Communicatie geschiedenis 1 De moeder van alle media: lichaamstaal



Dovnload 107.79 Kb.
Datum24.08.2016
Grootte107.79 Kb.
Communicatie geschiedenis

1 De moeder van alle media: lichaamstaal

Zolang er mensen zijn, is er communicatie.

1e mensen  enkel lichaamstaal  natuurlijk medium, grote expressieve kracht, beperkt

moeilijk te begrijpen

 oudste, meest gebruikte medium  vooral essentiële momenten
1.1 Van dierlijke grimlach tot menselijke glimlach: oorsprong van de lichaamstaal

2miljoen jaar geleden  rechtop lopen (savannes, Oost Afrika)

 beschermen mogelijke aanvallers  op de hoogte blijven

 - handen vrij om voedsel te zoeken

- gereedschap te maken

- gesticuleren

motoriek = uitgebouwd, hersenmassa ging evolueren
Homo habilis of homo erectus = vegetarische nomade, sporadische aas eters enkel vlees niets anders is
Dieren maken bepaalde rekgebaren met lippen om houdbaarheid vruchten te controleren, tijdens drinken worden lippen getuit  basis gezichtsmimiek
Glimlach  grijnslach aap

Tijdens gevecht toont verliezende aap grijnslach = teken van onderdanigheid

Menselijke glimlach (charmestrategie)  defensieve grijnslach aap
Communicatie media niet zomaar ontwikkeld  doel = overleven

 vele media ontwikkeld in militaire context


1.2 Expressieve kracht versus communicatieve onmacht

Kracht lichaamstaal = zwakte

expressief potentieel communicatief zwak  nt altijd goed te verstaan

lichaamstaalgebruikers afhankelijk van + nauwelijks invloed op omgeving


tactiel gedrag = body language beperkt tot hier en nu, geen tijds gevoel 

 baby  geen zelfbeeld  geen identiteit, geen besef van ruimte of temporale grenzen

onmiddellijke ervaringen zijn werkelijkheid, de rest bestaat niet

 wie lichaam gebruikt zweert bij kicks  onmiddellijke ervaringen

gebruiker lichaamstaal  gefragmenteerde identiteit
1.3 Van primitieve tot digitale oertaal

body language = (nog steeds) belangrijkste medium: 50% communicatie via lichamelijke signalen

 bij optredens vaak uitvergrotingen van het gezicht van de spreker
nieuw digitale toepassingen grijpen terug naar oertaal  touchscreen, oorapparaten, ...

 versmelting van lichaam en geavanceerde computertechnologie


Taal heeft houvast & structuur  niet vrezen voor nieuwe technologieën


2 De eerste afspraken: gesproken taal

2.1 Spreken om te overleven

 100 000 jaar v.Chr.  nomadische voorouders gedwongen door ijstijd tot het eten van vlees

 jacht  er moesten afspraken gemaakt

gebaren te dubbelzinnige elementen voor complexe jachtafspraken
2.2 Recht spreken (organisatie clan)

samenleven vroeg om duidelijke afspraken

 recht spreken ontstond uit noodzaak om incestverbod op te leggen

losse contacten met partners uit andere stammen = uitgesloten  potentieel gevaar


2.3 Van overleven tot overlevering (oude wijze technieken doorgeven)

Ouderen gaven jachttechnieken, gevaren van insecten/vruchten door.

Nog steeds zo  studenten luisteren naar oudere (leerkrachten) om zo kennis op te doen en later geld te kunnen verdienen
3 Het oudste externe geheugen: geschrift (ijstijd voorbij)

schrijven = ingewikkeld  goede reden zijn geweest om ermee te beginnen

oudste kleitabletten met schrifttekens  Irak, 3500v.Chr.

 inventaris oogst/ vee  bewijs van eigendom

meestal priesters die konden schrijven  macht  kon extraatje laten zetten op tabletje
3.1 Schrijven is boek houden

geschrift zoals wij kennen 5000jaar oud

we gaan terug naar vroeger  meer beelden schrift

vroeger geschrift voor happy few nu  voor iedereen

 door democratisering onderwijs eind 19e eeuw

 schriftcultuur verliest elitaire pretentie,

omschakeling agrarische samenleving  kenniseconomie
geschrift als medium bestaat reeds 12 000jaar  na laatste ijstijd

samenleving veranderde:

1) nomadische jacht- en plukorganisatie  voortdurend op zoek en met veel risico

2) landbouw samenleving

jaarlijkse opbrengst verdeelt bij begin winter opgeslagen in centrale schuur

schuur  ruimte om gaste te inviteren, goden te vereren, …


3.2 Kleifiguurtjes worden beschreven kleitabletten

Voor 3500 v.Chr. = oudste kleitabletje met spijkerschrift tekenmunten

Tekenmunten = imitaties van goederen v. bepaalde familie

 geboetseerde figuurtjes (korenschoof tot koe) verzameld in mandje van klei en dichtgemaakt, buitenkant inscriptie met hoeveelheid  kleine stap geboetseerde fig. weg te laten

tekenmunten werden ook gebruikt voor handel  munt van bepaalde familie = jou eigendom

schrift past in agrarische samenleving die zweert bij bezit en stabiliteit


3.3 Intern natuurlijk versus extern kunstmatig geheugen

monniken schiepen alfabetische schrift en tekstcultuur

Plato verketterde 4e eeuw geschrift  Grieken: kunst voor gesproken woord retoriek

 geschrift = Pharmakon = toverdrank

 mens gaan vertrouwen op vreemde lettertekens  minder luisteren naar meester, weten toch dat in boek staat. Wie schrijft luistert minder aandachtig en verwaarloosd/vervreemd van natuurlijk geheugen.
Nieuwe digitale media + oude natuurlijke communicatie middelen  2handen 1buik

 oude schriftcultuur slachtoffer???


3.4 De technologie van het geschrift

kwaliteit van leven verbeteren

wiel  voet  sneller, minder moeite

werktuigen  ledematen

schrijfstift  vinger  fijner, sneller

 onberekenbare moeder natuur getemd

rationalisering van het leven  toename patriarchale structuren ten koste van matriarchale samenleving
3.5 Evolutie van het alfabetisch geschrift (zie kadertje p23boek)

evolutie van schrift  toenemende abstractiesering


3.6 De grenzen van de schriftbeschaving

magie van wilde denken doofde door rationele controle van technologie

 groeperen in stedelijke nederzettingen  grenzen trekken

 kloof, beschavingscrisis

huidige media breken muren af  multiculturele samenleving
4 Romeinse mediaprimeurs: krant, internet en boek2.1 Spreken om te overleven

Griekse samenleving  macht van gesproken woord  nodig voor maatschappelijk succes

Romeinse rijk veel groter  Griekse stadstaatjes

 touwtjes in handen  overal tegelijk zijn


4.1 Van Caesars krant tot de goednieuwsshow
Caesar verplichtte oude adel dagelijks (diurna) te verantwoorden voor hun besluiten (acta)

vanaf 59v.Chr. dagelijks op alle belangrijke kruispunten Rome beschildert tekstpaneel

Augustus verzwakte Acto diurna tot Actot urbis = besluiten van de stad  goednieuwsshow

Tot 18e eeuw kranten propaganda-instrument v/d samenleving

(19e eeuw moderne opiniekrant)
4.2 Alle wegen leiden naar Rome, ook die van het internet

Groot rijk had snel paraat leger nodig  goede wegen = heerbanen

Verharde weg vooral militair nut: leger + pol. en militaire berichten  snel verplaatsen

 op regelmatig afstanden  afspanningen  koeriers op adem komen (cafécultuur)

 van paard/koerier verwisseld

bericht via cursus publicus of openbare koerierdienst vlugger verstuurd dan met post van nu

zeker voor diploma’s = diplomatieke post  dubbelgevouwen voorzien van zegel

 top secret-bericht


4.3 Van Augustus’ koeriersdienst tot Napoleons Chappe-telegraaf

militaire logica van machtsbehoud = basis vele communicatienetwerken

Na franse revolutie  snellere manier nodig troepen front op hoogte te houden

Probleem: troepen ter plaatse  vogel gaan vliegen


Chappe 1794: sneller koeriersysteem  namaakmensen als seingever of semafoor

 tachygraaf of snelschrijver


4.4 Alle wegen leiden naar Parijs, ook die van Internet

houten staketsels op hoge heuvels, kerktoppen, … per 16km

snelschrijver kon 196 standjes

 had tekengever en telegrafist nodige met codeboek die letters vertaalde


2u tijd Parijs geïnformeerd  troepen vlugger vertrekken en bleven op de hoogte voor mogelijke route wijzigingen van de vijand
4.5 Van Amerikaanse Darpa- tot het wereldwijde internet

ARPA (advanced research project agency)

om te voorkomen dat berichten niet doorkwamen  systeem met verschillende knooppunten zodat veel kon wegvallen maar de boodschap toch nog door kwam

 eerste computernetwerk (’69) gebruikt onder impuls van Jcr. Licklider


4.6 De bedreiging van het internet: democraten versus centralisten

’77  Arpanet reeds 111 knooppunten  militaire oorsprong niet langer verzwegen

(D=defentie toegevoegd)  Derpanet

’82  ontstaan huidige internet, academische wereld mocht ook gebruiken

’91  world wide web gelanceerd door Tim Berners-Lee

internet  Chappe-telegraaf of Romeinse koerierdienst

 democratischer/ gedecentraliseerder

dit leidt niet naar 1punt maar naar overal, centrale controle is uitgesloten


(Boek rechthoekige vorm  Romeinen gebruikten tabletvormen

Tabula rasa = schoon schip maken

Tabloid-formaat  tafelachtige vorm van Romeinse schrijftafeltjes)
4.7 Over rollen en rechthoeken: van volume tot codex

Eerst gebruikte Romeinen net als Grieken Egyptenaren  rolvorm = volume  volvere = oprollen

Boekenrollen  bleven moeilijk bewaard, lazen niet zo handig

 ander materiaal gebruikt  dierenhuid = Vellum = vel

 moeilijk te rollen  terug naar tablet vorm = codex
4.8 De christelijk - Romeinse codexrevolutie

Romeinen kenden 2boekvormen  rol, codex

Wij gebruiken codex door keizer Constantijn de Grote (4e eeuw)

 Christendom tot enige staatsgodsdienst vernoemd  versnippering tegen te gaan

Bijbel had codex vorm  rolvorm gezien als heidens, Christenen wilden iet met Joden vergeleken woorden daarom gebruikten ze codex vorm
Monniken zijn verantwoordelijk voor kleine letter naast Romeinse hoofdletter. Ze gingen zich toeleggen op organiseren geschreven woord. “tekst” verwijst oorspronkelijk naar geweven (textum) rietstructuur papyrusgeschriften

5 De eerste copywriter: opkomst van de schriftcultuur

Geschrift = assisterend medium, een hulpje tegen vergeten

Karolingische renaissance (19e eeuw) ontstaat schriftcultuur

Monniken gingen dingen schrijven en dan pas voorlezen


5.1 Oneliner met gevolgen

Benedictus (5e-6e eeuw) 1e handvest voor leven van monniken: ora et labora (bid en zwoeg)

=1e copywriter-regel

5.2 Wie schrijft, die bidt

De geest van de mens moet Gods lichaam bezingen  schrijfatelier

Bidden kon ook door te schrijven

Schrift werd opgewaardeerd  wie schreef bidt + was even God
5.3 Overwintering en renaissance van het geschrift

Na uiteenvallen Romeinse rijk  geen geschrift meer nodig om controle te houden

Schrift kwijlde weg /overwinterde in muren van klooster, sterker het deed nieuwe kracht op
Begin 9e eeuw Karel de Grote opnieuw groot grondbezit had  herwaardering van schrift

 besefte dat hij administrateurs nodig had

voor juridisch- fiscale zaken, controle,…
5.4 Karolingische lay-out

Karel de Grote  Ierse monniken om hem te adviseren (1van = Alcuïnus)

Alcuïnus stichtte netwerk van scholen voor geletterde administrateurs of beambten

Welsprekendheid kreeg concurrentie van schoonschrift aanvuller van traditionele grammatica.


Middeleeuwers beschouwden tekst als levend organisme

Vb: had lucht nodig om te kunnen ademen

hoofd = 1e letter

armpjes  kanttekeningen rechts en links in marge = marginaliën of glossen

Opmaak werd ingekleurd, soms bijgestaan door tekening
5.5 Multimediale manuscripten

1e Vlaamse regel: 1150

“Hebban olla vogelas nestas biginnan, hinase hi enda thu”

= Alle vogels beginnen met het bouwen van nesten, tenzij ik en jij

Later verschijnt het Egidiuslied

Er werd manuscriptverzameling gevonden van de Bruggeling Lodewijk van Gruuthuuse


5.6 Duizend jaar schriftcultuur

schriftcultuur 1000jaar oud

Zinnelijke meerwaarde handschrift  verloren in mechanische druk
6 De typografische revolutie: doorbraak van de klassieke schriftcultuur

drukken = ambacht (die reeds bij Romeinen bestond)

 drukten textiel geen papier

xylografie of houddrukkunst  drukken van blokboeken

wijnpers van Romeinen werd in de vroege middeleeuwen gebruiktop papier via het houtdrukprocédé te bedrukken
6.1 Van blokboeken en houtdrukkunst

12e eeuw heilige levens en legendes heel populair

houtdruk niet berekend op dergelijke bestellingen

 vaker houtblok geperst,  kans dat hout druk niet zou houden + vettige, roetige afdruk

 enkel 1e druk kon concurreren met handschrift

 telkens hele pagina maken kleine wijzigingenblad opmaak niet mogelijk

1e letter verschil  nieuw blok gemaakt
1e monotype drukker (afzonderlijke lettertjes) = goudsmid
6.2 De kwintessens van de media lees p 44 (nt echt boeiend)
6.3 Gutenbergs typografie

Gutenberg 1e die monotype lettertjes maakte

1e drukwerk = astrologische kalender

na werelddebuut 1447  religieuze publicaties


6.4 Manutius’ design van het moderne boek

Manutius = 16e eeuwse Italiaanse drukker

 maakt italic = schuine letters

 bedacht  handformaat = pocket  overal mee naar toe te nemen


1447 tot 1500  wiegendruk of incunabelen (vandaag de dag nog veel geld waard)
6.5 De katholieke kerk versus de typografie

16e eeuw  kerk bezorgd over boekdrukkunst/ typografie

 geen controle meer

 censuur systeem

 vooraleer iets gedrukt werd moest het gekeurd door lokale kerkelijke overheid

deze toestemming (imprimatur) diende voorin het boek te worden opgenomen

auteurs en drukkers zonder deze toestemming  vogelvrij verklaart, boek = op index gezet

2e Vaticaanse concilie ’60  vorm van censuur helemaal opgedoekt


vanaf opkomst typografie hinkt kerk achter (waar ze vroeger leidde)
6.6 De typografische revolutie en de kritische uitwisseling van ideeën

Boekdrukkunst  informatiemonopolie katholieke kerk weg

mensen konden bijbel lezen zonder priester erbij

 zagen dat bijbel niet overeenstemde met praktijk

kritische lezers van het evangelie gingen protesteren tegen wantoestanden binnen kerk

 protestantisme

Maarten Luther = 1e protestant  vertaalde Latijnse bijbel naar Duitse volkstaal

Nederlanden  scheiding Vlaanderen en Nederland (val van Antw. 1585)

vb van hoe media loop van geschiedenis kan bepalen
6.7 De typografische revolutie en dynamiek van de handel

katholieke autoriteiten  typografie = doos van Pandora

de anders denkenden namen toe, de emancipatie van de mens was begonnen

de typografie gaf moed aan ontdekkingsreizigers, handelaars,… om nieuwe gebieden te onderzoeken, enz.


gedrukte boeken

geen statussymbool

wel bronnen van ideeën, functioneel, eigen ideeen bijspijkeren
6.8 De typografische revolutie en de grenzen van de natiestaat

typografische schriftcultuur = bedding ontstaan moderne debatcultuur (elke individu eigen mening)

= gangmaker commerciële ingesteldheid (naar max. profijt streven)

= ontstaan nationaal samenhorigheidsgevoel (drukken boeken volkstaal)

16e eeuw drukken volkstaal

geen eenduidige schriftnorm  lappendeken van dialecten

gesproken taal machtselite werd eenheidstaal  Vlaanderen: Brabants, Ned.: hof v holland

Bruggenaar+maarseieknaar voelden zich door eenheidstaal toch verbonden

lazen zelfde publicaties (Brabantse norm)

Taal is gans het volk, heette het in de 19e eeuw


6.9 De internet revolutie en de snelle uitwisseling van ideeën

Internet = drukkunst revolutie?

 typografie democratiseerde het info aanbod  + & - gevolgen


  • veel meer bronnen te raadplegen

  • e-commerce

  • wereldburger

6.10 De internet revolutie en e-commerce

internet zorgde voor mondiaal overaanbod aan info

+ commerciële hype  dotcombedrijven  elektronische handel

problemen  technische storingen, beveiliging
6.11 De internet revolutie en een wereld zonder grenzen

nationale grenzen met boekdrukkunst  wereldburger met internet

op elk moment met wie dan ook communiceren

 wel pc nodig

Internet = broeikast actiegroepen zoals antiglobalisten (= protestanten van boekdrukkunst)

 kritiek geven, openbaar debat te starten


Eerste gedrukt boek: 1447

Eerste gedrukt dagblad: 1650



7 Van gesproken dagblad tot commerciële nieuwsindustrie

vroeger: nieuws vertelt  café, kerk, drempel van huis,…

mensen steeds geboeid door extreme gebeurtenissen

 humain intrest nieuws = zo oud als mensheid

 verklaart succes reality tv
Romeinse “acta diurna” = 1e geschilderde muurkrant

Middeleeuwen  vlugschriften of pamfletten via houtdruk

 meestal met handgeschreven en gekopieerd tot 10tal exemplaren

dankzij procédé van houtsnede konden tekeningen ook vermenigvuldigd

 pamfletten via houtdruk = enorm succes (iedereen wilde vis, natuurramp, koning,… zien)

bij oorlog pamfletten niet te tellen  sommige notabelen namen ghostwriters in dienst om tegenstander de huid vol te schelden = schotschriften  voorloper opiniepagina

populair genre in vlugschriftenliteratuur  prognosticaties of toekomstvoorspellingen

 Nostradamus, Montpellier, …


7.1 Van handgeschreven gazet tot gedrukte tijding en courant

Venetië 1563  wekelijkse publicatie over oorlog tegen Turken

 handgeschreven pamflet “I gacetà” (= muntstuk Ventetië nieuwsgazet naam te danken aan muntstuk)

sommige pamfletten gebundeld in 2à3 vellen  17e eeuw 1e couranten of kranten


Du.  gunstig journalistiek klimaat: weinig centraal gezag

 kranten en weekbladen

1609: 2 weekbladen

1650: gedrukte 6daagse krant: Einkommende Zeitungen = binnengekomen bericht

 uitgever: Timotheus Ritzsch

Vlaanderen  1629 Antwerpen primeur van weekblad: Wekelijke Tijdinghe

 Abraham Verhoeven
7.2 Abraham Verhoeven: de eerste Vlaamse printjournalist

Verhoeven = 1mans bedrijfje, drukte-schreef-verkocht, weinig kwaliteit, kon moeilijk altijd waarheid schrijven  alles werd gelezen

19e  1e dagelijks gedrukte krant Vlaemsch België (1844)
courantiers = gazettiers = journalisten  in ancien regime moesten:


  • octrooi kopen  officiële privilege streek te schrijven

  • onderworpen aan preventieve censuur  pure propaganda + society nieuws

  • boven octrooi kwam dagbladzegel = fiscale heffing (belasting)

 alleen happy few konden krant veroorloven
7.3 Aanzetten voor een kritische opiniepers in de 18e eeuw

1e modern aandoende opiniekrant = Eng 1688  The Daily Courant

1788: The Times langst bestaande krant = betere opiniekrant

 journalist = waakhond democratie

1e Belgisch, Franstalige krant = imitatie fr. populaire encyclopedische pers

 la feuille sans titre: 1777 Luik


7.4 Ontstaan van de Vlaamse verzuilde opiniekrant

democratisering  nieuw enthousiasme voor printmedia

kranten schreven “vrij”

maar werden gefinancierd door bepaalde politieke strekkingen  gekleurde inhoud

na prijsdaling  afschaffing dagbladzegel (1848)  toename lezers zeker na WOI leerplicht

 algemeen meervoudigstemrecht (1839) stijgt verkoop nog

politieke partijen willen kiezers zoveel mogelijk voor hun kar spannen en zien kranten als ideaal middel

(kende mensen niet lezen kende  kende ze wel iemand die kon voorlezen)

 elke partij financierde dus na tijdje eigen krant  propaganda instrument

Ancien regime  krant verschillende meningen, niet van de officiële overheid alleen
Vlaamse kranten vinden hun oorsprong in Gent laatste kwart 19e eeuw = hard industrieel Vlaanderen

1879 verscheen 1e goedkope Vlaamse krant = de Gentenaar  moest Gentenaar voor Katholieke winnen

1884  Vooruit: socialisten

1888 laatste nieuws: liberalen

1891  Gazet van Antw., Het volk  Renum novarum

1914  Standaard: Vlaamse intellectuele


(later Nieuwsblad en Sportwereld toegevoegd)
7.5 De krant: van politiek opinie-instrument tot commercieel product

na WOII ontzuiling  politieke greep minderde op krant

70-80  krantenverkoop zware klappen  televisienieuws

pol. organisaties trekken uit krantenwereld met verlies, commerciële vennootschappen ontstaan

Als VTM opgericht wordt in 1989  kranten totaal commerciële richting

Advertentiemarkt beter inkomsten dan abonnementen

 kranten doen gaan opzoek naar adverteerders niet meer naar debat

 gevaar vooreenheidsworst

verschraling aan info aanbod populaire  kwaliteitskrant
7.6 Commercialisering en concentratie in de 19e eeuwse Amerikaanse pers

1833  verscheen eerste goedkope massakrant: The Daily Sun

1851  New York Times = kopie Times

Eind 19e eeuw eerste grote krantenimperiums (Hearst & Scripps)

Scripps: 1907: United Press

Hearst: 1909: International News Service

( mediatycoon die Orson Welles carrière verwoeste)
1e goedkope Eng. krant = The Daily Telegraph 1861

1e goedkope Fr. krant = Le petit journal 1863


7.7 De versoaping van de Franse journalistiek (gevalsstudie)

1836  La Presse  50% goedkoper  voorzag advertenties

Chronique = journalistieke reportage op frontpagina waarin op laatste regel pas gezegd stond dat het om reclame ging = duurst

Annonce = advertentie achteraan = goedkoopst

Goedkope succesvolle kranten  oudste Fr. krant Le journal de Paris = failliet
Alleen goedkoop zijn volstond niet

 soaps nodig (afgekeken van radio & tv)

Tijdens hoogte punt (=cliff-hanger) werd programma onderbroken voor reclame
7.8 Duma’s productiehuis

Girardin en Dutacq (zie hierboven Fr succesmannen)

schreven doelbewust vervolgverhalen om lezers  bedrijven te strikken.

 echte uitvinders soapfeuilleton

Dumas = auteur v. o.a.3musketiers vervolgroman

= uithangbord productiehuis waar vervolgromans werden verzonnen


7.9 Pamflet tegen de commercialisering

reeds in 1839 opspraak tegen journalistiek/literatuur  opinionleader Charles-Augustin de Saint-Breuve

 kritische commentaar op reclame-advertentie

 reclame = schande voor journalisten

later ook tegen sensatiestijl van romanfeuilleton

ze schreven geen verhalen meer maar lieten elke aflevering eindigen met een spanning


als gevolg van het succes gingen ook gewone auteurs deze avontuurlijke/melodramatische elementen in hun romans steken

 niet alleen pers maar ook literatuur in ban van pers volgens Ch.A.


7.10 Op weg naar digitale instant communicatie

1831  Lamartine: voorspelde dat voor eind 19e eeuw iedereen door media overheerst

 beweerde dat gedachten/emoties via telegrafische instant-transmissie in real time door iedereen over heel de wereld aanschouwd zouden kunne worden

1844  Samuel Finley Brees Morse: ontwikkelt cijfercode die op elektrische stroom bliksemsnel km ver kan.


8 De digitale revolutie: van begin tot einde

 cijfer revolutie

Uitvinding telegraaf = revolutionair  mens- regie, machine-werk

Autonomie machine = revolutie + omzet taal in numerieke code  1 en 0

 begin digitaal tijdperk
8.1 De versnelling van het moderne leven

Traditionele manier:manufactuurarbeid verdwijnt  stoommachine  industriële revolutie

snellere, automatische machinale productie wijze  meer productiecapaciteit   winst

versnellen economie  niet geïsoleerd feit, Westerse samenleving maatschappelijk geschud

Revoluties  burgers en arbeiders meer inspraak

 ook in cultuur, snelheid  vervoer; trein


8.2 De versnelling van de communicatiestroom (lees)
8.3 Telegrafie en instant communicatie

Morse zocht naar snellere manier om info te versturen  elektromagnetisme

monteerde op elektromagneet een namaakvinger = seinsleutel

de vinger tegen de magneet  stroomstoot die langs draad geleid  ontvangtoestel

Morse koppelde (niet) doorgeven lang/korte stoomstoten code

1865: intercontinentale connectie  1e onderzeese kabel verbond Am. met Eng/EU

8.4 De telegraaf als eerste digitale communicatiemachine

door telegraaf  afstand/tijd geen verschil meer

Digitaal tijdperk begint in 1844
8.5 Dromen met Einstein van cyborgs

Morse telegraaf  enkele seconden

Nu  fractie van sec. zelfs al zoals Einsteins energieformule  met snelheid van licht

Elektronica wordt fotonica (lichtstoten)


Vercijferen mens niet zo eenvoudig  nog niet alle hersendeeltjes zijn vercijferd

In toekomst  computergegeneerd orgasme = cyborg via internet te versturen


8.6 Mens versus machine: een doemscenario

 knecht wordt meester

worden wij zelf niet overbodig?

nu reeds gevolgen zichtbaar van mens die zichzelf voorbij holt


8.7 Nieuwe media in de 19e eeuw: telefoon en grammofoon

telegraaf  explosie van nieuwe media  onrechtstreeks ook audiovisuele media

telefoon, grammofoon, tv, radio, grammofoon

(1e telegrafische boodschap = Wat heeft god gewrocht(= gemaakt)?)


 er werd gezocht (= zoektocht die nog steeds voor computer gedaan wordt) naar een manier om niet via code te moeten werken  akoestische telegraaf (= telefoon) 1876  Graham Bell

eind 19e eeuw telefoon gebruikt voor conversatie tss individuen

telefoon = radio avant la lettre  abonnees konden naar concerten luisteren
jaar na telefoon Thomas Alva Edison: Grammofoon = visuele telegraaf

 hardhorige telegraafbediende: decoderen moeilijk

 ontwikkelde visuele telegraaf  maakte fijne stift aan geluidsmembraan  curve getekend werd bij ontvangen van signaal (zoals cardiogram)

toen hij toevallig wassenplaat onder schrijfnaald vandaan trok hoorde medewerkers meer dan krassen  1877 fonografie of grammofonie


8.8 Zichtbare gevolgen van een onzichtbaar medium

- morsecode niet evident om te gebruiken

- bedrading vaak stuk  vogels gewicht, sabotage

fonetisch onderzoek wees uit dat geluid draadloos was voort te planten (spreken/horen)

Heinrich Hertz maakte onzichtbare elektromagnetische golven zichtbaar

 toonde aan dat frequentie elektromagnetische golfslag lager dan geluidsgolven

1895  Marconi  verplaatste geluid zonder draad (bootje op zee, vrienden Britse kust)

5e essentie of kwintessens gevonden = ether


8.9 Opkomst van de audiovisuele massamedia: radio en televisie

draadloze manier van telegraferen  radiotelegrafie

 gebruikmakend van onzichtbare stralen (radius) of golftrillingen

1899: draadloze verbinding Fr. en Eng.

1901: draadloze verbinding Am. en Eu

(vooral maritieme bezigheid) verkeer tussen schip en wal = gecoördineerd)

1912: zinken titanic  bereikte 1e SOS signaal draadloos vasteland

tijdens WOI: militaire eisten radiofrequentie op om aan oorlogsvoering te doen

na WOI vrijgemaakt voor niet militaire/maritieme doelen  radio kwam eraan

1920  frequentie opdrijven  visuele signalen draadloos doorsturen  tv

na WOII: vervangt tv de radio als dominant massamedium

 hoe onzichtbaar medium de ether voor media vernieuwing zorgde


9 Op de golven van de ether: radio en televisie

9.1 Van commerciële radio-omroep tot openbare en staatsomroepen

Am.1920: 1e radiostation ter wereld: Westinghouse Radio

 muziek, nieuwsuitzendingen, kerkdiensten, sportberichten

 commercieel bezien: wie kocht radio als hij alleen maar muziek maakte?

Eu 1930: 1e staatsradio: vooravond WOII

 doel: volk mobiliseren

Nu: bespelen publieke opinie job van spin-doctors

liefst uit schijnwerpers media om meer effect (spin) voor propaganda van hun baas

Am. jaren 20: commerciële radio komt van de grond

 federale staat zag verdeling breedbandterritorium toe, maar privé kreeg vrij spel in verdelen van ether

reclame was niet van de lucht, 1e soap: voor Am. netwerken in jaren 20 gecreëerd


Be. 1e radiostation jaren 20 commerciële onderbouw

1926  radio Belgique volwaardige nieuwzender

SBR = Be producent van radio en elektrisch toestellen hoopte zo omzet te verdubbelen

1927: Radio Belgique krijgt Vlaamse dochter

 BBC ontstaat als moeder van openbare omroep

1928 per pol. fractie op ether, failliete structuur na beurscrash 1929 staat koopt over NIR voorloper VRT

’30: in niet-democratische samenleving, staatsradio uitsluitend stem fascistische/communistische dictators
9.2 Van radio-altaar tot draagbare miniatuurradio

gouden tijdperk radio over als tv na WOII verschijnt

dankzij technologische innovatie radio toch steeds belangrijk massamedium

Van logge zeepkist die moest opwarmen naar portable radio


9.3 De geboorte van de popmuziek uit de geest van de transistorradio

1e vertegenwoordiger : Elvis Presley

roods: melancholische liefdesballades (blues) van zwarte Amerikanen

’60: stereofonie en FM weergave perfectioneerde radiofonische geluidsweergave

1e stereo opgenomen singel (Good Vibration: the beach boys)  waande je in concertzaal

(vergelijkbaar met surround sound systems in huidige filmzalen)  high-fidelity systeem


9.4 Ieder zijn eigen DJ: de individualisering van het radio-aanbod (lees)
9.5 Pointillisten en lijnen: ontstaan van de televisie

technologische ontwikkelingen tv moeilijker dan radio

 moeilijker tv station in ether te krijgen

1936: 1e BBC uitzending (1939 Am, na WOII andere landen)

oktober 1953: 1e uitzending  laat  lijnenslag

 Vlaamse omroep wou beeldverwerkingsysteem 625lijnen(Pal)

 Franse omroep wou beeldverwerkingsysteem 819lijnen(Secam)

wafelijzersysteem  compromis: tv voor beide systemen


pointillisten inspireerde de Rus Zworykin om een iconoscoop of beeldbuis te ontwikkelen

1884 Du. Nipkow mechanisch procédé ontwikkeld dat werkte met snel roterende schijven  kwaliteit echter miniem

Zworykin creërde beeldbuis die met sensor of elektrisch oog werkte

 scande/rasterde beeld volgens bep. aant. Lijnen

groter aant. Punten  scherper beeld

John Baird plaatste beeldbuis Rus in radiokast en maakte 1962 1e tv (te klein aant. Lijnen om van tv te spreken, na 10jaar  1e BBC uitzending

Door WOII ontwikkeling tv achteruit in Eu  Am voortouw


9.6 Televisie maakt het gemeenschapsleven kappot

Am. 1e kritiek op tv (Fort Wayne 1955: groot experiment)

 uit onderzoek bleek dat soc. weefsels in lokale gemeenschappen stuk gingen

Tv kleurt gewoonten, laat maar klein deeltje van werkelijkheid zien (tunnelvisie),…


9.7 De looks van de televisie

tv  zowel soc. als commerciële gevolgen

pol. ontdekte vlug voordelen tv

looks knappe president Kennedy  beeldcultuur


9.8 Televisie is emoties

vanaf ’60  2deling tss. beeld & schriftcultuur

tv: emotie

printmedia: ideeënuitwisseling  hoofd

vandaag zien we populaire pers op beeldwagen gesprongen

tv-makers gaan meer extreme emoties uitlokken

 vb: oorlog, begrafenissen vips, reality-tv, seks, …

tv = aandachtsmachine  voor terroristen, exhibitionisten, reclamemakers,…


9.9 Iedereen zijn eigen productiehuis: de individualisering van het tv-aanbod (lees)
10 De doorbraak van de beeldcultuur: Fotografie en film

prentjes die bewegen

mensen tekende vroeger voor jacht om angst te bezweren tov levensgevaarlijk wild

middeleeuwen: vaak rituele functie

afbeelding  fundamentele angsten en verwachtingen van de mens
10.1 Van xylo- tot lithografie

eerst prenten uniek  enkel te bezien in kerken,…

later door houtdruk(xylografie)  voor iedereen

na xylografie nieuwe reproductietechniek  nog scherper, getrouwere weergave

renaissance: tekeningen met naald in koperen platen geëtst, in chemisch preparaat verwerkt en

om ingekraste tekening vast te houden daarna afgedrukt

 kopergravures 16e eeuw groot succes

19e eeuw: steendruk of lithografie nog realistischer (kalksteen  hard etsdiepte bleef, zachtkrasmakkelijk)


10.2 Van litho- tot fotografie

N. Niepce = officieuze(nt.herkende) uitvinder foto

Kalksteen was op  zocht vervangingsproduct: tinnenplaat ingesmeerd met soort asfalt

plaatste plaat voor raam om te laten drogen door zonlicht, na 8u droogtijd wou hij beginnen graveren toen hij plaat afdrukte zag hij contouren schuur = uitzicht door raam waar plaat gedroogd had

 1826: officieuze geboorte fotografie: werd heliografie genoemd (schrijven met het zonlicht)

10.3 Panorama en diorama: voorlopers van de cinemazaal

Daguerre = officiële uitvinder fotografie

 uitbater diorama (= verbeterde versie panorama of rondschilderij  filmische illusie avant la lettre)

verving natuurlijk licht door kunstlichtwaarheidsgetrouwe zonsop/ondergang

1822 speciaal cilindervormig huisje doorkijkpanorama of diorama

één van de lichtmakers te enthousiast  brand  Daguerre technisch werkloos
10.4 Daguerre en Talbot: de officiële en de echt uitvinder van de fotografie

1839: daguerreotypie of dagerreotyper = fotografie

Daguerre bewerkte lichtgevoelige plaat Niepce een beetje  belichtingstijd beperkt

1e portretfoto’s toch nog 10min. leunrekwisieten aanwezig

schilderij vlug geruild voor foto sneller + minder duur + beter resultaat

daguerres fotografisch procédé 1groot nadeel: slechts 1 malige positiveopnames

 midden 19e eeuw verdwenen
Tablot: negatieffoto  kalotypie (= schone vormen): even belicht + vermenigvuldigbaar
10.5 Het filmische kleefvermogen van het netvlies

1832:Joseph Plateau verduidelijkte de logica van de bewegingsillusie

24 deelbewegingen/sec.  perfecte illusie

netvlies heeft kleefvermogen: wet van de retinale persistentie of de wet van de traagheid van het oog




  1. DE DOORBRAAK VAN E BEELDCULTUUR: FOTOGRAFIE EN FILM

(…)
Van chronofotografie tot cinematografie


1880  chronofotografie (kritiek impressionistische schilders)

was eerste stap naar film, nu nog projectiemachine

1892  Edisons kinetoscoop (registreerde en gaf weer voor één toeschouwer)
Begin 1900  Cinematograaf van Lumière (projectiekastje maar nog steeds twee in één)

La sortie des usines Lumières eerste openbaar filmpje -> nooit gezien realisme
Eerste films waren kort en bijna allemaal docu. Cinema Vérité, het leven zoals het is


De speelfilm als goocheltruc

Tot WO1 domineerde Europese film

Frans  komedies en slapstick

Italiaans  historisch, decors

Scandinavisch  expressionist, schaduw en licht

Duist  eerste filmster, Asta Nielsen


WO1  succes gaat naar VS

Universal Pictures eerste studio’s (schrijven, casten, draaien, regisseren, monteren,… allemaal samen)


Andere studio’s volgden

Soort alternatief genre tegen commercialisering (Charlie Chaplin) = auteurscinema




Europese kunstcinema en Amerikaanse speelfilm

Titel spreekt voor zich


Monteren wordt kunst  experimenten (o.a. Rus Sergej Eisenstein)
1927  eerste geluidsfilm -> Hollywood revival

’30  depressie, gangsterfilms & cartoons, auteurscinema hoge vlucht


WO2  opkomst televisie slecht voor filmproductie -> breedschermcinema, historische spectakels

Nieuwe doelgroep: jeugd -> tienerfilm en tieneridool (James Dean)

 gewone mensen op locatie
’70  cinema herpakt zich


  • nieuwe generatie fimstudenten: movie brats (o.a. Steven Spielberg)

werkten met grootse effecten


Belgische filmscene

 Ondertussen nog in kinderschoenen, soms eens co productie

pas eind jaren ’60 eerste Vlaamse movie brats

 alleen B animatiefilm zekere reputatie




  1. van multi- tot hypermedia: doorbraak van de cybercultuur

 Al in ME klokken met cijfersysteem

 Morsetelegraaf eerste echte digitale comm. Middel  cijfercode

 PC in 20ste eeuw


Angst voor digitaliseren mens (cyborgs)

Van digitale middeleeuwse klokken tot PC

(zie hierboven)


Revolutie begon met rekenmachines (experimenten)

Mens droomde van ‘computer’ (zie mark 1)


WO2  ontwikkeling versnelde

Computer ontstaat in militaire context, men wilde vlugger zijn dan tegenstander

Was eerst gigantisch, later verkleind

Eerste Pc diende om banen van raketten te berekenen


Intern geheugen werd ontwikkeld -> modellen krompen


Van stuurmanskunde tot cyberspace

Wiener lanceert indee rond sturingsproccesen  zelfregulatie en feedback (smart machines)

Eerste die nadenkt over AI
Cyber = alles wat met automatisch gestuurde computerprocessen te maken heeft

Cyberspace = virtuele, door computer gegenereerde ruimte


’80  PC’s worden sneller en krijgen meer capaciteit. Formaat blijft krimpen

Evolutie van de multimedia-PC
Sinds ’70 alle mogelijke data gedigitaliseerd

 tekstverwerker deed intrede


’80  introductie CD

(na eigen DJ, eigen productiehuis nu ook eigen opnamestudio (CD-RW))


’90  digitale fotografie, video en DVD

virtual reality


Deze veranderingen zorgde voor:

  • grotere snelheid

  • betere kwaliteit

  • minder werk

  • mogelijkheid tot manipulatie en persoonlijke ingrepen (individualisering media!)

  • high fidelity weergave



Computers met zintuigen én verbeelding: VR-instalaties
(3D experimenten braken niet door)

VR ontstaat in militaire context: gevechtspiloten en vluchtsimulators


 mens aansluiten op computer via censoren

  • HMD = head mounted display

  • Data Glove (handschoen)

  • Vervanging van interface (scherm)

  • Virtual walk through




  • GPS (via satelliet omgeving scannen)

  • Smart weapons (computergestuurd, zullen soldaten vervangen)

  • Telepresence (bv operaties via computergestuurde machines)

 computer wordt op lichaam zelf aangebracht



  • afstand tussen mens en comm. media verkleint opnieuw


Associatieve mozaïeken van de hypermedia


(media waarbij je van het ene naar het andere document kan klikken)
V. Bush  lanceert idee voor hyperlinks

In plaats van doc alfabetisch te ordenen, gebruiken van trefwoorden die leiden naar nieuwe trefwoorden etc.

Bush noemde hersenspinsels memory extender
Ted Nelson  idee van wereldbib of Xanadu-project

Wilde gebruiker via software op computer thuisbib geven, via hyperlink


Eerste prog dat instaat was dit te doen was Mosaic
de traditionele verdiepende schriftcultuur kreeg er een verbredend broertje bij

hoe compatibel zijn schrift- en cybercultuur?
Alle media in 1 digitaalmedium geïntegreerd en bijna met lichaam versmolten
cybercultuur domineert leven, hele maatschappij gebaseerd op snelheid en flexibiliteit

  • positief: vorm van probleemoplossend denken, nieuwe associaties

  • negatief: ahistorsch, kinderlijk instantgedrag (kicks) en irrationaliteit



media maken de mens anders pag 101 lezen en onthouden: BELANGRIJK VOOR ESSAY !!!




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina