Bijlage concept Nota van Antwoord Kabinetsstandpunt Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (nsl)



Dovnload 1.12 Mb.
Pagina1/15
Datum22.07.2016
Grootte1.12 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   15

Bijlage concept Nota van Antwoord Kabinetsstandpunt Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL)

Datum: 20 januari 2009


Status: Definitief


Index op inspraaknummer


1 Mw. Colon, Amsterdam 5

2 Dhr. P.H. Muitjens, Elsloo 5

3 Dhr. J. van den Broek, Amsterdam 5

4 Mw. N. Geelhoed, 's-Gravenhage 7

5 Mw. R. Arts, Wanssum 8

6 Dhr. P.P. Corten, Amersfoort 8

7 Mw. A.J. Bok, Zoetermeer 9

8 Dhr. J. Verwoerd, Oudenbosch 9

9 Dhr. W.B. Smeenk, Haarlem 10

10 Dhr. B. Valkenburg, Weert 10

11 Mw. A.L. Blok, Voorburg 10

12 Dhr. A.M. van Rooijen, Renswoude 11

13 Groenlinks Waalre, dhr. R. Paré, Waalre 11

14 M.P.L. Groen-Mathijsen, Apeldoorn 11

15 Dhr. J. Verschoor, Terneuzen 12

16 A.M. Cox, Vlaardingen 13

17 Ontwikkelingsmaatschappij Drechtsteden, N.J. van Klinken, Dordrecht 13

Gemeente Hendrik Ido Ambacht 13

Gemeente Zwijndrecht 13

18 E.M. Visser, Alkmaar 14

19 Stichting Dorpsraad Wijk aan Zee, dhr. D. Buwalda, Wijk aan Zee 14

20 Mw. L. Vullings, Nijmegen 15

21 C.P.A. de Leeuw, Rotterdam 18

22 Milieudefensie Gelderland, afdeling Heumen, B. Jansen-Osborne, Malden 18

23 Dhr. Mr. V.F. Konings, Delft 21

24 Dhr. R.I. van Swieten, Tilburg 22

25 Mw. M. Hogendoorn, Tilburg 23

26 Dhr. T.F. van Wel, Den Dolder 23

27 Dhr. B.H. Ruttenberg, Nieuwegein 24

28 P.O. Cohn, Borne 25

29 Dhr. I.T.M.M. Festen, Nieuwerkerk a/d IJssel 26

30 Milieudefensie Veenendaal, dhr. J. Overvest, Veenendaal 26

31 Dhr. B. Corstianen, Nijmegen 27

32 Natuur en Milieu federatie Utrecht, mw. S. Kluit, Utrecht 27

33 Dhr. Mr J.T.O. Bresters, Leidschendam 29

34 Dhr. Koene, Uden 30

35 Klaor loch, dhr. Rutten, Maastricht 31

36 Stichting Geen Twee Snelwegen, dhr. P. van Veen, Steijl 33

37 LLTB, dhr. L. Moonen, Roermond 36

38 Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel, dhr. R. Hendriks, Tilburg 37

39 Dhr. C.E. van Eeuwen, Harderwijk 38

40 G.J. Cats, Utrecht 39

41 Stichting Bravo Compagnie, Ir. H.C.G. Boons, Valkenswaard 39

42 Gemeente Alkmaar, dhr. F.M. Borst, Alkmaar 41

43 Dhr. A.B.R. de Zeeuw, Badhoevedorp 41

44 Milieuraad Den Ham – Vroomshoop, dhr. G.H. Kollenstaart, Den Ham 42

45 Mw. G.J. Smink, Nijkerkerveen 43

46 Stichting Stop RW19/A4, dhr. J.H.J. Roos, Delfgauw 43

47 Provincie Noord-Brabant, mw. J.R.H. Maij-Weggen, ‘s-Hertogenbosch 44

48 LTO Nederland, dhr. A.J. Maat, Den Haag 44

49 Stichting Duurzame A12, dhr. dr ir A. Ohm, Velp 45

50 J.H. van Draanen, Barneveld 46

51 NVALT, dr H.J. Pennings, ’s-Hertogenbosch 47

52 Themagroep Leefomgeving en Verkeer, dhr. B. van Doormalen, Waalre 48

53 Vereniging Stedelijk Leefmilieu, mw. M. Jacobs, Nijmegen 49

54 Stibbe, dhr. J.C. van Oosten, Amsterdam 54

55 Stichting Bewonerscomité Eikendreef, dhr. H.F. te Velde, Helmond 54

56 Milieudefensie, dhr. F. Köhler, Amsterdam/Arnhem 56

57 Amsterdam Airport Schiphol, D.F. van Vroonhoven, Schiphol 61

58 Astmafonds, M.R. Rutgers, Leusden 62

59 Gemeente Vlaardingen, dhr. H.C. Christerus, Delft 64

60 Mw. A. Etienne-Al, Warnsveld 64

61 Vereniging tegen Milieubederf, mw. L. ter Horst, Rotterdam 64

62 Gemeente Venlo, dhr. W.W.F.T. Stevens, Venlo 66

63 Federatie Historische Automobiel- en Motorfietsclubs, dhr. B. Pronk, Maarsbergen 66

64 SGLA, P. de Lange, Amersfoort 67

65 Boekel de Nerée NV (namens McMahon, Redevco), mw. A.R. Klijn, Amsterdam 68

66 J.A.M. van Oers, Amsterdam 69

67 Stichting Belangen Rotondeflat, dhr. P. Jaspers, Gouda 70

68 Mw. ir M. van Dooren-Flipsen, Erp 71

69 Buurtplatform Wittevrouwenveld Actief, mw. M.C.E. Kromjong-Haesen, Maastricht 72

70 VNPI, dhr. J.C.D. Boot, Den Haag 75

71 Dhr. J.C. van Hoogeveen, Alphen a/d Rijn 76

72 M. Weeber, Zwaagdijk-West 76

73 L. Wagenaar, Leiden 77

74 Gemeente Alphen a/d Rijn, A. van Klaveren, Alphen a/d Rijn 78

75 Dhr. C. Smitskamp, Delft 79

76 Hagedoorn Stichting, dhr. J. Hagedoorn, Rijswijk 79

77 Dhr. H.F.J. Brinkhuizen, Groningen 80

78 Ver Werkgroep Natuurbehoud en Milieubeheer, dhr. W. Beekmans, Eindhoven 80

79 Bewonersvereniging Havenkwartier, dhr. A.M. Hulleman, Den Haag 82

80 Blerickse Belangenvereniging A73/A74, H.A. Wissingu, Venlo 83

81 VNO-NCW, dhr. C. Oudshoorn, Den Haag 83

82 NVMM, dhr. H.W.A. Jans, ‘s-Hertogenbosch 86

83 Haags Milieucentrum, dhr. L. van der Linde, Den Haag 87

84 Stichting Milieufederatie Limburg, Ir. J.H. Heijnen, Roermond 88

85 Stichting Leefbaarheid Industrieterrein Amstelhoek e.o. , G.J. Alberts, Amstelhoek 90

86 Gelderse Milieufederatie, Arnhem 91

87 Stichting Natuur en Milieu, mw. M. de Rijk, Utrecht 93

88 NS Poort Legal, dhr. G.C.M. Schipper, Utrecht 97

89 VNCI, mw. L.N. Mulder-Boeve, Den Haag 97

90 Bouwend Nederland, drs. C.W. van Willigen, Zoetermeer 99

91 Mw. M.C.G. Beenackers-van Poppel, Maarheeze 99

92 Groenlinks Utrecht, mw. M. Mos, Utrecht 101

93 Dhr. W.A.G. ten Brink, Melderslo 102

94 Dorpsraad Tienray, dhr. E.W.J.M. van Maarschalkerwaard, Tienray 102

95 EVO, dhr. R.J. Slotema, Zoetermeer 103

96 Stichting Milieu- en Natuurbescherming Kennemerland, dhr. K. van Broekhoven, Haarlem 104

97 Rabobouwfonds, drs. M.H.M. van Gelderen, Hoevelaken 105

98 Bouwfonds Property Development BU Zuidwest, dhr. E.A.M. van Winsen, Delft 105

99 Dhr. Rodermans, Rotterdam 106

100 Dhr. J.C. van Zuijlen, Harmelen 109

101 Mw. J. Lagerwerf, Hendrik Ido Ambacht 109

102 Werkgroep Geluidsoverlast en Luchtkwaliteit van het Wijk Overleg Ridderkerk West, dhr. L.W.J. van Leeuwen, Ridderkerk 109

103 Vereniging van kunstmest producenten, drs R. Coster, Leidschendam 110

104 J. Breimer, Leeuwarden 111

105 BAM vastgoed, dhr. A. Soer, Bunnik 111

106 Vereniging Behoud de Parel Grubbenvorst, dhr. Vollenberg, Grubbenvorst 111

107 Milieugroep Westervoort, dhr. J. den Otter, Westervoort 114

Medivera 114

HPU-Patiëntenvereniging 114

108 C.P. Penders, Netterden 117

109 Dhr. J.B. de Koning, Leiderdorp 119

110 A.H.J. Heerschap, Tegelen 120

111 Dhr. Huijgens, Rotterdam 121

112 Dhr. Barnstijn, Breukelen 122

113 Vereniging Dijken aan Zet, mw. Duncan, Roosendaal 124

114 Platvorm A27, dhr. J. Korff de Gids, Utrecht 125

115 Dorpsraad, A. Persoon, Venlo 126

116 Dhr. Heere, Halfweg 128

117 J. van der Meer, Zwaagdijk West 129

118 Stichting Ons Groene Milieu, dhr. J.T.S. Neve, Hagestein 130

119 Mw. H.A. Edzes-van Loon, Tinte 131

120 Onafhankelijke Nijmeegse Partij, Nijmegen 132






1 Mw. Colon, Amsterdam




Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

In het kader van de inspraak over de

Ruimtelijke inspraak Nederland 2040 ben

ik tegenstander van:

- de aanleg van de Noord-Zuidlijn;

- de bouw van een extra parkeergarage aan de Wibautstraat 20-26;

- de extra nieuwbouw zonder bestemmingsplan op het overvolle terrein van het ziekenhuis OLVG en

- de bouw van extra koopwoningen op het terrein Camper- en Tilanusstraat in Amsterdam.



Nederland is, zeker op sommige plekken, een druk land en ik begrijp dat u vindt dat ook Amsterdam niet drukker zou moeten worden. Deze inspraak richt zich evenwel alleen op het NSL en niet op de inhoud van ruimtelijke lange termijn perspectieven. Het NSL is een plan met maatregelen dat ervoor gaat zorgen dat Nederland de grenswaarden voor luchtkwaliteit haalt. Ook als nieuwe ruimtelijke projecten een extra verslechtering van de luchtkwaliteit met zich meebrengen zorgt het NSL ervoor dat de grenswaarden worden gehaald.

Het is echter niet zo dat de minister van VROM in het NSL bepaalt of die nieuwe ruimtelijke projecten er al dan niet komen. Dat bepaalt de gemeente zelf.


De ruimtelijke projecten die u noemt zijn, met uitzondering van de Noord-Zuidlijn, projecten die extra emissies als gevolg van verkeer met zich brengen. Als dit soort projecten worden uitgevoerd, zorgt het NSL er voor dat voldoende maatregelen worden getroffen om ervoor te zorgen dat de grenswaarden van de luchtkwaliteit niet worden overschreden.
Via de inspraak op het NSL is het niet mogelijk invloed uit te oefenen op het al dan niet doorgaan van ruimtelijke projecten. Dit kan wel op het moment dat de (ontwerp-)besluiten over die projecten door het desbetreffende bevoegd gezag ter inzage worden gelegd met bijbehorende inspraak- en beroepsmogelijkheden. (De lokale media verschaffen hierover informatie.) Op de door u genoemde (gemeentelijke) projecten is evenwel geen inspraak meer mogelijk.










2 Dhr. P.H. Muitjens, Elsloo




Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

Ten aanzien van fijn stof en stikstofdioxide dienen andere regels te gelden voor Limburg. De luchtkwaliteit in deze provincie wordt immers sterk beïnvloed door industriële emissies uit België en Duitsland.


U heeft gelijk dat de luchtkwaliteit in Limburg wordt beïnvloed door de industriële emissies uit België en Duitsland. Hier is in het NSL rekening mee gehouden. Door uitvoering van het NSL zullen overal in Limburg tijdig de Europese grenswaarden voor stikstofdioxide en fijn stof worden gehaald. De EU-richtlijn biedt niet de mogelijkheid om andere regels voor fijn stof en stikstofdioxide te hanteren voor de provincie Limburg. De EU-richtlijnen leiden er uiteraard wel toe dat ook in de omliggende landen maatregelen zullen moeten worden getroffen om de emissies te beperken. Dit leidt ook tot een verbetering van de luchtkwaliteit in Limburg.

Er moet aandacht worden besteed aan de emissie van koolstofdioxide door bossen, die optreedt bij afsterving en rotting van bomen en planten.


Het klopt dat u in het NSL niets terug vindt over de emissie van CO2 vanuit bossen. Het NSL is een plan met maatregelen dat ervoor gaat zorgen dat de luchtkwaliteit verbetert en daarmee de gezondheid van mensen. Het zorgt ervoor dat de concentraties stikstofdioxide en fijn stof in de lucht afnemen tot onder de grenswaarden. CO2 is weliswaar van belang voor het klimaat maar heeft nagenoeg geen effect op de luchtkwaliteit of de gezondheid van mensen. Daarom maakt het geen onderdeel uit van het NSL.




3 Dhr. J. van den Broek, Amsterdam




Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

De uitlaatgassen moeten worden teruggedrongen tot een acceptabel niveau. Dit kan behaald worden door de snelheid op de Haarlemmerweg in Amsterdam, tenminste vanaf de Joris van den Berghweg, terug te brengen naar 50 km/uur en het instellen van een groene golf.


In samenhang met maatregelen voor de Jan van Galenstraat (routering vrachtverkeer naar onder andere het Foodcentre) wordt het knelpunt op de Haarlemmerweg door de gemeente Amsterdam aangepakt. Hierbij wordt onder andere gekeken naar het verbeteren van de doorstroming. Ook meer algemene Amsterdamse maatregelen, zoals de grote milieuzone voor het vrachtverkeer, helpen bij het verbeteren van de luchtkwaliteit langs de Haarlemmerweg. Verder dragen ook Europese maatregelen en rijksmaatregelen bij aan een verbetering van de situatie. De 80 km/uur zone op de A10 West levert een positieve bijdrage aan de situatie op de Haarlemmerweg. Bovendien wordt verwacht dat de aanleg van de Westrandweg (waar vooral het vrachtverkeer gebruik van gaat maken) een belangrijke verlichting van de verkeersdruk zal geven op de Haarlemmerweg.

Bij het terugbrengen van de snelheid op de Haarlemmerweg in Amsterdam naar 50 km/uur kan het bromfietsverkeer tussen Amsterdam en Haarlem ook naar deze weg worden gedirigeerd. Hierdoor wordt op de ventweg de geluidsoverlast beperkt en de verkeersveiligheid verbeterd.



Er vinden momenteel diverse verkeersonderzoeken plaats naar verbetering van de verkeerssituatie op de Haarlemmerweg. Onderdeel is een onderzoek naar het instellen van een groene golf waardoor de doorstroming van het verkeer verbetert. Hierbij wordt ook gekeken naar de consequenties voor andere verkeersdeelnemers, zoals bijvoorbeeld bromfietsers en het openbaarvervoer. Op korte termijn zijn de resultaten en de eventuele maatregelen niet bekend. Eventuele relevante resultaten worden meegenomen in de monitoring.

De aanleg van de Westrandweg zal niet leiden tot schonere lucht, terwijl deze wel wordt beloofd. De wind is immers overwegend westelijk en het verkeer in de omgeving neemt toe.


Het NSL geeft voor alle opgenomen projecten een volledige onderbouwing dat op tijd voldaan wordt aan de gestelde grenswaarden voor PM10 en NO2. Deze onderbouwing beperkt zich niet tot de betreffende projectomvang, maar maakt ook inzichtelijk wat de consequenties binnen het gehele verkeersnetwerk zijn. Hierbij is rekening gehouden met de verkeersaantrekkende werking door de aanleg van extra infrastructuur. De saneringstool houdt net als reguliere verkeersmodellen die gehanteerd worden om de consequenties van voorgestelde gewijzigde infrastructuur in planstudies inzichtelijk te maken (zgn. NRM, Nieuw regionaal model, en LMS, landelijk model systeem), rekening met meer verkeer door de verbeterde bereikbaarheid. Verder gelegen bestemmingen worden beter bereikbaar. Deze extra verkeersbewegingen komen bovenop de autonome groei van het verkeer en voertuigen die voor een andere meer aantrekkelijke route kiezen.

Zo kan het zijn dat aanliggende wegvakken te maken krijgen met een verhoogde verkeersintensiteit, maar de druk op wegvakken kan ook verlicht worden doordat weggebruikers een aantrekkelijker alternatief krijgen aangeboden. Dit laatste is het geval voor vrachtverkeer op de Haarlemmerweg (zie ook de laatste zin beantwoording punt 1). De toezegging dat de Westrandweg leidt tot een schonere lucht herken ik niet. Wel draagt de Westrandweg bij aan de bereikbaarheid van de regio en stroomt het verkeer hierdoor beter door. Dit alles binnen de gestelde grenswaarden voor de luchtkwaliteit. Ook zaken als de windrichting zijn meegenomen bij de berekening van de luchtkwaliteit met de Saneringstool.



De overlast door geluid en fijn stof van de Haarlemmerweg in Amsterdam kan beperkt worden door (groenblijvende) bomen of struiken te planten, tenminste ter hoogte van de woningen. Het talud van de weg biedt hiervoor voldoende ruimte. Ook het verhogen en/of veranderen van het geluidsscherm ter hoogte van de woonhuizen zou kunnen helpen.

In het kader van het actieplan luchtkwaliteit van de gemeente Amsterdam, wordt een proef gedaan naar het effect van (groenblijvend) laag groen op de luchtkwaliteit. In de Jan van Galenstraat zijn hiertoe hagen geplaatst. Bij positief effect kan de gemeente besluiten langs bepaalde wegen (knelpuntlocaties) groen langs de weg te plaatsen.

Het recentelijk sterk toegenomen vliegverkeer draagt bij aan de geluidsoverlast en het fijn stof.


U geeft terecht aan dat vliegverkeer een bijdrage levert aan de geluids- en luchtproblematiek. De in dit kader relevante luchtproblematiek spitst zich binnen het NSL met name toe op de overschrijding van de jaargemiddelde waarde voor NO2. In het NSL wordt het vliegverkeer van onder andere Schiphol meegenomen tot de maximaal toegestane aantal vliegbewegingen binnen het huidige Luchthavenverkeersbesluit (LVB) Schiphol. Schiphol kan (met en zonder het NSL) dan ook niet het aantal vliegbewegingen laten toenemen, zonder aanpassing van het huidige LVB Schiphol en het in kaart brengen en toetsen van de extra bijdrage aan luchtkwaliteit als gevolg van deze uitbreiding.

Het NSL onderbouwt dat Schiphol met de huidige afspraken en het gestelde aantal vliegbewegingen gekoppeld aan het LVB plus de maatregelen genomen door Schiphol (walstroom) in het kader van het huidige LVB Schiphol, uiterlijk in 2015 tijdig op alle locaties voldoet aan de gestelde luchtkwaliteitseisen.



De geluidsnormen en normen voor fijn stof worden in en rond Amsterdam ruimschoots overschreden. De overheid heeft (minstens de morele) verplichting om hier wat aan te doen.


De overheid heeft een juridische verplichting binnen de wettelijke normen te blijven. De Europese, landelijke (zie NSL) en Amsterdamse maatregelen leiden ertoe dat overal in Amsterdam, ook langs de Haarlemmerweg, de luchtkwaliteit zal verbeteren en dat er tijdig aan de normen zal worden voldaan. Met uw eventuele suggesties voor het verder verbeteren van de luchtkwaliteit in onze hoofdstad kunt u zich het beste rechtstreeks wenden tot uw gemeente via het volgende emailadres: luchtkwaliteit@amsterdam.nl. Meer informatie over de aanpak om de luchtkwaliteit in Amsterdam te verbeteren staat op www.gezondelucht.amsterdam.nl .




4 Mw. N. Geelhoed, 's-Gravenhage

Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

Een buurtbewoonster van mij stookt geverfd hout en andere materialen die giftig zijn. Ik heb longklachten en heb herhaaldelijk de politie op de hoogte gebracht. De politie, de brandweer noch de gemeente kunnen hiertegen iets wettelijks doen. Dit is vreemd omdat de gemeente Den Haag juist veel wil doen tegen de slechte luchtkwaliteit.


De bijdrage van huishoudens (waarbij het stoken van houtkachels en open haarden is inbegrepen) aan de totale luchtverontreiniging in Nederland is beperkt. Het is juist dat deze rook niet gezond is en ook hinderlijk kan zijn voor mensen zoals u met kwetsbare luchtwegen. Gelet op de lokale effecten van houtgestookte kachels (de rook verdunt snel) en vanwege de beperkte bijdrage van deze rook aan de totale hoeveelheid fijn stof in de lucht, bevat het NSL geen nationale wet- en regelgeving voor de aanpak van deze problematiek.
Desalniettemin begrijp ik dat zich hinderlijke situaties kunnen voordoen. Het is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van de gebruiker van een houtgestookte kachel om door de rookemissie omwonenden niet tot hinder te zijn. In de tweede plaats is het een verantwoordelijkheid van de gemeente om desgewenst bijvoorbeeld op grond van een verordening regulerend op te treden. Dat kan zowel in de sfeer van hinderlijkheid voor omwonenden als van wat er in de kachel gestookt mag worden opdat de rookemissie niet leidt tot schadelijke concentraties in de buitenlucht.
Als u wilt dat de gemeente Den Haag u helpt met het oplossen van dit probleem, dan kunt u contact opnemen met het Meldpunt woonoverlast. Medewerkers van dit meldpunt kunnen u helpen om uw klacht op te lossen. U kunt het meldpunt bereiken via: www.denhaag.nl/woonoverlast of het algemene telefoonnummer van de gemeente Den Haag: 14070.


Voorstellen voor wijzigingen in het NSL:

In het NSL zal een paragraaf worden toegevoegd waarin wordt vermeld dat gemeenten alert moeten zijn op de overlast van fijn stof ten gevolge van de emissie van huishoudens en daar zonodig, middels lokale verordeningen, regulerend in kunnen optreden.




5 Mw. R. Arts, Wanssum

Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

Ik woon in Wanssum, waar ik elke keer mijn ramen moet schoonmaken, omdat er zwarte roet op zit! Ik heb dit aangekaart bij de Provincie Limburg. Ze doen er niets aan. Enkel werd gezegd dat mensen die last hadden van geluid, dubbele ramen konden krijgen met subsidie. Volgens mij is het jaren geleden dat fijn stof is gecontroleerd. Heel veel vrachtwagens rijden hier door het dorp op weg naar de haven. Al 30 jaar zijn ze aan praten over een rondweg. Fietsers moeten ook gewoon naast de vele vrachtwagens fietsen. Dit leidt tot verkeersonveilige en ongezonde situaties.

Volgens mij is de lucht hier niet erg goed.




In het NSL is een groot aantal bronmaatregelen opgenomen waardoor het personen- en vrachtwagenverkeer schoner zal worden en ook de uitstoot van roet zal verminderen. Dit zal overal leiden tot een betere luchtkwaliteit.
De straat waar u woont (Meerlosebaan) heeft een verkeersintensiteit van ca. 1500 motorvoertuigen per etmaal en vormt daarmee geen relevante bron van luchtverontreiniging. Dat wil zeggen dat in uw straat de grenswaarden voor de luchtkwaliteit niet worden overschreden.
De luchtkwaliteit in de gemeente Meerlo-Wanssum wordt vooral bepaald door de Venrayseweg (N270) die door het dorp loopt en een verkeersintensiteit kent van ca. 16.000 motorvoertuigen per etmaal. Het aanleggen van een rondweg wordt onderzocht om het verkeer om te leiden, zodat de luchtkwaliteit in het dorp verbetert. Realisering van de rondweg op zich is echter onderwerp van lokale afwegingen waarbij ook andere factoren dan de luchtkwaliteit een rol spelen, zoals de verkeerstechnische mogelijkheden en economische factoren.



6 Dhr. P.P. Corten, Amersfoort

Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

Gezien de constatering dat het wonen aan een snelweg gelijk staat aan het meeroken van 17 sigaretten per dag is het krankzinnig dat er nog steeds snelwegtrajecten langs woonwijken zijn waar gewoon 120 km/uur gereden mag worden. Zie bijvoorbeeld de A1 door Amersfoort Noord. Als hier permanent een maximum snelheid van 80 km/uur wordt ingesteld heeft dit vele voordelen zoals verhoging leefcomfort, minder brandstofgebruik, minder geluidsoverlast en een gelijkmatigere doorstroming.


De plaatsen waar 80 km zones zijn ingevoerd, zijn aan de hand van een aantal criteria en voorwaarden geselecteerd. De belangrijkste voorwaarde was dat er sprake moest zijn van een knelpunt voor wat betreft de luchtkwaliteit en het belangrijkste criterium was dat het instellen van de 80 km/uur zone niet zou mogen leiden tot extra files. Uiteindelijk is in een bredere afweging op vier van de negen relevante wegvakken die een overschrijding hadden van de normen voor luchtkwaliteit, in november 2005 een 80 km zone ingesteld. Dat zijn: de ring A10 west, de A12 Voorburg, de A20 Rotterdam en de A12 Utrecht. Uit een evaluatie van Rijkswaterstaat (Evaluatie 80 km zones van 6 september 2007) blijkt nu dat door de 80 km zones de lokale luchtkwaliteit verbetert, maar dat de doorstroming van het verkeer, met name op de Noordbaan A20 Rotterdam en de A12 Voorburg stad uit, sterk is verslechterd.

Na overleg met de Tweede Kamer heeft de minister van Verkeer en Waterstaat besloten op de Noordbaan A20 Rotterdam en de A12 Voorburg stad uit een experiment met dynamische maximumsnelheden te gaan uitvoeren. Doelstelling van dat experiment is de doorstroming van het verkeer te verbeteren, zonder de positieve gevolgen voor de luchtkwaliteit weer te niet te doen. Indien deze experimenten succesvol zijn, zal de minister van Verkeer en Waterstaat bezien waar dynamische maximumsnelheden nog meer ingevoerd kunnen worden. De minister verwacht in 2010 uitspraken te kunnen doen over het al dan niet uitrollen van dynamische maximumsnelheden, pas dan zal duidelijk zijn of de A1 door Amersfoort Noord hiervoor in aanmerking komt.



Meer asfalt neerleggen heeft geen enkele zin, omdat betere doorstroming leidt tot meer autogebruik tot het punt dat het op de verbrede wegen weer net zo druk is.


In het NSL zijn diverse projecten opgenomen waaronder de verbreding van bepaalde gedeelten van snelwegen. Deze projecten zijn gericht op een betere doorstroming. In het NSL is aangenomen dat Anders Betalen voor Mobiliteit (ABvM) op macro niveau een reductie van intensiteit op het hoofdwegennet van 9% op levert voor het personenverkeer. Door deze relatieve afname van het verkeer treedt er naar verwachting circa 45% minder congestie op.

Met de maatregelen in het NSL zal uiterlijk per 1 januari 2015 aan de normen voor luchtkwaliteit worden voldaan.



De afstand van veel autoritten betreft een afstand van minder dan 10 kilometer. Hiervoor moet fietsen gestimuleerd worden. Alleen al als de ritten tot 5 kilometer zouden worden gefietst, is het fileprobleem in een klap opgelost. Het NSL bevat heel weinig concrete maatregelen om het fietsen te bevorderen. De landelijke en regionale overheid zou fietsen meer moeten stimuleren. Dit levert minder luchtverontreiniging, minder CO2 uitstoot, betere volksgezondheid en minder asfalt en files op. Mogelijke maatregelen zijn: betere fietspaden, gemotoriseerd verkeer van fietspaden weren, stoplichten fietsvriendelijker maken, snelheidbeperking voor auto's bij kruising met fietspad, op fietsroutes het autocontact zo veel mogelijk minimaliseren, fietsen financieel stimuleren en werken aan meer begrip bij de automobilist voor de fietser.


U heeft gelijk dat het bevorderen van het fietsgebruik in het woon-werkverkeer lokaal een bijdrage kan leveren aan het verbeteren van de luchtkwaliteit en goed is voor de volksgezondheid. Dit is de reden waarom verschillende lokale overheden fietsbeleid als maatregel in het NSL hebben opgenomen.

Fietsbeleid is in eerste instantie een taak van de decentrale overheden. De rol van het rijk is kaderstellend, zoals weergegeven in de recent gereedgekomen Mobiliteitsaanpak (zie www.mobiliteitsaanpak.nl). De inzet van het ministerie van Verkeer en Waterstaat in de komende jaren is er onder andere op gericht om: fietsroutes in congestiegevoelige gebieden te verbeteren, decentrale overheden te blijven stimuleren goede woonwerk fietsroutes te realiseren en bedrijven aan te spreken op het stimuleren van het fietsgebruik.

Zowel het Rijk als decentrale overheden zetten zich dus in om het fietsgebruik te stimuleren. Over de rijksinzet kunt u meer lezen in de Mobiliteitaanpak.




7 Mw. A.J. Bok, Zoetermeer

Kernpunt(en) van de inspraak:

Reactie van Bevoegd Gezag:

1 In de bijlage op bladzijde 207 (IBM-projecten in Zuid-Holland, categorie 3, infrastructuur) zijn voor de eerste zeven genoemde projecten de kolommen "Bevoegd gezag" en "Datum ingebruikname, fasering" niet ingevuld. Het betreft de projecten 1492 - De Put/ Calandstraat, 1493 - Erasmusweg, 1494 - Hildebrandplein, 1495 - Internationale Ring, 1496 - Neherkade, 1497 - Trekvliettracé en 1498 - Van Alkemadelaan. Is gemeente Den Haag bevoegd gezag?


Het betreft hier een omissie. Inderdaad is in alle gevallen de gemeente Den Haag het bevoegd gezag. Het veld "Datum ingebruikname, fasering" dient als volgt te worden ingevuld:
1492 - De Put / Calandstraat > eind 2009 gereed

1493 - Erasmusweg > nog geen planning

1494 - Hildebrandplein > in 2009 herinrichting kruising Neherkade voor ontsluiting Laakhavengebied, knoop Moerwijk na 2015

1495 - Internationale Ring > nog geen planning

1496 - Neherkade > nog geen planning in samenhang met Trekvliettracé

1497 - Trekvliettracé > na 2015

1498 - Van Alkemadelaan > niet eerder dan 2010.




  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   15


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina