Bibliografie van de geschiedenis van gent



Dovnload 7.42 Mb.
Pagina38/70
Datum22.07.2016
Grootte7.42 Mb.
1   ...   34   35   36   37   38   39   40   41   ...   70

Het oude Gent, toponiemen

GYSSELING M.,

Een volkstelling te Oostakker en Meulestede in 1709. Uitgave en naamkundige studie,

De Heemkundige Kring De OostOudburg. Jaarboek IX, (1971), p. 3-53.

Uitgave van de nominale telling uitgevoerd in juni 1709 in opdracht van het kasselrijbestuur van de Oudburg. Ze gaat vergezeld van een naamkundige studie waarbij o.m. gegevens uit de kohieren van de vijfde en tiende penning (bewaard in het Stadsarchief) betrokken werden.

Regestenlijsten. bronnenuitgaven

GYSSELING M.,

Het Sint-Elisabethbegijnhof van de oudste tijd tot heden. Tentoonstellingscataloog, 21 september tot 6 october 1974. (Vrienden van het Groot Begijnhof van Sint-Amandsberg, met medewerking van het Documentatiecentrum voor Streekgeschiedenis).

Documentatiecentrum voor Streekgeschiedenis Sint-Amandsberg

In deze kataloog vinden we o.m. enkele interessante en minder gekende gegevens over de oudste geschiedenis van de begijnen.

Inventarissen, bibliografieën, catalogi

H.C

In memoriam : Maurits Van Wesemael

Ghendtsche Tydinghen, jg. 15, (1986), nr. 6, p. 305.

Gents heemkundige (1900-1986) en vroege medewerker aan Ghendtsche Tydinghen.

Biografische nota's en biografieën

H.C.

Het Pakhuis

Ghendtsche Tydinghen, jg. 15, (1986), nr. 2, p. 86-89.

Inventaire archéologique - Fiche nr. 18. Op 20 april 1897 stelde Armand HEINS in de rubriek „Burgerlijke Bouwkunde" een fiche op over het Pakhuis op de Korenmarkt. Het Pakhuis werd opgericht in 1719 naar de plannen van Bernard De Wilde, nadat de Stad de oude stadsgevangenis op die plaats had laten slopen in 1716. Het Pakhuis zou ook onderdak verschaffen aan de Kamer van Koophandel, de Tekenakademie (1755-1804), de lagere school voor geneeskunde, de messagerie en de openbare waag (1833), de Commissie der Burgerlijke Godshuizen (1797-1799), de Rechtbank van Koophandel (1798-1802 en 1832-1846) en de kursussen geneeskunde (1817-1826). In 1897 werd het gesloopt om plaats te maken voor het Postgebouw. Geïllustreerd.

Gebouwen, monumenten, stadsbeeld

HAAGEN W.

Proto-industrialisatie" en „Industrialisatie" van de Gentse vlasnijverheid.

RUG, H. Balthazar, 1980.




Verhandeling

HAAGEN W.

Proto-industrialisering en industrialisering van de linnennijverheid te Gent

Spiegel Historiael, jg. 17, nr. 9, (1982), p. 456-462.

De industriële revolutie wordt hier gezien als een fase in een zeer langzaam lopend veranderingsproces. Men gaat er vanuit dat de Gentse regio, die geïndustrialiseerd werd gedurende de eerste helft van de 19de eeuw, een voorafgaande ontwikkelingsperiode als landelijk productiecentrum heeft doorgemaakt. De proto-industrie schiep de voor  waarden om een industrialisatie doorgang te doen vinden : ontwikkeling van een demografisch potentieel, van een commerciële landbouwrealisatie van afzetmarkten, kapitaalaccumulatie. Het proto-industrieel produktiesysteem op het Gentse platteland begon, wat betreft de linnennijverheid, zich te ontwikkelen vanaf het einde van de 14de eeuw. Gedurende de 17de en 18de eeuw kende men een grote bloei van de Gentse linnenmarkt. De stad vervulde een handelsfunctie voor het landelijk proto-industrieel produktiesysteem. Na 1830 ziet men de ondergang van de proto-industriële spinnijverheid maar niet van de landelijke weefnijverheid, die nog een enigszins bloeiend bestaan zou kennen tot na 1880. Reeds in het begin van de 19de eeuw werden in Gent de eerste pogingen tot mechanisering van het vlasspinnen ondernomen. Ze dienen gezien te worden in een streven om meer te produceren tegen lagere kosten, daar waar de nadelen van het proto-industrieel systeem steeds meer aan het licht kwamen. Toch kende ze door haar onvoldoende produktiviteit geen echte doorbraak en tot 1838 bleven de mechanische vlasspinnerijen in een proefstadium. Eerst in 1838 werd te Gent door de oprichting van de vlasspinnerijen La Lys en La Linière Gantoise de beslissende stap gezet naar de industrialisering van deze sektor. De sociale omstandigheden en woonomstandigheden van de proto-industriële arbeiders waren uitermate slecht. Geïllustreerd.

Hedendaagse tijd

HAAGEN W.

Uitbuiting-door-handel als verklaringsfaktor voor de vertraagde industrialisering van de linnennijverheid in Vlaanderen

HMGOG, deel XXXVII, (1983), p. 215-243.

In tegenstelling tot wat herhaaldelijk wordt beweerd was het overheersende organisatie-systeem in de Vlaamse linnennijverheid niet het „putting-out-systeem" maar het „uitbuiting-door-handel-systeem". De landelijke producenten verwerkten grondstoffen die ze zelf kweekten of verwierven op eigen produktiewerktuigen. Ze boden dus niet hun arbeidskracht maar wel garen of linnen aan als „waar". De stedelijke linnenhandelaars (o.m. te Gent) hadden geen direkte kontrole op het produktieproces en konden enkel door beperking van grondstoffenuitvoer en markt- en produktiereglementering „indirekt" tussenkomen. Het „uitbuiting-door-handel-systeem" bood bij de opkomst van de industrialisatie minder mogelijkheden tot een geleidelijke overgang naar de fabriek-industrialisering, zodat deze in Vlaanderen veel trager op gang kwam. Met talrijke voorbeelden en verwijzingen naar Gentse toestanden. Met kritisch apparaat.

Industriële Archeologie, Scriptophilie

HADERMANN E.

Het verdwenen huis "de Sleutel" op de Zandberg

Ghendtsche Tydinghen, 17, (1988), nr. 1, p. 13-32.

Geïllustreerd

Gebouwen, monumenten, stadsbeeld

HAEGEMAN M.

De anglofilie in het graafschap Vlaanderen tussen 1379 en 1435. Politieke en economische aspecten

Standen en Landen, XC), Kortrijk-Heule, 1988, 279 blz.

De anglofilie in Vlaanderen was het gevolg van een ekonomische realiteit, met name de produktie van wol in Engeland die verwerkt werd tot laken in de Nederlanden. De sympathie voor Engeland manifesteerde zich ook geregeld op het politiek vlak en wel in de machtsstrijd tussen Frankrijk en Engeland. Tekenend voor dit laatste was de Gentse opstand van 1379-1385.

Middeleeuwen

HAEGEMAN M. en L. PAREYN,

Inventaris van het archief van Geluk in 't Werk 1880-1969,

Liberaal Archief. Reeks Inventarissen, nr. 3, Gent, 1991, 181 blz.

In 1880 werd naar de ideeën van François Laurent (1810-1887) de sociaal-culturele kring Geluk in 't Werk op de Gentse wijk Ekkergem gesticht. De bewaard gebleven archief- en documentaire bescheiden dateren uit de periode 1880-1969. De inventaris bevat een inleiding, een stukkenbeschrijving en een chronologische klapper op de briefwisseling.

Inventarissen, archiefvoorstellingen, bibliografieën

HAEGEMAN M.,

De inventarisatie van het archief van de priorij Onze-Lieve-Vrouw Ten Hove te Waarschoot, later te Gent (1445-1796), J. BAERTEN, F. SCHEELINGS en J. VERHELST (eds.)

V.U.B., Brussel, 1991, p. 25-32.

Archiefinitiatie (Archiefproblemen en –oplossingen). De eerste resultaten van de verhandelingen van de Bijzondere Licentie Archiveringstechnieken

Inventarissen, archiefvoorstellingen, bibliografieën

HAEGEMAN M.,

Het archief van de priorij Onze-Lieve-Vrouw Ten Hove te Waarschoot, later te Gent (1445-1796) en zijn mogelijkheden voor de historiografie,

HMGOG, XLV, (1991), p. 133-154.

Overzicht van de inhoud van het priorij-archief, dat thans bewaard wordt op het Rijksarchief te Gent, en van de onderzoeksmogelijkheden.

Inventarissen, archiefvoorstellingen, bibliografieën

HAERENS J.

George Minne, illustrateur de Maurice Maeterlinck

Septentrion. Revue de Culture Néerlandaise, 14, (1985), nr. 1, p. 13-18.




Kunst, cultuur

HAERENS J.

Literatuur en plastische kunsten. Het symbolisme : de tekeningen van George Minne, voor de werken van Maurice Maeterlinck

KUL, 1978.




licentiaats- en doctoraatsverhandelingen

HAERENS K

Gentse merkwaardigheden,

Gent, 1980, 132 blz., geïllustreerd.

Vijftig Gentse merkwaardigheden, waaronder : (stand)beelden, kuriositeiten, gedenktekens, kapellen, halfverheven beeldhouwwerk, monumenten en portalen, worden bondig besproken.

Heemkunde en Folklore

HAERENS K.

Oude straatnamen van Gent,

Gent, 1982, 119 blz.

Na de publikatie van Gentse Gedenkplaten, Standbeelden in Gent, Gentse Merkwaardigheden en Straatnamen van het Oude Gent volgt Oude Straatnamen van Gent. In deze bijdrage vindt men zesenzestig oude straatbenamingen, niet alleen van de Kuip maar tevens erbuiten. De betekenis van de straatnaam wordt onderzocht of er wordt een verklaring gegeven in het licht van legenden, anekdoten. Er wordt gewezen op de oude sfeer of op toeristische merkwaardigheden. Rijk geïllustreerd.

Heemkunde

HAERENS K.

Standbeelden van Gent.

Gent, 1977, 120 blz.

Een prettig boekje met het boeiende verhaal van 47 standbeelden, monumenten, sierbeelden. Van elk besproken monument of stand­beeld, werden één of meerdere foto's opgenomen.

Heemkunde en folklore

HAERENS K.

Straatnamen van het oude Gent

Gent, 1981, 133 blz.

Uit driehonderd straatnamen van de Gentse Kuip werden er een tachtigtal uitgekozen. De betekenis van de benaming en de geschiedenis van de straat worden onderzocht. Vaak wordt er gesproken over de sfeer die vroeger in de straat heerste. Rijk geïllustreerd.

Heemkunde

HAESAERT J.-P.,

Louis XVIII à Gand en 1815,

Revue du Nord, XLIX, (1967), 521-533.




Diversen

HAESEREYN R.

Het Gentse Museum voor Volkskunde

Volkskunde, jg. 83, nr. 2/3, (1982), p. 145-163.

Het ontstaan en de groei van het Gentse Museum voor Volkskunde vanaf de stichtingsvergadering van de Bond van Oostvlaamsche Folkloristen in 1926. Het eerste museum werd gevestigd in de kapel van het Geschoeide Karmelietenklooster. In 1962 werd het heropend in het Kinderen Alijnshospice. Bovendien wordt een overzicht gegeven van de verzamelingen en van de aktiviteiten van het museum.

Kunst en Kultuur

HAESERYN R.

Gedateerde volkskundige voorwerpen en dokumenten, (Catalogus,

Museum voor Volkskunde, 19 juli - 31 augustus 1975), (Bond der Oostvlaamse Volkskundigen), Gent, 1975, 36 blz.

Katalogus van 167 gedateerde volkskundige voorwerpen of dokumenten ondergebracht in elf rubrieken : gebruiksvoorwerpen, merklappen, loting, godsdienstig drukwerk, ambachten en beroepen, penningen, van wieg tot graf, verenigingsleven, menu's, diversen.

Varia en Personalia

HALKIN L.E.

De l'Académie calviniste de Gand la Faculté de Théologie de Bruxelles in BOUDIN H.R., (ed.), Analecta Theologiae Facultatis Bruxellensis. II, 1976-1985 Protestantisme en universiteit,

Vereniging voor de Geschiedenis van het Belgisch Protestantisme. Historische studies 9, Brussel, 1988, p. 105-114.

Na de overname van Gent door de hervormingsgezinden werd een theologische hogeschool ingericht. Eerst was ze gevestigd in het Karmelietenklooster van de Lange Steenstraat, van 1580 af in het Predikherenklooster aan de Leie. Na de herovering van Gent door Farnese hield deze Akademie op te bestaan. De Universitaire Faculteit voor Protestantse Godgeleerdheid te Brussel, die thans meer dan 35 jaar bestaat, kan als de opvolgster ervan beschouwd worden.

Moderne Tijden

HALLAERT J

De Prinsenhof wijk getuigt van vroege industrialisatie.

V.I.A.T. Kontaktblad, Gentse Vereniging voor Industriële Archeologie en Textiel, 1980, nr. 1, p. 26-28, geïllustreerd.

Een aantal industrieel-archeologische gegevens inzonderheid over de brouwerij die in 1816 werd opgericht door Lodewijk Vanden Berghe in Prinsenhof nrs. 52, 54 en 54a.

Industriële Archeologie

Hebbelynck Gaston (G.H.)

Over het verdwenen „De Vreesebeluik" of Cité Ouvrière

Ghendtsche Tydinghen, jg. 12, (1983), nr. 5, p. 251-256.

De plannen van deze cité ouvrière, gelegen tussen de Rozier(straat) en de Blandinus(straat) werden ontworpen door architect Leclerc Restiaux. De voorgevel werd opgetrokken in 1851. Het beluik werd afgebroken in 1935 /1936. Geïllustreerd.

Industriële Archeologie, Scriptophilie

Hedendaagse Tijd













HENAU A.

De Belgische huishuren gedurende het Interbellum,

K.U.L Centrum voor Economische Studiën, Leuven, 1991, 29 blz. + diverse tabellen en grafieken.

Analyse van de huishuurprijzen in Antwerpen, Gent, Leuven, Luik en in het mijndorp Le Grand Hornu gedurende de periode tussen de twee wereldoorlogen.

Hedendaagse Tijd

HENDRIX G.

Bernardina en Cisterciensia in de Universiteitsbibliotheek

Rijksuniversiteit Gent. Schatten van de Universiteitsbibliotheek, 7, Gent, 1990, XVIII + 254 blz.

Kataloog bij een tentoonselling van werken geschreven door Bernardus van Clairvaux en van boeken en handschriften met betrekking tot de Gentse cisterciënzerkloosters. Met woord vooraf door hoofdbibliothekaris A. VANDEN BRANDE en konservator DEROLEZ, inleidend artikel door prof. L. MILIS en illustraties.

Kerkgeschiedenis, kloosters

HENDRYCKX M. DE KOONING M. en VERSCHAFFEL B.

Gent, de gedeelde stad,

Brugge, 1990, 167 blz.

Fotoboek voorzien van begeleidende teksten van B. VERSCHAF-FEL (9-14) en M. DE KOONING bij de foto's van M. HENDRYCKX. Met voorwoord door schepen R. VAN QUAQUEBEKE en ten geleide.

Gebouwen, monumenten, stadsbeeld

HERTELEER W.

20 jaar „Toleries gantoises"

Dronghine. Jaarboek, (1983), p. 61-62.

Korte historiek van het bedrijf uit Drongen, dat uitrustingsgoederen in roestvrij staal produceert.

Industriële archeologie, scriptophilie

HERTELEER W.

De stedelijke basisschool Klaverdries 50 jaar jong,

Dronghine. jaarboek, (1990), p. 102-105.

Geïllustreerd

Heemkunde, volkskunde, genealogie

HESPEL R.

Dit is uit het leven gegrepen . Of herinneringen aan vijftien jaar wonen in het Patershol (1920-35)

Ghendtsche Tijdinghen, jg. 14, nr. 4, (1982), p. 169-181.

Volksbelevenissen van Tsjeef in het Patershol te Gent, die aan de auteur vertelt hoe het er in de jaren twintig aan toe ging. Hij staat stil bij de volkstypes Loele-de-Vuilbak, Mijnheer Bastien, Dikke Mie, Gustje en de Drie Fransmans. Geïllustreerd.

Heemkunde

HESPEL R.

Gezocht : een bouwplaats voor „Den Nieuwen Vlaamschen Theater" !

Gendtsche Tijdinghen, jg. 10, (1981), p. 285-287.

In 1887 werd door enkele raadsleden van de Gentse gemeenteraad voorgesteld een nieuwe schouwburg op te richten op de Koornmarkt, op de plaats van het toenmalig Pakhuis. De bouwmeester Edm. De Vigne zou de plannen tekenen. Voor- en tegenstanders van dit projekt geraakten het niet met elkaar eens. Na de gemeenteraadsverkiezingen van 1895 wordt echter van de plannen om op die plaats een schouwburg te bouwen afgezien. Het terrein wordt aan de Staat verkocht om er een postgebouw op te richten. In 1897 wordt besloten de schouwburg op te richten op het SintBaafsplein.

Heemkunde

HESSELINCK H.G.

De geschiedenis der spoorwegen Gent-Terneuzen en Mechelen-Terneuzen 1865-1948

Kloosterzande, 1983, 240 blz.

Beschrijving van de bouw en exploitatie van twee internationale spoorwegmaatschappij en.

Heemkunde, volkskunde

HEYDE R.

. Isidore Dubrucq. Gents beeldhouwer 100 jaar geleden overleden

G.O.V. Heraut, jg. 21, (1986), nr. 3, 4 blz.

De beeldhouwer Dubrucq (Gent, 1844-1886) werd vooral bekend met zijn bustes en grafmonumenten van bekende Gentse figuren. Met illustraties.

Biografische nota's en biografieën

HEYDE R.

Ivo VermeersFrançoisMaldegems kunstenaar 1810-1852

Maldegem, (1989), 28 blz.

Vermeersch was een leerling van Pierre FranQois de Noter en schilderde diverse Gentse stadshoekjes, monumenten en kerkinterieurs. Met illustraties.

Biografieën

HEYDE R.

Karel de Kesel (1849-1922). Portretschilder en beeldhouwer van Zomergemse afkomst

Maldegem, 1985, 59 blz.

Brochure aansluitend bij een tentoonstelling rond deze kunstenaar in Zomergem. De Kesel studeerde aan de Gentse akademie schilderkunst bij T. Canneel en beeldhouwkunst bij L. van Biesbroedc. Hij vervaardigde beelden voor de barokke poort aan de Vismijn op het Sint-Veerleplein. Met voorwoord en illustraties.

Biografische nota's en biografieën

HEYMANS F. (red.),

Voor den duivel geen stap achteruit ! Beelden van Gent in de literatuur,

Stedelijke Openbare Bibliotheek Academia Press, Gent, 1992, 319 blz.

Bloemlezing van literaire teksten over Gent (middeleeuwen tot heden), thematisch geordend over 14 hoofdstukken. De verzamelbundel werd samengesteld en van commentaar voorzien door F. HEYMANS, T. DEMOOR en T. ENGLEBERT. Geïllustreerd.

Kunst, cultuur

HEYMANS H.

De papierfabriek te Langerbrugge

Tijdschrift voor Geschiedenis van Techniek en Industriële Cultuur.

De papierfabriek te Langerbrugge werd opgetrokken tussen 1929 en 1931 naar het ontwerp van de Duitse firma Schluter uit Dortmund. In 1932 werd de eerste papiermachine opgestart. Vanaf 1945 kende de fabriek een nieuwe uitbreiding, o.m. naar plannen van architekt Hebbelinck (1947). De auteur bespreekt eveneens het produktieproces anno 1932, alsmede de verbeteringen die er in de loop van de jaren werden aangebracht. Op dit ogenblik is de papierfabriek te Langerbrugge de belangrijkste papierfabriek van België. Geïllustreerd.

Industriële Archeologie, Scriptophilie

HEYRMAN P.

Voor eigen winkel. Honderdjaar middenstand en middenstandsbeweging in Oost-Vlaanderen,

Bijdragen Museum van de Vlaamse Sociale Strijd, 7, Gent, 1991, 254 blz.

Kort voor de eeuwwisseling werd vanuit katholieke hoek getracht de middenstanders te organiseren. In de grote steden verschenen midden­standsbonden. In Gent ontstond door toedoen van Karel van der Cruyssen de vereniging God en Vaderland. Na Wereldoorlog I openden Fernand van Ackere, Camiel Struyvelt en Leo Joos aan de Gentse Lange Kruisstraat het Provinciaal Middenstandssecretariaat. Na 1945 trad men toe tot het nationale N.C.M.V. Met kaarten, tabellen, grafieken, foto's en indices.


1   ...   34   35   36   37   38   39   40   41   ...   70


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina