Een automatische inhoudsopgave maken



Dovnload 34.66 Kb.
Datum27.09.2016
Grootte34.66 Kb.

Een automatische inhoudsopgave maken


Een inhoudsopgave is een lijst met de koppen in een document. Door een inhoudsopgave te gebruiken krijgt u een overzicht van de onderwerpen die in een document worden besproken.
U kunt een inhoudsopgave maken op basis van de voorgedefinieerde kopopmaakprofielen (kopopmaakprofiel: opmaakprofiel dat op een kop kan worden toegepast. Microsoft Word bevat negen ingebouwde kopopmaakprofielen: Kop 1 tot en met Kop 9.) en opmaken voor overzichtsniveaus (overzichtsniveau: een alinea-indeling waarmee u een hiërarchisch niveau (Niveau 1 tot en met Niveau 9) kunt toewijzen aan alinea's in het document.
Als u uw eigen opmaak wilt toepassen op koppen, kunt u aangepaste opmaakprofielen gebruiken. Als u de inhoudsopgave met extra opties wilt aanpassen, kunt u velden (veld: een aantal codes waarmee automatisch tekst, afbeeldingen, paginanummers en andere gegevens in een document worden ingevoegd. Met een datumveld voegt u bijvoorbeeld de huidige datum in.) gebruiken. U kunt bijvoorbeeld velden gebruiken om paginanummers weg te laten uit delen van de inhoudsopgave.
Nadat u alle koppen hebt gemarkeerd die u wilt opnemen in de inhoudsopgave, kiest u een ontwerp, dat doe door de volgende stappen:

  1. Invoegen

  2. Verwijzing

  3. Index en Inhoudsopgave maken

Wanneer de inhoudsopgave wordt gegenereerd, worden de opgegeven koppen gezocht en gesorteerd op kopniveau, waarna de inhoudsopgave wordt weergegeven in het document.


Problemen met inhoudsopgaven oplossen





Afdrukweergave 8

Als ik op de knop Ga naar inhoudsopgave klik, ga ik niet naar de inhoudsopgave. 6

Als ik op de knop Inhoudsopgave bijwerken klik, wordt de inhoudsopgave niet bijgewerkt. 7

De code {TOC} wordt weergegeven in plaats van de inhoudsopgave. 5

De inhoudsopgave bevat behalve koppen ook andere tekst. 5

De inhoudsopgave heeft niet de juiste opmaak. 6

De paginanummers in de inhoudsopgave kloppen niet met de pagina's in het document. 3

Documentstructuur 8

Frames 8

Hyperlink 8

Ik heb een deel van een alinea gemarkeerd met een kopopmaakprofiel, maar de gemarkeerde tekst ontbreekt in de inhoudsopgave. 6

Ik heb een document gewijzigd, maar de wijzigingen worden niet weergegeven in de inhoudsopgave. 2

In plaats van het paginanummer wordt het bericht 'Bladwijzer niet gedefinieerd' weergegeven. 5

Kopopmaakprofiel 9

Overzichtsniveau 9

Pagina-einde 9

Sectie-einde 9

Veld 9


Veldresultaat 9

Wanneer ik de inhoudsopgave in een webframe wilt bijwerken, krijg ik een foutbericht dat aangeeft dat het huidige document geen inhoudsopgave bevat. 2

Wanneer ik een inhoudsopgave maak of bijwerk, ontbreken sommige gegevens of verschijnt er een bericht in plaats van de inhoudsopgave. 5

Weergave volgens weblay-out 9

Werkbalk 9



Ik heb een document gewijzigd, maar de wijzigingen worden niet weergegeven in de inhoudsopgave.

Als u koppen of andere tekst in een document toevoegt, verwijdert, verplaatst of bewerkt, klikt u daarna op Inhoudsopgave bijwerken op de werkbalk Overzicht om de inhoudsopgave bij te werken. U doet dit bijvoorbeeld als u een kop hebt bewerkt of naar een andere pagina hebt verplaatst.

Als u de werkbalk Overzicht wilt weergeven, klikt u met de rechtermuisknop op een willekeurige werkbalk en klikt u vervolgens op Overzicht.

Wanneer ik de inhoudsopgave in een webframe wilt bijwerken, krijg ik een foutbericht dat aangeeft dat het huidige document geen inhoudsopgave bevat.

Als u de inhoudsopgave in een webframe wilt bijwerken, moet u de invoegpositie in het frame plaatsen.



De paginanummers in de inhoudsopgave kloppen niet met de pagina's in het document.

Als u wijzigingen in het document maakt die de pagina-einden (pagina-einde: het punt waarop de ene pagina eindigt en de andere begint. Pagina-einden worden in Microsoft Word automatisch ingevoegd. U kunt ook zelf een 'handmatig' pagina-einde invoegen op een gewenste locatie.) beïnvloeden, moet u de paginanummers bijwerken die in de tabel worden weergegeven. Probeer de volgende oplossingen:

Het inhoudsopgavenveld bijwerken Een inhoudsopgave wordt als een veld (veld: een aantal codes waarmee automatisch tekst, afbeeldingen, paginanummers en andere gegevens in een document worden ingevoegd. Met een datumveld voegt u bijvoorbeeld de huidige datum in.) in het document ingevoegd. Als u de inhoudsopgave wilt bijwerken, klikt u links van de inhoudsopgave en drukt u op F9.

Velden of verborgen tekst niet weergeven Indexgegevens en bronvermeldingen worden in het document ingevoegd als velden met de opmaak Verborgen tekst. Indexgegevens en bronvermeldinggegevens worden in het document ingevoegd als velden met de opmaak Verborgen tekst. Als u deze velden of andere verborgen tekst in het document niet wilt weergeven, klikt u op Weergeven/verbergen   op de werkbalk (werkbalk: een balk met knoppen en opties die u kunt gebruiken om opdrachten uit te voeren. U kunt een werkbalk weergeven door op Aanpassen te klikken in het menu Extra en vervolgens op het tabblad Werkbalken te klikken.) Standaard. Vervolgens moet u de index of de lijst met bronvermeldingen bijwerken door links van de index of lijst te klikken en op F9 te drukken.

De verborgen eindemarkeringen tussen secties of pagina's weergeven Het document kan sectie-einden (sectie-einde: een markering die u invoegt om het einde van een sectie aan te geven. In het sectie-einde worden de opmaakelementen van de sectie opgeslagen, zoals de marges, paginarichting, kop- en voetteksten en de paginanummering.) of pagina-einden bevatten waarop de tekstopmaak Verborgen is toegepast. Geef eerst de verborgen tekst weer door te klikken op Weergeven/verbergen op de werkbalkStandaard. Daarna zoekt en verwijdert u de tekstopmaak Verborgen.

Hoe?


    1. Klik in het menu Bewerken op Zoeken.

    2. Klik op Opmaak op het tabblad Zoeken en klik vervolgens op Lettertype.

Opmerking:   Klik op Meer als de knop Opmaak niet zichtbaar is.

    1. Schakel het selectievakje Verborgen in en klik op OK.

    2. Klik op Volgende zoeken.

    3. Selecteer het verborgen sectie-einde of het verborgen pagina-einde en klik op Lettertype in het menu Opmaak.

    4. Schakel het selectievakje Verborgen uit in het dialoogvenster Lettertype.

Wanneer u de tekstopmaak Verborgen hebt verwijderd, werkt u de inhoudsopgave bij door in de inhoudsopgave te klikken en op F9 te drukken.

De code {TOC} wordt weergegeven in plaats van de inhoudsopgave.

Een inhoudsopgave wordt als een veld (veld: een aantal codes waarmee automatisch tekst, afbeeldingen, paginanummers en andere gegevens in een document worden ingevoegd. Met een datumveld voegt u bijvoorbeeld de huidige datum in.) in het document ingevoegd. Als u een code zoals {TOC} ziet in plaats van de inhoudsopgave, wordt het veld weergegeven in plaats van de veldresultaten (veldresultaat: de tekst of afbeeldingen die worden ingevoegd in een document als de instructies in een veld worden uitgevoerd. Als u het document afdrukt of de veldcodes verbergt, worden de veldcodes vervangen door de resultaten van de veldcodes.). Als u de resultaten voor de inhoudsopgave wilt zien, selecteert u het hele veld van de inhoudsopgave, inclusief de accolades {} en drukt u SHIFT+F9.



In plaats van het paginanummer wordt het bericht 'Bladwijzer niet gedefinieerd' weergegeven.

U moet de inhoudsopgave bijwerken. Klik op Inhoudsopgave bijwerken op de werkbalk Overzicht.

Opmerking:  Als een document meerdere inhoudsopgaven bevat, plaatst u de invoegpositie in de gewenste inhoudsopgave voordat u op Inhoudsopgave bijwerken klikt.

Wanneer ik een inhoudsopgave maak of bijwerk, ontbreken sommige gegevens of verschijnt er een bericht in plaats van de inhoudsopgave.

Als er in Microsoft Word een inhoudsopgave wordt gegenereerd, worden alleen de koppen en de inhoudsopgavenvelden (veld: een aantal codes waarmee automatisch tekst, afbeeldingen, paginanummers en andere gegevens in een document worden ingevoegd. Met een datumveld voegt u bijvoorbeeld de huidige datum in.) (TC-velden) in de tekstlaag opgenomen. Koppen en TC-velden die zich in de tekenlaag bevinden, zoals bijvoorbeeld koppen in tekstvakken en toelichtingen, worden in Word genegeerd.

Als u de koppen al hebt ingevoegd, kunt u ze naar de tekstlaag verplaatsen, of de tekstvakken of toelichtingen converteren naar frames.

De inhoudsopgave bevat behalve koppen ook andere tekst.

Probeer een van de volgende oplossingen:

Een ander kopopmaakprofiel toepassen op bepaalde koppen. In de inhoudsopgave worden alle tekst en afbeeldingen opgenomen die zijn opgemaakt met de volgende opmaakprofielen: ingebouwde kopopmaakprofielen (kopopmaakprofiel: opmaakprofiel dat op een kop kan worden toegepast. Microsoft Word bevat negen ingebouwde kopopmaakprofielen: Kop 1 tot en met Kop 9.), opmaakprofielen met overzichtsniveaus (overzichtsniveau: een alinea-indeling waarmee u een hiërarchisch niveau (Niveau 1 tot en met Niveau 9) kunt toewijzen aan alinea's in het document. Als u eenmaal overzichtsniveaus hebt toegewezen, kunt u met het document werken in de overzichtsweergave of in de Documentstructuur.) of aangepaste opmaakprofielen. Als de inhoudsopgave ongewenste tekst of afbeeldingen bevat, moet u een ander opmaakprofiel toepassen op deze tekst of afbeeldingen.

Koppen weglaten waaraan bepaalde kopopmaakprofielen zijn toegewezen   U kunt een kop (bijvoorbeeld een boektitel) ook uit een inhoudsopgave verwijderen zonder het kopopmaakprofiel te wijzigen. Klik op Verwijzing in het menu Invoegen, klik op Index en inhoudsopgave en klik vervolgens op het tabblad Inhoudsopgave. Klik op Opties en verwijder het nummer voor het betreffende opmaakprofiel in het vak Niveau. Geen enkele tekst die met dit kopopmaakprofiel is opgemaakt, wordt uit de inhoudsopgave weggelaten.



De inhoudsopgave heeft niet de juiste opmaak.

Als u een ontwerp kiest voor een inhoudsopgave en de inhoudsopgave genereert, worden in Word automatisch de opmaakprofielen voor inhoudsopgaven (bijvoorbeeld Inhopg 1 en Inhopg 2) gebruikt voor de opmaak van de koppen in de eindversie van de inhoudsopgave. Als u de opmaak van de inhoudsopgave wilt wijzigen, moet u een ander ontwerp kiezen bij het genereren van de inhoudsopgave.

Als u wilt dat de opmaak van de koppen in de inhoudsopgave gelijk is aan die van de koppen in het document, kunt u de opmaakprofielen voor inhoudsopgaven wijzigen. Let wel: als u een kop in het document handmatig hebt opgemaakt (u hebt bijvoorbeeld de opmaak Vet toegepast), wordt deze opmaak toegepast op de uiteindelijke inhoudsopgave.

Ik heb een deel van een alinea gemarkeerd met een kopopmaakprofiel, maar de gemarkeerde tekst ontbreekt in de inhoudsopgave.

Hoewel het mogelijk is een deel van een alinea te markeren met een kopopmaakprofiel, wordt de gemarkeerde tekst alleen in de inhoudsopgave opgenomen als deze aan het begin van de alinea staat. Als u tekst in het midden van een alinea wilt opnemen, selecteert u de gewenste tekst, drukt u op ALT+SHIFT+O en volgt u de stappen voor het maken van een inhoudsopgave met TC-velden.



Als ik op de knop Ga naar inhoudsopgave klik, ga ik niet naar de inhoudsopgave.

Met de knop Ga naar inhoudsopgave gaat u alleen naar de eerste inhoudsopgave in het document. Dit werkt bovendien alleen voor inhoudsopgaven die zijn gemaakt met ingebouwde kopopmaakprofielen (kopopmaakprofiel: opmaakprofiel dat op een kop kan worden toegepast. Microsoft Word bevat negen ingebouwde kopopmaakprofielen: Kop 1 tot en met Kop 9.) of opmaakprofielen met meerdere niveaus (overzichtsniveau: een alinea-indeling waarmee u een hiërarchisch niveau (Niveau 1 tot en met Niveau 9) kunt toewijzen aan alinea's in het document. Als u eenmaal overzichtsniveaus hebt toegewezen, kunt u met het document werken in de overzichtsweergave of in de Documentstructuur.). Als het document meerdere inhoudsopgaven bevat of als u handmatig een inhoudsopgave hebt gemaakt met behulp van velden, moet u daarom op een andere manier de inhoudsopgave zoeken.



Als ik op de knop Inhoudsopgave bijwerken klik, wordt de inhoudsopgave niet bijgewerkt.

Met de knop Inhoudsopgave bijwerken werkt u alleen de eerste inhoudsopgave in het document bij. Dit werkt bovendien alleen met inhoudsopgaven die zijn gemaakt met ingebouwde kopopmaakprofielen (kopopmaakprofiel: opmaakprofiel dat op een kop kan worden toegepast. Microsoft Word bevat negen ingebouwde kopopmaakprofielen: Kop 1 tot en met Kop 9.) of opmaakprofielen met meerdere niveaus (overzichtsniveau: een alinea-indeling waarmee u een hiërarchisch niveau (Niveau 1 tot en met Niveau 9) kunt toewijzen aan alinea's in het document. Als u eenmaal overzichtsniveaus hebt toegewezen, kunt u met het document werken in de overzichtsweergave of in de Documentstructuur.). Als het document meerdere inhoudsopgaven bevat of als u handmatig een inhoudsopgave hebt gemaakt met behulp van velden, moet u daarom elke inhoudsopgave afzonderlijke bijwerken. Klik daarvoor in elke inhoudsopgave en druk vervolgens op F9


Steekwoorden


Afdrukweergave 8

Als ik op de knop Ga naar inhoudsopgave klik, ga ik niet naar de inhoudsopgave. 6

Als ik op de knop Inhoudsopgave bijwerken klik, wordt de inhoudsopgave niet bijgewerkt. 7

De code {TOC} wordt weergegeven in plaats van de inhoudsopgave. 5

De inhoudsopgave bevat behalve koppen ook andere tekst. 5

De inhoudsopgave heeft niet de juiste opmaak. 6

De paginanummers in de inhoudsopgave kloppen niet met de pagina's in het document. 3

Documentstructuur 8

Frames 8

Hyperlink 8

Ik heb een deel van een alinea gemarkeerd met een kopopmaakprofiel, maar de gemarkeerde tekst ontbreekt in de inhoudsopgave. 6

Ik heb een document gewijzigd, maar de wijzigingen worden niet weergegeven in de inhoudsopgave. 2

In plaats van het paginanummer wordt het bericht 'Bladwijzer niet gedefinieerd' weergegeven. 5

Kopopmaakprofiel 9

Overzichtsniveau 9

Pagina-einde 9

Sectie-einde 9

Veld 9


Veldresultaat 9

Wanneer ik de inhoudsopgave in een webframe wilt bijwerken, krijg ik een foutbericht dat aangeeft dat het huidige document geen inhoudsopgave bevat. 2

Wanneer ik een inhoudsopgave maak of bijwerk, ontbreken sommige gegevens of verschijnt er een bericht in plaats van de inhoudsopgave. 5

Weergave volgens weblay-out 9



Werkbalk 9


Afdrukweergave: een weergave waarin u bekijkt hoe een document of object eruitziet als het wordt afgedrukt. Elementen zoals kopteksten, voetnoten, kolommen en tekstvakken worden op de juiste positie weergegeven.
Documentstructuur: een verticaal deelvenster naast de linkerrand van het documentvenster waarin een overzicht wordt weergegeven van de koppen in het document. U kunt de functie Documentstructuur gebruiken om snel in een document te bladeren en bij te houden waar u bent.
Frames: het benoemde subvenster van een framespagina. Het frame wordt in een webbrowser weergegeven als een van de venstergebieden waarin pagina's kunnen worden weergegeven. Het frame kan schuiffunctionaliteit bevatten en de mogelijkheid bieden om het formaat te wijzigen, en tevens kan het frame een rand hebben.
Hyperlink: gekleurde en onderstreepte tekst of een afbeelding waarop u kunt klikken om naar een bestand te gaan, naar een bepaalde plaats in een bestand, naar een webpagina op het World Wide Web of naar een webpagina op een intranet. Hyperlinks kunnen ook verwijzen naar nieuwsgroepen en naar Gopher-, Telnet- en FTP-sites.
Kopopmaakprofiel: opmaakprofiel dat op een kop kan worden toegepast. Microsoft Word bevat negen ingebouwde kopopmaakprofielen: Kop 1 tot en met Kop 9.
Overzichtsniveau: een alinea-indeling waarmee u een hiërarchisch niveau (Niveau 1 tot en met Niveau 9) kunt toewijzen aan alinea's in het document. Als u eenmaal overzichtsniveaus hebt toegewezen, kunt u met het document werken in de overzichtsweergave of in de Documentstructuur.
Pagina-einde: het punt waarop de ene pagina eindigt en de andere begint. Pagina-einden worden in Microsoft Word automatisch ingevoegd. U kunt ook zelf een 'handmatig' pagina-einde invoegen op een gewenste locatie.
Sectie-einde: een markering die u invoegt om het einde van een sectie aan te geven. In het sectie-einde worden de opmaakelementen van de sectie opgeslagen, zoals de marges, paginarichting, kop- en voetteksten en de paginanummering.
Veld: een aantal codes waarmee automatisch tekst, afbeeldingen, paginanummers en andere gegevens in een document worden ingevoegd. Met een datumveld voegt u bijvoorbeeld de huidige datum in.
Veldresultaat: de tekst of afbeeldingen die worden ingevoegd in een document als de instructies in een veld worden uitgevoerd. Als u het document afdrukt of de veldcodes verbergt, worden de veldcodes vervangen door de resultaten van de veldcodes.
Weergave volgens weblay-out: een weergave waarin u bekijkt hoe het document eruitziet in een webbrowser. Zo wordt het document bijvoorbeeld weergegeven als één lange pagina (zonder pagina-einden) en lopen tekst en tabellen terug zodat zij in het venster passen.
Werkbalk: een balk met knoppen en opties die u kunt gebruiken om opdrachten uit te voeren. U kunt een werkbalk weergeven door op Aanpassen te klikken in het menu Extra en vervolgens op het tabblad Werkbalken te klikken.





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina