By Watchman Nee Preface



Dovnload 433.4 Kb.
Pagina17/34
Datum22.07.2016
Grootte433.4 Kb.
1   ...   13   14   15   16   17   18   19   20   ...   34

We Are His Instrumentality


In diagnosing a case, a medical doctor has recourse to many medical instruments. This is not so with us. We have no thermometer nor x-ray, nor any other such device to help us discern man’s spiritual condition. How, then, do we discern whether a brother is spiritually ill or determine the nature of his trouble? It’s wonderful that God has designed us to be as “thermometers” for measuring. By His working in our lives, He would equip us to discern what “ails” a person. As the Lord’s spiritual “doctors” we must have a thorough inward preparation. We must be deeply conscious of the weight of our responsibility.

Suppose the thermometer had never been invented. The doctor would have to determine whether his patient had a fever by the mere touch of his hand. His hand would serve as the thermometer. How sensitive and accurate his hand would need to be! In spiritual work, this is exactly the case.

We are the thermometers, the instrumentalities. We must undergo thorough training and strict discipline, for whatever is untouched in us will be left untouched in others. Moreover, we cannot help others to learn lessons which we ourselves have not learned before God. The more thorough our training, the greater will be our usefulness in God’s work. Likewise the more we spare ourselves, our pride, our narrowness, our happiness, the less our usefulness. If we have covered these things in ourselves, we cannot uncover them in others. A proud person cannot deal with another with the same condition; a hypocrite cannot touch the hypocrisy in another, nor can one who is loose in his life have a helpful effect on one who suffers the same difficulty.

How well we know that if such is still in our nature we will not be able to condemn such particular sin in others; we in fact can hardly recognize it in others. A doctor may cure others without curing himself, but this can hardly be true in the spiritual realm. The worker is himself first a patient; he must be healed before he can heal others. What he has not seen he cannot show others. Where he has not trodden he cannot lead others. What he has not learned he cannot teach others.

We must see that we are the instruments prepared by God for knowing man. Hence we must be dependable, qualified to give an accurate diagnosis. That my feelings may be reliable, I need to pray, “O Lord, do not let me go untouched, unbroken and unprepared.” I must allow God to work in me what I have never dreamed of, so that I may become a prepared vessel whom He can use. A doctor would not use a defective thermometer. How much more serious it is for us to touch spiritual conditions than physical illnesses while still retaining our own thoughts, emotions, opinions and ways. If we still want to do this, and then suddenly want to do that, we are yet unstable. How can we be used when we are so undependable? We must pass through God’s dealings or our efforts are vain.

Then again, we must face this question. Are we really conscious of the greatness of our responsibility? God’s Spirit does not work directly in people; He does His work through man. People’s needs are met on the one hand by the discipline of the Holy Spirit (in ordering their environment), and on the other by the ministry of the Word. Without the supply of the ministry of the Word, the spiritual problem of the saints cannot be solved. What responsibility has fallen upon His workers! It is most serious. Whether or not one is usable determines the supply of the church.

Suppose it is characteristic of a certain illness to reach a temperature of, say, 103°F. But unless you know the exact temperature, your diagnosis cannot be certain. You cannot determine by touching the patient with your hand that he has a fever of about 103°. Even so in the spiritual, it would be too risky for us to try to help others while our feelings and opinions are all wrong and our spiritual understanding is inadequate. Only if we are accurate and trustworthy can the Spirit of God be released through us.

The starting point of a spiritual work is marked by many readjustments made before God. A thermometer is made according to a definite standard and is carefully examined to meet rigid specifications. If, then, we are the thermometer, how strict must be the discipline to bring us up to God’s standard of accuracy! In God’s work we are “doctors” as well as “medical instruments.” How important it is that we pass His test.

Wij zijn Zijn instrument


Als een arts een diagnose moet stellen, staan hem vele medische instrumenten ter beschikking. Dat is in ons geval niet zo. Wij hebben geen thermometers of röntgenstralen of dergelijke uitvindingen, die ons helpen de geestelijke gesteldheid van iemand te bepalen. Hoe kunnen wij dan onderscheiden of een broeder geestelijk ziek is ofwel vaststellen wat de aard van zijn moeilijkheden is? Eigenlijk is het geweldig dat God ons heeft aangewezen om als “thermometers” te fungeren. Doordat Hij in ons leven werkt, kan Hij ons toerusten om te onderscheiden wat iemand “scheelt”. Als geestelijke “artsen” van de Heer moeten wij innerlijk grondig worden voorbereid. Wij moeten ons ten zeerste bewust zijn van de zwaarte van onze verantwoordelijkheid.

Neem eens aan dat de thermometer nooit was uitgevonden. In dat geval zou een dokter zijn patiënt met de hand moeten aanraken om vast te stellen of hij koorts had. Zijn hand moest dat dienst doen als thermometer en wat zou die gevoelig en accuraat moeten werken! Precies zo gaat het in geestelijk werk toe. Wij zijn de thermometers, de instrumenten. Wij moeten een grondige training ondergaan en een strenge leerschool doormaken. Anders zullen de dingen waarin wij onszelf gebleven zijn ook in anderen onaangeroerd blijven. Bovendien kunnen wij anderen niet helpen om een les te leren die wij zelf niet voor Gods aangezicht geleerd hebben. Hoe grondiger onze training is, hoe beter wij in Gods werk gebruikt kunnen worden. Naar de mate waarin wij daarentegen onszelf ontzien - in onze trots, onze eigen visie of ons geluk - zullen wij minder bruikbaar zijn. Als deze dingen in onszelf in het duister blijven, kunnen wij ze bij anderen niet aan het licht brengen. Iemand die trots is, kan niet iemand anders onder handen nemen die ook trots is en iemand die bekrompen is kan niet een ander helpen die dezelfde aard heeft.

Evenzo moet een huichelaar afblijven van de huichelarij in een ander en iemand die slordig is in zijn levenswandel kan moeilijk iemand van dienst zijn die diezelfde moeilijkheid heeft. Als wij zelf nog met zo’n speciale zonde behept zijn, kunnen wij - al weten wij het dan nog zo goed - er niet tegen optreden, ja dikwijls zullen wij die zonde bij een ander niet eens opmerken.

Een dokter kan wel andere mensen beter maken zonder zichzelf te genezen, maar in de geestelijke wereld is dat praktisch onmogelijk. De werker moet eerst zelf patiënt geweest zijn; hij moet genezen worden voordat hij anderen kan genezen. Wat hij zelf niet heeft gezien, kan hij anderen niet tonen. De weg die hij zelf niet gegaan is, kan hij anderen niet voorhouden. Wat hij zelf niet geleerd heeft, kan hij anderen niet leren.

Wij moeten inzien dat wij zelf de instrumenten zijn die God heeft afgestemd om de mens te leren “kennen”. Daarom moeten wij betrouwbaar zijn en bekwaam om een juiste diagnose te stellen. Om op mijn gevoelens aan te kunnen, moet ik bidden: “O Heer, laat mij niet gaan als ik niet ben aangeraakt en verbroken en toebereid”. Ik moet toestaan dat God datgene in mij uitwerkt waarvan ik nooit gedroomd heb, opdat ik een “vat” wordt, dat bruikbaar is voor Hem.

Een dokter zal geen kapotte thermometer gebruiken. Hoeveel ernstiger ligt de zaak als wij met geestelijke toestanden worden geconfronteerd in plaats van met lichamelijke ziekten, en wij er dan toch nog onze eigen gedachten, gevoelens en meningen op nahouden. Als wij de ene keer dit en dan plotseling weer dát willen doen, zijn wij nog labiel. Hoe kan God ons dan gebruiken als wij zo onbetrouwbaar zijn? Wij moeten ons door God onder handen laten nemen, of al onze pogingen zullen tevergeefs zijn. Nogmaals, wij móeten deze zaak onder ogen zien. Zijn wij er ons werkelijk van bewust hoe groot onze verantwoordelijkheid is? Gods Geest werkt meestal niet rechtstreeks in de mens, Hij werkt door andere mensen heen. God voorziet op tweeërlei wijze in onze behoeften: enerzijds door de leiding van de Heilige Geest die onze omstandigheden bepaalt en anderzijds door de bediening van het Woord. Zonder deze bediening van het Woord kunnen de geestelijke problemen van de heiligen niet worden opgelost. Wat rust er dan een grote verantwoordelijkheid op Zijn werkers! Dit is een hoogst ernstige zaak. Of iemand al of niet bruikbaar is, is beslissend voor de dienstbaarheid van de Gemeente.


Veronderstel dat bij een bepaalde ziekte de temperatuur tot 40° oploopt. Maar zolang u de juiste temperatuur niet kunt meten, kunt u geen zekere diagnose stellen. U kunt niet door aanraking met uw hand vaststellen of uw patiënt 40° koorts heeft. En zo zou het ook in het geestelijke veel te riskant zijn om anderen te helpen, als onze gevoelens en meningen totaal verkeerd zijn en ons geestelijk inzicht onvoldoende is. Alleen als wij fijngevoelig en betrouwbaar zijn, kan Gods Geest door ons vrijkomen. Geestelijk werk begint pas daar waar mensen zich in velerlei opzicht hebben leren aanpassen in het licht van Gods aangezicht. Een thermometer wordt volgens een vaste standaard gemaakt en wordt zorgvuldig getest, opdat hij nauwkeurig zal werken. Als wij nu zelf als een thermometer willen functioneren, hoe nauwkeurig moeten wij dan door de wet van de Geest des levens zijn aangepast om aan Gods hoge geestelijke standaard te kunnen voldoen. In het werk Gods zijn wij én “dokters” én “medische instrumenten”. Wat is het van groot belang dat wij die proef van God kunnen doorstaan!


1   ...   13   14   15   16   17   18   19   20   ...   34


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina