Dertien korte meditaties over Johannes 10: 1-18



Dovnload 24.96 Kb.
Datum16.08.2016
Grootte24.96 Kb.

Jezus, mijn Herder

Dertien korte meditaties over Johannes 10:1-18




Jos Douma | Christocentrische GemeenteOntwikkeling


Dag 1


Ik ben de goede herder. Een goede herder geeft zijn leven voor de schapen.

Johannes 10:11



Hij is mijn Herder


Twee weken lang proberen we te proeven wat het betekent als Jezus zegt: ‘Ik ben de goede herder.’ Het is een bekend beeld, en daardoor kan maar zo het leven er een beetje uit weggelopen zijn. Of we vullen het wat eenzijdig in: ‘Jezus zorgt voor mij’. Maar er gebeurt hier meer. Jezus zorgt niet als een herder voor zijn schapen, Hij geeft zijn leven voor die schapen. Want Hij is de goede herder. Niet zomaar een herder, maar de goede. Net als Hij niet zomaar een wijnstok is, maar de ware wijnstok. Jezus is de goede herder, en Hij geeft zijn leven voor jou. Een keer aan het kruis, en nu nog elke dag: alles heeft Hij voor je over, om je te leiden, te sturen, te verzorgen, te confronteren. Alles doet Hij, zodat je zijn stem maar zult horen en Hem maar zult volgen.
Dag 2

De schapen luisteren naar zijn stem, hij roept zijn eigen schapen bij hun naam en leidt ze naar buiten.

Johannes 10:3



Zijn stem


De schapen kennen de stem van de herder. Feilloos kunnen ze die onderscheiden van dieven en rovers die ook de schaapskooi proberen binnen te dringen. Hun stemmen klinken heel anders dan de stem van hun eigen herder, de goede. Want er is sprake van een - ook al klinkt dat wat vreemd als het over schapen gaat - persoonlijke relatie. Schapen zijn in onze beeldvorming vooral wat nogal en volgzame dieren. Maar in het spreken van Jezus zijn het dieren die de stem van hun herder kennen en die ook naar zijn stem luisteren. Zo komt er in het beeld van de herder en de schapen ook een veel actiever gebeuren naar voren dan alleen maar dat van de herder die voor de schapen zorgt. Zij luisteren, en volgen. Luister jij naar Jezus’ stem? Roept Hij je bij je naam? Volg jij Hem?
Dag 3

Wanneer de herder al zijn schapen naar buiten gebracht heeft, loopt hij voor ze uit en de schapen volgen hem omdat ze zijn stem kennen.

Johannes 10:4

Hem volgen


De herder gaat voorop. Als hij de schapen uit de schaapskooi heeft geleid, loopt hij voor ze uit en moeten ze hem volgen. Dat willen ze ook, want ze kennen zijn stem, en die klinkt vertrouwd. Het is verleidelijk om nu elk element toe te passen op ons leven, en ik geef maar even toe aan die verleiding. Vaak vinden we het wel prettig in de schaapskooi (sommige kerkgebouwen hebben zelfs als naam ‘De Schaapskooi’). Maar Jezus als de goede herder brengt de schapen naar buiten, waar het beduidend minder knus en rustig is. Maar het is er goed omdat Hij er ook is. Zijn stem kun je horen binnen de muren van de schaapskooi, maar ook daarbuiten. Het maakt niet uit waar je bent, als je zijn stem maar hoort en Hem maar volgt.
Dag 4

Iemand anders volgen ze niet, ze lopen juist van hem weg omdat ze de stem van een vreemde niet kennen.

Johannes 10:5

De stem van een vreemde


Jezus kent zijn schapen en zijn schapen kennen Hem. Onafscheidelijk zijn ze. Maar het gebeurt ook dat er een vreemde stem klinkt, dat er een herder komt die geen herder is. Schapen van Jezus lopen bij zo iemand weg, ze volgen hem niet want zijn stem klinkt hun vreemd in de oren. Herkennen wij ook de vreemde stemmen om ons heen? Herkennen wij de stem van de ene Herder die goed is uit duizenden? Of is ons gehoor beschadigd en zijn we niet goed in staat om te onderscheiden of een stem de waarheid zegt of niet? Of klinken er zoveel stemmen dat we de ene niet meer kunnen horen? We zullen de stem van Jezus alleen blijvend herkennen als we die stem vaak horen, als we vaak de tijd nemen om ernaar te luisteren.
Dag 5

Waarachtig, ik verzeker u: ik ben de deur voor de schapen.

Johannes 10:7

Ik ben de deur


Beeldspraak is niet altijd gemakkelijk. Want de goede herder blijkt nu opeens ook de deur te zijn. Jezus zegt het heel nadrukkelijk: ‘Waarachtig, ik verzeker u!’ Eigenlijk zegt Hij: ‘Amen, Amen!’ Het is dus echt heel erg waar dat Jezus de deur is. Alleen door Hem heen kunnen schapen binnengaan in de schaapskooi. Deze uitspraak van Jezus ligt dicht aan tegen die andere: ‘Ik ben de weg.’ Het is allemaal zo exclusief en zo helder: Jezus is eenvoudigweg onmisbaar. Niemand kan om Hem heen. Er is maar één manier om gered te worden en de meest intense liefde en goddelijke zorg te ervaren: via Jezus. Ga jij ook steeds weer door Hem heen?
Dag 6

Ik ben de deur: wanneer iemand door mij binnenkomt zal hij gered worden; hij zal in en uit lopen, en hij zal weidegrond vinden.

Johannes 10:9

Redding


Alle mensen hebben redding nodig. Redding van zonde en schuld, van angst en moedeloosheid, van gebondenheid en duisternis. Jezus maakt duidelijk dat Hij redt, dat Hij de deur is waar je doorheen moet gaan om verlossing te ervaren. En als je dat doet, als je door zijn Geest geleid en gedreven de deur binnengaat, gaat er een nieuw leven voor je open. Je zult in en uit lopen en zo intense vrijheid ervaren. Je zult weidegrond vinden, waar het heerlijk is om te zijn. Psalm 23 wordt werkelijkheid in je leven: ‘Hij laat mij rusten in groene weiden en voert mij naar vredig water, en leidt mij langs veilige paden tot eer van zijn naam.’ En dit worden helemaal je eigen woorden: ‘De HEER is mijn herder, het ontbreekt mij aan niets.’
Dag 7

Een dief komt alleen om te roven, te slachten en te vernietigen, maar ik ben gekomen om hun het leven te geven in al zijn volheid.

Johannes 10:10

Leven in volheid


Er is een hemelsbreed verschil tussen de dief en de herder als het om schapen gaat. Een dief komt om de schapen te roven, te slachten en te vernietigen. De dief is dus uit op de dood van de schapen. Zo lijkt hij wel wat op de brullende leeuw, waar de bijbel ook over spreekt, die rondgaat op zoek naar prooi. Voor hem moeten we op onze hoede zijn, want hij is onze vijand. Heel anders is het met Jezus die de goede herder is. Hij is gekomen om het leven te geven. Niet zomaar leven, maar het leven in al zijn volheid. Want heel veel leven komt niet verder dan bestaan, vegeteren, er-zijn. Maar Jezus wil het echte leven geven, dat vernieuwend is en krachtig, dat opbloeit en waar de Vader van geniet. Heeft Hij dat leven ook al aan jou gegeven?
Dag 8

Ik ben de goede herder. Een goede herder geeft zijn leven voor de schapen. Een huurling, iemand die geen herder is, en die niet de eigenaar van de schapen is, laat de schapen in de steek en slaat op de vlucht zodra hij een wolf ziet aankomen.

Johannes 10:11-12

Huurling of herder


Er is een groot verschil tussen een huurling en een herder. De huurling is iemand die niet de eigenaar is van de schapen. Hij hoedt ze om er zijn brood mee te verdienen. Maar de schapen gaan hem niet werkelijk ter harte. Als het moeilijk wordt, laat hij ze in de steek. De herder is de eigenaar. Omdat hij van zijn schapen houdt, hoedt hij ze. Hij heeft alles voor ze over. Zelfs zijn leven. Het mag hem alles kosten. Ik geloof dat deze woorden over de huurling en de herder niet alleen bestemd zijn voor wie een speciale roeping hebben om voorganger te zijn, maar dat ze praktische betekenis hebben voor elke christen. Ben jij ten opzichte van je broers en zussen in de Heer een huurling of een herder?
Dag 9

Ik ben de goede herder. Ik ken mijn schapen en mijn schapen kennen mij, zoals de Vader mij kent en ik de Vader ken.

Johannes 10:14-15

Mijn schapen kennen Mij


Het beeld van de herder en de schapen is ten diepste een beeld dat gekleurd wordt door relatie: er is sprake van een liefdevol kennen en vertrouwen. Daarin is de verhouding tussen de schapen en de herder een spiegelbeeld van de relatie tussen de Zoon en de Vader. Want, zegt Jezus, de Vader kent Mij en Ik ken de Vader. De vertrouwelijke omgang tussen Hen is de bron van de vertrouwelijke omgang tussen Jezus en Gods kinderen. Herken jij dat ook in je eigen leven? Dat Jezus als de goede herder vertrouwelijk omgaat met jou als schaap? En jen jij Hem ook echt hartelijk? Vertrouw je Hem en volg je Hem? Laat je je door Hem liefdevol leiden?
Dag 10

Maar ik heb ook nog andere schapen, die niet uit deze schaapskooi komen. Ook die moet ik hoeden, ook zij zullen naar mijn stem luisteren: dan zal er één kudde zijn, met één herder.

Johannes 10:16

De ene kudde


Jezus is zeer doelgericht. In zijn spreken over het herder zijn heeft Hij uiteindelijk de ene kudde op het oog. Die kudde is er nog niet, want vele verstrooide schapen dwalen nog rond. Ook voor hen wil Jezus de goede herder zijn: Hij wil van hen houden en hen hoeden en ze zullen naar zijn stem luisteren. Blijkbaar is dat de kern van de eenheid van de kudde: dat alle schapen luisteren naar de stem van de ene herder. Is dat wat we zien gebeuren in de christelijke gemeente, die door het bloed van Jezus één is? Zijn we samen gericht op die stem van de herder of bewaken we zorgvuldig de houten wanden van onze zelfgebouwde schaapskooien? Eenheid vinden we alleen in Jezus. Nergens anders.
Dag 11

De Vader heeft mij lief omdat ik mijn leven geef, om het ook weer terug te nemen.

Johannes 10:17

Geven en terugnemen


Jezus weet een ding altijd zeker: dat de Vader van Hem houdt! Dat geeft Hem de kracht om te doen wat Hij zich voorgenomen heeft en wat Hij doen wil vanwege de liefde van zijn Vader: zijn leven geven. Daarin is Hij de goede herder: Hij heeft zijn leven over voor zijn schapen. Maar Hij weet ook dat er op het geven van zijn leven iets nieuws, iets volkomen unieks volgt: dat Hij zijn leven weer terug zal nemen. Hij legt zijn leven af zoals je kleren uitdoet, maar zal dat leven in zijn opstanding weer aandoen zoals je kleren aandoet. Zowel voor zijn dood als door zijn dood is Hij de zorgzame herder die leven geeft!
Dag 12

Niemand neemt mijn leven, ik geef het zelf. Ik ben vrij om het te geven en om het weer terug te nemen – dat is de opdracht die ik van mijn Vader heb gekregen.

Johannes 10:18

De opdracht van de Vader


Vaak worstelen christenen met de vraag hoe onze wil en Gods gebod zich nu tot elkaar verhouden. Doe ik iets omdat God het vraagt of omdat ik het zelf graag wil? Dan is het heel leerzaam om te luisteren naar Jezus. Hij wil het helemaal zelf: zijn leven geven. Hij is vrij om het te geven en het weer terug te nemen. Zo getuigt Jezus van zijn eigen verlangen om zichzelf helemaal te geven aan ons en voor ons. En tegelijk zegt Hij ook: dat is de opdracht die mijn Vader mij heeft gegeven. Blijkbaar zijn de Vader en de Zoon volkomen eenswillend. En dat is precies het geheim van een heilig en vruchtbaar leven: dat je zelf van harte gaat willen wat de Vader, e dat je merkt dat dat komt door Jezus.
Dag 13

Veel mensen zeiden: ‘Hij is bezeten, hij is gek. Waarom luisteren jullie nog naar hem?’

Johannes 10:20



Is Hij gek of niet?


Wat Jezus zegt over de goede herder en de schapen en het leven, over de huurling en over de wil van de Vader - er zijn veel mensen die er niks mee kunnen. Ze staan voor Jezus en zeggen: Hij is bezeten, Hij is gek. Waarom zou je naar zo iemand luisteren? En vraagt Hij ook niet onevenredig veel aandacht voor zichzelf? Wie heeft er nu het lef om te zeggen dat Hij de goede herder is? Hoe haalt iemand het in zijn hoofd om te zeggen dat je naar zijn stem moet luisteren omdat je alleen dan het leven vindt? Daarin zit ook altijd weer de aanstoot: dat je erkennen moet dat Jezus zoveel groter is, dat Hij God is, God in eigen persoon. Ken Hem als je herder. Durf een schaap te zijn. Zo een die durft te luisteren en te volgen.
www.josdouma.nl/cgo




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina