Collectieve arbeids overeenkomst 1 april 2014 – 1 april 2015



Dovnload 0.53 Mb.
Pagina1/15
Datum21.08.2016
Grootte0.53 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   15
collectieve

arbeids

overeenkomst
1 april 2014 – 1 april 2015

tussen


Tate & Lyle Netherlands B.V.

te Koog aan de Zaan

als partij ter ene zijde en



FNV Bondgenoten

te Amsterdam

CNV Vakmensen

te Utrecht

elk als partij ter andere zijde

INHOUDSOPGAVE
behorende bij de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor

Tate & Lyle Netherlands B.V. te Koog aan de Zaan


Artikel 1 - Toepasselijkheid der overeenkomst 3

Artikel 2 - Definities 3

Artikel 3 - Verplichtingen van de contractanten 3

Artikel 4 - Verplichtingen van de werkgever 4

Artikel 5 - Verplichtingen van de vakverenigingen 11

Artikel 6 - Verplichtingen van de werknemers 11

Artikel 7 - Indiensttreding en ontslag van personeel 12

Artikel 8 - Arbeidsduur, werktijden en dienstroosters 13

Artikel 9 - Functiegroepen en salarisschalen 14

Artikel 10 - Toepassing van de salarisschalen 15

Artikel 11 - Arbeid op ongelegen uren en ploegendiensttoeslag 17

Artikel 12 - Overwerk, slaapuren 19

Artikel 13 - Algemeen erkende christelijke en nationale feestdagen 21

Artikel 14 - Andere bijzondere vergoedingen (haalgeld, extra gang, consignatie) 22

Artikel 15 - Kort verzuim 23

Artikel 16 – Employability/Scholing 25

Artikel 17 - Vakantie en snipperdagen 27

Artikel 18 - Vakantietoeslag en eindejaarsuitkering 29

Artikel 19 - Uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid en overlijden 30

Artikel 20 - Pensioenen 32

Artikel 20 A - Regeling vrijwillig vervroegd uittreden 32

Artikel 20 B – Levensloop
32


Artikel 21 - Wijzigingen 36

Artikel 22 - Duur der overeenkomst en opzegging 36

Bijlage I - Functiegroepindelingen 37

Bijlage II – Salarisschalen 39

Bijlage III - Beroepsprocedure 41

Bijlage IV - Tweeploegendienst 42

Bijlage V - Vierploegendienst 44

Bijlage VI - Volcontinudienst 46

Bijlage VII – Drieploegendienst (semi-continu) 48

Bijlage VIII - Regeling vrijwillig vervroegd uittreden 50

Bijlage VIII A - Regeling Levensloop 53

Bijlage IX - Protocollaire afspraken 56

Bijlage X - Aanvraag van studie en betaling/vergoeding van studiekosten 60



BIJLAGE - STUDIEKOSTENREGELING. 61

Bijlage XI - Invallen dagdienst werknemers Onderhoudsdienst in ploegen. 62

Bijlage XII – Uitvoeringsregeling opheffing WIA-hiatenpensioen 64

Bijlage XIII Overzicht normen Arbeidstijdenwet voor werknemers  18 jaar 65

Artikel 1 - Toepasselijkheid der overeenkomst

1.01 De in deze overeenkomst vermelde arbeidsvoorwaarden zijn van toepassing op alle werknemers die in dienst van Tate & Lyle Netherlands B.V. zijn en waarvan de functie is opgenomen of gezien de aard van de functie opgenomen dient te worden in het in deze cao opgenomen ORBA-systeem (in bijlage 1).



Artikel 2 - Definities



In deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt verstaan onder:
2.01 werkgever : de contractant ter ene zijde;

2.02 vakvereniging : elk der contractanten ter andere zijde;

2.03 Ondernemingsraad : de Ondernemingsraad als bedoeld in de Wet op de Ondernemingsraden;

2.04 werknemer : degene op wie de in deze overeenkomst vermelde arbeidsvoorwaarden ingevolge artikel 1 van toepassing zijn;

2.05 maand : de betalingsperiode van een maand, zoals die door de werkgever elk jaar wordt vastgesteld;

2.06 week : een week die begint bij de eerste dienst op maandag

voor de dag- en semi-volcontinudienst en op zondag-

ochtend voor de vijfploegen volcontinudienst en de

drieploegendienst semi-continu;

2.07 schaalsalaris : het salaris als bedoeld in artikel 9;

2.08 maandinkomen : schaalsalaris plus eventueel ploegentoeslag en/of

persoonlijke toeslag. Voor gedeelten van een periode berekend naar evenredigheid;

2.09 overwerk : in opdracht van de werkgever verricht werk boven de normale arbeidsuren volgens dienstrooster;

2.10 dienst : een werkdag volgens het geldende dienstrooster;

2.11 dienstrooster : onder dienstrooster wordt verstaan iedere door de werkgever per week of langere periode vastgestelde werktijdregeling.

Artikel 3 - Verplichtingen van de contractanten

3.01 Contractanten verbinden zich deze overeenkomst te goeder trouw na te komen en generlei actie te voeren of te bevorderen, welke beoogt wijzigingen aan te brengen in deze overeenkomst op een of andere wijze dan die omschreven in art. 21.01 van deze overeenkomst.



Artikel 4 - Verplichtingen van de werkgever

4.01 De werkgever verbindt zich geen werknemer in dienst te nemen of te houden op voorwaarden welke in strijd zijn met het in deze overeenkomst bepaalde.


4.02 De werkgever verbindt zich om de werknemer waarvan de arbeidsplaats komt te vervallen als gevolg van automatisering tijdig en voor rekening van de werkgever in de gelegenheid te stellen middels her-, om- of bijscholing een andere functie te bekleden binnen de onderneming, een en ander op voor-waarde dat er een geschikte vacature is of te verwachten valt.
4.03 De werkgever verbindt zich om, wanneer hij van oordeel is dat hij op grond van bedrijfseconomische omstandigheden - daaronder begrepen herstruc-turering, afstoting van activiteiten, fusie met een of meer ondernemingen of bedrijfssluiting - tot inkrimping en/of overplaatsing van aantallen werknemers moet overgaan, dermate tijdig met partijen ter andere zijde in overleg te treden dat nog ruimschoots tijd overblijft om de uit bovenvermelde oorzaken voor de desbetreffende werknemers voortvloeiende gevolgen te regelen.
4.04 De werkgever zal een exemplaar van de gewijzigde CAO c.q. wijzigingsbladen uiterlijk 3 maanden na de registratie door Arbeidsinspectie, Centraal Kantoor, afdeling Vergunningen en Collectieve Regelingen (VCR), aan het personeel uitreiken.
4.05 De werkgever zal - behoudens indien in overleg met de vakverenigingen gevonden zwaarwichtige bedrijfsbelangen zich daartegen verzetten - alvorens een definitieve opdracht te verlenen aan een extern organisatiebureau om een onderzoek in te stellen met betrekking tot de organisatie van de onderneming, indien daaraan voor de werknemers mogelijke sociale consequenties zijn verbonden, de Ondernemingsraad en de vakverenigingen inlichten. De wijze van uitvoering van het onderzoek en de wijze van informatie aan het personeel vormen een punt van overleg met de Ondernemingsraad.
4.06 Vacaturemelding
Om de inzichtelijkheid van de arbeidsmarkt te bevorderen zal de werkgever de vacatures, nadat de interne procedures niet tot opvulling hebben geleid, kenbaar maken aan het desbetreffende Centrum voor Werk en Inkomen en de Ondernemingsraad en na vervulling afmelden bij dit CWI en de Onderne-mingsraad.
4.07 Kwaliteit van de arbeid, veiligheid en gezondheid
a. De werkgever zal het ondernemingsbeleid mede richten op het bevorderen van een zo groot mogelijke veiligheid, een zo goed moge-lijke bescherming van de gezondheid en het welzijn van de werknemers binnen het bedrijf. Over het bevorderen van optimale arbeidsomstandig-heden zal regelmatig overleg worden gepleegd met de Ondernemings-raad.

b. Over de wijze waarop en de mate waarin de feitelijke gegevens met betrekking tot het beleid rond arbeid, veiligheid en gezondheid worden verstrekt zal in de Ondernemingsraad overleg worden gepleegd. Uitgangspunt hierbij is de Arbeidsomstandighedenwet.

c. De werkgever zal de leden van de VGWm-commissie in de gelegenheid stellen per kalenderjaar maximaal 5 dagen scholing te volgen in het kader van Veiligheid, Gezondheid en Welzijn. Eén en ander conform de regeling voor Ondernemingsraadsleden.
d. In overleg met de bedrijfsarts zal bij zwangerschap worden bepaald welke werkzaamheden, ter voorkoming van schadelijke invloed op de zwangerschap (bijv. te zware lichamelijke belasting of blootstelling aan schadelijke stoffen) niet (langer) uitgevoerd mogen worden. In dit kader zal ook worden bekeken of plaatsing in dagdienst medisch gezien noodzakelijk is. Gedurende 12 maanden rond de bevallingsdatum zal de werkneemster geen nachtdiensten behoeven te verrichten.
4.08 Sociaal Jaarverslag
De werkgever zal een Sociaal Jaarverslag verstrekken met de uitgangspunten en feitelijke gegevens over het gevoerde en te voeren Sociaal Beleid. Uitgangspunt hierbij is dat artikel 31 b van de WOR van toepassing is. De werkgever zal de uitgangspunten hiervoor hanteren zoals vastgelegd in de WOR en zal ernstig rekening houden met de opmerkingen die de Onder-nemingsraad ten aanzien hiervan maakt. Het Sociaal Jaarverslag zal vóór 1 mei van elk jaar aan alle werknemers worden verstrekt.
4.09 Milieu
De werkgever zal alle milieuhygiënische aspecten verbonden aan het productieproces, aan de orde stellen in de Ondernemingsraad en maatregelen die dienaangaande genomen dienen te worden, zullen zo mogelijk in overleg met de Ondernemingsraad worden uitgevoerd.
4.10 Investeringsplannen
a. De werkgever zal de vakverenigingen op hun verzoek ten minste 1 x per jaar uitnodigen voor een gesprek over de algemene gang van zaken in de onderneming. In een dergelijk gesprek zal aandacht worden besteed aan de financieel-economische situatie, het investeringsbeleid en de vooruitzichten van de onderneming.

b. De werkgever zal de vakverenigingen informeren over investerings-plannen die tot een duidelijke verandering in de bedrijfssituatie met aanmerkelijke gevolgen voor de werkgelegenheid aanleiding kunnen geven. Hierbij zal tevens rekening worden gehouden met de taak en de positie van de Ondernemingsraad terzake.


4.11 Vakbondswerk
De werkgever zal ten behoeve van het vakbondswerk binnen de onderneming de volgende faciliteiten verlenen:
a. De mogelijkheid voor de voorzitters van de bedrijfsledengroepen om in naar hun inzicht dringende gevallen op het bedrijf contact te hebben met leden van de bond. Alvorens dit contact te hebben wordt de betrokken chef op de hoogte gesteld.
b. Het beschikken over de mogelijkheid om via de publicatieborden convocaties en mededelingen, propaganda en scholing bekend te maken. Distributie zal geschieden via Human Resources.
c. De mogelijkheid om het mededelingenblad aan de leden in het bedrijf te verspreiden.
d. Het door het bedrijf aan bezoldigde functionarissen en de voorzitters van de bedrijfsledengroepen verstrekken van algemene mededelingen aan het personeel.
e. Het door het bedrijf beschikbaar stellen van ruimte ten behoeve van vergaderingen van de bedrijfsledengroep (als regel buiten werktijd en mits tijdig gereserveerd). Aan de voorzitters van de bedrijfsleden-groepen zal een vaste spreekkamer ter beschikking worden gesteld, waaraan echter geen recht van exclusief gebruik is verbonden. In dringende gevallen is gebruik van apparatuur, zoals telefoon, typemachine e.d. mogelijk, mits toestemming van Human Resources is verkregen.
f. De mogelijkheid voor de voorzitters van de bedrijfsledengroepen om in bedrijfstijd telefonisch contact met bezoldigde functionarissen op te nemen.
g. Aan bestuursleden van bedrijfsledengroepen die in ploegendienst werkzaam zijn, zal zo mogelijk en in overleg met Human Resources vrijaf worden gegeven voor het bezoeken van vergaderingen van het bestuur van de bedrijfsledengroep.
h. Voor zover binnen de onderneming bedrijfsledengroepen worden ingesteld dient de instelling en de personele samenstelling van deze organen tijdig schriftelijk door de vakverenigingen aan Human Resources bekend te worden gemaakt.
i. Een bestuurslid van de bedrijfsledengroep zal van het uitoefenen van deze functie binnen de onderneming geen nadelige gevolgen ondervinden in zijn positie als werknemer. Hierbij wordt gedacht aan ontslag, beloning en promotiemogelijkheden.
j. De werknemer die meent dat zijn werkgever in strijd handelt met het bepaalde in het voorgaande lid, kan een beroep doen op zijn vakvereniging die zal bemiddelen.
k. De werkgever die tot ontslag van een bestuurslid van een bedrijfsledengroep wil overgaan, zal alvorens een ontslagvergunning aan te vragen de desbetreffende vakvereniging aantonen dat dezelfde maatstaven zijn aangelegd als die gelden voor werknemers die geen functie hebben binnen de vakorganisatie.
1. Ten behoeve van het vakbondswerk binnen de onderneming stelt de werkgever aan de vakvereniging per jaar 2 1/2 uur per lid beschikbaar.
m. Het bestuur van de bedrijfsledengroep per vakvereniging stelt na overleg met Human Resources vast op welke wijze deze uren zullen worden gebruikt.
4.12 Ingeleende arbeidskrachten

a. Indien werkgever overweegt meer dan 5 inleenkrachten aan te trekken om werkzaamheden te verrichten, welke naar hun aard door de werknemers in zijn dienst plegen te worden verricht, dan zal hij - met inachtname van het bepaalde in artikel 25 van de Wet op de Ondernemingsraden - daarover vooraf overleg plegen met een hiertoe uit de Ondernemingsraad te benoemen commissie. Indien dit aantal 5 of minder bedraagt, dan zal de werkgever de genoemde commissie in staat stellen binnen 48 uur na aanvang van de werkzaamheden overleg met de werkgever te voeren. De werkgever laat evenmin toe dat deze werkzaamheden door ingeleende arbeidskrachten gedurende een langere ononderbroken periode dan 3 maanden worden verricht. Eventueel kan een verlenging van 3 maanden plaatsvinden.


Een “ingeleende arbeidskracht” (in de praktijk zullen dit vooral uitzendkrachten zijn) is de man/vrouw, die in de onderneming werkzaamheden verricht maar geen dienstverband met Tate & Lyle Netherlands B.V. heeft. Hieronder wordt niet verstaan de persoon, die ter uitvoering van aangenomen werk, in dienst van een andere werkgever, werkzaamheden binnen de onderneming verricht.
b. Wanneer de werkgever gebruik maakt van ingeleende arbeidskrachten waarvoor op grond van het bepaalde onder a. voorafgaand overleg met de Ondernemingsraad vereist is, zal daarover ook eens per kwartaal nadere informatie worden verstrekt aan de Ondernemingsraad en de Vakverenigingen. Hierbij zal de werkgever de Ondernemingsraad en de Vakverenigingen inlichten over:

- naam en adres van de uitlener(s);

- aard en geschatte duur van de werkzaamheden;

- het aantal ingeleende arbeidskrachten;

- de arbeidsvoorwaarden van deze ingeleende arbeidskrachten.
c. Indien tijdelijke werkzaamheden langer duren dan drie maanden zal de werkgever, alvorens over te gaan tot het inlenen van arbeidskrachten eerst nagaan of het aanstellen van werknemers met een dienstverband voor bepaalde tijd tot de mogelijkheden behoort.
d. Ingeleende arbeidskrachten ontvangen het beloningsniveau (uitge-zonderd de sprongvergoeding zoals geregeld in artikel 11 lid 2 van werknemers. Ingeleende arbeidskrachten hebben eveneens de arbeidsduur van werknemers.
e. Ingeval de werkgever gebruik maakt van uitzendkrachten als ingeleende arbeidskrachten, zal de werkgever slechts gebruik maken van arbeidskrachten die in dienst zijn bij een uitzendbureau dat beschikt over een NEN-certificering en is ingeschreven in het register van de Stichting Normering Arbeid. Daarbij vergewist de werkgever zich er van dat het uitzendbureau correcte arbeidsvoorwaarden toepast.

f. Het beleid rond ingeleende arbeidskrachten wordt halfjaarlijks door de werkgever besproken met de Bedrijfsafdeling.

g. Ingeleende arbeidskrachten zullen niet voor langere tijd (meer dan 9 maanden) worden ingezet op posities, die door vaste werknemers kunnen worden ingevuld. Alleen in overleg met de ondernemingsraad kan hiervan worden afgeweken.

4.13 Regeling werkgeversbijdrage


De werkgever verklaart zich bereid tot het verstrekken van een bijdrage overeenkomstig de tussen de Algemene Werkgeversvereniging VNO-NCW en de FNV Bondgenoten, de CNV Vakmensen en de Unie gesloten overeenkomst met betrekking tot de bijdrageregeling aan de vakverenigingen.

4.14 Met inachtneming van wettelijke kaders zal de werkgever bij de aanstelling en tewerkstelling zoveel als redelijkerwijs mogelijk is gelijke kansen bieden aan gehandicapten en niet gehandicapten.

Werkgever zal ernaar streven gehandicapte werknemers op passende wijze te werk te stellen.

Werkgever zal in overleg met de Ondernemingsraad nadere invulling geven aan procedures, verband houdend met de (re)integratie van gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers. In dit kader zal ook worden bekeken welke arbeidsplaatsen als zodanig kunnen worden aangeduid en welke voorzieningen daartoe zouden kunnen worden getroffen.


4.15 De werkgever tolereert geen ongewenste intimiteiten binnen het bedrijf. In overleg met de Ondernemingsraad is daartoe een klachtenprocedure opgesteld. Deze procedure is te vinden onder beleidsdocumenten in de interne informatie-systemen.
4.16 Bij advertenties, ook voor productiefuncties, zullen vrouwelijke kandidaten uitdrukkelijk tot solliciteren uitgenodigd worden.

Bij opvulling van vacatures zal het principe worden gehanteerd dat bij gelijke geschiktheid de voorkeur wordt gegeven aan vrouwen.


4.17 Verzuimbegeleiding / hervattingplannen


a. Verzuimbegeleiding

1. De verzuimbegeleiding van zieke werknemers vindt op systematische wijze plaats. Een en ander is uitgewerkt in een ziekteverzuimbeleid, waarbij nieuwe procedures zijn vastgelegd inzake ziekmelding, begeleiding, hervattingplannen en dergelijke onder inachtname van het hieronder reeds vastgelegde.


2. De begeleiding vindt plaats op basis van wederzijds vertrouwen en is bedoeld om het contact tussen zieke werknemers en het bedrijf te verbeteren en zieke werknemers zo snel mogelijk het werk te laten hervatten. Daarbij zal gekeken worden naar de oorzaken die tot de ziekte hebben geleid en zullen de oorzaken zo mogelijk worden weggenomen.
3. De verzuimbegeleider voert de begeleiding uit door middel van gesprekken met de betrokken werknemer en diens leidinggevende. De verzuimbegeleider bepaalt wie er wordt uitgenodigd voor een gesprek en op welk moment. De werknemer heeft het recht een derde mee te nemen als vertrouwenspersoon. De verzuimbegeleider wordt door het Sociaal Medisch Team (SMT) benoemd uit het SMT.
4. Tijdens de begeleiding door de verzuimbegeleider wordt in beginsel geen gebruik gemaakt van enige vorm van disciplinaire maatregelen.
5. Ingeval van onenigheid (in het kader van de ziekte) tussen werkgever en/of verzuimbegeleider geeft de uitvoeringsinstelling in het kader van de uitvoering van de ziektewet de doorslag.
b. Hervattingplannen

1. Na uiterlijk 6 weken ziekte legt het SMT contact met de Arbo-dienst en de werknemer. Dit contact vormt de eerste aanzet tot het opstellen van een werkhervattingplan.


2. Het SMT is verantwoordelijk voor het opstellen van het hervattingplan.
3. Het hervattingplan wordt opgesteld tussen de zesde en de dertiende week van ziekte, in samenspraak tussen SMT, afdelingschef, Arbo-dienst en werknemer. Het behoeft de instemming van de werkgever en de werknemer.
4. In het plan wordt in ieder geval opgenomen:

* een overzicht van de functionele beperkingen van de werknemer;

* de hervattingdoelstelling (bijvoorbeeld terug in eigen werk; tijdelijk ander werk met het oog op terugkeer in de oude functie; eigen werk met aanpassingen; ander passend werk; geen terugkeermogelijkheid);

* de hervattingtermijn;

* de benodigde maatregelen, te nemen door werkgever, werknemer en Arbodienst om de hervatting mogelijk te maken (bijvoorbeeld om-, her- en bijscholing, aanpassing van de werkplek).
Indien terugkeer binnen de onderneming niet tot de mogelijkheden behoort, zal de werkgever zich inspannen passend werk buiten de onderneming te vinden. Hiertoe zal de werkgever gedurende maximaal negen maanden een daarvoor gespecialiseerde onderneming inscha-kelen.

Werkgever en vakverenigingen zullen gezamenlijk het opdrachtgeverschap ten aanzien van re-integratie van WIA’ers en zieke werknemers op zich nemen. Daartoe hebben werkgever en vakverenigingen afgesproken met welk re-integratiebedrijf een contract is afgesloten.


5. Alle partijen zijn gehouden, zoveel als redelijkerwijs mogelijk is, zich in te zetten voor de uitvoering van het hervattingplan.

4.18 Verzoek deeltijd


a. Een verzoek van een werknemer om zijn of haar arbeidsduur aan te passen wordt in beginsel gehonoreerd, tenzij dit redelijkerwijs niet van de werkgever kan worden gevergd.
b. De werkgever reageert binnen een maand op een verzoek van een werknemer. Indien het verzoek wordt afgewezen, dient dit schriftelijk gemotiveerd te worden. Een werknemer kan in beroep gaan tegen een afwijzing bij een klachtencommissie (= interne commissie van beroep functiewaardering).
c. De vakverenigingen ontvangen jaarlijks een overzicht van het aantal verzoeken van werknemers om in deeltijd te werken, het aantal verzoeken dat gehonoreerd is en het aantal afgewezen verzoeken, voorzien van de bijbehorende motivatie.



  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   15


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina