Deelnemersreglement incl. Pakket van Eisen Duurzaam Repareren Versiebeheer: Duurzaam Repareren Datum: Certificeringsjaar 2015 Auteur: Angelica Gravendijk in opdracht van het College van Deskundigen Status: 0 Algemeen



Dovnload 1.09 Mb.
Pagina2/14
Datum27.09.2016
Grootte1.09 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14

12 ALGEMEEN
12.1 Bijlagen

De bijlagen en de NULmeting (vragenlijst) genoemd in dit document zijn

onlosmakelijk verbonden met het Pakket van Eisen.
12.2 Wijzigingen en aanvullingen op dit document.

Alle wijzigingen en aanvullingen dienen te zijn goedgekeurd door het CvD van Duurzaam Repareren.

Wijzigingen en aanvullingen geschieden schriftelijk aan de bij het secretariaat bekende contactpersonen en gelden per aangegeven ingangsdatum.

Administratieve eisen



In het kader van de certificering zijn de navolgende administratieve eisen van kracht. De administratieve eisen zijn relevant voor alle bedrijven ongeacht de bedrijfsactiviteiten en bedrijfsvorm.


1 Uittreksel Kamer van Koophandel

Het bedrijf dient ingeschreven te zijn bij de Kamer van Koophandel met de bedrijfsactiviteiten waarvoor men gecertificeerd wenst te worden. Dan wel bedrijfsactiviteiten die hieraan ontleend kunnen worden.


Te overleggen bewijsstukken:

Uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel. In het uittreksel moet duidelijk de bedrijfsactiviteiten beschreven zijn. Bij eerste aanmelding dient de verklaring niet ouder te zijn dan zes (6) maanden. Bij wijziging van bedrijfsactiviteit, rechtsvorm of natuurlijk persoon dient dit gemeld te worden, waarbij tevens een nieuw uittreksel van K.v.K. meegestuurd moet worden.

2 Milieubeheervergunning/omgevingsvergunning of ontheffing

Het bedrijf dient aan de lokale wet- en regelgeving m.b.t. het milieu te voldoen. Helaas zijn er grote verschillen in het lokale beleid op dit punt. De te overleggen bewijsstukken zijn afhankelijk van dit beleid.


Te overleggen bewijsstukken:

Kopie van de wet Milieubeheervergunning of een ontheffing daartoe, deze vergunning/ ontheffing dient niet ouder te zijn dan 10 jaar. Of, laatste inspectie verslag/ rapport gemeentelijke dienst.



3 Ordentelijke afvoerstromen

Het bedrijf dient aan te kunnen tonen dat de afvalstromen goed zijn ingericht. Hierbij is het niet alleen van belang dat dit in lijn ligt met de milieu wetgeving, maar tevens hergebruik en recycling ondersteund (waar mogelijk gescheiden afvoer)


Te overleggen bewijsstukken:

Kopie overeenkomst/ recente facturen afhandeling van restmaterialen (zoals afgewerkte oliën, gebruikte auto-onderdelen en banden). Onder ISO 9001 en/of ISO 14001/140021 of in eigen beheer en in lijn met de afgegeven milieuvergunning(en).



4 Kopie legitimatiebewijs

Kopie legitimatiebewijs van een tekenbevoegde.



5 Vragenlijst (nulmeting)

De aan u door Duurzaam Repareren verstrekte vragenlijst. Hierbij dienen de vragen beantwoord te zijn m.b.t. de ‘generieke eisen’ en de relevante specifieke eisen A1 t/m D2.


Om vast te kunnen stellen of men compliant is aan het Deelnemersreglement/ Pakket van Eisen, is inzage door de CI, in de administratie noodzakelijk. De definitieve erkenning kent een tijdsduur van telkens één jaar. Het bedrijf wordt m.b.t. het behoudt van de certificatie elk jaar administratief getoetst en eens per drie jaar fysiek getoetst.

Generieke eisen




In het kader van de certificering zijn de navolgende generieke eisen van kracht. De generieke eisen zijn relevant voor alle bedrijven ongeacht de bedrijfsactiviteiten en bedrijfsvorm.




Generieke eis nr. 1





Aanbieden milieuvriendelijke opties


Basis eis




Lowtech: Mobiel -centraal onderdeel

Lowtech: Mobiel -

Zelfstandig

Lowtech: Vaste locatie

Hightech: Vaste locatie

Norm: 100%

Norm: 100%

Norm: 100%

Norm: 100%



Het doel van deze eis is om bij de klant (professioneel/ consument) het gebruik van milieuvriendelijke alternatieven te stimuleren. Inzicht, advies en communicatie is hierin een belangrijk argument. De klant moet weten welke milieuvriendelijke alternatieven er voorhanden zijn bij de betreffende opdracht en wat het prijsverschil is. De offerte/ werkorder en het bestelsysteem dienen hierin te voorzien. De klant dient op basis van de aangeboden informatie een weloverwogen keuze te kunnen maken.
Hieronder treft u wat hulpvragen aan die u houvast bieden bij het implementeren van deze eis en waarop de auditeur let bij zijn controle:







Hulpvragen bij generieke eis nr. 1

Is het voor de klant zichtbaar dat er milieuvriendelijk onderhoud en reparatie wordt aangeboden?

Wordt milieubewust onderhoud en reparatie aangeboden aan de klant op een wijze dat deze een keuze heeft?

Is bovenstaande controleerbaar voor de auditeur?

NB: na certificering dient u ter ondersteuning van deze eis het muurschild zichtbaar op te hangen en de meegeleverde folders op de toonbank te plaatsen. Zodat u uw klant volledig kan informeren van uw duurzame bedrijfsvoering.



Generieke eis nr. 2





Milieubewuste bedrijfsvoering

(Ladder van Lansink 2.0)



Basis eis




Lowtech: Mobiel -centraal onderdeel

Lowtech: Mobiel -

Zelfstandig

Lowtech: Vaste locatie

Hightech: Vaste locatie

Norm: 100%

Norm: 100%

Norm: 100%

Norm: 100%



A Preventie

De beste manier om met afval om te gaan is afval vermijden. Afval voorkomen wil zeggen dat we ervoor zorgen dat we geen afval genereren. Er zijn tal van mogelijkheden om afval te vermijden. De manier is; goed uitkijken en slim kopen. Het gaat er om alternatieven te vinden voor producten die afval met zich meebrengen. De Ladder van Lansink is een hulpmiddel. Wanneer deze stappen stelselmatig worden doorlopen, wordt de berg met restafval stelselmatig minder. De eerste stap is het voorkomen van afval. Wanneer dat uitgesloten is dan volgt stap 2 enzovoort. Stap 1 is preventie, waarbij naast afval productie (het voorkomen daarvan) ook het onnodig grondstoffen verbruik voorkomen dient te worden. . Voorkomen van afval en productverbruik start bij de bewustwording. Instrueer het personeel en maak hen bewust van het productverbruik en met name het onnodig verbruik (verspillen). Dit spaart het milieu maar beperkt ook de kosten.

Soms is een duurzamer product duurder in aankoop, maar op de langere termijn dikwijls goedkoper omdat de volgende aankoop vaak aanzienlijk kan uitstellen terwijl men met goedkope, doch minderwaardige producten snel aan een nieuwe aankoop toe bent. En vergeet niet dat men de verpakking ook betaalt. Hier kan het gebruik van hervulbare verpakkingen een “afvalvoorkomende” een uitkomst bieden.

B Hergebruik

Hergebruik vereist weinig of geen energie of grondstoffen. Hergebruiken is gewoon iets opnieuw gebruiken in plaats van het nieuw te kopen. Product hergebruik is immers goedkoper dan grondstoffen hergebruik en nieuwkoop. Denk hierbij aan hergebruik van schuurpapier, maskeerfolie, sierlijsten of het gebruik van pluisvrije doeken i.p.v. de wegwerpdoeken of papier. Maar natuurlijk ook aan het gewoon repareren van een onderdeel i.p.v. vervangen.



C Sorteren en Recycleren

Is preventie en hergebruik niet mogelijk dan komt de volgende stap op de ladder en dat is recyclen. Wanneer een product dan toch als restmateriaal wordt aangeduid. Probeer dat dan zo zuiver mogelijk gescheiden aan te leveren aan een gespecialiseerd bedrijf. Dan kunnen grondstoffen hergebruikt worden.

Restmaterialen, dienen altijd conform de voor het betreffende bedrijf geldende Milieuwetgeving en milieuvergunningen van het betreffende bedrijf verwerkt te worden, doch op een zo milieuvriendelijke wijze. Bijvoorbeeld dat er andere producten mee gemaakt kunnen worden.





D Verbranden en storten

De laagste twee treden van de ladder. Verbranden en storten moet zoveel mogelijk vermeden worden, maar zal voor sommige, niet-recycleerbare afvalstoffen echter nog steeds een noodzaak zijn.

Hiermee zijn we de Ladder van Lansink afgedaald. De bovenste twee treden zijn en blijven de belangrijkste en we kunnen er heel wat aan doen om niet verder de ladder naar beneden te hoeven afdalen.

Belangrijk is dat er een mindsetting komt binnen de bedrijven en men bewust(er) omgaat de grondstoffen. Bedenk hierbij dat onze grondstoffen niet onuitputtelijk zijn en in kostprijs zullen toenemen. Hiermee bewust omgaan is een must om de kosten in de hand te houden.

Bij certificering beoordeelt de auditeur aan de hand van de Ladder van Lansink, de filosofie binnen het bedrijf aan de hand van de genomen maatregelen, de facilitaire voorzieningen en de geboden middelen. Daarnaast worden de Milieuvergunning en de eindbestemming (overeenkomsten ophaalbedrijf) van het restmateriaal gecontroleerd . Om dit te kunnen controleren dient er een vastlegging te zijn van de genomen milieuvriendelijke processtappen en/of werkwijze t.b.v. milieubelastende processen.

Een bedrijf dat ISO 14001 gecertificeerd is heeft deze zaken al op orde op basis van hetgeen ISO hierover eist. Deze bedrijven hoeven dus geen aanvullende maatregelen te nemen.

Bedrijven die niet ISO gecertificeerd zijn moeten een eigen verslaglegging tonen. Duurzaam Repareren stelt geen technische eisen aan de vastlegging mits dat de auditeur kan controleren hoe het bedrijf omgaat met de treden van de ladder van Lansink.







Hulpvragen bij generieke eis nr. 2

Zijn alle medewerkers op de hoogte van het principe van de Ladder van Lansink?

Zo nee: bent u van mening dat na bestuderen van dit principe de faciliteiten voldoende aanwezig zijn om het de werkwijze van de Ladder van Lansink toe te passen, zoals beschreven in het Pakket van Eisen?

Is er een verslaglegging aanwezig waarmee het afvoerproces controleerbaar is voor de auditeur? Dit mag ISO zijn maar ook een systeem in eigen beheer. Denk hierbij ook aan: het beslu7it en de regeling Melden van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen.

Heeft u maximale aandacht voor het genereren van zo min mogelijk afval. Door bv gebruik van pluisvrije doeken ipv papier, het gebruik van vervulbare verpakkingen of door zo min mogelijk noodvoorzieningen te treffen. Is de gehanteerde systematiek controleerbaar voor de auditeur?

Heeft u maximale aandacht voor het scheiden van uw afval? En zijn de faciliteiten voldoende aanwezig?

Biedt u uw afval zoveel mogelijk aan t.b.v. recycling? Zodat uw afval niet onnodig op de afvalberg beland.

Is bovenstaande controleerbaar voor de auditeur?



Generieke eis nr. 3



Milieuvriendelijk vervangend vervoer




Basis eis




Lowtech: Mobiel -centraal onderdeel

Lowtech: Mobiel -

Zelfstandig

Lowtech: Vaste locatie

Hightech: Vaste locatie

Norm: nvt

*wel eis 3.1 mbt eigen vervoer van toepassing



Norm: nvt

*wel eis 3.1 mbt eigen vervoer van toepassing



Norm: 100%

Norm: 100%



Ook bij vervangend vervoer dient men rekening te houden met het milieu. Wanneer men recht heeft op vervangend vervoer dient men de milieuvriendelijke opties topdown aan te bieden. Te beginnen met een fiets, emissielabel A auto, emissielabel B auto. Wanneer de vloot nog voertuigen bevat met emissielabel C auto’s of hoger wordt hier met de auditeur afspraken over gemaakt hoe en wanneer deze te vervangen. De auditeur beoordeelt ook de informatieverstrekking naar de klant over de milieuvriendelijke keuzes. .








Hulpvragen bij generieke eis nr. 3

Welke middelen biedt u aan als vervangend vervoer?

Heeft u, in uw vervangend vervoer vloot, nog voertuigen met hoger dan een B label?

Zo ja: wanneer lopen deze contracten af?



Is bovenstaande controleerbaar voor de auditeur?


Generieke eis 3.1
Deze aanvullende eis is van toepassing bij gecertificeerde bedrijven met een mobiele bedrijfsvoering (een eigen wagenpark). Het beschrijft specifiek het bezit van een duurzaam voertuig (wagenpark) en het duurzaam op de weg houden ervan.

Hieronder treft u uitgeschreven en schematisch aan waar het voertuig/wagenpark aan moet voldoen. Wanneer het voertuig (wagenpark) nu nog niet voldoet, wordt er samen met de auditeur een verbeterplan gemaakt zodat gaandeweg bij vervanging aan de gestelde eisen voldaan kan worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de doorlooptijd/afschrijving van het voertuig (wagenpark) en/of lopende contracten en/of garantievoorwaarden.

Het onderhoud, reparatie, schadeherstel en reinigen (wassen) van het carrosserie, interieur, banden en autoruiten moet wel binnen het termijn (drie maanden) te worden ondergebracht bij een door Duurzaam Repareren gecertificeerd bedrijf.
Het wagenpark/voertuig - Een duurzaam voertuig is:


  • Schoon (minimale emissies van luchtverontreinigende stoffen)

  • Zuinig (minimale uitstoot van CO2)

  • Stil (minimale geluidsemissie)

In het schema hierna ziet u waar de auditeur op controleert met betrekking een schoon, zuinig en stil voertuig. Mocht uw voertuig/wagenpark nog niet voldoen dan wordt er samen met de auditeur een verbeterplan gemaakt. Op dit verbeterplan wordt u periodiek gecontroleerd.
Het op de weg houden

Naast de aanschaf is het van belang dat het voertuig/wagenpark duurzaam onderhouden en gerepareerd wordt. Duurzaam beheren van het voertuigenpark voorkomt dat de milieuprestaties van de voertuigen verslechteren naarmate de auto’s ouder worden en is dus van groot belang. De impact van onderhoud en reparatie ten opzichte van de aanschaf is vele malen groter. Het ‘op de weg houden’ van het voertuig zorgt voor een vermenigvuldiging van de CO2-uitstoot. Zo veroorzaakt een gemiddelde schadereparatie maar liefst 75 kg aan CO2-uitstoot. Alleen in Nederland al zijn met schadereparaties al elk jaar 60 miljoen bomen gemoeid.


Om een voertuig zijn volledige levensduur op de weg te houden, worden acht keer zoveel onderdelen geproduceerd dan er ooit gemonteerd werden tijdens de productie ervan. Onderhoud, reparaties en schadeherstel kunnen milieuvriendelijk gebeuren en hoeven niet meer te kosten.
Voor het eigen voertuig/wagenpark wordt geeist dat het onderhoud, reparatie, schadeherstel en reinigen (wassen) van de carrosserie, interieur, banden en autoruiten wordt uitgevoerd door een door Duurzaam Repareren gecertificeerd bedrijf. Bij de administratieve en fysieke controle wordt om een kopie van een geldig certificaat van Duurzaam Repareren gevraagd van het uitbestede werk.
Hierbij wordt er ook gecontroleerd op tijdig en juist onderhoud. Slecht onderhouden voertuigen lopen een grotere kans om meer brandstof te verbruiken en meer luchtverontreiniging te veroorzaken dan goed onderhouden (en afgestelde) voertuigen. Tijdig en juist onderhoud waarborgt immers de optimale werking van de auto (goed functionerend motormanagement, schone roet- en luchtfilters e.d.) en daarmee milieuvriendelijk gebruik. Bij tijdig en juist onderhoud worden consequent de onderhoudsvoorschriften conform de fabrieksspecificaties aangehouden.

De auditeur controleert daarom of de door de fabrikant voorgeschreven onderhoudsvoorschriften tijdig en volledig worden nageleefd.



Schema eisen generieke eis 3.1

Milieuaspect

Wetgeving

Eis Duurzaam Repareren eigen wagenpark

Schoon

wagenpark met een typegoedkeuring op basis van de emissieregelgeving voor zware voertuigen voldoen tenminste aan de EEV-norm

voertuig/wagenpark

voldoen tenminste aan Euronorm 6, Euronorm VI of EEV+




Zuinig

Personenauto’s hebben afhankelijk van hun massa een maximale CO2-uitstoot

Bestelauto’s hebben afhankelijk van hun massa een maximale CO2-uitstoot




Personenauto’s hebben een CO2-uitstoot die onder de maximale (massa-afhankelijke) CO2-uitstoot ligt

Bestelauto’s hebben een CO2-uitstoot die onder de maximale (massa-afhankelijke) CO2-uitstoot ligt


Voertuig is uitgerust met tenminste twee of meerdere brandstofbesparende opties t.b.v. zuinig rijgedrag

  • Brandstofverbruikindicator via bijvoorbeeld e en boordcomputer of signaleringssysteem

  • Schakelindicator

  • Bandenspanningsmeter

  • Snelheidsbegrenzer en cruisecontrol

  • Zuinige airconditioning

  • Zuinige (automatische) versnellingsbak

  • Zuinige/stille banden

  • Start/stop systeem

  • Hybride aandrijving

Onderhoud, reparatie schadeherstel en reinigen van carrosserie, interieur, banden en autoruiten

Geen


Alleen uitgevoerd door een bedrijf met een geldig certificaat Duurzaam Repareren


Tijdig en volledige naleving op de door de fabrikant voorgeschreven onderhoudsvoorschriften

Geen


Alleen uitgevoerd door een bedrijf met een geldig certificaat Duurzaam Repareren





Hulpvragen bij generieke eis nr. 3.1

Voldoet uw voertuig/wagenpark aan de voorgeschreven eisen mbt schoon, veilig, stil?

Heeft uw voertuig tenminste twee op meerdere brandstofbeperkende opties? (zie lijst schema)

Wordt het onderhoud, reparatie, schadeherstel en reinigen van de carrosserie, interieur, banden en autoruiten ondergebracht bij een door Duurzaam Repareren gecertificeerd bedrijf?



Pleegt u onderhoud op de door de fabrikant voorgeschreven onderhoudsvoorschriften?

Kunt u van uw uitbestede werk (onderhoud, reparatie, schadeherstel, reinigen) een kopie van een geldig certificaat overleggen? (bewijs dat het bedrijf is gecertificeerd)

Is bovenstaande controleerbaar voor de auditeur?




Generieke eis nr. 4



Gebruik van producten




Basis eis


1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina