De bevolking van Zegwaart en Zoetermeer, ontleend aan het kohier van de personele quotisatie in 1742



Dovnload 184.58 Kb.
Pagina1/7
Datum24.08.2016
Grootte184.58 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7
De bevolking van Zegwaart en Zoetermeer, ontleend aan het kohier

van de personele quotisatie in 1742
Ronald Grootveld
Zoetermeer 1991 (herzien 2004)


INHOUDSOPGAVE




INLEIDING 3

ZEGWAART 5

Dorp (noordzijde vanaf het westen) 5

Dorp (zuidzijde vanaf het oosten) 6

Schinkel 7

Zegwaartseweg Buitenweg (vanaf het zuiden) 8

Den Hoorn Buitenweg 8

Slootweg 9

Leidsewallen (vanaf het noorden) 9

Katwijk in de Veur 9

Molenweg 9

Delftsewallen 9

Reguliersdam 10

Molenweg 10

Rokkeveen 10

Den Hoorn Binnenweg 10

Duykerse brug (Bleiswijkseweg) 11

Aan het Verlaat (Hoefweg) 11

Zegwaartseweg Binnenweg 11

Landscheiding tussen Rijnland en Schieland 11

ZOETERMEER 12

Vlamingstraat/Voorweg (zuidzijde vanaf het oosten) 12

Voorweg (noordzijde vanaf het westen) 12

Vlamingstraat (noordzijde) 12

Eerste weg 12

Meerpolder 12

Dorp (noordzijde vanaf het oosten) 13

Dorp (zuidzijde vanaf het westen) 13

Reguliersdam 13

Landscheiding [Roeleveen] 13

BIJLAGE 1 14

Verhouding aantallen huurwoningen - eigen woningen in Zegwaart 1742 14

BIJLAGE 2 15

Aantal en verdeling van de beroepen in Zegwaart 1742* 15



INDEX OP PERSOONSNAMEN 17

INLEIDING

Op 7 maart 1742 besloten de Staten van Holland tot de heffing van een personele quotisatie of hoofdelijke omslag, die zou geschieden "na de gegoedheid, neeringe, apparente winsten of inkomsten van de huishoudende of contribuabele persoonen".

Het was in principe een inkomensheffing, maar aangezien dat niet bij iedereen juist bepaald kon worden, was een aanslag naar statuskenmerken ook mogelijk. Hiertoe behoorden: de huurwaarde van de woning, het bezit van een buitenplaats, koets, paarden of dienstboden. Personeel voor de bedrijfsvoering telde niet mee.

(zie: W.F.H. Oldewelt, Het kohier van de personele quotisatie te Amsterdam over het jaar 1742, Amsterdam 1945, 2 dln.).


De aanslagen waren verdeeld naar klassen: de eerste klasse betaalde 6,-, de 2e 8,-, de 3e 12,-, de 4e 15,-, de 5e 18,-, de 6e 25,-, de 7e (32,-), de 8e 40,-. In Zegwaart werden aanvankelijk 45 van de 230 hoofdbewoners aangeslagen. Daarvan werden er 21 al direct in 1745 vrijgesteld en één in 1746, zodat uiteindelijk slechts 22 gezinshoofden (10%) werden aangeslagen. In Zoetermeer werden 53 van de 164 hoofdbewoners aangeslagen. Daarvan werden er 10 vrijgesteld in 1745 maar nog eens 11 in 1746, zodat hier 42 van de 164 gezinnen (25%) belast werd.
De belasting werd van 1745 t/m 1748 geheven aan de hand van ter plaatse opgemaakte kohieren, waarvan een afschrift naar de Rekenkamer ter Auditie in Den Haag werd gestuurd, ter controle van de ontvangsten. Uiteraard vroegen veel mensen om vrijstelling en bleef ook de grondslag in die jaren niet hetzelfde. De wijzigingen ten opzichte van het oorspronkelijke kohier zijn te vinden in de rekeningen van de belastinggaarders. Overigens wijkt het Haagse kohier ook danig af van het ter plaatse bewaarde. Voor Zegwaart geldt bijvoorbeeld dat de huurwaarde in het definitieve (Haagse) kohier 1/4 tot 1/3 hoger geschat wordt en dat ook veel meer personen uiteindelijk "taxabel" (aan te slaan) zijn, dan in het kohier van 1742 wordt vermeld.
Hierachter zijn de kohieren van Zoetermeer en Zegwaart uitgewerkt die berusten in het Archief Rekenkamer ter Auditie inv.nr. 33 (Nationaal Archief). Deze uitwerkingen zijn eerder gepubliceerd in “Rijnland” jg. 1 blz. 563-575 (1969). Van Zegwaart is ook het plaatselijk opgemaakte kohier bewerkt (Archief Plaatselijk Bestuur Zegwaart inv.nr. 460), dat ook gegevens over niet aangeslagen personen bevat, dus de gehele bevolking betreft. Van Zoetermeer bestaat zo’n kohier helaas niet meer. Wel zijn de gegevens voor beide dorpen nog aangevuld met aantekeningen over de inning in de jaren 1745-1748 uit de rekeningen betreffende de heffing (Haags Gemeentearchief, Archief Adriaan Steenis als ontvanger van de personele quotisatie, beheersnr. 366). Enkele namen zijn aangevuld aan de hand van de gaarlijst van de dorpssteek 1742 (Archief Plaatselijk Bestuur Zegwaart inv.nr. 120).
Achtereenvolgens worden vermeld:

Zegwaart:

- nummer van het huis

- betaalde huur of geschatte huurwaarde voor het gehele huis, tenzij de eigenaar er zelf woont en onderverhuurt, dan geldt het bedrag alleen voor de eigenaar

- aanslag in de verponding (alleen voor Zegwaart)

- (hoofd)bewoners met eventueel achter hun naam hun jaarhuurbedrag
Zoetermeer:

- nummer van het huis (alleen de aangeslagenen)

- vastgestelde huur of huurwaarde

- hoofdbewoners


Overige aanduidingen:

arm = wordt door het armbestuur onderhouden

* = eigenaar

inw.= inwonend

Bij bijna elke bouwman staat aangetekend: "houdt geen andere paarden of rijtuig als tot de bouwerij nodig". Dit gegeven is niet overgenomen.

Naast een index op persoonsnamen zijn als bijlagen opgenomen:

1. Verhouding aantallen huurwoningen - eigen woningen in Zegwaart

2. Aantal en verdeling van de beroepen in Zegwaart



ZEGWAART

Dorp (noordzijde vanaf het westen)

1. 50,- 3,- Joost Beuk, mr. chirurgijn, heeft nu en dan een rijpaardje voor zijn funktie

2. 20,-* 2,10 Tijmen Starrevelt, mr. timmerman

3. 36,-* 3,13 Jacob Cornelisz Berkel, mr. bakker en winkelier

inw.: Leendert Barrewater, koster en doodgraver

4. 36,-* 4,3 wed. Claas de Hoog, rentenierster (huurwaarde vastgesteld op 50,-), aanslag 8,-, overl. 1745

inw.: Ariaantje van Leeuwen, onder voogdij van haar vader (nr. 75)

5. 25,-* 3,- Dirk Dekker, visser (huurwaarde vastgesteld op 36,-)

inw.: wed. Cornelis Verboon, huishoudster

6. 30,-* 3,7 Leendert van der Vliet, mr. kleermaker en koffiewinkeltje (huurwaarde vastgesteld op 40,-)

7. 45,- 3,7 wed. Jacobus Alderkerk, huishoudster van haar zoon

inw.: haar zoon Matthijs Alderkerk, mr. chirurgijn

haar dochter Jacoba Alderkerk

Maria van der Zwik, huislegster (kostgangster), leeft van een sobere lijfrente

8. 3,7 leeg

9. het schoolhuis: Adriaan Muijden, schoolmeester

10. 22,- 3,- Marinus Maas, sajetverkoper

11. 15,12 1,13 Aagje Reyniers de Bruijn, schoonmaakster, huurt voor 6 stuivers per week

12. 20,-* 2,10 Aplonia de Goede, naaister

inw.: Claas de Goede, timmerman

13. 48,-* 4,3 Arij van der Star, herbergier, heeft een meid, een chaise, een graswagentje en twee paarden voor verhuur, aanslag 6,- maar 1745 vrijgesteld, 1757 aangeslagen voor een chaise maar weer vrijgesteld als verhuurder

14. 25,- 5,- Korstiaen van der Burg, garentwijndersknecht

inw.: Maartje Berkel, leeft van haar sobere inkomsten

15. 34,- 2,17 Gerrit Kool, mr. metselaar

16. 7,10 Matthijs van Stolk, Remonstrants predikant, heeft soms een meid (huurwaarde vastgesteld op 90,-)

17. 66,- 3,- wed. dhr. mr. Volkert van Goens, leeft van haar sobere inkomsten, huur is inclusief de boomgaard

inw.: Frederik Kindt, substituut-secretaris van Zegwaart en notaris

18. 20.-* 5,3 Pieter Krijgsman, bouwman van huurland, heeft een meid, aanslag 6,-, 1747 vanwege een chaise 15,-, 1748 chaise weer weg

huurders: Jan Grotius, schippersknecht 16,-

Cornelis den Ouden, boerenknecht 18,-

19. 64,10 6,12 Aaltje en Jannetje van der Spek, naaisters 22,-

Justus Vermaas, stoeldraaier 19,-

Jochem van Rijs, visser 13,-

Broertje Schriek, arm 10,10

20. 20,-* 3,3 Pieter van Leeuwen, mr. scheepstimmerman en comenijswinkeltje, aanslag 8,-, 1745 vrijgesteld

huurder: Floris de Bruijn, reparateur van oude kleren 14,-

21. 25,-* 2,10 Claas Claasz van Straten, mr. schoenmaker

inw.: Wijve van Roon, "simpel mensch", leeft van haar geringe inkomsten

22. 30,-* 3,7 Willem Westhoek, veenman, aanslag 18,-

23. 21,- 1,5 Dirk Groenenboom, arbeidsman

24. 21,- 2,2 Willem Immerzeel en zijn dochter, arm

25. 20,- 1,13 Claas Claasz van Straten de jonge, schoenmakersknecht

26. 16,- 2,17 Maatje en Immetje van der Togt, naaisters en breidsters

27. 36,-* 4,3 Krijn Binneweg, mr. broodbakker, heeft een meid, een knecht en een paard met karretje om brood rond te brengen

28. 80,- 8,5 wed. Jacobus Constante Large (Larcher), rentenierster

inw.: haar zoon Johannes Jacobus Large, 1748 aangeslagen voor 25,- vanwege paarden en een chaise

29. 36,-* 7,10 Jan van der Wal, mr. garentwijnder, heeft een meid, aanslag 6,-, 1745 vrijgesteld

30. 8,17 leeg; 1745: Johanna de Wit, wed. Jan van den Broek de jonge, uit Leiden gekomen, huurwaarde 100,-, aanslag 8,- maar vrijgesteld

31. 36,- 2,18 Diwertje Bleijsweijk, wed. [Pleun] Valkenburg, bakkerinne en pottenwinkeltje, heeft een meisje

32. 22,- 2,1 Willem van Fiolen, bakkersnoodhulp

33. 10,- 2,10 Eva Koene van Stralen, spinster

34. 25,- 2,2 Cornelis Vogelaer, steenschoonmaker

inw.: wed. Van der Veer, arm

wed. Meindert de Wit, arm (diaconie)

wed Cornelis Zwaan, arm

35. 24,-* 2,- Cornelis van Vliet, mr. schoenmaker

inw.: zijn moeder, wed. Cornelis van Vliet, doet zijn huishouden

36. 23,- 2,- wed. Cornelis van der Pot, comenijswinkeltje

37. 24,-* 2,1 Adolf Corne, mr. kleermaker en garen- en bandwinkeltje, heeft een meid

38. 40,-* 4,3 Jasper van Erpecum, rentenier en vetweider, heeft een paard en chaise voor verhuur, aanslag 15,-, 1746 verminderd tot 6,-, 1747 aangeslagen voor chaise maar weer vrijgesteld als verhuurder daarvan

39. 24,- 2,2 wed. IJsak Fatsoen, garen- en bandwinkeltje

inw.: haar broer Willem Keijser, "oud uitgeleeft vrijer", leeft

van het geringe overschot van zijn handenarbeid

40. 25,- 2,- Pieter Joppe van der Speck, arbeider

inw.: Marijtje Hoogervorst, arm

41. 25,- 2,10 Willem Vroman, smidsknecht, zijn vrouw heeft een winkel­tje

42. 25,-* 2,10 Willem Boot, vaart nu en dan met een turfschip, zijn vrouw heeft een koffie- en theewinkeltje

43. Grote Armen van Zegwaart, bewoond door hen die van de armen worden onderhouden

44. 25,- 2,11 Jan [Jacobsz] Berkhout, bakkersknecht

45. 18,-* 2,- Willem de Lange, mr. smid

inw.: Hendrik van Telen, kleermaker



  1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina