Conferentie door de rector v/d basiliek: Père Jean laverton



Dovnload 69.3 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte69.3 Kb.
Conferentie door de rector v/d basiliek: Père Jean LAVERTON

op Mont-Martre – PARIJS – Sacramentszondag - zondag 26/06/’11

(speciaal Jubeljaar 125 j. Altijddurende aanbidding)
De zusters vragen wel deze ‘uitleg’ enkel persoonlijk te gebruiken!

Naar aanleiding van onze 2-daagse, zijn we ‘dankbaar’ dat de rector ons wil toespreken op deze ‘Sacramentszondag’.

Hijzelf is zeer verheugd ons te kunnen onthalen, en wijzelf worden ook aan hem voorgesteld.

Hij is in de basiliek de verantwoordelijke (dus rector), maar daarnaast is hij ook

verantwoordelijk voor het catechemunaat van de volwassenen in dit bisdom.

Wat is dat: ‘dat zijn volwassenen die niets van het geloof afweten, en willen katholiek worden.

Na een periode, meestal (ongeveer 2 jaar) worden ze gedoopt, gevormd en ontvangen ze de

H. Communie.

Dit jaar waren er in de Vigilie (op de vooravond van Pinksteren) zo’n 300 jonge volwassenen,

die zich hebben laten vormen, en op Pasen zijn ze gedoopt!

Voor de Kerk is dit werkelijk een ‘cadeau’ aldus de rector.
Wij zijn dus nu bijna op het einde van het Pastorale jaar, we zijn wat vermoeid geraakt…

In de basiliek gebeurt er dus elk jaar van alles : ieder jaar heeft zo wat zijn eigenheid,

maar hier in de basiliek was dit toch wel een uitzonderlijk jaar omwille van het jubileum:

125 j. altijddurende aanbidding ‘.

De conferenties, de bedevaarten, de vele retraites, de verzorging van de diensten,

plechtige grote Eucharistievieringen, enz…


Twee weken terug was hier onze Aartsbisschop Mgr. Leonard, op Pinkstermaandag,

met een 250 pelgrims en een 10-tal priesters.

Zij waren ook de hele dag daar, met een Plechtige H. Mis, conferentie, biecht, enz…
Dit alles ter inleiding, maar wat wil de rector ons nu eigenlijk zeggen?
We beleven hier in de Kerk, vooral in het Westen toch anders het geloof, dan de Kerk het ons

voorstelt. De Heer, is uiteraard nog altijd dezelfde, wij zijn het die veranderen.

Het is onze manier van leven.

Hoe kunnen wij in deze wereld, die voortdurend geprikkeld wordt, door van alles,

vooral materiële zaken, leven als christen?
We leven goed, hebben ‘alles’ we leven zeer comfortabel, althans de meesten.

(vergeet niet er zijn uiteraard de armen) ook hier in het Westen.

De wetenschap en de techniek, en alle vooruitgang, dat vult ons leven.

Er is geen plaats meer voor God. Alles is al ‘gevuld’, en we denken dat we ‘gelukkig’ zijn?!

Zoveel te beter, …‘maar’, zo is het moeilijk om te leven in het geloof!

De Heer is totaal aan het verdwijnen aan onze horizon, en we blijven zo leven, goed zo…

Maar…, dan komen er drama’s, er is ziekte, dan komt de dood…, we kunnen geen 3000

jaar leven (ondanks de wetenschap);…


We nemen een voorbeeld:

in de tijd van de 16e eeuw, tijd van de renaissance, waren vele ontdekkingen, men had ook het

humanisme, maar God was nog in het centrum, had nog altijd zijn ‘plaats’.

Hij was nog aanwezig in het leven.

Maar als we kijken naar onze tijd, nu, vandaag, daar is God totaal verdwenen uit

het dagelijkse leven.

Men ziet dat duidelijk aan de jonge mensen, er is een totale verwijdering aan het komen,

ze hebben God niet meer nodig, zijn totaal niet meer vertrouwd met de Kerk.


Maar anderzijds, heb je, ook op plaatsen waar de Kerk sterk vertegenwoordigd werd,

vb Canada, Spanje (zelfs in Frankrijk)

heb je ook sterk die roep naar volwassenheid van de jonge mensen.

Elk gezag gooien ze overboord, alle autoriteit, men wil zelfstandig zijn.

Men ziet zoiets ook in de landen rondom ons.

De rector zegt zelf dit zijn zowat de grote lijnen… (hij schetst zowat het kader)


Elk wil zo een beetje zijn leven ‘zelf’ leven, zelf invullen, zoals hij het denkt,

maar uiteindelijk leidt zo’n gedrag tot ‘individualisme’.

D’r is geen ‘gemeenschapsgevoel’ meer, het gevoel van een goede samenhorigheid?!

En veel zaken ontsporen…, het is ieder voor zich, ik leid mijn eigen leven…

Het gezinsleven telt niet meer, het ontspoort…

Er is niets meer in de samenleving die ons bindt, de liefde die ons draagt…

Natuurlijk is leven in een gezin niet altijd gemakkellijk,

maar men heeft het er niet meer voor over…,

er is geen liefde meer, geen warmte, geen trouw, en zo ontspoort het heel gemakkellijk…

En dat is zo voor de samenleving, maar dat is ook zo voor een land.

Er is een verband tussen dat ‘samenleven’ en dat ontsporen…

De wijze van het leven van een samenleving, is eigenlijk vooral ‘individualistisch’ geworden.

Het is dus in zo’n samenleving, dat we proberen te leven ‘als christen’?!

Ons geloof te ‘beleven’, maar het is moeilijk!

Het is moeilijk, om in een gevoel van een samenleving zonder broederlijkheid - uw geloof echt

te beleven. Het is geen evidentie meer om te geloven, en uw geloof te beleven,

en vooral ook niet in zo’n samenleving uw geloof beleven!

50 à 60 jaar geleden was de gehele samenleving gelovig.

Maar nu zijn we aan het evolueren, naar een keuze. Het wordt een ‘persoonlijke’ keuze.
De vorige kardinaal Mgr. Lustiger, vertelde ons,

‘ we kunnen vandaag niet meer naar de H.Mis gaan op zondag, zonder het ‘opzettelijk’ te doen!

Het is een persoonlijke beslissing! Alle mensen, die je op zondag ziet in de H.Mis, (men mag

dat goed beseffen), in de grond van hun hart hebben ze een sterke beslissing genomen,

om tegen de draad in van iedereen, naar de H.Mis te gaan.

50 à 60 jaar geleden waren er heel veel meer mensen in de H. Mis op zondag,

maar heel velen waren opgenomen in het algemene gedrag, iedereen ging naar de H.Mis.

Maar vandaag zijn we met heel veel minder!

Echter iedereen die aanwezig is (toch ongeveer), zijn daar omdat ze het zelf willen! Dat is mooi zo!

We kunnen langer blijven slapen, we kunnen gaan joggen, (op weekend gaan), we kunnen op

zondag ons boodschappen doen in het warenhuis, neen men is in de H. Mis!

Maar in de huidige samenleving is al de rest : tegenovergesteld!

Dus, in het algemeen, in deze crisis in het Westen, het verwijderen van God, God in de rand plaatsen, het individualisme, alles wat ontspoort daarin leven wij, en dat is niet gemakkellijk!

Daarin leven, dat zend ons terug naar het ‘essentiële’ leven in geloof, het moet ons terug plooien naar het echte leven in het geloof!



In het hart van ons leven, ons geloofsleven is er de Heer: Jezus Christus!

Diegene die de Kerk gewild heeft: is ‘Christus’!

Hoe kunnen we daarop ingaan? Hoe kunnen we dat leren? Altijd opnieuw leren, inleven,

Hem leren kennen,om één te worden met Hem? Dat is zeer belangrijk !

De rector herhaalt het; in deze tijd is dit niet meer evident, zoals zoveel jaar terug…

50 – 60 jaar geleden, in alle landen rondom ons, was iedereen Katholiek, dat is nu niet meer zo,

we zijn dus niet meer gedragen door die ‘tijdsgeest’.

Dus dat veronderstelt - dat vraagt van ons, dat we ons meer laten vormen in de persoon van

Jezus Christus, en dus geworteld zijn in Hem! In Christus!

Er is geen gemeenschap meer die ons draagt.

We zullen ook geconfronteerd worden met de vragen die de andere mensen

(niet gelovigen) ons zullen stellen.

De tegenkantingen…Wat zal ons antwoord zijn? Ons geloof is niet zo maar ‘iets’!

Het is uitzonderlijk gefundeerd! Het is uiterst aanvaardbaar! Ge kunt het argumenteren,

er is fundament.

Het geloof in Christus, heeft ons eigenlijk antwoord op vele vragen in deze tijd.

Deze antwoorden zijn fundamenteel, en geworteld in Christus!

De rector heeft ons een voorbeeld:

vb in deze tijd van wetenschap, filosofen, e.d.
De kerk is tegen abortus. Waarom is de Kerk eigenlijk tegen abortus? Waarom is de Kerk niet

voor euthanasie? De Kerk is hier niet tegen om de mensen daarmee lastig te vallen. Die

antwoorden zijn gefundeerd! Het kan er precies op lijken, dat de Kerk altijd een tegenovergesteld

antwoord geeft, om tegendraads te zijn in deze tijd.

Er zijn zaken in de wetenschap in deze tijd, waar de Kerk volledig mee akkoord is.

Maar als er punten zijn, waar de Kerk niet mee akkoord is, is dat omdat daar een reden voor is,

Men heeft daarover nagedacht, en zijn er vanuit de Kerk daar redenen voor om niet akkoord te

zijn.
Gisteren waren er dus de priesterwijdingen in de Kathedraal, en op een bepaald ogenblik,

(ik citeer hier maar een bepaald klein zinnetje van de kardinaal, verduidelijkt de rector)

is het nu zover gekomen dat men de wetgeving wil aanpassen, en veel meer bij wet wil

vastleggen, wat al dan niet nog zal kunnen.

D’r zijn alle mogelijke prikkels die mensen aantrekken, met alle mogelijke gevolgen van dien,

alles is aan het ‘ontsporen’, en is nu zo ver gekomen dat er besloten wordt,

alles vast te leggen bij wet. Met andere woorden, welk beeld hebben de mensen nu nog van de

mensheid? Alles kan, en alles mag. Men zal dat nu vastleggen in wetteksten, dus er is een

visie van het mens-zijn, er zullen natuurlijk altijd prikkels zijn, nog andere, maar deze zullen

niet ingeschreven zijn in de wet als een recht.
Als men nu vb. kijkt naar de wet van euthanasie.

Nu is er nog altijd (teruggaand naar de tijd van Hypocrates – in die tijd was het leven heilig)

de wet die zegt dat het leven, moet geleefd worden, zo lang mogelijk.

Men moest (althans de dokters) het leven zo lang mogelijk ‘in stand houden’,

en nu zou men eigenlijk met die euthanasie, zover willen gaan /zelfs beslissen: tot het zelf beslissen van het levenseinde.

Dit zal men nu ook gaan vastleggen in wetteksten.

Dat is belangrijk, want men laat bijna als het ware, het leven wegglijden, dus het is gevaarlijk…,

de moraal, de instelling van alles, is totaal omgewenteld…


Dus voor ons nu, in het midden van ons leven: de persoon van Jezus Christus.

Wij, christenen, volgelingen van Jezus Christus, zijn dus geroepen om dit leven te leiden,

in het spoor van Jezus Christus, in de gemeenschap, waarin we leven.

We moeten ons laten vormen, ons laten helpen, we zijn met minder, maar in de komende jaren,

en dat zal komen, zal het vooral zeer belangrijk zijn om gedragen te worden, ons te verenigen

in eenheid met de christelijke gemeenschappen!

Deze crisis in het westen zendt ons eigenlijk terug naar de basis, naar het fundament van

ons geloof. Het is eigenlijk altijd zo geweest in de geschiedenis van de Kerk, en dat doet ons

eigenlijk teruggrijpen om te leven: als een echte christen!

We laten ons in het leven, beetje bij beetje, heel gemakkellijk afleiden.

Er zijn vele mogelijkheden om te leven, maar dat brengt ons terug om te leven in Christus.

in gemeenschap met Christus.

In de handelingen van de apostelen, bij het begin waren er heel veel bekeringen,

en men reageerde: ‘ Kijk hoe ze elkaar liefhebben?’

In ons bisdom, in onze parochies, in onze groepen: ‘ Kennen we mekaar, zien we mekaar

graag?’ Een vb. er is iemand al een tijdje niet meer aanwezig in de kerk, we zien die persoon

niet meer, maken we ons daar zorgen over, ontfermen we ons daarover, vragen wij hiernaar?

Zijn wij hierover ongerust, wij volgelingen van Christus? Dat is mooi, omdat dit ons

terugbrengt bij het essentiële, het belangrijkste;

Natuurlijk, wij zijn allemaal arme zondaars, maar de Heer heeft ons gezegd:’gij zijt mijn volk’,

dus is het aan ons om ons te laten vormen, en hiervoor dienen we terug te gaan tot aan

het begin, tot aan de basis. Dat is mooi, we zijn volgelingen van Jezus Christus!

Elk heeft zijn eigen grenzen, onze armoede.
Stel u voor, vandaag vieren wij sacramentszondag.

De reële aanwezigheid van het Lichaam van Christus! De eucharistie nodigt ons uit om die gemeenschap te vieren. In een parochie gebeuren er vele zaken, er gebeurt van alles, maar is dat voor ons het belangrijkste : die gemeenschap van christenen?


Voor ons hier in de basiliek, aldus de rector, waar van alles gebeurt, we organiseren, we

verbouwen, geven conferenties, ontvangen heel veel mensen, is dat hier een organisatie,

een bedrijf? Het zou kunnen, dat we zo gaan leven, het is een risico!

Of is dit een gemeenschap van volgelingen van Jezus?

Wij zijn gewone mannen en vrouwen, we organiseren, we zijn bezig met

allerlei zaken, enz.. dat gaat zo vooruit…

Van waaruit leven we, onze grondhouding hier, in de zaken die ons dagelijks omringen?

Dat is ook zo voor onze gezinnen, in onze parochies, in ons bisdom.


Altijd kijken naar onze houding die we aannemen in al die situaties?

Altijd opnieuw moeten we ons laten terugbrengen naar het begin. Altijd opnieuw geduld

hebben met elkaar, altijd opnieuw tijd maken voor het gebed, altijd de ander ‘onthalen’,

mekaar liefhebben, alles onder elkaar verdelen, enz…


Vervolgens, en dat is een andere zaak waar de rector aan denkt, zoals u weet is er

volgend jaar een synode in Rome, over de nieuwe evangelisatie.

Eigenlijk heel speciaal voor de landen van het vroegere christendom.

Onze H. Vader de paus is eigenlijk heel bezorgd over die landen, in het bijzonder die landen

die we daarnet noemden, hier in West –Europa, omdat het gevaar er bestaat,

dat men denkt:’’ het geloof te kennen”?!?

We denken dat we het geloof kennen, we kennen Christus, we kennen de Kerk…

Dus is men die synode aan het voorbereiden, en men is daar nu al mee bezig…


Op een bepaald moment in Tsjechië (dat is een land dat tegenwoordig voornamelijk niet meer

christelijk is – die mensen hebben zwaar geleden onder het communisme) is er het idee

ontstaan om als het ware ontmoetingsplaatsen te creëren – in de Kerk – ‘Kerkplein’ –

om mensen –van allerlei achtergronden – elkaar te laten ‘ontmoeten’ ; om met elkaar te

praten – over allerlei onderwerpen – of ge zijt gelovig – of ge zijt niet gelovig-

we zijn allemaal mensen (mannen & vrouwen);

we hebben allemaal gemeenschappelijke vragen…

Als we dus eigenlijk willen terugkomen, en als christenen leven, zoals de Heer zijn Kerk

heeft ingesteld, wil men vooral op die synode 2 sporen uitzetten:

‘de Kerk moet zich houden aan de basis, en tegelijk moet zij een venster zijn voor iedereen!’


In Parijs is men hier eigenlijk al mee bezig, (onder impuls van de vorige kardinaal).

Er bestaat al een instituut, waar men dus vooral het geloof wil vormen, voeden, maar

tegelijk ontmoetingsplaats zijn voor ongelovigen, waar men nadenkt, discussieert,

maar dan op verschillende niveaus. Met andere woorden, er zijn daar heel eenvoudige mensen

maar ook heel intellectuele mensen.

Daar spreekt men over gewone dingen, als het ware een ontmoeting met gelovigen en

niet gelovigen: ‘Le parvis de Gentils’ (= voorhof van de heidenen…)

Daar zie je dat het geloof ook gewoon bespreekbaar kan zijn.

En zie voor ons kan dat ‘verhelderend’ zijn, te leven op een manier dat men aan ons ziet,

dat we vredevol het geloof beleven. In geloof en in de liefde van de Heer en in de gemeenschap

en tezelfdertijd op een ‘gelukkige manier’ andere mensen ontmoeten, een uitwisseling hebben

met mensen die mij vragen stellen over het geloof.

Het is ook zo dat het verandert, christenen worden bekeken, zelf als men niet met u spreekt.

Men stelt zich vragen: ‘ die volgelingen van Jezus ‘ hoe leven zij?

We hoeven ons hier eigenlijk geen zorgen over te maken: de Heer is met ons!

Hij heeft ons beloofd dat er een eeuwig leven is voor Zijn Kerk!



Hij blijft bij ons, tot het einde der tijden !!!

De Heer heeft die belofte niet gegeven aan een welbepaalde groep, aan een bepaald bisdom,

bepaalde parochie…

Maar aan de Kerk! Dus Hij is met ons, en met de Kerk, tot aan het einde der tijden…

Dus wij zijn uitgenodigd om te ‘leven’ in ons geloof, in de vrede en in de vreugde,

we zijn ons aan het oefenen…; terzelfder tijd worden we uitgenodigd om ‘beschikbaar’ te zijn

om te getuigen, om ons geloof te beleven.

En nu is het ook zo, als de mensen, ervaren dat er mensen zijn die echt leven vanuit hun geloof,

dat kan bij hen vragen oproepen. Heel dikwijls is het zo dat dit nieuwe wegen opent…
Het is heel dikwijls zo, en dat is het werk van de Heer, Hij wil andere harten ‘aanraken’, vanuit

harten, die leven vanuit het hart van de Heer. (met onze armoede (tekortkomingen)!)

Maar, die harten die leven vanuit de Heer, zijn eigenlijk signalen/tekenen voor die andere harten.

Dat is altijd al de manier geweest van werken van de Heer.

Als er de vraag is van de H. Augustinus: ‘ Als de Heer geeft aan enkelen, dan denkt hij

aan iedereen. Dus m.a.w. de gave voor één, is voor iedereen!

Als de Heer het ons geeft, ons uitnodigt om vanuit Hem te leven, vanuit Zijn Liefde, is dit om

een teken te zijn voor de Ander. De Heer werkt altijd zo. Hij is God, hij kan eigenlijk direct

in de harten komen, en dat doet Hij ook, maar eigenlijk meestal wil hij dat anderen teken

zijn voor de anderen.

Natuurlijk is dit voor ons een grote opgave, een verantwoordelijkheid!

God heeft dat eigenlijk eerder al bewerkt, toen Hij zijn volk Israël koos.

Hij heeft een heel klein volk gevormd: ‘ge zijt een klein volk, ge zijt niet beter dan de anderen…’

Nochtans zal ik van u een teken maken voor de andere naties. Hij heeft de profeten gekozen.

Hij heeft Zijn Zoon gezonden, teken voor alle mensen.

Vandaag is het de Kerk, ongeveer even talrijk, ongeveer even trouw, maar ge moet teken zijn

voor het gehele volk!

Dat is niet gemakkellijk! Het is een plicht, maar het is aan ons om dit vredevol te beleven!


Antwoord op enkele vragen
- Om echt in die vrede te leven is het aan ons, vooral om te leven vanuit de sacramenten,

ons gebed te verzorgen, te lezen in de H.Schrift, het sacrament van de verzoening te ontvangen

en ons ook heel veel terug trekken in de stilte, om ons door het gebed te laten ‘vormen’.

Pas zo zullen we die vrede vinden, in gemeenschap met de Heer, de Heer ontmoeten in ons

eigen hart, om te groeien naar die vrede.
Vraag werd gesteld, wat moeten wij doen tijdens de Aanbidding?

De rector verduidelijkt wat we vandaag vieren:

Iemand die zegt: ‘neem dit brood, dit is Mijn Lichaam, neem die wijn, dit is Mijn Bloed’,

maar Hij is gek, dat is toch verbazingwekkend, dat komt niet van gewone mensen,

dat is die ongelofelijke gave die de Heer aan ons schenkt!

Men moet ook goed weten, als de Heer die weg gaat, op dat moment vertelt ons de Schrift,

zijn er velen afgehaakt, men zei, deze is compleet gek aan het worden..

En Jezus vraagt aan zijn apostelen: ‘willen ook jullie mij verlaten?’,

waarop dus de H.Petrus antwoordt : Maar Heer naar wie zouden wij gaan?

Gij hebt woorden van eeuwig leven…

De volwassenen die zich in de Paasnacht laten dopen, ontvangen 3 sacramenten:

het doopsel, het vormsel en uiteindelijk de eucharistie. De eucharistie is het einde, de voltooiing!

Zij die mogen deelnemen aan de eucharistie komen binnen in het hart van het mysterie.

Het belijden van het geloof is het hart van het christelijk geloof. De Heer heeft niet gezegd:

‘dit teken is mijn Lichaam’, maar Hij heeft gezegd: ‘ Dit is Mijn Lichaam!’

De eucharistie is de voltooiing in de vorming van het Christen zijn, men is dus ten volle

Christen, als men kan deelnemen aan de eucharistie!

De Heer heeft de eucharistie ingesteld op Witte Donderdag, maar hij heeft het teken

gesteld, m.a.w. Zijn Leven gegeven op Goede Vrijdag. Dus elke mis vertegenwoordigd die

vrijdag, die dag dat Hij Zijn leven effectief voor ons gegeven geeft, die Liefde aan ons gegeven tot stervens toe!

De vormgeving is ingesteld, m.a.w. de ritus, op de donderdagavond.

Het werkelijke gebeuren: het geven van Zijn Liefde was op Goede Vrijdag de totale liefde, tot

de dood op het kruis, maar de vorm: het ritueel, het naleven van zijn gebod is ingesteld op

Witte Donderdag.


Natuurlijk kunnen wij overal bidden, maar de Kerk heeft ontdekt, beetje bij beetje dat wij

eigenlijk ook kunnen bidden bij het Lichaam van Christus. En dan niet alleen bij het

tabernakel, maar zeker ook bij het aanschouwen van het Lichaam van Christus.

Dus erkent de Kerk,: in het uitgesteld eucharistisch brood is de Heer echt aanwezig!

Zo kunnen wij beginnen met het begrijpen en het ontdekken van de aanbidding.

We bekijken de Heer, geheel aanwezig daar voor ons in de Eucharistie!

Dus we stellen ons in de Aanwezigheid van de Heer, met mijn gaven en mijn armoede (tekortkomingen), onder de werkelijke aanwezigheid voor ons van de Heer in de Eucharistie.

Dus vanuit die aanwezigheid van aanwezigheid naar aanwezigheid, in dialoog, in gebed,

vraag ik de Heer mij in te leiden in Zijn aanbidding tot bij Zijn Vader.


Wij mensen nemen al het goede aan van de Schepping. Te beginnen met het leven.

We zijn gelukkig in het leven, we genieten van al het mooie, het materiële. Maar…

Erkennen wij dat God ‘gever’ is van alle leven?

Kijken we even naar de 1e Adam, de eerste mens.

De eerste gaven die hij kreeg van God, hield hij voor zichzelf en gebruikte ze ook op zijn manier!

De 2e Adam , Christus, heeft de gaven beleefd als Zoon van de Vader, m.a.w. hij heeft deze

niet voor zichzelf gehouden.

Als we kijken naar de H. Schrift staat er:

‘ datgene wat mij doet leven, is de Wil van de Vader te volbrengen!”

Hij, de Zoon, heeft gans Zijn Leven zo geleefd, nl. in de wil van de Vader.

Als we dit bekijken voor de 1e Adam, hij heeft alles genomen en er alleen van geleefd!
Dat is nu het gevecht in ieder van ons. Leven wij ons leven ‘alleen’, of leef ik mijn leven

‘als kind van God?’

In het bijzonder in de ‘aanbidding’ ,

Gaan wij eigenlijk tot bij de Heer, om hem te vragen ‘om te leven als zoon of dochter’ van

de Vader?

Om eigenlijk ook zo in te treden in die beweging van de aanbidding tot bij de Vader.

De echte aanbidding is eigenlijk te leven, ons volledig leven, als een kind van de Vader.

Wij moeten eigenlijk vragen in ons gebed aan de Heer, om ons hierbij te helpen,

wij mensen hebben die tweestrijd in ons, we willen liever leven op onze eigen manier;

we denken van onszelf dat we goed leven, we doden niet te veel, we stelen niet te veel,

En eigenlijk ga ik op zondag ook nog naar de H.Mis, dus ik ben niet slecht bezig…toch?

Echter het is de bedoeling dat we in ons leven, leven als kind van God, en ook gelijkend op God!

In ons dagelijks leven, de beslissingen die ik neem; heb ik die nu zelf genomen ?!

Of heb ik dat genomen ‘ als kind van de Vader ?’ Een ook als broer en zus van elkaar?

Dat is dus de strijd in ons: ‘ik eerst…en de rest ?’

In onze inwendige dialoog, terwijl wij de Heer aanschouwen in de aanbidding,

worden wij uitgenodigd in die offergave, om alles toe te vertrouwen aan de Vader.

De Heer zegt ons: ‘ik ben zachtmoedig en nederig van hart’.

Ons gebed zou eigenlijk moeten zijn: ‘ Heer maak mijn hart gelijkvormig aan het Uwe’.

Zachtmoedig en Nederig ?! De zachtheid van de Liefde, verlichting van de H.Geest.

In de aanbidding komen wij in de ontmoeting met de Heer, maar we moeten ook beseffen,

dat Hij naar ons kijkt.

Als we gaan bidden is eigenlijk het eerste wat we moeten doen in het gebed, in het bijzonder

in de aanbidding, ons altijd te herinneren dat Iemand ons verwacht.

De Heer wacht op me! Ik heb een afspraak! De Heer is al aanwezig!

Dat staat trouwens ook al in de H. Schrift: ‘ de Heer heeft ons het eerst bemind’!

Dat is onze vreugde, de vreugde van ons geloof, we zijn bemind door de Vader!

Ik word bemind door God ? Ik ? Met al mijn zonden die ik telkens herken, waarin ik altijd

opnieuw herval, en de Heer houdt van mij??? In die situatie??? Ja !!! Ik word bemind zoals

ik ben! De Heer houdt er natuurlijk van dat wij Zijn Liefde beantwoorden, dat wij groeien in die

Liefde. Maar zelfs als wij hier niet aan beantwoorden, blijft Hij van ons houden! Zoals we zijn

heeft God ons het eerst bemind en Hij blijft van ons houden zoals we zijn! Wat ook ons leven is,

laat ons daar nooit aan twijfelen ; ‘ de Heer houdt van ons!’

Daarom ook moeten we gelukkig zijn dat we gelovig zijn!


Het geloof is een vreugde! Als mijn geloof een ‘last’ is, (dan is dit niet meer normaal)

dan zou je best met een priester gaan spreken!



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina