Boek: Moderne Architectur (1896)



Dovnload 12.08 Kb.
Datum18.08.2016
Grootte12.08 Kb.
Oostenrijk voor WO I: bijzondere situatie. Er is in Wenen geen burgerlijke revolutie geweest. Er was nog steeds het Habsburgse keizerrijk. Dit bestond uit Oostenrijk en Hongarije. Wenen was het centrum.
Oostenrijk had een agrarische economie. Er was maar weinig industrialisatie. Nu is er nog steeds een landelijke sfeer rond Wenen.
De burgerij had zeer weinig invloed. Ze zat tussen twee fronten geklemd: tussen de keizer & de adel en de socialisten. De burgerij werd uit de politiek geweerd. Ze hielden zich bezig met kunst en cultuur.

De Art Nouveau kwam later dan in Brussel.


1897: Sécession (afscheuring). De jonge kunstenaars scheuren zich af van het academisme, dat onder opdracht van de adel werkte. Ze wilden een nieuwe lente in de kunstbeweging (tijdschrift: Ver Sacrum – verwant met een Grieks-Romeins ritueel: Als er gevaar was moesten de jongeren de stad verlaten om elders een nieuwe stad te stichten).
Ideologie: de waarheid preken voor de moderne mens. Nietzche: het Dionysische (passie, erotiek, …) uit de mens bevrijden.
De beweging stond onder leiding van de schilder Gustaf Klint. De beweging maakte zich zichtbaar met de bouw van het paviljoen van de Sécession (architect Olbrich).

Otto Wagner

Hij was een gevestigd architect aan de Academie. Zijn stijl was Neoklassiek. Hij sluit zich aan bij de Sécession: hij steunt de jongeren.


Hij was opgeleid als architect-ingenieur. Sedert 1890 kreeg hij een belangrijke stedelijke opdracht: het ontwerp van het metronet van Wenen. Hij verdiept zich in de functionele eisen van de moderne grootstad. In het begin: classicisme. Hij evolueert naar Art Nouveau.

Boek: Moderne Architectur (1896)
hij zet zich af tegen de historische stijl. Hij pleit voor het ontwerpen van eigentijdse architectuur. Hij baseert zich op de techniek en de maatschappelijke realiteit (het democratisch bewustzijn).
Hij wil de waarheid spreken over de moderne mens. Hij gelooft in het geleidelijk verdwijnen van de maatschappelijke hiërarchie.
flatgebouwen: geen paleizen meer. Het moeten tamelijk vlakke neutrale bouwwerken zijn: uniform, geritmeerd door regelmatig geplaatste ramen, …
zijn latere werk was versoberd klassiek.

zijn toetreden tot de Art Nouveau was het gevolg van een studiereis naar België in 1897 (Horta, …)



BEELDEN

De kus (Klint)


De bekleding is erg belangrijk in het schilderij: zowel de achtergrond als de kledij (ook bij Loos). Het is een frisse Art Nouveau. We zien een invloed uit het Oosten (iconen, gouden achtergrond). Het is een vroeg abstract modernisme.

Affiche
we zien Pallas Athena en een man die de centaur overwint (symbool van de overwinning op de antieke kunst)

tekening paviljoen van de Sécession
architect: Olbrich. Het diende om de nieuwe kunst tentoon te stellen. We zien klassieke elementen (zuilen), een gouden koepel. De wanden zijn niet loodrecht (Egypte). In de uitvoering werden de klassieke elementen weggewerkt. Het zijn sobere volumes. Versiering: gouden laurierblad.
Van het interieur is veel verdwenen.

VERVOLG WAGNER



eigen huis
dit is een van de vele huizen. Het is een weelderige vorm van classicisme.

1897: eerste Art Nouveau gebouw. Zeer sober, vlakke gevel geritmeerd door de ramen. Na een reis naar Brussel bracht hij een aparte laag in keramiek aan op de gevels die bloesems voorstelde.
Interieur: eigentijdse materialen, rationele stalen structuur en trap. Het verschil met VLD is dat de skeletstructuur niet zichtbaar is in de gevel. De trap is in sobere Art Nouveau uitgewerkt.

Galerie fur werke der kunst
onderaan: steen. Bovenaan: keramiek. Symboliek: kunst licht de sluier op zodat de mens weer frisheid, verlangens, … tot uiting kan brengen. Het is niet uitgevoerd.

Wagner verlaat het decoratieve van de Art Nouveau: hij gaat verder versoberen.



Metrolijnen
- paviljoen Karlsplatz. Een fraaie skeletstructuur. Gouden ornamenten. Het verschil met VLD is dat er in de gevel een skeletstructuur zit om de gevelpanelen te dragen, niet om de rest van het gebouw te dragen.
- privé paviljoen van de keizer: koepel.

sluiswachterhuis
zeer sobere vormtaal

Postspaarkas
dit is zijn bekendste werk. Dak: figuratieve Art Nouveau. Het gebouw is herleid tot de essentie. Een wonderlijke gevelstructuur.
interieur: glazen plafond, opgehangen aan peilers. Het heeft iets van de sluier die opgelicht wordt.

ANDERE 19DE EEUWSE EVOLUTIE: de traditie van Godfried Semper

Duitser, parallel met VLD.


1851: hij stelt een eigen theorie voor over moderne architectuur. Er was een grote wereldtentoonstelling in Londen. Daar zag hij een Caraïbische hut. Hier haalde hij zijn inspiratie.

4 fundamentele componenten van de architectuur:



  • de haard

  • het aardewerk (gebouw op stukje opgehoogde, aangestampte aarde)

  • De structuur (vormt 1 geheel met het dak, een houten vakwerkstructuur)
    tektoniek komt van het Grieks: tectoon = schrijnwerker

  • de bekleding (weefsels, vlechtwerk, tapijten)

Hij bestudeert knopen en besluit dat de knoop de basis is van de tektoniek.


Hij maakt een onderscheid tussen muur (hoort bij het aardewerk, de omwalling) en wand (verwant met Duits gewaad, kleding, textiel. Vlechtwerk als wanden).
De binnen- en buitenkant van het gebouw is bekleed met wanden, de structuur wordt ahw bekleed met een huid. Deze huid moet tektonische kwaliteiten hebben: ze moeten de structuur tot uiting brengen, maar niet direct (vgl menselijk lichaam).

VLD + Horta: structuur & opvulling


Wagner: bekleding ahw opgenaaid.

Loos

Loos ontplooit zich in deze context. In het begin was hij lid van de Sécession. Hij keert zich hier later radicaal van af. Hij gaat cultuurkritiek uitoefenen. Hij maakt deel uit van de kritische elite (met oa Karel Krans, Arnold Scheunenbergh (fundamenteel voor de moderne muziek, oa met dodecatoniek), Witgenstein, …)
Ze ervaren de bestaande cultuur als fundamenteel decadent. Ze willen een radicale transformatie. Ze willen naar het wezenlijke, het authentieke.

Loos is gevormd als ingenieur en architect. Zijn vader was steenhouwer. Hij studeerde bouwkundig ingenieur architect. Uit die tijd stamt zijn belangstelling voor de klassieke architectuur: Romeinse architectuur. (Vitruvius was als een soort bijbel voor hem)

1893: vertrekt voor 3 jaar naar Amerika. Hij doet verschillende jobs om aan de kost te komen. Hij leert de nieuwe moderne stedelijke architectuur kennen (grote nieuwe kantoorgebouwen, moderne levensstijl). Hij keert terug langs Engeland. Hij wordt een overtuigd Anglofiel.

1896: Loos vestigt zich in Wenen. Hij publiceert over de moderne levensstijl (mode, kleding, goede manieren, …)

1898: Hij publiceert de Potenskische stad. Het is een sarcastische kritiek op de Art Nouveau. De naam van het werk is afgeleid van een Russische generaal uit de 18de eeuw. Het was een belangrijk figuur uit de Russische expansie. Hij bouwde dorpen die enkel bestonden uit gevels om de keizerin te overtuigen van de welvaart in de overwonnen gebieden.
Loos vindt dat dit ook zo met Wenen gebeurt. Hij heeft het dan vooral over de architectuur aan de Ringstrasse: de nieuwe stedelijke gordel is volledig opgebouwd uit pseudo-paleizen. Meestal woonden er migranten in deze blokken.
De moderne mens kleedt zich niet meer zoals vroeger, toen het beroep nog af te lezen was uit de kledij. Men wil dit tegenwoordig niet meer. De beschaafde moderne mens kleedt zich onopvallend en sober. In een beschaafd gezelschap moet men het minst opvallen door kleding.

Tekst uit de Reader: ornament & misdaad.



  • De evolutie van cultuur is gelijklopend met de verdwijning van het ornament uit gebruiksvoorwerpen.

  • Het kopiëren van oude ornamenten of het maken van nieuwe is een vorm van tegendraadsheid, een vorm van seksuele frustratie. Hij beroept zich hier op Freud.

  • Het ornament pleegt economische roofbouw op de arbeidskracht. Hij pleit voor een economie van duurzaamheid. Hij verzet zich tegen het ornament om een nieuwe mode te creëren.

  • Hij pleit voor een elementaire vormgeving die haar waarde blijft behouden. Hij is tegen de wegwerpeconomie.

  • De moderne mens geniet van kunst. Een schilderij heeft een ander statuut dan behangpapier. Hij verzet zich tegen de degradatie van de kunst. Hij is tegen de toegepaste kunst.



Vergelijking met Loos
Ze hebben niets anders gedaan dan wijzen op het verschil tussen een urn en een kamerpot. Wie dit verschil niet ziet, gebruikt een urn als kamerpot, of gebruikt een kamerpot als urn.
Deze mensen zien het verschil niet tussen kunst & gebruiksvoorwerpen.


Een architect is een metselaar die Latijn geleerd heeft (vgl Vitruvius)




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina