De hermeneutische keuzes van de eindtijdvisies ten aanzien van het Bijbelboek Openbaring


Hermeneutische knelpunten geestelijke visie eindtijd “vd Brink”



Dovnload 0.56 Mb.
Pagina10/16
Datum25.07.2016
Grootte0.56 Mb.
1   ...   6   7   8   9   10   11   12   13   ...   16

5.3Hermeneutische knelpunten geestelijke visie eindtijd “vd Brink”


Een te sterke vervangingsleer waarbij de gemeente de vervanging is van Israël heeft geen Bijbelse basis. De hermeneutische methode om alles te zien als een geestelijke typologie kan en mag dus ook niet te ver doorgetrokken worden. Onder het oude verbond waren er ook mensen die geestelijk waren. Onder het Nieuwe verbond is er ook een hele grote schare die zich Israël noemt maar niet geestelijk is. De gemeente is Israël en de heidenen zijn er bij gekomen, de tussenmuur is weggehaald. Als de geestelijke typologie te ver doorgezet wordt ontstaat er een beeld van de voorafschaduwing van het werkelijke waarbij de voorafschaduwing zijn waarde verliest. Het natuurlijke Israël heeft dan geen waarde meer. Zoals elke correctie in de uitleg te ver door kan schieten is dit risico ook hier aanwezig.

De uitleg van Openbaring 12 vertoont diverse knelpunten. De uitleg van de sterren des hemels, de gelovigen1, in Openbaring 12:4 is inconsequent met eerdere betekenissen die aan ‘sterren des hemels’ gegeven werd. In Openbaring 6:13 vallen de ‘sterren des hemels’ (uitleg: boze engelen) ook op de aarde. En de sterren in Openbaring 1:20 worden als engelen geduid. De geestelijke typologie van sterren is hier dus inconsequent (HR7&HR8).

Aan de andere kanten knelt het ook in de volgorde van de uitleg van Openbaring 12. De inleiding van hoofdstuk 12 geeft al uitgebreid aan dat profetieën niet altijd chronologisch zijn. Dit geldt wel voor verschillende profetieën die in een zelfde boek beschreven staan maar niet voor zaken die in een zelfde visioen of profetie beschreven staan. Hier geldt dat het profetisch perspectief verschillende dingen vlak na elkaar kan beschrijven terwijl er in werkelijkheid lange tijd tussen zit. Ook zijn er meerdere vervullingen mogelijk van een zelfde profetie. Door echter de tijdsvolgorde los te laten in dit gedeelte wordt elke willekeurige uitleg mogelijk en is het slecht toetsbaar. De uitleg over de ‘zonen Gods’ is hier inconsequent. De verzegeling vindt voor de verdrukking plaats maar de geboorte pas door de verdrukking heen. Terwijl de vlucht in de woestijn aan het begin plaats vindt. Ook het feit dat de vrouw en het kind beiden de ‘zonen Gods’ zijn doet vreemd aan. Ook het feit dat de bevalling voor de weeën plaatsvindt klopt niet. De hermeneutische keuze om de tijdsvolgorde hier helemaal los te laten is niet in lijn met de uitleg van de rest van Openbaring.

De allegorische uitleg van het getal 666 is ook niet letterlijk en slecht controleerbaar. Hermeneutisch kunnen we hier dus vraagtekens bij zetten.

Het woord ‘zonen Gods’ komt 159 keer voor in de uitleg van Openbaring van van den Brink. In het Nieuwe Testament komt dit woord 2 keer voor in Romeinen 8 en verder niet1. Het begrip ‘zonen Gods’ heeft dus een speciale betekenis gekregen voor van den Brink die mogelijk uitgaat boven wat de rest van de Bijbel hier direct over leert zoals het beklimmen van de troon van God door de ‘zonen van God’(HR8).

Voorstanders van de ontmythologisering van Bultmann zullen deze uitleg een mythe vinden en alle geestelijke strijd naar het rijk der fabelen verwijzen.

Hermeneutisch wordt het hele boek verder in een logische en letterlijke volgorde uitgelegd. Alle beelden en gebeurtenissen hebben een duidelijke betekenis. De geestelijke typologie wordt consequent toegepast op alle terreinen en op Openbaring 12 na hebben ze steeds de zelfde betekenis (HR4&HR6&HR7&HR8).

6De Conclusie


Als we Openbaring 22:18-19 als hermeneutische sleutel nemen dan voldoet geen van de drie modellen hier helemaal aan. Binnen het A-millennialisme is de afwijking het grootst. Heel veel betekenis wordt weggehaald en allegorisch wordt er betekenis aan toe gevoegd. Hermeneutisch wordt niet uitgegaan van de letterlijke betekenis van de tekst maar de allegorische methode toegepast. De consequentie is dat er zaken toegevoegd worden die van de uitlegger komen en niet uit de Bijbel. De binding van satan is zo’n voorbeeld. Hierbij wordt de werkelijkheid in overeenstemming gebracht met de tekst. Woorden als verzegeld en afgrond worden in een andere betekenis gebruikt om uitleg te geven. Het zelfde gebeurd met de 2 getuigen. De gezalfden wordt als beeld gebruikt voor de ambtsdragers van de kerk. Dat de ambtsdragers niet de overige kenmerken van de 2 getuigen hebben wordt niet meegenomen. Daarnaast beslaat het boek Openbaring inclusief het duizendjarig rijk de hele kerkgeschiedenis. De eerste opstanding wordt uitgelegd als de wedergeboorte. Hermeneutisch kun je dit niet doen als je de letterlijke uitleg volgt. Hier wordt dus ook een vorm van allegorese toegepast. Augustinus, die de bron van deze uitleg is, heeft het boek “de stad Gods” geschreven. Hierin beschrijft hij het verschil tussen het hemelse Jeruzalem en het aardse Babylon. Opvallend is dat beide andere modellen juist Rome en de Rooms-katholieke kerk mede als Babylon aanwijzen.

Bij het Dispensationeel Pre-millennialisme wordt hermeneutisch de sleutel gebruikt van de historische, grammaticale, letterlijke uitleg tenzij de directe context dit anders aangeeft. De prolegomena blijken echter een hele sterke rol te spelen in de uitleg van het boek Openbaring. De opname van de gemeente voor de verdrukking en de scheiding van Israël en de gemeente hebben grote invloed op de uitleg van het boek Openbaring. Deze prolegomena sluiten niet overal aan bij de letterlijke uitleg van het boek Openbaring. Hermeneutisch wordt de ultraletterlijke methode gebruikt om de opname voor de verdrukking te plaatsen. Openbaring 1:19 en 3:10 worden gelezen als het bewijs voor de opname terwijl dit niet uit de letterlijke tekst op te maken is. Voor de gemeente in Filadelfia zal het zeker die betekenis niet gehad hebben. Deze gemeente bestaat niet meer en historisch was deze gemeente de ontvanger van de belofte. Hermeneutisch wordt er ook afgeweken van de letterlijke tekst door een tijdsvolgorde te lezen in de verschillende gemeentes die er niet staat. Hierdoor komt Openbaring 4 en verder ook voor ons in de toekomst te liggen, in de eindtijd. De prolegomena zelf zijn ook door de ultraletterlijke methode tot stand gekomen. Omdat deze methode de hermeneutische regel om niets aan de tekst toe te voegen of er van af te nemen uit Openbaring 22:18-19 overschrijdt en daardoor een enorme invloed heeft op de uitleg van het hele boek Openbaring (en de rest van de Bijbel) moeten we grote vraagtekens zetten bij de ultraletterlijke methode.

Ook de regel dat de letterlijke uitleg gevolgd wordt tenzij de context anders aangeeft wordt niet consequent gevolgd. De context geeft aan dat er veel gebeurd in de geestelijke wereld en er veel gebruik gemaakt wordt van symbolen en geestelijke typologie. Toch worden de gevolgen van de gebeurtenissen standaard vertaald naar aardse en materiële gevolgen. Ook als er niet of nauwelijks over materiële dingen gesproken wordt zoals bij de zegels/paarden (HR6&HR7&HR8). Veel van de uitleg wordt ook hier bepaald door de prolegomena van het Romeinse rijk en de andere rijken.

Ook worden er de nodige profetieën uit het Oude Testament genomen als basis voor een model voor de eindtijd. De profetie van de laatste jaarweek in Daniël 9:27 vormt hierbij een raamwerk waarbinnen de andere profetieën gepast worden. Dit model en de andere genoemde prolegomena vormen vervolgens het raamwerk waarbinnen het Boek Openbaring uitgelegd wordt. Hermeneutisch klopt de letterlijke uitleg dan niet altijd meer qua tijdsvolgorde in Openbaring. Met name een aantal gebeurtenissen staat op een vreemde plek qua tijdsvolgorde zoals de 2 teksten over de 144.000 en de schare die niemand tellen kan. De schare die niemand tellen kan zou aan het eind moeten staan, net zoals de 2e tekst over de 144.000 die na de wederkomst zou moeten staan omdat Jezus dan al op de berg Sion staat. Hermeneutisch wringt de letterlijke, materialistische uitleg hier dus, dit wordt opgelost door te zeggen dat dit een profetisch boek is dat niet alles chronologisch gelezen kan worden. Dat klopt ook maar het lijkt in dit geval onlogisch.

Ook wordt er geen betekenis gegeven aan de weeën, de boekrol, de bazuinen en de schalen. Dit zijn slechts golven van oordelen. Hier valt dus een deel van de betekenis weg en wordt ook de belangrijkste regel overschreden.

Hermeneutisch zien we dus dat bij het Dispensationeel Pre-millennialisme de prolegomena mede bepalend zijn voor de uitleg van Openbaring. Hierdoor wordt de regel van Openbaring 22:18-19 een paar keer overschreden door de ultraletterlijke methode toe te passen. Hierbij lijken de verschillen klein maar de gevolgen in de uitleg zijn enorm.

Naast het Dispensationeel Pre-millennialisme blijkt er nog een totaal andere letterlijk uitleg, Geestelijk Pre-millennialisme, mogelijk te zijn van het boek Openbaring. Deze uitleg gaat hermeneutisch ook uit van veelal dezelfde regels. Hierbij zijn de prolegomena echter totaal anders. Israël is hierbij de gemeente, alleen de besnijdenis van het hart maakt dat iemand lid is van Israël. Er wordt gesproken over het geestelijk zaad en de tussenmuur die weggebroken is. Verder wordt er gebruik gemaakt van geestelijke typologie die ook elders in de Bijbel/Openbaring terug te vinden is1 (HR8).

Hermeneutisch wordt er voor gekozen om alles letterlijk te nemen, en de uitleg aan te laten sluiten bij de context waarin de dingen gebeuren (HR6). De beschrijvingen van de gebeurtenissen worden niet symbolisch maar letterlijk in de geestelijke wereld uitgelegd (HR4). Het boek Openbaring maakt veel gebruik van symbolen en geestelijke typologie. Dit wordt niet symbolisch uitgelegd maar direct vervangen door de zaak waar het beeld/voorwerp voor staat. Dit wordt in de uitleg consequent overal in doorgetrokken (HR7).

Hermeneutisch spelen de prolegomena de ‘zonen Gods’, de echte en de valse kerk en de strijd in de hemelse gewesten een grote rol in de uitleg. De speciale rol van de ‘zonen Gods’ blijkt niet zozeer uit het boek Openbaring zelf. Ook de strijd tussen de valse kerk en de ware kerk blijkt niet direct uit het hele boek Openbaring zelf, wel blijken de invloeden van buiten op de ware kerk uit de brieven aan de gemeentes en wordt het bestaan van de synagoge van satan genoemd. Ook komt dit weer terug bij de stad Babylon en beschrijving van de hoer.

De boekrol beschrijft de hele kerkgeschiedenis, de laatste zegel laat de eindtijd (bazuinen) zien, de bazuinen en Babylon zijn een geestelijke typologie van de stad Jericho, de schalen uiteindelijk de toorn van God die in korte tijd, na de opname, uitgestort worden.

Binnen het hermeneutisch raamwerk van de letterlijke uitleg, ook in de geestelijke wereld, het rekening houden met de context waarin dingen gebeuren (de geestelijke wereld) bij de keuze of iets aards en materieel uitgelegd dient te worden of dat er gebruik gemaakt is van geestelijke typologie (HR6), is er voor praktisch alles een logische verklaring. Dit zegt alleen iets over de hermeneutische keuzes en nog niets over de invulling van de uitleg waarvoor exegese nodig is.

Als we de hermeneutische keuzes van de drie modellen met elkaar vergelijken dan kunnen we de volgende conclusie trekken. Een hele kleine toevoeging heeft al enorme consequenties op de uitleg. Op basis hiervan is de hermeneutische regel op basis van Openbaring 22:18-19 heel belangrijk. Het boek Openbaring speelt zich voor een groot gedeelte af in de geestelijke wereld, hermeneutisch dient in de uitleg met deze context rekening gehouden te worden. Hermeneutisch dient er in de uitleg zo consequent mogelijk met de symbolen/types omgegaan te worden omdat anders het risico van toevoegingen, weglatingen en veranderingen groot is (HR7&HR8).

De verschillen in uitleg ontstaan door verschil in prolegomena. Hierdoor kiest het A-millennialisme voor de allegorese, het Dispensationalisme voor de (ultra)letterlijke, materialistische uitleg en het Geestelijk Pre-millennialisme voor de letterlijke, typologische, geestelijke uitleg. Het effect is dat het A-millennialisme zich niet voorbereid op de eindtijd, het Dispensationalisme sterk gericht is op eindtijd en de opname voor de verdrukking verwacht en het Geestelijke Pre-millennialisme de (geestelijke) verdrukking verwacht en daarom geestelijke groei zoekt om voorbereid te zijn voor de strijd. De hermeneutische keuzes hebben dus veel invloed op hoe de bijbel gelezen wordt, hoe Openbaring gelezen wordt en hoe een gemeente de komst van Jezus verwacht en zich hier op voorbereid.

Prolegomena (Israël/gemeente, ontmythologisering, geestelijk/materialistisch, Apocalyptische literatuur, letterlijk/symbolisch) zijn van grote invloed op de hermeneutische keuzes. Deze scriptie maakt de hermeneutische keuze van een zo letterlijk mogelijke uitleg, mede op basis van een letterlijke uitleg van Openbaring 22:18-19.




1   ...   6   7   8   9   10   11   12   13   ...   16


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina