De hermeneutische keuzes van de eindtijdvisies ten aanzien van het Bijbelboek Openbaring


Bijlages 8.1Bijlage Hermeneutische regels



Dovnload 0.56 Mb.
Pagina12/16
Datum25.07.2016
Grootte0.56 Mb.
1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   16

8 Bijlages

8.1Bijlage Hermeneutische regels

Hermeneutische regel 1 (HR1): Aan de letterlijke tekst mag niets toegevoegd worden of afgenomen worden bij de uitleg.


Hermeneutische regel 2 (HR2): Alles moet zoveel mogelijk letterlijk uitgelegd worden.

Hermeneutische regel 3 (HR3): Het boek Openbaring moet als profetie uitgelegd worden.

Hermeneutische regel 4 (HR4): De letterlijke uitleg omvat ook de geestelijke werkelijkheid.

Hermeneutische regel 5 (HR5): In het boek Openbaring worden (aardse) ‘voorwerpen’ gebruikt om andere aardse en geestelijke ‘voorwerpen’ of waarheden weer te geven. We noemen dit (geestelijke) typologie.

Hermeneutische regel 6 (HR6): Uit een aardse context blijkt of we aardse materiële dingen moeten verwachten en uit een hemelse/geestelijke context blijkt dat we geestelijke dingen moeten/kunnen verwachten tenzij expliciet anders vermeld.

Hermeneutische regel 7 (HR7): Een type moet altijd door hetzelfde vervangen worden tenzij expliciet blijkt dat we met een uitzondering te maken hebben.

Hermeneutische regel 8 (HR8): De betekenis van een type moet eerst in de directe context of hetzelfde hoofdstuk gezocht worden, daarna in Openbaring, daarna in het Nieuwe Testament, daarna het Oude Testament en daarna aan de hand van de prolegomena.

Hermeneutische regel 9 (HR9): De ultraletterlijke betekenis en de allegorese kunnen niet gebruikt worden omdat dit iets toevoegt/afneemt aan de letterlijke betekenis en dus strijdig is met Openbaring 22:18-19.

Hermeneutische regel 10 (HR10): Een profetie kan gaan over het verleden (betekenis gevend), heden en toekomst.

Hermeneutische regel 11 (HR11): Ook kan een profetie meerdere vervullingen hebben en soms fragmentarisch zijn.

Hermeneutische regel 12 (HR12): Bij een profetie kunnen meerdere gebeurtenissen als vlak na elkaar beschreven worden die in werkelijkheid verder van elkaar verwijder zijn.

Hermeneutische regel 13 (HR13): Een profetie is vaak in beeldende/symboliserende taal geschreven.

8.2Bijlage Figuurlijke taal


De betekenis van figuurlijke taal kan figuurlijk zijn, een parallellisme, een stijlfiguur van vergelijking, een stijlfiguur van vervanging of een ander stijlfiguur zijn. Bij figuurlijk kunnen we denken aan een cliché (uitdrukking die al heel vaak gebruikt is), bombast (symbool is te ruim om goed te passen) en een combinatie hiervan in de vorm van retoriek. Deze stijlfiguren zijn over het algemeen redelijk goed te herkennen in de tekst. Ook bij parallellisme is dit meestal geen probleem. Dit kan een synoniem van de 1e zin zijn of een synthese (vervolg) of antithese (tegenovergestelde). Bij stijlfiguren van vergelijking wordt het al moeilijker. Dit kan een simili (vergelijking) zijn, metafoor, gelijkenis, allegorie, type (voorbeeld voor later), antitype (antivoorbeeld voor later), spreuk, personificatie of antropomorfisme (vergelijking van God met een deel van de mens). Een type en een antitype kunnen voor redelijk grote problemen zorgen. Vooral als dit in de tekst zelf niet helder is. Vooral in het Nieuwe Testament wordt terug verwezen naar het Oude Testament en voorbeelden aangehaald als geestelijke typologie. De vraag hier is of deze geestelijke typologie uitgebreid mag worden en of geestelijke typologieën van het ene Bijbelboek overgeheveld mogen worden naar het andere.

Bij de stijlfiguur van vervanging treedt dit probleem minder op. Hier kan sprake zijn van een metonymia (oneigenlijke vervanging, bv oorzaak i.p.v. gevolg), hendiadys (twee dingen gekoppeld door “en” die voor hetzelfde staan), merisme (tegenovergestelde zaken die samen geheel aangeven), symbool of ironie. Het lastigst is nog een symbool omdat hierbij niet altijd duidelijk is waar het symbool voor staat. De overige stijlfiguren geven nauwelijks problemen. Bij parallellisme, chiasme (overeenstemming 1e en laatste, 2e en een-na-laatste, enz.), hyperbool (overdrijving) en een retorische vraag is dit vaak goed te herkennen in de context. De grootste problemen treden dus op bij geestelijke typologie en symbolen. En vooral deze twee worden veelvuldig gebruikt bij het boek Openbaring. Onderstaande tabel is een samenvatting van de verschillende mogelijkheden1:



Figuurlijk

Beschrijving

Voorbeeld

Cliché

Figuurlijk taalgebruik wat al heel vaak gebruikt is

Brandende toorn

Bombast

Figuurlijk taalgebruik dat te ruim zit en niet echt lijkt te passen

God de Moeder

Retoriek

Bombast en cliché

Bestaat God wel



Parallellisme

Beschrijving

Voorbeeld

Synoniem

Wat volgt is vergelijkwaardig met de 1e zin

Die in de Hemel zetelt, lacht;

de Here spot met hen.



Antithetisch

Wat volgt is tegenovergesteld aan 1e zin

Want de Here kent de weg der rechtvaardigen maar de weg der goddelozen vergaat.

Synthetisch

Bouwt voort op de 1e zin of maakt haar af

Want de Here is een groot God,

een groot koning, boven alle goden






Stijlfiguren van vergelijking


Beschrijving

Voorbeeld

Metafora (simile)

Onderwerp en het beeld worden beiden genoemd en aan elkaar gekoppeld door “als”

Een zware stilte als een blok graniet

Metafoor

Het onderwerp wordt vervangen door het beeld of er impliciet mee vergeleken

God is Vader

Gelijkenis

Uitgebreide vergelijking / simile

Barmhartige Samaritaan

Allegorie

Uitgebreide vergelijking waarbij verhaal en betekenis in elkaar overvloeien




Type

Een (van God gegeven) voorbeeld voor lateren

Weest als de kinderen

Antitype

Voorafbeelding van wat later komt

Hij wordt geworpen in de poel des vuurs

Spreuk

Een gecomprimeerde gelijkenis of allegorie

Als er geen hout is dooft het vuur

Personificatie

abstracties, levenloze dingen of dieren worden voorgesteld als levende wezens of mensen

Achter de wuivende duinenlijn

Antropomorfisme

Expliciete of impliciete vergelijking tussen God en een lichamelijk aspect van de mens

Verberg uw aangezicht voor mijn zonden







uitgebreid







simile

-------------

gelijkenis












gecomprimeerd







spreuk







uitgebreid



gecomprimeerd

metafoor

-------------

allegorie






Stijlfiguren van vervanging

Beschrijving

Voorbeeld

Metonymia

De oorzaak wordt genoemd in plaats van het gevolg, of omgekeerd, een eigenschap i.p.v. het voorwerp/subject, een exemplaar i.p.v. het soort, een deel i.p.v. het geheel

Stort uw grimmigheid (oorzaak) uit over de volken.

Hij bezat een prachtige Van Gohg.

Doe mij blijdschap en vreugde horen.


Hendiadys

Twee delen aan elkaar gekoppeld door “en” maar staande voor één zaak

Ze roeien met man en macht

Merisme

Twee tegenovergestelde aspecten om het geheel aan te duiden

Dag en nacht. Oost en West.

Oost, west, thuis best.



Symbool

Een (materieel) voorwerp vervangt een morel of geestelijke waarheid

Oranje boven!


Ironie

Een opmerking doelend op het tegenovergestelde van de eigenlijke betekenis.

Jullie waren weer erg rustig vandaag!




Stijlfiguren anders dan vergelijking of vervanging

Beschrijving

Voorbeeld

Parallellisme

Wat volgt is gelijk, tegenovergesteld of maakt het af

Zie hiervoor

Chiasme

Correspondentie tussen de eerste en laatste, tweede en een-na-laatste, etc.




Hyperbool

Gepaste overdrijving

Indien dan uw rechteroog u tot zonde zou verleiden, ruk het uit en werp het van u.

Retorische vraag

De bedoeling van de vraag is niet om een antwoord te krijgen maar meer een nadrukkelijke mededeling

Zou voor de Here iets te wonderlijk zijn?





1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   16


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina