Bijlage Examenprogramma vmbo Elektrotechniek Bijlage 1: Elektrotechniek Toelichting



Dovnload 0.59 Mb.
Pagina1/5
Datum16.08.2016
Grootte0.59 Mb.
  1   2   3   4   5
Bijlage

Examenprogramma

vmbo

Elektrotechniek


Bijlage 1: Elektrotechniek
1. Toelichting

De examenprogramma's vmbo beschrijven de kwaliteiten van leerlingen op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden, waarop elke leerling in een periode van examinering wordt beoordeeld. De exameneisen sluiten aan bij de drie hoofdkenmerken van het totale voortgezet onderwijs:

- het bieden van een brede persoonlijke en maatschappelijke vorming aan elke leerling;

- het centraal stellen van een actieve, zo zelfstandig mogelijk lerende leerling;

- het recht doen aan en benutten van verschillen tussen leerlingen.

Voor de leerwegen mavo/vbo/vso is dit vertaald op schoolniveau en op het niveau van vakken, afdelingen en sectoren: in een aantal algemene onderwijsdoelen en in exameneisen per vak, afdeling of sector. Daarbij wordt voortgebouwd op de kerndoelen basisvorming, en tegelijk voorbereid op de kwalificatiestructuur van het BVE-veld.



1.1 Preambule

Er zijn zes algemene onderwijsdoelen die gelden voor alle vakken, afdelingen en sectoren in mavo/vbo/vso die als volgt luiden.


1 Werken aan vakoverstijgende thema's

De leerling leert, in het kader van een brede en evenwichtige oriëntatie op mens en samenleving, enig zicht te krijgen op relaties met de persoonlijke en maatschappelijke omgeving.

Daarbij wordt expliciet aandacht besteed aan:

1.1 het kennen van en omgaan met eigen en andermans normen en waarden;

1.2 het onderkennen van en omgaan met de verschillen tussen de seksen;

1.3 de relatie tussen de mens en de natuur en het concept van duurzame ontwikkeling;

1.4 het functioneren als democratisch burger in een multiculturele samenle-ving, ook in internationaal verband;

1.5 het op een voor henzelf en anderen veilige manier functioneren in de beroepspraktijk en in eigen omgeving;

1.6 de maatschappelijke betekenis van technologische ontwikkeling, waaronder met name moderne informatie- en communicatietechnologie;

1.7 de maatschappelijke betekenis van betaalde en onbetaalde arbeid;

1.8 de verworvenheden en mogelijkheden van kunst en cultuur, waaronder ook de media.


2 Leren uitvoeren

De leerling leert in zoveel mogelijk herkenbare situaties, mede met gebruikmaking van ICT, een aantal schoolse vaardigheden verder te ontwikkelen.


Het gaat daarbij om:

2.1 Nederlandse en Engelse teksten lezen en beluisteren;

2.2 schriftelijke en mondelinge teksten produceren in correct Nederlands;

2.3 informatie in verschillende gegevensbestanden opzoeken, selecteren, verzamelen en ordenen;

2.4 rekenvaardigheden toepassen (hoofdrekenen, rekenregels gebruiken, meten en schatten);

2.5 voldoen aan eisen van milieu, hygiëne, gezondheid en ergonomie;

2.6 doelmatig en veilig omgaan met materialen, gereedschappen en appara-tuur;

2.7 computervaardigheden.


3 Leren leren

De leerling leert, mede met gebruikmaking van ICT, zoveel mogelijk eigen kennis en vaardigheden op te bouwen. Daartoe leert hij onder andere een aantal strategieën die het leer- en werkproces kunnen verbeteren.

Het gaat daarbij om:

3.1 informatie beoordelen (op betrouwbaarheid, representativiteit en bruikbaarheid), verwerken en benutten;

3.2 strategieën gebruiken voor het aanleren van nieuwe kennis en vaardigheden (memoriseren, aantekeningen maken, schematiseren, verbanden leggen met aanwezige kennis);

3.3 strategieën gebruiken voor het begrijpen van mondelinge en schriftelijke informatie;

3.4 op een doordachte wijze keuzeproblemen oplossen;

3.5 een eenvoudig bedrijfsmatig, natuurwetenschappelijk of maatschappelijk vraagstuk planmatig onderzoeken;

3.6 persoonlijke ervaringen en opdrachten van anderen verwerken in woord, klank, beeld en beweging;

3.7 op basis van argumenten tot een eigen standpunt komen.


4. Leren communiceren

De leerling leert, mede via een proces van interactief leren, een aantal sociale en communicatieve vaardigheden verder te ontwikkelen.

Het gaat daarbij om:

4.1 elementaire sociale conventies in acht nemen;

4.2 overleggen en samenwerken in teamverband;

4.3 passende gesprekstechnieken hanteren;

4.4 verschillen in meningen en opvattingen benoemen en hanteren;

4.5 culturele en seksegebonden verschillen tussen mensen benoemen en hanteren;

4.6 omgaan met formele en informele afspraken, regels en procedures;

4.7 zichzelf en eigen werk presenteren.


5 Leren reflecteren op het leer- en werkproces

De leerling leert, door te reflecteren op het eigen cognitief en emotioneel functioneren, zicht te krijgen op en sturing te geven aan het eigen leer- en werkproces.

Het gaat daarbij om:

5.1 een leer- en/of werkplanning maken;

5.2 het leer- en/of werkproces bewaken;

5.3 een eenvoudige product- en procesevaluatie maken en hieruit conclusies trekken.


6 Leren reflecteren op de toekomst

De leerling leert, door te reflecteren op het eigen cognitief en emotioneel functioneren, zicht te krijgen op de eigen toekomstmogelijkheden en interesses. Daarbij wordt expliciet aandacht besteed aan:

6.1 het inventariseren van de eigen mogelijkheden en interesses;

6.2 het onderzoeken van de mogelijkheden voor verdere studie;

6.3 het zicht krijgen op beroepen, de beroepspraktijk en actuele ontwikkelingen daarbinnen;

6.4 de rol en het belang van op school geleerde kennis, inzicht en vaardigheden voor het maatschappelijk leven (dagelijks leven, vrije tijd, vrijwilligerswerk);

6.5 de kenmerken van de arbeidsmarkt op dit moment en in de nabije toekomst;

6.6 de organisatie van branches en bedrijven;

6.7 het beoordelen van de eigen mogelijkheden en interesses in het licht van vervolgstudie, beroepen en maatschappelijk functioneren;

6.8 het kunnen maken van een verantwoorde keuze voor een vervolgopleiding.


1.2 De positie van het vak

Deze algemene onderwijsdoelen zijn hierna uitgewerkt in de examenprogramma's per vak, afdeling of sector. Alle vakken, afdelingen of sectoren leveren een bijdrage aan het bereiken van bovenstaande doelen.


Beroepsgericht: afdelingsprogramma’s

In het vmbo behoort het programma Elektro tot het keuzedeel van de gemengde, kaderberoepsgerichte en basisberoepsgerichte leerweg in de sector Techniek.



2. Het examen

2.1 Het examenprogramma
Het examenprogramma bestaat uit een kerndeel en voor de kaderberoepsgerichte leerweg ook uit een verrijkingsdeel. De eindtermen die in hoofdstuk 3 t/m 5 worden beschreven, zijn in exameneenheden gegroepeerd.

Het examenprogramma kent de volgende exameneenheden:



Code




Exameneenheid




Leerweg













B

K

G







Kerndeel










ET/K/1




De elektronische wereld




X

X

X

ET/K/2




Professionele vaardigheden




X

X

X

ET/K/3




Technische informatica




X







ET/K/4




Inleiding op het het leidingnet in de woning




X

X




ET/K/5




Inleiding op het afmonteren in de woning




X

X




ET/K/6




Inleiding op het leidingnet in de utitliteitsbouw




X

X




ET/K/7




Inleiding op elektrische toestellen en machines in de utiliteitsbouw




X

X




ET/K/8




Aanleg leidingnet voor elektrische installatie in de woning




X

X




ET/K/9




Afmonteren van de elektrische installatie in de woning




X

X




ET/K/10




Aanleg leidingnet voor elektrische installatie in de utiliteitsbouw




X

X




ET/K/11




Aansluiten en in bedrijf stellen van elektrische toestellen en machines in de utiliteitsbouw




X

X




ET/K/12




Industriële elektrische installatie




X

X




ET/K/13




Speciale elektrische installaties 1




X

X




ET/K/14




Telecommunicatie installaties




X

X




ET/K/15




Elektronica







X

X

ET/K/16




Automatiseren







X

X

ET/K/17




Telematica







X

X

ET/K/18




CAD







X




ET/K/19




Installaties in de woning










X

ET/K/20




Inleiding op monteren en bekabelen







X

X




Code




Exameneenheid




Leerweg













B

K

G







Verrijkingsdeel



















Verrijkingsdeel voor de kaderberoepsgerichte leerweg (verplicht)

ET/V/1




Integratieve opdracht







X










Verrijkingsdeel voor de basisberoepsgerichte en gemengde leerweg (niet verplicht)

ET/V/1




Integratieve opdracht










X

ET/V/2




Veilig werken en meten in de elektrotechniek




X







ET/V/3




Sterkstroom- en bedrijfsinstallaties




X







ET/V/4




Speciale elektrische installaties 2




X







ET/V/5




Panelenbouw




X






Opmerking:

Bij het verrijkingsdeel van de basisberoepsgerichte leerweg valt het volgende op te merken:

- ET/V/2 Veilig werken en meten in de elektrotechniek is verplicht voor alle kandidaten, die het verrijkingsdeel willen doen;

- aansluitend of in combinatie met ET/V/2 kunnen de kandidaten dan een keuze maken uit:

 ET/V/3 Sterkstroom- en bedrijfsinstallaties

 ET/V/4 Speciale elektrische installaties 2

 ET/V/5 Panelenbouw



2.2 Algemene examenbeschrijving
Deze examenbeschrijving geldt voor alle vakken en programma’s in alle leerwegen: de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg, de gemengde leerweg en de theoretische leerweg. Specifieke zaken zijn vermeld in de examenbeschrijving per vak of programma.



  1   2   3   4   5


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina