Datum bijeenkomst Presentatie Blz



Dovnload 123.01 Kb.
Pagina1/2
Datum26.08.2016
Grootte123.01 Kb.
  1   2








Probus Hilversum ’87 Lezingenverslag 2010

(ProbusLezingenverslag2010.doc)




Datum bijeenkomst Presentatie Blz.
Dinsdag 12-1-2010: ‘Kasteelgevoel in Europa’ door Prof. Dr. Bruno van Naarden,

Emeritus Hoogleraar Russische Geschiedenis en Oosteuropa-

kunde van de Universiteit van Amsterdam 3
Vrijdag 12-2-2010: ‘VMBO-onderwijs’door mevr. J. Sollman – Buiter 6
Vrijdag 26-2-2010: ‘De onstuitbare zegetocht van gaming’ door Prof. Dr. Henk A.

Becker (Verstrooiing in de spanningsverhouding tussen spel

en ernst) 7
Vrijdag 12-3-2010: ‘Stem en tegenstem’ door Bart Bleumers 8
Vrijdag 26-3-2010: ‘De geopolitiek van emotie’ door Willem Band 9
Vrijdag 9-4-2010: ‘Private Banking’ door Drs. J. van Horen 10
Vrijdag 23-4-2010: ‘Armenië’ door Prof. Dr. J. Hinderink 11
Vrijdag 7-5-2010: ‘Gemeenteraadlidmaatschap’door Ir. J.P.H.M. van Gilse 12
Vrijdag 21-5-2010: Excursie naar het Geologisch Museum Hofland in Laren met lezing:‘Ontstaansgeschiedenis van de aarde en het leven hierop’ 14
Vrijdag 4-6-2010: ‘Ervaringen van een Honorair Consul van de republiek

Côte d’Ivoire’ door Dr. J.Th. Adolfse 15


Vrijdag 18-6-2010: Politiek Café onder leiding van Herman van Veen 16

Vrijdag 2-7-2010: ‘Mystiek’ door Prof. Dr. A.J. Jelsma 16


Vrijdag 16-7-2010: ‘Van folio naar eBoek’ door de heer H. Schuurmans 17
Vrijdag 30-7-2010: ‘Aan het volk van Nederland’ (1781 – 1815) door Ad Kramer 18
Vrijdag 13-8-2010: UNICEF door Ruud Deutekom 19
Vrijdag 27-8-2010: Rondleiding op de tentoonstelling ‘Van Matisse tot Malevich’

in het museum Hermitage in Amsterdam 20


Vrijdag 10-9-2010: Dienstverlening van de Tergooiziekenhuizen 21
Vrijdag 24-9-2010: ‘Over Vrijmetselarij’ door Willem Band 22
Vrijdag 8-10-2010: ‘Over de zeereis van Sint Brandaan, een Ierse heilige’

door Ton Coops 22


Vrijdag 22-10-2010: ‘Geestelijke Zorg’ doore mevr. Pos 23
Vrijdag 5-11-2010: ‘Thuis in de Mauritsstraat’ door Frits de Waard 24
Vrijdag 19-11-2010: ‘Stadhouder Willem III’ door Aleid Korthals Altes 25
Vrijdag 3-12-2010: Fotosessie ‘Reis Laos en Cambodja’ door Marein

en Willem Band 25


Vrijdag 17-12-2010: ‘Nalatenschap’ door de heer D. Bonnerman van 25

Bonnerman & Partners Executele Diensten te Bussum



Dinsdag 12-1-2010:
Kasteelgevoel in Europa’

Causerie voor Probusclubs Hilversum ’87 en ’t Gooi op 12 januari 2010
door Prof. Dr. Bruno van Naarden,

Emeritus Hoogleraar Russische Geschiedenis en Oosteuropakunde van de Universiteit van Amsterdam
‘Kasteelgevoelens’ bestaan echt en het is niet zo moeilijk om dat aan te tonen. In ons woongebied staat één van de mooiste kastelen van Nederland, het Muiderslot. En de meesten van u zullen dat gebouw wel een keer, en meestal met kinderen of kleinkinderen, hebben bezocht. Waarom bezoeken wij kastelen? Waarschijnlijk toch vanwege dat kasteelgevoel: jong en oud vindt het leuk om zich gedurende een uurtje terug te wanen in de middeleeuwen, in die even stoere als romantische tijd van ridders, jonkvrouwen, tournooien en belegeringen.
In de middeleeuwen zelf waren kastelen donkere, vochtige en koude bunkers die wel veiligheid boden aan hun aristocratische bewoners, maar vooral bedoeld waren om de omgeving te domineren en schrik aan te jagen. Ons Muiderslot dwong alle schippers die de Vecht op wilden varen, om eerst tol aan de graaf van Holland te betalen. Het ook uit de 13de eeuw daterende kasteel Radboud in Medemblik ziet er nu vriendelijk uit, maar was een dwangburcht gebouwd door de Hollandse graaf Floris V om de West-Friezen onder de duim te houden. Dat voor middeleeuwse kastelen zo essentiële element van dwang, geweld, angst en politieke terreur lijkt vrijwel geheel uit het hedendaagse kasteelgevoel verdwenen te zijn. Hoe komt dat eigenlijk? Is dat overal zo? Of heeft men elders in Europa ook andere kasteelgevoelens? En als dat waar is, hoe belangrijk is dat dan eigenlijk?
Ik begon dit soort vragen te stellen toen ik mij een paar jaar geleden realiseerde dat je in Rusland geen kastelen tegenkomt zoals bij ons in Nederland. Alleen in de door Rusland op Zweden veroverde gebieden in het Westen tref je er een paar aan die heel vroeger de grens moesten bewaken, maar die zijn door de Zweden en niet door de Russen gebouwd. De Russen zelf kenden wel het middeleeuwse stadsfort, het kreml of zoals wij zeggen Kremlin. Niet alleen - zoals iedereen weet - in Moskou, maar ook in vele andere steden zoals bijvoorbeeld Novgorod. Maar op het Russische platteland staat geen enkel versterkt, stenen adellijk woonhuis dat nog uit de middeleeuwen dateert.

En dat is heel merkwaardig, want in Nederland hebben we nog 316 kastelen over en die staan meestal buiten de stad. In de landen om ons heen is dat niet anders. Overal staan nog heel wat kastelen en vooral op het platteland. Engeland heeft er nog meer dan 1400 bewaard en in Frankrijk of Duitsland zullen dat er niet veel minder zijn. Russische en Westerse historici hebben zeer veel gedebatteerd over wat nu de fundamentele verschillen tussen Rusland en het Westen zouden zijn, maar over kastelen hebben zij het in dit verband eigenlijk nooit. En daarom wilde ik daar nu juist wel wat meer over te weten te komen, want misschien konden bepaalde verschillen tussen Rusland en Europa beter verklaard worden door eens naar die kastelen te kijken en het kasteelgevoel dat daarbij hoorde. In West-Europa heeft het kasteel zich gedurende de middeleeuwen ontwikkeld van een eenvoudig - aanvankelijk houten en later stenen - bolwerk, zoals de burcht in Leiden, tot veel complexere gebouwen. De meeste kastelen ontstonden in de 10-11de eeuw. Toen vond een ware kasteelexplosie plaats en raakte West-Europa in vrij korte tijd bezaaid met werkelijk duizenden kastelen.



Dat kon gebeuren omdat het centrale gezag overal zwak was. Macht werd vrijwel uitsluitend op lokaal niveau en op zeer hardhandige wijze uitgeoefend door adellijke kasteelheren vanuit hun burcht. Het kasteel vormde rond 1100 de militaire machtbasis van een zeer onafhankelijke aristocratie en was tegelijkertijd de woning van elkaar opvolgende geslachten van één adellijke familie. Met zijn burcht kon een kasteelheer zijn omgeving domineren en het bestuur, de rechtspraak en zelfs de economie onttrekken aan het centrale gezag. De boeren op zijn domein waren aan de edelman onderworpen lijfeigenen. De macht van de staat kwam dus in privé handen terecht, werd geprivatiseerd. Ook het kasteelgebouw, neergezet om lijf en goed van de edelman te beschermen, was meestal privébezit. In oorlogstijd kon je je er in verschansen en verdedigen tegen je vijanden. In vredestijd bood het kasteel ultieme privacy.
Toen Moskou echter in de 15de eeuw het ene na het andere vorstendom veroverde, de nationale eenheid herstelde en het Mongoolse juk afwierp, beschikten de Russsische edellieden niet over eigen forten waarin zij zich hadden kunnen verschansen. Zij waren daarom niet opgewassen tegen de dwingelandij van de Moskouse heerser die zich in deze tijd tsaar (dat wil zeggen ceasar, keizer ) gaat noemen. Zijn macht was toen al zo groot geworden dat er geen militaire reden meer bestond om zijn vesting in Moskou nog sterker en moderner te maken. De enorme vergroting en verbouwing van het Kremlin door Italiaanse Renaissance architecten in de 15de eeuw werd vooral om redenen van prestige ondernomen. Defensieve waarde had dit enorme fort nauwelijks meer. In vroeger tijd was de bebouwing veel compacter. Niet alleen de tsaar, maar ook vele edellieden leefden binnen het kremlin, dat bovendien niet alleen een bestuurlijk, maar tevens een religieus centrum was met vele kerken en kloosters. Ook een groot aantal dienaren en vaklieden had er woningen en werkplaatsen. Om die reden was het Kremlin in de gehele tsaristische periode, dus tot de revolutie van 1917 toegankelijk voor iedereen. Overdag stonden de poorten gewoon open.
We kunnen rustig concluderen dat het kasteelgevoel in Nederland en over het algemeen in West-Europa overwegend positief romantisch is gebleven. We kunnen zodoende begrijpen waarom een aantal Nederlanders thans zo graag in nep-kastelen wil wonen. Maar je kunt je natuurlijk wel afvragen of dat hedendaagse kasteelgevoel nog iets met de middeleeuwen en echte kastelen te maken heeft ? Ik denk van wel. De uitdrukking my home is my castle is in elk geval nog steeds enorm populair. Google geeft als je dat spreekwoord intikt onmiddellijk de eerste tien van 29 miljoen zeshonderdduizend sites. Dat was voor mij een reden om eens na te gaan hoe oud dat spreekwoord is. Maar wanneer je in zeer gezaghebbende naslagwerken als de grote Oxford English Dictionary gaat bladeren, dan staat de uitdrukking my home is my castle daar niet in. Pas wanneer je doorzoekt, blijkt dat My home is my castle een verbastering is van de oorspronkelijke Engelse uitdrukking An Englishman’s home is his castle. Deze zegswijze blijkt in de 16de eeuw te zijn ontstaan.
Het is volgens mij veelzeggend dat Engelse rechtsgeleerden in de 16de eeuw - toen het kasteel geen blijvende bescherming meer kon verschaffen tegen de kanonnen van de koning - begonnen te pleiten voor de juridische onaantastbaarheid van de privésfeer niet alleen binnen een kasteel, maar binnen elke woning. De eerste uitspraak die wij daarover kennen, stamt uit 1567, maar aan de beroemde jurist en Attorney General Sir Edward Coke wordt meestal de uitdrukking An Englishman’s home is his castle toegeschreven. Coke beweerde inderdaad in 1604: Het huis van elke man is zijn kasteel en fort, zowel voor zijn verdediging tegen onrecht en geweld, als voor zijn rust. De fysieke bescherming die het kasteel vroeger aan de edelman geboden had, werd dus omgezet in de juridische bescherming van het huis van elke burger tegen de willekeur van de staat. Hoe enthousiast de hoogste kringen in Engeland dit algemene recht op privacy bleven uitdragen, blijkt uit een rede die de Britse prime minister William Pitt de oudere in 1763 in het parlement hield:

Zelfs de armste man mag in zijn hut verzet bieden aan alle troepen van de kroon. Ook al stelt zijn onderkomen weinig voor, is het dak wankel en blaast de wind er door heen. Een storm mag er binnen komen, maar de koning van Engeland mag dat niet, geen soldaat mag de drempel van zo’n armzalige woninkje overschrijden.
In Amerika werd het principe van A man’s home is a man’s castle in 1789 neergelegd in het beroemde 4de Amendement op de grondwet: Het recht van het volk op bescherming van personen, huizen, papieren en eigendommen tegen onredelijke doorzoekingen of inbeslagnames, mag geen geweld worden aangedaan.
In Rusland ligt de situatie echter anders. Daar is de privacy van de burger en de onafhankelijkheid van de rechter nog steeds niet gegarandeerd. Ruim dertig jaar geleden meende de dissidente schrijver Solzjenitsyn een verklaring te hebben voor het volledig gebrek aan respect voor het individu dat het sovjetregime aan de dag legde. Het idee van privacy botste nu eenmaal met de communistische heilsleer. ‘The English saying My home is my castle stands in the way of Socialism.’ zei Solzjenitsyn in 1976 voor de BBC. Zo’n bewering overtuigt niet meer, sinds Boris Jeltsin in 1993 het parlement door tanks in elkaar liet schieten, (een zeer extreme vorm van huisvredebreuk!), Poetin grootschalig de mensenrechten schond in Tsjetsjenië en vele rechters ook heden ten dage nog duidelijk politiek beïnvloedbaar blijken zijn. Het gedrag van de huidige Russische staat wordt niet meer bepaald door een socialistische ideologie en voor 1917 liet de tsaristische autocratie zich daar evenmin door leiden. Rusland is nooit een rechtsstaat geweest en dus dringt zich opnieuw de vraag op of dit iets met de afwezigheid van versterkte adellijke woonhuizen te maken heeft.

Ik denk van wel, maar zo iets valt moeilijk te bewijzen. Er staan nu eenmaal geen middeleeuwse kastelen op het Russische platteland en het is nogal lastig om de invloed aan te tonen van dingen die er niet zijn. Bovendien waaide in de 19de eeuw het romantische my home is my castle-idee ook naar Rusland over. Van zo’n 7000 adellijke buitenhuizen zijn in Rusland nog de restanten over. De meeste stammen nog uit de 19de eeuw en zijn nu uiteraard ruïnes, maar je kunt hier en daar nog duidelijk zien dat zij als namaakkastelen zijn gebouwd. De lieden die na de val van de Sovjetunie erg rijk geworden zijn, worden door de rest van de bevolking aangeduid als nieuwe Russen en hun meestal nogal protserige huizen als kastelen en soms zien ze er ook echt zo uit.


Toch mogen we aannemen dat de meeste Russen er andere kasteelgevoelens op nahouden dan wij. Angst en ontzag voor de overheid zit er bij hen zeer diep in en dat is ook volkomen begrijpelijk als je je realiseert wat er in de afgelopen eeuw in hun land is gebeurd. Als geen ander gebouw in de hele wereld staat het Kremlin symbool voor de almachtige staat waaraan de gewone burger zich maar te onderwerpen heeft.
In Nederland daarentegen beleven we dagelijks dat veel mensen zonder enige remming of angst uiting geven aan hun ongenoegen over en zelfs minachting voor de overheid. Onze ontevredenen medeburgers realiseren zich meestal niet dat hun gebrek aan angst voor de staat een belangrijke verworvenheid is die diepe historische wortels heeft. Daarom wilde ik in dit praatje laten zien dat bij ons het respect van het wettig gezag voor de rechten van elke burger en ook de wijze waarop dat juridisch verankerd is, iets te maken heeft met kastelen en kasteelgevoel.


Vrijdag 12-2-2010:
VMBO-onderwijs’door mevr. J. Sollman – Bouter

Mevr. Sollman is ruim 25 jaar verbonden aan het VMBO van het Sint-Vituscollege in Bussum. Zij is thans zorgcoördinator en geeft les in Culturele Kunstzinnige Vorming en in Verzorging/Techniek. Verder schrijft zij regelmatig columns. Tijdens haar lezing leest zij een aantal van deze columns voor die over het onderwijs gaan. Mevr. Sollman geeft een overzicht van de ontwikkelingen in het VMBO vanaf het tot stand komen van de Mammoetwet in 1963 en de invoering daarvan in 1968. Zij memoreerde dat het kamerlid Roosjen stelde ‘Laat de Mammoet in de dierentuin!’. De leerweg via het VMBO geeft de gelegenheid om opleidingen met toenemende moeilijkheidsgraad te stapelen!


Het Sint-Vituscollege is een interconfessionele scholengemeenschap voor voortgezet onderwijs met locaties in Bussum en Naarden. Er wordt onderwijs aangeboden van vmbo-techniek tot gymnasium. De school is vernoemd naar Sint Vitus, een Gooise streekheilige. Het Sint-Vituscollege werd in 1956 opgericht als katholieke school in Bussum. In augustus 2001 werd de Naardense Ministerparkschool voor Christelijke Mavo onderdeel van het Sint-Vituscollege. Het bestuur van de school wordt gevormd door de Stichting Interconfessioneel Voortgezet Onderwijs in het Gooi (SIVOG), die ook het Bussumse Willem de Zwijgercollege bestuurt. De locatie in Bussum ligt aan de Beerensteinerlaan in de wijk “’t Spieghel”. Deze locatie biedt een havo/vwo-brugklas en een gymnasium-brugklas. Na de tweejarige brugperiode splitsen de klassen zich in een havo- en een vwo-afdeling (Atheneum en Gymnasium). Het Sint-Vituscollege Bussum heeft 1200 leerlingen. Het is een bijna ‘witte school’.
Binnen het VMBO zijn er vier leerwegem namelijk Theoretisch, Gemengd, Kader en Basis en daarbinnen zijn er vier sectoren namelijk Techniek, Zorg & Welzijn, Economie en Landbouw.
Centraal in haar presentatie en in de discussie stonden de volgende onderwerpen:

# Orde-probleem en motivatie veroorzaakt door zowel leraren als leerlingen

# Slechte handschrift van de leerlingen dat het beoordelen van proefwerken sterk

bemoeilijkt

# Dyslexie: ook wel als woordblindheid aangeduid; het is een verzamelnaam voor een

aantal aandoeningen die gepaard gaan met problemen met vooral geschreven taal. Er zijn

verschillende vormen en gradaties van dyslexie met mogelijk verschillende achterliggende

oorzaken. Er zijn sterke aanwijzingen dat erfelijkheid een rol speelt bij dyslexie.

# Discaculie: dit is een rekenstoornis die dikwijls samengaat met nog een aantal andere

beperkingen, zoals ruimtelijk inzicht, klokkijken, slechter geheugen, spellingsproblemen,

gebrek aan inzicht.
De dyslexie- en discalculie-leerlingen krijgen een speciale kaart mee met richtlijnen voor de docenten bij de beoordeling van de proefwerken. Deze richtlijnen zijn vooral gericht op het tegengaan van faalangst en het motiveren van de leerlingen. De CITO-toets wordt steeds minder gehanteerd bij de doorstroming van de leerlingen naar het voortgezet onderwijs. Het diagnostisch dictee is een beter hulpmiddel.
Mevr. Sollman vindt dat de puber teveel gegeneraliseerd wordt, het zijn echter individuen die men moet begeleiden in een loopbaanplanning via het leerlingvolgsysteem. Het probleem is echter hoe de leerling, de leerkrachten en de ouders te integreren in een dergelijke planning.

De problematiek met de ouders omschrijft zij als:

# Ouders zijn generaliserend gesproken ‘afschuivers’ geworden

# Ouders willen met hun kinderen geen moeilijke dingen doen (zoals handschrift-verbetering

en lezen) en willen meer ‘kwaliteit’ brengen in de contacten met hun kinderen.

# Ouders verwijzen hun kinderen naar huiswerkinstituten.

# Ouders doen onvoldoende met hun kinderen in het educatieve vlak!
De leraren moeten zelf door goede lessen, houding (o.a. een zekere afstand tot de leerling houden en niet bij de voornaam laten noemen), kleding en algemeen optreden hun gezag bij de leerlingen herstellen. De oudere leraren brengen meer structuur in de lessen en zijn meer consequent. De jongere leraren willen veelal ‘leuk zijn’ met de leerlingen en voegen zich tussen de leerlingen. Door het programma ‘Intervisie’ gaan de docenten bij elkaar in de klas kijken hoe zij les geven, hoe zij de orde handhaven en hoe zij de leerlingen aanzetten tot studie na de schooltijd.
Vrijdag 26-2-2010:
De onstuitbare zegetocht van gaming’ (Verstrooiing in de spanningsverhouding tussen spel en ernst) door Prof. Dr. Henk A.Becker
Prof. Dr. Henk A. Becker, hoogleraar emeritus sociologie, en methodologie van het sociaal onderzoek, aan de Universiteit Utrecht.
De onstuitbare opmars van ‘serious gaming’
Reeds in de Oudheid werkten militairen met ‘war games’ om strategieën te ontwerpen en ermee te oefenen. Wij danken er een speelse variant aan: het schaakspel. De olifanten van toen zijn de torens van nu. Inmiddels wordt toepassing van ‘serious gaming’ aangeraden voor alle situaties, waarin meer dan vijf variabelen in het geding zijn in een dynamisch systeem. Gezagvoerders in de luchtvaart trainen met behulp van ‘flight simulators’. Chirurgen leren het inspelen op plotseling optredende complicaties tijdens een operatie met behulp van een variant op de ‘flight simulator’. Beleidmakers worden in ‘serious games’ geconfronteerd met plotseling optredende complicaties.

Simulaties, al dan niet met toepassing van computermodellen, vinden toepassing niet alleen in beleidsprocessen maar ook in het onderwijs en zelfs in de beeldende kunsten. In de sociologie en andere maatschappijwetenschappen wordt ‘serious gaming’ die betrekking had op het verkennen van toekomstige ontwikkelingen achteraf geëvalueerd, dus nadat ‘het uur der waarheid’ is verstreken. Hoe betrouwbaar en precies waren de uitspraken over de toekomst? Hoe kunnen de methoden voor ‘serious gaming’ verder worden verbeterd?


De indeling van de presentatie was alsvolgt:

  1. Inleiding

# Wie past wanneer ‘serious gaming’ toe

  1. Het spelelement in kunst en cultuur

# ‘Homo Ludens’ van Huizinga en het belang van speelruimte

# Nul-som spelen en Clownerie



  1. Het spelelement in de wetenschappen

# Onderzoek naar niet-lineaire processen en het epidemiologisch onderzoek

# Ranking van universiteiten, onderzoeksgroepen en wetenschappers

# Wetenschapsbeoefening als nus-som spel en criticasters als clowns


  1. Serious gaming in organisaties

# Rampen in de luchtvaart; medische missers; pensioenfondsenleed

# Compliance, integriteit en transparantie alsmede serious gaming



  1. Speelsheid, spelverslaving en speltherapie

# Behendigheidsspelen, kansspelen en gokverslaving; spel als therapie

  1. De toekomst van serious gaming en ander spelvormen



Vrijdag 12-3-2010:
Stem en tegenstem’ door Bart Bleumers
De titel zou ook kunnen luiden: ‘Melodie of tegen-melodie’. Een tegenmelodie is een melodie die zich gelijktijdig laat horen met de hoofdmelodie met als doel om samen met de hoofdmelodie een voor het oor fraai en interessant geheel te vormen. Door het plezier in het vinden van tegenmelodieën is onze Europese muziek ontstaan. Zijn presentatie werd geen theoretische verhandeling, daarom gaf hij een direct voorbeeld:

‘Ik speel een zelfstandige melodie. Deze wordt niet herkend. Vervolgens voegt Willem Dijckmeester zich bij mij achter de piano en samen spelen wij de mars Stars & Stripes van Sousa. Die kent iedereen. De door mij gespeelde melodie blijkt de piccolo- partij te zijn die tegenmelodie is van de bekende melodie uit het middendeel van het polulaire Stars & Stripes’.


Een melodie met begeleiding van accoorden is wezenlijk anders. Hij speelt een voorbeeld op de piano: ‘Er zaten 7 kikkertjes al in een boerensloot’. Eerst met accoorden, daarna als canon en daarna als 2e fase met Bach-achtige tegenmelodie. Het gebruik van tegenmelodieën is dagelijkse praktijk in nagenoeg elk muziek-genre.
Vervolgens behandelt hij de ‘ontwikkeling van meerstemmigheid’. Eerst geeft hij wat tonenmateriaal. Basis is het fenomeen van natuurtonen. Het samenklinken van deze natuurtonen vinden wij aangenaam. Dat is ons door de natuur gegeven. Voor het vinden van natuurtonen en het ontdekken van wetmatigheden zijn snaarinstrumenten van doorslagge-vende betekenis geweest. Op een snaar zijn onderlinge verhoudingen te meten.
Pythagoras (omstreeks 550 v. Chr.) heeft hier veel over onderzocht en gepubliceerd. Veel volkeren maakten (en maken) gebruik van een toonreeks van slechts 5 tonen , de zogenaamde pentatoriek. Voorbeeld zijn de Chinezen. Ons tonenmateriaal is uitgebreid tot de 7-tonige toonladder. Dit alles wordt op de piano geïllustreerd.
Omstreeks 900 n. Chr. komen de eerste berichten over meerstemmigheid. Vanaf de 11e eeuw ontstaan zelfstandige tegenmelodieën. Het principe is als volgt: Gregoriaans melodie is hoofdmelodie, genaamd cantus firmus (b.v. de bekende melodie uit Stars & Stripes). Daarboven een gezongen melodie, genaamd duplum of discantus (de piccolo-partij boven

Stars & Stripes-melodie).


Omstreeks 1200 is er een grote ontwikkeling in de overgang van de Romaanse stijl periode naar de Gothiek. Muziekvoorbeelden die vanaf DVD gespeeld werden: deel mis van Leoninus (omstreeks 1170); Obrecht (omstreeks 1475) en Palestina (omstreeks 1560) Palestina was afsluiter en tevens hoogtepunt van een lange periode van de polyfonie.
Omstreeks 1600 begint een periode van melodie met accoordbegeleiding. De behoefte aan het vinden van tegenmelodieën is altijd gebleven. De heer Bleumers speelt een geheel 2-stemmige prelude van J.S. Bach.
Het is zeer verbazingwekkend dat meerstemmigheid bestaande uit meerder melodieën alleen in (West)Europa is ontstaan en otnwikkeld.
Nog een muziekvoorbeeld: Een stukje Dixieland, waarbij de musici vrolijk improviserend verschillende tegenmelodieën door elkaar heen toeteren. (Hoofdmelodie: ‘The lady is a tramp’.
Tot slot als voorbeeld van het vinden van een melodie bij iets reeds bestaands: Het Ave Maria van Gounod, waarbij de componist een melodie heeft bedacht boven de reeds bestaande

1e prelude uit Das wohltemperirte Clavier’ van J.S. Bach.



Vrijdag 26-3-2010:
De geopolitiek van emotie’ door Willem Band
Aan de hand van het boek met dezelfde titel van Dominique Moïsi uit 2009 (Nieuw Amsterdam Uitgevers) wordt de situatie geschetst waarin de wereld zich vandaag de dag bevindt. Het Westen leeft in een cultuur van angst, het Midden-Oosten en de rest van de Islamitische wereld is gekenmerkt door de cultuur van vernedering en in Azië heerst de cultuur van hoop.
China en India maken een stormachtige economische groei door, hetgeen het zelfvertrouwen van deze landen sterk doet toenemen. China als oudste beschaving is weer terug op het wereldpodium en India, dat nog maar zo’n 60 jaar onafhankelijk is, is voor het eerst een grote speler op het wereldtoneel geworden.
De Islamitisch wereld bevindt zich sinds 1683, toen het Ottomaanse Rijk niet in staat bleek Wenen te veroveren, in verval, hetgeen tot de dag van vandaag voortduurt. Het gevoel van vernedering is een basis voor het terrorisme. Zij voelt zich buitengesloten en kan niet met het Westen meekomen. Belangrijke oorzaak daarvan is het uitsluiten uit de samenleving van de vrouw.
Het Westen, met name Europa, is bang overspoeld te worden door moslims, voelt zich onzeker door een zware economische crisis en is geobsedeerd door het milieu en de schade die de mens daarin veroorzaakt. De opwarming van de aarde en de consequenties daarvan, zoals overstromingen, droogte en zeespiegelstijgingen, maken de angst compleet.

Moïsi besluit zijn boek met een gefantaseerde situatie waarin de wereld zich in 2025 zou kunnen bevinden: een doemscenario en een optimistisch scenario. Welk scenario het zal worden wordt voor een groot deel bepaald door de mensheid.


Vrijdag 9-4-2010:
Private Banking’ door Drs. J. van Horen

De heer Van Horen start met het geven van een overzicht van de activiteiten van de divisie Private Banking (21 kantoren in Nederland) van de AbnAmro-bank. Hierbij zijn er zes categorieën:

# Zakelijke Kredieten met bijzonder beheer

# Wealth Management: Beheer van vermogens vanaf € 25 miljoen

# Private Banking: Beheer van vermogens vanaf € 1 tot € 25 miljoen

# Preferred Banking: Beheer van gelden tussen de € 50.000 en € 1 miljoen

# Retail Banking: Beheer van gelden tot € 25.000

De richtlijn voor het aanvragen speciale services van de divisie Private Banking vanaf

€ 1 miljoen belegbaar vermogen.
Na de nationalisering van de AbnAmro-bank is het meeste vermogen weer teruggevloeid.. Ondanks jarenlange beleidsmaatregelen om de kosten naar beneden te brengen is dat nog maar ten dele gelukt. De kosten/baten-ration van de divisie Private Banking is zeer gezond.
De strategie van de divisie Private Banking is: ‘U heeft de regie, wij houden u scherp!’

De bank probeert bij te sturen. Er zijn drie basisdiensten namelijk: Beleggen, Vermogensplanning en Informal Investment Services.


De heer Van Horen ging uitgebreid in op de zorgplicht van de bank. Dit is de morele plicht van de bank om cliënten tijdig te informeren over te verwachten calamiteiten/ koersontwikkelingen. Zijn mening was dat de Autoriteit Financiële Markten (AFM) wel erg machtig wordt.
De beleggingsvisie is ‘degelijk bouwen’. Er zijn vier hoofdcategorieën in de beleggingen namelijk: Aandelen/bedrijfsobligatie, Opkomende Markten, Staatsleningen en Industriële Waarden. De heer Van Horen ging nader in op de mogelijkheden van Opkomende Markten in relatie tot de piramide van Maslow. Bedrijven die exporteren c.q. bedrijfactiviteiten hebben in landen met een groeiende economische ontwikkeling hebben meer kansen op rendementsont-wikkeling o.a. meer luxe consumenten-artikelen.
Tot slot ging de heer Van Horen verder in op de Investeringsvisie van de bank met het aangeven van ‘investeringspotentials o.a.:

  • Aandelen Koopwaardig op dit moment!

  • Energie Shell (nieuwe gasvelden!) en Chinouk

  • Basis industriën Syngenta, BASF en AKZO

  • Metaal Myttael

  • Industrie Philips

  • Spaarrente-faciliteiten Dividend-aandelen als France Telecom

De aandelen in banken worden niet geadviseerd omdat er een erosie is in het Bankenverdienmodel. Wel werd Golden Sachs aanbevolen, alsmede Pharmacie en Ahold.

Proctor & Gamble werden aanbevolen vanwege hun export naar ‘opkomende markten’.


Zijn laatste opmerking was dat de divisie AbnAmro Private Banking de service had van:

Making more possible!’

Vrijdag 23-4-2010:
Armenië’ door Prof. Dr. J. Hinderink
De Armeniërs vormen een oud volk dat woonde in het Koninkrijk Ararat in het Noorden en Oosten van het Osmaanse Rijk. Het had en heeft een eigen identiteit, cultuur, taal, godsdienst en schrift. Het is de oudste christelijke natie. Zij woonden in het berggebied van het oosten en noorden van het huidige Turkije. Hun rijk is opgeslokt door de Osmanen na de Val van Constantinopel en het Byzantijnse Rijk in 1453 en functioneerde als bufferstaat naar het tsaristische rijk Rusland.
Bij de doorvoering van de Tanzimat (= hervormingen) in het Ottomaanse Rijk in de periode 1839 – 1871 kwam er een verschuiving van het oude Millet-systeeem naar de Porte (= bureaucratie) met meer wetgeving en overleg. De Armeniërs behoorden tot de Dhimi (= de groep van niet-Moslims/niet-gelovigen) en hadden nauwelijks rechten. Daarnaast was er de groep van de Capitulaties (= de Europese handelaren).
Er zijn drie keerpunten in het verval van het Osmaanse Rijk dat zijn bloeitijd had van 1453 – 1683::

  • 1683 Na het 2e beleg van Wenen

  • 1699 Door de Vrede van Karlowitz tussen de Osmanen en de Heilige

Alliantie/Rusland, waardoor de krachtsverhouding rondom de

Zwarte Zee zich wijzigden.



  • 1774 Vrede van Koetsjoek in Roemenië tussen Rusland en het

Osmaanse Rijk i.v.m. het veiligstellen van de orthodoxe

belangen op de Balkan en de toegang tot de Zwarte Zee via ‘The

Straits’ (= Dardanellen).
De oorlogvoering met en de verdelingsplannen van het Ottomaanse Rijk tussen

1774 – 1918 staan bekend als de ‘Oosterse Kwestie’. Het Osmaans Rijk werd veelal de ‘Zieke Man van Europa’ genoemd.
De sultan komt steeds meer onder druk te staan binnen zijn rijk door de ‘Jonge Ottomanen/Jong Turken’ met het ‘Comité voor de Eenheid en Vooruitgang’. Na het Congres van Berlijn in 1878 ontstaat er in de periode 1894 – 1896 de Armeense Kwestie met een genocide op het Armeense Volk van Sultan Abdul Hamid II met ruim 800.000 doden.
In 1913 is er de 1e staatsgreep in het Ottomaanse Rijk met Envir Bey als dictator en in 1923 ontstaat de 1e Republiek Turkije (Turkse Natiestaat) met een volledige breuk met het Ottomaanse verleden. In de periode 1913 - 1916 vindt er opnieuw een verschrikkelijke (systematische) genocide plaats op de Armeense bevolking met bijna een miljoen slachtoffers. In 1920 wordt het Verdrag van Sèvres gesloten met sultan Vahdettin Efendi. De sultan wordt vanaf 1922 uitsluitend erkend als kalief en niet als sultan omdat het leger van het Kalifaat de ‘Jong Turken/ Nationalisten bestreed. In 1924 wordt het Verdrag van Lausanne gesloten met als regeling de uitwisseling van Turken, Grieken en Armeniërs.
Vanaf 1928 is de Islam geen staatsgodsdienst meer en Mustafa Kemal en krijgt de eretitel Atatürk. Het Kemalisme staat voor nationalisme en secularisme en schaft de Sharia af, die wordt vervangen door burgerlijke wetten.
De Osmanen/Turken beschouw(d)en de Armeense bevolking als een verlengstuk van de Russen. Zij woonden verspreid in Oost Turkije en West Armenië en vormden als het ware een Paard van Troje voor de Osmanen/Turken. Het conflict laaide opnieuw op door het bloedbad in 1993 in de Armeense enclave Nagrony Karabach in Azerbajdzjan. Armenië stuurde er troepen heen. Het Islamitische Azerhajdzjan en het geseculariseerde Turkije vormen echter ‘Twee naties en één land’ vanwege dezelfde etnische achtergrond.
In oktober 2009 werden onder druk van de toetredingsonderhandelingen van Turkije tot de Europese Unie de diplomatieke banden met Armenië weer aangehaald en in maart 2010 nam het Huis van Afgevaardigen in de USA een resolutie aan over de genocide op de Armeniërs ondank het verzet van Obama. Op 22-4-2010 zegden de Armeniërs het verdrag eenzijdig op.
Vrijdag 7-5-2010:
Gemeenteraadslidmaatschap’ door Ir. J.P.H.M. van Gilse
Ben in dagelijks leven partner/directeur bij architecten- en ingenieursbureau met 3 vestigingen. Daarnaast fractievoorzitter VVD Hilversum.


  • Dit is een vrije tijdsfunctie.

  • Wethouders zijn full time.

Reeds vele jaren al wel politiek geïnteresseerd.



  • VVD lid en bestuurslid geweest in vorige woonplaatsen. (zoals anderen in schoolbestuur of bestuur sportvereniging).

Woon 11 jaar in Hilversum. 4 jaar geleden benaderd als kandidaat raadslid door VVD bestuur. Motivatie: Hilversum wordt steeds lelijker; ook zelf iets aan doen!


Hoe gaat dat?

  • Politieke partijen zijn lokale verenigingen met leden en bestuur

  • Eigenlijk vormen lokale afdelingen basis van partijdemocratie

  • Ca 450 gemeenten, ca 4000 raadsleden. Totaal aantal politiek actieve Nederlanders past in één voetbalstadion. Bezoeken bijeenkomsten, maken kandidatenlijsten, partijprogramma’s etc. Invloed krijgen op het reilen en zeilen van het land is dus niet moeilijk, het kost wel veel tijd.

  • Bestuur afdeling maakt concept verkiezingsprogramma

(met actieve leden, raadsleden)

en concept kandidatenlijst. Mix ervaring/nieuw, leeftijd, geslacht, achtergrond, buurt etc.



  • Ledenvergadering stelt programma en lijst vast

  • Stemgerechtigde Hilversummers kiezen (2010 ca 36.000 stemmen uitgebracht)

  • Normaal volgorde van lijst tenzij iemand kwart kiesdeler haalt (voorkeur stemmen)

  • Kiesdeler is aantal stemmers (variabel) gedeeld door aantal zetels (ca 950 stemmen)


Eerste 4 jaar oppositie. 2e partij met 7 zetels, PvdA grootste (heeft initiatief bij formatie), wilde SP niet in oppositie, dus VVD niet er bij. Oppositie goed om “vak” te leren, echter weinig invloed als collegepartijen rijen gesloten houden.
Tijdsbesteding raad/commissie vergaderingen, fractievergaderingen, ledenvergaderingen, diverse bijeenkomsten buurtverenigingen/ belangengroepen, informatie avonden etc.
Anders dan bedrijfsleven, geen autoriteitsargumenten, stemmen 1 voor 1 winnen. Negen partijen willen allemaal woord voeren over bijna ieder onderwerp. Kost veel tijd.

Vanuit raad tevens lid Algemeen Bestuur gewest Gooi en vechtstreek geweest en nu lid Algemeen Bestuur Goois natuur Reservaat.


Gemeente Hilversum: 650 ambtenaren, 37 raadsleden, 5 wethouders.
Graag vertel ik wat meer over Ruimtelijke ordening als mijn onderwerp in de gemeenteraad. Lokaal erg belangrijk; financieel zijn sociale zaken en welzijn veel omvangrijker, maar gemeente heeft hier veelal een doorgeeffunctie. Gevolgen van R.O. merkt iedere inwoner iedere dag.
Erger mij zeer aan toenemende lelijkheid (b.v. Langestraat, oostrand centrum) Wat was er volgens mij mis:

  • Verdienen aan grond lukt steeds minder

  • Bouwprojecten vanuit ambitieuze getalsmatige/idealistische doelstellingen, los van locatie (‘woningnood’: bijbouwen aan onderkant van de markt i.p.v. doorstroming bevorderen door b.v. levensloopbestendige en zorgwoningen te bouwen voor ouderen)

  • Korte termijn, niet kijken naar demografische ontwikkelingen

  • Nog geen participatiegedachte, communicatie gebrekkig

  • Weerstand – vertraging - duurder; kosten dekken door nog meer volume

  • Smaak ambtenaren/architectenlijstjes (modernistische blokkendozen)

  • Grootstedelijke ambitie terwijl Amsterdam, Amersfoort, Almere en Utrecht binnen 20 minuten afstand liggen. We moeten juist sterke punt van het Gooi versterken: groen en dorpsachtig karakter in combinatie met stedelijk voorzieningenniveau.

Voorbeelden “volplempen”: Lieven de keij, Stationstoren, Zuiderkerk etc.

Gevolg: per jaar 3 miljoen euro aan tegenvallers en voortgang van 1 maand per jaar.

Ook reacties inwoners gaven mij gevoel dat het anders moest.


Als oppositie hadden we nog een ander belangrijk punt waar we zeer verschilden van inzicht: Financiën. SP wethouder van financiën (Sinterklaas Partij)

Vele extra miljoenen uit Den Haag: niet sparen maar schulden verhogen!

De gemeentelijke schuld per inwoner is opgelopen van € 1.500 in 2006 tot € 2.500 eind 2010. Van elke Hilversumse belastingeuro gaat 96 cent op aan rente. In 2006 was dat nog 56 cent.
Verkiezingen 2010 oppositiebeleid inzet gemaakt.

De gemeenteraadverkiezingen van 3 maart leverden ons een mooi resultaat op. Waren we in 2006 al verguld met 6161 stemmen, dit keer hadden zelfs 7030 Hilversummers op ons gestemd. Onze partij groeide daarmee ca 20% van zo’n 16,5 % van de stemmen in 2006 naar 19,5% nu. Het is helaas wel bij 7 zetels van de 37 gebleven. De nipte restzetel van vier jaar geleden werd dit keer een vette 7e zetel. Overigens hebben landelijke tendensen ook grote invloed.


Alle partijen na verkiezingen uitgenodigd voor informatief gesprek met D66 als grootste partij formatie leiden. Meteen daarna aan onderhandelingstafel met D66 (8 zetels) en PvdA (6 zetels). Inzet drie (met afstand) grootste van de negen partijen een college te gaan vormen. Wekenlang college onderhandelingen: dagelijks overleg gevoerd, geschreven, gelezen, zaken bestudeerd en voorbesproken. Sfeer goed en gericht op succes. Meer info in 4 weken dan 4 jaar er voor.Toch was het af en toe ook spannend en zijn we flinke discussies niet uit de weg gegaan.
Gezien de financiële situatie en verwachte grote bezuinigingen uit Den Haag van meet af aan duidelijk dit geen formatie waarbij alle wensen vervuld worden. Integendeel, er moeten keuzes gemaakt worden. Daardoor hebben we meteen goede financiële spelregels op kunnen stellen voor strakke begrotingsdiscipline de komende vier jaar. Inmiddels is het coalitieakkoord gesloten, is het door de fractievoorzitters op 21 april jl. in de gemeente-raad toegelicht en is het college geïnstalleerd.
Hierin hebben, naast twee D’66 wethouders en één PvdA wethouder, met twee VVD-wethouders zitting Voor VVD is dit een mooi resultaat. Niet alleen zijn we na 11 jaar weer toegetreden tot het college, we hebben ook een akkoord waar we trots op kunnen zijn. Wie ons verkiezingsprogramma kent, ziet dat veel daaruit terugkomt in het collegeprogramma.

Om een aantal punten te noemen op het vlak van ruimtelijke ordening en financiën:



  • een gedegen financieel beleid met heldere spelregels (“lokale Zalmnorm”), zodat schulden niet verder toenemen en de consequenties van de bezuinigingen vanuit het Rijk goed kunnen worden opgevangen;  

  • kwaliteit op het gebied van ruimtelijke ordening, zoals grenzen aan de bouwhoogte en voldoende groen bij bouwplannen;

  • een goede cijfermatige onderbouwing voor een evenwichtige woningmarkt en de bouw van levensloopbestendige en zorgwoningen voor ouderen waardoor de doorstroming op de woningmarkt verbetert;

  • de participatienota “Hilversum in gesprek” wordt leidend voor het betrekken van de burgers bij planontwikkeling;

  • het komen tot een slank en hoogwaardig gemeentelijk overheidsapparaat, een organisatie die uiteindelijk minder kost.

Een mooi resultaat dat een gedegen basis vormt voor een gezond en daadkrachtig beleid de komende vier jaar.


Vrijdag 21-5-2010:
Excursie naar het Geologisch Museum Hofland in Laren met een lezing over: ‘Onstaansgeschiedenis van de aarde en het leven hierop’
Museum Hofland te Laren is een geologisch museum gevestigd in het oude tolhuis naast het St. Janskerkhof, van oudsher het centrum van het Gooi. Dit is een uniek gebied waar een grote verscheidenheid aan landschappen voorkomt: ‘veengebieden met plassen in het Westen, een stuwwal in het centrale deel en de vlakke Eemvallei in het Oosten.
Het museum is ruim dertig jaar geleden opgericht in nauw overleg met de gemeente Laren, aan wie de amateurgeoloog Lucas Hofland bij zijn overlijden in 1969 zijn zwerf-stenencollectie had nagelaten. Sindsdien is de collectie uitgebreid door diverse aanwinsten en schenkingen.


Vrijdag 4-6-2010:
Ervaringen van een Honorair consel van de republiek Côte d’Ivoire’

door Dr. J.Th. Adolfse
De heer Adolfse geeft een schets van hoe je in een functie van honorair consul terechtkomst. Het is meestal een kwestie van relaties. De belangrijkste taken zijn:

  • VISA verstrekken

  • Huwelijken voorbereiden door dokumentatie samen te stellen

  • Missies voorbereiden met Economische Zaken en voornamelijk de haven van Amsterdam

  • Algemene informatieverstrekking

De Ivoorkust is één van de grootste cacaoproducenten ter wereld en de haven van Amsterdam is de grootste cacao-haven ter wereld. Via de haven van Amsterdam wordt per jaar 500.000 ton aan Cacao ingevoerd en op de Termijnmarkt wordt per jaar 600.000 ton Cacao verhandeld. De belangrijkste exportprodukten zijn Cacao, Koffie en Palmolie. Daarnaast zijn helangrijk: Goud, Diamant, Nikkel en verdere mineralen. Ivoorkust is een land met het hoogste percentage aidslijders. Abidjan is de hoofdstad en Ivoorkust heeft geen Nederlandse Ambassade. De contacten worden onderhouden vanuit Akra in Senegal.


Ivoorkust is etnisch gezien een ‘lappendeken’ met ruim 60 etnische groepen die je kunt samenbundelen in vier hoofdgroepen. Van de 16e tot de 18e eeuw was het de periode van grote migratie. In 1893 kwam Ivoorkust in Franse handen en werd vanaf 1907 ondergebracht in het Departement Outremer (DOM). In 1960 werd Ivoorkust een onafhankelijke staat.
De Basilique Notre Dame de la Paix de Yamoussoukro is een Rooms-Katholieke kerk in Yamoussoukro, de hoofdstad van Ivoorkust. De basiliek werd in de periode 1985 tot 1989 gebouwd en heeft 300 miljoen dollar gekost. Het oorspronkelijke ontwerp was gebaseerd op de Sint-Pietersbasiliek in Vaticaanstad. Op 10-9-1990 werd de basiliek ingewijd door Paus Johannes Paulus II. De kerk wordt bediend door de Pallottijnen. De basiliek is geen kathedraal. De nabijgelegen Kathedraal van Sint-Augustinus is de zetel van de bisschop van Yamlussoukro. Het Guinness Book of Records stelt dat de kerk de grootste is ter wereld. De basiliek kan 18.000 bezoekers herbergen. Het gebouw is 158 meter hoog en is de hoogste koepelkerk ter wereld. De basiliek heeft gebrandschilderde ramen over het Laatste Avondmaal. Er zijn grote tegenstellingen tussen de drie religies: 32 % is Moslim, 25 % is Christen/Rooms-Katholiek en de rest is Animist.
Ivoorkust heeft 16 miljoen inwoners en de munteenheid is de CFA-munt. De wisselkoers is:

€ 1,00 = 650 CFA.


Er wonen ongeveer 50 Nederlanders in Ivoorkust en ongeveer 1100 Ivorianen wonen in Nederland.
Het belangrijkste exportprodukt vanuit Nederland bestaat uit bedrukte doeken van Helmond Vlisco (sinds 1846). Het doek is gebaseerd op de batik-techniek. Er worden periodiek modeshows gehouden.
Thans is er een regering van ‘nationale verzoening’ tussen Noord en Zuid. Recent speelde het milieu-schandaal met Trafigura dat in Amstelveen is gevestigd. Het betreffende chemische afval was afkomstig van raffinage van olie op zee met Caustic Soda en werd vervoerd op het schip met de naam Proba Koala. Trafigura heeft inmiddels € 150 miljoen aan de regering van Ivoorkust uitbetaald.
De heer Adolfse heeft in Amsterdam een kantoor-adres en woont in ’t Gooi. Het belangrijkse uiterlijke kenmerk van een honorair consul is zijn naamplaatje op zijn kantoor en huis en de CC-plaat op de auto (Corps Consulaire).
De heer Adolfse onderhield geen contacten met de Ivoriaanse ambassadeur in Brussel. De betreffende ambassadeur is een hoge militair. Eigenlijk is hij een soort administratieve tussenpersoon in het personenverkeer tussen Nederland en Ivoorkust.

Vrijdag 18-6-2010:
Politiek Café onder leiding van Herman van Veen
Tijdens de discussie werd de actuele politieke situatie in Nederland besproken na de verkiezingen van 9-6-2010, waarin de VVD en de PVV de grootste verkiezingswinst behaald hadden. Veel discussie ging over de mogelijkheden om een regering te vormen en verder over de achtergrond van de enorme verschuiving naar rechts.

Vrijdag 2-7-2010:
Mystiek’ door Prof. Dr. A. J. Jelsma
De heer Jelsma is Emeritus hoogleraar Kerkgeschiedenis aan de Theologische Universiteit in Kampen. Hij heeft een groot aantal boeken geschreven en aan een aantal boeken als co-auteur meegewerkt (o.a. Encyclopedie van de Mystiek; 1150 pagina’s uitgegeven door Kok/Lannoo in 2003; Dit is een encyclopedisch overzicht van mystici en bewegingen binnen uiteenlopende religies in heden en verleden.). Andere boeken van hem zijn:

  • Mystiek is van alle tijden

  • Zoek en je zult gevonden worden

  • Wie is wie in de Mystiek

  • Esoterie en Spiritualiteit

  • Onstaansgeschiedenis in de Woestijn (handelt over de Koptische Kerk)

De heer Jelsma beschreef de mystiek als het ‘zich afsluiten’ van de verschijnselen van het leven om een dieper inzicht te verkrijgen in zichzelf. Dit zou moeten leiden tot meer ‘vrijheid’, waardoor men weer beschikbaar wordt voor andere mensen (‘Doorgeving’).


Vervolgens ging de heer Jelsma nader in op de mystiek vanuit vier invalshoeken:

  • Mystiek en Religie; mystiek is een brugfunctie tussen religies

  • Mystiek en Mysticus; mystiek roept het beste op in de mens!

  • Mystieke ervaringen/Mystieke levensweg

  • Aanleg voor de Mystiek

De heer Jelsma besloot zijn presentatie met de vraag: ‘Waarom wordt u allen geen mysticus?.



Vrijdag 16-7-2010:
Van folio naar eBoek’ door de heer H. Schuurmans
Na het afronden van zijn studie geschiedenis is de heer Schuurmans journalist geweest bij ‘De Tijd’. Vervolgens heeft hij gewerkt bij Elsevier in de fictie afdeling. Hij gaf een korte schets van zijn contacten met gecontracteerde schrijvers en de problematiek om jaarlijks goede titels van gerenommeerde schrijvers te krijgen. Meestal wordt contractueel een jaarlijks honorarium betaald, maar er moet dikwijls moeite gedaan worden om de afgesproken prestatie geleverd te krijgen. Het is een voortdurend gevecht tussen de uitgever en de auteur om een continue produktie van titels te krijgen, met name bij succesvolle schrijvers.
Via een management buyout heeft de heer Schuurmans met een aantal collega’s Tiron Uitgevers in Baarn opgericht. Het is een succesvolle uitgeverij in de geïllustreerde non-fictie markt. De uitgeverij richt zich op een uitgebreid publiek met een aantal specifieke fondsen te weten kunst, hobby, natuur, culinair en sporten.
De heer Schuurmans gaf de volgende indeling van de boekenmarkt:

  • Wetenschapppelijke boeken

  • Studieboeken

  • Schoolboeken

  • Publieksboeken: # Fichtie (Belleterie)

# Non-fictie met o.a. Wetenschap, Kennis, Geschiedenis,

Cultuur en Natuur

# Kinderboeken
Via de bilbliotheek-organisatie probeert de KNUB (Koninklijke Nederlandse Uitgeverij) en de CPNB (Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek) de kinderen vertrouwt te maken met boeken en hen te laten zien wat boeken zijn.
De heer Schuurmans gaf een schets van het belang van de verpakking van een succesvol boek. De titel en de opdruk op de kaft moet aantrekkelijk zijn voor de doelgroep.
Het boek van Stieg Larsson ‘Mannen die vrouwen haten’ werd door uitgeverij Bruna op de Nederlandse markt gebracht en tot nu toe zijn meer dan 500.000 exemplaren verkocht. Van het kookboek van Braakhekke werden meer dan 750.000 exemplaren verkocht.
Het luisterboek is een nieuwe niche in de boekenmarkt!
In 2009 werden er 46 miljoen boeken verkocht met een gemiddelde boekprijs van € 12,77.

De boekenmarkten van Vlaanderen en Nederland zijn zeer verschillend.


Het folio-boek verliest steeds meer marktaandeel naar het eBoek (Digitale Uitgeverij). De succesvolle titels in het eBoek zijn vooral in de wetenschappelijke-, school- en studieboeken. De Koninklijke Bibliotheek heeft op 14-7-2010 een overeenkomst gesloten met Google voor het digitaliseren van een belangrijk deel van haar oude boeken. Een eReader kost gemiddeld € 300. Bolcom heeft in 2009 60.000 eReaders verkocht.
De lezersmarkt van 25 jaar en jonger is eigenlijk verloren voor de folio-markt. De lezersmarkt van 25 t/m 45 jaar is amorf en alleen de lezersmarkt van boven de 45 jaar blijft vooralsnog behouden voor de folio-markt.
De heer Schuurmans besloot zijn betoog dat door de komst van de digitale uitgeverij met Internet-uitgaven en eBoek-edities het zeer moeilijk is om de auteursrechten te verhalen op het lezerspubliek. Tot nu toe werden de autersrechten in één keer afgekocht voor digitale uitgaven. In de folio-markt worden de auteursrechten afgerekend op basis de omzetten van het landelijkd distributiecentrum Centraal Boekhuis B.V. in Culemborg naar de boekendetailhandel. De ‘Berner Conventie voor Auteursrecht’ zal op termijn herzien moeten worden i.v.m. de digitale uitgeverij.
Vrijdag 30-7-2010:
Aan het volk van Nederland’ (1781 – 1815) door Ad Kramer
De presentatie richt zich op de interactie met de Oranje-dynastie bij het tot stand komen van de ‘Staatsregeling voor het Bataafse Volk’ in 1798 en de ‘Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlande’ in 1848. Geconcludeerd kan worden dat de mannelijke monarchen in deze dynastie, van stadhouder Maurits (1585 – 1625) tot koning Willem III (1840 – 1890), geen directe bijdrage geleverd hebben aan de staatkundige hervormingen en de ontwikkeling van de burgerrechten.
Het omslagpunt in deze ontwikkeling was het aanvankelijke anonieme pamflet ‘Aan het volk van Nederland’ van Joan Derk van der Capellen tot den Pol dat op 26-9-1781 verscheen. Hij verzette zich toen tegen o.a. de vriendjespolitiek van het Oranjehuis en de drostediensten en eiste de verloren rechten van de bevolking terug van de Oranje-regenten en erkenning van de steun van Amerika tegen Engeland. Hii riep op om onafhankelijke volksmilities te vormen en op deze wijze de volkswil op te leggen aan het stadhouderlijke bewind. Zijn pamflet was de klaroenstoot voor de Patriottenbeweging en de burgerbewapening.
Omstreeks 1760 was er een vaderlandcultus ontstaan om het verval tegen te gaan. De periode van 1780 – 1813 is van grote waarde voor de staatkundige hervormingen en burgerrechten o.a. door het creëeren van de eenheidsstaat (= centrale regering, één belastingstelsel en één economisch beleid), geen klassestrijd, ontbinding van de gilden en het verkrijgen van meer invloed op het bestuur voor de bevolking (= geen erfopvolging c.q. familieregering en invoering van het staatsburgerschap indien men belasting betaalde). Ondanks alle actie leed het lagere volk veel nood, maar de boeren in die periode ging het goed. In de periode 1783 – 1795 waren er voortdurend strubbelingen tussen de Patriottische Excercitiegenootschappen/ Vrijkorpsen en de Oranjekorpsen.
In de aanloop tot 1798 toen de ‘Staatsregeling voor het Bataafse Volk’ werd aangenomen groeiden de bezwaren tegen het stadhouderschap met vier staatsgrepen waarvan drie door de Orangisten en één door de republikeinen. Men wilde een scheiding van het Stadhouderschap en het Kapitein-Generaalschap. De Oranje wilden investeren in het landleger en de Regenten wilden investeren in de vloot om hun handel tegen de Engelsen te beschermen. In die periode waren er drie Engels Oorlogen en twee Stadhouderloze perioden, het onthoofden van Oldenbarneveld en het vermoorden van de gebroeders de Witt in het Rampjaar 1672.
De Patriotten streefden rond 1780 naar een democratische hervorming van de vermolmde regenten-republiek. De Patriottenbeweging ontstond als democratische massabeweging reeds vóór de Franse Revolutie (14-7-1789) met een aristocratische stroming (o.a. Van der Capellen die leefde van 1741 tot 1781) en een burgerstroming (Volksinvloed). Na het tot stand komen van de Staatsregeling voor het Bataafse Volk kreeg de burgerstroming de overhand!
In 1795 werd de Bataafse Republiek ((1795 – 1801) opgericht en in die periode vonden er vier staatsgrepen plaats en bij de vierde staatsgreep op 16-10-1801 werd de 5e versie van de Grondwet goedgekeurd en werd het Bataafs Gemene Best (1801 – 1806) opgericht. Er trad toen een ‘Nationale Verzoening’ op tussen de strijdende partijen. Onder invloed van Napoleon werd er in 1805 een staatsgreep uitgevoerd onder leiding van Schimmelpenninck. Echter Napoleon was niet tevreden over de voortgang in de hervormingen en in 1806 werd zijn broer Lodewijk Napoleon koning van het Koninkrijk Holland (1806 – 1810). Omdat er te weinig geld vanuit Holland naar Frankrijk stroomde en zijn broer het Continentale Stelsel niet strikt handhaafde lijjde Napoleon het Koninkrijk der Nederlanden bij Frankrijk in (1810 – 1813). In 1813 kwam er een einde aan de Bataafs-Franse tijd.
Van 1813 tot 1815 waren wij een ‘Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden’ met de ‘Grondwet voor de Verenigde Nederlanden’ en onder leiding van prins Willem Frederik (zoon van stadhouder Willem V) die in 1815 koning werd. Van 1815 – 1840 hadden wij het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Daarna trad koning Willem II aan en vanaf 1840 werd het Koninkrijk der Nederlanden opgericht. In 1848 werd toen onder Thorbeck de uiteindelijke ‘Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden’ aangenomen, waarin de ministeriële verantwoordelijkheid voor het koningshuis werd ingevoerd en de parlementaire democratie werd ingevoerd. Zowel koning Willem II als koning Willem III verzetten zich tegen deze ontwikkeling van de constitutionele monarchie.
Vrijdag 13-8-2010:
UNICEF door Ruud Deutekom



  1   2


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina