Doet dat en vergeet me daardoor nooit



Dovnload 105.73 Kb.
Datum07.10.2016
Grootte105.73 Kb.


Het Verhaal gaande houden

Beleidsplan 2008-2012

Protestantse Gemeente Winsum-Obergum

Doet dat en vergeet me daardoor nooit”



Kerk is mensen met een verhaal, mensen die samenkomen om het Verhaal te worden dat ze uiteindelijk zijn. We willen mensen zijn van het Verhaal dat ons samenbrengt, het Verhaal over die Ene die als eerste de weg ten leven is gegaan door zich te geven voor het leven van anderen. We willen mensen van het Verhaal zijn, mensen van wie het eigen leven het verhaal is. Hoe houden we het gaande? Door samen te komen rond het Verhaal en het ritueel en het Verhaal in praktijk te brengen; dat je alleen maar tot leven komt als je los weet te laten, en dat er alles te winnen is bij alles loslaten. ‘Doet dat en vergeet me daardoor nooit’ heeft Jezus zelf ervan gezegd.

Wanneer we vanuit deze geest onze kerkgemeenschap organiseren, zal het Verhaal ons meenemen naar een toekomst die enkel leven inhoudt.

(Uit een artikel van André Zegveld, deken, Contactblad Dekenaat Twente, jaargang 4, nr. 3, maart 2008)






Inhoudsopgave

Inleiding:



Het Verhaal gaande houden

Waarom een beleidsplan

Wat staat in een beleidsplan

Werkwijze, totstandkoming
I Terugblik op het vorige plan.

De inhoud van het beleidsplan 2004-2008

Doen wat je afgesproken hebt.

De identiteit van de gemeente.
II Waar staan we nu?

Waar staan we in de maatschappij en het dorp?

Waar staan we als kerk, als Protestantse Gemeente Winsum-Obergum?
III Het Verhaal gaande houden.

We voelen ons één gemeente: we willen het ook zijn.

Een dynamische gemeente; samen één gemeente zijn is niet voor iedereen hetzelfde.

We zijn gemeente in het dorp.

We willen goed omgaan met mensen en met middelen.
IV En nu praktisch: wie doet wat?

Eén gemeente.

Een dynamische gemeente.

Gemeente in het dorp.

Goed omgaan met mensen en middelen.

Bijlagen.


I. Samenvatting activiteiten uit “In beweging”, beleidsplan 2004-2008

II. Over de identiteit van de gemeente, Ignace Frenay, t.b.v. bezinningsdag kerkenraad 2007

III. Enkele kengetallen van de gemeente:


    • Leeftijdsopbouw

    • Meerjarenbegroting

IV Organogram
INLEIDING

Het Verhaal gaande houden

Voor u ligt het tweede beleidsplan van de PGWO. Het plan heet “het Verhaal gaande houden”. Deze naam komt niet uit de lucht vallen. We hebben in de totstandkoming van dit plan geconcludeerd dat onze identiteit een dynamische identiteit is. Onze inspiratiebron is blijvend hetzelfde Verhaal. En wij willen geïnspireerd dat Verhaal gaande houden. Maar de manier waarop wij dat doen, de manier waarop wij vorm geven aan ons geloof en aan ons gemeente-zijn is tijdelijk; we leggen ons niet voor altijd vast. We willen en kunnen onze manier van vormgeven aan het geloof niet in definities en in theologische modellen vastleggen; er zijn geen eenvoudige geloofsantwoorden op complexe levensvragen. Tegelijk weten wij ook een aantal zaken wel zeker: we kennen onze inspiratiebron en we spreken af hoe we om willen gaan met elkaar en ons geloof. De ‘identiteit’ van onze gemeenschap ontstaat daardoor telkens weer opnieuw, reëel maar voorbijgaand, waar mensen elkaar vinden rondom het Verhaal en in het geloof: dat kan in de zondagse eredienst zijn, maar net zo goed een andere plek waar we als gemeenteleden bijeenkomen.


Het Verhaal gaande houden: een titel die activiteit uitdrukt. Wat een genoegen om actief telkens weer onze gemeenschap te laten ontstaan. In dit beleidsplan vindt u onze voornemens om bij te dragen aan onze levende gemeente.

Waarom een beleidsplan

In de ordinantie van de kerkorde (ord. 4.8.5) is bepaald dat kerkenraden vierjaarlijks een beleidsplan dienen op te stellen. In dat beleidsplan wordt de route op weg naar morgen besproken. Daarbij begint het met de vragen van verdieping en vernieuwing. Gevolgd door de praktische vertaling in plannen, prioriteiten en inzet van middelen.

Wij staan nu voor ons tweede beleidsplan. De ervaringen met het eerste plan hebben ons gebracht dat het wijs is om een aantal jaren vooruit te kijken. Daarmee kunnen we lange lijnen uitzetten en waarmaken. Niet voor de eeuwigheid. Wel voor een aantal jaren, zodat we gericht werken aan onze gemeenschap. Dit beleidsplan wil daar een bijdrage aan leveren.

Wat staat in een beleidsplan

Een beleidsplan “geeft richting en kader” en is niet allesomvattend. Een beleidsplan geeft de uitgangspunten aan die de komende vier jaar ten grondslag liggen aan (nieuwe) activiteiten. En het beschrijft wie verantwoordelijkheid zullen nemen voor de realisering van de doelen en resultaten. In veel gevallen zijn dit de taakgroepen. Een beleidsplan timmert niet dicht. Onderweg is er alle ruimte om opnieuw te kiezen en te richten.



Werkwijze en totstandkoming

Dit beleidsplan is tot stand gekomen naar aanleiding van een groot aantal besprekingen en meerdere notities.


Besprekingen:

Gesprekken over de gemeente die we willen zijn; gemeente-avonden: 1 februari 2006, 24 april 2006, kerkenraad november 2006, huiskamerbijeenkomsten 2007.



  • Bijeenkomsten taakgroepen rondom de beleidswensen voor de komende jaren.

  • Kerkenraadsvergaderingen 19 januari - 22 september 2008.

  • Gemeente-avond 19 februari 2008: terugblik en algemene items voor de komende jaren.

  • Beleidsdag voltallige kerkenraad op 19 april 2008.

  • Vergadering DB en voorzitters taakgroepen d.d. 13 mei 2008.

  • In grote lijnen gepresenteerd op de gemeente-avond van 19 mei 2008 en aangepast naar aanleiding van de reacties op deze avond.

  • In de kerkenraadsvergadering d.d. 22 september 2008 is het beleidsplan vastgesteld.

Notities:



  • Het vorige beleidsplan en de tussentijdse evaluatie in juni 2006

  • Een kerk voor iedereen, notitie over meerjaren(financiële) keuzes van oktober 2005.

  • Over de identiteit van de gemeente, een artikel van Ignace Frénay n.a.v. de bezinningsdag van de kerkenraad in juni 2007


Dit conceptplan zal vervolgens:

  • Ter inzage gelegd worden in de kerk en gepubliceerd worden op de website. Gemeenteleden worden gevraagd hun reacties door te geven aan de kerkenraad.

  • Eventueel met aanpassingen uit deze reacties vastgesteld worden in de kerkenraadsvergadering d.d. 24 november 2008.

In 2010 zal een tussentijdse evaluatie van het beleidsplan gehouden worden.


I TERUGBLIK
De inhoud van het beleidsplan 2004-2008

Het afgelopen beleidsplan is geschreven na de federatie. De federatie, de samenvoeging van onze gemeenten, ademt nog sterk door in dat plan. De aandachtspunten die daarin genoemd zijn, waren dan ook:



Een plek zijn voor iedereen: we benoemden dat we een gemeente wilden zijn die uitnodigend is voor alle lidmaten: jong of oud, met volle vaart veranderend of met veel oog voor wat geschiedenis en traditie ons brengen. Een nieuwe eenheid worden met behoud van verscheidenheid was van belang. Veel vormen en veel activiteiten. De gemeente verder opbouwen, ook als organisatie.

Oogst halen uit de federatie:

We wilden de kansen die de federatie ons bood oogsten. Genieten van twee gebouwen, van onze vormen waarop we kerk konden zijn.

Maar ook slimmer omgaan met mensen en middelen.

Aandacht voor een solide basis voor de toekomst: we wilden aandacht voor de leden van de gemeente, aansluiten bij hun vragen en wensen. Tegelijk wilden we stoffelijk goed toegerust zijn: een gezonde financiële positie opbouwen, goed omgaan met de gebouwen en met de mensen die zich hiervoor inzetten.

We wilden naast de aandacht voor het eigen proces ook de blik meer naar buiten richten: laagdrempelige activiteiten ontwikkelen, mogelijk in samenwerking met andere kerkgenootschappen. En we hoopten aan het einde van deze periode de fusie gereed te hebben.


Doen wat je afgesproken hebt.

Gedurende de afgelopen vier jaren zijn er diverse momenten van evaluatie geweest; met de kerkenraad, in taakgroepen en met de gemeente op gemeente-avonden. We concludeerden dat we goed op weg waren en op de gemeente-avond in februari was de conclusie dat we nagenoeg alle zaken die we voorstonden bereikt hebben. We zijn blij te horen dat we ons vaker één nieuwe gemeente voelen dan een samenvoegsel van twee oude gemeenten. Veel gemeenteleden zien en voelen de oogst. (Zie bijlage I voor de resultaten van voorgenomen acties in de afgelopen periode.)


En tegelijk hebben we onderweg ook wijzigingen in de samenstelling van de gemeente gezien. We hebben nieuwe leden gekregen. We hebben leden verloren. Niet alle voormalige hervormde en gereformeerde leden konden hun weg in onze nieuwe gemeente vinden en schreven zich uit of kozen voor een andere gemeente. Sommigen gingen de veranderingen niet snel genoeg, sommigen vonden dat we niet meer bij hen aansloten, sommigen vonden de veranderingen te snel gaan, sommigen voelden de grote gemeente niet meer als “thuis”.

Een grote gemeente dus. Deels bestaand uit leden die we regelmatig op zondag zien, deels uit leden die we in door-de-weekse activiteiten zien en een deel van onze leden zien we zelden of niet terwijl ze wel (ook financieel) met ons meeleven.


In het begin van de federatie gaven we meer geld uit dan we binnenkregen. We hebben een aantal jaren moeten interen op de onze gelden en bezittingen. Gelukkig hebben we dat weten te stoppen. Ons uitgangspunt is dat we de gemeente moeten kunnen “draaien” van levend geld en opbrengsten/renten van onze goederen en vermogen. Dat kunnen we nu. Daarvoor hebben we wel gevoelige ingrepen moeten doen. In het rapport “Een plek voor iedereen” hebben we de basis gelegd voor de keuzes die we later moesten maken. We zijn in een aantal stappen overgegaan van een predikantsformatie van 2,75 full-time-eenheid naar 1,6 bij de vervulling van de nieuwe vacature. Gelukkig hebben we met de ondersteuning van de predikanten door het Centraal Aanspreekpunt en specifieke pastorale ondersteuners een deel van de weggevallen formatie kunnen opvangen. We hebben in het beheer, de schoonmaak en met de kosters keuzes moeten maken naar minder betaalde krachten en meer vrijwilligers. En we zijn nog op weg naar efficiënter omgaan met de gebouwen.


De identiteit van de gemeente.

Het gesprek over wat de identiteit van onze gemeente is of zou moeten zijn, voeren we continue en dat zal ook zo blijven. We hebben in het eerste beleidsplan onze inspiratie herbenoemd met de tekst uit het federatiebesluit.




Het samen op weg zijn van de Protestantse Gemeente Winsum-Obergum i.o. geschiedt vanuit het samenstemmen in ons geloof.

  • in Israëls God die onze Vader is, die liefde in ons wekt en die ons roept tot het zoeken van zijn Koninkrijk

  • in Jezus Christus onze Heer, die we leren kennen uit het getuigenis van het Oude en Nieuwe Testament en die ons voorgaat naar dat Rijk

  • in de heilige Geest- de Geest van Wet, profeten en apostelen die ons inspireert tot gemeenschap en tot nieuw leven.

Als deel van de wereldwijde kerk van Jezus Christus verlangen wij, open en uitnodigend, samen met andere kerken, in Zijn spoor te gaan:



  • wij vieren en oefenen de omgang met God;

  • wij vertellen van God, Die in liefde mensen kent en zoekt;

  • wij delen met mensen die lijden en zetten ons in, met ieder die dat ook doet, voor gerechtigheid, vrede en een leefbare aarde, zoals God die bedoelt en belooft;

  • wij vormen voor onze leden en allen die met ons meedoen ruimte voor geloven, beraad en ontmoeting.

Deze inspiratiebron gaat met ons mee. De manier waarop we vormgeven aan onze gemeente is niet vast. Niet voor niets was de naam van het eerste beleidsplan “In beweging”.

Zo vlak na de federatie waren we opgetogen over de federatie en nieuwsgierig naar elkaar. We “staken de weg over” , kregen er één respectievelijk twee predikanten bij en namen goede zaken van elkaar over. Voor velen waren de verschillende vormen van eredienst en kerk-zijn-door-de week een winst; het gaf ruimte. Een kleinere groep vond “ruimte benauwend”; het leek alsof teveel vertrouwde zaken wegvielen.

We wilden één gemeente worden. Zowel noodgedwongen als uit overtuiging hebben we het aantal zondagochtenddiensten op twee plaatsen verminderd.


En het gesprek over de identiteit van onze gemeente ging door, gaat door. Natuurlijk. We hebben gespreksavonden, gemeente-avonden, beleidsdagen aan dit onderwerp gewijd en we blijven er mee bezig. We noemen ons een kerk-voor-iedereen, een pluriforme gemeente. Maar de uitwerking daarvan staat niet voor altijd vast. Ook gemeente-zijn is een werkwoord, want de identiteit verandert mee met de mensen die deel zijn van de gemeente.

II WAAR STAAN WE NU?

Waar staan we in de maatschappij en het dorp?

We zijn kerk in deze wereld, in Winsum. We hebben deel aan de ontwikkelingen in de maatschappij en het dorp.




  • Een keuzemaatschappij en een” kerk voor iedereen”.

We staan middenin de maatschappij. Een hectische maatschappij met veel prikkels, veel te doen, ook op zondag, en veel te kiezen. Vaste gewoonten worden vervangen door keuzeruimte. Veel vanzelfsprekendheden zijn vervallen, de sociale dwang en controle is minimaal geworden. Op veel gebieden kun je kiezen je aan te sluiten bij wie of wat je wilt. Ook in onze kerk zien we een verscheidenheid aan wensen.

In toenemende mate zien we ook diversiteit in de achtergrond van gemeenteleden. Niet iedereen is grootgebracht in dezelfde gewoonten en tradities. Kinderen gaan niet altijd naar een christelijke school, er zijn gemeenteleden die nieuw zijn in een kerk of lang niet geweest zijn. Soms is er behoefte aan meer achtergrondkennis over bijbel, kerk en geloof.




  • Zingeving is een thema van alle tijden. De kerk is niet meer een vanzelfsprekende plek voor het antwoord.

De maatschappij verandert maar de grote vragen naar het waarom, naar zingeving veranderen niet. In de kerk hebben we het daarover met elkaar. Maar de kerk is niet (meer) de vanzelfsprekende plek daarvoor. Mensen zoeken op allerlei plaatsen en bij allerlei overtuigingen antwoorden op de grote vragen van het leven. Soms is die plek de kerk, soms ook niet.

Nieuwe leden zijn, zeker in een forensendorp als Winsum, soms ook mensen die zich beperkt aan ons verbinden: af en toe of maar voor een paar jaar. Ook jonge mensen (ook de eigen jeugd) kiezen vaak een andere plek dan de kerk om met elkaar te spreken over hoe je leeft of zou willen leven. De huiscatechese hebben we moeten stoppen omdat er maar weinig jeugd meer kwam en omdat er geen begeleiders meer te vinden waren. De jeugdkerk is een initiatief dat voor een deel van de jongeren een antwoord biedt op hun behoefte.

Volwassenen die niet (meer) in de kerk komen, bereiken we vaak niet. En soms ook wel: er zijn gespreksgroepen begonnen voor leeftijdsgenoten of rond thema’s waarin het gaat over het eigen leven en de plek die God of het geloof daar niet meer of juist wel in heeft. Deze “kerk-door-de-week” is voor een aantal mensen de plek voor de grote vragen.


  • We zijn meer zichtbaaar geworden maar nog niet op alle plekken in Winsum.

We hebben de afgelopen jaren veel initiatieven ontwikkeld. En die laten we ook zien: onze activiteiten worden uitgebreid gecommuniceerd in de Wiekslag, regionale kranten, op de website, op het raam naast de ingang van de Centrumkerk. Wat wij in onze gebouwen doen is zichtbaarder geworden. En af en toe zijn we ook buiten de gebouwen zichtbaar: bij de herdenking van de treinramp bij Winsum, bij de viering van 60 jaar bevrijding.

Maar de betrokkenheid bij de grote problemen in de burgerlijke gemeente, zoals het jeugdprobleem en de armoedeproblematiek, is nog gering. De politiek ziet ons nauwelijks als gesprekspartner om samen met andere grote groeperingen in het dorp de gemeenschap leefbaar te houden. En wij bieden ons zo ook niet aan.




  • We zijn één van de kerken in het dorp, niet de enige.

We hebben de afgelopen jaren meer contact gekregen met de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt: er is een aantal gezamenlijke activiteiten geweest. Sommige gemeenteleden van onze kerk bezoeken ook de Vrijgemaakte Kerk, een enkeling doet het ook andersom.

Er zijn gemeenteleden overgegaan naar evangelische gemeenten en andere kerken, niet zomaar van de ene op de andere dag maar na lang aarzelen. We kunnen niet een kerk zijn, die voor iedereen de meest passende plaats is. Het is goed dat gemeenteleden die plek kiezen waar ze zich het meest thuisvoelen.


Waar staan we als kerk, als Protestantse Gemeente Winsum-Obergum?


  • Wat is onze identiteit?

We noemen ons een pluriforme gemeente; een gemeente die verschillende vormen, stromingen in zich bergt en dat waardevol vindt. Dat geeft ruimte. En tegelijk is er de vraag: wat is dan onze identiteit?

Onze identiteit is in elk geval ‘altijd in beweging’. We hebben een dynamische identiteit. We leggen ons niet vast. ‘De’ gemeenschap bestaat evenmin als ‘de’ identiteit van de gemeente: gemeenschap ontstaat, reëel maar voorbijgaand, waar mensen elkaar vinden rondom het geloof: dat kan de zondagse eredienst zijn, maar net zo goed een andere plek waar we als gemeente bijeenkomen.


Het christendom bestaat niet. Het evangelie bestaat ook niet. Het zijn geen op zichzelf staande grootheden. De volgelingen van Jezus hebben vrijwel vanaf het begin verschillend over zijn persoon en missie gedacht. In de vier evangeliën hebben we te maken met vier verschillende beelden van Jezus. In de brieven van Paulus komt daar nog een vijfde beeld bij. Met andere woorden: al in het Nieuwe Testament is sprake van pluriformiteit.
Betekent dat dat je zomaar alles kunt doen en geloven? Nee. Al in het Nieuwe Testament vinden we spelregels voor hoe je omgaat met de onderlinge verschillen:

  • Niet uitgaan van het eigen gelijk;

  • De wil jezelf door anderen te laten verrijken;

  • Verscheidenheid accepteren, elkaar nodig hebben als ledematen van één lichaam, waarvan Christus het hoofd is;

Verder is het ijkpunt dat wij kerk van de Heer zijn, en willen doen en zijn zoals Hij van ons vraagt: een gemeenschap van mensen die in woord en daad getuigen van liefde en ontferming, met name voor de minsten der mensen, en dat wij zoeken naar gerechtigheid. Als mensen zijn wij ‘voor een tijd een plaats van God’

(Gerrit Achterberg).


Wij zijn een zoekende gemeente, en alle antwoorden die we vinden zijn voorlopig. We zijn, net als Abraham, en het joodse volk in de woestijn, op weg. We praten, in kleine groepen, over wat ons bezighoudt, over onze kleine en grote zorgen, en over de rol van ons geloof daarin. We nemen elkaar niet de maat, en proberen geen oordeel over elkaar, maar vragen aan elkaar te hebben.

Als we al een identiteit hebben, ligt die in de toekomst, in de belofte. Intussen lezen we de Schriften, proberen die te vertalen in mensentaal voor nu, en gedenken we de grote daden des Heren (Hand. 2,11).


(uit een artikel van Ignace Frénay, 30 juni 2007; zie voor de gehele tekst bijlage II)

De uitdaging voor ons als kerkelijke organisatie is te proberen om een balans te vinden tussen aandacht voor individuele groepen en aandacht voor de onderlinge samenhang. Dit betekent dat er aan de ene kant geaccepteerd mag worden dat er verschillen zijn die ruimte mogen krijgen. Wat je hiermee bereikt, is dat mensen gepassioneerd met de gemeente bezig zijn, zonder die te domineren en anderen hun plek te ontzeggen. We willen elkaar bevragen, nieuwsgierig zijn naar en geïnteresseerd zijn in de andere.

Tegelijk moet de ervaring van samenhang gestimuleerd worden door te wijzen op wederzijdse afhankelijkheid en door het wij-gevoel te benadrukken. We hebben gezamenlijke doelen en een gezamenlijke identiteit in ons ijkpunt en ons zoeken naar de vertaling van het Verhaal in ons leven.


  • Een kerk voor iedereen, maar niet iedereen hetzelfde.

Niet alle gemeenteleden zijn op dezelfde manier gemeentelid. Er is een vaste groep gemeenteleden die wekelijks naar de zondagse eredienst gaat, er zijn gemeenteleden die daar af en toe komen of alleen bij thema-diensten, er zijn gemeenteleden die vooral bij bijzondere momenten in de kerk komen. En daarnaast is er een groep leden die niet op zondag in de kerk komt, soms wel eens door de week iets bijwoont of alleen bij scharnierpunten in het leven de kerk opzoekt. Afhankelijk van de levensfase verschuiven leden van de ene groep naar de andere. Dat kan, sterker nog; dat hoort te kunnen in een levendige gemeente. Wij hebben uitgesproken dat “kerk” op zondag maar net zo goed door de week plaatsvindt. We zijn er voor de regelmatige kerkganger net zo goed als voor de niet-regelmatige en de (bijna-)niet kerkgangers.

In onze zoektocht naar beelden hebben we ons het meest herkend in de typering van Henk de Roest die de kerk als ellips benoemt; een kerk met twee polen: mensen die er veel zijn en een gemeenschap met elkaar vormen en mensen die af-en-toe meedoen met de grote gemeenschap of in kleinere groepen actief zijn. En tussen deze polen is ook beweging.


We hebben de afgelopen jaren diverse vormen van kerk-zijn ontwikkeld, beleefd. Sommige vormen blijven, sommige veranderen we weer. We hebben gemeenteleden gevraagd wat we kunnen doen om bij hen aan te sluiten. Toch hebben we het idee dat we nog niet goed genoeg weten wat al onze leden bezighoudt: een blijvende uitdaging om ons op te richten.
We zijn één gemeente, de PGWO. Binnen die gemeente zijn verschillende (tijdelijke) groepen, kleine gemeenschappen, bezig met kerk en geloof. We zijn blij dat we daartoe met twee predikanten en twee kerkgebouwen veelvormig kunnen zijn. We zullen die veelvormigheid koesteren en blijven zoeken hoe we dynamisch kunnen blijven.


  • Hoe zetten we onze middelen slim in?

We hebben een behoorlijke herordening achter de rug. De financiën zijn op orde, beheer van gebouwen is op orde, de organisatie van de kerkelijke gemeente is op orde. De keuzes omtrent de gebouwen worden voorbereid.

We hebben veel van onze predikanten gevraagd. Bij het verminderen van de predikantsformatie hebben we hen gevraagd nog slimmer met hun tijd om te gaan. We hebben ondersteuning georganiseerd door het Centraal Aanspreekpunt. Er zijn (meer) gastpredikanten ingezet. En door de goede organisatie van het kerkenwerk hebben we hen ook in hun bestuurlijke taak wat kunnen ontlasten.

Tegelijk is de gemeente aan het verouderen, komt er veel ernstige ziekte voor en zijn er veel vragen om individuele pastorale begeleiding. Waar eerder drie predikanten aan deze vragen konden beantwoorden moeten twee dat nu doen. Er zit een grens aan wat zij kunnen doen. Zeker omdat de begeleiding die bij hen terechtkomt in toenemende mate de “zwaardere pastorale vraagstukken” betreft. Naast de predikanten zijn pastorale ouderlingen met een speciale opdracht gezocht. Zij vangen een deel van de langlopende pastorale begeleiding op.

III Het Verhaal gaande houden.
Wij zijn een levende kerk: voor de komende jaren geven we dat vorm in vier hoofdgebieden.
We voelen ons één gemeente: we willen het ook zijn.

We zijn van plan te gaan fuseren.


Een dynamische gemeente; samen één gemeente zijn is niet voor iedereen hetzelfde.

We willen elkaar herkennen en gekend worden in wat we doen. We koesteren daarbij wat ons dierbaar is uit de traditie en staan open voor nieuwe ervaringen en vormen. We gaan dus door met een breed aanbod aan activiteiten. Hier-en-daar zijn nieuwe vormen nodig.

Binnen de gemeente zijn verschillende gemeenschappen actief; vaste en voorbijgaande groepen. We zullen beide kerken en predikanten goed inzetten voor deze groepen. En we willen (nog) beter weten wat onze leden beweegt en wat zij nodig hebben.
We zijn gemeente in het dorp.

We willen met elkaar spreken over maatschappelijke vraagstukken en we willen meer zichtbaar zijn en betrokken zijn bij de vraagstukken van ons dorp. We willen onze stem laten horen, onze betrokkenheid laten voelen.

We willen ook meer dan tot nu toe een plek zijn voor dorpsgenoten waar de grote vragen van het leven aan de orde kunnen komen.
We willen goed omgaan met mensen en met middelen.

We willen zoveel mogelijk taken kunnen uitvoeren: dat kan alleen als we goed omgaan met de mensen die in onze gemeente meewerken. We willen zorgen voor balans in de taken van de predikanten, het Centraal aanspreekpunt, kosters en beheerders. We willen zoveel mogelijk aansluiten bij de gaven die ambtsdragers en andere vrijwilligers hebben: hun inzetten op hun krachten.

De inkomsten en uitgaven hebben we op orde: dit willen we zo houden. Deze periode zullen we grote stappen maken met de gebouwen: besluitvorming daarover vindt in het najaar van 2008 plaats.
IV En nu praktisch: wie doet wat?

Voorop staat dat wij doorgaan met wat we goed doen: allerlei vormen van leren, vieren en dienen. Mogelijk gemaakt door de inzet van twee predikanten, twee kerkgebouwen, diverse ondersteuners, veel vrijwilligers in een goede organisatie. Erediensten, door-de-weekse activiteiten, diverse vormen van pastoraat, diaconale taken voor de gemeente, het dorp en de wereld.

Daar waar we nieuwe accenten of extra accenten willen leggen, geven we het onderstaand aan. Soms in grote lijnen, soms in meer detail. De verschillende taakgroepen en andere werkgroepen zullen de beleidslijnen verder uitwerken.

En mochten we lopende de tijd van dit beleidsplan nieuwe plannen krijgen, dan is daar natuurlijk ruimte voor.



Eén gemeente:

  • We willen fuseren, onder voorwaarde dat de besluitvorming over de gebouwen en eventueel aanspreken van het vermogen rond is. Uitvoering: kerkenraad

Besluitvorming over gebouwen en vermogen: najaar 2008, bouw/verbouw indien aan de orde: zo spoedig mogelijk daarna starten.

Fusie eind 2008, meteen na de besluitvorming over de gebouwen. Besluitvorming over fusie door de beide (hervormde en gereformeerde) kerkenraden.



  • De kerkorde geeft tevens aan dat wij ons moeten uitspreken over de inzegening van een andere levensverbintenis dan een huwelijk van man en vrouw. Op basis van een eerder formeel besluit (opgenomen in de plaatselijke regeling) is het dopen van een kind ook mogelijk wanneer de ouder geen belijdenis heeft gedaan.


Een dynamische gemeente; samen één gemeente zijn is niet voor iedereen hetzelfde.

  • We willen met regelmaat onderzoeken wat onze leden beweegt en wat zij nodig hebben. Daarvoor gebruiken we de enquête bij kerkbalans maar zullen we ook andere vormen ontwikkelen. Leden die zich afmelden worden, ook nu reeds indien zij dat wensen, gevraagd naar hun beweegredenen en mogelijk vinden we ook vormen om het gesprek aan te gaan met leden die we niet meer zien.

Uitvoering: Kerkenraad, predikanten.

  • We gaan door met een breed aanbod erediensten. We streven er niet naar om uiteindelijk één zondagochtenddienst in de Centrumkerk te hebben. Op een aantal zondagochtenden zowel als op andere momenten zal ook de Torenkerk ingezet worden voor erediensten. Uitvoering: taakgroep Eredienst en kerkenraad.

  • De “bijzondere diensten” gaan door tenzij evaluatie tot andere keuzes leidt. Voor de diensten voor gezondheid en ziekte wordt, vanwege het emeritaat van dominee Wolthuis, een nieuwe voorganger gezocht.

Uitvoering: taakgroep Eredienst en kerkenraad.

Evaluatie bijzondere diensten; najaar 2008 door taakgroep.



  • We willen leden met specifieke wensen zoveel mogelijk ondersteunen; er kunnen nieuwe vormen ondersteund en ontwikkeld worden.

Uitvoering: taakgroepen en kerkenraad

  • We zouden elkaar meer willen spreken: vaker koffiedrinken voor de dienst, meer diensten voor jong en oud?

Uitvoering: taakgroep Eredienst en kerkenraad

  • We willen meer accent leggen op “leren”. Vormen die we daarvoor inzetten zijn:

  • Een cursus voor kerkleden en niet-kerkleden. Op dit moment wordt het aanbod onderzocht.

Uitvoering: kerkenraad en taakgroep Geestelijke Vorming. Mogelijke uitvoering in jaar 2008-2009 of het jaar erna.

  • Napraten na de dienst met de predikant: verdiepend, in dialoog.

Uitvoering: kerkenraad in overleg met predikanten. Maandelijks?

  • We willen een vorm vinden om (opnieuw na het stoppen met de huiscatechese) gestructureerd een aanbod voor de jeugd op te zetten. We willen, in samenwerking met partners in de regio, een geschikt “programma” uitvoeren. (De gemeente in Sauwerd gaat werken met Provider; in principe doet Winsum mee)

Uitvoering: predikanten met taakgroep Jeugd. Start mogelijk in seizoen 2008-2009 of het jaar daarna.

  • De oudste twee groepen van de basisschool lijken de kindernevendienstvorm wat ontgroeid: we willen experimenteren met andere “nevenvormen” voor deze groep.

Uitvoering: taakgroep Eredienst/kindernevendienst?

  • Het gesprek met leeftijdsgenoten of gemeenteleden uit de eigen levensfase (naast de doorlopende activiteiten vanuit het gemeente-opbouwplan) willen we ondersteunen met gerichte (tijdelijke) gespreksgroepen: 20+-groep, 30+, 40+ en verder? In de planning van deze groepen kijken we niet alleen naar de weekdagen, ook de zondag kan een moment zijn voor verdiepende gespreksgroepen.

Uitvoering: kerkenraad, predikanten, taakgroep Geestelijke vorming.

  • We prijzen ons gelukkig met een aantal jongere mensen in de kerkenraad. We overwegen hen ook in te zetten bij het bezoeken van nieuw-ingekomen mensen uit hun leeftijdsgroep. We willen een korte training opzetten voor deze bezoekers.

Uitvoering: Kerkenraad. Termijn: 2009.

  • We gaan door met onze communicatievormen in de gemeente. We willen de digitale communicatiemiddelen meer gaan gebruiken: mail, MSN, Hyves…?

Uitvoering: onderzoek en ontwikkeling: Kerkenraad, CAP en jongeren.

  • Meer plek voor muziek in de kerk

Uitvoering: vanuit de taakgroep Eredienst is een werkgroep actief, die zich buigt over dit onderwerp. De rapportage `Muziek in de Kerk” van zomer 2008 is basis voor de uitvoering. Genoemd is ook de wens voor een kinderkoor.

  • Pastoraat moet scherp onder de aandacht blijven. Dat vergt een brede aanpak: predikanten goed inzetten, voldoende specifieke ondersteuning in huis hebben, mogelijk tijdelijk extra inhuren?

Uitvoering: predikanten, CAP, taakgroep Pastoraat.


We zijn gemeente in het dorp.

  • We zoeken vormen om meer te spreken over maatschappelijke vraagstukken; mogelijk in samenwerking met andere kerken of maatschappelijke partners. Uitvoering: Kerkenraad, taakgroep Geestelijke Vorming, met externe partners? Voorstel; opdracht (en budget) geven aan kleine groep mensen. Termijn 2009 en later.

  • We willen meer betrokken zijn bij de vraagstukken van ons dorp.

Uitvoering: onderzoek naar vormen: Kerkenraad en taakgroep Diaconaat en ZWO. Termijn: 2009 en later.

  • We willen meer een plek zijn voor dorpsgenoten waar de grote vragen van het leven aan de orde kunnen komen. Mogelijk moeten we daarvoor soms juist niet in de eigen gebouwen activiteiten organiseren. Daarnaast willen we onderzoeken welke vormen (rituelen) en gelegenheden ook voor niet-leden waardevol kunnen zijn.

Uitvoering: Kerkenraad, predikanten, taakgroep Geestelijke Vorming en/of Eredienst.

  • We willen de samenwerking met middelbare scholen in het dorp opzoeken met het oog op de invulling van de maatschappelijke stages voor scholieren.

Uitvoering: Kerkenraad met in elk geval bestuurlijk ouderling voor vrijwiligerswerk.

  • In projectvorm kunnen we mooie acties opzetten met en voor dorpsgenoten: het projectkoor van afgelopen winter is een goed voorbeeld. We willen onderzoeken welke projecten we meer zouden kunnen (laten) opzetten.

Uitvoering: nader te bepalen.

Goed omgaan met mensen en met middelen.

We willen zoveel mogelijk taken kunnen uitvoeren: dat kan alleen als we goed omgaan met de mensen die in onze gemeente meewerken. We willen zorgen voor balans in de taken van de predikanten, het Centraal aanspreekpunt, kosters en beheerders. We willen zoveel mogelijk aansluiten bij de gaven die ambtsdragers en andere vrijwilligers hebben: hun inzetten op hun krachten.




  • Met de komst van een nieuwe predikant zal de taakverdeling tussen de twee predikanten aandacht behoeven. De nieuwe predikant zal een inwerkprogramma krijgen en de tijd nodig hebben om in te groeien in de gemeente. Net als nu gebruikelijk, zal met regelmaat met de predikanten overlegd worden over hun werkverdeling en werkbelasting. Evenzo is er overleg met het Centraal Aanspreekpunt, de kosters en beheerders.

Uitvoering: Kerkenraad, respectievelijk taakgroep Financiën en Beheer.

  • In onze organisatie en uitvoering zijn vele ambtsdragers/vrijwilligers actief. We willen hen zo goed mogelijk inzetten en inwerken. Daarom maken we vrijwilligersbeleid en aangepaste vormen van ambtsdragersschap.

Uitvoering: Kerkenraad.

  • In onze organisatie willen we regelmatig nagaan of we de goede keuzes gemaakt hebben. Zo zullen we voorjaar 2009 de inzet van het Centraal Aanspreekpunt en de gewijzigde vorm van beheer van Ons Centrum evalueren.

Uitvoering: taakgroep Financiën en Beheer (en kerkenraad).

  • We hoeven niet alles zelf uit te vinden. In regionaal verband valt samen te werken en uit te wisselen. We zullen actief onderzoeken op welke terreinen dit wijs is.

Uitvoering: Kerkenraad, predikanten, classicale vertegenwoordigers.

  • We willen slim met onze gebouwen omgaan: Bouw? Verbouw? Afstoten?

Uitvoering onderzoek en realisatie: een speciale werkgroep van kerkenraad en taakgroep Financiën en Beheer.

  • We blijven scherp op inkomsten en uitgaven.

Jaarlijks willen we de gemeente rapporteren over de trends in de inkomsten, wijzigingen in “geefgedrag” per leeftijdsgroep etc. En we blijven actief proberen onze inkomsten hoger te krijgen. Aan de uitgavenkant gaan we werken met begrotingen per taakgroep.

Uitvoering: taakgroep Financiën en Beheer.

Taakgroepen en kerkenraad hebben hun eigen taakgebieden. Bovenstaand zijn reeds diverse beleidspunten genoemd voor zowel kerkenraad als taakgroepen. De taakgroepen Geestelijke Vorming, Eredienst en Pastoraat melden daarop aanvullend:

Taakgroep Geestelijke Vorming:

De taakgroep onderkent de in het beleidsplan van de protestantse Gemeente Winsum-Obergum beschreven pluriformiteit van de gemeente.

Wij zijn allemaal mensen onderweg, in beweging. De taakgroep ziet de gemeente als een herberg, een herberg waar mensen informeel samenkomen en in gesprek raken met elkaar. Ze is er voor iedere belangstellende van binnen of buiten de gemeente. We willen mede mogelijk maken dat onze gemeente een open en gastvrije gemeente is.

De accenten die gelegd worden op ‘leren’, vertaalt de taakgroep naar vermeerderen van kennis over onszelf en ons bestaan. Het leren kent meerdere facetten:


  • het leren aan en van elkaar

  • het samen bespreken wat anderen te zeggen hebben

  • hoe we kunnen staan tegenover godsdienstige of andere actuele thema’s

  • hoe we de vragen uit het eigen leven in een breder of groter geheel kunnen plaatsen.

Taakgroep Eredienst

De taakgroep probeert in samenwerking met de bijbehorende werkgroepen en commissies de volgende doelen te realiseren:


  • Het opzetten, inrichten en uitvoeren van de erediensten op zodanige wijze dat deze, vanuit de Bijbel gezien, inspirerend zijn voor geloof en leven

  • Het vergroten van de betrokkenheid van de gemeente bij de erediensten, waarbij de gemeente opgevat wordt als een gemeenschap van gelovigen. Onder gemeente wordt verstaan: alle leden van de Protestantse Gemeente te Winsum

  • Het stimuleren van het gebruik van verschillende werkvormen en liturgieën, opdat de eredienst de mensen blijft aanspreken, dan wel opnieuw aanspreekt en uitnodigend en gastvrij is

  • Het positief inspelen op de pluriformiteit van de gemeente

  • Het creëren van ruimte en respect voor diversiteit in geloofsbeleving en -uiting.

Taakgroep Pastoraat

Pastoraat is het omzien naar elkaar. Dit is een verantwoordelijkheid van de hele gemeente. De gemeente, de kerk wil een plek zijn waar je wordt opgevangen als dat nodig is en waar je ook bereid bent er voor anderen te zijn.

Pastoraat is:

* elkaar helpen het leven te verstaan in het perspectief van Gods bedoeling met ons

Leven


* aanwezigheid op belangrijke momenten in iemands leven

* belangstelling voor elkaars leven (ook buiten de grenzen van de gemeente)

* je hart kunnen luchten

* luisteren zonder te (ver)oordelen


De taakgroep gaat door met:

  • het bezoeken van mensen, die hebben aangegeven bezoek te willen ontvangen

  • het afleggen van bezoeken bij nieuw ingekomenen, bij geboorte, ziekte en na overlijden

  • het bezoeken van gemeenteleden die 80 jaar en ouder zijn door leden van de ouderenbezoekgroep

  • het organiseren van een ontmoetingsweek, waarbij gemeenteleden in kleine huiskamergroepen elkaar ontmoeten en met elkaar in gesprek komen

  • jaarlijks een avond met een pastoraal thema te organiseren

  • op gezette tijden aandacht te schenken aan speciale doelgroepen

Bijlage I Samenvatting activiteiten uit “In beweging”, beleidsplan 2004-2008
We benoemden drie kernpunten:

  1. Een plek voor iedereen: Centraal staat dat wij een gemeente willen zijn die uitnodigend is voor alle lidmaten: jong of oud, met volle vaart veranderend of met veel oog voor wat geschiedenis en traditie ons brengen. Dat betekent: blijvend bezig zijn met de eenheid die we zijn, ruimte gevend voor verscheidenheid.

  2. Oogst halen uit de federatie: Op allerlei wijzen willen we de kansen die de federatie ons biedt oogsten.

  3. Aandacht voor een solide basis voor de toekomst: Aandacht voor de leden van de gemeente. Een gezonde financiële positie opbouwen, goed omgaan met de gebouwen en met de mensen die zich hiervoor inzetten.


Er waren een aantal algemene aandachtspunten:

  • De federatievorming is nog pril en moet nog verder handen en voeten krijgen. Daarbij willen we het goede behouden, het uitdagende zoeken en te vernieuwen waar gewenst is.

  • Waar sprake is van moeite met de veranderingen willen we daarvoor oog en oor hebben.

  • We willen overgaan op een klein bestuur; dat efficiënt omgaat met tijd en menskracht.

  • We willen gemeenteleden en kerkelijke medewerkers goed wederzijds informeren.

  • Wij willen de blik meer naar buiten richten: laagdrempelige activiteiten, mogelijk in samenwerking met andere kerkgenootschappen.

  • We willen de fusie voorbereiden.


De vertaling in activiteiten die we kozen staat in onderstaand schema. Daarachter vindt u een overzicht van de realisatie.


Activiteit

Realisatie

  1. Gemeenteopbouw



Uitvoeren gemeenteopbouwplan


Er is een divers aanbod van groepen rondom thema’s uit de levensloop en dit wordt nog steeds verder uitgebouwd

Opzet en invulling van het pastoraat, specifieke vorm voor ouderen


Uitgewerkt in vraaggestuurd én gericht pastoraat, contactpersonen, ouderenpastoraatsgroep, diverse gespreksavonden, zondagmiddagontmoetingen, nieuwsjaarsvisite

Accenten voor (extra) pastorale zorg

Gespreksgroep gemeenteleden met een verstandelijke beperking

Gestart met avonden 25-50 jarigen


Avond gehad voor alleenstaande veertigers

Onderzoek naar inloopmogelijkheid door de week

en mogelijkheid van ontmoeting




Inloopavonden van de kerkenraad gehad; weer gestopt na geringe opkomst

Inloopochtenden ingesteld



Signalen voor aandacht opvangen: een (betere?) vorm voor vinden.


Via diverse ingangen; contactpersonen, kerkenraadsleden, diakonie, centraal aanspreekpunt

Aandacht voor de jongere generatie

Jeugddiensten (later gestopt), jeugdkerk, jeugdsoos, gespreksgroep 20+, belijdenisgroep, gestopt met huiscatechese

  1. Verdere uitbouw organisatie-structuur van de kerkelijke gemeente







Werken met beleidsplannen, jaarplannen,

Jaarverslag voor de gemeente.

Wijziging organisatiestructuur


(Administratieve) ondersteuning voor predikanten.

Een proef met Centraal Aanspreekpunt gedaan en daarna ingevoerd.

  1. Verdere uitbouw gezamenlijke beleidskeuzes







Bespreking en besluitvorming over mogelijkheid van dopen door ouders die geen belijdenis hebben gedaan

4. Velen betrekken bij ons werk:





Uitbrengen vrijwilligers-vacaturegids



Vacatures niet in gids, wel via enquête en Wissel.

Vrijwilligersgids uitgebracht met overzicht van het grote aantal vrijwilligers



Ondersteunen vrijwilligers met gezamenlijk startmoment en/of ondersteuningsmoment

Jaarafsluiting met vrijwilligersbijeenkomst

Inwerktraject voor vrijwilligers: taken op papier, regelen van een mentor/inwerken, zorg en waardering


In taakgroepen begin mee gemaakt, wordt komende periode verder uitgewerkt vanuit speciale taak bestuurlijk ouderling

5. Financiën en beheer:





Organisatie kerkbalans



Geld komt (via SMRA) nu tijdig en allemaal binnen.
Meer aandacht aan berichtgeving Kerkbalans.

Werken aan een sluitende begroting

Blijvende aandacht

Financieel meerjarenplan


Plan “Een plek voor iedereen” opgesteld en uitgevoerd: besluiten moeten nemen over verminderen predikantsplaats, anders omgaan met beheer Ons Centrum, nieuwe kachels etc.

Kerktelefoon beide gebouwen te ontvangen


Gerealiseerd

  1. Verscheidenheid in kerkdiensten, ander gebruik kerkgebouwen:







Aanbod activiteiten uitgebreid ondanks teruggang predikantsformatie (nieuwe vormen: meditatieve diensten in de Torenkerk, jeugdkerk)

Herinrichting ‘liturgisch centrum’ Centrumkerk

Nog gaande

Ontwikkelen van functie / plaats die  muziek in de eredienst inneemt.

Nog gaande: werkgroep Kerkmuziek/muziek en kerk

  1. Leergroepen:







Aanbod leergroepen met zowel vernieuwende onderwerpen als onderwerpen die voortbouwen op het bestaande.

Jaarlijks aanbod, uitbrengen activiteitengids en publicaties daarover. Jaarlijks evaluatie aanbod

Jaarlijks wijkavonden


Thema-gerichte wijkavonden gehad: niet elk jaar?
Meer gemeenteavonden georganiseerd

8. Aandacht voor speciale groepen:








Themadiensten: mensen met een handicap, Arme kant van Winsum

9.Communicatie





Communicatieplan, uitvoering P.R. en communicatie, multimedia

Geschreven en uitgevoerd:

Flinke uitbreiding communicatie: naast Kerkgroet en Wissel meer informatie in Wiekslag, Kerkbode Folders en flyers

Boekjes: gemeentekerkgids, activiteitengids, ledengids, verslag activiteiten taakgroepen
Opbouw en intensief gebruik website

Aanschaf en gebruik beamer bij kerkdiensten, gespreksgroepen etc.



10. Activiteiten die verbinding leggen tussen onze kerkelijke gemeente, het dorp en de wereld.




Overleg met taakgroep diaconaat en ZWO (en andere taakgroepen) over de invulling hiervan.

Activiteiten over de kerkgrenzen heen



Actie Oiko-creditaandelen in burgerlijke gemeente geslaagd

Betrokken bij WMO-discussie

Diakonaal platform van de kerken van de burgerlijke gemeente opgericht

Contact met Helpende Hand, diaken in de Arme Kant van Winsum (en daarmee betrokkenheid bij oprichting voedselbank)

Internationale hulp (Kerk in Actie)

Individuele hulp.

Gezamenlijke diensten bij bijzondere gelegenheden (eenheidszondag, 5 mei).

Jaarlijks overleg predikanten (protestants en vrijgemaakt)  met burgemeester






Openstelling Torenkerk op zaterdagmiddag/avond

11.Onderzoek naar formele stappen te doen voor fusie

Fusiecommissie ingesteld.

Bijlage II

Wat is de Protestantse Gemeente van Winsum-Obergum?

Wat is de identiteit van onze gemeente? We zijn, volgens ons beleidsplan: “In beweging…”,

en: “Een plek voor iedereen.” Wie, bij voorbeeld via de website kennis met ons maakt, leest hoe we dat verder invullen:

Wij zijn geïnspireerd ….om vanuit het geloof te werken aan het Koninkrijk van God. We staan daarbij in een lange lijn van mensen die voor ons hebben gebouwd aan dat Koninkrijk. En we hopen dat onze kinderen er na ons aan zullen blijven werken.

 

Wij zijn een levende gemeente.…met mensen die samen op veel verschillende manieren hun geloof en verbondenheid handen en voeten geven. We voelen ons betrokken bij elkaar, bij de plaatselijke gemeente en bij mensen verder weg. We kijken om ons heen om te helpen daar waar nodig is.

 

Wij bieden een plek voor iedereen.....waar mensen en kerk zich aan elkaar verbinden in leren, vieren, dienen en ontmoeten, door de week en op zondag. Wij staan stil bij wat ons inspireert, in eredienst en meditatie, door bijbelverhalen en verhalen van medemensen, door cursussen en gespreksgroepen.

 

We staan open voor wie met ons mee wil doen…op zijn of haar eigen wijze, met zijn of haar talenten. Met elkaar en altijd weer zoekend naar manieren om de Geest te ontvangen voor richting, inspiratie en troost


Hieruit spreekt een dynamische identiteit. We leggen ons niet vast. Zeker, het is de grote kracht van b.v. evangelicalen, of vrijgemaakten, om een duidelijk mission-statement te hebben: zij hebben ‘de’ waarheid gevonden, in definities en in theologische modellen vastgelegd; iedereen weet precies waar hij aan toe is en wat er van hem wordt verwacht. Er zijn (vaak eenvoudige) geloofsantwoorden op (complexe) levensvragen. De sociale samenhang (maar ook de sociale druk) is groot.
Wij zijn meer los zand: ‘de’ gemeenschap bestaat evenmin als ‘de’ identiteit van de gemeente: gemeenschap ontstaat, reëel maar voorbijgaand, waar mensen elkaar vinden rondom het geloof: dat kan de zondagse eredienst zijn, maar net zo goed een andere plek waar we als gemeente bijeenkomen. Gaan we de (hervormde) kant op van een ‘hotelkerk’, waar iedereen woont, zonder ooit contact te hebben? Nee, dat is ook weer niet de bedoeling, al vind ik een hotelkerk te prefereren boven een dogmatische gevangenis.
Het christendom bestaat niet. Het evangelie bestaat ook niet. Het zijn geen op zichzelf staande grootheden. Wat iemand onder die begrippen verstaat, is sterk afhankelijk van de achtergrond van die persoon, van zijn of haar ‘context’. De culturele en biografische achtergrond beïnvloedt de manier waarop je jezelf iets uit de buitenwereld toe-eigent. Met andere woorden: wat het wezen van het geloof is, ligt niet vast. Dat wordt voortdurend opnieuw geformuleerd in nieuwe omstandigheden.
De volgelingen van Jezus hebben vrijwel vanaf het begin verschillend over zijn persoon en missie gedacht. In de vier evangeliën hebben we te maken met vier verschillende beelden van Jezus. In de brieven van Paulus komt daar nog een vijfde beeld bij. Met andere woorden: al in het Nieuwe Testament is sprake van pluriformiteit.
Betekent dat dat je zomaar alles kunt doen en geloven? Nee. Al in het Nieuwe Testament vinden we spelregels voor hoe je omgaat met de onderlinge verschillen:


  • Niet uitgaan van het eigen gelijk;

  • De wil jezelf door anderen te laten verrijken;

  • Verscheidenheid accepteren, elkaar nodig hebben als ledematen van één lichaam, waarvan Christus het hoofd is;

Verder is het ijkpunt dat wij kerk van de Heer zijn, en willen doen en zijn zoals Hij van ons vraagt: een gemeenschap van mensen die in woord en daad getuigen van liefde en ontferming, met name voor de minsten der mensen, en dat wij zoeken naar gerechtigheid. Als mensen zijn wij ‘voor een tijd een plaats van God’ (Gerrit Achterberg).


Niet iedereen zal zich bij ons thuis voelen: noch de mensen die de duidelijkheid van vroeger missen, noch zij die het allemaal (nog) ‘leuker’ willen hebben, met meer aandacht voor de persoonlijke relatie met Jezus. Het zij zo. Er is namelijk ook een grens: we kunnen geen plek zijn voor (groepen) mensen die menen de waarheid in pacht te hebben, en die aan anderen willen opleggen. Wij zijn een zoekende gemeente, en alle antwoorden die we vinden zijn voorlopig. We zijn, net als Abraham, en het joodse volk in de woestijn, op weg. We praten, in kleine groepen, over wat ons bezighoudt, over onze kleine en grote zorgen, en over de rol van ons geloof daarin. We nemen elkaar niet de maat, en proberen geen oordeel over, maar vragen aan elkaar te hebben.
Als we al een identiteit hebben, ligt die in de toekomst, in de belofte. Intussen lezen we de schriften, proberen die te vertalen in mensentaal voor nu, en gedenken we de grote daden des Heren (Hand. 2,11).
En dat is al heel wat…
Ds. Ignace Frénay

30 juni 2007





Bijlage III

Leeftijdsopbouw van de gemeente (begin 2008)

Aantal actieve leden: 1946



Leeftijdsopbouw:

  • 0-10 jaar 9,7 %

  • 01-20 jaar 11,7 %

  • 20-30 jaar 7,5 %

  • 30-40 jaar 11,7 %

  • 40-50 jaar 13,7 %

  • 50-60 jaar 16,1 %

  • 60-70 jaar 13,5 %

  • 70-80 jaar 9,7 %

  • 80 –90 jaar 4,9 %

  • 90 jaar en ouder 1,4 %



Bijlage IV


Bestuur PGWO in schema

Ambts-dragers




Taakgroepen/werkgroepen




Contact met kerkenraad.



Werken via jaarplannen.













De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina