De Commedia dell’Arte We gaan terug naar de zestiende eeuw en maken daar kennis met de Commedia dell’Arte



Dovnload 22.08 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte22.08 Kb.
De Commedia dell’Arte
We gaan terug naar de zestiende eeuw en maken daar kennis met de Commedia dell’Arte, het ‘typentoneel’, de verre voorloper van het improvisatietheater. Het vroegst bekende gezelschap trad in 1567 op in Mantova. Tot bijna in de 18e eeuw zette de Commedia dell'Arte, de Commedia delle maschere of commedia all’Italiana de toon.
De Commedia dell’Arte bracht op straat geïmproviseerde toneelstukken. Over de herkomst van deze theatervorm is weinig zeker, maar er zijn aanwijzingen genoeg om terug te gaan tot Griekse en Romeinse vormen van komedie. Tegenover de "geleerde" komedie, die aan de hoven en academies werd opgevoerd door gelegenheidsacteurs, belichaamde de Commedia dell’Arte de scenische volkshumor. Vanaf 1545 traden daarin nog uitsluitend beroepsacteurs op die het beste van hun ‘arte’ toonden.

Let wel op: ‘arte’ slaat niet op kunst, maar op beroep, stiel, ambacht. Artigiano, artigianato, artisanat…….
Commedia dell’Arte kent geen geschreven tekst. De hoofdinhoud van het stuk was vastgelegd in een scenario, waarop de spelers verder improviseerden, elk naar eigen smaak en talent.
In dit verband duikt het woord Canovaccio op, het stramien van een stuk, het canvas. ( Denk hierbij ook aan het logo van de televisiezender.) Canovaccio staat in het Italiaans voor een grof geweven stof die dient voor vaatdoeken, handdoeken of zeilen. Ook bij het vervaardigen van wandtapijten wordt het gebruikt.
In de Commedia dell’Arte werden komische koddige verhaaltjes gebracht met veel lazzi… dat waren grappige meestal vaststaande verwikkelingen. Steeds traden dezelfde personages te voorschijn, stereotiepe figuren met steeds dezelfde naam, een direct herkenbaar uiterlijk en een zelfde karakter. De meeste van die rollen werd vertolkt door gemaskerde acteurs. Deze stereotype figuren waren vaak verbonden aan de een of andere Italiaanse stad of streek.
Wat de karakters allemaal precies zeiden en deden op het toneel, dat stond niet vast. Men wist waar men uit moest komen, en het was zaak dat op een zo prettig mogelijke manier te doen. (zie pag. 4 voor een voorbeeld)

Er werden zoveel mogelijk toespelingen op actuele gebeurtenissen en personen ingelast, gapingen in de handeling werden opgevuld met visuele grappen, met zorgvuldig voorbereide tirades, acrobatische capriolen, muziek, dans, pantomime, enz. En daar was dus heel veel arte, vakkennis voor nodig. De improvisatie bracht met zich mee dat de acteurs bijzonder goed op de hoogte moesten zijn van elkaars reactie. Rollen van een zelfde karakter werden dan ook vrijwel steeds aan een zelfde acteur toevertrouwd.

In de 17e eeuw werd het geheel nog spectaculairder door het inlassen van elementen uit de fabels en de mythologie en het gebruik van mechanische trucs ("kunst- en vliegwerk"). De spelersgezelschappen trokken door heel Europa. Zo speelden Italianen onder andere samen met Molière in Parijs, eerst in hun eigen taal, later ook in het Frans. Hun invloed op het Franse toneel (Molière, Marivaux, Beaumarchais…) is bijzonder groot.

Omstreeks 1700 raakte de commedia dell'arte in verval, o.a. door concurrentie van het Franse toneel, van het melodrama en van de theaterhervorming van Carlo Goldoni. Hij bracht dit exclusief Italiaanse genre de doodsteek toe. Wel bleven de figuren tot op de huidige dag voortleven in ballet en pantomime, carnaval, het traditionele poppentheater.



  • De Zanni: (enkele van de belangrijkste knechten)



Arlecchino (Harlekijn) Brighella Pulcinella Colombina Piedrolino

Arlecchino is een Zanni, een 'Jantje'. Afkomstig uit Mantua. Hij is bij ons ook wel bekend als Harlekijn. Meestal is hij de knecht van de Pantalone of soms ook van een van de andere Vecchio. Hij speelde een steeds belangrijkere rol, naarmate de Commedia dell’Arte langer bestond. Hij is verliefd op Colombina, maar elke vrouw die hij ontmoet krijgt zijn onverdeelde aandacht!

Brighella is de werkgever van Arlecchino en is wel een Zanni, een knecht, maar is toch iets beter bemiddeld dan de andere knechten. Soms is hij een waarzegger.

Pulcinella is via Engeland (Mr. Punch) bij ons gekomen als Jan Klaassen. In Duitsland heet hij Hanswurst, in Oostenrijk Kasperle. Hij is meestal de domme knecht die doet alsof hij intelligent is of vice versa. Komt uit Napels en is een arme knecht die niet veel te verliezen heeft. Is in het wit gekleed en is vaak op zichzelf gericht. Hij zorgt voor een extra humoristische noot in het plot.

Piedrolino (pierrot) Wit gezicht zonder masker, vaak het voorwerp van spot.
Colombina is een vrouwelijke zanni, die de meid is van de innamorata, ze is meestal niet gemaskerd, maar heeft sprekend opgemaakte ogen. Kwam uit Toscane. Vrolijk en vastberaden om efficiënt te helpen. Is verliefd op Arlecchino, maar doorziet hem wel.


  • De Innamorati (de verliefden)

De verliefde meisjes dragen namen als Isabella, Angelica, Eularia, Flaminia, Vittoria, Silvia, Lavinia, Ortensia, Aurelia, …

De jongemannen heten Silvio, Fabrizio, Aurelio, Orazio, Ottavio, Ortensio, Lelio, Flavio, Leandro, Cinzio, Florindo, Lindoro, …

De verliefden dragen geen maskers.

De innamorati bevinden zich vaak in een hopeloze situatie, omdat hun liefde gedwarsboomd wordt door de oude mannen . (Hun vaders of oude snoepers met veel geld die ook nog een groen blaadje lusten). Ze krijgen echter de hulp van hun knechten (Zanni)


  • De Vecchi (oude mannen)

Dottore Capitano Pantalone

Dottore: De (pseudo-)geleerde uit Bologna. Vaak vrijgezel of weduwnaar en vaak ook vader van een van de geliefden. Gebruikt graag geleerde woorden en Latijn om te imponeren, maar hij maakt ook grove grappen die seksueel getint zijn. Hij is vaak arm. Draagt meestal zwarte kleren, een witte bef en een masker.

Capitano: Een verwaande snoeshaan die vaak van vreemde (Spaanse) origine is. Hij draagt een masker met een lange neus en heeft een rijzige gestalte. Zijn zwaard is enkel bedoeld als versiering, hij gebruikt het nooit om te vechten. Hij is vaak in dienst van de rijke Pantalone en wil niets liever dan zelf fortuin maken. Hij geeft vaak hoogdravende speeches om indruk te maken.

Pantalone: Rijke oude (vaak impotente) vrek, die aan de touwtjes trekt in de Commedia dell’Arte. Hij is ofwel vader, werkgever of peetvader van de andere spelers. Hij is Venetiaan en is in zwart en/of rood gekleed en gemaskerd. Hij heeft vaak een haakneus en loopt voorovergebogen van de ouderdom. In vele stukken probeert hij zijn dochter te verpatsen aan een rijke oude man zonder haar een bruidschat te geven. Hij denkt dat alles te koop is, zelfs liefde.

Geen enkele andere vorm van toneel vergt zoveel virtuositeit, omdat hij op improvisatie berust. Alleen een algemeen scenario, dat de gang van de handeling aangeeft, is van tevoren bepaald. Iedere speler is jarenlang gespecialiseerd in het type dat hij moet uitbeelden. Hij kent dus de stereotiepe gebaren en grappen van de figuur, maar vooral is hij volkomen doordrongen van het karakter dat hij heeft uit te beelden.



Een fragment uit een canovaccio (scenario): De optredende personages zijn o.a. Brighella (de sluwe dienaar), Pantalone, de dwaze oude man, Truffaldino, eveneens een slimme dienaar, verwant aan de Arlecchino, Tartaglia, de dikke, half en half "geleerde' kluchtfiguur, en tenslotte het minnende paar: Florindo en Rosaura.

Brighella (de dienaar) komt binnen, ziet niemand en roept. Pantalone (angstig) komt binnen.

Brighella wil de dienst verlaten enz. . Pantalon bezweert hem dit niet te doen. Brighella laat zich vermurwen en belooft zijn hulp.

Pantalon zegt dat de schuldeisers betaald willen worden, speciaal Truffaldino en dat juist die dag het uitstel afloopt, enz. Brighella stelt hem gerust.



Op dat ogenblik:

Truffaldino scene dat hij betaald wil worden. Brighella vindt een middel om hem weg te sturen.



Op dat ogenblik:

Tartaglia luistert aan het raam. Brighella ziet dit, hij mimeert dat Pantalon geweldig rijk is.

Tartaglia op straat, speelt dat hij een aalmoes van Pantalon wil.' 

Tenslotte komen zij overeen, dat de dochter van Tartaglia met de zoon van Pantalon zal trouwen.



Op dat ogenblik:

Tartaglia zegt dat hij zijn geld wil. Brighella doet alsof Pantalone het hem geeft. 

Na dit drie keer gedaan te hebben, allen af.

Florindo (de jonge minnaar) spreekt over zijn liefde voor Rosaura en over zijn honger. 

Hij klopt.

Rosaura wil hem op de proef stellen en vraagt een cadeau. (…)



De dialogen hebben heel vaak een typisch satirisch karakter: alle actuele gebeurtenissen en alle 'belangrijke' mensen die daarbij een rol vervullen, worden op de korrel genomen. Wij zien duidelijk dat wij op dat ogenblik middenin de renaissance staan, een tijd waarin de individuele uiting, de eigen mening en de persoonlijke kritiek grote waarde hebben gekregen.

Dramatiek in de 16de en 17de eeuw: Commedia dell’Arte - tekst Mia Mortier (met dank)




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina