De gemeenteraad



Dovnload 27.2 Kb.
Datum07.10.2016
Grootte27.2 Kb.

GEMEENTELIJK REGLEMENT HOUDENDE DE VOORWAARDEN TOT HET EXPLOITEREN VAN EEN DIENST VOOR HET VERHUREN VAN VOERTUIGEN MET BESTUURDER



DE GEMEENTERAAD,

Gelet op artikel 117 van de Nieuwe Gemeentewet;
Gelet op het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg en tot oprichting van de Mobiliteitsraad van Vlaanderen verschenen in het Staatsblad van 21 augustus 2001, aangevuld met wijzigingen;
Gelet op het besluit van 18 juli 2003 betreffende de taxidiensten en de diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder;

Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;

Na beraadslaging in openbare zitting;

Met … stemmen voor, … stemmen tegen en … onthoudingen;



BESLUIT

HOOFDSTUK 1. VERGUNNING EN EXPLOITATIE



Afdeling 1 - Vergunning
Artikel 1. Niemand mag, zonder vergunning, een dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder op het grondgebied van ………… (naam gemeente) exploiteren door middel van één of meer voertuigen. Bij een dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder moeten de ritten op voorhand zijn afgesproken. Bovendien moet het voertuig ter beschikking gesteld worden van de klant gedurende ten minste drie uur. Als het voertuig voor een kortere duur wordt ter beschikking gesteld, gaat het om een taxi.

Artikel 2. De vergunning voor het exploiteren van een dienst van verhuurvoertuigen met bestuurder wordt aangevraagd bij het College van Burgemeester en Schepenen met een aangetekende brief. Het model van het aanvraagformulier is gevoegd als bijlage 1 bij dit reglement.

De kandidaat-exploitant voegt de gewenste tarieven bij zijn vergunningsaanvraag. De exploitant kan tijdens de duur van de exploitatie van de vergunning een aanpassing van de tarieven aanvragen.
Artikel 3. Onder de voorwaarden vastgesteld door de Gemeenteraad in dit reglement wordt de vergunning of de hernieuwing van de vergunning voor het exploiteren van een dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder verleend door het College van Burgemeester en Schepenen van ………… (naam gemeente) op wiens grondgebied de exploitatiezetel van de kandidaat-vergunninghouder is gevestigd. De vergunning wordt uitgereikt binnen een termijn van drie maanden na de indiening van de aanvraag.
Artikel 4. Het College van Burgemeester en Schepenen kan slechts één vergunning afgeven per exploitant. De vergunning wordt afgegeven aan elke natuurlijke of rechtspersoon die erom verzoekt. De vergunning vermeldt het aantal voertuigen waarvoor ze afgegeven werd.

In de vergunning wordt er aan elk toegelaten voertuig een identificatienummer toegekend. Dat nummer bestaat uit vier cijfers. Elk identificatienummer kan slechts éénmaal worden toegewezen. De vergunning geeft een opsomming van de identificatienummers.


Artikel 5. De vergunning wordt slechts afgegeven aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die hetzij eigenaar is van het of de voertuigen, hetzij er de beschikking over heeft door een contract van aankoop op afbetaling, hetzij door een leasingovereenkomst.

De vergunninghouder van wie een voertuig tijdelijk niet beschikbaar is ten gevolge van een ongeval, een ernstig mechanisch defect, brand of diefstal kan, op zijn verzoek, gemachtigd worden zijn dienst te verrichten door middel van een vervangingsvoertuig dat hij niet in eigendom heeft en waarvoor hij evenmin een contract van aankoop op afbetaling of een leasingovereenkomst kan voorleggen.


Deze machtiging wordt voor maximum 3 maanden verleend en is niet hernieuwbaar.
De machtiging om de dienst te verrichten met een vervangingsvoertuig wordt aangevraagd bij het College van Burgemeester en Schepenen.
De exploitant mag een vervangingsvoertuig inzetten op voorwaarde dat hij over de vervangingskaart voor een verhuurvoertuig met bestuurder en de twee vervangingskentekens beschikt. Het stadsbestuur reikt binnen de twee werkdagen na de aanvraag de vervangingskaart en de vervangingstekens uit.

Na afloop van de toegestane termijn levert de exploitant binnen twee werkdagen de vervangingskaarten voor een verhuurvoertuig met bestuurder in bij het stadsbestuur.



Artikel 6. De vergunning is persoonlijk en onoverdraagbaar.


Artikel 7. §1. De duur van de vergunning is vijf jaar. De vergunning kan voor dezelfde duur hernieuwd worden. Zij kan voor minder dan vijf jaar verleend of hernieuwd worden als bijzondere, in de vergunning of hernieuwingsakte vermelde omstandigheden, die afwijking wettigen.

Artikel 8. Bij een met redenen omklede beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen kan de vergunning ingetrokken of voor een bepaalde duur geschorst worden of kan de hernieuwing van de vergunning voor alle of sommige voertuigen worden geweigerd wegens één van volgende redenen:



  • indien de exploitant de bepalingen van de exploitatievoorwaarden, het decreet van 20 april 2001 en de uitvoeringsbesluiten ervan niet naleeft;

  • indien de exploitant niet langer voldoet aan de voorwaarden inzake zedelijkheid, beroepsbekwaamheid of solvabiliteit;

  • indien de exploitant de, op hem van toepassing zijnde wetgeving in het kader van zijn beroepsuitoefening, niet naleeft.



Artikel 9. Tegen de in artikel 8 genoemde beslissingen, of in voorkomend geval bij ontstentenis van beslissing binnen drie maanden na de indienen van de aanvraag, kan beroep ingesteld worden bij de bestendige deputatie van de provincie ……………. (naam provincie) die bij een met redenen omklede beslissing uitspraak doet binnen drie maanden na het ontvangen van het beroepsschrift.
Het beroep moet worden ingediend bij aangetekend schrijven binnen vijftien dagen na de betekening van de beslissing tot weigering of binnen vijftien dagen na de datum waarop de termijn van drie maanden verstrijkt die op de indiening van de aanvraag volgt.

Indien de bestendige deputatie geen beslissing genomen heeft binnen de gestelde termijn kan de aanvrager bij aangetekend schrijven, vragen om binnen de dertig dagen na de verzending, een beslissing te nemen. Indien binnen deze termijn de bestendige deputatie niet heeft beslist, wordt het beroep geacht te zijn ingewilligd.

Artikel 10. Indien de exploitant het aantal voertuigen, dat ingezet wordt gedurende de geldigheidsduur van de vergunning, wenst te verhogen of te verlagen, wijzigt het College van Burgemeester en Schepenen op zijn aanvraag en tot het aflopen van de vergunning, het aantal voertuigen dat in de vergunningsakte vermeld wordt.
Artikel 11. De vergunning wordt afgegeven na een onderzoek omtrent de door de aanvrager gegeven zedelijke waarborgen, zijn beroepsbekwaamheid en zijn solvabiliteit.

Artikel 12. Wanneer de vergunning aan een rechtspersoon wordt afgegeven, moet de zaakvoerder voldoen aan de voorwaarden opgelegd aan een natuurlijk persoon om houder te worden van de vergunning, en dit gedurende de hele duur van de exploitatie.

Artikel 13. Het aantal vergunningen en voertuigen voor een dienst van verhuurvoertuigen met bestuurder is onbeperkt.
Afdeling 2 - Exploitatie
Artikel 14. De exploitant met een vergunning van een taxidienst, mag een taxi inzetten als dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder, mits toelating van het College van Burgemeester en Schepenen.

De taxi die ingezet wordt als dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder mag een taximeter houden aan boord van het voertuig.

Artikel 15. De verhuring door de exploitant, onder welke vorm dan ook, van het voertuig(en) aan enigerlei persoon die het voertuig(en) zelf bestuurt of laat besturen, is verboden.
Artikel 16. Elke verhuring geeft aanleiding tot een inschrijving in een register, dat gehouden wordt op de zetel van de onderneming en waarin de datum en het uur van de bestelling voorkomen alsook het precieze voorwerp van het verhuurcontract en de prijs ervan. Dit register dient gedurende vijf jaar vanaf de ingebruikname ervan, op de zetel van de onderneming te worden bewaard.

Artikel 17. Het voertuig mag slechts ter beschikking gesteld worden van een welbepaalde natuurlijke of rechtspersoon krachtens een schriftelijke overeenkomst naar het model vastgelegd door de Vlaamse regering (zie bijlage 2 bij dit reglement) . Een exemplaar van de overeenkomst bevindt zich op de zetel van de onderneming en een kopie aan boord van het voertuig wanneer de ondertekening van de overeenkomst voorafgaat aan het instappen van de klant. In de andere gevallen bevindt de originele overeenkomst zich aan boord van het voertuig.

De schriftelijke overeenkomst vermeldt in elk geval dat het voertuig ter beschikking gesteld wordt van de natuurlijke persoon of rechtspersoon voor een duur van ten minste drie uren.

De overeenkomsten en de eventuele ontwerpovereenkomsten krijgen een doorlopende nummering. De exploitanten bewaren gedurende vijf jaar alle overeenkomsten op de zetel van hun onderneming. Ze zijn gehouden die te bewaren in de volgorde van hun nummering.


Artikel 18. Het voertuig mag zich noch op de openbare weg begeven noch erop stilstaan, indien het niet vooraf op de zetel van de onderneming verhuurd is.
Artikel 19. Het huurcontract slaat enkel op het voertuig en niet op de zitplaatsen ervan.
Artikel 20. Elk voertuig dat in dienst is, heeft een kaart voor een verhuurvoertuig met bestuurder aan boord.

In geval van verlies, diefstal of vernietiging van de kaart voor een verhuurvoertuig met bestuurder wordt een nieuwe kaart met vermelding “duplicaat” uitgereikt door de gemeente op vertoon van een attest van de politie.


Artikel 21. Elk voertuig in dienst heeft leesbaar van buiten uit, twee geplastificeerde herkenningstekens aan boord. Die worden in het voertuig aan de rechterzijde, bovenaan, aan de binnenkant van de voor- en achterruit bevestigd. Bij een motorverhuurvoertuig wordt dat herkenningsteken leesbaar voor derden op het voertuig aangebracht.

De aanvrager dient voor het verkrijgen van dit herkenningsteken de vergunning en een uittreksel uit het handelsregister voor te leggen waaruit blijkt dat hij ingeschreven werd als exploitant van diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder. De kleur van het herkenningsteken is zwart met witte letters.

In geval van verlies, diefstal of vernietiging van het herkenningsteken wordt een nieuw herkenningsteken met de vermelding “duplicaat” door de gemeente uitgereikt op vertoon van een attest van de politie.
Artikel 22. Kentekens die kenmerkend zijn voor als taxi ingezette voertuigen of die hieraan herinneren, mogen noch in noch op het voertuig aangebracht worden.
Artikel 23. Het voertuig mag niet uitgerust zijn met een zend- of ontvangtoestel voor

radioverbinding, zoals bedoeld in artikel 1,4° van de wet van 30 juli 1979 betreffende de radioberichtgeving met uitzondering van de diensten die vergund zijn door het College (uitzondering voor de verhuurvoertuigen met bestuurder die ingezet worden als taxidienst).


Artikel 24. De exploitanten mogen voor de diensten voor het verhuren van voertuigen met bestuurder geen reclame maken onder de benaming “taxi” of onder een motto waarin aan dit woord wordt herinnerd.

Artikel 25. De dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder kan ook worden gebruikt door bedrijven, reisbureaus, mutualiteiten, enz…. die met de exploitant een kaderovereenkomst afsluiten om hun klanten, bezoekers, leden, enz…. te vervoeren. In dat geval kan het precieze voorwerp van het verhuurcontract nog niet worden bepaald. Telkens wanneer de exploitant een opdracht krijgt in uitvoering van deze kaderovereenkomst, moet dit worden ingeschreven in het register en moet er een overeenkomst worden opgesteld (zie bijlage 2 bij dit reglement). Het precieze voorwerp van de verhuring moeten worden opgenomen in de overeenkomst.

De essentiële voorwaarde blijft dat het voertuig ter beschikking wordt gesteld van de klant, dus het bedrijf, het reisbureau, de mutualiteit, enz. … voor een duur van minimum drie uur.

HOOFDSTUK 2. BELASTINGEN


Artikel 26. De afgeleverde vergunningen geven aanleiding tot een jaarlijkse en ondeelbare belasting, zoals bepaald in het decreet betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg en tot oprichting van de Mobiliteitsraad van Vlaanderen, ten laste van de natuurlijke of rechtspersoon.


Artikel 27. De belastingen zijn verschuldigd voor het hele jaar, onafhankelijk van het moment waarop de vergunning afgegeven werd. Ze zijn jaarlijks verschuldigd en ondeelbaar ten laste van de houder van de vergunning vermeld op 1 januari van het kalenderjaar of op het moment van de afgifte van de vergunning.

Artikel 28. De vermindering van het aantal voertuigen of de opschorting van de exploitatie met één of meer voertuigen geeft geen aanleiding tot een belastingteruggave. Dit geldt eveneens voor de opschorting of de intrekking van een vergunning of het buiten werking stellen van één of meer voertuigen voor welke reden dan ook.


Het indienen van een klacht heft de invorderbaarheid van de belasting niet op.

Artikel 29. De bedragen van de belastingen worden aangepast volgens de schommelingen van het indexcijfer van de comsumptieprijzen.

HOOFDSTUK 3. TARIEVEN
Artikel 30. Het College van Burgemeester en Schepenen stelt de tarieven vast op voorstel van de exploitant.

Als het voertuig wordt ingezet in opdracht van de VMM, past de exploitant van een dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder de tarieven toe van de Vlaamse Vervoermaatschappij in plaats van de tarieven die de gemeente heeft bepaald.

Hoofdstuk 4. STOPZETTING
Artikel 31. In geval van definitieve beëindiging van de dienst van verhuurvoertuigen met bestuurder brengt de exploitant de gemeente daarvan onmiddellijk op de hoogte en levert hij de eerstvolgende werkdag de vergunning, de herkenningstekens, de kaarten voor verhuurvoertuigen met bestuurder, de vervangingstekens en de vervangingskaart voor een verhuurvoertuig met bestuurder in bij de gemeente. De datum van de effectieve stopzetting is de datum waarop de exploitant deze documenten en tekens ingeleverd heeft bij de gemeente. Hiervan krijgt hij een ontvangstbewijs.

HOOFDSTUK 5. BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET VOERTUIG


Artikel 32 §1. Het voertuig moet het door het cliënteel vereiste comfort en accessoires bieden aan passagiers.

§2. Het voertuig moet periodiek geschouwd worden ten einde na te gaan of het nog voldoet aan alle exploitatievoorwaarden.

Artikel 33. Bepalingen betreffende het vervangingsvoertuig

Op het ogenblik dat de vervangingsvoertuigen ingezet worden, moeten ze daarenboven aan de volgende voorwaarden voldoen:


  • onder de gewone herkenningstekens zijn de twee herkenningstekens bevestigd;

  • de kaart voor een verhuurvoertuig met bestuurder en de vervangingskaart voor verhuurvoertuig bevinden zich aan boord;

  • de vervangingsvoertuigen zijn verzekerd als verhuurvoertuig met bestuurder op het moment van het gebruik.

HOOFDSTUK 6.– STATISTISCHE GEGEVENS


Artikel 34. Iedere verhuurder van wagens met bestuurder dient de statistische gegevens betreffende zijn onderneming waarnaar het stadsbestuur vraagt, te strekken indien deze hierom verzoekt.


De gegevens zijn vertrouwelijk en slechts bestemd voor statistische doeleinden betreffende het personenvervoer.

De statistieken vermelden ten minste het aantal voertuigen en vergunningen en de tarieven.

HOOFDSTUK 7 – HET STATIONEREN

Artikel 35. De exploitant, die door het College van Burgemeester en Schepenen, ertoe gemachtigd wordt een dienst voor het verhuren van voertuigen te exploiteren, mag de voertuigen, die niet in dienst zijn, slechts laten stationeren op plaatsen die zich bevinden op het privé-terrein bestemd voor de exploitatie van een dienst van bezoldigd vervoer van personen waarvan de exploitant van de dienst eigenaar is of erover beschikt en zijnde de zetel van de exploitatie van de onderneming.

Artikel 36. Deze verordening wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.

Door de Raad



De Secretaris, De voorzitter,
Voor eensluidend afschrift

De Secretaris, De Burgemeester,



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina