Een uitgave van de Heemkundekring m m. v de Gemeente Schijndel 2003



Dovnload 2.05 Mb.
Pagina34/121
Datum22.07.2016
Grootte2.05 Mb.
1   ...   30   31   32   33   34   35   36   37   ...   121

GOYKENSAKKER


Goykensacker 1447 (HH 129).

Goyke is een afleiding van Godevart zoals ook Goeyken of Godeken.


GRAAF

Een graaf is een gegraven waterloop. Percelen in de directe omgeving van zo'n waterloop vertonen vaak graaf – namen.
GRAAFAKKER

Twee loopense opte Witackers genaemt den Graeffacker 1716 (RA 149 fol.265).


GRAARDOMEVELD

Graardoomveld (vm) E 1981 - E 1984.



Het veld van ome Graard van de Wijdeven.
GREVEKEUR

Huys schuer hoff boomgaert ende landerijen daer aen en bij gelegen onder den Borne genaemt Greve Ceur N. 1701; het huys genoemt Creveceur in den Borne 1721 (CvB); een huis est­huis schuur hof boomgaard en land onder den Borne ter plaetse genaemt op Grevecoeur 1726 (CvB); een schoone en welgelegen braak teullants onder den gehugte van den Borne op Grevecuer groot ontrent acht cleijn loopense a.e. de Creupelecamp 1751 (RA 159 fol.91); Hendricus Willem van den Elsen uit Alem bezit de helft van éene camer hoff boomgaert’ genaemt Grevecoeur 1757 (RA 107 fol.11); Grevekeur 1757 (JW); een huysinge esthuys schop hoff boomgaert met aangelege akkerlant graskanten houtwassen voorpootingen en verdere geregtigheden onder Borne genaemt Kraevekeur groot ontrent vijf loopense gronde 1773 (RA 167 fol.313v); Greveceur 1803 (HV); eene huysinge schop en hoff met aangelegen akkerland van ouds genaamt de Steene Kamer of Grevekeur onder Borne aan de gemeene wegen acht loopensen 1804 (RA 183 fol.69); Grevekeur 1832 (kad), B 2128 - 2212; bouwland onder Borne genaamd Grevekeur N. -1830, 1832, 1834, 1836; B 2130 (b: 56.40), B 2158 (b: 44.80).



Hartzeer ? Betekenis vooralnog onzeker.

GRIENSVENSHOEVE


Griensvenshoeve 1676 (RA 182 fol.433).

Gelegen in het grensgebied Schijndel-Eerde; zie ook het volgende item en Vrouw Griensvenshoeve).



GRIENSVENSWEIHOEVEN


Over het Broeck Griensvensweyhoeven 1649 (RA 75 fol.49).

Van Griensven was een bekende FN in Schijndel. Het meest bekend is de 17de-eeuwse secretaris Peter van Griensven, mogelijk de oorspronkelijke bezitter van de stukken grond. Het blijkt de Heertveldsehoeve te zijn die in deze periode eigendom was van de Vrouwe van Maldegem.
GRIETJESKAMP

Een serie bospercelen gelegen aan de Steeg 1902 - nr.1521-1529 [Fundatie Verhagen doos 4 doc.58]. [mededeling Jos Broeders]



GRIETWOUD


Een parceel houtbosch en weijland circa seeven mergen genaamt Grietwout met sijne voorpootinge en verdere geregtigheden ter plaatse genaamt op de Meijldoorn in den Borne 1762 (RA 134 fol.303).

Het deel van het Woud toebehorend aan een zekere Margriet; het element ‘griet’ betekent echter ook: grof zand, steengruis. In die betekenis zou het een aanduiding kunnen zijn voor de bodemgesteldheid ter plaatse.



GRIET VAN DEN BOGAARTSAKKER


Een parseel ackerlandt met de graskanten houtwassen en verdere geregtigheeden van dien gelegen op het Holder genaamt Griet van den Bogaertsakker groot omtrent twee loopense 1788 (RA 117 168).

Benoeming naar een PN.

GRIMMENKAMP

Een parceel land en groes genaamt Grimmecamp aant Weijboschbroek zes loopense 1804 (RA 183 fol.28).



Een familienaam Grimmen is onbekend. Het mnl. grimme betekent ook grim­migheid of verbitterdheid. Het zou dus mogelijk een verwijzing kunnen zijn naar de verbittering van de eigenaar vanwege de onvruchtbaarheid van de bodem.
GRIMMENKOOP

Perceel bouw- hooi- en weiland onder Weibosch op het heidje genaamd Grimmenkoop N. 1822.



GRINDWEG


In 1846 werd de oude zandweg tussen Sint Oedenrode en Schijndel een ‘grintweg’ en in 1855 werd hij voorzien van keien van het type ‘kinderkopkes’.

GRINSVENSHOEVE


De Grinsvenshoeve onder de paelen van Schyndel onder Eerde 1660 (NvdH 14-88).

Afleiding van de FN van Grinsven.


GROENENDAAL

Huys esthuys hoff boomgaert en landerijen groot ontrent thien loopensen onder Lutteleijnde neffens Vrou Wijnantsslootjen ene zijde erve den Grooten Gasthuys van Den Bosch 1685 (RA 231.2); huys hoff den halven boomgaert ende aengelegen lant int Hermalen tegenover Vrouw Weijnantssluetien genoemt 1686 (RA 231.1); seeckere Slootje met den hoff daer bij gelegen in sijne groote ende reengenooten ter plaetse int Hermalen van outs genoemt Vrou Wijnantsslootje ofte Groenendael 1685 (RA 231.5); seecker casteeltje off slootje int Hermalen genaemt Vrou Wijnantsslootje 1719 (RA 198 z.f.); eene huysinge genaamt het Slootje gelegen onder de gehuchte Lut­teleijnde int Hermaalen zijnde van ouds genaamt het Groenen­dael 1747 (CvB); een kasteeltje rondom in steenen en gedekt met een leije dak etc. onder het gehucht Lutteleinde in het Hermalen genaamd het slotje Groenendaal zijnde het kasteeltje genommerd wijk I 206 (NA 17 no.867).



Naam voor het slotje van Hermalen, ook wel slotje Groenendaal nabij de Nachtegaal [zie hierover deel 1 onder het thema gebouwafhankelijke veldnamen).Vrou Wijnants was Wijnants van Resande gehuwd met Dirk Dirks van Kessel.
GROENENHEUVEL

Seecker braeck lants gelegen aenden Groenen Heuvel gemeynlick genoempt Henrick Franssenbraeck 1643 (NvdH 11 fol.176); den Groenenheuvel 1803 (HV); het voorhoofd Groenenheuvel in El­schot 1816 (GA 141); perceel nieuw- thans bouwland zijnde het gewezen voorhoofd van een perceel bouwland onder Elschot nabij Middelrode genaamd de Groenen Heuvel N. 1817.



Voorhoofd = een niet doorgreppeld gedeelte van een stuk land, dat doorloopt langs het hoofd van verschillende akkers (v Dale -3286). Groen = in onbruik geraakt; vgl. Groeneweg.

Kleine GROENENHEUVEL


Den Cleijnen Groenenheuvel plachte te sijn Schijndelssche gemeynte 1643 (NvdH 11 fol.177); het ingraeven van de gemeynte aenden Cleijnen Groenenheuvel 1644 (NvdH 11 fol.179).

Een hoger gelegen stuk grond.



GROENEWEG

Land bij de Groenwech 1316 (HGB); twee stukken lant 't ene ter plaatse geheten Clockengoet aen die Gruenenwech 1393 (BP 1180); uit land dat Vlasstucsken aan den Groenenwech 1410 (BP 1186); een stuck lants sesse loopensaets van een meer­de­ren stuck lants gelegen in de parochie van Schijnle onder d' Luuteleijnde aen die Helle genoempt aen een sijde benevene eenen gemeijnen wech genoempt den Gruenenwech 1576 (CvB); woon­huys staende ontrent de Kercke aldaer d'ander sijde beneffens den Groenenwech ende dat de voors. Groenen wech breet is bevonden te sijn elff en een vierdel voets wel verstaende te weeten teegens den Cruijthoff is de maete aengeleeght aen de Doorenhegge staende aen voorschreven Cruijthoff 1622 (CvB); onder den Borne ter plaetse neffens den Groenenweg in Baersvoorvelt 1690 (RA 231.3); den Groeneweg 1757 (JW); de Groeneweg onder Borne 1816 (GA 141); Groene weg 1832 (kad).

In de Middeleeuwen waren de bekende Groenstraten en Groendijken de wegen die van het centrale punt van het dorp, waar de dieren de drenkplaats passeerden, leidden naar de in de 'gemeyntr' gelegen gronden waar men de dieren kon weiden. Helsen geeft drie betekenissen: 1) onverharde weg die ten gevol­ge van gering of verminderd gebruik buiten het wagenspoor met gras was begroeid en daardoor een groene indruk maakte; 2) een straat die over braakliggend (groen) land liep en jaarlijks verlegd werd over het gedeelte van de driedelige akker; 3) lijkweg. (Helsen 1978 - 142).
GROESKE

In de Beemde genaemt het Groesken 1715 (RA 149 fol.195v).

Groes is grasland, verwant met groeien en groen (Moerman – 177).
GROOTDONK

Uit een huis met hof etc. in die Groetdonc 1358 (IS); een hof­stad op die Groetdonc 1397 (BP 1180); lancxt guet vande hoefve genoemt de Grootdonck 1646 (RA 74 fol.97).

De Grootdonk ligt op het grensgebied met Eerde.
GROOTDONKSEHOEVE

Aende Grootdonckschehoeve 1459 (HC); de hoeffve van Grootdonck 1642 (RA 72 fol.209v); uit 1/3 bunder hoyland genaemt de Voirtschestraete achter Eerde aent Broeck a.z. de Grootdoncksche hoeve 1658 (RRG 26).



Gebied liggend onder Eerde. Vanaf de rivier de Aa en de Zuid-Willemsvaart komende begint het landschap ter hoogte van de Grootdonk in hoogte toe te nemen, wat zich voortzet in de rich­ting van de Eerdse bergen. Men kan hier dus wel spreken van een "grote donk".
GROOTHOEVE

Land in die Groothove 1411 (BP 1187).



Hove = oppervlaktemaat, variërend van 16 tot 32 morgen (Verhoeff - 106); i.c. zal vanwege de benaming "groot"hove de op­pervlakte nabij de 32 morgen hebben bedragen. De oorspronkelijke betekenis van hove is het oppervlakte land nodig voor het onder­houd van 1 gezin; vanaf 16e eeuw komt de naam "hove" ook in ge­bruik als "boerderij" (Huybrechtslille - 141).
GROOTVADERSKOOP

Grootvaders koop (vm) E 2123.



Gekocht door van de Wijdeven, grootvader van Mevr. A.v.d.Wijde­ven.
GRUTMOLEN

Een huis op de Schoot genaemd de Grutmolen 1738 (CvB); verdroncken in eene sloot agter d’est van sijn huys staende ende gelegen op de Schoot genaemt Grutmolen 1738 (RA 154 fol.239)..



Een molen waar de haver tot gort wordt gemalen. Een grutter is ie­mand wiens bedrijf het is te grutten.
GULDEMANSHOFSTAD

Een huis in de parochie van Schijndel aen Lutteleijndt genoemt Guldemanshoffstadt belent aen die ghemein Putsteege 1536 (CvB).



Guldemans "rentmeester"? (Verdam - 2208/09), ofwel gildeman = de­ken van een schuttersgilde. Het Sint-Catharina- en Sint Barbaragilde zijn bekend vanaf 1450 (Cornelissen - 10). Al in de 15e eeuw is de PN Guldeman bekend.



1   ...   30   31   32   33   34   35   36   37   ...   121


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina