De Eerste Wereldoorlog Situering in tijd en ruimte 1 Situering in tijd



Dovnload 43.64 Kb.
Datum14.08.2016
Grootte43.64 Kb.
De Eerste Wereldoorlog
1. Situering in tijd en ruimte
1.1 Situering in tijd : duid de mijlpaal aan op de onderstaande tijdslijn (van ……………… n.Chr. - ……………… n.Chr.).
1910 1911 1912 1913 1914 1915 1916 1917 1918 1919 1920 1921

In welke periode van de geschiedenis bevinden we ons hier : plaats een kruisje bij de juiste periode :


 De Oudheid

 De Middeleeuwen

 De Nieuwe Tijden

De Nieuwste Tijden


1.2 Situering in ruimte :

1


Bestudeer de kaart : hoe liep de loopgravenlinie aan het Westfront?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………



2. Aanleiding tot de Eerste Wereldoorlog
Op 28 juni 1914 werden Aartshertog Frans-Ferdinand (de troonopvolger van Keizer Frans-Jozef) en zijn echtgenote prinses Sophie, vermoord door een Servische student in Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië.

De medeplichtigheid van Servië aan de moord werd niet bewezen, maar Oostenrijk-Hongarije stelde Servië en de Groot-Servische Beweging voor de aanslag aansprakelijk. Een maand later stuurde de Oostenrijkse keizer Frans-Jozef, nadat hij met keizer Wilhelm II overlegd had, een laatste ultimatum aan Servië. Hierin eiste hij dat de moordenaars, onder controle van Oostenrijk-Hongarije, gestraft werden. Servië weigerde een Oostenrijks onderzoek op eigen bodem.

De schoten die op Aartshertog Frans-Ferdinand en zijn echtgenote in Sarajevo werden afgevuurd, waren de historische aanleiding tot een bloedige vier jaar durende oorlog die zou uitdijen tot een Wereldoorlog.

Europa werd in twee kampen verdeeld : enerzijds de bondgenoten van de Duitsers en de Oostenrijkers die men de Centralen noemde, en anderzijds de tegenstanders (Frankrijk en Engeland) die men de Geallieerden noemde.


Opdracht 1 : los met behulp van bovenstaande tekst de volgende vraagjes op.


  1. Wat was de aanleiding tot de ‘Grote Oorlog’, later Eerste Wereldoorlog genoemd?

………………………………………………………………………………………………………………………………………


………………………………………………………………………………………………………………………………………


  1. Welke partijen stonden in 1914 tegenover elkaar?





Oorlogvoerende partij



Voornaamste landen










  1. Welke Europese landen hielden zich afzijdig?

………………………………………………………………………………………………………………………………………


………………………………………………………………………………………………………………………………………
3. Hoe de Eerste Wereldoorlog verliep
In een bliksemoffensief rukten de Duitse troepen op tegen Frankrijk. Zonder verpinken schonden ze de neutraliteit van ons land, en marcheerden dwars doorheen België om de Fransen, naar ze hoopten, snel uit te schakelen. Zo dachten ze de Engelsen uit Europa te kunnen weren, om dan in het oosten Rusland aan te pakken. Hun offensief liep evenwel dood aan de rivieren de Marne (Frankrijk) en de IJzer (Vlaanderen). De soldaten groeven zich in. Van aan de Zwitserse grens tot in de Vlaamse Westhoek liep een bijna ononderbroken loopgracht.

Gedurende vier jaar werd er in de loopgraven een verschrikkelijke, bloedige stellingenoorlog uitgevochten. Die kostte het leven aan vele honderdduizenden jonge soldaten, die sneuvelden voor enkele meters terrein, die kort nadien snel terug verloren werden...


Opdracht 2 : los met behulp van bovenstaande tekst de volgende vraagjes op.


  1. Welke fases kunnen in het verloop van de Eerste Wereldoorlog worden onderscheiden?

 Bliksemoffensief : ………………………………………………………………………………………………


………………………………………………………………………………………………………………………………………
 Stellingenoorlog : …………………………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………………………………………………………………


  1. Extra : waardoor kwam de Duitse opmars tot stilstand aan de IJzer?

………………………………………………………………………………………………………………………………………



2

Reconstructie van een dreadnought



4. Gevolgen van de Eerste Wereldoorlog
De kaart van Europa werd na de Eerste Wereldoorlog gewijzigd. Het Russische keizerrijk was door de Russische Revolutie (1917) verdwenen, de Duitse keizer was na de overgave gevlucht en het Oostenrijk-Hongaarse keizerrijk bestond niet meer. De nieuwe grootmachten werden nu de V.S.A., Groot-Brittanië, Frankrijk en Italië. Zij kwamen bijeen in het verdrag van Versailles (1919) om de verliezers te straffen.

Duitsland moest de schuld van de oorlog op zich nemen. Het verloor alle kolonies, stond heel wat van zijn grondgebied af en zou een oorlogsschatting van 132 miljard goudmark moeten betalen. Militair werd het in zijn hemd gezet.

De prijs die betaald werd in mensenlevens en materiële schade was zo hoog, dat de wereldleiders alles in het werk stelden om de slogan ‘nooit meer oorlog’ waar te maken. In 1919 werd de Volkenbond opgericht. Zijn opdracht was ervoor te zorgen dat gewapende conflicten tussen de lidstaten werden vermeden.
Opdracht 3 : noteer hieronder met behulp van bovenstaande tekst de vier belangrijkste gevolgen van de Eerste Wereldoorlog.
 …………………………………………………………………………………………………………………………………
 …………………………………………………………………………………………………………………………………
 …………………………………………………………………………………………………………………………………
 …………………………………………………………………………………………………………………………………

3

5. In de loopgraven : het verhaal van een soldaat







Het leven in de loopgraven is een ware hel. We leven hier op een dun laagje hout en stro, bovenop een modderbrij. Bij elke stap zakt de bovenlaag wat dieper zodat de modder soms tot aan de knie reikt. Voor ons ligt een echt maanlandschap. In de bomtrechters liggen nog gesneuvelde Duitse soldaten, die twee dagen geleden een stormloop hielden op onze linies. Hun lichamen verspreiden een walgelijke lijkgeur. Het krioelt hier van de ratten die zich aan de lijken goed doen. De bevoorrading is gebrekkig : het eten is altijd koud en het brood is dikwijls een week oud.

Maar het onverdraaglijkste van al is het vijandelijk kanonvuur dat in een enorme gloed van vuur en rondvliegend metaal de drekkige grond omploegt. Sommigen zijn al in de dichtslaande modderbrij gestikt en anderen zijn krankzinnig geworden van het wachten tot ze door een granaat zullen worden uiteengereten. ’s Nachts doen we geen oog dicht door het onophoudelijk afschieten van lichtkogels.

We hoorden onlangs dat de Duitsers gassen gebruiken en dat de Franse gasmaskers er niet tegen kunnen beschermen. Longen en ogen worden verbrand. Af en toe ronkt boven onze hoofden een vliegmachine die de situatie komt verkennen. Verleden week werd hier een Franse vliegmachine door een Duitse neergehaald. De vliegenier en de waarnemer kwamen om.


Opdracht 4 : los met behulp van bovenstaande tekst de volgende vraagjes op.


  1. Wie denk je dat hier aan het woord is?

 Een Duits soldaat


Een Belgisch soldaat


  1. In elke alinea wordt een onderwerp behandeld. Schrijf ze op!

………………………………………………………………………………………………………………………………………


………………………………………………………………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………………………………………………………………

Quiz je mee?
Opdracht 5 : los als afsluitende oefening de volgende quiz op.


  1. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd ook in Afrika gevochten.

 Juist

 Onjuist




  1. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kenden de Japanners meer dodelijke slachtoffers dan de Belgen.

 Juist

 Onjuist




  1. Ook vrouwen vochten mee tijdens de Eerste Wereldoorlog.

 Juist

 Onjuist




  1. De grote oorlog kostte de Centrale machten meer dan de geallieerden.

 Juist

 Onjuist




  1. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bleven Zwitserland en Spanje neutraal.

 Juist

 Onjuist




  1. De eersten die tijdens Wereldoorlog 1 gas gebruikten, waren de Duitsers.

 Juist

 Onjuist




  1. De Verenigde Staten van Amerika hebben deelgenomen aan de Eerste Wereldoorlog.

 Juist

 Onjuist




  1. Aan het Westelijk Front zijn tijdens de Eerste Wereldoorlog bij het Franse leger op grote schaal muiterijen uitgebroken.

 Juist

 Onjuist




  1. Rusland sloot in 1917 een wapenstilstand met Duitsland.

 Juist

 Onjuist




  1. Het aantal doden als gevolg van de Eerste Wereldoorlog wordt geschat op 10.000.000 mensen.

 Juist

 Onjuist



Mijlpaal 15 De Eerste Wereldoorlog




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina