Commissarisverslag opgesteld overeenkomstig artikelen 144 en 148 van het wetboek van vennootschappen



Dovnload 0.75 Mb.
Pagina9/15
Datum22.07.2016
Grootte0.75 Mb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   15

Bijkomende vermeldingen (en inlichtingen) (98)
3.4.4. Aangelegenheden met betrekking tot de continuïteitAfkeurende verklaring
Opmerkingen
1. De geformuleerde bemerkingen supra, punt 3.4.1. blijven van toepassing op het huidige verslag.
2. Naast de mogelijkheid van het toevoegen van een toelichtende paragraaf en van het tot uitdrukking brengen van een voorbehoud in geval van twijfel omtrent de continuïteit, bestaat de mogelijkheid om een onthoudende verklaring of een afkeurende verklaring tot uitdrukking te brengen.
3. Indien de commissaris een redelijke mate van zekerheid heeft bekomen over het feit dat de stopzetting van betalingen onvermijdbaar is op korte termijn, zal hij normalerwijze verkiezen een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen.

voorbeeld (99)
Verslag van de commissaris AAN DE ALGEMENE VERGADERING DER AANDEELHOUDERS (VENNOTEN) VAN DE VENNOOTSCHAP __________ over DE JAARREKENING OVER het boekjaar afgesloten op __ ________ 200_

Overeenkomstig de wettelijke en … (100) … bijkomende vermeldingen (en inlichtingen).



Afkeurende verklaring over de jaarrekening
Wij hebben de controle uitgevoerd … (100) … het boekjaar van € __________.
Het opstellen van de jaarrekening … (100)… omstandigheden redelijk zijn.
Het is onze verantwoordelijkheid … (100) … van het maken van fouten.
Overeenkomstig voornoemde controlenormen … (100) … van ons oordeel.
De vennootschap lijdt aanzienlijke verliezen die haar financiële toestand ernstig in het gevaar brengen. De jaarrekening heeft niet het voorwerp uitgemaakt van aanpassingen die in een dergelijke situatie noodzakelijk zijn.
Naar ons oordeel, omwille van het effect van de toestand vermeld in de voorgaande paragraaf, geeft de jaarrekening afgesloten op __ ________ 200_ geen getrouw beeld van het vermogen, de financiële toestand en de resultaten van de vennootschap, in overeenstemming met het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel.

Bijkomende vermeldingen (en inlichtingen) (101)

3.5. AANPASSINGEN AANGEBRACHT AAN DE INHOUD VAN HET TWEEDE DEEL VAN HET COMMISSARISVERSLAG

3.5.1. Aanpassingen in geval van een oordeel, anders dan een oordeel zonder voorbehoud
Wanneer de commissaris een oordeel, anders dan een oordeel zonder voorbehoud tot uitdrukking brengt, zal het tweede deel van het verslag moeten worden aangepast.

Inderdaad, in deze omstandigheden moet de commissaris de vermelding met betrekking tot het voeren van de boekhouding aanpassen overeenkomstig de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.

Bovendien dient de aandacht te worden gevestigd op artikel 92, § 1, eerste lid van het Wetboek van vennootschappen dat bepaalt:
De zaakvoerders of de bestuurders zijn verplicht elk jaar een inventaris op te maken volgens de waarderingsmaatstaven bepaald door de Koning, alsmede een jaarrekening in de vorm en met de inhoud bepaald door de Koning. Die jaarrekening bestaat uit de balans, de resultatenrekening en de toelichting, en vormt een geheel.
Het niet naleven van het koninklijk besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen heeft het niet naleven van het Wetboek zelf tot gevolg, in de betekenis van artikel 144, eerste lid, 8° van het Wetboek van vennootschappen De commissaris zal derhalve moeten onderzoeken in welke mate het niet naleven van de bepalingen van het koninklijk besluit van 30 januari 2001 de melding hieromtrent in het tweede deel van zijn verslag kan wijzigen.
De commissaris zal zich ten slotte dienen af te vragen of het nodig is een commentaar over de verwerking van het resultaat uit te drukken.
Wanneer de commissaris zich bevindt in de situatie waarbinnen hij een oordeel met voorbehoud tot uitdrukking brengt, dient het tweede deel van zijn verslag te worden gewijzigd.
Eerst en vooral zal de commissaris, al naar gelang de omstandigheden, dienen te bepalen of het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen behandelt en overeenstemt met de jaarrekening. Indien dit niet het geval is, zal hij eventueel de melding hieromtrent aanpassen. Vervolgens zouden de hierna volgende voorbeelden kunnen worden gebruikt:

Onverminderd formele aspecten van ondergeschikt belang, en met uitzondering van hetgeen vermeld is in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, wordt de boekhouding gevoerd overeenkomstig de in België toepasselijke wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.


Met uitzondering van hetgeen vermeld is in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, dienen wij u geen andere verrichting of beslissing mede te delen die in overtreding met de statuten of het Wetboek van vennootschappen zou zijn gedaan of genomen. De verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, stemt overeen met de wettelijke en statutaire bepalingen (102).”
Eventueel: “Rekening houdend met hetgeen vermeld is in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, kunnen wij geen oordeel tot uitdrukking brengen over de overeenstemming met de wettelijke en statutaire bepalingen van de verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld.”.
Wanneer de commissaris wordt geconfronteerd met een beperking in de uitvoering van zijn controle, dient het tweede deel van zijn verslag te worden gewijzigd.
Eerst en vooral zal de commissaris, al naar gelang de omstandigheden, dienen te bepalen of het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen behandelt en overeenstemt met de jaarrekening. Indien dit niet het geval is, zal hij eventueel de melding hieromtrent aanpassen. Vervolgens zouden de hierna volgende voorbeelden kunnen worden gebruikt.
“ Onverminderd formele aspecten van ondergeschikt belang, en rekening houdend met de beperkingen vermeld in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, wordt de boekhouding gevoerd overeenkomstig de in België toepasselijke wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.
Rekening houdend met de beperkingen vermeld in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, dienen wij u geen verrichting of beslissing mede te delen die overigens in overtreding met de statuten of het Wetboek van vennootschappen zou zijn gedaan of genomen. De verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, stemt overeen met de wettelijke en statutaire bepalingen (103).”.
Eventueel: “Op dezelfde wijze kunnen wij geen oordeel tot uitdrukking brengen over de overeenstemming met de wettelijke en statutaire bepalingen van de verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld.”.
Wanneer de commissaris zich bevindt in de situatie waarin hij een onthoudende verklaring tot uitdrukking brengt, dient het tweede deel van zijn verslag te worden gewijzigd.
Eerst en vooral zal de commissaris, al naar gelang de omstandigheden, dienen te bepalen of het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen behandelt en overeenstemt met de jaarrekening. Indien dit niet het geval is, zal hij eventueel de melding hieromtrent aanpassen. Vervolgens zouden de hierna volgende voorbeelden kunnen worden gebruikt:
Onverminderd formele aspecten van ondergeschikt belang, en rekening houdend met de onzekerheden beschreven in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, kunnen wij ons niet uitspreken over het feit dat de boekhouding gevoerd wordt overeenkomstig de in België toepasselijke wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.
Wij dienen u geen verrichting of beslissing mede te delen die overigens in overtreding met de statuten of het Wetboek van vennootschappen zou zijn gedaan of genomen. Rekening houdend met de onzekerheden beschreven in het deel van onderhavig verslag met betrekking tot ons oordeel, kunnen wij niet bepalen of de verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, overeenstemt met de wettelijke en statutaire bepalingen.”.
Wanneer de commissaris zich bevindt in de situatie waarbinnen hij een afkeurend oordeel tot uitdrukking brengt, dient het tweede deel van zijn verslag te worden gewijzigd.
Eerst en vooral zal de commissaris, al naar gelang de omstandigheden, dienen te bepalen of het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen behandelt en overeenstemt met de jaarrekening. Indien dit niet het geval is, zal hij eventueel de melding hieromtrent aanpassen. Vervolgens zouden de hierna volgende voorbeelden kunnen worden gebruikt:
Rekening houdend met de hierboven tot uitdrukking gebrachte afkeurende verklaring, zijn wij van mening dat de boekhouding niet gevoerd wordt overeenkomstig de in België toepasselijke wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.
Rekening houdend met de hierboven tot uitdrukking gebrachte afkeurende verklaring, kunnen wij u niet melden of verrichtingen werden gedaan of beslissingen genomen in overtreding met de statuten of het Wetboek van vennootschappen en of de verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, overeenstemt met de wettelijke en statutaire bepalingen.”.

3.5.2. Moeilijkheden bij het onderzoek van het jaarverslag
Opmerkingen
1. De inhoud van het jaarverslag wordt gedefinieerd in artikel 96 of 119 van het Wetboek van vennootschappen. De rol van de commissaris met betrekking tot dit verslag wordt gedefinieerd in paragraaf 3.10. van de Algemene controlenormen, waarin wordt gesteld dat het verslag van de revisor over de (geconsolideerde) jaarrekening eveneens een vermelding zal bevatten die aangeeft dat het jaarverslag over de (geconsolideeerde) jaarrekening de door de artikelen 96 of 119 van het Wetboek van vennootschappen vereiste inlichtingen behandelt en in overeenstemming is met deze jaarrekening voor hetzelfde boekjaar. Deze vermelding van de commissaris betreffende het jaarverslag of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening maakt geen deel uit van diens verklaring over de (geconsolideerde) jaarrekening. De commissaris dient ook de nieuwe controlenorm “Controle van het jaarverslag over de (geconsolideerde) jaarrekening” goedgekeurd door de Raad van het IBR van 15 december 2006 in acht te nemen. (104)
2. In een internationale context omvat de jaarrekening de balans, een winst- en verliesrekening, een mutatieoverzicht van het eigen vermogen, een kasstroomoverzicht (cashflow) en bijlagen (notes). In België voorziet het jaarrekeningrecht tot op heden niet in het opnemen van een kasstroomoverzicht in de jaarrekening. Het is evenwel moeilijk te aanvaarden dat deze tabel niet door de commissaris wordt gecontroleerd wanneer deze wordt overhandigd aan de aandeelhouders (meestal in het jaarverslag). Daarom stellen de Algemene controlenormen dat, indien het bestuursorgaan in zijn verslag een kasstroomoverzicht (cashflow) of een ratio-analyse opneemt, de commissaris deze eveneens zal onderzoeken (par. 3.10.2., tweede lid van de Algemene controlenormen).
3. Wanneer uit de balans een overgedragen verlies blijkt, of wanneer uit de resultatenrekening gedurende twee opeenvolgende boekjaren een verlies van het boekjaar blijkt, gaat de commissaris na of het jaarverslag een voldoende verantwoording bevat voor de toepassing van de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit (art. 96, 6° W. Venn.).
In het onderstaand verslag neemt men aan dat de commissaris van oordeel is dat er geen onzekerheid bestaat op het vlak van de continuïteit (voor andere gevallen, cf. supra, punten 3.4.2., 3.4.3. en 3.4.4.).
4. Het jaarverslag maakt melding van de omstandigheden die een aanzienlijke invloed kunnen hebben op de ontwikkeling van de gecontroleerde vennootschap, tenzij deze informatie een ernstig nadeel kan berokkenen aan de vennootschap of aan het geconsolideerd geheel (art. 96, 3° W. Venn.).
5. Het is eveneens denkbaar dat het jaarverslag wel degelijk bestaat, doch, naar het oordeel van de commissaris, niet volledig is. Indien de onvolledigheid niet van die aard is dat zij de financiële positie per einde boekjaar beïnvloedt, zal het volstaan dat de commissaris in zijn verslag meldt dat bepaalde gegevens niet worden behandeld. In dit geval zou de paragraaf als volgt kunnen luiden:
“Wij vestigen er uw aandacht op dat in het jaarverslag van het bestuursorgaan onvoldoende informatie wordt gegeven omtrent belangrijke gebeurtenissen na afsluiting van het boekjaar. Voor het overige behandelt het jaarverslag de door de wet … (105)”.
6. Een andere moeilijkheid die zich kan voordoen, is dat de informatie opgenomen in het jaarverslag niet overeenstemt met de jaarrekening. In een dergelijke hypothese moet de paragraaf aan de situatie worden aangepast; wij geven hiervan een voorbeeld:
Het jaarverslag behandelt de door de wet vereiste inlichtingen en stemt overeen met de jaarrekening, behalve wat betreft de analyse van het omzetcijfer en wat betreft de evolutie van het omzetcijfer in de tijd. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over … (106)”.
7. Overeenkomstig paragraaf 39 van de nieuwe controlenorm “Controle van het jaarverslag over de (geconsolideerde) jaarrekening” van 15 december 2006 kunnen volgende vermeldingen worden opgenomen in het commissarisverslag m.b.t. de in artikel 96, 1° en 119, 1° van het Wetboek van vennootschappen bedoelde vermeldingen over de voornaamste “risico’s en onzekerheden”:
Voorbeeld 1 : Afwezigheid in het jaarverslag van informatie
Ten aanzien van [geef de paragrafen van de wetsartikelen aan] van het Wetboek van vennootschappen maakt het jaarverslag geen melding van [geef de onderwerpen aan waarover in het jaarverslag geen informatie werd verstrekt]. Voor het overige behandelt het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen en stemt het overeen met de (geconsolideerde) jaarrekening. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over de beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd, alsook van haar positie, haar voorzienbare evolutie of de aanmerkelijke invloed van bepaalde feiten op haar toekomstige ontwikkeling. Wij kunnen … (107).”.
Voorbeeld 2 : Kennelijk onredelijke, verkeerde of inconsistente informatie
Het jaarverslag vermeldt onredelijke/verkeerde/inconsistente informatie omtrent risico’s waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd, zoals vereist door artikel 96 (desgevallend : artikel 119) van het Wetboek van vennootschappen. Voor het overige behandelt het jaarverslag de door de wet vereiste inlichtingen en stemt het overeen met de (geconsolideerde) jaarrekening. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over de beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd, alsook van haar positie, haar voorzienbare evolutie of de aanmerkelijke invloed van bepaalde feiten op haar toekomstige ontwikkeling. Wij kunnen … (108).”.
voorbeeld (109)
Verslag van de commissaris AAN DE ALGEMENE VERGADERING DER AANDEELHOUDERS (VENNOTEN) VAN DE VENNOOTSCHAP __________ over DE JAARREKENING OVER het boekjaar afgesloten op __ ________ 200_

Overeenkomstig de wettelijke en …(110) … bijkomende vermeldingen (en inlichtingen).



Verklaring over de jaarrekening zonder voorbehoud (110)

Bijkomende vermeldingen (en inlichtingen)
Het opstellen … (110) … het bestuursorgaan.
Het is onze verantwoordelijkheid … (110) … te wijzigen:
- Het jaarverslag behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, behalve wat de verantwoording van de continuïteit betreft. Aangezien uit de jaarrekening een overgedragen verlies blijkt, zijn de bestuurders ertoe gehouden om te verantwoorden dat de vennootschap in staat is om haar activiteiten verder te zetten; deze verantwoording ontbreekt. Bovendien is het kasstroomoverzicht, dat is opgenomen in dit verslag, gesteund op gegevens die niet op alle punten overeenstemmen met de jaarrekening. Verder stemt het jaarverslag met de jaarrekening overeen. Wij kunnen ons echter niet uitspreken … (110) … mandaat.
- Onverminderd … (110) … voorschriften.

- Met uitzondering van hetgeen hiervoor werd gesteld over het jaarverslag, dienen wij u geen verrichtingen of beslissingen … (110) … bepalingen.


- In voorkomend geval, … (110)


3.5.3. Niet naleven van het Wetboek van vennootschappen
Opmerkingen
1. Artikel 16 (vroeger art. 17), derde lid van de wet van 17 juli 1975 op de boekhouding van de ondernemingen stelt: “Met geldboete van vijftig euro tot tienduizend euro wordt gestraft hij die als commissaris, revisor of onafhankelijk deskundige rekeningen, jaarrekeningen, balansen en resultatenrekeningen of geconsolideerde rekeningen van ondernemingen attesteert of goedkeurt, terwijl niet is voldaan aan de in het eerste lid genoemde bepalingen, en hij daarvan kennis heeft of niet heeft gedaan, wat hij had moeten doen om zich te vergewissen of aan die bepalingen is voldaan. Hij wordt gestraft met gevangenisstraf van één maand tot één jaar en met geldboete van vijftig euro tot tienduizend euro of met één van die straffen alleen, als hij met bedrieglijk opzet heeft gehandeld.
Voor het overige zijn de commissarissen, overeenkomstig artikel 140 van het Wetboek van vennootschappen, aansprakelijk voor de tekortkomingen die zij in de uitoefening van hun taak begaan.
Op dezelfde wijze zullen de commissarissen jegens de vennootschap als jegens derden, hoofdelijk aansprakelijk zijn voor alle schade die het gevolg is van overtredingen die zij zouden hebben begaan ten overstaan van de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen of van de statuten. Zij kunnen zich echter ontheffen van hun aansprakelijkheid op twee verschillende manieren:
- hetzij door aan te tonen dat zij geen deel hebben gehad aan de begane overtreding;

- hetzij door aan te tonen dat zij hun taak naar behoren hebben vervuld en zij die overtredingen hebben aangeklaagd bij het bestuursorgaan of op de algemene vergadering volgend op de kennisname van de overtreding.


2. De bepalingen die bedoeld zijn door de strafsanctie omvatten de voornaamste artikelen van voormelde wet respectievelijk het Wetboek van vennootschappen, alsmede de koninklijke besluiten die zijn genomen ter uitvoering van deze wet en van het Wetboek, in het bijzonder het koninklijk besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen.


  1. De verplichting om de vastgestelde gevallen van niet naleven te vermelden, heeft zowel betrekking op de principes die toepasselijk zijn op de jaarrekening als op de formele regels inzake het voeren van de boekhouding en op het rekeningenstelsel. Bijgevolg is de commissaris die een oordeel over het getrouw beeld van de jaarrekening tot uitdrukking brengt, terwijl hij weet dat de formele regels inzake het voeren van de boekhouding niet zijn nageleefd, ertoe gehouden om  op straffe van sancties  opmerkingen terzake te formuleren. Niettemin kan worden herinnerd aan het feit dat, indien de vastgestelde gevallen van niet naleven worden geacht niet van materieel belang te zijn, de commissaris zijn verklaring kan nuanceren door bijvoorbeeld de zin te beginnen met:
    Onverminderd ...”. In het voorbeeld hierna gaat men ervan uit dat het niet naleven wordt geacht van materieel belang te zijn.

  2. Het eerste deel van het commissarisverslag heeft enkel betrekking op het getrouw beeld van de (geconsolideerde) jaarrekening. Elke opmerking die betrekking heeft op het naleven van het Wetboek van vennootschappen en die het getrouw beeld van de financiële overzichten niet beïnvloedt, zal verplicht worden ondergebracht in het tweede deel van het commissarisverslag.

5. In paragraaf 3.12.4. van de Algemene controlenormen wordt voorgesteld om in het tweede deel van het verslag melding te maken van het feit dat krachtens de wet kan worden afgeweken van het gebruikelijke boekhoudkundig referentiestelsel, met verwijzing naar het voorwerp ervan.



voorbeeld (111)
Verslag van de commissaris AAN DE ALGEMENE VERGADERING DER AANDEELHOUDERS (VENNOTEN) VAN DE VENNOOTSCHAP __________ over DE JAARREKENING OVER het boekjaar afgesloten op __ ________ 200_

Overeenkomstig de wettelijke en …(112) … bijkomende vermeldingen (en inlichtingen).



Verklaring over de jaarrekening zonder voorbehoud (112)

Bijkomende vermeldingen (en inlichtingen)
Het opstellen … (112) … het bestuursorgaan.
Het is onze verantwoordelijkheid … (112) … te wijzigen:
- Het jaarverslag behandelt … (112) … mandaat.
- Ook al is de voorstelling van de jaarrekening in overeenstemming met de in België toepasselijke wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften, toch zijn de formele regels inzake het voeren van de boekhouding, inzake de onomkeerbaarheid van de boekingen en inzake de minimumindeling van een algemeen rekeningenstelsel, niet met de nodige nauwkeurigheid nageleefd. Voor het overige en onverminderd formele … (112) … voorschriften.
- Wij dienen u geen … (112) … bepalingen.
- In voorkomend geval, … (112)


3.5.4. Niet naleven van het Wetboek van vennootschappen  Gebrek aan een verplicht verslag
Opmerkingen
1. In toepassing van artikel 144, eerste lid, 8° van het Wetboek van vennootschappen zijn de commissarissen ertoe gehouden te vermelden: “of zij kennis hebben gekregen van verrichtingen gedaan of beslissingen genomen met overtreding van de statuten of van de bepalingen van dit Wetboek. Deze laatste vermelding kan echter worden weggelaten wanneer de openbaarmaking van de overtreding aan de vennootschap onverantwoorde schade kan berokkenen, onder meer omdat het bestuursorgaan gepaste maatregelen heeft genomen om de aldus ontstane onwettige toestand te verhelpen.”.
Dit artikel moet samen gelezen worden met het artikel 140, tweede lid van hetzelfde Wetboek waarin gesteld wordt: “(…) Ten aanzien van de overtredingen waaraan zij geen deel hebben gehad, worden zij van die aansprakelijkheid slechts ontheven wanneer zij aantonen dat zij hun taak naar behoren hebben vervuld en zij die overtredingen hebben aangeklaagd bij het bestuursorgaan en, in voorkomend geval, indien daaraan geen passend gevolg werd gegeven, op de eerste daaropvolgende algemene vergadering nadat zij er kennis van hebben gekregen.”
2. De verplichte vermelding van een geval van niet naleven betreft enkel de mandaten van commissaris in een vennootschap. Voor het verslag over de geconsolideerde jaarrekening is geen gelijksoortige vermelding bij wet vereist.
3. Zelfs indien de aandacht van de commissaris hoofdzakelijk zal uitgaan naar de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen die een invloed hebben op de jaarrekening en op de informatie van de aandeelhouders, zijn de gevallen van niet naleven die, in voorkomend geval, vermeld zouden worden in het commissarisverslag, geenszins beperkt tot vermelde gevallen. Elk geval van niet naleven van het Wetboek van vennootschappen of van de statuten die zou zijn vastgesteld zonder te zijn verbeterd, zou het voorwerp moeten uitmaken van een vermelding in het tweede deel van het verslag.
4. Vanaf het ogenblik dat het niet naleven niet is rechtgezet door de vennootschapsorganen, is de vermelding verplicht. Enkel indien het bestuursorgaan de gepaste maatregelen heeft genomen om de onwettige toestand recht te zetten, heeft de commissaris de mogelijkheid (en geenszins de verplichting) om van de melding af te zien.
5. Het recht van de bestaande aandeelhouders om bij voorrang in te schrijven op nieuwe aandelen die worden uitgegeven tegen geld, wordt geregeld in artikel 592 van het Wetboek van vennootschappen.
De termijn voor de uitoefening van het voorkeurrecht wordt vastgesteld door de algemene vergadering of door de raad van bestuur (in geval van kapitaalverhoging in het kader van het toegestane kapitaal).

Van dit voorkeurrecht kan worden afgeweken indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan, met name het opstellen en neerleggen van een bijzonder verslag van de raad van bestuur met een verantwoording van het belang voor de vennootschap van deze afwijking, alsook een verslag van de commissaris (art. 596 W. Venn.).


In het voorbeeld hierna wordt ervan uitgegaan dat deze verslagen niet zijn opgemaakt en/of neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel, overeenkomstig artikel 75 van het Wetboek van vennootschappen.
voorbeeld (113)

1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   15


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina