{deve}Commissie ontwikkelingssamenwerking



Dovnload 26.12 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte26.12 Kb.










EUROPEES PARLEMENT

2009 - 2014


<Commission>{DEVE}Commissie ontwikkelingssamenwerking


<RefProc>2012/0258RefProc><RefTypeProc>(NLE)RefTypeProc>

{20/02/2013}20.2.2013

ADVIES

van de Commissie ontwikkelingssamenwerking

aan de Commissie visserij

inzake het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie waarin is voorzien bij de Partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Unie en de Islamitische Republiek Mauritanië voor een periode van twee jaar

(15777/2012 – C7 0419/2012 – 2012/0258(NLE))

Rapporteur voor advies: Gesine Meissner
PA_Leg_Consent

BEKNOPTE MOTIVERING

Mauritanië is een van de armste minst ontwikkelde landen van de wereld en staat op plaats 156 van de menselijke ontwikkelingsindex 2011, op een totaal van 187 landen. Het land is financieel afhankelijk van buitenlandse hulp en heeft een hoge schuldenlast.


De politieke situatie in het land kan als instabiel worden beschouwd. De huidige president zelf, Mohamed Ould Abdel Aziz, wierp in een staatsgreep in augustus 2008 de voormalige regering omver en werd in juli 2009 tot president gekozen. Op 14 oktober 2012 raakte hij gewond toen zijn konvooi door een militaire patrouille werd beschoten.
Het land wordt bovendien al jaren getroffen door terroristische activiteiten. In het bijzonder al-Qaeda is actief in het woestijngebied van Mauritanië. De situatie is verergerd na de militaire staatsgreep door militante islamisten in Mali in maart 2012.

De economie van Mauritanië is sterk afhankelijk van de landbouw en het grootste gedeelte van de beroepsbevolking is werkzaam in deze sector. De belangrijkste exportproducten zijn echter ijzererts en vis. Hoewel het grootste gedeelte van het land uit woestijnland bestaat behoren de kustwateren langs de 753 kilometer lange kust tot de rijkste visgebieden ter wereld.


De partnerschapsovereenkomst inzake visserij (PIV) tussen de Europese Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië dateert van 1 augustus 2006 en is door middel van twee opeenvolgende protocollen ten uitvoer gelegd. Het laatste protocol is afgelopen op 31 juli 2012. Sinds 1 augustus 2012 stuurt de Commissie de visserijaanvragen van de lidstaten rechtstreeks door naar Mauritanië. Deze tussentijdse regeling loopt af in januari 2013.
Op basis van een mandaat van de Raad heeft de Europese Commissie met de Islamitische Republiek Mauritanië over een nieuw protocol onderhandeld. Het protocol is geparafeerd op 26 juli 2012. Het nieuwe protocol bestrijkt een periode van twee jaar vanaf de datum van ondertekening ervan.
Bij het nieuwe protocol krijgen EU-vaartuigen in de Mauritaanse visserijzones gegarandeerd prioritaire toegang tot de beschikbare overschotten. Het protocol beoogt eveneens de ontwikkeling van een duurzaam visserijbeleid binnen deze visserijzones.
De financiële tegenprestatie van de EU die in het nieuwe protocol is vastgelegd is als volgt samengesteld:
a) een jaarbedrag voor de toegang van EU-vaartuigen tot de exclusieve economische zone (EEZ) van Mauritanië van 67 miljoen EUR;
b) een specifiek bedrag van 3 miljoen EUR per jaar voor de tenuitvoerlegging van een nationaal beleid voor een verantwoorde en duurzame visserij.
De financiële tegenprestatie voor de toegang tot de EEZ van Mauritanië zal aanzienlijk stijgen in vergelijking met het in het afgelopen protocol vastgestelde bedrag. Het bedrag voor sectorale steun zal echter worden teruggebracht van 20 miljoen EUR het afgelopen jaar tot 3 miljoen EUR per jaar. De totale financiële tegenprestatie zal zo niet veranderen ten opzichte van de voor de periode 2011-2012 overeengekomen tegenprestatie.
De PIV tussen de EU en de Islamitische Republiek Mauritanië is uit financieel oogpunt de belangrijkste overeenkomst met een derde land, gevolgd door de PIV met Groenland en voor de PIV met Marokko die tot op heden niet is verlengd. De overeenkomst vertegenwoordigt bijna de helft van de gehele EU-begroting voor PIV's met derde landen.
De vangstmogelijkheden zijn verminderd in vergelijking met het vorige protocol. Dit is het gevolg van bevindingen volgens welke voor de meeste visserijbestanden in Mauritanië ofwel sprake was van volledige exploitatie ofwel van overexploitatie. De nieuwe hoeveelheden zijn vastgesteld op basis van wetenschappelijke adviezen en Mauritaanse verzoeken om de plaatselijke kustgemeenschappen en de kleinschalige visserij te versterken.
Met name de uitsluiting van koppotigen kan worden opgemerkt. De redenering hiervoor was dat deze soort door de buitenlandse voertuigen werd overbevist en dat er voldoende plaatselijke vlootcapaciteit in de kleinschalige en kustvisserij van Mauritanië bestaat om deze rijkdommen te kunnen vissen. Ter versterking van de plaatselijke visserijsector is eveneens een verlenging van de afstand van de visserijzone voor pelagische vis overeengekomen: trawlers voor de pelagische visserij moeten op 20 mijl afstand van de kust blijven. Volgens schattingen zal zo de bijvangst aanzienlijk afnemen.
Uw rapporteur is in het bijzonder verheugd over de verplichting om 2% van de vangst van kleine pelagische vis in Mauritanië te landen voor de plaatselijke bevolking. De impact van deze maatregel op de prijs van door plaatselijke vissers gevangen vis moet echter nauwlettend in de gaten worden gehouden.
Uw rapporteur is verder bezorgd over de negatieve gevolgen die de PIV kan hebben voor de Europese voertuigen en visserijsector, evenals voor de Mauritaanse zeelui die aan boord van deze voertuigen werkten. Zij is bezorgd over de gevolgen van de sterke stijging van de rechten voor reders op basis van hun vangst.
Toch is uw rapporteur verheugd over de PIV, waarvan de voorwaarden tot stand zijn gekomen op basis van het beginsel van beleidscoherentie voor ontwikkeling en het geïntegreerd kader voor partnerschapsovereenkomsten op visserijgebied met derde landen van 2002, en die in overeenstemming is met de externe dimensie van het toekomstige gemeenschappelijke visserijbeleid. Visserijovereenkomsten tussen de EU en derde landen dienen niet alleen de toegang voor EU-voertuigen tot exclusieve economische zones van ontwikkelingslanden te waarborgen maar eerder de basis te vormen voor partnerschap, ontwikkelingsbeleid en duurzame visserij. Om deze reden dienen FPA's uitsluitend betrekking te hebben op overschotten in de kustwateren en rekening te houden met het belang van vis als onderdeel van de voeding in ontwikkelingslanden.
Ten slotte wijst uw rapporteur erop dat de beoordeling achteraf van de vorige PIV een voor de EU licht positieve kosten-batenverhouding toonde van 1,4 tot 1,5. Vanwege de aanzienlijk gewijzigde voorwaarden van het nieuwe protocol zal de nieuwe kosten-batenverhouding verschillend zijn.

******


De Commissie ontwikkelingssamenwerking verzoekt de ten principale bevoegde Commissie visserij het Parlement voor te stellen zijn goedkeuring te geven.

De Commissie ontwikkelingssamenwerking is van oordeel dat de Commissie bij de tenuitvoerlegging van het protocol naar behoren rekening dient te houden met de volgende punten:


(a) De Commissie dient de Islamitische Republiek Mauritanië ertoe aan te sporen het jaarlijkse bedrag te gebruiken voor de tenuitvoerlegging van een nationaal beleid voor een verantwoorde en duurzame visserij, voor de verbetering van de aanlandingsvoorzieningen van het land zodat EU-voertuigen hun vangst eveneens kunnen landen in andere Mauritaanse havens dan Nouakchott, voor de bevordering van vrouwelijk ondernemerschap in de visserijsector, en voor de activiteiten op het gebied van monitoring en toezicht, evenals voor evaluaties van de visbestanden.
(b) In het bijzonder dient te worden gecontroleerd of de uitsluiting van koppotigen van het toepassingsgebied van de PIV aanzienlijke gevolgen heeft voor het herstel van de bestanden en niet tot een overcapaciteit van de Mauritaanse visserijvloot leidt.
(c) De Commissie wordt aangemoedigd om met Mauritanië de ontwikkeling van op de lange termijn gerichte beheersplannen voor de visserij te bespreken, die alle visserijrechten dienen te omvatten welke door de Mauritaanse autoriteiten zowel aan de nationale vloot als aan de vloten uit derde landen worden toegekend.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

19.2.2013










Uitslag eindstemming

+:

–:

0:



13

10

1



Bij de eindstemming aanwezige leden

Thijs Berman, Michael Cashman, Ricardo Cortés Lastra, Véronique De Keyser, Nirj Deva, Leonidas Donskis, Charles Goerens, Mikael Gustafsson, Filip Kaczmarek, Michał Tomasz Kamiński, Miguel Angel Martínez Martínez, Gay Mitchell, Norbert Neuser, Jean Roatta, Birgit Schnieber-Jastram, Michèle Striffler, Alf Svensson, Keith Taylor, Eleni Theocharous, Patrice Tirolien, Anna Záborská

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Philippe Boulland, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Gesine Meissner



AD\927244NL.doc


PE500.647v02-00

NL In verscheidenheid verenigd NL




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina