De herziening van de liturgie



Dovnload 42.34 Kb.
Datum27.08.2016
Grootte42.34 Kb.
DE HERZIENING VAN DE LITURGIE
Mgr Gert Jan van der Steen
Met Pasen 2013 is de herziene liturgie in werking getreden. Het herzieningsproces heeft lang geduurd, maar nu is het zo ver. In dit artikel worden de achtergronden belicht en worden enkele voorbeelden van wijzigingen getoond.

Waarom was deze liturgieherziening nodig?


Wensen voor een herziening van de liturgie komen voort vanuit zowel de kerkgemeenten als vanuit de Clericale Synode (de priesters en diakenen, kortweg de CS genoemd). Die wensen waren de afgelopen jaren heel divers. Sommig taalgebruik leek verouderd, of was onnodig mannelijk. Inhoudelijk had men behoefte aan een meer vrouwelijke of androgyne vorm, met meer affirmatieve (bevestigende i.p.v. vragende) formuleringen. De interpretaties van kerkleden veranderden ook, waardoor behoefte ontstond aan het zorgvuldiger omgaan met begrippen als ‘kwaad’ en ‘zonde’.

De uitgangspunten en overwegingen die als richtlijn zijn gebruikt voor de liturgieherziening werden in het zogenoemde ‘Startdocument’ opgenomen. (Zie voor het Startdocument het kader bij dit artikel.)

Naast de teksten van de liturgieën is ook gewerkt aan een actualisatie van de lezingen en de collectegebeden. Dit gebeurde, vanuit het gezichtspunt van de kerkleden en bezoekers, meer op de achtergrond. Ook deze lezingen zullen vanaf Pasen gebruikt worden.

Het wijzigen van de liturgie doe je niet zomaar


De liturgie is het meest bindende element tussen leden van de VKK. Een goede uitvoering van de liturgie heeft een grote uitwerking op ons innerlijk en op onze omgeving. Vandaar dat zorgvuldigheid geboden is bij het herzien van de liturgie. Dat geldt in het bijzonder voor het tweede deel van de H. Mis waarin eigenlijk geen inhoudelijke wijzigingen zijn toegestaan.

Naast zorgvuldigheid is een zo groot mogelijke consensus nodig, zodat de herziene liturgie een gemeenschappelijk bezit kan worden en in eendracht kan worden uitgevoerd.


De organisatie van de liturgieherziening


In een wat verder verleden was een herziening van de liturgie vooral een zaak van de bisschoppen, verenigd in de internationale Algemene Bisschoppelijke Synode. Later werden er ook priesters bij betrokken. Er kwam veel voorbereiding bij kijken, maar uiteindelijk kon een herziening in zijn geheel worden afgekeurd, uiteraard tot frustratie van betrokkenen. Ook een reeds herziene liturgie kon door kerkgemeenten worden afgewezen.
Bij de huidige herziening is er voor gekozen om de gehele Nederlandse kerkprovincie er bij te betrekken. Het is een initiatief van onze kerkprovincie. Een dergelijk proces kost uiteraard meer tijd dan wanneer het zich alleen onder priesters en bisschoppen afspeelt.

Organisatorisch werden de volgende kerkorganen bij het proces van herziening betrokken.


De kerkgemeenten. Zij doen verzoeken tot wijziging, krijgen een voorstel voor een herziene liturgie, proberen deze uit in een ‘try-out’, bespreken onderling de ervaringen en brengen verslag uit.
De Clericale Synode. Ook synodeleden kunnen voorstellen voor wijziging doen. Binnen de CS functioneert de liturgiecommissie die nieuwe versies van de liturgie voorbereidt en voorlegt aan de CS. Deze bespreekt een nieuwe versie en levert commentaar. Dit commentaar is niet altijd eenduidig. Soms wordt een herziene passage het voordeel van de twijfel gegeven en opgenomen in de try-out versie, vooral om te kunnen ervaren hoe de uitwerking van deze passage is bij ‘echt gebruik’. Bij voortdurend verschil van inzicht kan er uiteindelijk voor gekozen worden om een passage in twee alternatieve vormen op te nemen waarbij de celebrant de keuze wordt gelaten.
Het Episcopaat (alle bisschoppen samen) heeft een eigen verantwoordelijkheid. Het Episcopaat houdt het overzicht over het gehele proces en weegt de commentaren en ervaringen van álle betrokkenen af. Ook hier wordt naar consensus gezocht. Bij twijfel kan besloten worden om de huidige versie van een passage aan te houden.
De Regionaris is eindverantwoordelijke voor alles wat in de kerkprovincie gebeurt. Hij heeft het laatste woord. Hij delegeert taken en houdt contact over de uitvoering. Hij stelt formeel de liturgie in werking.
De internationale Algemene Bisschoppelijke Synode. Wanneer er bij de herziening van de liturgie sprake is van inhoudelijke wijzigingen dan moet ook deze Synode daar uiteindelijk een oordeel over geven. Het besluit daarvoor ligt bij de Voorzittend Bisschop. Deze wordt door de Regionaris steeds op de hoogte gehouden van de vorderingen van het proces.

Hoe is het proces verlopen?


De eerste versie van de herziene liturgie werd in 2009 in 3 kerkgemeenten uitgeprobeerd, gedurende 3 zondagen. De liturgiecommissie verwerkte de resultaten. Intussen waren er aanvullende voorstellen, vooral vanuit de CS. Ook deze werden verwerkt en een nieuwe versie werd aangeboden aan de CS. Na de nodige amendementen werd deze versie aangeboden aan de kerkgemeenten voor een try-out. In het begeleidende startdocument (zie apart kader) werd een en ander uitgelegd.

In 2011 werd de try-out uitgevoerd in alle 9 kerkgemeenten, gedurende 6 zondagen. De bevindingen werden door de liturgiecommissie verwerkt in een volgende versie die weer werd aangeboden aan de CS. Alle leden van de CS hadden meegedaan aan de try-out en leverden ook hun commentaar. Sommigen boden nieuwe voorstellen voor aanpassing aan die voor de nodige discussie zorgden. Uiteindelijk werd een nieuwe versie aangeboden aan de Regionaris ter bespreking in het Episcopaat. Na overleg met de liturgiecommissie heeft het Episcopaat daarna een aantal wijzigingen aangebracht en heeft de Regionaris de definitieve versie vastgesteld.


Ervaringen tijdens het proces van herziening


In sommige kerkgemeenten ontstond na ontvangst van de tekst van de try-out een heftige reactie. Men had geen behoefte aan wijzigingen in de liturgie en voelde de try-out als van buiten af opgelegd. Sommigen konden zich niet verenigen met een aantal uitgangspunten in het startdocument en vonden dat er sprake was van een eigen interpretatie van de liturgiecommissie. Eventuele experimenten zouden in kerkgemeenten moeten worden uitgevoerd die daaraan behoefte hadden. Ook komt men op zondag voor de H. Mis, en niet voor een experiment. Inhoudelijke experimenten, bijv. t.a.v. het vrouwelijk aspect, zouden gedaan moeten worden in een alternatieve, experimentele versie van de H. Mis, en niet in de bestaande H. Mis.
Toch heeft elke kerkgemeente de try-out uitgevoerd en heeft daarover gerapporteerd.

Na afloop van de try-out waren de meningen verdeeld. Sommigen vonden dat de gevoelswaarde en de zingbaarheid van de liturgie was verminderd. Dit was mede aanleiding voor een nieuwe evaluatie door de CS waardoor nieuwe voorstellen werden gedaan.

Gaandeweg de try-out ontstonden ook meer positieve ervaringen. Men ging zich meer verdiepen in de liturgie en in achterliggende ideeën waardoor ook meer uitwisseling tussen de gemeenteleden ontstond. De waardering voor andere gezichtspunten groeide. Er was sprake van voortschrijdend inzicht en het aandragen van alternatieven. In de CS was steeds sprake van een constructieve en inspirerende sfeer; door het gezamenlijk werken groeide de onderlinge afstemming en ontstonden nieuwe ideeën.

Ook kan worden geconstateerd dat de organisatie van de VKK het proces in al haar ups en downs aan kon, zeker als men bedenkt dat dit de eerste keer was dat het in deze uitgebreide vorm is uitgevoerd.


Tijdens het proces werden deadlines gesteld die een aantal malen moesten opschuiven vanwege de gewenste zorgvuldigheid. Uiteindelijk werd besloten om geen deadlines meer te stellen, mede vanwege de soms beperkte beschikbaarheid van betrokkenen.

Hoe verder met herzieningen van de liturgie


De wijziging van de huidige liturgie is nu definitief. Aanpassingen in de muziek ten behoeve van de zingbaarheid zullen nog wel enige tijd doorgaan.

Niet afgesloten zijn de voorstellen voor aanvullende lezingen en collectegebeden. Besloten is dat dit een doorgaand proces is en dat de eerstaanwezend priester (EA) van een kerkgemeente daarbij een belangrijke rol speelt. Voorstellen kunnen bij haar/hem ingediend worden. De EA bespreekt deze en geeft uiteindelijke voorstellen door aan de Regionaris. De Regionaris zal periodiek voorstellen evalueren en daarbij eventueel de liturgiecommissie inschakelen. Het uiteindelijk resultaat kan dan toegevoegd worden aan de bestaande verzameling lezingen en collectegebeden.

Voor de verdere toekomst is voorzien een alternatieve H. Mis die meer androgyne is. Daarvoor is diepgaand onderzoek nodig alvorens aan een experimentele versie kan worden begonnen.

Het uitproberen van een dergelijke versie zal gebeuren in enkele kerkgemeenten die daar dan voor open staan.


Voorbeelden van herzieningen

Wij geven nu een aantal voorbeelden van herzieningen, verdeeld over de verschillende categorieën. Wijzigingen staan tussen accolades of zijn volledig uitgeschreven.



Modernisering van taalgebruik


In de Lofzang:

“G. .. En zijn gebouwd op {de grondslag -> het fundament} der apostelen en profeten..”


In het Consecratiegebed:

“Wij wensen dit heilig offer te brengen in het bijzonder voor Uw universele Kerk, voor …….. onze koning(in) en allen die in {gezag -> bestuur} onder hem/haar zijn gesteld.”



Vermijden van onnodig mannelijk taalgebruik


Zoals het startdocument aangeeft is ‘De Heer’ vervangen door ‘God’ of ‘Christus’, afhankelijk van de context.
Het volgende voorbeeld komt uit de tekst van het Asperges:

[oud] “P. Moge de Heer mij louteren, opdat ik Zijn dienst waardig zal verrichten. In de kracht van de Heer verdrijf ik alle kwaad van Zijn heilig altaar en koor en uit dit huis, waarin wij Hem aanbidden.” ->

[nieuw] “P. Moge God mij louteren, opdat ik deze dienst waardig zal verrichten. In de kracht van de Allerhoogste verdrijf ik alle onzuiverheid van dit heilig altaar en koor en uit dit huis, waarin wij God aanbidden.”

Hierbij kan ‘de Heer’ vervangen worden door ‘God’, maar dan blijft het woord ‘Zijn’ staan. Daarvoor is nu gekozen het woord "deze".

Ter vermijding van het herhaald gebruik van ‘God’ is als tweede keer ‘de Allerhoogste’ gebruikt, passend in de context.

Dit voorbeeld betreft tegelijkertijd ook het zorgvuldig omgaan met het begrip ‘kwaad’, dit is vervangen door ‘onzuiverheid’.


Een tweede voorbeeld van het vermijden van onnodig mannelijk taalgebruik is in de Akte van Geloof:

“Wij geloven in het Vaderschap Gods, in de broeder­schap der mensheid; wij weten, dat wij {Hem->God} het beste dienen, door naar ons beste vermogen onze medemensen te dienen.”



Bevestigend taalgebruik


Tijdens de Tweede wieroking:

[oud] “P. Moge ons gebed evenals deze wierook tot U opstijgen O Heer en laat Uw heilige Engelen Uw volk omringen en het de zegen brengen van dit reukoffer. De Heer ontsteke in ons het vuur van Zijn Liefde en de vlam van de eeuwige barmhartigheid.” ->

[nieuw] “P. Ons gebed stijgt met deze wierook tot U op o God. Laat Uw heilige Engelen ons omringen en de zegen brengen van dit reuk­offer; ontsteek in ons het vuur van Uw Liefde en de vlam van eeuwige barmhartigheid.”

Meer benadrukken van de persoonlijke werkzaamheid tijdens de H. Mis


Er is geëxperimenteerd met het gebruik van de ik-vorm i.p.v. de wij-vorm, zoals bijvoorbeeld in het Confiteor. De gedachte daarbij was dat het individu in ontwikkeling de groep vooruit is en dat de zelfwerkzaamheid gestimuleerd moet worden. Anderen echter zien de groep juist als de organische vorm van met elkaar samenwerkende, reeds actieve mensen. Dat zou de stichters van de VKK ook voor ogen gestaan hebben.

Tijdens de try-out ervaarden sommigen het gebruik van de ik-vorm als betuttelend.

De wij-vorm is uiteindelijk gehandhaafd.

Aanpassing aan veranderende interpretaties binnen de VKK


Hierover ontstond veel discussie, juist vanwege verschillen in interpretatie.

Bijvoorbeeld in de Invocatie wilde men naast de benoeming van de Heilige Drievuldigheid ook haar werkzaamheid uitdrukken. Beide alternatieven zijn nu mogelijk:

[variant 1] “P. In de Naam van de Vader en van de  Zoon en van de Heilige Geest.”

óf:


[variant 2] “P. In Naam van de Allerhoogste: In de Kracht van de Vader, in de Liefde van de  Zoon en in de Wijsheid van de Heilige Geest.”
Bijvoorbeeld in de Absolutie wordt nu naast de vergeving ook het herstellen van harmonie uitgedrukt. De Absolutie wordt in meerdere van onze liturgieën gebruikt, bijvoorbeeld ook in de Genezingsdienst (die nu ‘Sacrament van Heling’ genoemd gaat worden).

De oude tekst van de Absolutie luidt:

“God de Vader, God de + Zoon en God de Heilige Geest zegene, beware en heilige u; de Heer zie in Zijn liefde op u neer en zij u genadig: de Heer geve u  absolutie van al uw zonden en schenke u de genade en de troost van de Heilige Geest.”
In de herziene liturgie zijn nu drie varianten mogelijk. De mogelijkheid bestaat dat een variant door de celebrant wordt gekozen naar gelang de situatie. Een kerkgemeente kan zich ook uitspreken voor het gebruik van een bepaalde variant.
Variant 1. Hierbij wordt de gehele tekst uitgesproken:

“God de Vader, God de + Zoon en God de Heilige Geest zegene, beware en heilige u; Christus schenke u Gods Liefde en Genade en geve u  absolutie van uw zonden. Christus herstelle in u de volheid van Gods harmonie en geve u de vertroosting van Gods Heilige Geest.”

Mensen kunnen zich bewust worden dat zij in woord, daad of gedachte ingegaan zijn tegen de wil van God; dit drukt op hun geweten. In het Confiteor zeggen zij bewust dat zij spijt/berouw hebben van die daad, die hier als zonde wordt benoemd. In de Absolutie geeft God antwoord, van God tot mens. Daardoor wordt de afscheiding opgeheven. Door die daad kan de liefde van God weer doorstromen naar de berouwvolle mens en kan de harmonie worden hersteld. Die bevrijdende handeling van God wordt hier expliciet genoemd.
Variant 2: “God de Vader, God de + Zoon en God de Heilige Geest zegene, beware en heilige u; Christus schenke u Gods Liefde en Genade en geve u  absolutie. Christus herstelle in u de volheid van Gods harmonie en geve u de vertroosting van Gods Heilige Geest.”

Hier wordt ‘van uw zonden’ weggelaten. Het kerkelijke woord ‘absolutie’ betekent letterlijk al: 'vergeving van zonden'. De weglating komt tegemoet aan hen die vanuit hun verleden negatieve gevoelens hebben bij het woord ‘zonde’.


Variant 3: “God de Vader, God de + Zoon en God de Heilige Geest zegene, beware en heilige u; Christus schenke u Gods Liefde en Genade. Christus  herstelle in u de volheid van Gods harmonie en geve u de vertroosting van Gods Heilige Geest.”

Hier wordt “geve u absolutie van uw zonden” in zijn geheel weggelaten. Sommigen zijn zich niet bewust dat zij in woord, daad of gedachte gezondigd hebben, maar zij zijn zich wel bewust dat zij de neiging daartoe hebben; zij voelen een afgescheidenheid van God en zijn zich bewust dat dat ook bij anderen het geval is. Het tekstdeel "Christus herstelle in u de volheid van Gods harmonie" is dan ten volle van toepassing.

Het weglaten komt overeen met een ruimere interpretatie van het woord ‘absolutie’. De etymologie daarvan is complex; zo heeft het eerdere Latijnse woord ‘absolutio’ de betekenis van vrijspraak of volledigheid en het woord ‘absolveren’ de betekenis van bevrijden of kwijtschelden. Het kerkelijk gebruik van ‘absolutie’ heeft de betekenis versmald tot ‘vergeving van zonden’. Een ruimere interpretatie van het geven van absolutie komt dus neer op vrij maken of heel maken. Dit wordt uitgedrukt in “herstelle in u de volheid van Gods harmonie”. Door dat herstel kunnen wij ook zelf meewerken aan het ‘absolveren’ van de wereld.

Het Onze Vader


Velen, binnen en buiten de VKK, hebben moeite met het vers “ … en leidt ons niet in verzoeking”.

Binnen de VKK wordt benadrukt dat de mens een eigen verantwoordelijkheid heeft en daarbij de hulp van God vraagt. De stichter bisschoppen van de VKK prefereerden daarom een andere formulering van het vers. Wedgwood zocht naar een formulering zoals die voorkwam bij sommige Anglicaanse denominaties van zijn tijd. Leadbeater vond dat het Onze Vader niet in de H. Mis past. In het belang van de oecumene nam hij het Onze Vader echter facultatief op, volgens de favoriete Bijbelvertaling. De H. Mis in de Korte Vorm is overigens geheel van de hand van Leadbeater.


Het Onze Vader kent vele verschijningsvormen en uitleggingen. Ter verheldering van onze herziene tekst volgen hier twee gedachten. Rabbijn Aron Mendes Chumaceiro merkt op dat bijna alle verzen van het Onze Vader in het Oude Testament voorkomen. Het vers “ … en leid ons niet in verzoeking” echter niet. Chumaceiro vindt dat vanzelfsprekend, want “het denkbeeld, dat God een mens in verzoeking brengt, druist tegen de volmaakte rechtvaardigheid en liefde van God in.”

Johannes Greber kreeg, naar eigen zeggen, door engelen aanpassingen gedicteerd op de synoptische evangeliën. De betreffende passage van het Onze Vader luidt bij hem: “En laat onze hand niet los, opdat wij niet ten offer vallen aan de verleiding; maar bevrijd ons van het kwade.”


Uiteindelijk zijn voor onze herziene liturgie de volgende bewoordingen gekozen:

[oud] “… En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van het boze. Want Uw is het Koninkrijk…” ->

[nieuw] “… En leidt ons bij verzoekingen en het omgaan met het kwaad. Want van U is het Koninkrijk…”

Verder lezen


Als u meer wilt lezen dan kunt u terecht op www.vkk.nl. U moet dan inloggen als kerklid (de gegevens zijn bekend bij de secretaris van de kerkgemeente of bij de EA). U ziet dan naast elkaar staan de teksten van de huidige en van de herziene liturgie. Tevens kunt u een link openen naar de Engelstalige LCIS paper 4, dat gaat over de geschiedenis van de liturgie in het algemeen en over de VKK liturgieën in het bijzonder. (De LCIS papers behoren tot het internationale opleidingsmateriaal van onze kerk.)

Dank


Het episcopaat dankt alle betrokkenen bij de liturgieherziening voor hun bijdragen, voor hun doorzettingsvermogen en voor hun geduld. Dit geldt in het bijzonder voor de liturgiecommissie die onvermoeibaar vele versies van de herziene liturgie heeft voorbereid, geproduceerd en begeleid.
=================================================

Startdocument liturgieherziening VKK 2010

Er is behoefte aan motivatie en onderbouwing van de gewenste veranderingen en aanvullingen om op die wijze verantwoording naar ons zelf (liturgiecommissie), de Synode en het Episcopaat af te kunnen leggen. Van daar dit startdocument. Het gaat om aanpassingen aan het bewustzijn van de VKK in Nederland op dit moment.





  1. In 2009 is een Try-out gemaakt voor de Korte Vorm van de Mis, de Bezinning op de Wijsheid, de Maria meditatie, de bijzondere gradualen, de prefaties. De evaluatie (reacties uit drie KG’n) van deze Try-out is afgerond. Recent (2010) is aan de inhoud van deze Try-out de herziening van de Genezingsdienst toegevoegd.

Als ingang voor de herziening zijn de volgende punten gebruikt:



  1. Het hertalen en moderniseren van het taalgebruik.

  2. Er is onderscheid gemaakt tussen Jezus en Christus.

  3. De onduidelijkheid tussen Maria en de Moeder van de wereld is opgeheven.

  4. Onduidelijke en slechte vertalingen uit het Engels zijn opgeheven.

  5. Het patriarchale karakter van de diensten is verminderd en het vrouwelijke bevorderd.

  6. Daar waar met de Heer, God wordt bedoeld is dit vervangen door alleen God of Allerhoogste. Daar waar met Heer, Christus wordt bedoeld is dit vervangen door Christus en is het woord Here/Heer vervallen. Op alle plaatsen waar de Heer nu nog genoemd wordt, is Christus bedoeld.

  7. Op enkele plaatsen is de aanduiding O voor Heer of God weggelaten.

  8. Onjuist verwoorde teksten uit de Bijbel zijn beter verwoord.

  9. In de liturgie wordt op meerdere plaatsen de Vader gezien als een van de personen van de H. Drie-eenheid. Soms wordt met de Vader de oorsprong van alles bedoeld; het Eeuwige, dat wat was voor alles tot aanzijn kwam. Als het laatste bedoeld wordt is dit vervangen door God.

  10. De tekst die over God gaat moet de ruimte bieden om de volheid (pleroma) uit te drukken.

  11. Er worden teksten gebruikt die de inhoud zodanig versluieren dat de inhoud niet of moeilijk begrijpbaar is. Daar waar mogelijk is de tekst aangepast.

  12. De gedachte dat het leven een continuïteit is en dat de mens vaker dan een keer op aarde aanwezig is strookt niet met het consecratiegebed waar gebeden wordt voor overledenen. (U altijd lovende in …….). Dit is aangepast.




  1. Invoering herziene collectegebeden, correcties alternatieve lezingen en vervanging standaard epistels en evangeliën op basis van de NBV.




    1. De collectegebeden zijn in 2008 herzien en in gebruik genomen. Er zal m.b.t. deze collectegebeden een officiële schriftelijke ingebruikname vanuit de huidige regionaris volgen.

    2. Er volgen nog correcties op de alternatieve lezingen. De 2e lezingen zullen dan meer dan nu teksten van Jezus bevatten. Invoering van de herziening is gepland met Pasen 2011.

    3. De vervanging van de standaard epistels en evangeliën op basis van de NBV is gestart in 2006 en wordt nu (2010) verder afgerond. Er zullen enkele correcties worden doorgevoerd omdat niet alle woorden uit deze NBV geschikt worden bevonden. Ingebruikname van deze lezingen is ook gepland met Pasen 2011.

    4. Er wordt voorgesteld om de tweede Try-out in alle negen kerkgemeenten van de VKK in Nederland te houden. Bovendien wordt voorgesteld om de tweede Try-out periode deze keer 6 weken te laten duren. De daaruit voortvloeiende reacties worden door de liturgiecommissie beoordeeld en indien gewenst verwerkt.

    5. Het resultaat van de tweede Try-out wordt voorgelegd aan de Regionaris, waarna invoering van de herzieningen officieel wordt.



  1. De liturgiecommissie heeft in 2004 de opdracht gekregen de hele liturgie te herzien. Zij is om praktische reden gestart met een beperkt deel. [Herziening van alle collectegebeden en deel A]. Daarna zijn alternatieve lezingen geselecteerd en samengesteld op basis van de NH Geschriften en het Grote Boek der Apokriefen. De invoering daarvan heeft officieel plaats gevonden op 2 april 2010.

Omdat het de bedoeling is de volledige liturgie te herzien volgen nu een aantal punten die bij het verdere werk meegenomen zouden kunnen worden.


  1. Het invoeren van de alternatieve lezingen gebaseerd op de NH Geschriften heeft tot gevolg dat op een aantal punten andere zienswijzen ontstaan. Die andere zienswijzen kunnen nu of later worden meegenomen bij een verdergaande liturgieherziening. Een aantal van die punten wordt hier genoemd.

  2. Het persoonsgebonden karakter van de H. Drie-eenheid kan verlaten worden, waardoor ieder de vrijheid wordt geboden zelf in te vullen hoe de Drie-eenheid wordt gezien.

  3. De opvatting dat de Heilige Geest als een persoon van de H. Drievuldigheid wordt gezien i.p.v. Gods Bewustzijn en daarmee de Geest Gods.

  4. God hoeft de door ons gemaakte fouten niet te vergeven. Wij zijn door God zodanig geschapen dat wij fouten kunnen maken om daarvan te leren. Vergeving door God is daarom niet op zijn plaats. Zie hiervoor ook de Wetenschap der Sacramenten.

  5. Het benadrukken van de onvolmaaktheid van de mens dient verlaten te worden.

  6. De opvatting dat God aanbidding van ons verlangt i.p.v. dat wij God uit dankbaarheid aanbidden en eren.



  1. Los van het bovenstaande zoekt de alternatieve liturgiecommissie onder leiding van Frank Kouwe naar een andere vorm van eredienst.


De liturgie commissie: Wies Kuiper, Chris de Moraaz, Ronald Engelse en Theo Mensink 15 september 2010



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina