De hel heeft drie poorten: lust, woede en hebzucht. Ga eraan voorbij



Dovnload 30.53 Kb.
Datum23.07.2016
Grootte30.53 Kb.
Hoofdstuk 16

DE GODDELIJKE EN DE NIET GODDELIJKE AARD


“De hel heeft drie poorten: lust, woede en hebzucht. Ga eraan voorbij”.
We streven allemaal naar het hogere naar het goddelijke, maar hoe moeten we dat doen ? Hoe moeten we leven ? (zie ook les 15) Hoe kunnen we dat ervaren ?

Krishna somt in hoofdstuk 16 de goddelijke eigenschappen op en zelfs als we ervoor kiezen slechts met een ervan grondig te werken, bevordert dit ook de ontwikkeling van de andere goddelijke eigenschappen. Onze aard heeft echter 2 kanten, de een leidt naar vrijheid, de andere naar verdriet en verwarring. Licht en duisternis. Hoewel op zichzelf niets goed of slecht is. We bepalen zelf (vrije keuze) of we het licht of de duisternis in een situatie ervaren. Duisternis is vaak niet weten hoe te handelen of de handeling te stoppen. We weten niet wat onze taak is en wat wel. Mahatma Ghandi zei eens dat een gekwetst en verscheurd individu schade kan aanrichten. En als de mens weer heel wordt, hij een krachtig instrument kan zijn voor eenheid in de wereld.

“Ik ben liever een heel mens, dan een goed mens”, zei Jung
“Het euvel van onze tijd is dat wij het kwaad/de schaduw/het niet goddelijke niet meer kennen”: zei Krisnamurti

Wat is je schaduw ? Dat is die onderdrukte donkere kant van je psyche. Die plunjezak waar je als kind alles hebt ingestopt. Hoe meer je in je plunjezak hebt gestopt, hoe minder energie je over hebt.

Wie werkt aan zijn schaduw heeft een begin gemaakt met het helen van zichzelf.

De schaduw is de andere kant, de uiting van onze onvolmaaktheid en aardsheid, het negatieve, dat onverenigbaar is met de absolute waarden van het leven. D.w.z. het afgrijzen over het voorbij gaan van het leven en de wetenschap van de naderende dood.

De mens kan de schaduw, die in conflict is met de erkende waarden niet aanvaarden als negatief deel van de eigen psyche en projecteert haar daarom d.w.z brengt haar over op de buitenwereld en ervaart haar als een object buiten zichzelf. We geven de ander de schuld. De schaduw wordt bestreden als iets wat buiten ons is, i.p.v. dat we er mee omgaan als een eigen innerlijk probleem. Als we toegeven, dat ook wij het vermogen tot het kwaad in ons hebben, kunnen we vrede sluiten met onze schaduw en vaart ons schip een veilige koers. Heb uw vijand lief als Uzelve, betekent de vijand in onszelf.

De schaduw laat zich echter de mond niet snoeren, zij baant zich steeds opnieuw een weg naar het bewustzijn, in de vorm van bezorgdheid, schuld, angst en depressie. De schaduw is het tegenovergestelde van wat je bewust wenst, fijn vindt, voelt, wilt, van plan bent of gelooft. Wie werkt aan zijn schaduw heeft een begin gemaakt met het helen van zichzelf. Hoe ?Je gebruikt de 2 kanten van dualiteit om tot de kern te komen.


De 1e stap is dat je de verantwoordelijkheid neemt voor je schaduwprojecties. Het is het volledig bewust zijn van beide kanten, van beide tegenstellingen. Als we ons steeds meer bezighouden met onze tegenstellingen, wordt het gaandeweg duidelijk dat al die ongemakken die de schaduw ons aandoet, we onszelf aandoen. Hoe kan je die pijn laten stoppen, door het bewust worden dat we onszelf pijn aan doen. Als je boos bent, ben je boos, als je gedeprimeerd bent, ben je gedeprimeerd. Dus niet onderdrukken. Stop ze niet in je onderbewustzijn. Maar wees ze bewust. Als we ze leren kennen, kunnen we voorkomen dat ze schade aanrichten.
2e Bewust worden van het conflict tussen bewuste en onbewuste aspecten van de persoonlijkheid of persoonlijkheid en omgeving.
3e Inzien dat kwaliteiten die uit het hogere Zelf voortkomen degraderen in de persoonlijkheid.

Mededogen wordt zelfmedelijden

Moed wordt roekeloosheid

Vertrouwen wordt dwaasheid.


4e Waarnemer worden en waarnemen. Bekijk het objectief “dat ben ik niet”. Wisselwerking tussen gewaarwording, emotie, mentale activiteit tot orde roepen.

Ik ben niet het lichaam, de emotie, het denken.

5e Leg een dagboek aan, en leer je persoonlijkheid kennen en herken de complexen, tegenstellingen, de verschillende zelven, de rollen die je speelt. De kenmerken die in het verleden thuishoren (als kind, jonge vrouw/man, vrouw/man) en de invloeden van familie enz.
6e Spanning en moeilijkheden door de strijd in verschillende fasen van zelfverwerkelijking hebben een progressief karakter. Door zuigkracht van het Hogere Zelf vindt er een spirituele transformatieproces plaats.

Door:


1e juiste houding

2e hoe je wil gebruiken (onbewuste wil, persoonlijke wil of de wil van je Hogere Zelf)

3e energieën (seksuele en agressieve) omzetten en sublimeren (naar een hoger niveau opheffen).

4e de energieën vanuit het Hogere Zelf en bovenbewuste niveaus

op juiste waarde schatten.

5e egocentriciteit en introversie omzetten in liefde en dienstbaarheid

6e wederopbouw van hoger innerlijk centrum
Het kwaad in de menselijke psyche komt voort uit het feit dat we niet in staat zijn onze ervaringen samen te voegen, met elkaar te verzoenen. Als we alles wat we zijn omhelzen, zelfs het kwaad, wordt het in ons getransformeerd. Als we alle levende energieën van ons mens-zijn met elkaar in harmonie brengen, wordt het huidige, bloederige gezicht van de wereld getransformeerd tot het gelaat van GOD.
Sutra 1/7

Krishna zei: “Als je een goddelijk bewustzijn wilt bereiken, moet je boven alles vrij zijn van angst, maar ook zuiver van hart, vastberaden om het pad van de waarheid te blijven volgen, altijd vrijgevig, en in staat je zinnen te beheersen. Maak van je leven een offer en ontwikkel een oprecht verlangen naar het bestuderen van de heilige geschriften. Wees oprecht en leef in soberheid”

“Wordt nooit boos en kwets geen enkel schepsel. Wees oprecht en doe met vreugde afstand van wereldse zaken. Leef in vrede, wees eerlijk en heb mededogen met elk schepsel. Wees zachtaardig en bescheiden, begeer niet wat van een ander is en wees nooit wispelturig”.

“Sta vol kracht in het leven, wees vergevingsgezind, moedig bij tegenslag en zuiver van lichaam en geest. Koester geen haat en overwin je trots”.


Krishna noemt in de BG 26 goddelijke eigenschappen op die we allemaal in ons hebben. Het is de basis van ons mens-zijn. Het zijn de yama’s en niyama’s, filosofie van de Klesha’s en de Pratyahara van Patanjali. Men zegt wel eens dat een mens tussen een engel en een duivel staat, omdat we aanleg hebben voor beide. Niet goddelijk betekent dat iets ons naar het tegengestelde van het goddelijke leidt en dus naar angst, ons leven verlagen en ten gronde richten.
Lao Tse: “Angst klopt aan de deur. Vertrouwen doet open en Niemand staat voor de deur”. (angst verdwijnt als je vertrouwen hebt in jezelf).
In de BG wordt je geestelijke toestand bepaald door de mate van vertrouwen in het Allerhoogste

Zie bijlage

Vertrouwen is een van de belangrijkste verworvenheden, want slechts dan kan de ware kennis in ons ontwaken. Wanneer twijfel onze geest binnensluipt , is het als een druppel vergif die in een schaal nectar valt en onvrede en pijn veroorzaakt. Het is onmogelijk vooruitgang te boeken op het spirituele pad zonder geloof in onsZelf. (Zie Hfst.4 en 17 v/d BG). Patanjali koppelt de essentie van het woord vertrouwen aan de mate waarin de Kleshas een rol spelen bij ons handelen. De angst om alles te verliezen. Tegenover angst staat dan ook zelfvertrouwen. Eerst is er zelfvertrouwen, daarna vertrouwen in het Hogere.

(SYN 2012 Ajata Stam) We kennen het woord vertrouwen in verschillende vormen, ik en de ander (ik vertrouw jou wel of iemand geheimen toevertrouwen), ik en een object (je bent te goed van vertrouwen), maar in de yoga gaat het om innerlijk vertrouwen (shraddha). Bhakti yoga is vertrouwen zei Dr. Sharma.

Bij ieder van ons is het vertrouwen wel eens geschonden. Neem nu Sinterklaas, voor sommige kinderen was het een schokkende ervaring dat deze niet als zodanig bestond.

Vertrouwen is een energie in ons die we vanaf onze geboorte van nature hebben. Geen enkel kind wordt wantrouwig geboren. Het is van het grootste belang dat dit vertrouwen niet wordt geschaad door de buitenwereld, de ouders, de omgeving. Het vertrouwen kan zich ontwikkelen tot een groot zelfvertrouwen, mits goed begeleid, anders is er en blijft er de angst om te falen, bij kinderen als ook bij volwassenen. Als er vertrouwen is, dan voelen wij ons rustig, een belangrijke voorwaarde voor meditatie. Als we het vertrouwen kwijt zijn voelen wij ons angstig, gestrest en wantrouwig. Vertrouwen is een positieve krachtige hart-energie, een innerlijke kracht die kan helpen ons te bevrijden van angst. “Alles komt goed”, voor de meeste een dooddoener, maar als je het echt gelooft, echt denkt IS het echt zo. Wie vertrouwen heeft in de bron van alle creatie, zal moeiteloos mee zwemmen in de levensstroom, wat er ook gebeurt. De ziel ingewikkeld in de materie, die de goddelijke vader/moeder vertrouwt, zal zonder angst evolueren. Dit vertrouwen zal de kracht zijn die uiteindelijk tot bevrijding leidt.


De goddelijke eigenschappen leiden tot vrijheid en de demonische tot gebondenheid. Het Sanskriet woord voor demon betekent asura. A betekent niet, su betekent licht en goed, ra betekent krachtig. Wie kiest voor het niet-goddelijke pad, handelt verward en vaak ongepast. Zuiver handelen of zuivere bedoeling is een waarde die zo iemand niet kent. Als hij ten opzichte van zichzelf al zelden eerlijk is, wat is dan de kans dat hij eerlijk is ten opzichte van anderen ? Krisha zegt dat Arjuna zich geen zorgen hoeft te maken, er is goddelijkheid in ieder van ons. Jij bent Arjuna, jij leest/luistert naar de BG en dat betekent dat je op weg bent naar het goddelijke.
Sutra 8/21

“Zij die huichelachtig, arrogant en zelfingenomen zijn, leven in woede, wreedheid en onwetendheid en zijn voorbestemd om tot een demonische staat te vervallen”.

“God bestaat niet, zeggen zij. De beschadigde zielen bezitten weinig intelligentie en zijn gewelddadig in hun optreden. Zij leiden een leven vol onverzadigbare verlangens. Geboeid door het tijdelijke vallen zij ten prooi aan begoocheling en verkeren voortdurend in spanning. Ze gaan gebukt onder eindeloos veel zorgen, die slechts ophouden bij hun dood. Toch zijn zij ervan overtuigd dat het bevredigen van hun begeerten/lusten het hoogste doel is. Ze zijn aan alle kanten gevangen in een net van hebzucht, weerstand, hoop en verwachting en illusie”.
De honderd valstrikken van verlangen die ons hier gevangen houden, bestaan in feite uit gewoontepatronen die vasana’s worden genoemd. Het veranderen van gedragspatronen, die wij gedurende vele jaren/levens hebben opgebouwd kost tijd. Geef de wortels van gehechtheid geen water meer en begin de dingen te voeden die je groei stimuleren. Een ieder heeft de goddelijke eigenschappen in zich van een heilige.
“Bezit door hebzucht, succes en macht over de ruggen van anderen. Door zelf-ingenomenheid, verblind door hoogmoed hebben zij zich overgegeven aan de begeerten van het ego. Zij worden steeds opnieuw geboren met hetzelfde demonische gedrag en in hun onvermogen om Mij te bereiken, zinker zij dieper weg dan ooit”.
In de loop der tijd verwijdert de niet goddelijke zich zover van zijn ware aard, dat hij/zij niet verdragen kan dit deel van zichzelf onder ogen te zien. Uiteindelijk slaat dit om in haat. Hij haat zichzelf en ieder ander.
In onze westerse maatschappij hebben we ideeën aangenomen wat goed en slecht is en we benaderen die twee als op zichzelf staande dingen. In de Vedische traditie bestaan goed en kwaad niet als zodanig. In plaats daarvan zijn er keuzes die we maken als mens. De dingen die ons tot het Hogere/God brengen, staan beschreven in de geschriften van alle belangrijke wereldreligies.
Zolang wij niet wakker zijn, zou je kunnen zeggen dat ons aandacht wordt geregeerd en gestuurd door twee dingen. Verlangen( gehechtheid) en weerstand (de natuurwet van aantrekken en afstoten). Verlangen naar iets wat we niet hebben (en denken nodig te hebben) en weerstand tegen iets waar we bang voor zijn of wat wij verwerpen c.q. ontkennen. In ons dagelijks leven worden wij vrijwel continu sensorisch, emotioneel en mentaal gebombardeerd met interne en externe prikkels, waardoor - ofwel ons verlangen ofwel ons weerstand - of beide – worden gestimuleerd.

De sleutel tot het aanwezig zijn, in het hier en nu, bestaat uit het verwerven van meesterschap over ons denken en het kunnen laten zijn van onze verlangens en weerstanden zonder voortdurend in dwangmatige of mechanische (innerlijke) actie te schieten.


Willen wij geen marionet zijn van het dualistische koppel verlangen/weerstand, dat ons met gedachten, associaties, herinneringen en fantasieën telkens weer uit het hier en nu lokt naar verleden en toekomst, dan ontkomen wij er niet aan om – met of zonder hulp – zelfonderzoek te plegen, waarin we:

  • de oordelen op onszelf en anderen onder de loep nemen en ontmantelen

  • onze gedachten leren observeren (meditatie)

Sutra 22/23

“Zij die op zoek zijn naar het goede, gaan ongehinderd de poorten der duisternis, lust, woede en hebzucht voorbij, Arjuna en bereiken het hoogste levensdoel. Als je de wijsheid van de heilige geschriften begrijpt, dan weet je hoe je in deze wereld moet leven” .
Er komt een stadium in je spirituele groei, dat je zelfs het verlangen om te groeien moet vervangen door het verlangen dat alle schepselen deze groei mogen doormaken. Dan is er geen ik en de ander meer, maar wij allen. De meest verfijnde en sattvische verlangens, hoewel het verlangens blijven, zijn vrede of vrijheid. Draag alles op wat je doet tijdens je spirituele beoefening, zoals yoga, meditatie, handelen aan het welzijn van alle schepselen. Dit is een manier om bevrijd te raken van het niet goddelijke.

Verheft men zich niet tot het peil van de geaardheid goedheid, dan blijft men hangen in onwetendheid. (Ook Bailey verklaart dat de goede Wil en later de Wil ten goede een verdere stap op de spirituele ladder is).


In de Vedische geschriften staat aangegeven hoe men dient te handelen om geheel gelouterd te raken. Door het Vedische systeem zijn de vier levensorden en de vier maatschappelijke klassen ingesteld. Het kastenstelsel in India. Dit staat wel in de BG van de Hari Krishna’s.

Hoewel met de goede bedoelingen opgezet en niet meer van deze tijd, weten we zo langzamerhand toch wel dat dit chaos veroorzaakt. Lees eens Herman Hesse “Het Kralenspel”, een roman over de strijd van de menselijke geest tegen barbaarse machtswellust. Over een geïsoleerde elitaire orde, die uiteindelijk uit elkaar valt, omdat de buitenwereld veranderd. (evolueerd)

Of de architect Oscar Niemeyer, die Brasila in 1960 ontwierp. Een stad naar de internationale heersende modernistische opvattingen. Wonen, werken en recreëren werden strikt gescheiden. De zones werden tot in het krankzinnige doorgevoerd. Auto-ongelukken, echtscheidingen, zelfmoorden en krankzinnigheid was het gevolg van de radicale functionalistische structuur van de stad.
Meditatie:

Verander de trilling in de tegengestelde begrip:

Anja chakra willen - wensen

Trots – dankbaarheid

Keel chakra praten - zwijgen

Hart chakra haten - liefhebben

Verdriet – vreugde

Navel chakra strijden - spelen

Heiligbeen chakra begeren - waarderen

Jaloersheid - begrip kweken voor je eigen behoeften

Stuitchakra angst - vertrouwen
Visualisatie/meditatie: begrippen zie boven

Een symbool of visueel beeld is ook geschikt.

Sluit de ogen

Adem rustig diep in en uit

Ontspan het fysieke lichaam

En neem in je bewustzijn een zaadgedachte

Zie het beeld voor je

Hoor het woord

Herhaal het in gedachte

En als je wilt hardop

Houdt het bewustzijn hierop gefocust

En blijf het herhalen

Richt je aandacht op de betekenis

Van je zaadgedachte

En de betekenis achter de betekenis

Dring door tot in de essentie

Voorbij het beeld

Voorbij het woord

Voorbij de betekenis

Ervaar het tot in de dimensie van het Zelf

Laat de zaadgedachte je dragen naar de oorsprong.
Bijlage: “De kracht van vertrouwen”

…Oooit in een bos waar alle dieren woonden werd dagelijks een dierenberaad gehouden. Iedere dag opnieuw moest een van de dieren aan de Koning van de Dieren – een supergrote leeuw – geofferd worden. Alleen zo kon het in het bos rustig blijven. Dit had de leeuw geëist en alle dieren waren “letterlijk als-de-dood” voor de leeuw, bang dat hun uur geslagen zou zijn. Tijdens het dierenberaad werd altijd een dier-van-de-dag gekozen, meestal een oud dier dat toch al niet meer zo lang te leven had. Dat dier werd dan aan de leeuw geofferd. Deze dag echter – tijdens het beraad – net voor er een dier zou worden aangewezen, sprak het kleinste konijntje van allemaal: “ik zal vandaag naar de leeuw gaan”. De rest zweeg, blij dat zij niet aan de beurt waren en lieten het kleine jonge konijn gaan. De afspraak was dat er iedere dag om uiterlijk 12.00 uur een dier zou melden bij de leeuw, die daar dan zonder omhaal zijn maag mee vulde. Het konijn ging zingend op weg, babbelde met alles wat hij zag en keek onderweg op z’n gemak om zich heen. Hij genoot van zijn reis, zag vlindertjes en vogels, prachtige natuur, bewonderde de blaadjes van de bomen en de blauwe hemel boven zich. Hij ging zo op in zijn reis dat hij helemaal de tijd was vergeten en te laat bij de leeuw aankwam. Die stond brullend van de honger het konijn op te wachten dat rustig en onbevreesd de leeuw tegemoet trad. “Waar bleef je zo lang, ik had gezegd dat er iedere dag voor twaalven een dier hier moest zijn !!!!!”

“ Houd je mond”, zei het kleine konijn, “ik zal je vertellen waarom ik hier te laat ben, ik werd onderweg opgehouden door een nog veeel grotere leeuw dan jij”. “Waaaat ?” zei de leeuw met ogen op steeltjes. “Daar moet ik meer van weten, breng me naar hem toe”.

De rest van het verhaal kennen we waarschijnlijk allemaal al: het konijn neemt de leeuw vervolgens mee naar een put en laat de leeuw zijn spiegelbeeld zien, dat vervormd in het water veel groter lijkt dan hij zelf is. De leeuw springt vervolgens woedend in de put om zijn illusoire tegenstander aan te vallen en verdrinkt jammerlijk in de put….

Hoe kon het gebeuren dat het kleinste konijn de grote leeuw versloeg en dat alle dagen ervoor grotere dieren dan het konijn werden opgevreten door de leeuw ?

Het antwoord luidt: Vertrouwen.



Het konijn ging onbevreesd op weg, nam de tijd, wist dat zijn uur geslagen was, dus waarom zou je dan haast hebben ? Hij had geen angst, bleef kalm, kon daardoor helder denken met als gevolg dat hij een ingeving kreeg, een list om de leeuw die veel groter en sterker was, te verslaan.
(natuurlijk kon ik het niet laten een symbolisch verhaal voor jong en oud te vertellen)



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina