze hebben te weinig ruimte

De zin; 'Dit houdt andere planten bij de weegbreewortel uit de buurt’ schept verwarring. Leerlingen antwoorden er is geen ruimte.

* Waarom ook van wortels gesproken en niet alleen van de rozet (nu ook andere antwoorden goed; bijv. mineralen)

* Het begrip wortelrozet dient in de tekening beter aangegeven te worden.

* Vlak bij wortelrozet had moeten zijn onder wortelrozet.

* zie c 24

* Vraag gaat over “niet goed kunnen groeien”. Correctievoorschrift geeft o.a. doordat zaadjes er niet goed kunnen komen en zaden kunnen niet ontkiemen. Dat is toch iets anders dan planten die groeien.

*Wortels halen voedingsstoffen/water uit de grond.

27 Noem kenmerken van bloemen met windbestuiving. leerlingen kijken nu naar het plaatje en zoeken specifieke kenmerken van de weegbree.

* Het lijkt alsof de vraag alleen over de weegbree gaat, omdat in tekst direct boven de vraag nog verwezen wordt naar afbeelding 5 en 6.

Het zou logischer zijn orn de tekst en de vraag los te, koppelen zodat je algemeen over windbestuiving vraagt. Zonder de afbeelding zouden leerlingen het goed doen.

Verwarrend, llen kijken alleen naar weegbree. Ongebruikelijke tekening windbloem.

* Verwijzing is naar de weegbree op de tekeningen 5 en 6. Daarop zijn geen drie kenmerken van windbestuiving te zien.

* Goed gesteld.

* Moest het antwoord uit de afbeelding komen?

28 Hier staat toch ook geen eenheid (moet wel bij D!).

Een goede gesloten vraag, in tegenstelling tot het d-niveau waarin de vraag open is, had daar ook een gestoten vraag kunnen zijn.

* Fout antwoord geen punt (bij D wel). Onrechtvaardig.

Geen bio! Llen hoeven van ons voor bio-examen niet verschil tussen grootheid en eenheid te kunnen aangeven. Herkennen is moeilijk genoeg.

* Antwoord had moeten zijn CO2 gram/liter!

29 Ook goed: kleinere bak, en minder water.

* De bak afsluiten heeft geen invloed en de temperatuur verhogen heeft ook geen invloed op het co2 gehalte.

33 De bacteriën leven in bodemslib, Antwoord A geeft geen kenmerk van reducenten weer, maar van aaseters .

34 Als goed antwoord: “het eten van besmette vis (of besmet vlees)”

* eende-eieren.

35 Is geen voedselketen. Vraag fout. Begint niet met bladgroen.

36 Denken de examenmakers wel eens aan het milieu? Grafieken kunnen ook naast elkaar.

* C kan ook goed zijn en B fout.

42 De arcering was verwarrend. Meestal gearceerd juist waar de kikker leeft.

* Beter: 2 punten.

Te simpel. De vraag had moeten zijn: Waarom komen de kikkers in het grijze deel niet voor?

44 Milieuvervuiling is er een van, is overbodige informatie.

* Alle a-biotische factoren goed rekenen.


Opm. de tekst suggereert dat je twee andere a-biotische kenmerken moet noemen, andere als in de tekst. Niet helder gesteld.

* Milieuvervuiling is een verzamelnaam voor verschillende oorzaken. Er wordt naar twee andere abiotische factoren buiten milieuvervuiling gevraagd, in het antwoordmodel worden wel zuurgraad en aluminium goed gerekend.

* Ander dan milieuvervuiling. Waarom in corr. Model dan eerste twee wel milieuvervuiling? Dan alle milieu oorzaken goed rekenen.

* Hoeft niet uit info.

* Milieuvervuiling als abiotische factor is onjuist.

* Slechte vraag: wind, temperatuur? Rookgassen en verzuring?

* zie C

* Foute vraag.



* Je kunt info uit tekst gebruiken. Ook bodemverontreiniging, luchtvervuiling goed! Waarom dan een informatieboekje?

45 Betere vraagstelling.

46 Een koe heeft poten zonder zwemvliezen en leeft dus vooral in de bomen? Een regenworm heeft borstels waarmee hij zich goed kan vasthouden in de bomen? Het mannetje van de kikker is ranker /lichter dan het vrouwtje en dus leeft vooral het mannetje in de bomen? Soort 2 heeft zwemvliezen en leeft dus vooral in de bomen? NEE. Soort 2 heeft zwemvliezen en leeft dus waarschijnlijk in het water.

47 In voedselketen plant vergeten: 1 punt weg? Te soepel.

* Wat als leerlingen een voedselweb tekenen?

* Is er een nieuwe definitie voor soort?


* Planten i.p.v. landbouwgewassen goed rekenen.

* kikker en insect toch geen soort!

* voedselweb getekend? 1 punt.

* Niet in de tekst vermelde soorten zijn goed, terwijl er staat .... volgens die informatie ...

50 Onduidelijker redactie. Soms vergeten vraag te maken. Meer ruimte tussen 49 en 50.

Dan de D vragen:


1 Een mooie vraag om mee te beginnen.

* Tekening flauw en misleidend.

2 Idem

* De theorie is vrij lastig, we vinden het niet zo handig om die aan het begin van het examen te plaatsen, het is voor leerlingen fijn als de eerste vragen makkelijker zijn zodat zij met een goed gevoel beginnen.



3 Lastig, hoe kun je zien dat het een gemengde zenuw is????? Ze moeten zich de tekening van het ruggenmerg waar de gevoelszenuw en bewegingszenuw samen verder gaan herinneren.

* Minder verwarring als Q iets hoger!

* Dat de uitlopers ook gevoelszenuw cellen bevatten gaat voor veel D-leerlingen echt te ver.

* B is het antwoord voor mavo-leerlingen.

* De Q wijst naar een motorische zenuw ?? Men vond dit een slechte vraag

* Misleidend. Leerlingen zien de zenuw verbonden met spier: dus bewegingszenuw.

4 Het woord actief kan verwarring oproepen. Dit had vermeden kunnen worden door te zeggen, kun je alleen met de afgebeelde spier de arm buigen?

5 * Groot schrift (aangepast voor slechtzienden) had een andere vraag dan normaal schrift. Protest.

* Hoort diep niet bij inademen en ver bij uitademen?

* Het verschil tussen tekening 1 en 3 is niet zo duidelijk, vooraanzichten zijn dat wel.

* Het ruimteverschil tussen de borstkassen was niet groot.

* Er zijn duidelijker tekeningen voor.

6 Vakken moet zijn groepen.

* Een lang verhaal, dit is voor allochtone leerlingen een probleem.

* Veel tekst, Volgorde vak A t/m D was verwarrend ivm de gebruikelijke indeling van de bekende schijf van vier.

* Wordt het een trend om makkelijke dingen moeilijk te vragen?

7 Moeilijke stappen moeten gemaakt worden.

Eiwitten kunnen als brandstof gebruikt worden alleen is ook 1 punt

Zout wordt uitgescheiden.

* Leerlingen weten wel dat teveel aan eiwit afgebroken wordt tot ureum, maar omgezet in vet?

* Eiwitten worden als zij niet direct benut kunnen worden, afgebroken en uitgescheiden, ( Pas in uitzonderlijke gevallen worden zij opgeslagen als vet)

* Eiwit opslaan in vet? Nee.

* Vraag fout door correctie. Dit hoefden ze niet te weten.

* Nee, teveel aan eiwit wordt uitgescheiden.

* relatie eiwit-vet niet in syllabus genoemd. Buiten interpretatie.

* Lastige redactie. Sommige llen denken aan relatie eiwit-vet en eiwit -zout.

* Moeilijk uit te leggen waarom iets niet kan.

* Er wordt een negatieve uitleg gevraagd. Dit mag in het algemeen niet.

* Dat eiwit als brandstof kan worden gebruikt is geen antwoord op de vraag. Volgens correctiemodel wel.

8 Verwarrend verhaal met name door de km-standen achter de tijd.

9 Waarom een naam als hepatitis? (Onnodige verwarring)

* hepatitis wordt niet als ziekte in methodes gebruikt. Hier ontbreekt de uitleg over wat Hepatitis is.

10 Slijm, mooie tekeningen. De vermelding dat het gearceerde gedeelte in de buis slijm is was zeker op zijn plaats geweest.

* Ook de term trommelholte is niet bij alle leerlingen bekend. We vinden het zinvol als er ( middenoor) bij had gestaan.

* afschuwelijke tekening!!

* Wat een tekening!

1 1 Ook goed rekenen: Lucht wordt verwarmd

Slijmvlies produceert slijm

Reukslijmvlies om te ruiken

Er zijn docenten die zeggen dat sommige van deze antwoorden niet goed zijn. Verschil in beoordeling! Graag daar een analyse op!

* Vraagstelling is fout, zou moeten zijn: ‘Wat is de, functie van het slijm?" Nu mag als antwoord 11 slijm produceren" goed gerekend worden,

* Mag als antwoord "verwarming"ook goed gerekend worden? Meeste docenten vinden het een juist antwoord.

* Hoofd met gehoororgaan (verwarrend). Niet duidelijk en onvolledig getekend.

* Diverse aanvullingen op antwoordenmodel mogelijk

1 2 * Correctiemodel geeft biologisch onjuist antwoord. Bacteriën veroorzaken ontsteking en niet het slijm. Bacteriën staan tussen haakjes

Een lastige vraag, een te zware vraag. Ze snappen wel dat je door hard te snuiten de druk te hoog wordt, maar dat je daarmee bacteriën verplaatst is niet duidelijk.

* duidelijker tekeningen gewenst (neusholte en voorhoofdsholte goed verbinden of grijs tekenen zoals bij de buis van Eustachius)

* De gedachtengang over de invloed van de luchtdruk moet eerst gemaakt worden voor ie tot een goed antwoord kunt komen, dit is voor leerlingen veel gevraagd, Nu denken veel leerlingen dat door te hard snuiten een bloedneus kan worden veroorzaakt, die de kans op infecties vergroot.

* verwarrend.

* Slecht gemaakt: veel fouten door llen.

1 3 Waarom nr-2 noemen, dat werkt verwarrend.

* Door 1 en 2 te gebruiken voor hetzelfde wordt de suggestie gewekt dat het verschillende delen zijn. (Llen noemden bijv. maagdenvlies)

* De tekening is erg misleidend. Zowel nr 1 als nr 2 geven hetzelfde aan. Nu suggereert de tekening dat er verschillen zijn.

Nr. 4 wordt in de methodes meestal aan de zijkant van de baarmoeder aangegeven.

* Verschil tussen 1 en 2 in tekening??

* nrs. 1 en 2 verwarrend: geven hetzelfde onderdeel aan.

* Vreemde tekening. Hoe is doorsnede gemaakt? Lijntjes aan vagina zijn schaamlippen?

* Nut om een onderdeel met 2 nummers aan te geven? Tekening eenvoudiger dan van C-examen.

14 * tijdens de menstruatiecyclus (in de loop van) bevindt zich die laag ook in 2 (tijdens mentruatie). Dus E is het meest volledige antwoord !!

15 Deze vraag is als een strikvraag ervaren. De vraag moest je zeker drie keer lezen.

16 Een pittige vraag.

* Verwarrende tekst bij 1.

18 Moet eenvoudiger.

19 Noteer het .... I.p.v. doe het zo

Door aan te geven hoe ze het moeten opschrijven, wordt het prettig nakijken.

* “ groep zintuigcellen" zou vervangen moet worden door " soort zintuigcellen". Leerlingen denken dat het letterlijk om een groepje, dezelfde cellen gaat en hebben het antwoord gele, vlek ingevuld.

Waarom niet “type zintuigcellen”.

22 Een zware puzzel, kennis toepassen

* a- notatie is niet bekend in erfelijkheid (hoort niet bij basisstof)

* Geslachtsgebonden eigenschappen zit niet in het examenprogramma.

* Mag niet gevraagd worden.

* Moeilijk. Niet alle llen hebben met - streepje gewerkt.

* Notatie geslachtsgebonden eigenschap geen examenstof meer!

23 Ook goed rekenen: Geen licht opvangen

Ze nemen teveel water

Ze krijgen geen vocht

Ze hebben te weinig ruimte

De zin; 'Dit houdt andere planten bij de weegbreewortel uit de buurt’ schept verwarring. Leerlingen antwoorden er is geen ruimte.

* Waarom ook van wortels gesproken en niet alleen van de rozet (nu ook andere antwoorden goed; bijv. mineralen)

* Het begrip wortelrozet dient in de tekening beter aangegeven te worden.

* Vlak bij wortelrozet had moeten zijn onder wortelrozet.

* zie c 24

* Vraag gaat over “niet goed kunnen groeien”. Correctievoorschrift geeft o.a. doordat zaadjes er niet goed kunnen komen en zaden kunnen niet ontkiemen. Dat is toch iets anders dan planten die groeien.

24 Noem drie kenmerken van bloemen met windbestuiving. leerlingen kijken nu naar het plaatje en zoeken specifieke kenmerken van de weegbree.

* Het lijkt alsof de vraag alleen over de weegbree gaat, omdat in tekst direct boven de vraag nog verwezen wordt naar afbeelding 5 en 6.

Het zou logischer zijn orn de tekst en de vraag los te, koppelen zodat je algemeen over windbestuiving vraagt. Zonder de afbeelding zouden leerlingen het goed doen.

Verwarrend, llen kijken alleen naar weegbree. Ongebruikelijke tekening windbloem.

* Verwijzing is naar de weegbree op de tekeningen 5 en 6. Daarop zijn geen drie kenmerken van windbestuiving te zien.

26 Een erg leuk schema. Fijn dat zoiets gebruikt wordt.

Echter A is niet juist. Het antwoord is B

Koolstofdioxide wordt gebruikt in proces 1 en verder wordt koolstofdioxide niet meer gebruikt wel afgegeven. Het speelt nog wel een rol, maar wordt niet meer gebruikt.

* Veel te ingewikkeld. Bovendien is B ook goed, want koolstofdioxide wordt na proces 1 nergens meer gebruikt!

* Vraag klopt niet. Kan ook B zijn?

* Zeer verwarrende tekening met een lastig gestelde vraag.

* Te moeilijk.

* llen schrikken van schema. Foute vraag ? B. ook goed.

* redactie vraag is onjuist en dus B juist.

28 Volgens het schema kan bio-plastic niet gerecycled worden. Vraag 26 en 27 verwijzen. naar afbeelding 7, logisch dat je denkt dat vraag 28 daar ook naar verwijst.

* Wat betekent recyclen precies? (grondstoffen opnieuw gebruiken? Of bijv ook kleding recyclen?)

29 Sinds wanneer horen pissebedden en wormen tot reducenten ? (afvaletende consumenten: wordt al jaren fout gerekend). Biologisch onjuist antwoord. Dit komt zo in examenbundels?

31 De bacteriën leven in bodemslib, Antwoord A geeft geen kenmerk van reducenten weer, maar van aaseters .

32 Planten ook goed rekenen.

* Meerdere goede antwoorden mogelijk.

* 1 punt: te weinig

* De vraag gaat over het voorkomen van botulisme. Dode eenden hebben toch al botulisme! De vliegen leggen eitjes op eenden die al door botulisme gestorven zijn. Deze twee antwoorden zijn dus geen antwoord op de vraag.

* Botulisme: de opmerking dat het vooral bij warm weer voorkomt ontbreekt. Botulisme komt n.l. ook voor in water met veel waterplanten en zuurstof produktie. Leerlingen willen nu planten toevoegen om het zuurstofgehalte te verhogen.

33 Denken de examenmakers wel eens aan het milieu? Grafieken kunnen ook naast elkaar.

* C kan ook goed zijn en B fout.

35 Oorzaak: zuurkool bevat zuur. Dit is geen juist antwoord. Toch scoort de slechtere leerling hier helaas.

* Wat is verse rauwe zuurkool?

37 Een leerling ziet het zo: monocultuur een homobebouwing.

38 Een moeilijke vraag om in stappen uit te leggen. Bladgroen zorgt voor stoffen om te groeien.

* Is fotosynthese ook goed? Te moeilijk.

* Twee aparte vragen stellen.

* Llen schrijven de 2 antwoorden in 1 zin en verzinnen er een foute 2de bij.

39 De natuurkundigen geven aan dat er slechts vijf grootheden zijn: massa, tijd, lengte, temperatuur en stroomsterkte. En gram/per liter zijn twee eenheden.

Een moeilijke vraag, de betere leerling komt eruit.

Waarom niet, welke informatie moet er op de Y-as staan?

* Is dit biologie? Of moetje ook natuurkunde in je pakket hebben om de grootheid en de eenheid ( helemaal) goed te hebben?

* Is dit biologie?

* Moet gehalte erbij? Muggezifterig.

* Ook CO2 goed rekenen?



40 De bak afsluiten heeft geen invloed en de temperatuur verhogen heeft ook geen invloed op het co2 gehalte.

* 3 punten is veel.

41 De arcering was verwarrend. Meestal gearceerd juist waar de kikker leeft.

43 alle a-biotische factoren goed rekenen.



Opm. de tekst suggereert dat je twee andere a-biotische kenmerken moet noemen, andere als in de tekst. Niet helder gesteld, zie vr. 24

* Milieuvervuiling is een verzamelnaam voor verschillende oorzaken. Er wordt naar twee andere abiotische factoren buiten milieuvervuiling gevraagd, in het antwoordmodel worden wel zuurgraad en aluminium goed gerekend.

* Ander dan milieuvervuiling. Waarom in corr. Model dan eerste twee wel milieuvervuiling? Dan alle milieu oorzaken goed rekenen.

* Hoeft niet uit info.

* Milieuvervuiling als abiotische factor is onjuist.

* Slechte vraag: wind, temperatuur? Rookgassen en verzuring?

44 Een koe heeft poten zonder zwemvliezen en leeft dus vooral in de bomen? Een regenworm heeft borstels waarmee hij zich goed kan vasthouden in de bomen? Het mannetje van de kikker is ranker /lichter dan het vrouwtje en dus leeft vooral het mannetje in de bomen? Soort 2 heeft zwemvliezen en leeft dus vooral in de bomen? NEE. Soort 2 heeft zwemvliezen en leeft dus waarschijnlijk in het water.

45 planten i.p.v. landbouwgewassen goed rekenen.

* kikker en insect toch geen soort!

* voedselweb getekend? 1 punt.

* Niet in de tekst vermelde soorten zijn goed, terwijl er staat .... volgens die informatie ...

46 Leg in twee stappen uit. Is dit in stappen te beantwoorden?

* Welke stappen? Er zijn wel feiten.

* Ook zonder biologische kennis kun je de vraag maken

* Moeilijke vraagstelling: twee vragen.

* Stappen doen gekunsteld aan.

47 Goed: chloor dampen en stikstofdioxiden.

* Verwarrend

Volgens correctiemodel mag stikstof en zwavel niet, terwijl ze toch op de goede weg zijn.

49 Bomen kappen dan verandert het milieu.

* Wel erg open vraag.

* Interpretatieprobleem: alleen gifkikker of kikker in het algemeen?


VBO/MAVO mei 1998 Jan Theo Boer cdexamen.wpd




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina