De canonkaravaan deed Fryslân aan



Dovnload 38.11 Kb.
Datum19.08.2016
Grootte38.11 Kb.


De canonkaravaan deed Fryslân aan



verslag van de bijeenkomst

van de Canonkaravaan in Heerenveen,

20 november 2008

Bureau ART

Peter van der Zant
Abe Lenstra als icoon van de Friese geschiedenis

Een voetbalstadion als toepasselijke plaats van handeling voor een bijeenkomst over de Canon van de Nederlandse geschiedenis en cultuur? Dat kan waarschijnlijk alleen in Friesland, in het Abe Lenstra stadion in Heerenveen. Abe Lenstra is niet zo maar een goede voetballer, hij is een icoon van de Friese geschiedenis. In een van de zalen van het stadioncomplex dat zijn naam draagt vindt de veertiende bijeenkomst plaats over de invoering van de Canon in het onderwijs.

Op de parkeerplaats van het stadion staat – enigszins verloren in de regen - een oude autobus van de Zuidwesthoek, in oorspronkelijke kleuren, die vroeger het vervoer in deze regio verzorgde. Het is een typische semi-tourbus zoals ze vroeger veel voorkwamen bij particuliere streekvervoerders. De bus behoort tot de uitgebreide collectie van het Noordelijk Busmuseum. De historische autobussen vormen een van de vaste elementen van de Canonkaravaan, een reeks van conferenties voor het onderwijs en culturele instellingen in de twaalf provincies en de vier grote steden.

Voor de hoofdingang van het stadion staat het standbeeld van Abe Lenstra. De beroemde voetballer vormt zelfs een van de vensters in de Friese Canon. Niet voor niets beschrijft Herman Beliën in zijn boek ‘De Geschiedenis op Straat, wandelen door historisch Nederland’ een wandeling langs het Abe Lenstra stadion.

“Op deze plaats won Heerenveen ooit met 6-5 van Ajax, nadat het met 5-0 had achtergestaan”, refereert dagvoorzitster Gryt van Duinen aan een voor Friesland belangrijke historische gebeurtenis op 7 mei 1950. Het bezorgde Abe een bijna goddelijke status.

“Wij zijn met de Canon in de onderbouw begonnen. We zijn op zich blij met de Canon. Het betekent een verrijking van het onderwijs. Maar het kan allemaal niet in één jaar. Het is een kwestie van jaren. Want we hebben ook al de tien tijdvakken en dan de landelijke Canon en ook nog de Friese Canon. Dat moet worden verwerkt in methodes, er moeten nieuwe lessen komen, je moet nadenken over een andere opzet. Er zijn ook meer mogelijkheden voor uitstapjes, zoals naar Tresoar. Maar dat heeft zijn tijd nodig.”


Docent geschiedenis voortgezet onderwijs

De bijeenkomst in Heerenveen is net als de andere conferenties van de Canonkaravaan vooral bedoeld als stimulans om in het onderwijs met de Canon aan de slag te gaan. De Canon van de Nederlandse geschiedenis is opgesteld door een commissie onder leiding van professor Van Oostrom en bestaat uit een lijst van vijftig thema’s uit de Nederlandse geschiedenis. De Canon is in de eerste plaats bedoeld voor het onderwijs. Het is een handreiking voor behandeling op de basisschool en in de onderbouw van het voortgezet onderwijs.

De bijeenkomst in Heerenveen wordt bijgewoond door zo’n honderd deelnemers, waarvan een flink deel werkzaam in het onderwijs. Bovendien zitten er veel studenten in de zaal, die straks in hun onderwijspraktijk te maken zullen krijgen met de Canon.
De Canon als TomTom

Rinze Boersma, voorzitter van de Friese Canoncommissie, vertelt de aanwezigen kort over de totstandkoming van de Friese Canon: “Het is een gelukkige omstandigheid dat anderhalve week geleden de Friese Canon is uitgekomen. We hebben nu het voorrecht dat we de rijkdom uit zowel de landelijke als de Friese Canon aan u kunnen presenteren. Ze bevatten in feite zichtlijnen op de Nederlandse en Friese geschiedenis.”

De Canon van Friesland
De Canon van Friesland bestaat uit 11 en 30 vensters op de Friese geschiedenis. Elf vanwege de elf steden, dertig vanwege de dertig grietenijen (plattelandsgemeenten) van Friesland. Iedereen kent wel de uitdrukking op zijn ‘elfendertigst’, afkomstig uit de tijd dat de besluitvorming in het democratische Friesland uiterst traag verliep, omdat elk van de steden en grietenijen een inbreng moest hebben voordat een beslissing kon worden genomen. Maar de Friese Canon is zeker niet traag en omslachtig tot stand gekomen.

De 41 vensters van de Canon van Friesland zijn soms verrassend origineel: de koe (de komst van boeren en koeien omstreek 3400 v. Chr.), verzetsstrijder Titus Brandsma, de Hludanasteen, de Elfstedentocht, de industrialisatie, de Friese taal, de Friese vrijheid, Friesland als kloosterland en zelfs een apart venster over Mata Hari. En natuurlijk de onvermijdelijk Abe Lenstra.

De Canon van Friesland sluit aan bij de landelijke canon. Bij elk venster staat een teken:

Z betekent dat het venster zelfstandig kan worden gebruikt, omdat het betreffende onderwerp in de landelijke canon niet ter sprake komt.

A duidt er op, dat het Friese venster een aanvulling is op het venster uit de landelijke canon.

V houdt in dat het venster vervangend kan zijn ten opzichte van een landelijk venster.

A.2 betekent dus: aanvullend op venster 2 in de Canon van Nederland

V.3 betekent: vervanging van venster 3 in de Canon van Nederland

De heer Boersma wijst er op, dat sommigen denken dat het geschiedenisonderwijs door al die Canons nu overladen wordt: “Aan de koffietafel hoor je die opmerkingen wel: vijftig landelijke vensters, 41 Friese vensters, moeten die kinderen nu echt 91 vensters uit het hoofd leren? Maar daar gaat het niet om. Het gaat niet om een opsomming van feiten. De Canon kun je meer zien als een geschiedenisTomTom, die je in de mooiste hoekjes van de geschiedenis brengt.”

De heer Boersma besluit: “Zoals we hier bijeen zijn, kunnen we veel van elkaar leren. Ik speek de wens uit dat de vonk van de geschiedenis, of dat nu de Friese of de landelijke is, mag overgaan op het onderwijs.”


Wat moeten wij als provincie doen?

Mevrouw Jannewietske de Vries is gedeputeerde van de provincie Fryslân. Zij houdt een korte inleiding, in het Fries, over het belang van de Friese Canon. Zij benadrukt nog eens dat de kerndoelen straks verankerd zullen worden in de kerndoelen Daarover wordt thans in de media een discussie gevoerd.

Ze benadrukt dat het belangrijk is voor kinderen om personen en gebeurtenissen in een historische context te kunnen plaatsen. Feiten staan nooit op zichzelf. Eise Eisinga kun je niet bespreken zonder in te gaan op de Verlichting. Pieter Jelle Troelstra of Domela Nieuwenhuis kun je niet behandelen zonder ze te plaatsen in de opkomst van het socialisme. Ze wijst er op, dat de Commissie Van Oostrom in haar rapport ook al toejuichte dat er lokale en regionale Canons zouden ontstaan. Het eigen lokale erfgoed moet juist niet verdonkeremaand worden. Tegen deze achtergrond is de Friese Canon ontstaan. De Friese Canon geeft beter inzicht in de Friese geschiedenis. Leerlingen kunnen van daaruit beter inzicht krijgen in de nationale en internationale geschiedenis.

De Friese Canon moet referentiepunten uit de omgeving aan de kinderen bieden die het kinderen makkelijker maken om vanuit dat venster zicht te krijgen op het grotere verhaal.

Mevrouw De Vries geeft aan dat de provincie haar verantwoordelijkheid wil nemen om de Canon in het onderwijs in te voeren. Daarbij is het alleen de vraag hoe de provincie dat moet doen. Ze hoopt vanmiddag een concreet antwoord te krijgen op de vraag wat de provincie het beste kan doen en wenst de aanwezigen veel succes toe met het invoeren van de Canon in het onderwijs.

“Wij zijn blij met de Canon. We zijn in de onderbouw begonnen. Maar we hebben te maken met de tien tijdvakken, met de Friese Canon en de landelijke Canon. Dus het is een kwestie van jaren voordat het echt goed is ingevoerd. Het moet in de methodes komen en we hebben nieuwe lessen nodig.”


Docent geschiedenis voortgezet onderwijs


Het gevoel van een gedeelde cultuur

“Ik durfde eerst eigenlijk hier niet te komen. Ik zag in het programma dat het ook over de Friese Canon zou gaan en dat er inleidingen in het Fries zouden worden gehouden door mensen die bovendien nog Boersma, Jensma en De Vries heten. Maar plotseling realiseerde ik me dat mijn moeder Sikkema heet en dat ik eigenlijk dus ook Fries ben.” Zo begint Marjolijn Drenth von Februar, filosofe, schrijfster, columniste en lid van de Commissie van Oostrom, haar betoog. Ze is geen historicus, maar naar eigen zeggen bij de commissie gevraagd om het ‘programma van eisen’, het ‘bestek’ en de richting te helpen bepalen en te bewaken.

Ze is erg positief over de Friese Canon: “Ik ben echt onder de indruk. Ik heb al veel canons gezien, maar dit is de mooiste. Ik krijg vaak boeken toegezonden, gemiddeld wel twee per dag, die ik dan beleefd in opvangst neem. Maar dit is een boek dat ik ook graag eens verder wil lezen. De Friese Canon begint met een koe, dat vind ik mooi, dat kan ik als niet-Fries ook goed begrijpen.”

“Maar het gevaar van zo’n Canon is wel”, zo betoogt mevrouw Drenth, “dat je het gevoel krijgt buitengesloten te worden. Dat hebben we ons als Commissie ook gerealiseerd, toen we aan het werk gingen, dat er een gevaar is dat er een gevoel van uitsluiting ontstaat, een gevoel er niet bij te horen.”

Marjolijn Drenth legt uit dat er bij de samenstelling van de Con op drie zaken werd gelet: “Je begint met de vraag: wat willen we met de Canon? Wat beoog je er mee? Wat heb je er precies aan? Al snel waren we het er in de Commissie over eens, dat de Canon niet elitair moest zijn, maar juist toegankelijk voor jonge kinderen. Ten tweede wilden we dat de Canon niet een abstract begrip zou zijn, maar juist zou bestaan uit concrete personen en gebeurtenissen. Ten derde hebben we de vensters bedacht. Het was Frits van Oostrom, die beweert dat hij de beste ideeën krijgt tijdens het scheren, die tijdens zo’n moment op het idee kwam van de vensters. Bill Gates had ongetwijfeld eenzelfde idee met zijn Windows, misschien ook tijdens het scheren, omdat het daar eveneens gaat om open vensters waar een hele wereld achter blijkt te zitten. Zo zijn de Canonvensters ook bedoeld. Je begint met iets waar je oog op blijft haken, maar het is wel de bedoeling dat je het venster opendoet.”

Mevrouw Drenth geeft het voorbeeld van Rietveld: “Het gaat er niet om dat je alleen de vijftig vensters hoeft te weten. In de Canon is de Rietveldstoel opgenomen. Maar het is niet zo dat je alleen Rietveld hoeft te kennen en niet Mondriaan. Het gaat om én Rietveld én Mondriaan, als representanten van De Stijl en weer geplaatst in de tijd.”

Ze sluit af met een wens: “Er komen steeds meer lokale canons. Ik hoop dat de samenstellers niet alleen het aantal van vijftig in hun lijstjes overnemen of alleen de kleur blauw, maar bij de samenstelling ook uitgaan van hetzelfde programma van eisen dat bij de landelijke Canon is gehanteerd. Ik wens u allen veel wijsheid toe in het onderwijs.”
De Canon als wandplaat in een doodlopende straat

Goffe Jensma, eindredacteur van de Friese canon, gaat tot slot van het plenaire gedeelte in op de noodzaak en inhoud van de Friese Canon: “Ik wil om te beginnen krachtig tegenspreken, dat de Friese Canon top-down is samengesteld. Er is juist een consensus vooraf gegaan aan deze Canon, zeventig procent stond eigenlijk al vast voordat we aan de selectie begonnen.”

Het is ook niet zo, benadrukt de heer Jensma, dat de Friese Canon top-down bovenop de Canon van Nederland wordt gelegd: “De Friese Canon moet een praktisch onderwijsmiddel zijn. Sommige vensters uit de Friese Canon zijn aanvullingen op de landelijke Canon, een Friese vertaling van het landelijke venster. Andere vensters dienen ter vervanging van een venster uit de landelijke Canon. Zo kan het venster over de Limes in Friesland vervangen worden door het venster uit de Friese Canon over de Hludanasteen. Soms handelen de Friese vensters over een zelfstandig onderwerp, dat in de landelijke Canon ontbreekt maar voor Friesland heel belangrijk is, bijvoorbeeld over Hendrik Algra, de handel van de Friezen en het Friese nationalisme. De docent kan zo met de Canon het onderwijs verrijken.”

Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling, dat het hierbij blijft, aldus Jensma, met een schuin oog kijkend naar gedeputeerde mevrouw De Vries: “De Friese Canon moet geen wandplaat worden aan het eind van het doodlopende straat, zoals bij een bouwput. Er is nu een website, maar die moet worden uitgebouwd. De site moet een informatiepunt en ontmoetingsplaats worden. Er moeten actuele links komen naar wat er allemaal in de ongeving te doen is. Er moet een forum komen om ervaringen in het onderwijs uit te wisselen.”

“Het is de bedoeling dat de leerling historisch gaat denken”, zegt Jensma. Hij laat een oude potscherf zien: “Ik woon zelf op een wierde, dat noemen jullie hier in Friesland een terp. Het komt uit mijn tuin. Je zou het in de schatkist kunnen leggen om aan kinderen te laten zien, dat dit gewoon in de grond zit. Zo’n scherf is een prachtig onderwijsmiddel.”

Jensma gaat tot slot in op de verhouding tussen de Friese Canon en de landelijke Canon: “De Friese Canon wil niet concurreren met de landelijke geschiedenis, maar de Friese geschiedenis problematiseren. Leerlingen moeten weer bewust gemaakt worden van de grond waarop hun voeten staan. Abe Lenstra verwisselde de Friese grasmat niet voor een Italiaanse of Spaanse grasmat. Dat is anders dan in de huidige tijd. Ook hieraan zie je het proces van globalisering dat de afgelopen jaren is opgetreden.”

“Wij zijn twee weken geleden begonnen met de Canon. Ik gebruik hem als eerste in VWO 5. De leerlingen hebben op donderdag drie uur zelfstandig werken. Dan gaan ze met de Canon aan de slag.”
Docent voortgezet onderwijs

Informatiemarkt

In de zaal is een bescheiden informatiemarkt ingericht. Het boek De Canon van Friesland is royaal verkrijgbaar, voor de scholen zijn er twee gratis exemplaren, een in het Fries en een in het Nederlands.

De stichting Afûk is aanwezig met onder andere Friese kinderboeken. De stichting Afûk heeft als doel om de kennis en het gebruik van de Friese taal en de belangstelling voor Friesland te bevorderen. De Afûk heeft als enige een boekhandel die gespecialiseerd is in Friese boeken en boeken over Fryslân.
Op een tafel liggen allerlei folders en brochures van culturele instellingen. Er is natuurlijk een folder van het Eise Eisinga Planetarium, het oudste werkende planetarium ter wereld. Maar er is ook informatie over het Fries Scheepvaart Museum in Sneek, het Museum Smallingerland in Drachten en andere erfgoedinstellingen.

Het Fries Museum biedt verschillende museumlessen aan het primair onderwijs aan, zoals ‘Met mevrouw Rommelkont het museum rond” voor groep 3 en 4 (over verzamelen, bewaren en tentoonstellen, vroeger en nu), Museumflits voor groep 5-8 en Friesland in de Gouden Eeuw voor groep 7-8. Ook beschikt het over diverse leskisten, bijvoorbeeld over terpen en de Tweede Wereldoorlog.

De stichting Entoen.nu toont materiaal dat gebruikt wordt om de belangstelling voor de Canon te stimuleren, zoals de duimstok met de vijftig vensters van de Canon, de Canonpuzzel en het Canonbordspel.
Workshops
Dan is het tijd voor de workshops, die in twee ronden worden gehouden. Hieronder volgt een verslag van een aantal van deze workshops1.
Erfgoed werkt!

Een kleine quiz is voldoende om de deelnemers aan de workshop ‘Erfgoed werkt!’ te laten ontdekken dat woorden in veel gevallen niet op kunnen tegen de zeggingskracht van een icoon. Geen van de aanwezigen weet het rijtje ‘Karel V, Barrahuis en topjurist’ te koppelen aan de beroemde staatsman Viglius van Aytta, terwijl het portret van Marijke Meu onmiddellijk herkenning oproept bij de aanwezigen. Veel iconen in de canon zijn Fries erfgoed. Workshopleider Jan van Zijverden, hoofd educatie & informatie van het Fries Museum, gaat in zijn workshop in op de betekenis van erfgoed en het gebruik van erfgoed in de klas. Erfgoed maakt het verleden tastbaar, stimuleert de herinnering en prikkelt de geest. Daarnaast is het een bron van informatie. Rode draad in zijn betoog is dat erfgoed op een effectieve manier moet worden ingezet. Hij demonstreert ter plekke het verschil tussen het zien van een plaatje van een Jodenster en het in handen krijgen van een origineel exemplaar. De deelnemers die het object even mogen vasthouden onderschrijven de stelling van harte. Het gebruik van originele objecten in de klas is sterk te prefereren boven de plaatjes uit het schoolboek. Nog beter is het volgens Van Zijverden om de klas mee te nemen naar een monument, een plaats van herinnering of een museum. Een object komt in zo’n omgeving pas echt tot zijn recht. Ter vergelijking, ‘als u uw klas met de muziek van Mozart wilt laten kennis maken heeft u de keuze, u kunt een CD draaien, een van de hoornisten zijn partij in de klas laten blazen of naar het Concertgebouw gaan...’. Van Zijverden sluit af met de stelling dat ‘kinderen recht hebben op kwaliteit’ ook op het gebied van erfgoededucatie. Kwaliteit is een moeilijk begrip en hoeft niet persé gekoppeld te zijn aan de omvang van een organisatie. Let als docent op het gebruik van originele objecten en bronnen, de originaliteit van het aangeboden product en de professionaliteit van de uitvoering. Hopelijk bieden deze drie aanknopingspunten voldoende houvast om een verantwoorde keuze te maken uit het overstelpende aanbod aan producten op het gebied van erfgoededucatie. Ook hier is de parallel met een ander vak snel gevonden: ‘bij gymnastiek laat u uw leerlingen ook niet aan de ringen hangen als de touwen versleten zijn...’.

“Ik vind die Friese Canon een goed idee. De geschiedenis van je eigen dorp, van je eigen regio, dat is heel belangrijk voor de kinderen.”
Leerkracht basisonderwijs

Een voetballer in mijn les? Wat moet ik ermee?

Doel van de workshop is de mensen door het venster van Abe Lenstra te laten kijken. Abe is dan wel de icoon maar wanneer je op de juiste manier door het venster kijkt dan zie je dat er veel mogelijkheden zijn om hier iets mee te doen. Het is een interactieve workshop waarin een soort onderwijsleergesprek plaatsvindt. Vervolgens worden de mensen rond geleid in de pronkkamer van het stadion en zien ze hoe de voetballerij er in de tijd van Abe uitzag. Aardig om de verschillen op te merken en vooral ook weer om de mogelijkheden te ontdekken van het onderwerp Abe Lenstra. Er wordt gewezen op de toepassing van andere vakken dan geschiedenis.


41 Friese educlips en hun mogelijkheden

Regisseur Bart Kingma van Omrop Fryslân geeft een toelichting bij de educlips (duur: 5 minuten) die de regionale omroep van Friesland heeft gemaakt of nog gaat maken bij elke van de 41 vensters van de Canon van de geschiedenis van Friesland. De clips zijn uitsluitend gebaseerd op de gegevens die te vinden zijn in de tekst bij het betreffende venster. Zij zijn bedoeld als ‘aanbod’ aan het onderwijsveld. Alle 41 staan straks op de website. Eén van deze clips wordt vertoond en wel in twee versies, de korte van 5 minuten en een ‘aangeklede’ versie van 10 minuten, die echter inhoudelijk niets toevoegt.

Van de kant van de deelnemers wordt uitgesproken positief gereageerd op de vertoonde clip. Een vwo-leraar merkt op dat zijn leerlingen films die bedoeld zijn om hen nader tot de geschiedenis te brengen, al snel te traag vinden (bijv. de documentaires van de serie ‘Het Verleden van Nederland’). In dit geval speelt dit uiteraard niet. Van de kant van basisschoolleraren wordt naar voren gebracht dat de clip, hoe speels ook, toch te hoog gegrepen is voor kinderen van 7 tot 8 jaar, die overigens juist zeer ontvankelijk zijn voor (historische) verhalen. Regisseur Kingma antwoordt hierop dat zo’n tien van de 41 onderwerpen zich ervoor lenen om ook op een lager niveau te worden uitgebracht. Verder wordt gesteld dat de uitwisseling van ervaringen van docenten die met deze clips gaan werken, zeer wenselijk is.

“Die clips zetten je aan het denken. Wat moet ik er mee? Daar ben ik trouwens nog niet uit.”


Leerkracht

De canon en de schatten van Tresoar

Theo Kuipers, medewerker educatie Tresoar, verzorgt deze workshop. Tresoar stelt bronnenmateriaal beschikbaar uit bibliotheek en archieven over de geschiedenis van Fryslân. De nadruk daarbij ligt op informatie dichtbij, de geschiedenis 'om de hoek'.

1. De website: Jong Tresoar

Aan de hand van een mapje kaarten, dat de deelnemers uitgereikt krijgen, vertelt Kuipers over de mogelijkheden van het bronnenmateriaal. De kaarten bijvoorbeeld, staan in hoge resolutie online, zodat er zeer ver ingezoomd kan worden.

Daarbij zijn er opdrachten gemaakt, zodat de leerlingen aan de slag kunnen met de kaarten en plattegronden. Het niveau is bovenbouw basisschool, eerste jaren voortgezet onderwijs.

2. Op een ander deel van de site van Tresoar zijn de tien tijdvakken van De Rooij onder iconen uit de Nederlandse canon toegankelijk. Misschien worden hier in de toekomst ook de Friese iconen bij toegepast. Voor de verschillende tijdvakken is een groeiende stroom bronnenmateriaal beschikbaar. Leerlingen kunnen bijvoorbeeld aan de hand van brieven van soldaten uit de Napoleontische tijd heel dicht bij hun dorp of stad tweehonderd jaar geleden komen.

Bij dit materiaal zijn geen opdrachten gemaakt door Tresoar, vooral ook vanwege de vele niveaus waarop het inzetbaar is. Maar wel is er ruimte voor initiatieven uit het onderwijs: bijzonder geslaagde projecten en lessen kunnen er gepubliceerd worden, zodat andere scholen er hun voordeel mee kunnen doen.

Tresoar gaat verder dan alleen bronnenmateriaal leveren. Ook aan concrete vragen uit het veld naar voorbeeldlessen en gerichte projecten, kan vaak voldaan worden.

Bij de discussie met de groep wordt ingegaan op de aantrekkelijkheid van lokaal materiaal. Een probleem dat gesignaleerd wordt is de beschikbaarheid van voldoende computers, vooral in het voortgezet onderwijs. In het basisonderwijs is het digibord bezig aan een veroveringstocht door Nederland. Dit materiaal leent zich bij uitstek voor dat platform.

De uitwisseling van opdrachten biedt kansen: “Je hebt niet altijd zelf de tijd veel leuke opdrachten te bedenken voor je groep”.


Aan het eind van de bijeenkomst peilt dagvoorzitster Gryt van Duinen nog even wat meningen over de bijeenkomst. De reacties zijn vrijwel unaniem positief: “Heel interessant” en “Goed initiatief”. Een PABO-student zegt: “Ik heb heel veel geleerd, het was heel interessant. Het was alleen jammer dat ik niet alle workshops kon bijwonen.”



1 Voor de verslagen van de workshops is gebruik gemaakt van de aantekeningen die deelnemers aan de Canonbijeenkomst maakten.





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina