Departement Leefmilieu, Natuur en Energie



Dovnload 19.28 Kb.
Datum23.07.2016
Grootte19.28 Kb.




1
2

Vlaamse Overheid

Departement Leefmilieu, Natuur en Energie

Graaf de Ferrarisgebouw

Koning Albert II-laan 20, bus 8

1000 BRUSSEL

tel: 02/553.80.79 fax: 02/553.80.75




Ontheffing tot het opstellen van een MER.
Ontheffingsbeslissing

Project:
Aanleg en exploitatie overslagterminal Main Hub II

te Antwerpen

Initiatiefnemer:
IFB nv

Houtdok 25A

2030 ANTWERPEN

28 september 2009


OHPR0320

Projectbeschrijving en mer-procedure
Het project betreft de bouw van een bijkomende terminal (Main Hub II) voor het behandelen van containers op het terrein van de bestaande Main Hub I. De aanleg is nodig om de stijging van trafieken op de andere terminals van IFB op te vangen. Het project streeft naar een uitbreiding van het intermodaal vervoer vanuit de haven van Antwerpen en draagt op die manier bij tot een meer duurzame modale shift. De containers worden aan- en/of afgevoerd per trein of vrachtwagen en de voorzieningen bestaan in essentie uit een sporenbundel en kranen. De voorgenomen activiteiten betreffen het bouwrijp maken van het terrein, de aanleg van de infrastructuur op het terrein en de exploitatie van het terrein.
Het MER/VR decreet van 18 december 2002 (BS 13/02/2003) is van toepassing voor de MER-regelgeving, naast het Besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage. Het project is onderworpen aan de milieubeoordelingsplicht volgens de categorie 10c in bijlage II van het besluit m.n. “Infrastructuurprojecten : aanleg van spoorwegen met een lengte van 1 tot 10 km, of een ononderbroken lengte van 1km of meer gelegen in een bijzonder beschermd gebied / aanleg van faciliteiten voor de overlading tussen overladingsstations en van overslagstations met een oppervlakte van 5 ha of meer”
De ontheffingsaanvraag is door de dienst Mer van de Afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid ontvangen op 10 juli 2009. Op vraag van de dienst Mer werd, gezien de aard en de ligging van het project, advies verleend door het Agentschap Natuur en Bos Antwerpen (15 september 2009), het departement MOW (16 september 2009), het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen (28 september 2009) en de VMM Afdeling Operationeel Waterbeheer (28 augustus 2009). Deze adviezen zijn verwerkt in dit verslag.

Beschrijving ontheffingsaanvraag

De nota welke deel uitmaakt van het verzoek voor ontheffing van het opstellen van een MER werd opgesteld door Soresma nv (Britselei 23, 2000 Antwerpen). IFB werkt voor dit project nauw samen met Logitech B.V. (Princenhofpark 14, 3450 AA Utrecht, Nederland).


De ontheffingsaanvraag is een verzorgd en overzichtelijk document en bevat de nodige cartografische informatie doorheen het document.
De kenmerken van het project (verantwoording, situering, beschrijving van uitvoerings- en exploitatiefase, relatie tot andere projecten) zijn duidelijk beschreven in hoofdstuk 2.
De ontheffingsaanvraag heeft geen opgave van alternatieven gedaan en dit omwille van de koppeling met de bestaande Main Hub I. In het plan-MER over het ‘Strategisch plan voor en de afbakening van de haven van Antwerpen in haar omgeving’ (goedkeuring op 6 maart 2009) wordt in de verschillende ontwikkelingsalternatieven met hoge economische groei rekening gehouden met de uitbreiding van de Main Hub I.
In hoofdstuk 3 wordt uitgebreid het projectgebied besproken. Het hoofdstuk geeft per discipline een beschrijving van de kwetsbaarheid van de zone.

Alle relevante disciplines (‘bodem’, ‘grond- en oppervlaktewater’, ‘fauna en flora’, ‘landschap, bouwkundig erfgoed en archeologie’, ‘mens’, ‘geluid’ en ‘lucht’) worden duidelijk beschreven in hoofdstuk 4. Per discipline wordt de milieu-impact van het geplande project op de huidige toestand beschreven. Tevens bevat dit hoofdstuk de passende beoordeling. Het projectgebied ligt immers deels in het Vogelrichtlijngebied ‘De Kuifeend – Blokkersdijk’. Ook de gegevens inzake de watertoets worden opgenomen in dit hoofdstuk.


Deel 4.3 (synthese effecten) besluit dat de terreinwijziging geen significante milieu-effecten met zich meebrengt. Het opstellen van een project-MER zal redelijkerwijze geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten opleveren.
Ontvangen adviezen:
Het Agentschap voor Natuur en Bos geeft een gunstig advies. ANB stelt wel dat het ontheffingsdossier onvoldoende ingaat op de linken met het strategisch plan voor de haven van Antwerpen en de achtergrondnota natuur. In de effectanalyse fauna en flora gebeurt geen opname van de instandhoudingsdoelstellingen die in 2004 werden opgesteld. De impact op korte termijn is gevat door de opwaardering van een terrein van 8,8 hectare (via een beheersovereenkomst met Natuurpunt). Op langere termijn wordt de impact opgevangen door de ontwikkeling van het Opstalvalleigebied.

Gezien de goedgekeurde plan-MER voor de afbakening van de haven van Antwerpen en de recente beslissing van de Vlaamse regering (11 september 2009) over het principieel programma van de haven van Antwerpen biedt een verdere uitwerking van het aspect natuur in dit ontheffingsdossier, volgens de dienst MER, geen meerwaarde.


De VMM, Afdeling Operationeel Waterbeheer geeft aan dat er moet voldaan worden aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening van 1 oktober 2004 inzake hemelwaterputten e.a. Prioriteit moet uitgaan naar hergebruik van hemelwater, en vervolgens naar infiltratie boven buffering met vertraagde afvoer. Bij de bouw van het infiltratiebekken moeten de principes van natuurtechnische milieubouw gehanteerd worden. De VMM wil er wel op wijzen dat door de recente beslissing van de Vlaamse regering mbt de afwatering van het deelbekken Benedenschijn (15 mei 2009) de lozing via de Hoofdgracht van de Verlegde Schijn niet zal gegarandeerd blijven, en dat alternatieve lozingstrajecten zullen moeten gezocht worden. Het advies is voorwaardelijk gunstig mits het rekening houden met de hierboven vermelde informatie.
Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken vraagt om rekening te houden met de beslissing van de Vlaamse regering omtrent de globale oplossing voor de toekomstige waterhuishouding van het deelbekken Benedenschijn. Het Departement geeft tevens aan dat voor het gebruik van de site als HST-werf, het gebied wel waardevolle natuurkwaliteiten bevatte. Deze natuur zal gecompenseerd worden in het Opstalvalleigebied. Het Departement vraagt een betere onderbouwing van de discipline geluid.
Het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen maakt melding van haar werkzaamheden mbt de opmaak van een fijn stof actieplan. Ook inzake milderende maatregelen richting luchtemissies ziet zij andere mogelijkheden dan de voorstellen uit het ontheffingsdossier.

Het Gemeentelijk Havenbedrijf stelt verder dat de nu aanwezige zandwal ten noorden van het projectgebied zal worden verwijderd. Ze kan dus niet als afschermende maatregel (geluid) gebruikt worden.

De voorgestelde groenbuffer tov het Groot Schijn dient te worden gekaderd in het globale verhaal van de ontwikkeling van het Logistiek Park Schijns. Ook het Gemeentelijk Havenbedrijf verwijst naar de geplande toekomstige ontwikkelingen inzake waterhuishouding voor het gebied Groot Schijn. Het Gemeentelijk Havenbedrijf wijst tenslotte op een fout gebruik van terminologie. In de discipline fauna en flora is sprake van een compensatie van 8,8 hectare. Dit is niet correct. De zone van 8,8 hectare dient beschouwd te worden als een (tijdelijk) surplus. Het Agentschap Natuur en Bos bevestigt dit standpunt.

Het Gemeentelijk Havenbedrijf geeft een gunstig advies.


Besluit
Het merendeel der adviezen stelt dat de ontwikkeling van de Main Hub II beter dient gekaderd te worden in de andere toekomstige ontwikkelingen voor het ganse gebied (natuur en water). De dienst MER vraagt dan ook dat de initiatiefnemer bij de verdere voorbereiding van het vergunningsdossier overleg pleegt met het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen. De dienst MER is overtuigd dat dergelijk overleg een aantal onduidelijkheden kan verhelpen. De opmaak van een project-MER zou geen meerwaarde betekenen.
Bijgevolg wordt een ontheffing van de verplichting tot het opstellen van een MER toegekend voor de aanleg en exploitatie van de overslagterminal Main Hub II te Antwerpen.
Deze ontheffing wordt verleend voor een termijn van vier jaar.
Dit verslag dient samen met de ontheffingsaanvraag deel uit te maken van de vergunningsaanvraag.

30 september 2009,


Paul Van Snick

Algemeen directeur



Afdelingshoofd AMNEB




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2016
stuur bericht

    Hoofdpagina