Dit document betreft het ce geschiedenis van het jaar 2003!



Dovnload 84.91 Kb.
Pagina1/7
Datum26.08.2016
Grootte84.91 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7
Dit document betreft het CE geschiedenis van het jaar 2003!

Stofomschrijving politiek systeem en politieke cultuur in Nederland vwo/havo (oude en nieuwe stijl).


(Bron: www.gelekatern.nl)

HAVO/VWO


Nederlanders en hun gezagsdragers 1950-1990: verzuiling, polarisatie en herwonnen consensus

Inhoud

Nederlanders en hun gezagsdragers 1950-1990: verzuiling, polarisatie en herwonnen consensus 1

Hoofdvraag 1

Verantwoording 1

Historisch Kader 2

Hoofdstuk 1
De politieke cultuur en het politieke bestel in de jaren vijftig 4

1.1 Hoe gingen de gezagsdragers met elkaar om? 4

1.2 Hoe oefenden de politieke gezagsdragers invloed uit op het leven van de Nederlanders? 4

1.3 Waarom werd er in de politieke cultuur zoveel nadruk gelegd op consensus en ordening? 4

1.4. Hoe was de politieke cultuur van consensus en ordening in de praktijk zichtbaar? 5

Hoofdstuk 2


Trouw aan het gezag, maatschappelijke verhoudingen in de jaren vijftig 6

2.1 Welke invloed hadden ouders op het leven van jonge Nederlanders? 6

2.2 Welke invloed hadden kerken op het leven van Nederlanders? 6

2.3 Welke invloed hadden arbeidsorganisaties op het leven van Nederlanders? 6

Hoofdstuk 3
Een samenleving in verandering, Nederland in de jaren vijftig en zestig 8

3.1 Welke veranderingen vonden in de Nederlandse samenleving plaats? 8

3.2 Welke economische ontwikkelingen droegen bij aan deze veranderingen? 8

3.3 Welke culturele ontwikkelingen droegen bij aan deze veranderingen? 8

3.4. Welke veranderingen werden in de politieke cultuur zichtbaar? 9

Hoofdstuk 4


Gezag onder druk: emancipatie van jongeren in de jaren zestig en zeventig 10

4.1 Welke veranderingen werden zichtbaar in de houding van jongeren ten opzichte van het gezag? 10

4.2 Welke specifieke ontwikkelingen stimuleerden deze veranderingen? 10

4.3 Hoe confronteerden jongeren gezagsdragers met hun eisen? 10

4.4 Wat waren de reactiepatronen van de (politieke) gezagsdragers? 11

4.5 Welke ontwikkelingen in de jaren zeventig wezen op een verander(en)de positie van jongeren in de politieke cultuur? 11

Hoofdstuk 5
Gezag onder druk: emancipatie van vrouwen in de jaren zestig en zeventig 12

5.1 Welke veranderingen werden zichtbaar in de traditionele gezagsverhoudingen binnen het gezin en tussen de seksen? 12

5.2 Welke specifieke ontwikkelingen stimuleerden deze veranderingen? 12

5.3 Hoe confronteerden vrouwenbewegingen gezagsdragers met hun eisen? 12

5.4 Wat waren de reactiepatronen van de gezagsdragers? 13

5.5 Welke ontwikkelingen in de jaren zeventig wezen op een verander(en)de positie van vrouwen in de politieke cultuur? 13

Hoofdstuk 6
Gezag onder druk: de rol van de media in de jaren zestig en zeventig 14

6.1 Welke veranderingen werden in de jaren zestig zichtbaar in de houding van de media ten opzichte van het gezag? 14

6.2 Welke specifieke ontwikkelingen in en buiten de media stimuleerden deze veranderingen? 14

6.3 Hoe kwamen de media in botsing met de gezagsdragers? 14

6.4 Wat waren de reactiepatronen van gezagsdragers? 15

6.5 Welke ontwikkelingen in de jaren zeventig wezen op een blijvende verander(en)de positie van de media in de politieke cultuur? 15

Hoofdstuk 7
Gezag onder druk: het politieke bestel in de jaren zestig en zeventig 16

7.1 Hoe werkten in de Haagse politiek veranderingen in de samenleving door? 16

7.2 Hoe werkte de polarisatie in de arbeidsverhoudingen door? 16

7.3 Wat wilden politieke vernieuwingsbewegingen bereiken? 16

7.4 Welke effecten hadden de vernieuwingsbewegingen op de politieke partijen? 17

7.5 Welke politieke en sociaal-economische vernieuwingen stond het kabinet-Den Uyl voor? 17

7.6 Waarom bleven deze vernieuwingen uit? 17

Hoofdstuk 8


Naar een hernieuwd evenwicht in de verhouding tussen Nederlanders en hun gezagsdragers 1977-1990 18

8.1 Hoe wijzigden zich de partijpolitieke verhoudingen na de val van het kabinet-Den Uyl (1977)? 18

8.2 Hoe wijzigden zich de arbeidsverhoudingen? 18

8.3 Hoe ontwikkelde zich de politieke cultuur in de jaren tachtig? 19

Literatuurlijst 20

Algemeen 20

Hoofdstuk 1 20

Hoofdstuk 2 20

Hoofdstuk 3 20

Hoofdstuk 4 20

Hoofdstuk 5 21

Hoofdstuk 6 21

Hoofdstuk 7 21

Hoofdstuk 8 21





Nederlanders en hun gezagsdragers 1950-1990: verzuiling, polarisatie en herwonnen consensus

Hoofdvraag


Hoe ontwikkelde zich de politieke cultuur in Nederland in de periode 1950-1990?

Verantwoording


Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen gaf de opdracht een thema te ontwikkelen binnen het subdomein 'Politiek systeem en politieke cultuur in Nederland'.

Het gekozen thema richt zich op de relatie burgers - gezagsdragers in de tweede helft van de twintigste eeuw, een periode waarin een decennia-oude, op consensus gerichte politieke cultuur aan veranderingen onderhevig was. Onder 'politieke cultuur' wordt verstaan: het geheel van fundamentele normen, emoties en inzichten die vorm geven aan politieke processen, voor zover zichtbaar in vormen van politiek gedrag.

Het thema geeft de leerling zicht op de emancipatieprocessen van groepen Nederlandse burgers, met name vrouwen en jongeren, en op de met deze processen gepaard gaande actievormen. De burgers brachten met hun eisen politieke en maatschappelijke gezagsdragers in grote verlegenheid en bevorderden polarisatie binnen het politiek en maatschappelijk bestel.

Het thema geeft de leerling tevens zicht op gelijktijdige sociaal-economische veranderingsprocessen die zowel de voedingsbodem als de context van de genoemde veranderingen vormden.

Het thema bestrijkt bepaalde aspecten van de politieke cultuur uit de periode 1950 - 1990. Als startjaar is 1950 gekozen, omdat in dat jaar het verzuilde politiek-maatschappelijk bestel gericht op een consensuspolitiek nog volop functioneerde en de meeste burgers trouw waren aan het gezag. Als einddatum is 1990 gekozen, omdat dat jaar het einde vormt van een decennium waarin een buitenparlementair actiewezen plaats maakt voor een nieuwe vorm van consensus met kernwoorden als 'poldermodel' en 'civil society'.

Het thema leent zich voor het vaststellen van overeenkomsten met aspecten van het huidige politieke bestel en reikt mogelijke verklaringen aan voor het gedrag van hedendaagse gezagsdragers.

Het thema is ontleend aan het subdomein 'politiek systeem en politieke cultuur in Nederland'.

De specificaties c, d en e, gericht op het emancipatieproces van groepen burgers en op de effecten ervan voor de politieke cultuur en het daarmee verbonden politiek systeem, staan in dit thema centraal.

Het emancipatieproces was deels een reactie op de groeiende macht en gezag van een sterk regelende overheid (specificatie a). De in de aanhef van het subdomein genoemde omstandigheden en processen krijgen ruime aandacht.

De begrippen 'gezag' en 'gezagsdragers' krijgen een brede vertaling. Zo maakt de leerling kennis met de vervlechting van ideeën en belangen tussen een politieke en een maatschappelijke elite. De leerling krijgt inzicht in de Nederlandse politieke cultuur met kenmerkende begrippen als verzuiling, ontzuiling, pacificatie, consensus en maatschappelijk middenveld. Speciale aandacht krijgt de verhouding gezag - media (specificatie f). De media ontworstelden zich aan een politieke bevoogding, en oefenden vervolgens grote invloed uit op het gedrag en op de besluiten van politici.

De specificaties b en g nemen binnen het thema een ondergeschikte plaats in. Voor de laatste specificatie is vanwege haar bijzondere aard binnen dit thema geen ruimte.

De historische begrippen en namen zijn in de tekst vet aangegeven. Ze kunnen in het Centraal Examen afzonderlijk worden bevraagd. In het historische kader is een aantal begrippen vet gedrukt. Ze maken deel uit van de stofomschrijving; ze keren in de andere hoofdstukken terug.

Het thema voert de leerlingen een relatief onbekend terrein binnen en vraagt zowel een verbreding als een verdieping van kennis. In het historische kader wordt de basis- of voorkennis gegeven die o.a. op grond van de kerndoelen basisvorming mag worden verwacht.

Het thema leent zich voor een reeks van vaardigheden genoemd in domein A van het examenprogramma. In het bijzonder gaat de aandacht uit naar 'continuïteit en discontinuïteit'. Er is een ruime voorraad schriftelijke en visuele bronnen beschikbaar.

Dit thema biedt geen casussen. De CEVO geschiedenis kan een of meerdere casussen opnemen in het Centraal Examen, mits een casus past binnen de stofomschrijving van dit thema.



  1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina