Convenant “veilige school bommelerwaard”



Dovnload 184.53 Kb.
Pagina1/8
Datum24.08.2016
Grootte184.53 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8


Bijlage

CONVENANT




“VEILIGE SCHOOL BOMMELERWAARD”




voortgezet onderwijs

Inhoud




1. Handelingsplan 4

1.2 Uitwerking stappenplan 5



2. Handelingsprotocol 8

2.1 Fysieke agressie 9

2.2 Verbale agressie 11

2.3 Drugsbezit, -gebruik en -handel en alcoholgebruik en 13

-bezit 13

6. Hulpmogelijkheden 14

- Bureau Jeugdzorg 14

- GGD 14


2.4 Vernieling 15

2.5 Wapenbezit 17

2.6 Diefstal 19

2.7 Vuurwerkbezit en  handel 21

2.8 Seksuele intimidatie 23

2.9 Melding Seksueel geweld 25

2.10 Ongewenste aanwezigheid op het schoolterrein 28

2.11 Schoolverzuim 30



3. Zorgteam 33

4. Beveiliging gebouw 34

5. Overig relevant beleid 35

6. Actieplan 36



Inleiding


Om het werk- en pedagogisch leefklimaat en daarmee ook de onderwijskansen van leerlingen binnen de onderwijsinstelling te beschermen en te bevorderen, heeft iedere onderwijsinstelling huis- en gedragsregels opgesteld en neergelegd in de schoolregels (deze staan vermeld in de schoolgids en zijn op te vragen bij de administratie). Het gaat hierbij om geboden en verboden gedragingen. Daar waar sprake is van verboden gedragingen door leerlingen dient de onderwijsinstelling consequent en adequaat te reageren. Iedere school heeft hiervoor haar eigen aanpak en reglement. Echter, in deze bijlage worden activiteiten c.q. maatregelen weergegeven die de scholen meer structuur bieden. De bijlage bestaat uit de volgende zes hoofdstukken:


1. Handelingsplan

In het handelingsplan wordt een algemene handelwijze van een school weergegeven wanneer zij met grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van gedragingen, zoals vermeld in het handelingsprotocol, van leerlingen te maken krijgt.


2. Handelingsprotocol

Het protocol geeft aan welke stappen moeten worden gezet bij het afhandelen van grensoverschrijdend gedrag, waaronder geweld, intimideren, pesten, schelden, drugs, vernieling, diefstal, wapenbezit, vuurwerk en schoolverzuim.


3. Zorgteam

De werkwijze (samenstelling, taken, positie etc) van het zorgteam wordt door de schoolbesturen van voortgezet onderwijs zelf beschreven en aan hoofdstuk 3 van deze bijlage toegevoegd. Hierin wordt ook uitdrukkelijk geregeld hoe er met de persoonsgegevens van de deelnemers wordt omgegaan.


4. Beveiliging gebouw

In het vierde hoofdstuk worden fysieke maatregelen ter preventie van inbraak opgenomen. Dit hoofdstuk wordt door de schoolbesturen van voortgezet onderwijs zelf ingevuld.


5. Overig relevant beleid

In hoofdstuk vijf wordt beschreven welke beleidsstukken van de schoolbesturen van voortgezet onderwijs te Zaltbommel relevant zijn in het kader van dit convenant. Indien van toepassing zullen de daarin beschreven maatregelen worden getroffen. Dit hoofdstuk wordt door de schoolbesturen van voortgezet onderwijs zelf ingevuld.


6. Actieplan

Het laatste hoofdstuk bevat een actieplan. In dit actieplan zijn activiteiten opgenomen, die door de partners in de komende jaren worden uitgevoerd.


1. Handelingsplan


In dit handelingsplan wordt een algemene handelwijze van een school weergegeven wanneer zij met grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van gedragingen, zoals vermeld in het handelingsprotocol (zie hoofdstuk 2), van leerlingen te maken krijgt.


Bij het signaleren van een incident zet de school de volgende stappen:
A. Inschatting van de situatie

Aantal vragen gesteld:

  • Wat is er gebeurd; wie is er bij betrokken; wanneer is het gebeurd?

  • Is dit gedrag of vergelijkend ander gedrag bij deze jongere vaker voorgekomen?

  • Wat is de ernst van het grensoverschrijdend gedrag?

  • Handelt de school de situatie zelfstandig af?

  • Dient ook de politie in kennis te worden gesteld? In het protocol kan de school nagaan of het gedrag gemeld moet worden bij de poli­tie, dus anders gezegd, is er sprake van wetovertredend gedrag?

  • Dient de politiecontactfunctionaris op de hoogte te worden gesteld of om advies worden gevraagd?

  • Consultatie andere hulpverlenende instellingen


B. School handelt als volgt (gefaseerd, afhankelijk van de situatie)

(zie ook paragraaf 1.2)



  1. Gesprek met dader en medewerker van de school

  2. Gesprek slachtoffer/benadeelde en medewerker van de school

  3. Gesprek met ouders/verzorgers

  4. Vervolggesprek school, dader, slachtoffer/benadeelde en ouders/verzorgers

  5. Zo nodig wordt de leer­ling (dader en slachtoffer/benadeelde), indien van toepassing via het zorgteam, verwezen naar een hulpverleningsin­stantie (zie hoofdstuk 3).

  6. Bedenktijd (over vervolg t.a.v. schorsing, terugkeer, bemiddeling, verwijdering)

  7. Schorsing

  8. Verwijdering

Indien het om gedra­gingen gaat die ook door de wet om een reactie van politie/justitie vragen, wordt de politie in kennis gesteld.


C. Rol van de Politie (gefaseerd, afhankelijk van de situatie)

  • Informeren

  • Adviseren

  • Onderzoeken

  • Gezinsgerichte aanpak

  • Wijkgerichte aanpak


1.2 Uitwerking stappenplan


Afhankelijk van de situatie wordt door de school een keus gemaakt welke stap gezet wordt. Een situatie kan namelijk dermate ernstig zijn dat de school direct overgaat tot de sanctionerende ronde en/of inschakelen van politie door middel van de vaste contactpersoon bij de politie.


De stappen, handelingen van een school die onder punt B op bladzijde 4 zijn genoemd, worden hieronder per handeling uitgewerkt.


  1. Gesprek leerling   medewerker school.

In de preventieve, oftewel ongesanctioneerde, ronde zal getracht worden de leerling door middel van gesprekken te bewegen om zijn/haar gedrag te verbeteren. Daarbij zal aandacht worden geschonken aan eventuele individuele problemen van de leerling die mogelijk verband houden met zijn/haar ongewenst gedrag. Zo nodig wordt de leer­ling, indien van toepassing via het zorgteam, verwezen naar een hulpverleningsin­stantie (zie hoofdstuk 3). Eventueel wordt de politiecontactfunctionaris op de hoogte gesteld of om advies gevraagd. Indien uit het protocol blijkt dat het om een gedraging gaat waarbij de wet wordt overtreden, wordt de politie in kennis gesteld.


  1. Gesprek school, ouders/verzorgers en leerling.

De school behoudt zich het recht voor om ouders/verzorgers van leerlingen in te lichten over het gedrag van de leerling. De ouder/verzorger is daarmee op de hoogte van de stappen die de school zet t.a.v. het gedrag van de leerling.

Bij herhaling van het gedrag zal een gesprek plaatsvinden tussen school, leerling en ouders/verzorgers. Vanaf dit moment worden aantekeningen in het dossier gemaakt over de betreffende leerling in een leerlingvolgsysteem.


3. Vervolggesprek schoolleiding met leerling en ouders/verzorgers.

Korte weergave in leerlingvolgsysteem. Afhankelijk van de problematiek wordt de hulpverlening of de politiecontactfunctionaris op de hoogte gesteld.


4. Hulpverlening.

De school heeft een eigen hulpstructuur. Een van de structuren is het zorgteam. (zie hoofdstuk 3). Het team bestaat uit afvaardiging van school, jeugdhulp, jeugdgezondheidszorg, leerplichtzaken. Dit zorgteam van de school is een belangrijke schakel bij het vinden van de juiste vorm van hulpverlening voor zowel dader als slachtoffer. Binnen het zorgteam kan ook worden besproken wat de juiste aanpak van de school ten aanzien van dader en slachtoffer is. Buiten dit zijn er hulpverlenende instanties die betrokkenen kunnen helpen.




  1. Verantwoordelijkheid.

De school draagt verantwoordelijkheid voor het opstellen van gedrags- en huisregels. Bij overtreding van deze regels past zij een sanctiestructuur toe. Deze regelgeving is opgenomen in de schoolgids, het schoolreglement en besproken met ouders en leerlingen. Wanneer sprake is van overtreding van regelgeving voelt de school zich verantwoordelijk voor de leerling binnen het schoolgebouw, binnen schooltijd (is roostertijd) en binnen de tijd van school naar huis. Ten aanzien van deze verantwoordelijkheid is geen strikte juridische regelgeving.
Mogelijke sancties:

Tegenover de ongewenste/verboden gedraging van de leerling wordt door de school een sanctie gezet. Tevens zal ook in deze periode aandacht zijn voor eventuele individuele problemen van de leerling die mogelijk verband houden met zijn/haar ongewenst gedrag. Zo nodig wordt de leerling, via het zorgteam, verwezen naar een hulpverleningsinstantie (zie hoofdstuk 3). Bij strafbaar gedrag wordt altijd de politiecontactfunctionaris op de hoogte gesteld of om advies gevraagd. Indien blijkt dat het om een gedraging gaat die tevens door de wet gesanctioneerd dient te worden wordt de politie in kennis gesteld.




  1. Bedenktijd.

In deze fase kan de leerling gedurende een bepaalde tijd de toegang tot de lessen wor­den ontzegd (separeren uit de groep). De leerling blijft echter wel op school en werkt individueel aan schoolwerk. Deze tijd kan door de school worden benut om zich te kunnen bezinnen of beraden over eventuele volgende stappen. De ouders/verzorgers worden terstond telefonisch en schriftelijk op de hoogte gesteld van deze maatregel. Op deze maatregel is een uitzondering: de leerling mag wel deelne­men aan toetsen, schoolonderzoeken en examens. Melding in leerlingvolgsysteem.


  1. Schorsing.

In deze fase wordt de leerling formeel voor de duur van één tot maximaal vijf dagen geschorst. Hiervan wordt melding gemaakt in het leerlingvolgsysteem. De onderwijsinstelling meldt de schorsing (inclusief verantwoording en voorgeschiede­nis) schriftelijk aan:

  • de onderwijsinspectie (indien schorsing langer is dan één dag);

  • de leerplichtambtenaar (bv. d.m.v. het toesturen van de kopie van de brief die aan de ouders is gestuurd);

  • de ouders/verzorgers en de leerling worden schriftelijk en mondeling op de hoogte gebracht, zij worden tevens uitgenodigd voor een gesprek;

  • afhankelijk van het voorval en het gedrag van de betreffende leerling wordt in verband met risico op schooluitval het zorgteam op de hoogte gebracht.




  1. Terugkeer.

Na schorsing van de leerling en na afwezigheid van slachtoffer/benadeelde wordt terugkeer begeleid door de contactpersonen van de school en betrokkenen (Bv. ouders, politie, Slachtofferhulp). Binnen de school en in de klas zal hiervoor tijd moeten worden genomen.


  1. Verwijdering.

Dit is de laatste stap in het sanctiemodel. De leerling wordt niet meer toegelaten tot de onderwijsinstelling. Het bevoegd gezag/schoolbestuur neemt het besluit of er wordt overgegaan tot definitieve verwijdering.

  • Schoolbestuur stelt de inspectie schriftelijk in kennis.

  • De ouders/verzorgers en de leerling worden schriftelijk in kennis gesteld van (voor­genomen) verwijdering/doorverwijzing.

  • De onderwijsinstelling is verplicht de inspanning te leveren om in 8 weken tijd de leerling bij een andere onderwijsinstelling onder te brengen (art. 27 WVO: definitieve verwijdering van een leerling waarop de Leerplichtwet 1969 van toepassing is, vindt niet plaats dan nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorggedragen dat een andere school, dan wel een instelling bereid is de leerling toe te laten). De school moet kunnen aantonen dat zij gedurende 8 weken actief op zoek is geweest naar een oplossing.

De leerplichtambtenaar wordt direct in kennis gesteld van de verwijdering en de opgestarte procedure. Hij of zij kan de school adviseren en helpen bij het vinden van oplossingen voor de betreffende leerling.

  • Indien een school een leerling wil verwijderen en wil onderbrengen bij een reguliere school, heeft deze laatste een inspanningsverplichting de mogelijkheid te bezien de verwijderde leerling van de andere school op te nemen. Indien de verwijderende school dezelfde leerweg aanbiedt als de ontvangende school, zal de leerling worden aangenomen op basis van detachering. De leerling blijft nog maximaal één jaar ingeschreven bij de oude school en wordt pas officieel overgeschreven na goed overleg tussen beide scholen. Wanneer de leerling op de nieuwe school moeilijk te handhaven is, mag de leerling worden teruggestuurd naar de oude school. Deze heeft vervolgens weer gedurende 8 weken de inspanningsverplichting een oplossing te zoeken. Indien de verwijderende school niet dezelfde leerweg aanbiedt als de ontvangende school, zal de leerling door de ontvangende school worden aangenomen, maar houdt de verwijderende school de verplichting mee te werken aan een andere oplossing, als de leerling ook op de nieuwe school moeilijk te handhaven blijft. De leerling kan echter in dat geval niet terugkeren naar de oude school.

  • De school verschaft relevante informatie aan een andere school ten aanzien van de voorgeschiede­nis van de leerling.


10 Bemiddeling.

  • Als na onderzoek de dader bekend is volgt sanctie. De sanctie kan als uitgangspunt hebben dat de schade geregeld wordt tussen de partijen.

  • Regelmatig contact tussen school en ouders van dader en slachtoffer/benadeelde is van essentieel belang.

  • Bij afhandeling en bemiddeling van een voorval kan de contactpersoon van de school een belangrijke rol spelen. Deze kan het slachtoffer/benadeelde wijzen op externe hulpverlening.


Politie inschakelen

Indien er sprake is van een door de onderwijsinstelling verboden gedraging waarbij tevens de wet wordt overtreden, zal in principe de politie worden ingeschakeld. Het inschakelen van de politie geschiedt door de schoolleiding (of namens de schoolleiding). In principe wordt de politie pas ingeschakeld nadat de ouders/verzorgers van de leer­ling zijn geïnformeerd. Ook worden, wanneer er sprake is van een slachtoffer, de ouders/verzorgers van het slachtoffer op de hoogte gesteld. Indien de gedraging of de omstandigheden vereisen dat direct politieoptreden noodzakelijk is worden de ouders/verzorgers ten spoedigste achteraf op de hoogte gebracht.





  1   2   3   4   5   6   7   8


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina