Departement lerarenopleiding



Dovnload 23.38 Kb.
Datum17.08.2016
Grootte23.38 Kb.




DEPARTEMENT LERARENOPLEIDING

LESVOORBEREIDINGSSCHEMA 2 LLO C

Naam stagiair: Mathias De Baets.

Stageschool: François Laurentinstituut.
Naam mentor: dhr. Luc Fiers

Stageklas: 6de leerjaar Aantal lln: 16


Datum: Donderdag 20/01/05


Begin van de les: 08u20

Einde van de les: 09u10


Leergebied/Domein: Wiskunde/getallen


Onderwerp: Hoofdrekenen: (gelijknamig en ongelijknamige) breuken optellen en aftrekken (week 14 les 2)


Beginsituatie: De leerlingen kennen het begrip diagonaal.

.

Situering in de leerplannen:


Lesdoelen: De leerlingen kunnen:

  • eenvoudige breuken optellen en aanvullen tot een natuurlijk getal

  • natuurlijke getallen en eenvoudige breuken optellen

  • eenvoudige breuken van elkaar aftrekkken of verminderen tot een natuurlijk getal

  • eenvoudige breuken van natuurlijke getallen aftrekken

  • met eigen woorden vaststellingen en conclusies formuleren

  • breuken omzetten in kommagetallen en/ of procenten en dit als controle gebruiken

  • realistische problemen i.v.m. optellen e aftrekken van breuken oplossen

  • eenvoudige breuken met een zakrekenmachine op^tellen enaftrekken



Bronnen:
Onderwijs- en leermiddelen:

Eurobasis handleiding week 14 les 2; eurobasis werkboek week 14 les 2;.




LESFASE 1: Instap

LESFASEDOELSTELLING: De leerlingen kunnen


LEERINHOUD

11/25 = 44/100 = 44%

23/100 = 23%

11/25+23/100 = 44/100 + 23/100 = 67/100 (of 44% +23% = 67%)

100/100 – 67/100 = 33/100 ( of 100% - 67% = 33%)
met gelijke of ongelike noemer


WERKVORMEN EN MEDIA

-- In België gaat 11 op de 25 mensen op vakantie in het buitenland, 23 op 100 gaan hier op vakantie, hoeveel Belgen blijven er gewoon thuis?

-- Zoek samen met je partner naar de oplossing.

-- verwoord je hoe je te werk bent gegaan?

-- een breuk met als noemer 100, hoe kunnen we dit nog onder woorden brengen?

-- wanneer zijn breuken gelijknamig? En ongelijknamig?






LESFASE 2: Instructie
LESFASEDOELSTELLING: De leerlingen kunnen


LEERINHOUD

2.1.


20/100 + 20/100 = 40/100 = 2/5

50/100 – 30/100 = 1/5

50/100 + 25/100 = 75/100 = 3/4

40/100 – 25/100 = 15/100 = 3/20


Nee, we moeten de breuken eerst gelijknamig maken

-- 1/2 = 2/4 dus 1/2 + 2/4 = 2/4 + 1/4 = 3/4

-- 1/5 + 3/10 = 2/10 + 3/10 = 5/10 = ½

0.2 + 0.3 = 0.5

-- 1- 1/10 = 10/10 – 1/10 = 9/10

1-0.1 = 0.9


2.2.

50/100 + 50/100 = 100/100 = 1

25/100 – 5/100 = 20/100 1/5

1/10 + 1/100 = 10/100 +1/100 = 11/100

...

1/5 + 1/100 = 0.20 + 0.01 = 0.21



4/5 3/10 = 8/10 + 3/10 = 11/10

1+1/10 = 10/10 + 1/10 = 11/10



WERKVORMEN EN MEDIA

2.1. De lk heeft (of schrijft) enkele optellingen met gelijknamige breuken op het bord geschreven,

-- neem jullie werkschrift en we gaan samen een aantal oefeningen maken. Jullie gaan eerst verwoorden dan verantwoorden en vervolgens noteren.

-- vereenvoudig waar mogelijk

-- nu met enkele ongelijknamige breuken, kunne we die twee breuken zomaar optellen

2.2. -- Wie kan er mij 1/10 van het geobord kleuren? De lln werken mee op persoonlijke honderdveldjes, voeg hier 1/5 bij. Trek er 1/3 af, hoeveel blijft erover?

-- relatie kommagetallen

-- opdrachten som groter dan 1 geheel

-- gehele getallen combineren met breuken




LESFASE 3: toepassing.
LESFASEDOELSTELLING: De leerlingen kunnen:


LEERINHOUD
Zie werkblad pag. 25.


WERKVORMEN EN MEDIA

-- neem jullie werkboek op pagina 25

Los de oefeningenop , de lk komt rond om te kijken of alles duidelijk is, je steekt wel je hand op,

Veel voorkomende fouten worden besproken, er volgt een klassikale controle.







Hogeschool Gent - Departement Lerarenopleiding  K.L. Ledeganckstraat 8 - 9000 Gent

Tel. 09 243 93 50  Fax 09 220 50 68




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina