De Algenoegzaamheid van Christus C. H. Mackintosh



Dovnload 81.55 Kb.
Pagina1/7
Datum23.07.2016
Grootte81.55 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7
De Algenoegzaamheid van Christus

C. H. Mackintosh

Oorspr. titel: The All-sufficiency of Christ.

De schrijver, C. H. Mackintosh (1820 1896) was vele jaren actief in de dienst van God in Engeland en Ierland. Zo was hij nauw be­trokken bij de Ierse opwekkings­beweging van 1859 ‘60. Maar vooral werd hij bekend door zijn vele boeken. Met name zijn “Aantekeningen op de vijf boe­ken van Mozes” zijn in vele talen vertaald en voor talloze gelovigen over de gehele wereld tot rijke zegen geweest.

HOOFDSTUK 1: Het verzoeningswerk van Christus


Zoeken naar rust en vrede

Groot is onze schuld voor God, volledig verdorven is onze toestand. Er is geen enkele hoop op verbetering. Dat hebben we in de inleiding op bijbelse gronden vastgesteld. Velen die dat beseffen, blijven radeloos zoeken naar rust en vrede voor hun hart. Zij zullen die echter nooit kunnen vinden, tenzij de Heilige Geest hun Christus voor de aandacht stelt in al de volmaaktheden van zijn persoon en zijn werk. Het enige ant­woord op dat wanhopig zoeken geeft God Zelf door de ver­lossing, die Hij heeft bewerkt door Jezus Christus.

Op zichzelf is dat een heel eenvoudige waarheid, die in het nieuwe testament op tal van plaatsen wordt geleerd. En hoe grondiger we deze waarheid kennen, hoe meer we er ook van kunnen en zullen genieten.

Vrede wordt pas ten volle gewaardeerd door iemand die weet wat het betekent schuldig te staan voor God en geen enkele hoop voor de toekomst te hebben. Als God zo iemand dan wijst op Christus en zegt: “Door Hem heb Ik volledig voorzien in uw diepe nood”, dan is dat het begin van ware en niet aan te tasten rust en vrede. Natuurlijk, er kunnen in het leven allerlei tegenslagen komen, zoals verdriet, zorgen en beproevingen. Maar we kunnen er zeker van zijn dat daar­door onze zekerheid in Christus niet aan het wankelen wordt gebracht. Voor het bezit van een constante rust en vrede in het hart is het wel beslist nodig voortdurend te beseffen dat “ik”   zoals het was en is   nooit iets goeds kan doen. Met “ik” bedoel ik dan wat de bijbel noemt “de oude mens”, waarin niets goeds woont.


Verschillende oorzaken


Helaas zijn er veel christenen die deze onwankelbare vrede niet kennen. Het ene moment kunnen ze juichen van blijd­schap, een volgend moment zitten ze diep in de put. Hoe komt dat? Wat zijn de oorzaken van zo’n sterk wisselende gemoedstoestand?

Die oorzaken zijn niet zo maar onder één noemer te brengen. Bij de één zal het weer anders liggen als bij de ander. Maar in de grond van de zaak spelen de volgende punten de hoofd­rol.

1. Er leeft soms nog de veronderstelling dat wie zich tot God bekeerd heeft, een verbeterde versie is van wat hij voor zijn bekering was. Wie zo denkt probeert dan ook zich ervoor in te spannen “de oude mens”, waarover ik hier­boven sprak, op te knappen of te verbeteren. Maar al die inspanningen met dat doel lopen op een volslagen misluk­king uit. De teleurstellingen die dat meebrengt zijn om moedeloos en radeloos van te worden.

In Romeinen 7 worden het pogen, het denken en de des­illusies van zo iemand uitvoerig beschreven.

2. Het kan ook zijn dat iemand niet volledig wil breken met de leefgewoonten die hij voor zijn bekering had. Zijn hart haakt nog naar de dingen van de wereld en zodoende heeft Christus daarin niet de plaats die Hem toekomt. Gewetensconflicten zijn daarvan het gevolg en de vrede is zodoende ver te zoeken.

3. In nauw verband met het onder 1 genoemde staat het feit, dat iemand   soms ook door verkeerde voorlichting  niet voldoende beseft wat de geweldige resultaten zijn van wat Christus voor hem heeft gedaan. Namelijk, dat God volkomen voldoening heeft gekregen door het werk van Christus op het kruis   door zijn lijden en sterven   zowel met betrekking tot de zonden die ik heb gedaan en nog doe, als wat betreft het feit dat de zonde als macht van zijn kracht is beroofd.

Het is mijn bedoeling om vanuit het kostbare en onbedrieglijke Woord van God deze problemen te belichten. Daartoe wil ik iets laten zien van de enorm rijke schatten, die er in Christus verborgen zijn.

Schatten die in al onze noden kunnen voorzien   of dat nu de eisen zijn van ons geweten, de behoeften van ons hart, of de dingen die wij voor onze christelijke levenspraktijk nodig hebben. God heeft voor elke situatie afdoende voorzieningen getroffen.

Met het oog daarop zullen we ons met Gods hulp bezig hou­den met:

a. het werk van Christus, dat de enige ware bron is om ons geweten rust te geven;

b. de persoon van Christus, die het enige ware voorwerp is voor ons hart;

c. het Woord van God, dat de enige ware gids is voor onze levenspraktijk.


Het werk van Christus


In de hierboven genoemde volgorde, willen we eerst stilstaan bij het werk van Christus. Dat is namelijk het enige dat rust geeft aan ons geweten. Wat bedoelen we als we spreken over “het werk van Christus”?

Dat werk omvat twee aspecten:

1. Wat Hij voor ons gedaan heeft, door zijn sterven aan het kruis, toen Hij de zonden heeft gedragen van allen die in zijn naam geloven: “De Here heeft ons aller ongerechtig­heid op Hem doen neerkomen” (Jesaja 53 :6). Zie ook 1 Petr. 2:24: “Die zelf onze zonden in zijn lichaam ge­dragen heeft op het hout”, en 1 Petrus 3:18: “Want ook Christus heeft eenmaal voor de zonden geleden, de Recht­vaardige voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen.” In zijn verzoenend sterven is Christus afgedaald naar het niveau van ons als zondaars en heeft Hij in onze plaats het oordeel van God over onze zonden ondergaan.

2. Wat Hij nu voor ons doet, als onze Voorspraak bij de Vader, met het oog op de zonden die wij nog doen na onze bekering (1 joh. 2:1). Bovendien leeft Hij als onze hogepriester bij God, om altijd voor ons tussenbeide te treden in verband met alles wat wij als mensen op aarde nog ondervinden (zie Hebreeën 7:25).

Voor ieder die naar vrede verlangt is vooral het eerste punt van het grootste belang. Onze hele positie als christen is daar­op namelijk gebaseerd. Om te kunnen genieten van de vrede, die door God tot stand is gebracht, moet het eerst goed tot ons doordringen dat al onze zonden voor altijd zijn wegge­daan! Diezelfde God, die zit op een troon van heiligheid en gerechtigheid, heeft afgerekend met de zonden en wel op zo’n verheven en ondoorgrondelijke manier, dat Hij daarin nog meer verheerlijkt is dan wanneer Hij mij voor eeuwig in de hel geworpen had.



  1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina