Braillino Met draadloze Bluetooth technologie Versie 2 Horb, oktober 2007



Dovnload 0.64 Mb.
Pagina8/24
Datum20.08.2016
Grootte0.64 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   24

5.1.2Zakrekenmachine (Calculator) (C)


Met de zakrekenmachine kunt u met uw braillesysteem berekeningen maken en opslaan, of de uitkomst in een tekst plakken. Daarbij is de nauwkeurigheid op 15 cijfers, waarbij de komma binnen deze 15 cijfers overal kan worden neergezet. U heeft de beschikking over de volgende soorten berekeningen:

+ Optellen

- Aftrekken

* Vermenigvuldigen

/ Delen

() U kunt maximaal 10 paar haakjes in een berekening gebruiken, waarbij het mogelijk is om paren haakjes te nesten (binnen een paar haakjes te gebruiken)



% Procent berekening
Nadat u het menu-item “Zakrekenmachine” heeft gekozen, verschijnt een lege brailleregel met cursoraanduiding. Nu kunt u eenvoudig de gewenste berekening invoeren. Spaties zijn hierbij niet toegestaan. Een voorbeeld:

3*5+6’

Door de invoer van [SPC + 2 3 5 6] (brailletoetsencombinatie =) of {Ctrl+Shift+Enter} wordt de berekening uitgevoerd. Daarna verschijnt de uitkomst, gevolgd door de berekening. In ons voorbeeld:

21 = 3*5+6’

U kunt in de opties van de zakrekenmachine (zie hoofdstuk 5.2.22.4 en 5.2.22.5) instellen, of de uitkomst voor of na de berekening moet staan, of dat alleen de uitkomst moet worden weergegeven. Standaard verschijnt de uitkomst – zoals in het voorbeeld – voor de berekening.

Met [TB] en [TO] kunt u door de aparte stappen in de berekening navigeren, om bijvoorbeeld een voorgaande berekening te veranderen. Daardoor hoeft u niet de gehele berekening opnieuw in te voeren.

In ons voorbeeld voegen we als volgt haakjes toe:

3*(5+6)’

Als u op [SPC + 2 3 5 6] (brailletoetsencombinatie =) of{Ctrl+Shift+Enter} drukt, verschijnt de volgende uitkomst:

33 = 3*(5+6)’

Alle stappen in de berekening, die u tot nu toe heeft uitgevoerd, wist u door te drukken op [SPC + 1 4 8] (brailletoetsencombinatie c + punt 8).

Als u met de uitkomst verder wilt rekenen, heeft u twee mogelijkheden:



  1. U wist het “is gelijk” teken en de berekening en u werkt verder in dezelfde regel.

  2. U gaat met [SPC + 4 6] of {End} naar het eind van de actuele regel en drukt op [TRM] of {Enter}. De cursor verschijnt nu op een nieuwe regel. Als u hier nu als eerste een bewerkingsteken invoert, wordt de laatste uitkomst hier automatisch voor gezet. Op deze manier kunt u uw berekeningen gemakkelijker nalopen.

De uitkomsten van de berekeningen kunnen ook worden opgeslagen. Hiervoor drukt u op [SPC + 2 3 4] (brailletoetsencombinatie s). De berekening wordt dan in een bestand met de standaardnaam calc.txt opgeslagen. U kunt deze bestandsnaam naar wens veranderen.


In de zakrekenmachine zelf staan u ook de gebruikelijke tekstverwerkingsfuncties ter beschikking, zoals het selecteren. Zo kunt u de uitkomst van de berekening selecteren, kopiëren en in een tekstbestand plakken.
Als u uitsluitend de uitkomst van de laatste berekening in een tekstbestand wilt plakken, dan drukt u in de zakrekenmachine eenvoudig op [SPC + 1 4 7] of {Ctrl+Shift+c} De uitkomst van de laatste berekening wordt dan op het klembord gekopieerd, vanwaar u het in ieder willekeurig tekstbestand kunt plakken.
U kunt in het menu terugkeren, zonder de zakrekenmachine te sluiten. Uw tot dan toe uitgevoerde berekeningen blijven daarbij behouden. Drukt u hiervoor op [SPC + 1 2 3 4 5 6]. Voor de menu-items wordt dan een ’–C–’ weergegeven, wat u erop attendeert, dat de zakrekenmachine nog actief is.
Als u daarnaast nog een bestand opent om het te bewerken, en dit dan eveneens met de toetsencombinatie [SPC + 1 2 3 4 5 6] naar de achtergrond verplaatst, dan verschijnt voor de menu-items ’CE–’. Zie ook hoofdstuk 5.2.17.
Rekenvoorbeelden:

Om 19% BTW op te tellen bij een nettoprijs van €500,-:

500+19% = 595’

Om de nettoprijs te berekenen:

595/1,19 = 500’

Om de BTW van 19% over een nettoprijs van € 500,- te berekenen:

500*19% = 95’

Als u een korting krijgt van 5% van de aankoopprijs:

595-5% = 565,25’

Ook het delen met procenten is mogelijk, bijvoorbeeld:

20/5% = 400’

De rekennauwkeurigheid op 5 cijfers wordt duidelijk in dit voorbeeld:

123456789/3,3 = 37411148,1818182’

5.1.3Planner (Scheduler) (S)


De planner geeft u de mogelijkheid om via uw braillesysteem zowel eenmalige als ook terugkerende afspraken in te voeren. Het braillesysteem herinnert u dan met een instelbare tijd vooraf aan deze afspraak en geeft u een korte beschrijving van deze afspraak. Zo kunt u bijvoorbeeld heel eenvoudig de verjaardagen van uw vrienden en familie in uw braillesysteem vastleggen, dat u hier vervolgens betrouwbaar en tijdig aan herinnert.
De afsprakenplanner biedt de volgende functies:

  • Afspraken beheren: nieuwe afspraken invoeren, bewerken, verwijderen en kopiëren.

  • Periodiek terugkerende afspraken beheren.

  • Weergave van alle afspraken in een lijst, gesorteerd naar datum en tijd. Daarbij is het mogelijk, afspraken te selecteren (bijvoorbeeld om meerdere afspraken tegelijk te verwijderen). Ook wordt de kalenderweek, waarin een afspraak valt, getoond.

  • Zoeken op volledige tekst in de afsprakenlijst.

  • Bij het inschakelen van het braillesysteem wordt gecheckt welke afspraken verstreken zijn.

  • Continue bewaking van afspraken en herinnering op een ingesteld tijdstip vooraf.

Als u de agenda vanuit het hoofdmenu opent, heeft u de volgende mogelijkheden: u kunt ofwel door de [TRM]-toets in te drukken een nieuwe afspraak invoeren (brailleleesregel geeft weer: “Nieuw…” (New Entry)), ofwel u gebruikt [SPC + 4] of cursor naar beneden. In dat geval geeft het braillesysteem de eerstvolgende afspraak aan. De waarschuwingstoon, die u aan een volgende afspraak herinnert, schakelt u, terwijl hij klinkt, uit met [SPC + 7 8]. Hieronder worden de aparte functies en mogelijkheden van de planner uitgelegd.


5.1.3.1Nieuwe afspraak invoeren (New Entry)


Als u hier [TRM] indrukt, komt u in een formulier waar u nieuwe afspraken kunt invoeren. Afhankelijk van het aantal beschikbare braillecellen, worden meerdere invoervelden op uw braillesysteem aangegeven, waar u de gegevens voor de afspraak kunt invoeren. Als u de getoonde gegevens leest, zult u direct de inhoud en betekenis van de meeste gegevens velden herkennen. Voor zover mogelijk, worden de invoervelden alvast ingevuld met actuele data, waardoor de invoer van afspraken vergemakkelijkt wordt. Numerieke velden, zoals het datumveld, kunt u door invoer van getallen invullen.

5.1.3.2Invoeren en bewerken van afspraken


De voor de invoer van een afspraak benodigde informatie wordt in de volgende volgorde op uw braillesysteem van links naar rechts weergegeven:

  • Dag van de week in een standaard afkorting (maximaal 3 tekens)

  • Dag

  • Maand

  • Jaar (2 cijfers)

  • Tijd in uren:minuten

  • Kalenderweek (wordt automatisch berekend): zodra de datum volledig is ingevoerd, wordt de kalenderweek met 2 cijfers aangeduid. Als ze om hieronder genoemde redenen niet berekend kan worden, worden 2 vraagtekens (??) op deze plaats getoond.

  • Vooraf ingestelde herinneringstijd in het formaat “dag, uren:minuten”. De velden voor deze herinneringstijd staan tussen ronde haakjes. Door de invoer van een herinneringstijd kunt u zich vooraf aan een komende afspraak laten herinneren. De afspraak zelf staat gewoon op de tijd waarop die is gemaakt in het afsprakenoverzicht. Zo kunt u zich bijvoorbeeld 2 dagen voor een verjaardag aan deze gebeurtenis laten herinneren en heeft zo nog genoeg tijd om een cadeau te kopen. De standaard instelling voor de herinneringstijd is 15 minuten.

  • Tekst voor de afspraak (hierna als tekstveld aangeduid). Deze kan tot 120 tekens lang zijn.

Alleen de voor de invoer van data op het moment zelf belangrijke informatie wordt op het braillesysteem weergegeven. Bij draagbare braillesystemen met bijvoorbeeld 40 tekens kunt u het tekstveld alleen zien, als het actief is en wanneer het bewerkt kan worden. Bij datum- en tijdsaanduiding tonen de knipperende punten 7 en 8 dat het veld bewerkt kan worden. In het tekstveld geeft een knipperend brailleteken de positie van de cursor aan.


Toetsentoewijzing:

  • [TLM]: breekt de invoer af en keert terug in de afsprakenlijst.

  • [TRM]: wisselt naar het volgende invoerveld. Bevindt de cursor zich op het laatst weergegeven veld, dan wordt door een druk op [TRM] de invoer afgesloten.

  • [Backspace, Delete] (brailletoetsencombinatie b respectievelijk >): bevindt zich de cursor in het tekstveld, dan wordt het teken dat voor respectievelijk op de cursorpositie staat gewist.

  • [Pijltje naar links/rechts] (SPC + 7/8):

  • Activeert het vorige/volgende invoerveld.

  • Als de cursor zich in het tekstveld bevindt, wordt de cursor naar links/rechts verplaatst.

  • Als de cursor zich bij een verplaatsing naar links al op de eerste positie van het tekstveld bevindt, wordt dit verlaten en wordt het aan het tekstveld voorafgaande invoerveld getoond.

  • [Pijltje omhoog/omlaag] (TB of TO): verhogen respectievelijk verminderen van de waarde in een invoerveld met 1. In het tekstveld hebben deze commando’s geen functie.

  • [SPC + 2/SPC + 5]: verhogen/verminderen van een waarde in invoervelden met 10.

  • [Home/End] (brailletoetsencombinatie k respectievelijk brailletoetsencombinatie $): als de cursor zich in het tekstveld bevindt, wordt hij naar het begin respectievelijk einde van het tekstveld verplaatst.

  • [Cursorrouting-toetsen]:

  • Als de cursor zich in het tekstveld bevindt, wordt hij naar die positie verplaatst, waar de cursorrouting toets wordt ingedrukt, mits de positie zich binnen het tekstveld bevindt.

  • Wordt een cursorrouting toets boven een datumveld ingedrukt, dan wordt dit geactiveerd, zodat u de waarde kunt veranderen.

Als u na invoer van de afspraaktekst op [TRM] drukt, wordt gecheckt, of de ingevoerde afspraak overlapt met een afspraak die zich al in de database bevindt. Als dat het geval is, dan krijgt u daarvan een melding en kunt u de afspraak nogmaals bewerken of desondanks opslaan. De afspraak wordt in de planner ingevoerd. Daartoe wordt vervolgens de juiste positie van de afspraak bepaald en wordt de planner bijgewerkt. Bij het opslaan van de afspraak klinken 2 waarschuwingstonen. Als er weinig afspraken in de planner zijn opgeslagen, dan is de afstand tussen beide signalen zeer kort. Hoe meer afspraken in de planner zijn opgeslagen, des te langer wordt de pauze tussen de beide signalen. Het is belangrijk, dat u beide signalen afwacht. Als u de signalen (optie waarschuwingstonen) uitgeschakeld heeft, moet u absoluut afwachten, tot de afsprakenlijst weer op de brailleleesregel verschijnt. Een voortijdig uitgevoerde actie of het uitschakelen van het apparaat kan leiden tot beschadiging van het afsprakenbestand of van het gehele bestandssysteem. Om de planner efficiënt te kunnen gebruiken, raden wij aan dat u af en toe de tijd neemt om niet meer benodigde afspraken te verwijderen. Zie daarvoor verder naar beneden.

5.1.3.3Invoer van afspraken met variabelen (terugkerende afspraken)


In de velden voor de startdatum van een afspraak kunt u behalve cijfers ook een asterisk (*) invoeren. De asterisk krijgt u, als u bij het instellen van een datum de hoogste of laagste waarde van het veld overschrijdt. U kunt de asterisk ook direct invoeren.

De asterisk betekent voor de planner, dat de afspraak niet tot een vaste waarde van het veld beperkt is. De afspraak verschijnt steeds als het betreffende datumveld in de actuele datum verandert. Als u bijvoorbeeld in het veld voor “dag” van een afspraak een asterisk invult, dan keert de afspraak dagelijks terug in de planner. Aan de hand van een paar voorbeelden wordt het beheer van terugkerende afspraken uitgelegd. U vindt eerst de beschrijving van het voorbeeld en daarnaast de benodigde instellingen.




  • Altijd op vrijdag om 16:15 uur : “Vr*.*.* 16.15”

  • Altijd op de 5-de van iedere maand om 10 uur : " * 5.*.* 10:00"

  • Op de eerste van de maand gedurende het hele jaar 2007 om 12 uur "* 01.*.07 12:00".

  • Op 02.01.07 met informatie bij het opstarten van het apparaat :
    "02.01.07 *:*". De dag wordt hier niet ingevuld, omdat die bij herhalingen automatisch wordt ingesteld.

Als een terugkerende afspraak wordt ingevoerd of bevestigd, dan informeert de planner u, wanneer deze afspraak voor het eerst zal verschijnen.


NB:

  • Als u bij het inschakelen van het apparaat aan een afspraak herinnerd wilt worden, dan mag alleen het invoerveld voor tijd variabelen bevatten.

5.1.3.4Opmerkingen bij de invoer van afspraken


Houd hierbij het volgende in gedachten:

  • Gegevens die in het verleden liggen worden niet geaccepteerd. Daarbij wordt ook de waarschuwingstijd vooraf in aanmerking genomen. De planner meldt dan, dat de aangegeven afspraak, respectievelijk het moment van waarschuwing, al voorbij is.

  • De planner controleert overlappingen van afspraken voor de ingestelde waarschuwingstijd voor en na de ingegeven termijn. Vanzelfsprekend worden conflicten met terugkerende afspraken ook in de controle betrokken. Als afspraken conflicteren, krijgt u een melding: "Appointment already scheduled, continue (yes/no)?" (Er staat al een afspraak gepland, doorgaan (ja/nee)?”. Antwoordt u met ja, dan wordt uw nieuwe afspraak in de planner ingevoerd. Antwoordt u met nee, dan kunt u veranderingen in de afspraak aanbrengen.

  • Als twee afspraken op precies hetzelfde tijdstip plaatsvinden, verschijnt een waarschuwing ("Appointment already scheduled") (“Er staat al een afspraak gepland”). Net als hierboven heeft u de mogelijkheid de afspraak door ja te antwoorden in de planner op te nemen, of door nee te antwoorden veranderingen in de afspraak aan te brengen.

  • Ieder invoerveld dat bewerkt kan worden, behalve het veld om de waarschuwingstijd vooraf in te stellen, kan behalve numerieke waarden een asterisk hebben, waardoor het veld als variabel wordt gekenmerkt. Niet correcte invoer (afspraakgegevens met teveel variabelen) leiden tot een foutmelding ("Too many variables for this appointment”) (“Teveel variabelen voor deze afspraak”).

  • Als afspraken met variabelen opnieuw worden bewerkt, worden in de invoervelden de oorspronkelijk ingevoerde variabelen getoond in plaats van de actuele data.

  • Als het invoerveld voor tijd volledig met asterisken wordt bezet, dan wordt de afspraak beschouwd als ingaand op het moment dat het apparaat wordt aangezet op de betreffende datum.

  • Het invoerveld voor tijd kan ofwel uitsluitend numerieke gegevens bevatten, ofwel uitsluitend asterisken. Andere invoer wordt niet geaccepteerd.

  • De dag kan alleen veranderd worden, als minstens een van de velden voor dag, maand of jaar variabel is. Anders wordt hij automatisch bij de verandering van de datum berekend.

  • De kalenderweek wordt bij variabele afspraken niet berekend.

5.1.3.5De afsprakenlijst


Hier worden alle afspraken op datum gesorteerd weergegeven. Zoals hierboven vermeld, komt u bij het openen van de planner bij “Nieuw…” (New Entry). Als u nu op de [cursor omlaag] toets drukt, toont de planner u de eerstvolgende afspraak, als de database tenminste in de toekomst liggende afspraken bevat. Zijn er alleen maar in het verleden liggende afspraken, dan gaat de planner naar de afspraak die het langst geleden is. Als er geen afspraak in de database is, dan blijft u op het punt “Nieuw…” (New Entry).

De volgorde van de weergegeven invoervelden is conform het formulier voor gegevens invoer, waarbij de kalenderweek en de waarschuwingstijd niet worden weergegeven. De eerste kolom van de weergegeven invoer is voor de aanduiding van een symbool gereserveerd, dat het type of de status van de afspraak weergeeft.

Onderstaande lijst verklaart hun betekenis:


  • m: deze afspraak is gemarkeerd. Als u de wisfunctie (delete) aanroept en u antwoordt met “ja”, dan worden alle gemarkeerde afspraken uit de afsprakenlijst verwijderd. Tot 20 afspraken kunnen gelijktijdig gemarkeerd zijn.

  • Uitroepteken (!): geeft de eerstvolgende afspraak in de toekomst weer.

  • Asterisk (*): deze afspraak bevat variabelen, dus wordt herhaald of verschijnt bij inschakelen van het apparaat.

  • Verbindingsstreepje (-): de afspraak ligt in het verleden

  • i: de afspraak zelf is nog niet begonnen, maar u heeft het afspraakalarm al bevestigd. Dit is het geval, wanneer bij de invoer van de afspraak een waarschuwingstijd vooraf werd ingesteld.

Voor een optimale weergave, ook op draagbare braillesystemen, is voor de aanduiding van symbolen steeds slechts 1 teken gebruikt. Dat betekent dat alleen het voor u belangrijkste symbool wordt weergegeven. Heeft u bijvoorbeeld een terugkerende afspraak (asterisk symbool), die meteen de eerstvolgende afspraak is, dan ziet u alleen een uitroepteken.

Als u bijvoorbeeld de eerstvolgende afspraak markeert met de spatietoets, dan wordt alleen het markeringssymbool getoond.
Met de [TRM] toets wordt een afspraak gekozen en een submenu geopend. Hier heeft u dan de mogelijkheid, de afspraak te bewerken, te wissen of te kopiëren.
Toewijzing van toetsen in de afsprakenlijst:


  • [TLM]: verlaten van de planner en terugkeer naar het hoofdmenu.

  • [Pijltje omlaag/rechts]: de in tijdsvolgorde volgende afspraak wordt getoond.

  • [Pijltje omhoog/links]: de in tijdsvolgorde vorige afspraak wordt getoond.

Als u al op de oudste afspraak staat, brengt deze toets u naar “Nieuw…” (New Entry).

  • [TRM]: opent het menu om afspraken te bewerken.

  • [SPC + 1 2 3]: sprong naar het punt “Nieuw…” (New Entry).

  • [SPC + 4 5 6]: sprong naar de verst in de toekomst liggende afspraak.

  • [SPC + 1 2 3 4 5 6]: geeft de eerstvolgende afspraak weer. Dit heeft hetzelfde effect als het openen van de planner en dan drukken op de [Pijltje omlaag]-toets.

  • [SPC + 1 2 4] opent zoeken op volledige tekst (zie hieronder).

  • [SPC]: markeert een afspraak of heft de markering op.

  • Leestoetsen: maken het lezen van de actueel gekozen afspraak mogelijk. Met [TB] gaat u naar de vorige afspraak. [TO] maakt het helemaal lezen van een afspraak mogelijk (bijvoorbeeld bij draagbare braillesystemen) en beweegt de aanduiding dan verder naar de volgende afspraak, voor zover er althans nog afspraken zijn. Zo kunt u zonder uw vingers van de brailleleesregel af te halen tussen afspraken wisselen.

  • [SPC + 1 4] (brailletoetsencombinatie c): roept de kopieerfunctie van het bewerkingsmenu direct op. Een preciezere beschrijving van het menu Bewerken en de functies daarvan vindt u verder naar beneden.

  • [SPC + 4 5]: roept de wisfunctie van het menu Bewerken direct op.

  • [SPC + TRM]: roept de bewerkingsfunctie uit het bewerkingsmenu direct op.

5.1.3.6Zoeken op volledige tekst in afspraken


Het zoeken op volledige tekst maakt het terugvinden van afspraken mogelijk. Deze functie wordt door [SPC + 1 2 4] geactiveerd. Er verschijnt een invoerveld en u heeft nu de mogelijkheid, een 40 tekens lange zoektekst in te voeren. De invoerpositie wordt door een cursorsymbool verduidelijkt.
Toewijzing van de toetsen:

  • [TLM]: beëindigt de invoer van de zoektekst en keert terug in de afsprakenlijst.

  • [TRM]: sluit de invoer van de zoektekst af en start het zoeken.

  • [Pijltje naar links/rechts]: beweegt de cursor in het zoekveld naar links/rechts.

  • [Backspace / Delete] wist het teken links van/onder de cursor.

  • [SPC + 1 5 of. 4 6]: beweegt de cursor naar het begin of het eind van de zoektekst).

Na het afsluiten van de invoer van de zoektekst met [TRM] wordt het zoeken gestart. Daarbij geldt het volgende:



  • Hoofd- en kleine letters spelen geen rol.

  • Het zoeken start bij de laatst weergegeven afspraak. Aan het eind van het afsprakenbestand aangekomen, wordt het zoeken vanaf het begin van het afsprakenbestand voortgezet.

  • Het zoeken wordt zonder succes afgebroken, wanneer de door u op dat moment geselecteerde afspraak weer bereikt is en er geen andere afspraak met de gegeven zoektekst is gevonden.

  • Als het zoeken zonder succes blijft, wordt een melding (“Not Found”) (niet gevonden) gegeven. Na het verlaten van deze melding met [TLM] wordt de afspraak weergegeven waar u op stond toen u begon met zoeken.

  • Als de zoektekst wordt gevonden, wisselt de weergave naar de gevonden afspraak (alsof de gevonden afspraak manueel gekozen werd).

  • Een nieuwe oproep van de zoekfunctie brengt de voorheen ingevoerde zoektekst terug. Deze wordt echter alleen zolang opgeslagen, als de planner actief is.

5.1.3.7Afspraken bewerkingsmenu


Dit menu opent zich, als u op een geselecteerde afspraak op [TRM] drukt. Hier staan u de volgende mogelijkheden ter beschikking:

  • "Bewerken": (Edit) : de gegevens van de gekozen afspraak kunnen veranderd worden. De bediening verloopt net zoals bij de invoer van nieuwe afspraken, waarbij de invoervelden de gegevens van de gekozen afspraak bevatten. Als u een afspraak bewerkt met variabele elementen, bevatten de betreffende velden weer de asterisk in plaats van de actuele gegevens. De veranderingen die u aanbrengt, overschrijven na afsluiten de eerdere gegevens, zonder dat u daarvoor om bevestiging wordt gevraagd. Net als bij de invoer van nieuwe afspraken worden ook hier alle overlappingcontroles uitgevoerd en ontvangt u daarover meldingen. Gebruik van de [TLM]- toets brengt de cursor terug in het bewerkingsmenu. Veranderde gegevens worden in dit geval niet overgenomen..

  • "Wissen": (Delete): wist de afspraak. Het proces verloopt qua voortgang en functies net zoals bij het wissen van bestanden. Annuleren/‘nee’ brengt de weergave terug naar het bewerkingsmenu. Bevestigen verwijdert de afspraak, respectievelijk alle gemarkeerde afspraken.

  • "Kopiëren": (Copy): de afspraak wordt als kopie geopend, die u dan zoals hiervoor beschreven kunt bewerken en veranderen. Bij het opslaan wordt een nieuw item in de afsprakenbank aangemaakt; de gegevens van het origineel worden niet overschreven.

NB:


De wisfunctie (delete) is de enige functie, die met gemarkeerde afspraken werkt. Alle andere functies van dit submenu werken alleen op de actueel geselecteerde afspraak.
Toewijzing van toetsen in het bewerkingsmenu:

  • [TLM]: keert terug naar de afsprakenlijst.

  • [TRM]: activeert het geselecteerde menu-item.

  • Verder kunnen alle in het menusysteem geldige toetsen worden gebuikt.

5.1.3.8Informatie over verlopen afspraken


Bij het inschakelen van het braillesysteem en doorlopend terwijl het apparaat aanstaat, wordt gecheckt of een afspraak ingaat of al geweest is, terwijl het braillesysteem was uitgeschakeld. In beide gevallen klinkt een zich herhalende waarschuwingstoon ter aankondiging van de afspraak en wordt de afsprakentekst weergegeven. Door op [SPC + 7 8] te drukken wordt de waarschuwingstoon uitgeschakeld. Pas door op [TLM] te drukken wordt de afspraak bevestigd en keert het braillesysteem terug in de functie, die voor de informatie over de afspraak actief was. Als u een terugkerende afspraak bevestigt, wordt het volgende moment dat deze zich voordoet berekend en automatisch in de afsprakenlijst ingevoerd. De berekening volgt altijd op grond van de actuele datum. De eerstvolgende keer dat de terugkerende afspraak zich voordoet wordt u getoond. De weergave moet door een druk op de [TLM]-toets worden verlaten, waarbij de weergegeven afsprakentekst behouden blijft, tot u een nieuwe actie uitvoert. Als u de check of er afspraken zijn wilt overslaan, dan houdt u gedurende het inschakelen [6] voor langere tijd vast. Voor de lage waarschuwingstoon klinkt een additionele hoge waarschuwingstoon, die het overslaan van de afsprakencontrole akoestisch aanduidt.

5.1.3.9Geheugenruimte management


Afhankelijk van hoe intensief u de afsprakenplanner gebruikt, zal de geheugenruimte op uw braillesysteem afnemen. U kunt dit voorkomen door verlopen afspraken zo spoedig mogelijk te verwijderen. De planner gebruikt dan de dan vrije geheugenruimte voor de invoer van nieuwe afspraken. Om meerdere afspraken effectief tegelijk te wissen, kunt u de markeringsfunctie (toets [SPC] in de afsprakenlijst) gebruiken en zo tot 20 items tegelijk wissen. Omdat bij het gebruik van terugkerende afspraken veel gegevens kunnen opstapelen, wist de planner deze vanzelf of actualiseert de variabele elementen. Een terugkerende afspraak is op die manier slechts eenmaal met de volgende datum dat zij actueel wordt, in het braillesysteem opgeslagen.

5.1.3.10Planningsgegevens opslaan


Als u de Planner intensief gebruikt, bevelen wij aan regelmatig een back up te maken. De afsprakengegevens bevinden zich in het bestand "PLANER.HSF". Dit is een systeembestand (HSF = Handy Tech System file) en wordt u daarom in de bestandslijst normaalgesproken niet getoond.

De planningsgegevens kunnen – zoals ieder ander bestand – met behulp van HTCom naar de PC worden overgebracht. Nadere uitleg vindt u in de handleiding “Dataoverdracht tussen braillesysteem en PC”. In de dialoog ‘bestanden ontvangen’ van HTCom bevindt zich een selectievakje om systeembestanden te laten tonen. Als u deze dit selectievakje geactiveerd heeft, kunt u het bestand "PLANER.HSF" kiezen en naar de PC overbrengen. We bevelen u aan, na het overbrengen, het selectievakje weer te deactiveren.

U kunt het bestand "PLANER.HSF" alleen opslaan op uw PC; u kunt het daar niet bewerken.

5.1.4Klok (Clock) (C)


Met de klok functie kunnen niet alleen datum en tijd, maar ook een alarmfunctie worden geactiveerd. Bovendien zijn een stopwatch en een terugtellende “countdown-klok” geïntegreerd.

Als u dit menu-item met [TRM] kiest, verschijnt een menu niveau met de volgende punten:


5.1.4.1Weergave Datum/tijd (Display date/time) (D)


Na keuze van dit punt wordt de tijd, gevolgd door de datum, weergegeven. De tijd wordt in uren, minuten en seconden, steeds gescheiden door een dubbele punt, weergegeven. Daarna volgt de weergave van de dag van de week, afgekort zoals gebruikelijk in een bepaalde taal, direct gevolgd door de datum, weergegeven in dag, maand en jaar, steeds bestaand uit 2 cijfers en gescheiden door een punt.

5.1.4.2Stel Alarm in (Set Alarm) (A)


In deze optie kunt u de alarmtijd, waarop het braillesysteem u moet wekken, aangeven en instellen. Als de ingestelde alarmtijd bereikt is en het braillesysteem is ingeschakeld, dan klinkt een ritmische wektoon, totdat u die uitschakelt door op [SPC + 7 8] te drukken.

Gelijktijdig wordt op het braillesysteem ’Clock Alarm weergegeven. Deze weergave blijft ook na uitschakeling van de wektoon staan, tot u op [TLM] drukt.


Als er al een alarmtijd was ingesteld, dan wordt die na keuze van dit punt weergegeven. De '[X]' voor de alarmtijd geeft aan, dat de alarmfunctie geactiveerd is. De alarmtijd activeert en deactiveert u met de [SPC]-toets. U kunt ook een CR-Toets boven de aangeduide alarmtijd of het selectievakje indrukken, om de status van het alarm te wijzigen.

Om de alarmtijd te veranderen, drukt u op [SPC + 7 8]. Daarna verschijnt: 'New alarm time: ’, (nieuwe alarmtijd), gevolgd door de alarmtijd in uren, minuten en seconden, steeds door een dubbele punt gescheiden. De punten 7 en 8 knipperen op de uurweergave.

De uren kunnen door op de toetsen [TO] en [TB] veranderd worden. Met de [TB]-toets worden de uren steeds met 1 verminderd, met de [TO]-toets 1 vermeerderd. Om in de minuteninstelling te komen, drukt u ofwel op [TRM] of [SPC + 8]. Met [SPC + 7] komt u in het voorafgaande veld.

De minuten en de seconden worden net als de uren met de [TO]- en [TB]-toetsen veranderd.

Na de instelling van de seconden komt u door op de [TRM]-toets te drukken terug in de weergave van de alarmtijd en wordt de alarmtijd geactiveerd.

Ter controle kunt u dit menu item opnieuw kiezen. De nieuw ingestelde alarmtijd wordt met een voorafgaande '[X]' weergegeven.


5.1.4.3 Stel tijd in (Set Clock) (C)


In dit submenu kunt u zowel de tijd als de datum instellen. Vervolgens verschijnt 'Time:’ (tijd), gevolgd door de actueel ingestelde tijd. De punten 7 en 8 knipperen op de uur-aanduiding, die door op [TB] en [TO] te drukken kan worden veranderd. Met [TB] worden de uren steeds met 1 verminderd, met [TO] met 1 vermeerderd.
Om naar de minuteninstelling te gaan, drukt u ofwel op [TRM] ofwel op [SPC + 8]. Met [SPC + 7] komt u in het vorige veld. De minuten en de seconden worden net als de uren met de [TB]- en [TO]-toets veranderd.

Na de instelling van de seconden komt u door op de [TRM]-toets te drukken bij de datuminstelling. Hier wordt 'Date: (datum) gevolgd door dag, maand en jaar, steeds bestaand uit 2 cijfers en door een punt gescheiden, weergegeven.

Ook deze waarden kunnen met de [TB]- en [TO]-toets worden veranderd. Heeft u de gewenste waarde ingesteld, dan bevestigt u dit met de [TRM]-toets. Na instelling van het jaar komt u met [TRM] terug in het menu tijd instellen.

5.1.4.4Stopwatch (Stop watch) (S)


Met de stopwatch kunt u een willekeurige tijdspanne in uren, minuten en seconden opnemen. Een voorafgaande ‘[X]’ voor de actuele gestopte tijd geeft aan, dat de stopwatch loopt.

Om de stopwatch te starten en te stoppen drukt u op de [SPC]-toets. U kunt om de stopwatch te starten en stoppen ook een CR-toets boven de tijdsaanduiding of het selectievakje indrukken.

Bij het starten van de stopwatch loopt deze automatisch vanaf 0. De stopwatch wordt gereset met [SPC + 7 8].

De stopwatchaanduiding kunt u zowel met [TRM] als met [TLM] verlaten. Daarbij loopt zij op de achtergrond verder, zelfs wanneer u notities maakt of in de PC-modus werkt.


5.1.4.5Count down (Countdown) (O)


Met de countdown functie kunt u een willekeurige tijdspanne tot 24 uur in uren, minuten en seconden instellen. Na het starten van de countdown functie wordt de ingestelde tijdspanne naar beneden afgeteld. Bij het bereiken van 0 klinkt een ritmische alarmtoon, tot u deze met [SPC + 7 8] uit zet.

Gelijktijdig wordt op de brailleleesregel ’Countdown Alarm weergegeven. Deze weergave blijft ook na het uitschakelen van de alarmtoon staan, tot u op [TLM] drukt.


Bij de keuze van dit menu-item wordt count down time: 00:00:00 weergegeven. Zoals gewoonlijk zijn de uren met de knipperende punten 7 en 8 gemarkeerd, die door op [TB] en [TO] te drukken veranderd kunnen worden. U komt in de minuteninstelling met [TRM] of de [SPC + 8]-toets. Met [SPC + 7] komt u in het voorgaande veld.

De minuten en seconden worden net als de uren met de [TB] en [TO]-toets veranderd. Na instelling van de seconden en het indrukken van de [TRM]-toets wordt de countdown tijd geactiveerd. U herkent dit door een voorafgaande ‘[X]’ voor de weergave van de resterende tijd.

Om de lopende countdown tijd te stoppen en de tijd nieuw in te stellen, drukt u op [SPC + 7 8]. U kunt ook een CR-toets boven de tijdweergave of het selectievakje indrukken.
Is de ingestelde countdown tijd 0 en drukt u op [TRM], dan begint de countdown te lopen, beginnend bij 24 uur.

5.1.5 PC-Modus (PC mode) (P)


Met dit menu item schakelt u naar de brailleleesregelmodus. De omschakeling gebeurt automatisch bij het starten van de screenreader. De activering van de PC modus via het menu is alleen nodig, wanneer u voor die tijd met [SPC + 1 3 4] (brailletoetsencombinatie m) naar de menumodus omgeschakeld hd.
U moet de toets [SPC + 1 3 4] ongeveer een halve seconde vasthouden, om uit de PC modus in de menumodus terug te keren. Een zacht klikken bevestigt de terugkeer in de menumodus.

5.1.6Brailletabellen (Braille character sets) (B)


Deze paragraaf gaat over het creëren, laden en activeren van brailletekensets ofwel brailletabellen. Aanvullend op de ingebouwde Duitse brailletabel kunnen nog 9 brailletabellen in het apparaat geladen worden.

5.1.6.1Een brailletabel creëren


De eenvoudigste manier om een eigen brailletabel te creëren, is om een bestaande te veranderen. Op de bijgeleverde cd’s vindt u diverse brailletabellen. Voor een beter overzicht wordt bij de installatie een submap “brailletabellen” aangelegd, waarin de brailletabellen worden opgenomen.
Wilt u bijvoorbeeld de ibm437-brailletabel veranderen en als eigen brailletabel opslaan, dan opent u de met Windows meegeleverde tekstverwerker en kiest het commando “Uitvoeren” in het startmenu. Daar kiest u “kladblok” (“notepad”) gevolgd door {Enter} Zodra de tekstverwerker verschijnt, kunt u het bestand ibm437.asc openen met behulp van het menu-item “openen” uit het menu Bestand. Nadere aanwijzingen hiervoor vindt u in het handboek van uw besturingssysteem.
Het bestand ibm437.asc wordt geopend en kan nu veranderd worden. Verander niets aan de bestandsstructuur; de braillekarakters kunt u wel naar eigen wens veranderen. De braillepuntencombinaties zijn per regel weergegeven in cijfers, met vermelding van hun betekenis. De eerste regel van het bestand bevat echter een beschrijving van de onderhavige brailletabel. De tekens zijn volgens de ASCII tekens gesorteerd. U kunt de puntencombinaties van de afzonderlijke karakters veranderen, door de cijfers te veranderen. Wilt u bijvoorbeeld het cijfer 4 in plaats van met punten 1 4 5 6 met punten 2 3 5 weergeven, dan verandert u de cijfers 1 4 5 6 in 2 3 5. Zorg ervoor dat tussen de puntencombinaties en de daarop volgende commentaren minstens een spatie is ingevoegd, omdat anders de omzetting van de brailletabellen bij de overdracht naar het braillesysteem verkeerd kan gaan.

Nadat u de gewenste tekens heeft opgeslagen, kunt u de veranderingen onder een nieuwe naam opslaan.


5.1.6.2Brailletabellen laden


Zoals reeds vermeld, kunnen aanvullend aan de standaard brailletabel nog 9 brailletabellen in het braillesysteem worden geladen. Als u bijvoorbeeld een tabel onder de naam Mytable.asc heeft gecreëerd, kunt u dit met het programma HTCom in het braillesysteem laden. Daartoe start u HTCom en activeert u “Load Braille Table” (brailletabel laden). Een dialoog opent, waarin u door invoer of keuze de te laden brailletabel kunt bepalen. Met {Enter} kunt u nu de tabelpositie aangeven, waar de brailletabel opgeslagen moet worden. Door nogmaals op {Enter} te drukken wordt de overdracht gestart.
NB:

Als u met de meegeleverde 6-punts-tekensets werkt en teksten in de tekstverwerker schrijft, worden deze geheel in hoofdletters opgeslagen. Dat komt omdat bij het doorzoeken van de brailletabellen als eerste de ASCII-code van de hoofdletter wordt gevonden.


5.1.6.3Selectie en activeren van brailletabellen


Nadat het menu item 'Braille character sets’ (Brailletabellen) geactiveerd is, kan de brailletabel geselecteerd en door een druk op [TRM] geactiveerd worden. Bij de levering is alleen de standaard brailletabel in het braillesysteem beschikbaar. Versies voor andere landen (bijvoorbeeld, Engels, Frans, enzovoort) bevatten bovendien landspecifieke brailletabellen. Door een X in vierkante haken wordt aangegeven, welke brailletabel geactiveerd is. Het menu bevat de volgende items:
[X] Standard character set: de standaard brailletabel, die altijd beschikbaar is.

Character set (1): [empty] (brailletabel (1): [leeg])

…tot en met…

Character set (9): [empty]: (brailletabel (9): [leeg])

Er zijn dus 9 posities voor 9 aanvullend te laden brailletabellen.
De weergave “[empty]” ([leeg]) betekent, dat er op deze plaats geen brailletabel is opgeslagen. Als er een brailletabel is geladen, verschijnt in plaats van de aanduiding “[empty]” de bestandsnaam, waaronder de brailletabel in het braillesysteem is geladen.

Als u probeert, een lege brailletabel te activeren, komt het braillesysteem met de melding 'Braille set n is empty, (brailletabel n is leeg), waarbij n het nummer van de op dat moment geselecteerde brailletabel is.

Als er een brailletabel voorhanden is, wordt deze direct geactiveerd en bevindt u zich in het hoofdmenu bij het menu item 'Braille character sets' (Brailletabellen). De brailletabel is al geactiveerd.
NB:

Door het gebruik van een andere brailletabel kan het voorkomen dat meldingen van de leesregel of menu items deels of helemaal niet meer leesbaar zijn. Dit kan onder andere de volgende oorzaken hebben:



  • De toewijzing van de braillekarakters in de gebruikte brailletabel wijkt af van de voor het weergeven van de melding gebruikte brailletabel.

  • Een zelf gecreëerde brailletabel bevat fouten. Als u bijvoorbeeld een regel uit de brailletabel wist, bevat deze niet meer 256 definities. Doordoor worden alle karakterdefinities volgend op de gewiste regel 1 teken naar voren verschoven. Zo kan bijvoorbeeld het woord “info” “hmen” worden.

Als u de meldingen van uw braillesysteem niet meer kunt lezen, zijn er de volgende mogelijkheden:



  1. Gebruik van de monitormodus in het overdrachtsprogramma HTCom. De output van de monitormodus is niet afhankelijk van de gebruikte brailletabel. Met behulp van een ziende assistent of de spraakuitvoer van uw screenreader kunt u de weergave van het braillesysteem op het beeldscherm volgen en zo de standaard brailletabel herstellen. Om de monitormodus te gebruiken moet de brailleweergave op de brailleleesregel door de screenreader gedeactiveerd zijn.

  2. Creëer een uitgangspositie, zodat u zich in het hoofdmenu bevindt en van daar uit met [TO] het menu item 'Braille character sets' (Brailletabellen). kunt selecteren. Als zeker is dat u zich ergens in het menusysteem bevindt, kunt u vervolgens enige malen op [TLM] en 5 keer [TO] drukken. Als u op [TRM] drukt, activeert u de standaard brailletabel.

5.1.6.4Geselecteerde brailletabel wissen (Delete selected braille set) (D)


Bij intensief gebruik van de mogelijkheid om brailletabellen te laden, zijn alle posities waar u een brailletabel kunt invoeren (“slots”) op een bepaald moment gevuld. Om een bepaalde brailletabel te wissen, doet u het volgende:

  1. Activeer de te wissen karakterset in het menu item ‘Braille character sets' (Brailletabellen).

  2. Keer terug in het menu ‘Braille character sets’ (Brailletabellen) en ga naar het eind.

Daar bevindt zich het menu item 'Delete selected braille set’ (Geselecteerde .brailletabel wissen). Als u dit activeert, wordt u gevraagd, of u de brailletabel werkelijk wilt wissen. Beantwoordt u deze vraag met “ja”, dan wordt de in de vorige stap geselecteerde brailletabel gewist en de standaard brailletabel ingesteld.


5.1.7 Info (Info) (I)


In het menu 'Info' kunt u de geheugen toewijzing van Flash en de energietoestand van uw oplaadbare batterij checken. Ook kunnen versie en serienummer van de firmware worden opgevraagd en kan de configuratie van het externe toetsenbord worden meegedeeld.

5.1.7.1Geheugenruimte (Memory usage) (M)


Het braillesysteem beschikt over een tekstgeheugen van totaal 4334 KB, ofwel een hoeveelheid tekst van meer dan 4 miljoen tekens (4325376).
Het aantal bestanden dat kan worden opgeslagen hangt af van hun grootte. De kleinst aanspreekbare eenheid (sector) op het bestandssysteem van het braillesysteem is momenteel rond de 8000 tekens, en het bestandssysteem beschikt over 512 van zulke sectoren. Als u echter een bestand opslaat, dat minder plaats inneemt dan een sector, dan wordt desondanks een hele sector voor dit bestand in beslag genomen. Daarom is het aan te raden om als het mogelijk is meerdere kleine notities in een bestand te zetten en deze van zoekmarkeringen te voorzien.
Als u het menu item ‘Geheugenruimte' kiest, wordt de grootte van de vrije geheugenruimte in KB (Kilobytes) als volgt aangegeven: '4100 KB of 4224 KB (97%) free space’. (‘4100 KB van 4224 KB (97%) beschikbaar’). U kunt het menu-item met [TLM] verlaten.

5.1.7.2Batterijstatus (Battery statistics) (B)


Dit menu geeft u verschillende inlichtingen over de toestand van de oplaadbare batterijen in het braillesysteem en bevat de hieronder beschreven 3 functies. Dit menu-item is bij de Braille Star 80 niet voorhanden.

De weergaven van de subfuncties actualiseren niet vanzelf; om actuele waarden te krijgen, moeten de functies met [TLM] worden verlaten en met [TRM] opnieuw worden geactiveerd.


5.1.7.2.1Capaciteit (Capacity) (C)

Hier wordt aangegeven voor hoeveel procent de oplaadbare batterij geladen is. Hierbij geeft ≥99% aan dat de oplaadbare batterijen geheel zijn opgeladen en 0% dat zij leeg zijn. Wordt 50 % weergegeven, dan kunt u nog ongeveer 10 uur met uw braillesysteem werken voor u de oplaadbare batterijen opnieuw moet opladen.
Pas nadat de oplaadbare batterijen een keer helemaal ontladen en opgeladen zijn, kan de berekening precies worden uitgevoerd. Tot die tijd wordt de energietoestand weergegeven met een vraagteken’?’ erachter.
5.1.7.2.2Spanning (Voltage) (V)

In dit menu-item wordt de spanning van de oplaadbare batterijen weergegeven. Volledig geladen leveren zij een spanning van ongeveer 5,6V. Als de oplaadbare batterijspanning onder de 4,0 V zakt, schakelt het braillesysteem af. Zo kunt u de toestand van uw oplaadbare batterijen zelf inschatten. Als de spanning na een bepaalde periode ongewoon snel afneemt, raden wij aan, nieuwe oplaadbare batterijen te nemen
5.1.7.2.3Status (Status) (S)

De toestand van de oplaadbare batterijen wordt hier getoond: werken op oplaadbare batterijen, laden, snel laden. Tijdens het werken op batterijen worden deze ontladen en verschijnt de melding: 'Running on battery(werken op oplaadbare batterijen).
Om de oplaadbare batterijen weer op te laden, gebruikt u de meegeleverde adapter. De laadtijd bedraagt 2 tot 3 uur. De laadprocedure vindt automatisch plaats, overladen is niet mogelijk. Het apparaat schakelt zelfstandig van de aanvankelijk hoge laadstroom terug op een zeer kleine (onderhouds)stroom om het apparaat volledig opgeladen te houden.

Als de oplaadbare batterijen een hoge laadstroom ontvangen, ziet u de weergave



'Battery quick charging’ (Snelopladen).

Bij de onderhoudslading ziet u de weergave:



'Battery charging’ (Oplaadbare batterijen worden opgeladen).

5.1.7.3Toetsenbord layout (Keyboard layout) (K)


Deze functie geeft de actuele taal weer die in het braillesysteem gebruikt wordt via de toetsenbord layout tabel. Voor de verschillende talen staan toetsenbordtabellen ter beschikking, met de bijgevoegde Toetsenbord Layout Compiler (BKC) kunnen individuele toetstoewijzingen worden gemaakt.

5.1.7.4Firmware versie (Firmware version) (F)


Hier kunt u de versie van uw firmware en het serienummer van uw braillesysteem opvragen. Een druk op [TRM] toont de firmware versie. Hierbij gaat het om de melding, die u ook bij het inschakelen van het systeem krijgt. Als de tekst niet helemaal op de brailleleesregel past, kunt u met de toetsen [TB] en [TO] door de weergegeven tekst navigeren. Als u nu op [TLM] drukt, wordt het serienummer van uw braillesysteem weergegeven. Een druk op [TLM] brengt u nu terug naar het menu item Firmware versie.

5.1.7.5Systeeminformatie


Met deze functie kunt u in bijna iedere situatie beschikken over belangrijke systeeminformatie. Dit is GEEN menu-item, maar de functie wordt uitgevoerd als u drukt op [SPC + 2 3 4 7 8] of {Shift+Enter} . Weergegeven worden:

  • Datum en tijd (wordt doorlopend geactualiseerd)

  • De batterijspanning (voor zover uw braillesysteem beschikt over batterijen)

  • Het vrije geheugen

De gegevens verschijnen niet in één enkele melding, maar na elkaar. Om van de ene weergave naar de volgende te komen, drukt u op [TRM]. Nadat de weergave van de geheugencapaciteit is verschenen, moet u om te stoppen op [TLM] drukken. Als u bijvoorbeeld alleen datum en tijd wilt weten, kunt u met [TLM] onmiddellijk terugkeren naar waar u was toen u de systeeminformatie opriep.
De systeeminformatie kan vanuit bijna ieder bereik (tekstverwerker, bestandsmenu, enzovoort) van het braillesysteem worden opgeroepen, behalve:

  • Vanuit het menu-item "Clock” (Klok) en submenu’s

  • Vanuit het menu-item "Scheduler” (Planner) en submenu’s

  • Vanuit het menu-item "Info" (info)

  • Tijdens de communicatie met andere apparaten (bijvoorbeeld tijdens bestandsoverdracht)

  • Tijdens het afdrukken van bestanden

5.1.8Opties (Options) (O)


Met de volgende opties kunt u de instellingen van het braillesysteem veranderen. De aparte opties worden ofwel door middel van selectievakjes of door keuzerondjes in submenu’s ingesteld. Details over selectievakjes en keuzerondjes vindt u in de paragrafen 3.3.6 en 3.3.7.
Zoals gewoonlijk wordt het menu opties met [TLM] verlaten. Daarbij worden de veranderde instellingen automatisch opgeslagen, zodat deze na het uit- en opnieuw inschakelen van het apparaat weer kunnen worden hersteld. Het braillesysteem toont daarbij de melding 'Saving configuration, please wait!’; (bezig met configuratie opslaan, even wachten a.u.b.!). Omdat het opslaan normaalgesproken in minder dan een seconde wordt afgesloten, zult u alleen merken, dat de weergave op de brailleleesregel verandert.

5.1.8.16-punts braille (6 dots Braille) (6)


Met deze optie kan tussen 8-punts braille (computer braille) en 6-punts braille worden gewisseld. Als 6-punts braille actief is, worden punt 7 + 8 gewist. Voert u echter in de tekst 8 braillepunten in, bijvoorbeeld voor hoofdletters, dan wordt ook deze invoer correct opgeslagen.

5.1.8.2Sneltoetsen activeren (Activate hotkeys) (A)


Als deze optie actief is, kunnen menu-items in het onderhavige menuniveau met sneltoetsen worden geactiveerd. Dat betekent:

  • Voor submenu’s, dat deze bij een druk op hun sneltoets niet alleen geselecteerd, maar direct geopend worden.

  • Voor selectievakjes, dat deze niet alleen geselecteerd maar ook aangevinkt worden.

  • Voor keuzerondjes, dat ze geselecteerd en geactiveerd worden.

5.1.8.3Sneltoetsen accentueren (Highlight hotkeys) (H)


Als ’Sneltoetsen activeren’ actief is, worden zoals in de kopjes van dit hoofdstuk de sneltoetsen door ronde haakjes geaccentueerd. Dit kan nuttig zijn, als u in 6-punts braille werkt of wanneer u de sneltoetsen wilt leren.

5.1.8.4Leestoetsen omwisselen (Exchange Reading keys) (R)


Dit menu-item is er alleen bij de Braille Wave. Het omwisselen van de leestoetsen brengt voordelen bij de bediening van de Braille Wave mee voor linkshandigen. Als deze optie actief is, worden de rechter en linker leestoets omgedraaid. Alle andere toewijzingen blijven onveranderd.

5.1.8.5Systeembestanden tonen (Show system files) (Y)


Als u dit selectievakje activeert, worden u in de bestandenlijst niet alleen uw eigen, maar ook de door het braillesysteem gebruikte systeembestanden getoond.
!!!!ATTENTIE!!!

Om meerdere redenen is het aan te bevelen dit selectievakje ongeactiveerd te laten:



  1. U heeft de weergave van de systeembestanden hoogst zelden nodig. Zonder de weergave van de systeembestanden kunt u sneller door de bestandenlijst navigeren.

  2. Het is ook mogelijk, systeembestanden te wissen. Bij het wissen van systeembestanden krijgt u weliswaar een waarschuwing, maar als u nu bijvoorbeeld het meldingbestand wist, kunt u pas weer verder werken met het braillesysteem nadat dit bestand opnieuw is geladen. U moet een systeembestand dan ook alleen maar wissen, als u exact weet wat u doet.

Met de mogelijkheid systeembestanden te wissen, draagt u veel eigen verantwoordelijkheid. Handy Tech Elektronik GmbH is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door het wissen van systeembestanden.


5.1.8.6Snelle invoer (Quick entry) (Q)


Als deze optie actief is, hebben de punten [7] en [8] een andere functie. Apart ingedrukt is [7] nu de Backspace, punt [8] de Enter-toets. Punt [7] en [8] behouden hun functie, zodra ze met andere toetsen samen worden ingedrukt. Met [SPC + 7] kan bijvoorbeeld de cursor altijd nog naar links worden bewogen en ook de invoer van hoofdletters kan zoals gewoonlijk plaatsvinden.

5.1.8.7Bestandattributen tonen (Show file attributes) (B)


Hier kan ingesteld worden, of de bestandseigenschappen in de bestandenlijst aangegeven moeten worden of niet. Als deze optie actief is, wordt in de bestandenlijst naast de naam ook de grootte en de datum/tijd van de laatste bewerking getoond. In ieder geval wordt daardoor de navigatie in de bestandenlijst enigszins langzamer.

5.1.8.8Automatisch naar extern toetsenbord omschakelen (X)


Deze optie (Auto switch external keyboard) geldt alleen voor de Braille Star 40 en Braille Star 80. Bij activering van deze optie schakelt de Braille Star bij het wisselen naar de PC modus het aangesloten toetsenbord automatisch in de externe toetsenbordmodus, dat wil zeggen dat nu met dit toetsenbord de aangesloten PC bediend kan worden.

Bij het wisselen naar de menumodus van de Braille Star wordt het aangesloten toetsenbord dan automatisch naar de interne toetsenbordmodus omgezet. Nu kunt u met dit toetsenbord notities in de Braille Star schrijven.

De handmatige omschakeling van het aangesloten toetsenbord tussen interne en externe modus vindt plaats door middel van [SPC + 2 5] (brailletoetsencombinatie:).

5.1.8.9Start up modus (Startup mode) (S)


De start up modus legt vast, hoe het braillesysteem zich gedraagt na het inschakelen in de firmware modus.

De instelling van opties in de start up modus is als keuzerondjes uitgevoerd. Een van de vier volgende mogelijkheden is altijd actief.


5.1.8.9.1Hoofdmenu (Main menu) (M)

Na het inschakelen bevindt het braillesysteem zich in dit menu. Van hier uit kan – op de voor het werken met het braillesysteem gebruikelijke manier – handmatig naar de submenu’s worden gegaan.
5.1.8.9.2Auto nieuw (Auto new) (N)

Deze optie activeert de mogelijkheid van het braillesysteem om na het inschakelen in de firmware modus automatisch de tekstverwerker met een nieuw, leeg bestand te openen. Deze optie is aan te bevelen, wanneer u het braillesysteem vaak gebruikt om direct na het inschakelen in een nieuw bestand notities te maken.
5.1.8.9.3Auto bewerken (Auto edit) (E)

Deze optie activeert de mogelijkheid van het braillesysteem om na het inschakelen in de firmware modus automatisch de tekstverwerker te openen met het laatst gesloten bestand. De cursor staat na het openen van het bestand op de plaats, waarop u het bestand verlaten heeft. Let op: het gaat hier niet om het laatst geopende bestand, maar om het laatst bewerkte en opgeslagen bestand.

Deze optie is aan te bevelen, wanneer u het braillesysteem vaak gebruikt om direct na het inschakelen in hetzelfde bestaande bestand notities te maken.


5.1.8.9.4PC modus (PC mode) (P)

Deze optie activeert de mogelijkheid van het braillesysteem om na het inschakelen in de firmware modus automatisch de PC modus te activeren, zodat de brailleleesregel direct door een screenreader aangesproken kan worden. Dit gaat net als bij de handmatige activering van het menu-item PC modus.

Het gebruik van de interne functies, zoals de tekstverwerker, is pas na terugkeer in de interne modus mogelijk. Om in de interne modus te komen, houdt u [SPC + 1 3 4] (brailletoetsencombinatie m) ongeveer een halve seconde ingedrukt.


5.1.8.9.5Zakrekenmachine (Calculator) (C)

Deze optie activeert de mogelijkheid van het braillesysteem om na het inschakelen in de firmware modus automatisch rekenmachine functie te starten. Deze optie is aan te bevelen, wanneer u de eerstkomende tijd hoofdzakelijk berekeningen wilt uitvoeren met het braillesysteem.

5.1.8.10Waarschuwingstonen (Tone Signals) (T)


Het braillesysteem brengt bij bijzondere gebeurtenissen tonen teweeg om de gebruiker met nadruk op gevolgen, fouten of kritische situaties te wijzen. Afhankelijk van de ervaring van de gebruiker of de omgeving (bijvoorbeeld collegezaal of treincoupé) kunnen deze als lastig of storend ervaren worden. Daarom kan het niveau van informatie worden ingesteld.
De instelling van de opties van de waarschuwingstonen gebeurt met keuzerondjes. Een van de vier navolgende mogelijkheden is altijd actief. De instellingen van de waarschuwingstonen gelden alleen in de firmware modus. In de EPROM modus voor alleen brailleleesregel of in de configuratiemodus zijn alle tonen ingeschakeld.
De volgende niveaus gelden vanaf de bedrijfsklaar toon van het braillesysteem. Fouten en waarschuwingen bij de start zijn in de regel ernstig en worden daarom altijd gemeld.
5.1.8.10.1Geen (None) (N)

Het braillesysteem geeft geen tonen weer, ook niet bij bestandsoverdracht of formatteren.
5.1.8.10.2Fouten (Errors) (E)

Het braillesysteem geeft alleen tonen weer, wanneer fouten optreden. Naast interne fouten zijn ook bedieningsfouten mogelijk; die laatste worden echter in de regel niet door een melding in braille ondersteund.
5.1.8.10.3Waarschuwingen (Warnings) (W)

Het braillesysteem geeft alleen tonen weer bij fouten of waarschuwingen.
5.1.8.10.4Bevestiging van acties (Action confirmations) (C)

Alle tonen zijn ingeschakeld.

5.1.8.11Datum/tijd weergave (Date/time format) (D)


Instellingen die hier gemaakt worden hebben effect op het hele systeem, dus ook de tekstverwerker. Als hier 12 uur wordt aangekruist, wordt de tijd in het 12 uurs-weergave weergegeven, anders wordt het 24 uurs-weergave gebruikt. Bij de Engelse datumweergave wordt de internationale aanduiding van datum en tijd gebruikt (dag en maand omgekeerd).

5.1.8.12Invoer indicatie (Input indication) (I)


Door de verandering van de zoekrichting in een brailletabel wordt de correcte invoer mogelijk gemaakt van taalspecifieke tekens, waaraan dezelfde braillecombinaties zijn toegewezen als aan normale alfanumerieke tekens. Zo is er bijvoorbeeld in het Arabisch de puntencombinatie 1 2 4 voor een bepaalde Arabische letter, die dezelfde braillepuntencombinatie gebruikt als de letter “f”. Het Arabische teken bevindt zich in de brailletabel, bestaand uit het 256-ste teken, in het bereik boven het 128-ste teken. Om nu met de invoer van een bepaalde braille puntencombinatie een Arabisch teken in te kunnen voeren, kan de richting, waarin de brailletabel doorzocht wordt, veranderd worden. In plaats van zoals gewoonlijk voorwaarts, dus van 0 tot 256, kan de brailletabel nu ook achterwaarts van 256 tot 0 worden doorzocht. In het geval van het Arabisch worden dan bij het achterwaarts zoeken zoals gewenst de bijbehorende Arabische letters van de braillepuntencombinaties toegewezen.

Om de zoekrichting te veranderen zijn er de volgende brailletoetsencombinatie commando’s:



  • [brailletoetsencombinatie +2 3 6] activeert het achterwaarts zoeken, wat door een toon wordt aangegeven

  • [brailletoetsencombinatie +3 6 8] activeert het voorwaarts zoeken, wat door een toon wordt aangegeven

Om u te laten aangeven welke zoekrichting actief is, heeft u de mogelijkheid voor deze optie een indicatietoon in te stellen. Met keuzerondjes kunt u een van de volgende drie instellingen activeren:

  • "Geen indicatie": (no indication) : er wordt bij de invoer van braillepuntencombinaties geen indicatie toon weergegeven.

  • "Latijnse modus": (Latin mode) : er wordt bij de invoer van braillepuntencombinaties een indicatietoon gegeven als voorwaarts zoeken actief is.

  • "Niet-latijnse modus": (non latin mode) : er wordt bij de invoer van braillepuntencombinaties een indicatietoon gegeven als achterwaarts zoeken actief is.

Wij bevelen aan de zoekrichting tevoren zo in te stellen, zoals u normaalgesproken tekens wilt invoeren; bij de invoer van Arabische teksten bijvoorbeeld, activeert u de achterwaartse zoekrichting. Bij de indicatietoon kunt u dan de instelling “Latijnse modus” kiezen, om zo bij de invoer van Latijnse letters in Arabische teksten een indicatietoon te krijgen. Als u een door Handy Tech meegeleverde brailletabel gebruikt, wordt de zoekrichting bij het activeren van de brailletabel automatisch goed ingesteld.


5.1.8.13Printer (Printer) (P)


Om uw printer correct te laten printen, moet u verschillende instellingen doorvoeren. Hiervoor zijn de volgende submenu’s beschikbaar:
5.1.8.13.1Model (Model) (M)

Hier kiest u de printer uit, die aan uw braillesysteem is aangesloten. De standaard instelling is de standaard printer. Alle beschikbare types printer zijn opgeslagen in het bestand "PRINTERS.HSF", dat ook de voor de printer specifieke besturingscodes en andere informatie bevat. Printers die braille kunnen printen, zijn gemerkt met “(T)” voor “transparant modus” achter hun naam. De BTEC 100 is zo’n printer.

Omdat sommige printers alleen softwarematig van 6- naar 8-puntssoftware kunnen worden omgeschakeld, is er een 6- en een 8-puntsversie. Dit wordt aangegeven met een 6 of een 8 achter de naam. De 6-puntsversie van BTEC 100 heet bijvoorbeeld: “BTEC 100 6 (T)”.


Met [SPC + 1] en [SPC + 4] of pijltje omhoog en omlaag kiest u de gewenste printer. [TLM] annuleert de keuze. [TRM] bevestigt de gekozen printer en slaat de keuze op.
Als de printer die u gebruikt niet in de lijst voorkomt, neemt u dan contact op met uw Handy Tech leverancier.
De standaardprinter ondersteunt het software protocol (Xon / Xoff).
5.1.8.13.2Tekens/regel (Characters/line) (C)

Hier stelt u het aantal tekens in dat per regel kan worden afgedrukt. De standaard instelling is 29 tekens. U kunt 10 tot 80 tekens per regel instellen. Daarmee kunt u de formattering van de tekst in overeenstemming brengen met de bestaande instellingen van uw printer.
5.1.8.13.3Tekens/pagina (Lines/page) (L)

Hier stelt u het aantal regels dat per pagina kan worden afgedrukt in. De standaard instelling is 30 regels. U kunt 10 tot 70 regels per pagina instellen.
5.1.8.13.4Tabgrootte (Tab width) (T)

De Tab tekens die in de tekst aanwezig zijn, worden bij het afdrukken in spaties omgezet. Hier kunt u instellen, hoeveel spaties (van 1 tot 4) er per tab moeten worden afgedrukt. De standaard instelling is 4.
5.1.8.13.5Conversietabel (Conversion table) (C)

Deze optie is alleen voor u van betekenis, wanneer de door u gebruikte printer niet de transparant modus ondersteunt. De Porthatiel bijvoorbeeld ontvangt de af te drukken tekst als tekens (‘characters’). In dit geval moet de printer voor het afdrukken dezelfde tekentabel gebruiken, die bij het vervaardigen van de tekst is gebruikt. Anders kan de tekst niet correct worden afgedrukt.

Nu kan het echter voorkomen, dat de tekentabel die u nodig heeft niet voorkomt in de tekensets die in de printer voorkomen of dat de beschikbare tabel voor een ander code systeem.

Hier biedt de conversietabel uitkomst. Om uw tekst af te drukken, kiest u in de printer een beschikbare tabel (bijvoorbeeld de US tekenset). Nu laadt u de US437.asc tabel op een vrije geheugenplaats in uw braillesysteem (bijvoorbeeld positie 9).

In het menu-item “Conversietabel” kunt u een keuze maken uit de geladen brailletabellen. Kies nu tabel US437.asc. Met [TRM] bevestigt u de keuze, met [TLM] verlaat u de keuze zonder de geldende instellingen te veranderen. Als u geen conversietabel wilt gebruiken, kies dan ‘Geen conversie’..


Als u nu een tekst afdrukt, wordt het af te drukken teken niet direct naar de printer gestuurd. In plaats daarvan bepaalt het braillesysteem de puntencombinatie van het af te drukken teken en zoekt in de conversietabel een teken, dat dezelfde puntencombinatie gebruikt. Het gevonden teken wordt nu naar de printer gestuurd.

Na de keuze van een conversietabel controleert het braillesysteem, of er voor ieder teken van de op dat moment ingestelde brailletabel ook een in de conversietabel bestaat. Als dat niet het geval is, dan krijgt u de melding: ‘Braille table x cannot be mapped onto y’ (Brailletabel x kan niet naar y worden omgezet).

In dat geval rest u slechts een andere tabel als conversietabel in uw braillesysteem te laden en de corresponderende tekentabel in de printer in te stellen.

De volgende toetsen kunnen gebruikt worden om de conversietabel te kiezen:



  • [TB] of pijltje omhoog: toont de vorige tabel.

  • [TO] of pijltje omlaag: de volgende brailletabel.

  • [TLM] annuleert de actie zonder de huidige instellingen te veranderen.

  • [TRM] slaat de keuze op.

NB:

  • Vergewis u er voor het afdrukken van, dat de gebruikte conversietabel overeenkomt met de in de printer ingestelde tabel.

  • Het kan niet worden uitgesloten, dat bij het afdrukken inconsistenties optreden, omdat niet gecontroleerd kan worden, of de in de printer ingestelde brailletabel honderd procent identiek is met de conversietabel.

  • Als u een nieuwe conversietabel heeft ingesteld, worden bij de start van de eerstvolgende keer dat u print enkele berekeningen uitgevoerd. Gedurende deze tijd verschijnt de melding: ‘Creating conv. table’. (Bezig conversietabel te creëren).
5.1.8.13.6 Dubbelzijdig (Double sided) (D)

Als dit selectievakje is aangevinkt, wordt ervan uitgegaan, dat uw aangesloten printer in de modus ‘dubbelzijdig afdrukken’ werkt. Als de door u afgedrukte tekst bijvoorbeeld 3 braillebladzijden inneemt, wordt een extra ‘nieuwe pagina’ toegevoegd. Een dubbelzijdige printer drukt de tekst alleen dubbelzijdig af, als er tenminste twee bladzijden tekst of minstens twee ‘nieuwe pagina’ opdrachten zijn ontvangen. De extra ‘nieuwe pagina’ opdracht zorgt dan voor het afdrukken van de laatste bladzijde. Standaard is deze instelling niet actief.

5.1.8.14Standaard instellingen herstellen (Restore factory defaults) (R)


Met de [TRM]-toets worden de standaard instellingen van de opties zonder controlevraag teruggezet. De standaardinstellingen zijn als volgt:
6 Punts braille: uit

Sneltoetsen activeren: aan

Sneltoetsen accentueren: uit

Leestoetsen [TO] [TB]: uit (alleen Braille Wave)

Systeembestanden tonen: uit

Snelle invoer: aan

Automatisch extern toetsenbord omschakelen: aan

(Alleen Braille Star 40/80, bij Braille Star 40 niet geactiveerd)

Keuzerondje submenu start up modus: hoofdmenu bij Braillino, Braille Star 40, Braille Wave

PC modus bij Braille Star 80 aan, verder uit

Keuzerondje submenu waarschuwingstonen: bevestiging van acties.

Datum/tijd weergave: 12 uur Am/Pm en Engelse datum: uit

Invoer weergave: geen weergave



1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   24


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina