C. B. Beekhuizen gedenken, geloven, getuigen een Bijbelstudie voor jong en oud uit Prediker 11: 9-12: 14 gedenken, geloven, getuigen



Dovnload 49.02 Kb.
Datum16.08.2016
Grootte49.02 Kb.





GEDENK DE SCHEPPER

IN JE

JONGE JAREN

C.B. Beekhuizen
GEDENKEN, GELOVEN, GETUIGEN
Een Bijbelstudie voor jong en oud uit Prediker 11:9-12:14

GEDENKEN, GELOVEN, GETUIGEN
Een Bijbelstudie voor jong en oud uit Prediker 11:9-12:14


En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap, eer dat de kwade dagen komen, en de jaren naderen, van dewelke gij zeggen (getuigen) zult: Ik heb geen lust in dezelve (Pred. 12:1).


Twaalf onderwerpen om te gedenken
In deze Bijbelstudie willen we twaalf zeer belangrijke onderwerpen overdenken die te maken hebben met je eeuwige bestemming, te weten:
1. Gedenk God als Schepper van alle dingen

2. Gedenk de Heere Jezus als je Schepper

3. Gedenk je weg met de Heere

4. Gedenk en gebruik Gods voorzieningen in de strijd tegen zonde

5. Gedenk hoe je Gods Woord ontvangt

6. Gedenk hoe je Gods Woord kunt beleven en uitleven

7. Gedenk dat God heilig is en Zijn Beeld in je terug wil zien!

8. Gedenk en gehoorzaam God in de dagen van je jongelingschap

9. Gedenk dat je eens zult moeten sterven

10. Gedenk Jezus’ verzoenend sterven, als oordeel over je zonden

11. Gedenk het werk van de Heere Jezus in en door je leven

12. Gedenk Jezus’ wederkomst en Zijn beloning
1. Gedenk God als Schepper van alle dingen
De Bijbel begint met de indrukwekkende woorden uit Gen. 1:1; “In den beginne schiep God den hemel en de aarde.” Helaas geloven veel jonge mensen niet meer dat de Heere God de Schepper is van alle dingen. Zelfs sommige christenen geloven niet meer in een schepping in zes dagen, zoals Ex. 20:11 beschrijft; “Want in zes dagen heeft de HEERE den hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is,..”

2. Gedenk de Heere Jezus als de Schepper
Uit de brief aan de Hebreeën leren we dat de Heere God door middel van Zijn Zoon de hemel en aarde heeft geschapen. God heeft tot de mensheid gesproken in de Heere Jezus en God zal aan iedereen vragen of Zijn Woord is geloofd en gehoorzaamd. Want de Heere spreekt immers ook door de schepping (Ps. 19:2-5; Rom. 2:14-16).
De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt Zijner handen werk. De dag aan den dag stort overvloediglijk spraak uit, en de nacht aan den nacht toont wetenschap. Geen spraak, en geen woorden zijn er, waar hun stem niet wordt gehoord. Hun richtsnoer gaat uit over de ganse aarde, en hun redenen aan het einde der wereld.”
Want wanneer de heidenen, die de wet niet hebben, van nature de dingen doen, die der wet zijn, deze, de wet niet hebbende, zijn zichzelven een wet; Als die betonen het werk der wet geschreven in hun harten, hun geweten medegetuigende, en de gedachten onder elkander hen beschuldigende, of ook ontschuldigende). In den dag wanneer God de verborgene dingen der mensen zal oordelen door Jezus Christus, naar mijn Evangelie.”
3. Gedenk je weg met de Heere
De Heere God vraagt ook aan ons om de weg te gedenken waarop de Heere ons geleid heeft. De reden is om eraan herinnerd te worden waarvan of waaruit de Heere ons de afgelopen tijd wilde verlossen.
Helaas slepen ook wij gedurende de tijd dat wij leven, net als Gods volk tijdens de woestijnreis en daarna, nog veel afgoden met ons mee.
Willen we Gods leiding echt ervaren, dan zullen ook wij ons éérst onder belijdenis moeten bekeren van de afgoden en Gods Woord rijkelijk in ons laten wonen.
Deut 8:2 “En gij zult gedenken aan al den weg, dien u den HEERE, uw God, deze veertig jaren in de woestijn geleid heeft; opdat Hij u verootmoedige, om u te verzoeken, om te weten, wat in uw hart was, of gij Zijn geboden zoudt houden, of niet. Deu 8:3 En Hij verootmoedigde u, en liet u hongeren, en spijsde u met het Man, dat gij niet kendet, noch uw vaderen gekend hadden; opdat Hij u bekend maakte, dat de mens niet alleen van het brood leeft, maar dat de mens leeft van alles, wat uit des HEEREN mond uitgaat. Deu 8:4 Uw kleding is aan u niet verouderd, en uw voet is niet gezwollen, deze veertig jaren. Deu 8:5 Bekent dan in uw hart, dat de HEERE, uw God, u kastijdt, gelijk als een man zijn zoon kastijdt. Deu 8:6 En houdt de geboden des HEEREN, uws Gods, om in Zijn wegen te wandelen, en om Hem te vrezen. Deu 8:7 Want de HEERE, uw God, brengt u in een goed land,..”
Amos 5:25 “Hebt gij Mij veertig jaren in de woestijn slachtofferen en spijsoffer toegebracht, o huis Israels? Amo 5:26 Ja, gij droegt de tent van uw Melech, en den Kijun, uw beelden, de ster uws gods, dien gij uzelf hadt gemaakt.”
Act 7:41 “En zij maakten een kalf in die dagen, en brachten offerande tot den afgod, en verheugden zich in de werken hunner handen. Act 7:42 En God keerde Zich, en gaf hen over, dat zij het heir des hemels dienden, gelijk geschreven is in het boek der profeten: Hebt gij ook slachtofferen en offeranden Mij opgeofferd, veertig jaren in de woestijn, gij huis Israels? Act 7:43 Ja, gij hebt opgenomen den tabernakel van Moloch, en het gesternte van uw god Remfan, de afbeeldingen, die gij gemaakt hebt, om die te aanbidden; en Ik zal u overvoeren op gene zijde van Babylon.”
4. Gedenk en gebruik Gods voorzieningen in de strijd tegen zonde
De Heere God heeft ons echter ook een oplossing gegeven om de zondige neigingen van ons hart en Satan’s listen te weerstaan. De wapenuitrusting die God ons heeft aangeboden is heel praktisch:
Col 3:12 “Zo doet dan aan, als uitverkorenen Gods, heiligen en beminden, de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid; Col 3:13 Verdragende elkander, en vergevende de een den anderen, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft, doet ook gij alzo. Col 3:14 En boven dit alles doet aan de liefde, dewelke is de band der volmaaktheid. Col 3:15 En de vrede Gods heerse in uw harten, tot welken gij ook geroepen zijt in een lichaam; en weest dankbaar. Col 3:16 Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende den Heere met aangenaamheid in uw hart. Col 3:17 En al wat gij doet met woorden of met werken, doet het alles in den Naam van den Heere Jezus, dankende God en den Vader door Hem.”
Eph 6:10 Voorts, mijn broeders, wordt krachtig in den Heere, en in de sterkte Zijner macht.Eph 6:11 Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels. Eph 6:12 Want wij hebben den strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht. Eph 6:13 Daarom neemt aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt wederstaan in den bozen dag, en alles verricht hebbende, staande blijven. Eph 6:14 Staat dan, uw lenden omgord hebbende met de waarheid, en aangedaan hebbende het borstwapen der gerechtigheid; Eph 6:15 En de voeten geschoeid hebbende met bereidheid van het Evangelie des vredes; Eph 6:16 Bovenal aangenomen hebbende het schild des geloofs, met hetwelk gij al de vurige pijlen des bozen zult kunnen uitblussen. Eph 6:17 En neemt den helm der zaligheid, en het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord. Eph 6:18 Met alle bidding en smeking, biddende te allen tijd in den Geest, en tot hetzelve wakende met alle gedurigheid en smeking voor al de heiligen;…”
5. Gedenk hoe je Gods Woord ontvangt
Die (dagelijkse) bekering en heiliging wordt zichtbaar wanneer we Gods Woord weer gaan beluisteren, overdenken en doen, anders neemt de duivel het, door gebrek aan geestelijke diepgang, uit ons hart en onze gedachten weg.
Luk 8:11 “Dit is nu de gelijkenis: Het zaad is het Woord Gods. Luk 8:12 En die bij den weg bezaaid worden, zijn dezen, die horen; daarna komt de duivel, en neemt het Woord uit hun hart weg, opdat zij niet zouden geloven, en zalig worden. Luk 8:13 En die op de steenrots bezaaid worden, zijn dezen, die, wanneer zij het gehoord hebben, het Woord met vreugde ontvangen; en dezen hebben geen wortel, die maar voor een tijd geloven, en in den tijd der verzoeking wijken zij af. Luk 8:14 En dat in de doornen valt, zijn dezen, die gehoord hebben, en heengaande verstikt worden door de zorgvuldigheden, en rijkdom, en wellusten des levens, en voldragen geen vrucht. Luk 8:15 En dat in de goede aarde valt, zijn dezen, die, het Woord gehoord hebbende, hetzelve in een eerlijk en goed hart bewaren, en in volstandigheid vruchten voortbrengen.”
6. Gedenk hoe je Gods Woord kunt beleven en uitleven
Het is dus belangrijk op welke wijze wij Gods Woord ontvangen, beleven en uitleven. Doen we dat met ons verstand, of met ons hart. Beiden moeten verlicht worden, wil onze bekering bij God en mensen oprecht overkomen. Want, met het hart geloven we, waarop we met de mond en in de daad en door een dagelijkse bekering tot God en Zijn Woord, dat geloof belijden, ervan getuigen.
Rom 10:8 “Maar wat zegt zij? Nabij u is het Woord, in uw mond en in uw hart. Dit is het Woord des geloofs, hetwelk wij prediken. Rom 10:9 Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden den Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden. Rom 10:10 Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met den mond belijdt men ter zaligheid. Rom 10:11 Want de Schrift zegt: Een iegelijk, die in Hem gelooft, die zal niet beschaamd worden.”
7. Gedenk dat God heilig is en Zijn Beeld in je terug wil zien!
Omdat we met een heilig God te maken hebben, moeten we Hem toelaten ons te reinigen en te heiligen, zodat we aan Gods Beeld, de Heere Jezus, gelijkvormig worden, Dat heet “heiligmaking”. Maar dat betekent ook dat we ons hebben te onttrekken aan ongerechtigheid!
1Th 5:23 “En de God des vredes Zelf heilige u geheel en al; en uw geheel oprechte geest, en ziel, en lichaam worde onberispelijk bewaard in de toekomst van onzen Heere Jezus Christus. 1Th 5:24 Hij, Die u roept, is getrouw, Die het ook doen zal.”
2Co 5:17 “Zo dan, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, ziet, het is alles nieuw geworden. 2Co 5:18 En al deze dingen zijn uit God, Die ons met Zichzelven verzoend heeft door Jezus Christus, en ons de bediening der verzoening gegeven heeft. 2Co 5:19 Want God was in Christus de wereld met Zichzelven verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende; en heeft het woord der verzoening in ons gelegd. 2Co 5:20 Zo zijn wij dan gezanten van Christus wege, alsof God door ons bade; wij bidden van Christus wege: laat u met God verzoenen. 2Co 5:21 Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.”
2Co 3:17 “De Heere nu is de Geest; en waar de Geest des Heeren is, aldaar is vrijheid. 2Co 3:18 En wij allen, met ongedekten aangezichte de heerlijkheid des Heeren als in een spiegel aanschouwende, worden naar hetzelfde beeld in gedaante veranderd, van heerlijkheid tot heerlijkheid, als van des Heeren Geest.”
1Jn 3:1 “Ziet, hoe grote liefde ons de Vader gegeven heeft, namelijk dat wij kinderen Gods genaamd zouden worden. Daarom kent ons de wereld niet, omdat zij Hem niet kent. 1Jn 3:2 Geliefden, nu zijn wij kinderen Gods, en het is nog niet geopenbaard, wat wij zijn zullen. Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen; want wij zullen Hem zien, gelijk Hij is. 1Jn 3:3 En een iegelijk, die deze hoop op Hem heeft, die reinigt zichzelven, gelijk Hij rein is.”
2Ti 2:15 “Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt. 2Ti 2:16 Maar stel u tegen het ongoddelijk ijdelroepen; want zij zullen in meerdere goddeloosheid toenemen. 2Ti 2:17 En hun woord zal voorteten, gelijk de kanker; onder welke is Hymeneus en Filetus; 2Ti 2:18 Die van de waarheid zijn afgeweken, zeggende, dat de opstanding alrede geschied is, en verkeren sommiger geloof. 2Ti 2:19 Evenwel het vaste fondament Gods staat, hebbende dit zegel: De Heere kent degenen, die de Zijnen zijn; en: Een iegelijk, die den Naam van Christus noemt, sta af van ongerechtigheid. 2Ti 2:20 Doch in een groot huis zijn niet alleen gouden en zilveren vaten, maar ook houten en aarden vaten; en sommige ter ere, maar sommige ter onere. 2Ti 2:21 Indien dan iemand zichzelven van deze reinigt, die zal een vat zijn ter ere, geheiligd en bekwaam tot gebruik des Heeren, tot alle goed werk toebereid. 2Ti 2:22 Maar vlied de begeerlijkheden der jonkheid; en jaag naar rechtvaardigheid, geloof, liefde, vrede, met degenen, die den Heere aanroepen uit een rein hart.”
8. Gedenk en gehoorzaam God in de dagen van je jongelingschap
Wanneer je jong bent, denk je niet vaak aan je laatste dagen op aarde. Dat is normaal en menselijk. Tenslotte heeft de Heere God “de eeuw in ons hart gelegd”, wat betekent dat we oorspronkelijk als mens geschapen werden om eeuwig te leven. Maar de keuze waar we dat eeuwige leven zullen doorbrengen wordt hier op aarde gemaakt! Laten we die tijd tussen onze jonge jaren en de jaren dat het leven zijn aantrekkelijkheid begint te verliezen dus goed besteden!
Gen 3:22 “Toen zeide de HEERE God: Ziet, de mens is geworden als Onzer een, kennende het goed en het kwaad! Nu dan, dat hij zijn hand niet uitsteke, en neme ook van den boom des levens, en ete, en leve in eeuwigheid.“
Act 3:19 “Betert u dan, en bekeert u, opdat uw zonden mogen uitgewist worden; wanneer de tijden der verkoeling zullen gekomen zijn van het aangezicht des Heeren, Act 3:20 En Hij gezonden zal hebben Jezus Christus, Die u tevoren gepredikt is; Act 3:21 Welken de hemel moet ontvangen tot de tijden der wederoprichting aller dingen, die God gesproken heeft door den mond van al Zijn heilige profeten van alle eeuw.”
Ecc 11:8 “Maar indien de mens veel jaren heeft, en verblijdt zich in die allen, zo laat hem ook gedenken aan de dagen der duisternis, want die zullen veel zijn; en al wat gekomen is, is ijdelheid. Ecc 11:9 Verblijd u, o jongeling! in uw jeugd, en laat uw hart zich vermaken in de dagen uwer jongelingschap, en wandel in de wegen uws harten, en in de aanschouwingen uwer ogen; maar weet, dat God, om al deze dingen, u zal doen komen voor het gericht. Ecc 11:10 Zo doe dan de toornigheid wijken van uw hart, en doe het kwade weg van uw vlees, want de jeugd, en de jonkheid is ijdelheid.”
Ecc 12:1 “En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap, eer dat de kwade dagen komen, en de jaren naderen, van dewelke gij zeggen zult: Ik heb geen lust in dezelve. Ecc 12:2 Eer dan de zon, en het licht, en de maan, en de sterren verduisterd worden, en de wolken wederkomen na den regen. Ecc 12:3 In den dag, wanneer de wachters des huizes zullen beven, en de sterke mannen zichzelven zullen krommen, en de maalsters zullen stilstaan, omdat zij minder geworden zijn, en die door de vensteren zien, verduisterd zullen worden; Ecc 12:4 En de twee deuren naar de straat zullen gesloten worden, als er is een nederig geluid der maling, en hij opstaat op de stem van het vogeltje, en al de zangeressen nedergebogen zullen worden. Ecc 12:5 Ook wanneer zij voor de hoogte zullen vrezen, en dat er verschrikkingen zullen zijn op den weg, en de amandelboom zal bloeien, en dat de sprinkhaan zichzelven een last zal wezen, en dat de lust zal vergaan; want de mens gaat naar zijn eeuwig huis, en de rouwklagers zullen in de straat omgaan. Ecc 12:6 Eer dat het zilveren koord ontketend wordt, en de gulden schaal in stukken gestoten wordt, en de kruik aan de springader gebroken wordt, en het rad aan den bornput in stukken gestoten wordt; Ecc 12:7 En dat het stof wederom tot aarde keert, als het geweest is; en de geest weder tot God keert, Die hem gegeven heeft.”
9. Gedenk dat je eens zult moeten sterven
Het is al gezegd, wanneer je jong en gezond bent, denk je niet aan de gebreken van de ouderdom, laat staan aan het feit dat je eens zult sterven en voor God verschijnen om verantwoording af te leggen over wat je met je leven hebt gedaan en welke rol Gods Woord daarin gespeeld heeft.
Heb 9:27 “En gelijk het den mensen gezet is, eenmaal te sterven, en daarna het oordeel; Heb 9:28 Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid.”
De Heere Jezus komt spoedig terug. Het is dus verstandig wanneer je steeds weer bedenkt wat Hij nú zou vinden van je huidige manier van leven en denken. Hij roept je op om je zonodig in overeenstemming te brengen met Zijn heilige wil, zoals die in Gods Woord is geopenbaard. Je geweten moet elke dag schoon zijn en dat gebeurt alleen als je jezelf laat onderzoeken door Gods Geest en Woord door tijd vrij te maken voor de bestudering daarvan. Je kunt je dan laten reinigen door het water van Gods Woord en het eenmaal gestorte bloed van de Heere Jezus, door te erkennen dat alleen Zijn bloed reinigt van alle zonde.
Rev 22:6 “En hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig; en de Heere, de God der heilige profeten, heeft Zijn engel gezonden, om Zijn dienstknechten te tonen, hetgeen haast moet geschieden. Rev 22:7 Zie, Ik kom haastiglijk zalig is hij, die de woorden der profetie dezes boeks bewaart…”.
10. Gedenk Jezus’ verzoenend sterven, als oordeel over je zonden
Denken aan de wederkomst maakt dat veel mensen vreesachtig worden. Dat komt vaak omdat, zoals de Heere Jezus Zelf vertelde in Joh 3:19-21, “En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht; want hun werken waren boos. Want een iegelijk, die kwaad doet, haat het licht, en komt tot het licht niet, opdat zijn werken niet bestraft worden. Maar die de waarheid doet, komt tot het licht, opdat zijn werken openbaar worden, dat zij in God gedaan zijn.

Tot die “werken die in God gedaan zijn” behoort ook de gedachtenis aan Jezus” sterven;


1Co 11:23 “Want ik heb van den Heere ontvangen, hetgeen ik ook u overgegeven heb, dat de Heere Jezus in den nacht, in welken Hij verraden werd, het brood nam; 1Co 11:24 En als Hij gedankt had, brak Hij het, en zeide: Neemt, eet, dat is Mijn lichaam, dat voor u gebroken wordt; doet dat tot Mijn gedachtenis. 1Co 11:25 Desgelijks nam Hij ook den drinkbeker, na het eten des avondmaals, en zeide: Deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in Mijn bloed. Doet dat, zo dikwijls als gij dien zult drinken, tot Mijn gedachtenis. 1Co 11:26 Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.”
11. Gedenk het werk van de Heere Jezus in en door je leven
Wanneer de Heere Jezus terugkeert, zal Hij Zijn eigen werk in en door jou belonen (zie punt 12). Maar dat werk gebeurde toen je Zijn voetstappen hebt gedrukt en je teruggekeerd bent van eigen wegen. Dat doe je dan ook wanneer je wederom geboren bent, waardoor Gods Heilige Geest in je woont. Die zal je dan leiden “in alle Waarheid” en voor je bidden wanneer jij niet meer weet wat je moet te bidden en je dat eerlijk aan Hem hebt verteld. Hij zal dan “het willen en werken” in jou gaan uitwerken! Hoe dat gebeurt, zien we in de volgende verzen, waarmee we ook eindigen!
Eph 2:10 “Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen.”
Joh 16:7 Doch Ik zeg u de waarheid: Het is u nut, dat Ik wegga; want indien Ik niet wegga, zo zal de Trooster tot u niet komen; maar indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u zenden. Joh 16:8 En Die gekomen zijnde, zal de wereld overtuigen van zonde, en van gerechtigheid, en van oordeel: Joh 16:9 Van zonde, omdat zij in Mij niet geloven; Joh 16:10 En van gerechtigheid, omdat Ik tot Mijn Vader heenga, en gij zult Mij niet meer zien; Joh 16:11 En van oordeel, omdat de overste dezer wereld geoordeeld is. Joh 16:12 Nog vele dingen heb Ik u te zeggen, doch gij kunt die nu niet dragen. Joh 16:13 Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelven niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomende dingen zal Hij u verkondigen. Joh 16:14 Die zal Mij verheerlijken; want Hij zal het uit het Mijne nemen, en zal het u verkondigen. Joh 16:15 Al wat de Vader heeft, is Mijn; daarom heb Ik gezegd, dat Hij het uit het Mijne zal nemen, en u verkondigen.”
1Pe 1:22 “Hebbende dan uw zielen gereinigd in de gehoorzaamheid der waarheid, door den Geest, tot ongeveinsde broederlijke liefde, zo hebt elkander vuriglijk lief uit een rein hart; 1Pe 1:23 Gij, die wedergeboren zijt, niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwig blijvende Woord van God. 1Pe 1:24 Want alle vlees is als gras, en alle heerlijkheid des mensen is als een bloem van het gras. Het gras is verdord, en zijn bloem is afgevallen; 1Pe 1:25 Maar het Woord des Heeren blijft in der eeuwigheid; en dit is het Woord, dat onder u verkondigd is.”
Php 1:6 “Vertrouwende ditzelve, dat Hij, Die in u een goed werk begonnen heeft, dat voleindigen zal tot op den dag van Jezus Christus.”
Php 2:12-16, “Alzo dan, mijn geliefden, gelijk gij te allen tijd gehoorzaam geweest zijt, niet als in mijn tegenwoordigheid alleen, maar veelmeer nu in mijn afwezen, werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven: Want het is God, Die in u werkt beide het willen en het werken, naar Zijn welbehagen. Doet alle dingen zonder murmureren en tegenspreken; vs. 15, Opdat gij moogt onberispelijk en oprecht zijn, kinderen Gods zijnde, onstraffelijk in het midden van een krom en verdraaid geslacht, onder welke gij schijnt als lichten in de wereld; Voorhoudende het woord des levens, mij tot een roem tegen den dag van Christus, dat ik niet tevergeefs heb gelopen, noch tevergeefs gearbeid.”
12. Gedenk Jezus’ wederkomst en Zijn beloning
Zo zijn we gekomen aan het einde van deze overdenking over het woordje “gedenken” in Prediker 12:1, “En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap, eer dat de kwade dagen komen, en de jaren naderen, van dewelke gij zeggen zult: Ik heb geen lust in dezelve.”
We hebben óók Prediker 11:9 en 10 gelezen, waarin jonge mensen worden opgeroepen om van het leven te genieten. Maar,… er was één voorwaarde aan verbonden: “Verblijd u, o jongeling! in uw jeugd, en laat uw hart zich vermaken in de dagen uwer jongelingschap, en wandel in de wegen uws harten, en in de aanschouwingen uwer ogen; maar weet, dat God, om al deze dingen, u zal doen komen voor het gericht. Ecc 11:10 Zo doe dan de toornigheid wijken van uw hart, en doe het kwade weg van uw vlees, want de jeugd, en de jonkheid is ijdelheid.”
Rev 22:12 “En zie, Ik kom haastiglijk en Mijn loon is met Mij, om een iegelijk te vergelden, gelijk zijn werk zal zijn. Rev 22:13 Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde; de Eerste en de Laatste. Rev 22:14 Zalig zijn zij, die Zijn geboden doen, opdat hun macht zij aan den boom des levens, en zij door de poorten mogen ingaan in de stad. Rev 22:15 Maar buiten zullen zijn de honden, en de tovenaars, en de hoereerders, en de doodslagers, en de afgodendienaars, en een iegelijk, die de leugen liefheeft, en doet.”
Hem nu, Die machtig is u van struikelen te bewaren, en onstraffelijk te stellen voor Zijn heerlijkheid, in vreugde. Den alleen wijzen God, onzen Zaligmaker, zij heerlijkheid en majesteit, kracht en macht, beide nu en in alle eeuwigheid. Amen” (Judas vs. 24,25).
Informatie en bestellingen: C.B. Beekhuizen

adullam.holland@gmail.com

www.adullam.nl

GEDENKEN, GELOVEN, GETUIGEN

Een Bijbelstudie voor jong en oud uit Prediker 11:9-12:14


En gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jongelingschap, eer dat de kwade dagen komen, en de jaren naderen, van dewelke gij zeggen (getuigen) zult: Ik heb geen lust in dezelve (Pred. 12:1).


Wanneer je jong en gezond bent, denk je niet aan de gebreken van de ouderdom, laat staan aan het feit dat je eens zult sterven en voor God verschijnen om verantwoording af te leggen over wat je met je leven hebt gedaan en welke rol Gods Woord daarin gespeeld heeft.
Gods Woord roept echter op om niet alleen het goede van dit leven te genieten, maar ook te denken aan de kwade dagen die zeker zullen komen. Om dan nog maar niet te spreken over de verantwoording die tegenover de Heilige God zal moeten afgelegd worden over de wijze waarop dat leven werd besteed. Dat zal gebeuren of voor de rechterstoel, waar de werken van de christenen zullen worden beoordeeld, of voor Gods grote witte troon, waar de zielen van de ongelovigen en hun werken zullen worden geoordeeld. De Bijbel beschrijft het zo;
Heb 9:27-28; “En gelijk het den mensen gezet is, eenmaal te sterven, en daarna het oordeel; Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid.”
De Heere Jezus komt spoedig terug. Het is dus verstandig wanneer je steeds weer bedenkt wat Hij nú zou vinden van je huidige manier van leven en denken. Hij roept je op om je zonodig in overeenstemming te brengen met Zijn heilige wil, zoals die in Gods Woord is geopenbaard. Je geweten moet elke dag schoon zijn en dat gebeurt alleen als je jezelf laat onderzoeken door Gods Geest en Woord door tijd vrij te maken voor de bestudering daarvan. Je kunt je dan laten reinigen door het water van Gods Woord en het eenmaal gestorte bloed van de Heere Jezus, door te erkennen dat alleen Zijn bloed reinigt van alle zonde.






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina