Douane en accijnzen



Dovnload 1.43 Mb.
Pagina1/8
Datum18.08.2016
Grootte1.43 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8

Algemene administratie van de




DOUANE en ACCIJNZEN


GEBRUIKSTARIEF   Boekwerk


__________________

UITGAVE 2014 – SUPPLEMENT 3


D.I. 612

D.T. 300.196

Bijlagen : 22 Brussel, 1 januari 2015.





Omdeling door de gewestelijke directeurs aan :
  elke dienst belast met het bijhouden van een collectie;
  alle ambtenaren van de niveaus A en B.

1. Ingevolge Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1366/2014 van de Commissie van 19 december 2014 (PB L 368 van 23 december 2014) houdende bekendmaking, voor 2015, van de bij Verordening (EEG) nr. 3846/87 vastgestelde landbouwproductennomenclatuur voor de uitvoerrestituties werd bijlage X aangepast.


2. De andere wijzigingen opgenomen op de inliggende bladen betreffen een periodieke actualisering van het Gebruikstarief – Boekwerk Uitgave 2014 en behoeven geen commentaar.
3. Het Gebruikstarief – Boekwerk moet als volgt worden bijgewerkt :
  op blz. 1 van de Inleiding, in de tabel van de supplementen, tegenover nr. 3 de datum van dit supplement inschrijven;
-  in de Inleiding de bladen 7/8, 13/14 en 21/22 vervangen;
- in de bijlage I de bladen 11 t.e.m. 14 en 21 t.e.m. 24 vervangen;
- in de bijlage II de bladen 1/2 en 5/6 vervangen;
- in de bijlage VI het blad 5/6 vervangen;
- in de bijlage VII de bladen 19 t.e.m. 22 en 25 vervangen;
- in de bijlage X de bladen 67 t.e.m. 76 vervangen;
- in de bijlage XI het blad 5/6 vervangen;
- in de bijlage XV de bladen 29/30, 37/38 en 41/42 vervangen.
Voor de Administrateur-generaal douane en accijnzen :

De Adviseur generaal   Auditeur generaal van financiën,


B. LEROY
Bon O.S.D. nr. A/I 7/15

Suppl. 3 7 Inleiding



WETTELIJKE BEPALINGEN

In de Wettelijke bepalingen is een onderscheid gemaakt tussen "EU bepalingen" en "Benelux bepalingen".


De EU bepalingen betreffende de goederennomenclatuur en de douanerechten (zie punt I hierna), de producten bestemd voor bepaalde soorten schepen en voor boor  en werkeilanden en de farmaceutische producten komen uit de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad, van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief  en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (GN), laatst vervangen met Uitvoeringsverorde­ning (EU) nr. 1101/2014 van de Commissie van 16 oktober 2014 (P.B. EU nr. L 312 van 31 oktober 2014).
De EU bepalingen betreffende de douanewaarde zijn terug te vinden in het douanewetboek (zie onder II hierna).
De Benelux bepalingen komen uit de bijlage bij het "Benelux protocol tot vaststelling van een Beneluxtarief van invoerrechten". Alhoewel het niet meer de bevoegdheid van de Benelux is om het Tarief van invoerrechten vast te stellen, zijn toch sommige destijds in de bijlage bij het protocol vastgestelde regels betreffende de toepassing van het Tarief nog steeds geldig. Zij zijn hierna opgenomen onder punt III.

I. EU bepalingen betreffende de goederennomenclatuur

en de douanerechten

A. Algemene regels voor de interpretatie van de tariefnomenclatuur

Voor de indeling van goederen in de nomenclatuur van het tarief gelden de volgende bepalingen (interpretatiere­gels) :


1. De tekst van de opschriften van de afdelingen, de hoofdstukken en van de onderdelen van hoofdstukken wordt geacht slechts als aanwijzing te gelden; voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken en   voorzover dit niet in strijd is met de bewoor­dingen van bedoelde posten en aantekeningen   de navolgende regels.
2. a) De vermelding van een goed in een post heeft eveneens betrekking op dat goed in niet complete of in niet afgewerkte staat voor zover dit de essentiële kenmerken van het complete of het afgewerkte goed vertoont. Deze vermelding heeft eveneens betrekking op een compleet of een afgewerkt goed of een op grond van de voorgaande volzin als zodanig aan te merken goed, indien het wordt aangeboden in gedemonteerde of in niet gemonteerde staat.
b) Onder een in een post vermelde stof wordt niet alleen verstaan die stof in zuivere staat, doch ook vermengd of verbonden met andere stoffen. Evenzo worden onder werken van een genoemde stof niet alleen verstaan die werken die geheel uit die stof bestaan, doch ook werken die gedeeltelijk uit die stof bestaan. De vorenbedoelde mengsels en samengestelde werken worden ingedeeld met inachtneming van de onder 3 vermelde beginselen.
3. Indien goederen met toepassing van het bepaalde onder 2 b) of om enige andere reden vatbaar zijn voor indeling onder twee of meer posten, geschiedt de indeling als volgt :
Inleiding 8

a) De post met de meest specifieke omschrijving heeft voorrang boven posten met een meer algemene strekking. Indien echter twee of meer posten elk afzonderlijk slechts betrekking hebben op een gedeelte van de stoffen of bestanddelen waaruit een mengsel of een goed is samengesteld of op een gedeelte van de artikelen, in het geval van goederen in stellen of assortimenten opgemaakt voor de verkoop in het klein, worden die posten, met betrekking tot bedoelde mengsels en goederen, aangemerkt als even specifiek, zelfs indien een van de andere posten daarvan een volledigere of nauwkeurigere omschrijving geeft;


b) mengsels, werken die zijn samengesteld uit of met verschillende stoffen dan wel zijn vervaardigd door samenvoeging van verschillende goederen, zomede goederen in stellen of assortimenten opgemaakt voor de verkoop in het klein, waarvan de indeling niet mogelijk is aan de hand van het bepaalde onder 3 a), worden ingedeeld naar de stof of naar het goed waaraan de mengsels, de werken, de stellen of de assortimenten hun wezenlijk karakter ontlenen, indien dit kan worden bepaald;
c) in de gevallen waarin de indeling aan de hand van het bepaalde onder 3 a) en 3 b) niet mogelijk is, wordt van de verschillende in aanmerking komende posten, de post toegepast die in volgorde van nummering het laatst is geplaatst.
4. Goederen, die niet kunnen worden ingedeeld overeenkomstig vorenstaande regels, worden ingedeeld onder de post, die van toepassing is op de goederen waarmee zij de meeste overeenkomst vertonen.
5. Voor de hierna genoemde goederen gelden daarenboven de volgende regels :
a) etuis, foedralen en koffers voor camera's, voor muziekinstrumenten of voor wapens, dozen voor tekeninstrumenten, juwelenkistjes en dergelijke bergingsmiddelen, speciaal gevormd of ingericht voor het opbergen van een bepaald artikel of van een stel of assortiment van artikelen, geschikt voor herhaald gebruik en aangeboden met de artikelen waarvoor ze bestemd zijn, worden ingedeeld onder dezelfde post als die artikelen indien zij van de soort zijn die normaal daarmee wordt verkocht. Deze regel geldt echter niet voor bergingsmiddelen die aan het geheel het wezenlijk karakter verlenen;
b) behoudens het bepaalde onder 5 a), worden gevulde verpakkingsmiddelen (1) ingedeeld met de verpakte goederen indien zij van de soort zijn die normaal als verpakking voor die goederen wordt gebruikt. Deze regel is echter niet verplichtend voor verpakkings­middelen die klaarblijkelijk geschikt zijn voor herhaald gebruik.
6. Voor de indeling van goederen in de onderverdelingen van een post zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van die onderverdelingen en de aanvullende aantekeningen, alsmede "mutatis mutandis" de vorenstaande regels, met dien verstande dat uitsluitend onderverdelingen van gelijke rangorde met elkaar kunnen worden vergeleken. Voor de toepassing van deze regel en voor zover niet anders is bepaald, zijn de aantekeningen op de afdelingen en op de hoofdstukken eveneens van toepassing.

B. Algemene bepalingen met betrekking tot het douanerecht   Gecombineerde Nomenclatuur

1. De conventionele rechten, genoemd in kolom 3 van de tabel van de rechten (GN, tweede deel), zijn van toepassing bij invoer van goederen van oorsprong uit landen die partij zijn bij de Algemene Overeenkomst inzake tarieven en handel of waarmee de Europese Unie overeenkomsten heeft gesloten die de meestbegunstigingsclausule op het gebied van de tarieven bevatten; voor zover niet anders is bepaald, gelden deze conventionele rechten eveneens voor andere dan de hierboven bedoelde goederen die uit enig derde land worden ingevoerd.



_______________________

(1) Onder "verpakkingsmiddelen" worden verstaan, alle uitwendige en inwendige bergings­middelen, omhulsels, opwindmiddelen en dergelijke voorzieningen, met uitsluiting van vervoermiddelen   met name containers  , dekkleden en het stuw  en hulpmateriaal. Hieronder worden echter niet de in algemene regel 5, onder a), bedoelde bergingsmiddelen verstaan.


13 Inleiding




  1   2   3   4   5   6   7   8


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina