Dus heb je een woord dat alleen in de motorwereld hoort, laat het ons weten. Klik hier



Dovnload 60.95 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte60.95 Kb.

Motorjargon

Het motorrijden is de laatste jaren in populariteit gestegen. Steeds meer mensen gaan motorrijden, als vrijetijdsbesteding of woonwerk verkeer. Bij motorrijders hoort een eigen jargon. We willen hier een overzicht geven van typische motortermen.


Dus heb je een woord dat alleen in de motorwereld hoort, laat het ons weten. Klik hier...
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

A

aanbouwkeuken: Honda Goldwing 1500.



aardappel: zuiger.

amerikaanse schroevendraaier: hamer.

ankers, in de ankers gaan, het anker uitgooien: heel hard remmen.

apehanger: extreem hoog en breed stuur.

Aprilia: Appie.

Ariel: alles rammelt in ene los.

autoband: vierkant gereden band, van iemand die alleen rechtdoor gas geeft.
B

BMW: 1. Blik Met Wielen 2. Barrel Met Wielen 3. Bayerische Mest Wagen 4. Guzzi met hangtieten.

babyzitje: Yamaha Virago 500.

badkuip: boe, sommigen noemen mijn mooie PC8OO zo!

ballenvanger: tankpad.

bankstel: Honda Goldwing.

banksteltreffen: Honda Goldwing treffen.

beemer: BMW

beugel BH: Valbeugel voor o.a. BMW boxer.

bellenblazer: custom en/of chopper.

blairpijp: race uitlaat.

blazen: hard rijden (zie ook knallen).

blèrijzer: racemotor.

blèrpijp: open (race)uitlaat.

blik: auto.

blokje om: een stukje gaan rijden.

blubberen: het rijden op een Harley-Davidson.

boomklever: racemotor welke regelmatig uit een boom gehaald moeten worden na een stuurfoutje.

botspet: helm.

boulevardcruiser: (meestal custom)motor waarmee alleen maar gereden wordt voor de show.

brievenbus: luchthapper (inlaat) Kawasaki ZX6R,9R en 12R (2002)

brommer(tje): motor, motorfiets (zie ook motorfiets).

bromtol: 50cc brommertje.

buigen: op de grens rijden van wat je motor kan.

buikschuiver: een racemotor.

burn-out: stilstaan met slippende achterband tot die begint te roken of zelfs klapt. Wordt veel gedaan met toch al versleten band.

burnout smiley: burnout in de vorm van een smiley, variant van de donut.

butsmuts: helm.


C

CBtje: Honda CB viercilinder van rond '76.

chemisch toilet: Honda Pacific Coast 800.

circuit dagje: dagje blazen op een circuit.

condoom: regenoverall.

curver bak: zie tupperware bak


D

DKW: Das Krankenhaus Wartet.

demper: dempt het uitlaat geluid (en dient zo snel mogelijk vervangen te worden door een open exemplaar).

dijkje flatsen: hard over de dijk rijden.

dikke brommer: lichte motorfiets.

dodenseconde: de eerste seconde groen licht van een verkeerslicht.

donorfiets: snelle buikschuiver, geschikt voor levensmoede orgaandonoren.

donut: een rubberspoor van je achterband op het wegdek achterlaten in de vorm van een 'O'.

doorblazen: de motor vol open trekken naar een zo'n hoog mogelijke snelheid zodat de uitlaat eens even lekker heet wordt en de troep er uit "geblazen" wordt.

dragracen: zo snel mogelijk 400 meter afleggen.

driften: zo door een bocht rijden dat het (achter)wiel zijwaarts schuift.
E

easyriders: het meest gekochte motormagazine ter wereld. www.easyriders.com

elektrische koffiemolen: racemotor.

emmers: grote zuigers.

etalageruit: enorme grote ruit voor op het stuur bedoeld voor het vangen van wind.
F

fiets: motorfiets zie motorfiets.

fishtail: Uitlaat van een Harley in de vorm van een visstaart.

flaporen: de boxermotoren van bijvoorbeeld de BMW.

fluoriserende toverbal: iemand in een gifgroen Kawa pak.

fopspeencruiser: meestal een harley-rijder die nog bij zijn moeder thuis woont omdat ie anders zijn dure hobby niet kan bekostigen.

frietsnijder: de vangrails.
G

gasschoeve: gasschuif van een carburateur waarmee de hoeveelheid mengsel naar de motor word bepaald.

gas geven: een wind laten.

gasse: snel doorrijden.

gereedschapskist: zijspan van een Harley-Davidson.

gifkikker: kawagroene Kawasaki.

gixxer: Suzuki GSX-R.

gummen: zo hard (agressief) rijden dat je banden extra snel slijten.

gemeente-cowboy: agent met integraalhelm knusjes samen met collegawout rijdend in hetzelfde apenpakje op zoek naar onschuldige motormuisjes.

grasmaaier: Harley-Davidson.

gravelrash: uiterlijk van de huid na motorongeluk met onvoldoende beschermende kleding.
H

H-D: 1. Help-Douwen, in de jaren '50 stond dat voor Help-Douwen. Men wou wel rijden maar men had weinig geld dus de accu was vaak het ondergeschoven kindje. 2. Harley-Trapson.

halleluja stuur: hoog stuur van een chopper.

halve civic: Honda Goldwing.

hangtieten: cilinders van boxermotoren.

hardly Angels: het eerste compleet vrouwelijke choreografisch motorteam. www.hardlyangels.com

Hayabusa: 1. hire-a-bussie 2. The Killer Machine.

ho-ijzers: remmen van een motorfiets.

halve minuut!: voor het weer opstappen met een groep: we gaan zo weer vertrekken.
I

Italiaans schroefje: tie-rapje.

ijco: de microfoon van een intercom set.

ijscokar: Honda goldwing, Honda Pacific Coast voorzien van alle denkbeeldige opsmuk.

invalidenknop: electrische starter.
J

janken: met hoge snelheid op de motor. Veelal sportmotoren.

jankertje: wegracer.

jerrycan: caravan.

jiffy: zijstandaard.

joeien: hard rijden (zie ook kneuren).

juut: politieagent.
K

kakstoel: chopper.

kangoeroebenzine getankt?: als je stoterig rijdt.

kawa: Kawasaki.

kermisattractie: Honda Goldwing met veel lichtjes, toeters en bellen.

kerstboom: zie kermisattractie.

kicken: kickstarten.

kinderbijslag-bevriezer: chopper.

klapijzer: motorfiets.

klaverjakkeren: zo hard en plat mogelijk steeds weer over een klaverblad rijden.

klimrek: chopper.

knallen: heel hard rijden (zie ook blazen).

knalpijp: ouderwets woord voor uitlaat.

kneedown: door de bocht gaan met een knietje aan de grond.

kneuren: hard rijden.

knikkerbak: motorblok met kapotte lager(s) of distributiekettingspanner (o.a. oud Honda euvel).

koe: motorrijder in een leren pak.

koekblik: auto o.i.d.

koffierijder: motorrijder die meer op een terras zit dan dat hij/zij rijdt.

kopstoot: motor met zijspan.

koudzakie: Kawasaki.

kruipolie getankt: laaste van de groep zijn.

kruisdroger: chopper (zie ook truttenschudder).

kruisraket: Sportmotor.

kwakzakkie: Kawasaki motorfiets.

kwalijkzaki: Kawasaki motorfiets.


L

lange kar: chopper.

leunstoel: custom en/of chopper.

lifter: motorfiets die alleen op een aanhangwagen staat en slechts op shows rijdt (zie ook boulevardcruiser).

lultalie: microfoon van intercomset.
M

M.A.G.: Motorrijders Actie Groep. www.mag-nl.org

Magna madness: Het lief hebben van de VF productie van Honda, met name het type VF750C MAGNA.

mechanische koffiemolen: lawaaierige chopper.

mobiele abortustafel: Chopper waar het stuur zó hoog zit dat je er naar moet reiken en waar de voetsteunen bijna op normale stuurhoogte zitten.

moraalridder: iemand die zelf niet kan rijden.

motel (mobiel hotel): Harley Davidson Electra Glide Ultra Classic.

motor: 1. machine die beweegkracht levert, door gas, elektriciteit, enz. (maar niet door stoom), in beweging gebracht. 2. motorfiets.

motoragent: politieagent op een motorfiets (zie ook gemeente-cowboy)

motorblok: het uit metaal gegoten lichaam van een verbrandingsmotor waarin de cilinders zich bevinden.

motorbril: bril tegen stof en insecten.

motorcoureur: motorrenner.

motorcross: crosscountry bij motorsport.

motordienst: legeronderdeel waar de opleiding van het personeel voor de gemotoriseerde eenheden plaatsvindt.

motorengel: jongedame die met een heer meerijdt op de duozit van een motorfiets.

motorfiets: zware fiets gedreven door een motor met een cilinderinhoud van meer dan 50 cm3.

motorforum: kletshoek voor motorrijders (zie ons forum)

motorgeschut: geschut dat door motoren wordt getrokken.

motorhandschoen: handschoen bij het motorrijden gebruikt.

motormuts: een vrouwelijke motorrijder.

motormuis: motoragent.

motorolie: smeermiddel voor motoren.

motorongeluk: ongeluk met een motorfiets.

motorraces: zie motorrennen.

motorrennen: snelheidswedstrijden op motorfietsen.

motorrijder: berijder van een motorfiets.

motorrijtuig: officiële benaming voor auto's en motorfietsen.

motorvoertuig: motorrijtuig.

motorwet: wet betreffende het rijden met motorfietsen en -rijtuigen.

motorzijspan: zijspan van een motorfiets.

motor met tieten: BMW boxer (zie ook hangtieten)

muggen: zo snel mogelijk lange afstanden overbruggen meestal met hoog-toeren motoren.

N

naaimachine: hoogtoerige motor die veel kabaal maakt en niet vooruit komt.



naked bike: geen kuip of zeer weinig. Ook veelal door schade ontstaan type fiets, meestal racers die onderuit gegaan zijn.

nitro: spul waarvan je sneller gaat rijden door het te injecteren in je motorblok (Nitrous Oxide Systems).

noodstop: als het net even anders gaat dan je verwacht.
O

okseldroger: chopper.

oksel fris: rijden met zeer hoog stuur.

olieboot: versleten motor met hoog olieverbruik.

opdirken: motor opmaken met (onnodige) accessoires.

opgevoerde brommer: tweetakt motorfiets.

op je plaat gaan: een schuiver maker.

oproken: het versneld laten verslijten van een achterband (zie burn-out)

P

p.p.: 1. peuk pauze 2. pies pauze.



pannenset: groepje Honda Pan European-rijders.

pakkelarie: bagage.

pedaalemmer: zo'n vierwielig koekblik, wat sommige gebruikers ook wel automobiel' noemen, terwijl die meestal stil- en in de weg staat.

pekelfiets: 1. motor die zeer te lijden heeft gehad van pekel op de weg of het buitenstaan en er niet meer uitziet. 2. motor voor het betere glij en stuiter werk.

penze-knijper: niergordel.

petroliestel: tweetakt motorfiets.

pinfiets: motor van minder dan €1000.

pingelwater: benzine.

pisbak met jarratel aandrijving: Harley Davidson met tandriem aandrijving.

pispot: Duitse helm.

pitsen: koppeling snel inknijpen en lossen(al rijdend).

pitspoes: lekker wijfie in de pit.

plakkers: banden met veel grip.

poezelen: rustig rondtoeren.

plof: motorfiets.

plofbak: Harley-Davidson (zie ook tractor)

ploffen: rustig toeren op een motor met een lekkere knal in de uitlaat.

poetsen: schoonmaken om er de blits mee te kunnen maken bij je vrienden.

polder-kanon: zie buikschuiver.

potje: "police" helm, die als een pot op je kop zit.

potje knorren: stukje gaan rijden.

pretpakket: tuningsset.

priller: Aprilia.

prit: benzine.

pruimentriller: damesbrommer.
Q

Quasar: kijk op www.angib.pwp.blueyonder.co.uk/quasar0.html


R

raceplee: scooter.

ragbak: Motorfiets die niet meer glimt en soms gebreken vertoond, maar de eigenaar is er trots op. Verwilderde ragbakken worden ook wel artikels genoemd.

ratbike: verwilderde ragbak motorfiets met een persoonlijke uitstraling. Vaak matzwart, of allerlei bonte kleuren, soms met rare aanhangsels zoals rommel of persoonlijke aandenkens. De eigenaren zijn meestal net zo eigenaardig.

rent-a-snol: een lekker wijf achter op een Harley bij een iets te oude berijder.

remparachute: regenoverall.

rice-burner: Japanse motor.

ricer: Japanse motor.

rice-rocket: snelle jap.

rijdende kerstboom: motor met meer watt aan verlichting dan cc in het blok.

rijdende kliko: Honda Goldwing.

rookdoosje: 2-takt motor.

rubbertje(s): band(en).

rugwarmer: iemand die achterop zit (zie ook rugzakje)

rugzakje: iemand die achterop zit (zie ook rugwarmer)

rukbunker: een kampeertent.


S

schaamrandjes: niet bereden gedeeltes aan de zijkant van de band.

scheurijzer: 1. racemotor 2. oude motor.

schildpadbezine getankt?: laatste van de groep zijn.

schopsteel: kickstarter.

schoorsteen: belachelijk grote/dikke uitlaat.

schraap ijzer: racemotor.

schraper: Iemand die versleten kneepads (kniebeschermers) heeft op zijn broek.

slaapzak: gewatteerd textielen motorjack.

slaper: iemand die zijn knee-pads met een slijptol heeft bewerkt. Dit is te zien aan zijn autobanden.

sliert: chopper.

slinger: kickstarter.

slipstreamen: achter een vrachtwagen gaan hangen om uit de wind te blijven (LET OP! DIT IS LEVENSGEVAARLIJK)

snorfiets: de motor van een motoragent.

sparky's: kneepads met een metaal erin om te vonken.

speedwobble: gevaarlijke resonantietoestand van een motor waarbij het stuur onbeheersbaar heen en weer slaat.

spijkerbak: mechanische geluid van een tweetakt.

springschans: verkeersdrempel.

stampen: lang rijden, doorrijden.

stampertje: Suzuki LS650 eencilinder.

stikkerbak: motoren met een kuip vol met stikkers.

stofzuiger: BMW K1200 RS.

stofzuigerslangen: luchtinlaatkanaal van een Kawasaki ZXR750/400.

stoomfiets: motorfiets.

stoppers: remmen van een motorfiets.

stoppie: hard remmen met je voorrem zodat het achterwiel los komt.

stukgaatie: Ducati.

straatexzeem: schaafwond van een valpartij met de motor.

streetfighter: motorfiets die opnieuw is opgebouwd met onderdelen van verschillende merken motoren, vaak uitgerust met brute motoren. Veelal verbouwde racemotoren.

strepentrekker: hard rechtuit rijden, meestal dragracers.

stukkie scheuren: een eindje voortbewegen op een motorfiets met aanzienlijke snelheid.

sturen: even een stukje gaan sturen, een rit gaan rijden.

Suzuki: scheur uw zelf uw krematorium/kist in.
T

tankslapper: gevaarlijke resonantietoestand van een motor waarbij het stuur onbeheersbaar heen en weer slaat (zie ook speedwobble)

tandjes poetsen: verkeerd schakelen, zodat je de tandwielen hoort kraken. Komt vaak voor bij het te voorzichtig inschakelen van de eerste versnelling

teefsteun: sissybar.

tegenaankwakzak: airbag voor motorfietsen.

telefooncel: BMW C1.

theepot: Suzuki gsx 600 f.

toeren: 1 lekker met je motor rustig over mooie wegen rijden; 2 aantal omwentelingen van de krukas per minuut.

tractor: Harley-Davidson en Moto Guzzi.

trilplaat: Harley-Davidson.

tril-twin: Ducati

triple: motorblok van een driecilinder Triumph.

truttenschudden: chopper.

tuffer: motorfiets met een cilinderinhoud onder de 1000cc.

tupperware bak: Honda Goldwing, enz..

tupperware party: Honda Goldwing, enz..

tweepits petroleum stel: oneerbiedig woord voor oude Harley-Davidson.
U

uitlaat: gedeelte van de motor waar het geluid uit komt.


V

valfiets: off-road of cross motor.

vegen: de bochten zo snel mogelijk nemen.

verrekijker: grote motorbril.

verwarmde kinderzitjes: de uitstekende gedeelten van een boxer motorblok.

vetvlek: tweetaktmotor.

vibrator: Harley-Davidson voor vrouwen.

vijfentwintig ka-weetje: Helaas..ben niet oud genoeg fiets.

vleespet: kale neet die zonder helm in het zadel zit.
W

waterorgel: Suzuki GT750 tweetakt.

wheelie: rijden op je achterwiel zonder dat je voorwiel de grond raakt.

weekend-cowboy: motorrijder die alleen in het weekend én met droog weer gaat motorrijden.

widow maker: Suzuki 750 GT (tweetakt 3 cilinder)

wielklem: schijfremslot.

worst: brede achterband.

wout: politieagent.


X

xeroxen: iemand die een andere motorrijder of motorfiets na-aapt.


Y

YAMAHA: 1. Yapanse Arbeiders Maken Alles Half Af 2. Yzer Afval Met Afgrijselijk Hoge Afwijking 3. Yandrama

yoghurtbeker: motorfiets met volle kuip en felle kleuren.
Z

zandbrommer: off-the-road motor.

zagen: het steeds inhouden en weer oppakken vooral bij BMW boxers.

zijspan: biertje met een borrel.

zuigers als asbakken: grote cilinderinhoud.

zuigervreter: motorblok waarvan de zuigers meerdere malen zijn vastgelopen.



zwaantje: motoragent (zie ook gemeente-cowboy, motoragent)



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina